Generatie 16 — Kwartierstaten Marcel Wissenburg

Generatie 1   < Generatie 15   Generatie 17 >   Generatie 145IndexNamen


39.200   Gerrit WIGGERS

FamilienaamIndex 39.200 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Vgl. NL 2001:725ff; OV 1983:197ff


Huwt ca. 1505

39.201   N.N.

Index 39.201 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Sijmon Zie 19.600
  2. Jannitgen (vgl. OV 2014:123), huw Dirck Cornelis Hillebrantsz (+voor 12-7-1563), wonend in de Hof van Delft
  3. Kinderen
    1. Claes Dircks van Overvest, huwt Sara Cornelis
    2. Symon Dircks van Overvest, huwt Sara Jans
    3. Cornelis, huwt N.N.
    4. Katrijn (*ca. 1542), huwt (1) Dirck Cornelis; huwt (2) Jacob IJsbrandsz van Delff (+1577), weduwnaar Frederivkgen Henricks

TerugBegin van generatie


39.236   Ewout N.

Index 39.236 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Als Jan Ewouts een oom van Ewout Ewouts aan moederszijde is, dan is de vader N.N.


Huwt

39.237   N.N.

Index 39.237 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Ewout Zie 19.618
  2. Jan Ewouts (+Voorhout na 1626, voor 1630), alias oude Jan Ewouts (er is ook een jonge Jan Ewouts, mogelijk een broer, dood voor 1632); vermeld als oom van Ewout Ewouts jr in 1605 en 1615; vermeld in morgenboeken Voorhout vanaf 1580; ook gegoed in Noordwijkerhout en Lisse; huwt N.N. (NB: Jan Ewouts zou natuurlijk ook een oom van moederszijde kunnen zijn)
  3. Kinderen
    1. N., huwt Claes Gerrits (vermeld ORA Voorhout 1630 als erfgenaam van zijn schoonvader)

TerugBegin van generatie


39.300   Simon Aelberts BOOY

FamilienaamIndex 39.300Vader 78.600Moeder 78.601

Geboren voor 1510

Zeker de vader van Ermgard, waarschijnlijk van Cornelis als hij de Cornelis vermeld in 1587 is, en dan ook waarschijnlijk vader van Jan. De akte uit 1609, waarin Arij Aelberts oom van Jan en Ermgard heet en oudoom van Sijtje, impliceert dat Jan, Ermgard en de ouder van Sijtje ofwel de vader deelden (en dan is de naam Booy terecht), of de moeder.

Mogelijk de Simon Aelbrechtsz die volgens het register van de 10e penning 1561 (inv. No 109 fol 171) in Leiden woont, aan het Nieuweland bij de Molensteeg “andere zijde”, gehuurd van Wynaert Jansz, en 4-10-0 pond betaalt.


Huwt De Kaag voor 1535

39.301   N.N.

Index 39.301 • Vader onbekend • Moeder onbekend

ONA Leiden (16:338 dd 18-12-1587) Neeltgen Geritsdr weduwe wijlen Cornelis Symons, oud ca 60 jaar, en Sytgen Cornelisdr dochter van de voorzegde Neeltgen Geritsdr, oud ca. 25 jaar, beide wonende in Leiden, verklaren ten verzoeke van Ysbrand Damisz zuivelkoper en poorter van Leiden, dat zij naast Ysbrand wonen, waar 4 tot 5 weken geleden bij hun (= van Neeltgen en Sytgen) huis kwam Pieter Pieters van den Huycquesloot, die tegen de deposanten zei “hadde ick haer [menende …des Voors. Requirants dochter] alleen gehadt, ick zoude haer mogelick een sne int aensicht gegeven (doorgehaald: hebben) of haer int water geworpen hebben”.

Kinderen

  1. Jan Zie 19.650
  2. Cornelis (*ca. 1545 +voor 1587), huwt Neeltgen Geritsdr (+na 1587, voor 1598), ouders van Sytgen Cornelis (*ca. 1562 +Leiden op de Mare bHooglandse Kerk 22-9-1611), volgens verklaring uit 1609 een nicht van Grietgen Jansdr Booy (Arij Adriaensz Booy was haar oudoom). Sytgen huwt Leiden NG 5-8-1598 (getuige zijn broer Mees Pietersz en haar nicht Grietgen Jansdr) Thonis Pietersz; Thonis Pietersz, poortier aan de Marenpoort, huwt als weduwnaar opnieuw Leiden 2-3-1612 (getuigen zijn broer Mees Pietersz en haar moeder Claesgen Jansdr) met Marytgen Jansdr, weduwe Adriaen Pietersz.
  3. Ermgart Symons (*ca. 1540/50 + na 1612), in 1609 vermeld als tante (moeye) van Grietgen Jansdr Booy te Purmerend, in 1612 te Leiden.
  4. Aelbert Symons (héél hypothetisch), schipper van Kaech, huwt Leiden NG (ot) 17-10-1594 Bancreas Cornelisdr.

TerugBegin van generatie


39.302   Ijsbrand N.

Index 39.302 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Te Leiden of De Kaag.

ONA Leiden (87:9 dd 26-2-1612) Testament van Jannetgen Ysbrands, weduwe Maerten Pietersz, gezond van lichaam en geest, wonende aan het St Jans Hofje bij de Zijlepoort. Ze laat fl.200 na aan Claes Cornelisz, scheepmaker in Leiden, en fl. 25 aan Willem Willemsz, schoenmaker in Wassenar, beiden wegens geleend geld. Universeel erfgenam is haar nicht Grietje Jans, vrouw van Thonis Arentsz, schipper aan het Amsterdamse Veer. Getuigen zij Hans Jansz, schipper opt Amsterdamsche veer binnen deser Stede, en Gerrit Reijertsz Schenaert, waert inde geldersche blom optzelve veer.

NB: In het Repertorium op de lenen van de Hofstad Oud-Alkemade te Warmond komt voor (p. 6) op 22-6-1599: Isbrant Dammasz. te Leyden, oud 90 jaar, na overdracht van Cornelis Petersz. Als vader en voogd van Bouwijn Cornelisz., leenvolger bij dode van zijn moeder Gilchert Bouwen; 6-6-1600: Isebrant Dammasz. voornoemd (octrooi); 7-1-1608: Henrick Isebrantsz., oud 60 jaar, na dode van zijn vader Isebrant Dammasz.; 29-11-1608: Aelbregt Cornelisz. de Visscher, oud omtrent 54 jaar, wonende in de Kaghe, na overdracht door Henrick Isebrantsz. (rep. fol. 13). Ook op p. 11 op 7-1-1564: Lenert Willemsz. na overdracht door Jannetje Heijnrixdochter, man en voogd Ysbrant Dammasz.

Ysbrand Dammasz, zuivelkooper uit De Kaag wonende te Leiden, weduwnaar Jannetgen Hendricks, testeert 19-7-1585 ten gunste van Gerrit(je), Martijntje en Kunera, zijn dochters; Cornelis en Hendrik (IJsbrandsz Boot) zijn zoons, Gerrit Claes zijn zwager (=schoonoon) en Neeltje, dochter van wijlen Dammas Ysbrands zijn zoon. Hij is dus geen verwant.


Huwt

39.303   N.N.

Index 39.303 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Soetge Zie 19.651
  2. Jannetge (+na 1612: de moeye die in 1586 bij het huwelijk van Grietje Jansdr Booy getuigde); huwt Maerten Pietersz (+Leiden voor 1582), broer van Saeke (Sackgen) Pieters uit De Caag die in 1581 (Volkstelling) naast Jannetge woont op de Uiterste Gracht oostzij (NB: Jannetge woont daar sinds 1574). Vermoedelijk de Jannetgen Isbrant op Marendrop, begraven Hooglandse Kerk 2-1-1615.
  3. Cornelis Ysbrants, hypothetisch (*ca. 1528 +na 1609, waarschijnlijk +Leiden, De hoge mannensael, Gasthuis “Dulhuis” bHooglandse Kerk 1-8-1611, oud 83) die in 1609 een verklaring over Grietjes afstamming afgeeft

TerugBegin van generatie


39.304   Jan JONGEDORST

FamilienaamIndex 39.304 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1525

Vermoedelijk te Leiden.


Huwt ca. 1550

39.305   N.N.

Index 39.305 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Dirck Zie 19.652
  2. Cornelis, vader van de Cornelis Cornelisz die getuigt bij het huwelijk van zijn neef Jan Dircks Jongedorst
  3. Kinderen
    1. Cornelis Cornelis, stadsmeester slotenmaker, was gehuwd met Maritgen Barends, dochter van Barend Goossen van Leerdorp; zij testeren in 1608 (en 1616); Cornelis laat dan zijn eventuele nalatanschap na aan zijn twee zusters
    2. Aeltgen, vermeld 1608
    3. Maritgen, vermeld 1608

TerugBegin van generatie


39.492   Cornelis DOENSZ

FamilienaamIndex 39.492Vader 78.984Moeder 78.985

Geboren ca. 1470
Overleden 1542 of na 1551

Cornelis was schout en dijkgraaf Albrandswaard in 1532, door de Hofstad Putten beleend met een huis en erf te Poortugaal 17-12-1515.


Huwt voor 1530

39.493   Baertje JANSDR

FamilienaamIndex 39.493 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden na 1551

Baertgen was in 1542 gegoed te Poortugaal en Hoogvliet.

Kinderen

  1. Antheunis (+voor 1559), volgde zijn vader op in de leengoederen.
  2. Cornelis Zie 19.746
  3. Lijsbeth huwt Pieter Waddensz, leenman van Putten vanaf 1518
  4. Leentje huwt Jan
  5. Neeltje, weduwe van Willem NN met zoons Arien en Jacob. Hetrouwt Dirck Cornelisz Koornneef, overleden na 6-9-1571. Vermoedelijk werd Dirck in Poortugaal geboren. Hij was schout van de Heerlijkheid Rhoon in 1538, 1540-1542, 1546, 1549-1551 en 1555, 1560-61. Ook was hij mede-taxateur van de 10e penning over Rhoon in 1561 en schout van Albrandswaard in 1566.
  6. Haasje (+Westmaas 10-12-1557) huwt Cornelis Simonsz (*Maesse Nieuwland +Westmaas 23-10-1557)
  7. Jan
  8. Beije (onzeker; weduwe Baartje Jans gesignaleerd in 1543)

TerugBegin van generatie


39.494   Jan Mathijs Peter DIRVEN

FamilienaamIndex 39.494Vader 78.988Moeder 78.989

Geboren Hage (Princenhage) ca. 1490
Overleden Breda ca. 1555

ORA Breda (inv 425 fol 177 dd 20-10-1518) Ghijsel Jan Jacopssen is schuldig aan Jan en Cornelie, natuurlijke kinderen van Peter Emondtsz van Chaem, negen lopen rogge. (Marge:) Jan Mathijs Peter Dyrvenz heeft de schuld op 17-12-1519 gekocht van Henryc Jan Gerytssen; Denijs Peter Denijsz heeft afgelost (gedateerd 4-2-1522).

ORA Breda (inv 426 fol 178 dd 17-12-1519) Henrick Jan Gherytssen van Lagdonck verkoopt Jan Mathijs Peter Dyrvensone een erfpacht van negen lopen rogge. (Marge: afgelost 20-10-1518.)

ORA Breda (inv 427 fol 5 dd 4-1-1520) Godert Claeuszone van den Corput verkoopt aan Jan Mathijs Peter Dyrvensone een erfcijns van fl 2.0.0.

ORA Breda (inv 429 fol 47 dd 24-4-1522) Peter Beerts heeft een erfchijns vercoft aen Jan Mathijs Peter Dyrvenz groot 1 zester rogs. Pand is zijn huis en hof.

ORA Breda (inv 429 fol 97 dd 19-9-1522) Peter Beerts heeft een erfchijns vercoft aen Henrick Henricxz van der Legghen, en gelooft de 1 zester rogs die hij onlancx geleden aen Jan Mathijs Peter Dyrvenz vercoft heeft, af te lossen te Lichtmisse 1523.

ORA Breda (inv 429 fol 170v dd 5-5-1523) Jan Mathijs Peter Dyrven heeft een erfpacht van fl 2.0.0 verkocht aan Cornelis Godertsz van Ghilse.

ORA Breda (inv 471 dd 15-3-1566 fol 82v) Laureys Aert Dyrcx Voerman, en Marij Jan Mathijs Peter Dijrven zijn vrouw gaan fl 50 die ze nog schuldig zijn aan Adriane Jan Willem van den Beemden weduwe Jan Mathijs Dirven betalen; de resterende fl 142 voor de koop van het ouderlijk huis beloven ze in delen van fl 100 en fl 42 te betalen.

ORA Breda (inv 471 dd 15-3-1566 fol 82v-83v) Adriane Jan Willem van den Beemden weduwe Jan Mathijs Dirven met Jan wijlen Jan Mathijs Dirven zoonszoone; Jan ook voor zichzelf; Marie Jan Mathijs Dirven met Laureys Aert Dircx Voerman haar man; ook voor Mathijs en Cornelis zonen van Jan Mathijs Dirven; en voor Jan Jan Fransz nagelaten zoon van Lijsbeth Jan Mathijs Dirven; verkopen aan Cornelis Cornelisz Doens en zijn vrouw Aleijde Jan Mathijs Dirven diverse stukken grond.

ORA Breda (inv 471 dd 15-3-1566 fol 83v) Cornelis Cornelisz Doens en zijn vrouw Aleijde geven haar moeder Adriane Jan Willem van den Beemden een jaarrente van fl 8.-.-. In marge: Adriane Jan Willem van den Beemden verklaart dat CCD fl 2.-.- gelost heeft zodat een rente van fl 6.-.- overblijft (29-4-1572); de rest is aan een jongere broeder afgelost (24-2-1594).

ORA Breda (inv 471 fol 104-108 dd 30-4-1566) Erven van den Beemden als een van de crediteuren van de erfgenamen van wijlen Cornelis Jan Peters.

ORA Breda (inv no 482 dd 6-2-1578 fol 33) Adriana Jan Willem van den Beemden weduwe Jan Mathijs Dijrven verkocht aan wijlen Jan Dyrcxs van den Langencruijs(?) een huis (volgens akten van 5-3-1566 en 9-5-1572); Margriet Rombouts, Jans weduwe, bevestigt dit nu (?).

ORA Breda (inv 483 dd 16-3-1579 Fol 57v, 58r) Mathijs en Jan, zonen wijlen Jan Mathijs Dirven, Marie zijn dochter met Laurens Aerts van Roij haar man, Adriane, dochter, met Jan Wouters van den Beemden als voogd, Cornelie Cornelis Doensdochter, met haar man Hendrik Adriaen Dijrven, ook voor Marie en Anna Corneliszoonsdochteren zijn vrouws zusters; en Mathijs Meijnaerts Hagen, man van Beertken Cornelis Doensdr; de vier dochters van Cornelis Cornelis Doens bij Aleijde Jan Mathijs Dijrven; Mathijs Jan Mathijs Dijrven ook voor Jan Jan Fransz zoon van wijlen Lijsbeth Jan Mathijs Dijrven, verkopen aan Michiel Willemsz, meester chirurgijn, een huis etc in de Vleeshalstraat. (Volgende akte) Willem Michiels blijft hierobver nog fl 126.0.0 schuldig (Marge: betaald 2-8-1580). (Volgende akte) Mathijs en Marie verkopen Jan Jan Mathijs Dirven hun broer (een deel in een jaarrente groot voor ieder) fl 6.0.0 die hun moeder toekwam.

ORA Breda (489 dd 1-10-1588 fol 107rv) Jan Jan Mathijs Dijrven, Cornelis Jan Anssem Servaesz, H. Geestmeester, voor Maria Jan Mathijs Dijrven; Cornelia Cornelis Doensdr weduwe Henrick Adriaen Dijrven, met haar vader Cornelis Doens, en Cornelis ook voor zijn dochter Anna, gehuwd met Gielis van Queborn, en andere nazaten van Cornelia en Alijda Jan Mathijs Dijrven, dochter van Cornelia Doens (?); verklaren dat Gielis de Witte en Jan Aertss tot Antwerpen, executeurs van het testament van wijlen Margriete Puelincx, fl 53.7.3 hebben betaald, waarmee een schuld (Antwerpen 11-2-1588) is gekweten.

ORA Breda (inv 490 f.120 dd 13-9-1590) Marie Cornelis Doens met haar voogd Gillis Jacobs Queborn: Gielis de Wetter te Antwerpen, executeur van het testament van Margiete Peulincx heeft haar (Marie) betaald fl 20.0.0 die Margriete haar bij testament had nagelaten.


Huwt 1526

39.495   Adriana Jan Willems van de BEEMDEN

FamilienaamIndex 39.495Vader 78.990Moeder 78.991

Geboren Breda ca. 1500
Overleden Breda tussen 9-5-1572 en 6-2-1578

Kinderen

  1. Mathijs (*1533)
  2. Cornelis (*1535)
  3. Jan (*1542)
  4. Lijsbeth (+voor 1566) huwt Jan Fransz
  5. Kinderen
    1. Jan Jan Fransz
  6. Aleijt Zie 19.747
  7. Marie (*1537), huwt 1560 Laureis N.

TerugBegin van generatie


39.504   Claes Cornelis Mertensz van ALPHEN

FamilienaamIndex 39.504Vader 79.008Moeder 79.009

Geboren voor 1500
Overleden voor 1532


Huwt (1) ca 1520

39.505   Marie Cornelis Thonis VEIJS

FamilienaamIndex 39.505Vader 79.010Moeder 79.011

Geboren voor 1500
Overleden na 1520


Huwt (2)

Dorf Anthonis Petersdr CELEN

FamilienaamIndex

Kinderen

  1. Merten (c.1520-voor 1592) Zie 19.752

TerugBegin van generatie


39.506   Goijert Anthonisz EIJCK

FamilienaamIndex 39.506Vader 79.012Moeder 79.013

Overleden Etten ca. 1540


Huwt (1) voor 1515 (huwelijkse voorwaarden 1515?)

39.507   Thoonken Claes Pier WISSENDR

FamilienaamIndex 39.507Vader 79.014Moeder 79.015

Overleden na 1520


Huwt (2)

Cornelia Willemsdr van UINNEN

FamilienaamIndex


Huwt (3)

Meeske Heijndrick Aerts de VROOME

FamilienaamIndex


Huwt (4)

Soete Cornelis Pieters ZEEUWEN

FamilienaamIndex

Kinderen

  1. Neelken (c. 1520 - na 1592) Zie 19.753

TerugBegin van generatie


39.508   Aert Adriaen Aertsz van den VOIRSTBOSCH

FamilienaamIndex 39.508Vader 79.016Moeder 79.017

Gegoed onder Teteringen

ORA Breda (R429, folio: 099r/099v dd 1-10-1522) Erfdeling van de goeden die hun na de doot van hun moeder Anthonie Henric Koecxdr zijn aenbestorven, tussen Cornelis Jan Oirlmansz, Hadewich Jan Oirlmansdr met haar man Aert Adriaensz van den Vortbosch, en Henricke Jan Oirlmansdr met haar man Cornelis Claeus Graeuwen en Reijner Jan Adriaensz als gemechtich van Lucas Reijnouts, woonende tot Berghen opten Zoom, en van diens frou Margriete Jan Oirlmansdr. Betreft cijnzen en land tot Bavel opte Eijckberch, opt Ghinnekenseijnde, in de Haighstrate, eensdeels onder de vyerscare van de Hage, mer meest onder de vyerscare van Breda; verder in de strate te Vijfhuysen wairt, te Overvelt in de vyerscare van Haghe, opten Haighdijck, en 't Rijtken tot Buersteden

ORA Breda (429, folio: 098v dd 1-10-1522) dezelfde erven van Jan Oirlmans verkopen aan Willem Jan Willemszone een stuck weijden, 2 loepensaet, 't Hoecxken, achter huys, hof en erve van WJW, west de strate te Vijfhuysen wairt; noord Zebrecht Mercelissen erfgenamen; oost Cornelis Dyels erfgenamen; zuid ander erve van JWJ hem tevoiren toebehoirende

ORA Breda (429, folio: 127r/127v dd 15-12-1522), erven Anthonie Henric Koecxdr weduwe Jan Oirlmans voor een helft, Zebrecht Lambrechtszone andere helft, verkopen aan Claeus Peterszone van Tylborch een stuck erfs, 1 loepensaet oft 62 lange roeyen, in dese doirsteken scepenenbrieve begrepen (1516-03-05 en 1517-12-15)

ORA Breda (inv no 429 fol 128 dd 19-12-1522) Jan Willem Roeversz, Aert Adriaensz van den Vortbosch en Mathijs Henric Wijten beloven. Zoals Hughe Jacopssen en Mathijs Jan Mathijsz al voor hen besproken hebben(?) de helft van 43 huiden die zij te “Zinte Gertrudenberge, elc hude voir 33 1/2 stuver” gekocht hebben, op St Bavo 1523 te betalen aan het weeskind van Jan Godertssen van Ghilze. (Idem folio 128v) Mathijs Henric Wijtenz belooft aan Jan Willem Roeversz en Aert Adriaensz van den Vortbosch dat hij die net toegezegde helft zal betalen aan Hughe Jacopssen, zonder schade voor Roevers en Vortbosch

ORA Breda (429, folio: 143v dd 7-2-1523) Aert Adriaenszone van den Vortbosch verkoopt aan Heer Jan Hoze priester en capellaen tot Breda als executoer des testaments van wijlen Wouter van de Eext, die priester en capellaen was te Breda, een erfchijns van 3 rijnsgulden op zijn huys opte Fellenoort buyten Sinte Mertens poorte, oost Jan Adriaen Koecxz huys, west Matheeus Petersz, achter Mercelis Jan à..? Damen erve

ORA Breda (429, folio: 163r 1-4-1523) Mercelis Jan Cheel Damensone verkoopt aan Jan Adriaen Koecxz, Aert Adriaensz van den Vortbosch en Matheeus Peter Denijs Hecxz een sloot en erve metten canten aen beijde zijden, elck van de cooperen soe verre als de sloot aen elcx erve coomt, achter huys van Mercelis buyten de Haighdijck, noord erve van Mercelis dwelc hij behout; zuid de cooperen erven; west met een eijnde aen Rombout Claes Graeuwenz;

ORA Breda (429, folio: 201v dd 8-8-1523) Juete Brocx, weduwe Henric Mathijssen met haar voogd Merten Jan Kocxsone, is schuldig aan Aert Adriaensz van den Vortbosch een som van 14 rijnsgulden en 3 stuvers, toecomende van weijhuur

ORA Breda (429, folio: 227v dd 23-11-1523) erven Jan Oirlmans verkopen aan Zebrecht Lambrechtszone een erfchijns van 30 stuvers, dair af 20 stuvers 2.1 behoiren, heur na de doot van heur moeder Anthonie Henric Koecxdr aengedeelt zijnde, en de andere 10 stuvers behoiren 2.3, 1.1, 2.2 en 2.3, uut 2 rijnsgulden dairvan de 10 stuvers de koper behoiren; pand in dese doirsteken scepenen brieve begrepen van 1520-02-04

ORA Breda (429, folio: 234v dd 10-12-1523) Aert Adriaenssone van den Vortbosch verkoopt de helft van 5 gulden en 6 stuvers erfchijns in dese doirsteken scepenenbrieve begrepen, dair af de wederhelft Kathelijn Laureijsdr van den Velde te voren toebehoirde, aan deze Kathelijn Laureijsdr van den Velde (welcke helft aen Aert aenbestorven was van wijlen zijn vader en Jacoppe zijn moeder, die het had van Cornelie Gerytsdr van Mal, weduwe Boyden Hagaerts, “voir heure onderhoudinge”, ligging in littera transfixa van 1491-12-20)

ORA Breda (429, folio: 234v/235r dd 10-12-1523) Betreft de helft van 5 gulden en 6 stuvers erfchijns in de voorgaande brief ( R429, fol 234v ) die Engel weduwe van Jan Maessen uitreikt; Kathelijn Laureijs van den Velde en man Raes van Boeymer en Aert Adriaenssen van den Vortbosch komen overeen dat als de erfchijns erffelic is, Adriaen dese sal mogen lossen den penninc 16.

ORA Breda (430, folio: fol 068v dd 10-6-1524) Aert Adriaenssone van den Vortbosch verkoopt aan Heer Florys van Rijswijck priester en capellaen tot Breda, tot behoef van Anthonis en Peterken, wittige onm kindr van wijlen Claes, zijns brueder, een erfchijns van 3 rijnsgld, dandum alle jair opten yersten dach van meije, op omtrent 1 bdr weijden in den Teteringschen dijck, oost Cornelis Ygrams erve, west Willem Cornelis Berthelsz erffg, noord comende aen Ghijsbrecht Willemsz van den Vortbosch erve. Te vrijen met omtrent 6 1/2 lop rogs, en met 4 st. Men mag de erfchijns altijt lossen tegen den penn 16, en met 10 st eens meer te gheven. (Marge) de 3 rijnsgld zijn gelost, soo dat dese brief te nyet is, gelijck tselve breeder blijct en genoteert is opte rugge? Van de jongsten brief hier door gesteken, wesende van date 5-2-1567.


Huwt (1) ca 1520

39.509   Godelt Adam CLAESDR

FamilienaamIndex 39.509Vader 79.018Moeder 79.019


Huwt (2)

Hadewich Jansz OERLEMANS

FamilienaamIndex

Kinderen

  1. Jan Aerts (ca 1530-voor 1571) Zie 19.754

TerugBegin van generatie


39.510   Jan Willems ROOVERS

FamilienaamIndex 39.510Vader 79.020Moeder 79.021

Overleden Breda na 1557

Wever.

ORA Breda (inv 423 fol 75 dd 25-9-1515) (NB: betreft een kleinzoon) Michiel Anthonissone van den Put bekent een erfchijns sculdich te zijn aen Peter Damen. (Marge:) Cornelis Anthonissone van Put als man van Cathelijn Jan Cheewsdr, en Jan Willem Roovers als man van Jenneken Jan Cheewsdr, ook namens hun vrouwen mede-erfgenamen van oudegrootvader Peter Damen, bekennen dat Cornelis Stoffelssen Buys backer heeft afgelost het sestedeel hen competerende in 7 van de 14 rijnsgulden (12-9-1608) Peeter Peeterssen van Godewijck bekent dat Cornelis Stoffelssen Buys heeft afgelost het 6e paert in 7 rijnsgulden (4-2-1612) Mercelis van Godewijck bekent, mede namens zijn mede consorten dat Cornelis Stoffelssen Buys afgelost heeft 3 sestendeelen van 7 rijnsgulden van de 14 rijnsgulden (25-1-1613).

ORA Breda (inv 425 fol 145 dd 7-1-1518) Jan Willem Roeverssone verkoopt aan Cornelis Jacops van Ceters ten behoeve van Kathelijn Laureijsdr van den Velde een erfpacht van fl 5 in mindering (?) op een cijns van fl 12.10.0.

ORA Breda (inv 425 fol 181v-182 dd 19-1-1518) Zeger Anthonis Rombout Graeuwens verkoopt aan Jan Willem Peter Roevers een erfcijns van fl 2.10.0 op goed van wijlen zijn ouders Anthonis en Corneliske (?) Jan Gijsels.

ORA Breda (inv 425 fol 174 dd 17-8-1518) Willem Gherytsz van Buersteden verkoopt aan Jan Willem Roeversz een stuk erf groot een lopensaat, met behoud van recht van overpad.

ORA Breda (inv 426 fol 186v dd 30-8-1519) Jan Willem Peter Roeversz verkoopt aan Godert Jan Peter Ghielsz, schepen, een erfcijns van fl 2.10.0.

ORA Breda (inv no 429 fol 87 dd 16-8-1522) Henricxken Anssem Koecxdr, dochter van wijlen Anssem Koecx den ouden, en haar man Jan Willem Roevers, wever, verkoopt een erfcijns aan Jan Anthoniszone van den Put ten bate van Kathelijn Jan Conincxdr. Het gaat om een erfchijns van 3 rijnsgulden op een stuck weijden opte Molengrecht (O en Z Dyrc van Oosterzeel erve; W Anthonie Michielsdr van Hijlaer erve; N Jouffrou Anne Pols erve).

ORA Breda (inv no 429 fol 63 dd 16-8-1522) zelfde partijen verkopen aan Adriaen Meeus, schepen van Breda, een stuc lants opte Molengracht (N Lambrecht Mathijsz kinderen; O Jan van Dorst; Z aen de Molenvloet; W Lijsbeth Pauwels Molenerendr) , belast met een cijns voor Heijlken Cornelis Jan Engbrechtsdr.

ORA Breda (inv no 429 fol 128 dd 19-12-1522) Jan Willem Roeversz, Aert Adriaensz van den Vortbosch en Mathijs Henric Wijten beloven. Zoals Hughe Jacopssen en Mathijs Jan Mathijsz al voor hen besproken hebben(?) de helft van 43 huiden die zij te “Zinte Gertrudenberge, elc hude voir 33 1/2 stuver” gekocht hebben, op St Bavo 1523 te betalen aan het weeskind van Jan Godertssen van Ghilze. (Idem folio 128v) Mathijs Henric Wijtenz belooft aan Jan Willem Roeversz en Aert Adriaensz van den Vortbosch dat hij die net toegezegde helft zal betalen aan Hughe Jacopssen, zonder schade voor Roevers en Vortbosch

ORA Vestbrieven Alphen en Chaam (R764, fol 208 dd 1-7-1544) Hubrecht Peter Jannissone van Overaa en zijn vrouw Kathelijn Henrick Henrick Anthonissendr van Bedaf zijn schuldig aan Jan Willem Roeverszone een erfpacht van 1 zester rogs op goed te Rijsbergen; zij stellen een som van 25 Car.Gld als borg; zij moeten aflossen direct na de dood van Henric Henric Anthonissen van Bedaf

ORA Vestbrieven Alphen en Chaam (R765 fol 134 dd 7-2-1548) Peter Jan Haerdenzone voor Jan Willem Roeverszone, heeft ‘opgewonnen voor de aflossing’ die Hubrecht Peter Jannisz van Overaa (man van Anna, dochter van wijlen Henrick Henrick Anthoniszone van Bedaf) schuldig was na de dood van zijn schoonvader.

ORA Breda (inv no 471 dd 24-4-1566 fol 102v-103r) Cornelis Jan Willem Roeverszone verkoopt Willem Reynier Dyrcx een huis en erf op de Haeghdijck in Breda, op 4-5-1558 van zijn zusters en broers gekocht, belast met o.a. een erfrente voor wijlen Willem Jan Willems Roevers; verder vermeld een rente die Anna Jan Willen Roevers schuldig was; in een akte uit 1559 Peter en Huijbrecht gebroeders zonen wijlen Jan Willen Roevers; met Jan Aerts van den Voirtbosch man van Adriane Jan Roevers, die Cornelis ondersteunen.

ORA Breda (inv no 472 dd 7-7-1567 fol 126-128) Erven wijlen Willem Jan Willem Roeversz (dochter Margriet met man Jacob Gherits van Merwijk; zoon Willem; en dochter Elisabeth oud ca. 20 jaar) zijn schuldig fl 170.0.0 (…) en nog meer; ergens ook vermeld fl 230.0.0 aan Jan Aerts van den Voirtbosch.


Huwt Breda voor 1518

39.511   Hendrickske Anssem COECK

FamilienaamIndex 39.511Vader 79.022Moeder 79.023

Overleden Breda x-11-1577 bBreda Grote Kerk als Heynken vrouw van Jan Wiellem Roevers

ORA Breda (inv 417 fol 46 dd 27-9-1508) Henricke Anssem Koecxdr, dochter van Anssem Koecx de oude, met man Jan Willem Peter Roeversz, heeft een erfchijns van fl 5 vercoft aen Bouden Andriesz, op welcke 5 gulden erfchijns Henricke Anssem Koecxdr geerfdeelt was tegens heur bruederen en susteren na doode van heur vader Anssem Koecx de oude en heur moeder Lijsbeth Henrick Mertensdr.

ORA Breda (inv 419 fol 55v dd 3-12-1511) Henricke Anssem Koecxdr, dochter van Anssem Koecx de oude, met man Jan Willem Peter Roevers de verwer, heeft een erfchijns van fl 6 vercoft aen Peter Jacop Sijmonssone, en geeft als pand tien hond lands, waarvan de andere helft toebehoort aan Mercelis Mercelis Koecxzone.

ORA Breda (inv 423 fol 77 dd 5-10-1515) Henricke Anssem Coecxdr, dochter Anssem Coecx de oude, met man Jan Willem Verwerssone, heeft een stuck weyde uutgegeven aen Mercelis Henrick Koecxsone, ... (Niet afgemaakt; marge: 19-12-1516 geannuleerd)

ORA Breda (inv 424 fol 18 dd 18-2-1517) Henricke Anssem Mercelis Koecxzdr wijlen Anssem Mercelis Koecxz de oude dochter, met man Jan Willem Roevers, heeft vercoft aen Kathelijn Jacop van Bladeldr, wedue van Michiel van Heerle, een stuk weidegrond.

ORA Breda (inv 426 fol 79v dd 5-12-1519) Henricke Anssem Koecxdr wijlen Anssem Koecx de oude dochter, met man Jan Willem Roevers alias Verwerssone heeft een erfchijns vercoft aen Jan van Eijndmer tot behoef van Cornelis Jan Engbrechtssone. (Marge: afgelost 7-11-1545.)

ORA Breda (inv 428 fol 190 dd 24-9-1521) Margriet Jan Wrijtersdr weduwe Mercelis Mercelis Koecxz, met voogd Jan Jansz van Ham, heeft een vierendeel van een stuk erf uutgegeven aen Jan Willem Peter Roeversz en diens huysfrou Henricxken Anssem Koecxdr, om een erfchijns van fl 2. Jan Willem Peter Roeversz en Henricxken Anssem Koecxdrzetten te bijpandt hun 3/4 deel van het goed.

Kinderen

  1. Willem Jan Willem Roevers (*ca. 1520 +voor 1566), huwt voor 1545 Gertrude Jan van Merwijck
  2. Kinderen
    1. Willem
    2. Jan
    3. Elisabeth (*ca. 1547 +voor 1588), huwt Peter Jansz Wagenmaecker, hebben in 1588 kinderen
    4. Margriet, huwt Jacob Gherits van Merwijk
  3. Peter (+na 1566), huwt NN
  4. Kinderen
    1. Johanna (vermeld 1588)
  5. Adriana Zie 19.755
  6. Cornelis Jan Willem Roevers (+na 1566, voor 1588), huwt N.N., had kinderen
  7. Anna Jan Willem Roevers (+voor 1566? Of na 1588), huwt Peter Willem Peters de Visscher (+voor 1588)
  8. Huijbrecht Jan Willem Roevers (+na 1570), huwt N.N.
  9. Kinderen
    1. Marie, huwt Cornelis Jacob Sprong
    2. Henrickske, onmondig in 1588
    3. Huybrechtje, onmondig in 1588
    4. Peter
    5. Marie
  10. Henric, huwt N.N.
  11. Kinderen
    1. Marie Henric Jan Roevers, vermeld 1588 met haar broers en zuster
    2. Godert
    3. Jan
    4. Lijsbeth

TerugBegin van generatie


39.512   Adriaen Claes Peter STEVENSZ

FamilienaamIndex 39.512Vader 79.024Moeder 79.025

Geboren ca. 1480

Te Teteringen.

ORA Breda (inv fol 336v dd 28-4-1506) Wouter Cornelis Gerit Lambrechtsz verkoopt aan Adriaen Claes Peterssen de rechte helft van een bunder land den Wittenblok onder Hasendonck.

ORA Breda (inv 422 fol 82v dd 23-12-1514) In marge: Jan Adriaen Claes Peter Stevensz lost een erfcijns af op 7-2-1562, oorspronkelijk van Jan Anssems van Abselt aan Melis Melisz

ORA Breda (inv fol 5v dd 9-1-1515) Willem Pauwel Jacobsz geeft een halve bunder land in Teteringen in de (Horstbrake?) aan Adrien Claes Peter Stevensz vanwege een erfcijns.

ORA Breda (inv 427 fol 98 dd 23-11-1520) Claeus Peter Stevenszone verkoopt aan zijn wettige zoon Adriaen Claeus Peter Stevensz een stuk heideveld met nog twee stukken land te Teteringen samen groot circa drie bunder.

ORA Breda (inv 472 fol 17 dd 20-1-1567) Moeilijk leesbaar, verkoop van grond aan Digne Adriaen Claes Peter Stevens, huisvrouw van Adriaen Willem Gherit Laureysz; ook vermeld wordt haar broer Jan.

ORA Breda (inv 472 fol 204 dd 27-11-1567) Anthonis Lenaertsz de Haen belooft aan Jan Adriaen Claes Peter Stevens een erfpacht te kwijten met fl. 100.

ORA Breda (inv 473 fol 60 dd 19-2-1568) Jan Merten Laureys Reynen verkoopt Jan Adriaen Claes Peter Stevens een erfcijns van 37 stuivers 2 oort (fl. 1.17.2) per jaar.

ORA Breda (inv 473 fol 110v dd 26-4-1568) Peter Gherit Peters, schuldig aan Jan Adriaen Claes Peter Stevens fl. 5.5.0 jaarlijks; ook vermeld wordt Dingne Adriaen Claes Peter Stevens met haar man

ORA Breda (inv 473 fol dd 25-5-1568) Jan Adriaen Claes Peter Stevens en Jacoppe Jasper Lodders, weduwe Dingman Zebrecht Aerts van Dyest, met Adriaen Peter Claesz van Ghilze haar (huidige) man, verkopen grond in Teteringen aan Henrick Cornelis Henricks. Borg is Adriaen Willem Gherit Laureysz.

ORA Breda (inv 473 fol 168v-169 dd 7-10-1568) Adriaen Willem Gherit Laureysz, enerzijds; en anderzijds: Adriaen Jan Adriaen Claesz voor zichzelf, Adriaen en zijn vader ook als voogden voor Godert, nog onbejaard, en Marie Jans dochter; Adam Peter Adriaen Claesz, diens vader Peter Adriaen Claesz als voogd van Marijken, Adriaenken en Heijlken zijn onbejaarde kinderen; allen als erfgenamen van wijlen Digne Adriaen Claesdr, huisvrouw van Adriaen Willem Gherit Laureysz, hun zuster en moeije; en van de twee kinderen van Digna die na haar dood overleden; hebben een erfdeling gemaakt. De erven kregen een huis met hof en bogaard in Teteringen, groot een halve bunder; nog twee stukjes land groot samen groot driekwart bunder; de helft van een stuk heide groot driekwart bunder. Adriaen Willem Gherit Laureysz krijgt de andere helft van het heideved, nog een stuk heide groot driekwart bunder, nog een derde bunder land.

ORA Breda (inv 481 fol 48v dd 15-3-1577) Peter Adriaen Claes met Marie en Adriana zijn voordochters bij Cathelijn Andries Gherits, verkopen aan Wouter Wouter Cornelisz een huis met toebehoren, gelegen naast land van Jan Adriaen Claesz zijn broer. Ook verschenen Godert en Adriaen, zonen van wijlen Jan Adriaen Claesz, die bevestigen dat dit deel aan Peter c.s. was toegedeeld.


Huwt voor 1515

39.513   N.N.

Index 39.513 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Jan Zie 19.756
  2. Peter, huwt (1) Cathelijn Andries Gerits van Hoodonck (nog vermeld in 1579, abusievelijk levend); huwt (2) Yefken Cornelis Jan Jan Pauwels (vermeld 1-2-1577)
  3. Kinderen
    1. (uit 1) Adam (*voor 1544 +kennelijk tussen 1568 en 1577)
    2. (uit 1) Marijken (*na 1544)
    3. (uit 1) Adriaenken (*na 1544)
    4. (uit 1) Heijlken (*na 1544)
  4. Digna (+voor 1568), huwt Adriaen Willem Gherit Laureysz (+na 1570)
  5. Kinderen
    1. N., overleden voor de moeder
    2. N., overleden voor de moeder

TerugBegin van generatie


39.516   Gijsbert WAEGEMAECKERS

FamilienaamIndex 39.516 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Vooralsnog hypothetisch; voor Frans' verwantschap met Naes en Lenaert heb ik nog geen documentatie mogen vinden.

ORA Breda (inv 415 fol 377 dd 2-8-1502) Jan Meeus Oppersz heeft met recht bedingdt en gecoft uut sHeeren hant een erfenis van Bouden Gijssen, kennelijk een erfcijns van fl 6, en een half lopen lands, en een weide, en negen lopen land naast Ghijsbrecht Wagemakers.

ORA Breda (inv 421 fol 54-55 dd 19-8-1513) Lenart Ghijs Waghemakersz ter eenre en ter andere sijde Henrick, Cornelis, Ghijsbrecht en Naes wijlen Cornelis Ghijs Wagemakersonen, Lijsbeth Cornelis Ghijs Wagemakersdochter, en de broers samen namens hun suster Margriet Cornelis Ghijs Wagemakersz dochter, hebben geërfdeelt.


Huwt

39.517   N.N.

Index 39.517 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Frans Zie 19.758
  2. Cornelis (+voor 1513), vermeld ORA Breda 15-7-1502, 26-7-1502, 31-10-1508, 2-9-1512, 13-10-1512, en 19-8-1513 met al zijn kinderen; huwt N.N.
  3. Kinderen
    1. Henrick
    2. Cornelis
    3. Ghijsbrecht
    4. Naes
    5. Lijsbeth
    6. Margriet
  4. Lenaert

TerugBegin van generatie


39.616   Jacob I Dirksz van den EYNDE

FamilienaamIndex 39.616Vader 79.232Moeder 79.233

Geboren voor 1445
Overleden Delft na 19-3-1505, voor 19-2-1510

Schepen van Delft in 1502 (OV 1991:47, zegelt met drie schuingeplaatste zeehoorns; OV 1989:284), 18-7-1503 (OV 1986:575, 1989:444, 461, 1969:136, 1968:282, zegelt met drie vogels), 1504 (OV 1988:576, zegelt met drie gaande vogels).

Vermeld als patroniem van zijn zoon Hugo. Nota bene: in het repertorium op de hofstede Strijen wordt al in 1347 een jonkheer Jacob van den Eynden vermeld als buur van een leen in Houweningen bij Sliedrecht (OV 1979:59).

(Losse aanwinsten Delft, Archiefnummer 598, Inventarisnummer 3, Charternummer 5992 dd 22-12-1469) Joest Jansz en Willem Storm Gerytsz, schepenen van Delft, oorkonden dat Dammaes Zysman Pietersz (borg: Dirc Jan Dammaesz) verkocht en overgedragen heeft aan Jacob Dircxz van Eynde een huis en erf zoals in de doorstoken brieven genoemd, waarvoor Dammaes vrijwaring belooft.

Eigenaar van een huis aan de Westzijde van de Oude Delft, gekocht 23-8-1496 van Cornelis van Dorp, ridder, op 19-2-1510 door Margriete, weduwe van Jacop van Eynden, voor een helft verkocht aan Pieter Dirc Woutersz., en voor de andere helft op dezelfde dag aan hem door meester Pieter Jacobsz. van Eynde met zijn voogd, Michiel Michielsz., en Doe Vranckenz. namens hun vrouwen en hun evenknieën.

(Losse aanwinsten Delft, Archiefnummer 598, Inventarisnummer 3, Charternummer 5991 dd 30-3-1501) Costyn Jansz en Baltezar Jacopsz, schepenen van Delft, oorkonden dat Jacop Dircxz van Eynde verkocht en overgedragen heeft aan Michiel Michielsz een huis en erf zoals in de doorstoken brieven genoemd, waarvoor Jacop vrijwaring belooft.

ORA Delft (Kamer van Charitate Archiefnr 447, Inv.nr 2091, Charter 1062) akte van verkoop door Claes Claesz Colijn aan Frans Lambrechtsz d.d. 26-9-1503, getuigen zijn de schepenen Frans Sonderdanck en Jacob Dircxsz van [den] Eynde.

Ook vermeld (OV 1980:572): Delft, 10-6-1463: Broeder Joest Claesz., rector, zuster Aecht Heynricxdochter, priorin, en het convent van Sint Agniet, genaamd Int dal van Josaphat, te Delf verkopen aan Coppert Heynricsz. 8 hond land in de Ketel in ver Nellenlant gemeen met de heer Jacob Dircxz. en het zusterhuis van Sint Aechten binnen Delf (sic). In later jaren wordt hij niet meer als belender gemeld; wel is een deel van het land in 1492 door ene Claes Jacobz verkocht.

Jacob Dircx van den Eynde, Memorieboek van Voorburg, nr 254 (27-1-1505) geeft twee morgen land aan de Noordzijde van de Vliet 'genaemt Pier Wiggers' aan de kerk. Zijn vermoedelijke huis (1508 nr. 85) behoort aan de kerk, en kwam haar toe van Jan Claeszoons weduwe (Alyt, vermeld 1438 nr. 255).

Volgens Delftse Biografieën koper (17-10-1491) en verkoper (3-11-1491) van een rente; ontleend aan Kwartierstaat Van der Tas.

GA Leiden (Archief 502, Inventaris Archieven van de Kerken), St Philippus enb Jacobus Vicarie, regest 2119 dd 4-8-1487: Jan Dircx verkoopt aan Jacob van Eynde Dircxz een rente van 2 pond Hollands op een morgen land aan de Vliet te Voirburch; idem regest 2198 dd 3-6-1499, Jacob Dircx van Eynde voor de schout van Zoeterwoude, verkoopt aan deken en kapittel van het St Pancreascollegium tbv een prebende voor St Philips en Jacob; de rente van 2 pond Hollands nader verzekerd op 7 morgen land in de ban van Stompwijk.

Een Jacob Dyrcxz. Van (den) Eynden staat met Dyrck van Beaumont borg voor Pieter Tack en Jacob Dyrcxz, kennelijk muntmeesters, wanneer de munt van Holland naar Den Haar verplaatst wordt in 1445 (Rekening van het Hof van Holland, geciteerd in Van der Chijs (1858 p. 425). Met dank aan Jos Benders.

Vermoedelijk een oom (of de grootvader?) Jacob van Eynde is de kerk van Voorburg een rente schuldig van 50 schellingen op land overgenomen voor 1439 van Symon van der Does (nr. 54), zijn erven zijn (omstreeks die tijd, nr. 60) eigenaars van een halve morgen land in Heer Zijbrants Lant (overgenomen van Machtelt Jan Gheysensoen, in gebruik bij Jan Willem Aemszoen & Dirck Janszoen; de kerk bezit de andere halve morgen). Onder nr. 167 (ca. 1435-40) een hond land in Aden Lant voorheen van Griet van Vlairdinck, nu in gebruik bij 'Arent Huych ende Jacop van Eynden volck' die de penningen jaarlijks betalen. Dezelfde tijd (nr. 301) heeft hij ook andere grond in Aden lant boven de watersloot, verkocht door Mr Jan Claeszoon. Hij is ook (na 1440, nr. 306) koper van vier hond land in de 'Oestbaet'.

Een mogelijke broer Ghysbrecht wordt vermeld als schuldenaar voor 20 groten in een overdrachtsakte aan de kerk van Voorburg (Memorieboek nr. 255 d.d. 1438).

Een mogelijke nicht Margriet Jacop van Ende wordt omstreeks 1440 genoemd (nr. 281) met een rente van een pond op haar huis dat nog rond 1435 behoorde aan Symon van der Does, en (nr. 313 als Margriet van Eynde, ca. 1440) als medebezitter van een halve morgen in 't Roestlant (samen met Jan Willemszoen van Berghen).

Taxandria 1925:148 meldt een Jacob van den Eijnde, notaris in Den Bosch, waar Elisabeth Lambertsdr van Doerne op 10-3-1507 testament op laat maken.

In Vlaamse Stam komt een Jacob van den Eynden, vader van Jacoba (voor 1410) voor (VS 1976:174)

OV2005 p. 180 (Repertorium Lenen Duvenvoorde) Voorschoten, 4 morgen Noord: Veenweg; Zuid: heer van Wassenaar; Oost: Jacob Simon Ghibenz; West: Jan Simon Ghibenz; jaarlijks 4 pond 10 stuivers waard en 2 d. dijkgeld. Op 30-9-1517 hier vermeld Mr Pieter van Eynden.

Leidse charters van de weeskamer (transcriptie C. van der Tuijn, Inv. 0518-4776; Regest d.d. 27-1-1552) Wij Huijch van Eijnden ende Cornelis Michielsz. als executeurs van Mr. Pieter Jacobsz. van Eijnden vuijterste wille vervangende die twee ander mede executeurs oirconden dat wij naevolgende de selve vuijterste wille gecedeert ende upgedragen hebben, cederen ende dragen up alsnoch bij desen die conventen vande Minnebroeders ende Clarijssen deser stede tot behouff vanden selven conventen, die rentebrieff mit die vallende jaerlicxse vruchten, breeder inden brieff daer dit transpoort duer ghesteecken is ghespecificeert omme voortaen de selve vruchten gesamentlijcken ende elcx voor deen heelfte tot behouff vanden selven conventen te heffen, te ontfaen ende huere wille daermede te doene, metsgaders oock van thoofftgelt van dien. Des toirconde onse segelen hieronder an ghehanhen. Den 26e januarij anno 1500 eenenvijftich stilo Delfthico.


Huwt ca. 1470

39.617   Margriete DIRCX

FamilienaamIndex 39.617Vader 79.234Moeder 79.235

Geboren voor 1450
Overleden voor 1532

Patroniem volgens Delftse Biografieën, ontleend aan Kwartierstaat Van der Tas. Vermeld als weduwe, gestorven en erflater aan een Cornelis Michielsz in 1532 (OV 1986:551); Cornelis Michiels is verbonden aan de kerk van Voorburg, en gildemester aldaar. Mogelijk was Margriete dochter van een Floris Pieters (OV 1994:375).

Kinderen

  1. Pieter (+Delft na 23-7-1551, voor 26-2-1552), priester, vermeld met een jaarrente op 21-12-1531 (OV 1987:478). Hij koopt op 17-12-1519 van Garbrant Yvens te Rijswijk een jaarrente op diens huis, en verkoopt deze volgens akte van 23-7-1551 aan het convent van Roem op Papenburg in Leiden (OV 1997:625-6). Heeft vier morgen land in Delft die in 1529 door Huych van Diemen gepacht worden (OV 1997:789). Als Mr Pieter erfhuurder van land aan de Vliet tot de heerweg in Voorburg waarop de kerk twemaal 5 stuivers rente heeft (Memorieboek nr. 82, 1508). Vermeld GA Leiden (Archief 503 Inventaris Archieven Kloosters) in vier regesten: 2228 (17-12-1519), Gerbrant Yvenzoen verkoopt hen een rente van 10 pond Hollands op woning en 1 morgen land aan de heerweg in Rijswijk; 2600 (23-7-1551) Pieter draagt dit over aan het convent van Roem; 2210 (29-2-1520) Clais Meeuszoen verkoopt hem een rente van 8 pond Hollands op 24 morgen in Voorschoten aan de Veenweg, met zijn broer Philip Meeus als extra borg 14 morgen land aan de scheiding van Wassenaer en aan de Veenweg aldaar; 2366 (8-3-1531) Pieter draagt dit over aan het convent van Roem.
  2. Hugo Zie 19.808
  3. Jacob, mogelijk de Jacob, vermeld met Pieter in de Blaffaard van de H. Geest in Lier op 21-3-1520 (OV 1974:3).
  4. Jan, hypothetisch: een Claes Jansz wordt genoemd als belender van een stuk land in Delft in 1557 en 1565 (OV 1991:7).
  5. Dirk, gehuwd met Obrecht (Oburch) Claesdochter te Amsterdam. Aangeklaagd (appèl Grote Raad Mechelen 1532-40, vonnis 14-7-1540; Schölvinck p. 121, 278) door Sipken Olfertsz de Vries en zijn vrouw Femme Woutersdr te Amsterdam inzake onduidelijkheid over wie in 1532 de verkoper was van een partij linnen - Jacob verloor. Op basis van (mede) dit vonnis klaagt Olfertsz Dirk, zijn broer Huyghe, pensionaris van Delft, en anderen aan om goedkeuring tot verkoop van renten te verkrijgen (3-2-1543, toegewezen, Schölvinck p. 285); op 13 april 1543 (Schölvinck p. 286) verbindt Huych zich mede voor zijn broer en diens vrouw aan Olfertsz en de erven van zijn inmiddels overleden vrouw 2600 caroli gulden te betalen, plus kosten, inzake de processen tegen Dirk.
  6. N., hypothetisch, huwt Michiel Michielsz (Bron Maarten van der Tas)
  7. N., hypothetisch, huwt Doe Vranckensz

TerugBegin van generatie


39.618   Jan Doens van der SLUYS

FamilienaamIndex 39.618Vader 79.236Moeder 79.237

Geboren ca. 1465
Overleden Kasteel Bulgersteyn (Borgerstein) in Rotterdam, 1509

Bron NL 1953:290-3: genealogie van een Delftse regentenfamilie uit c.1600. Schepen, bezit 1/4 van kasteel Bulgersteijn, leenman (beleend 1495). Vgl. ook NL 1990:335.

Beleend met de helft van de koren-en smaltienden van West-IJsselmonde dooor Jacob van Hoorne bij dood van zijn vader; de andere helft aan Johan van den Bockhorst (Regesten IJsselmonde, GA Rotterdam 9-9-1495, inv. nr. 1826). Hierover loopt een proces bij het Hof van Holland (9-9-1501, inv nr 1841) met als uitspraak dat de beleenden de tienden in het Westambacht van IJsselmonde voorlopig in bezit krijgen onder goede borgstelling; Aernt Pietersz in Den Haag stelt zich borg (datum en bron idem).


Huwt circa 1490

39.619   Pietertje Willems GRIJP

FamilienaamIndex 39.619Vader 79.238Moeder 79.239

Vgl NL 1991:461

Kinderen

  1. Willem Jan Doesz van der Sluys (+voor 4-8-1517)
  2. Elisabeth Zie 19.809

TerugBegin van generatie


39.620   Josse NIEULANT

FamilienaamIndex 39.620Vader 79.240Moeder 79.241

Geboren 3-8-1463
Overleden 22-5-1504

Heer van Gaverincxhove, 'échevin' van Termonde. Bron Van Herckenrode, Gaillard

Meester in de Rechten. Schepen van Dendermonde Schepen als Mr Joos Nieulant (17-9-1488 - 26-8-1489, 24-7-1490 - 6-9-1491, 8-7-1494 p- 29-7-1495, 19-6-1496 - 10-7-1497, 6-8-1500 - 26-3-1500 (=1501), 15-11-1503 - 26-6-1504)


Huwt (ot 15-6) 9-7-1492

39.621   Elisabeth van GHYSEGHEM

FamilienaamIndex 39.621Vader 79.242Moeder 79.243

Overleden 28-5-1556


Zij huwt (1)

Willem de BOODT

FamilienaamIndex

Kinderen

  1. Olivier Zie 19.810
  2. Willem (*6-12-1499 +Gent 18-1-1543), monnik in abdij van Baudeloo in Gent
  3. Marguerite (*22-11-1494), huwt (1) 7-7-1513 Willem de Boodt; huwt (2) Martin Snoeckaert, secretaris van keizer Karel V, weduwnaar van Liévine Bennincx

TerugBegin van generatie


39.622   Wolfrand van HECKE

FamilienaamIndex 39.622 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Alias Wulfaert. Vgl ANB 1857:161.

Schepen van de Keure van Gent in 1547 (vgl. Claeys 1889). Een Wulfram van den Ecke, ook Eecken (= Hecke) is in 1371, 1376, 1379 Schepen van der Kuere te Gent. Mogelijk is hij de (over)grootvader van deze Wolfrand.


Huwt

39.623   Anna UUTENHOVE

FamilienaamIndex 39.623Vader 79.246Moeder 79.247

Kwartieren ontleend aan Herckenrode en homepage Van Waesberghe. Cf De Kerckhove dit van der Varent (2012:311).

Kinderen

  1. Catharina Zie 19.811

TerugBegin van generatie


39.624   Aelbrecht van LOO

FamilienaamIndex 39.624Vader 79.248Moeder 79.249

Geboren ca. 1470
Overleden Den Haag 5-1-1525

Volgens een doodboek van Den Haag uit de collectie van de Hoge Raad van Adel +1520.

Studeerde te Leuven en Orléans. Van Kuyk (1913:293ff.): de Loo, Alb. Jun. 1497. Holl., procurator nationis; student te Orléans.

President (pensionaris) van Dordrecht 1507-10), lid en griffier van het hof van Holland 1506-15 (Batavia Ill. 1478; vgl Nav. 1922:62)), president in 1517 (idem 1475), raadspensionaris (landsadvocaat) van Holland 1513-24. Bronnen: CBG 1973, Navorscher 1865, 1890, OV 1997. Vermeld op 5-2-1520 (OV 1988:232) als Albert van Loo Albertsz, raad van Holland. Woonde aan de Kneuterdijk tegenover Paleis Noordeinde, waar nu Paleis Kneuterdijk staat. In 1518 verwikkeld in een twist over de combinatie van zijn ambten als landsadvocaat en raad van Holland (vgl. ook Kok, Kobus en Rivecourt). Zou ook een ambt in Friesland hebben (Navorscher 1865). Wordt beschouwd als behorende tot de lagere Hollandse Adel (v. Nierop 52, 83, 165 e.a.). Volgens Dossier CBG: schildknaap. Overlijdensdatum vgl ook CBG 1947:105.

GA Leiden (Archief 502, Inventaris Kerken, regest 386 dd 26-3-1492) Albrechts Albrechtsz van Loo als procureur voor Berent Jacobsz.

GA Den Haag 0171-01, archief Familie Van Brienen van de Groote Lindt, regest 19: 3-4-1518 Jacop Adriaenszoon van de Wiele en Pieter Pietersz schepenen in den Hage oorkonden dat Thonis Bartolmeeszoon verklaarde te hebben verkocht aan mr Cornelis Henrijckzoon een perceel land in het ambacht van Wassenaar, belend: O. en Z. mr Aelbrecht van Loo, N. de watering, W. Pieter Hubrechsz en nog twee percelen geestland, belend: O. mr Aelbrecht van Loo, N. de watering, Z. en W. mr Cornelis voorn. De percelen zijn belast met 9 pond holl. 5 stuivers en 5 denijts.

GA Den Haag Oud archief 0350-01, regest 50 (betreft mogelijk de vader): 11-3-1482 Het Hof van Holland bepaalt naar aanleiding van het mandement van Maximiliaan en Maria van 1481 Oct. 1, dat vrijgesteld zullen zijn van contributie in de bede van den Haag alle dienaren, officieren en personeel, gerekend tot de "escroen" van den huyse van de hertog en hertogin en de ordinaris en extra-ordinaris raden van Holland, de procureur, advocaat en griffier van Holland, Adam van Cleve en Vranck van Nesse secretarissen ordinaris, Ghijsbrecht van der Mije, Floris Oem van Wijngaerden, Joost Willemszoen en Mr. Cornelis van Scheveningen, secretarissen extra-ordinaris, "alle ridderen,kerckelicke of gheestelicke luyden, alle doctoeren, licentiaten, ende advocaeten, die doctoeren oft licentiaten zijn, zes van de procureurs postulant voor den voorscreven Hove, bij namen Jan Meynert zoen, Ailbrecht van Loo, Willem de Latter, Mr. Melis Zael, Duyst Pieterszoen ende Anthonis Jansoen; ses exploictiers, bij namen Jan Wouterszoen, Lourys Ghijsbrechtszoen, Harpar Claeszoen, Jan Aerntszoen, Dirick van Vuytwyck ende Heynrick van Cralinghen ende dat bovendien oick vrij ende exempt blijven ende weesen sal Jan Schout als deurwaerder ende bewaerer van de voorscreven Camere van den Raide ende vier boden te weten Symon Claeszoen, Jan Kempenzoen, Coppin van Billenborch, ende Geryt Tack". Wanneer echter die van Den Haag te eniger tijd assistentie nodig hebben tegen iemand anders van de secretarissen, advocaten etc. etc., zal het Hof hun alle assistentie, die nodig is, verlenen. 1482 Maart 11 (op ten XIen dach in maerte in 't jairO.A.M.CCCC. een ende tachtich, nae den loop 's hoofs van Hollandt).

GA Den Haag Oud archief 0350-01, regest 126, 31-3-1514 Keizer Maximiliaan en Karel, aartshertog van Oostenrijk etc. geven aan de graaf van Egmond, gouverneur, Mr. Nicolaas Everardi, president van de raad in Holland, Vincent Cornelisz. rekenmeester, en Aelbrecht van Loo, advocaat van de Staten van Holland, kennis, dat zij, naar aanleiding van het appèl van Willem Oem van Wyngaerden op de Grote Raad te Mechelen betreffende 's Keizers ordonnantie op de gemeente en neringen van Den Haag (zie Reg. no. 125), genoemde ordonnantie confirmeren en gelasten Willem Oem en alle anderen desnoods met geweld tot gehoorzaamheid te dwingen. 1514 Maart 31 (den laetsten dach van Maerte - duysent vijfhondert ende dertiene voer Paesschen. Mechelen).

Idem 128, 19-4-1514 Willem Oem van Wyngaerden verklaart voor het Hof van Holland zich neer te leggen bij de submissie tussen hem en die van Den Haag gedaan, afstand te doen van het baljuwschap, en zijn appèl tegen de ordonnantie van "onsen genadige Vrouwe" (de gouvernante) in te trekken en dat de waerdijns en andere officieren van de draperie van Den Haag door de president, Mr. Vincent Cornelisz. en Aelbrecht van Loo als commissarissen van onsen genadige Vrouwe daartoe gesteld, geordineerd hun ambacht aanvaarden en uitoefenen mogen. 1514 April 19 (upten XIXen dach in April anno XVc. ende XlIII nae Paesschen. Den Haag).

OV 1998: 28: op 28-2-1493 handelt Albrecht als zaakgelastigde van Filips van Bourgondië bij overdracht van een leen (NB: mogelijk gaat het hier om zijn vader, Aelbrecht 'de Oude'). Treedt als Albrecht van Loo 'de jonge' in 1496 op bij de overdracht van een leen in Molenaardsgraaf voor Cornelis Boulijn (OV 1997:42), idem op 8-7-1495 voor Cornelis van der Veer (OV 17979:196).

OV 1987: 548-9 meldt lenen van 20 en 7 morgen uit het leen rond (en met) huis Rijnenburg in Hazerswoude, op 9-8-1512 aan Mr. Albert van Loo, raad in de Raadkamer van Holland, koop na de dood van Anton van Eversdijk, gehuwd met Maria van Raaphorst, en kinderen; 20-5-1525: Gerard van Loo, secretaris van het Hof van Holland, bij dode van Albert, zijn vader; 11-3-1565: Albert van Loo, raad en gecommitteerde bij domeinen en financiën, bij overdracht door Gerard, raad en rentmeester-generaal van Friesland, zijn vader; 17-10-1577: Albert van Loo bij dode van Albert, zijn vader.

Balen (p. 135) meldt het bestaan van een familiegraf Van Loo in de Grote Kerk in Dordrecht.

Schölvinck: als 'Aelbrecht de Loo de Jonge' procureur (20-2-1497, 17-4-1497) voor Karel de Latre uit Rijssel in een proces tegen de grote steden van Holland (p. 75), terwijl zijn vader de tegenpartij Leiden vertegenwoordigt. Raadsheer van het Hof van Holland op 25-9-1511 in een prices van Delft tegen Rotterdam (p. 85-6). Raadsheer-commissaris te Den Haag (7 en 13-1-1517, 15-1-1517, 30-7-1517, 12-5-1516) in een proces van Heynrick Joestenz uit Delft tegen de exuemeesters en magistraat van Leiden (p. 88). Raadsheer in het Hof van Holland (5-10-1519) bij het proces van Jan Evertsz uit Delft tegen jonkvrouw Machtelt van Diemen (p. 96).

Memorie en stichtinge in de Sint Jacobskerk (Sernee et al p. 128) Regest nr 24 (28-7-1487) De officiaal van den aartsdiaken van Trajectum gelast alle geestelijken en notarissen, die onder hunne berusting brieven hebben aangaande de vicarie op het altaar van St. Petrus in de parochiekerk van Haga Comitis, om deze binnen 6 dagen in originali of transsumpt over te leggen aan Theodoricus Petrus’ zoon, priester, of diens gemachtigde, ten einde te dienen in diens proces met Albertus Albertus’ zoon de Loo, klerk, die mede tot bedoelde vicarie werd voorgedragen. Datum anno MCCC LXXXVII die vero Sabbato post festum sancti Jacobi apostoli vicesima octava mensis Julii.


Huwt

39.625   Maria Pieters ZWINTERS

FamilienaamIndex 39.625Vader 79.250Moeder 79.251

Geboren ca. 1470
Overleden na 1526

Kleinkinderen volgens Simon Wierstra's genealogie Van Loo

Kinderen

  1. Catharina, huwt Daniel vander Burght (NL 1919:39, in Embden wonend) (Volgens dossier CBG heet zij Anna of Catharina, en was mogelijk religieuze to zij met dispensatie trouwde met de Vlaamse edelman Daniel vander Burght.)
  2. Kinderen
    1. Armgaerdt van der Borgh, huwt Ameliaen Arents van Bloemendael, secretaris van het Bildt
    2. Maria van der Borgh, huwt Jacques de Blocq, accijnsmeester te Harlingen.
  3. Gerrit Zie 19.812
  4. Sophia (NL 1919:39, in Embden wonend)
  5. Margaretha
  6. Dirk (mogelijk), vermeld in Balen (p. 418) als lid van de Hoge Raad in 1561; hieruit mogelijk de verdere Dordtse Van Loos rond 1600.
  7. N., mogelijk identiek met Willem, zoon van Aelbrecht de Oude; volgens CBG dossier gehuwd met N. Sicleers (?) te Gent.

TerugBegin van generatie


39.626   Dirck van BEEST VAN HEEMSKERK

FamilienaamIndex 39.626Vader 79.252Moeder 79.253

Geboren ca. 1464 (geschat)
Overleden Delft 11-11-1545 bKarthuizerkerk

Raad en schepen van Delft (1508-10), burgemeester (1509-32), thesaurier (1517), weesmeester (1513-33), Jerusalems Heer, ridder van St. Catrijn (Navorscher 1890:121; vgl NL 1930: de toevoeging Van Heemskerk is van later datum). Brouwer, blijkens proces Mechelen in 1532. Behoort tot de mede-aanklager van schout Jan de Huyter in 1522 wegens talloze gevallen van westschending en machtsmisbruik (Navorscher 1924:58ff.)

In een akte van 17-11-1514 vermeld als burgemester, oud 51 jaar (OV 1997:661).

Schölvinck: met andere kerkmeesters van de Nieuwe Kerk in Delft en de gasthuismeesters van het oude gasthuis aangeklaagd in een (appèl)proces (1522-26 voor de Grote Raad in Mechelen) door mr. Gheryt Jorysz van den Bye, die borg srond voor ten onrechte wegens niet betaling van een rente geconfisqueerd land (p. 110). Beroep ongegrond verklaard op 21-5-1530 (p. 254).

Vertegenwwoordigt met Aernt van der Does 'als gemachtigde voogden van hun moeder' zijn moeder Yde, weduwe Dirck Dircksz van Beest, bij het beroep bij de Grote Raad van Mechelen 14-1-1502 (Schölvinck p. 225); beroep van de jonkvrouwe van Nijevelt tegen een vonnis van het Hof van Holland (22-1-1501, HvH inv 1031/116) waarbij Van Beest toegewezen kreeg een eis een rente voor een stuk land in Rijswijk in goudguldens uitgekeerd te krijgen. Het beroep werd ongegrond verklaard.

Aangeklaagd (vonnis 29-7-1532) bij de Grote Raad van Mechelen, met Dirick Jansz, Quirijn Aertsz, Cornelis Aelbrechtsz allen brouwers te Delft, door de weduwe Jaquemijne de Moye en Willem de Wilde en Jeronimus de Moye, voogden van de kinderen van Victor vander Zickele, inzake betaling van de nagelaten boedel van Zickele (Schölvinck p. 258).


Huwt 1509

39.627   Geertruit van DIEMEN

FamilienaamIndex 39.627Vader 79.254Moeder 79.255

Overleden Delft 12-7-1532

Haar kwartieren zijn (blijkbaar) ontleend aan Balen, p. 1037; Margriette wordt hier echter niet genoemd. Van Balen baseert zich weer op een egodocument door een neef van Geertruit, overgedrukt in ANF 1884:142.

Kinderen

  1. Dirck, broeder, karthuizer te Delft (Balen p. 1037)
  2. Vranck (+na 1522), kinderloos
  3. Cornelis, huwt Maria van der Meer, liet kinderen na (vgl Nav. 1897:471ff., 484)
  4. Margriette Zie 19.813
  5. Dirk, vermoedelijk: Quaclappen Hof van Friesland 1527-1620 (Archief Hof van Friesland, quaclappen Toegang 14), uit index (nog niet nagezocht): Dirck van Beest, 3 juli 1565 (inv. nr. 16692 (v/h deel YY6), blad 642).
  6. Pieter, voogd van Margrieta's zoon Jan van Loo in 1563

TerugBegin van generatie


39.628   Cornelis Cornelis Dammasz van der MIJLE

FamilienaamIndex 39.628Vader 79.256Moeder 79.257

Overleden Dordrecht 1539

Schepen (1511) en burgemeester (1521-2, Cornelis van der Mijle heer Cornelis Damasz) van Dordrecht; vgl NL 2001:571; vader van klooster Mariënborn in 1527 (Balen p. 145). Van deels obscure herkomst; zijn zoon claimde adeldom, echter hard bewijs ontbreekt. In tegenstelling tot de populaire opvatting dat zijn zoon Arent de eerste was die de naam Van der Mijle voerde (na de Mijle als huwelijksgift gekregen te hebben) lijkt Balen het naamsgebruik ouder te kunnen maken. Een belening uit 1526 met een twee generaties lang patroniem maakt zijn stamboom in Balens Beschrijving van Dordrecht een stuk aannemelijker. De kwartieren hier gegeven zijn gebaseerd op Balen (p. 922ff.), gecorrigeerd met die beleningen.

Op 29-10-1526 krijgt Cornelis Cornelis Dammaszoonsz. te Dordrecht na verzuim bij dode van Pieter Dammasz (een neef, vermeld 21-9-1487) het recht van visserij en vogelarij in het land van Pieter Dammasz. in het ambacht Oistbarendrecht, binnen- en buitendijks (OV 1978:58).

Kennelijk een lezer, bekende en zelfs vriend van Anna Bijns, die in een van haar gedichten zijn naam als acrostichon verwerkte. De tekst van betreffende gedicht (een advies o.a. als weduwman niet te hertrouwen) uit 1527 suggereert dat Cornelis’ vrouw op dat moment al overleden was. Vgl Judith Keßler (2007).


Huwt

39.629   Hillegont Aernt Willems van KRAAIENSTEIN

FamilienaamIndex 39.629Vader 79.258Moeder 79.259

Geboren ca. 1460
Overleden na 1500


Zij huwt (1) ca. 1490

Jan van SLINGELAND

FamilienaamIndex

Geboren ca. 1455
Overleden Dordrecht 1494

Achtraad en schepen van Dordrecht, eerder gehuwd met Cornelia van Pallaes

Kinderen (van der Mijle)

  1. Arent Zie 19.814
  2. Dammas (+1541), priester en deken van de Grote Kerk, kanunnik in 1535 (Balen p. 88, 923; p. 88: 'zijn vader, oom, broeder en broeders zoon zijn allen in der tijd burgemeesters van Dordrecht'.)
  3. Alida, huwt Marten Screvels, schepen van Dordrecht.

Kinderen (Slingeland)

  1. Cornelia (+20-8-1587), huwt ca. 1515 Joacob Aerts Wenssen (+voor 5-6-1527)
  2. Vroemken (+1521), non in het St Agnietenklooster te Dordrecht (1511)
  3. Maria (+1559), non in het St Aeghtenklooster te Rotterdam (1511)

TerugBegin van generatie


39.630   Jan van ALBLAS

FamilienaamIndex 39.630Vader 79.260Moeder 79.261

Geboren voor 1470
Overleden na 1540, voor 21-11-1541

Ambachtsheer van der Mijl, Dubbeldam en St Anthonispolder, burgemeester van Dordrecht 1524-33, 1535-6, 1538-40 (Batavia Ill 1018, Balen 249). Beleend na overlijden vader in 1496. Burgemeester van Dordrecht in 1541 (OV 1977). Beleend met land te Alblas in 1503-28 (OV 1980: 462), over op dochter Cornelia en zijn schoonzoon na zijn dood (1542), en een tweede stuk van vier morgen, Kemenadeland in Alblas, sinds 1-1-1486 bij overdracht door Jan Jan Halling (Hallincq). Verder (OV 1979: 48) met twee kwart van het leen van Gerard van Muijlwijk, na de dood van zijn broer Adriaan (21-7-1519); na zijn dood op 21-11-1541 overgegeaan op zijn schoonzoon Van der Mijle.


Huwt

39.631   Maria Adriaens de JOODE

FamilienaamIndex 39.631Vader 79.262Moeder 79.263

Geboren ca. 1465
Overleden 1541

Kinderen

  1. Cornelia Zie 19.815
  2. Wilhelmina, huwt ca. 1520 Herman Danielsz Oem
  3. Ermgard (*9-6-1521 +17-2-1576) volgens Balen p. 920, 1133, huwt Dordrecht 6-2-1536 Pieter Jacobsz Muys van Holy (*10-2-1500 +23-11-1569).

TerugBegin van generatie


39.856   Cornelis van STEENHUIJSE

FamilienaamIndex 39.856Vader 79.712Moeder 79.713

Overleden Dordrecht 11-4-1530 bAugustijnenkerk, kapel van Willem van Drenckwaard

Raad van Dordrecht 1525, 1526, schepen 1529.


Huwt

39.857   Cunera DIRCX

FamilienaamIndex 39.857 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Wourick Zie 19.928

TerugBegin van generatie


39.858   Jan Pieter Hendriks van SLINGELAND

FamilienaamIndex 39.858Vader 79.716Moeder 79.717

Overleden Dordrecht x-11-1540

Schepen van Dordrecht 1521, 1529, 1534, 1537, 1538


Huwt 1508

39.859   Maria Simons van CAPELLE

FamilienaamIndex 39.859Vader 79.718Moeder 79.719

Geboren ca. 1488
Overleden Dordrecht 1566

Jonkvrouwe (Joffre) volgens Balen.

Kinderen

  1. Cornelia Zie 19.929
  2. Simon van Cappel Jansz (*x-5-1522 +Dordrecht x-9-1567), houtkoper, raad van Dordrecht; vgl OV 1981:114. De nazaten heten Van Slingeland
  3. Maria (+Dordrecht 1529), huwt 1527 Willem Blasius Boucquet (*1505 +Dordrecht 18-9-1570), muntmeester-generaal van de munt van Dordrecht (1536-1557/8), schepen en burgemeester van Dordrecht, hoogheemraad
  4. Riederwaard; hij huwt (2) 1530 Maria Bol Jacobsdr; huwt (3) Elisabeth Jan Bouwens van den Kerckhoff (+na 1580); vgl Jaarboek CBG 1956:96)

TerugBegin van generatie


39.862   Rochus LAPPAN

FamilienaamIndex 39.862 • Vader onbekend • Moeder onbekend

50ste penning Dordrecht 1580 vermeldt “De weduwe van Dirck Lappan” met noot: ORA Dordrecht inv. 738, f. 37: op 22 sept. 1584 transporteert Neeltgen Roocken, weduwe van Adriaen Aertsz. bakker aan Rochus Cornelisz. Praem, haar zoon, alle rechten, die haar toekomen in het huis van Dirck Rochusz. Lappan, haar broer, staande op het Nieuwe Werck, in welk huis de weduwe van Dirck, genaamd Grietgen Geeritsdr., is overleden. Dat alles zal strekken tot betaling van een somma van 254 gl., die zij van haar zoon Rochus "in heuren noot" heeft geleend.


Huwt

39.863   N.N.

Index 39.863 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. N. Zie 19.931
  2. Dirck Rochusz Lappan (+voor 22-1-1575) huwt Grietgen Geeritsz (+Dordrecht voor 22-9-1584), woonden Dordrecht aan het Nieuwe Werck; nicht Commertje was oomzegster; houtkoper, deken van de St Adrianuskerk in 1556; was familie van, Ghijsbrecht en Batken Danielsdr, die gehuwd was met Hans Zybertsz (vgl. OV 1962:122ff)
  3. Neeltje, huwt (1) Cornelis Praem; hieruit zoon Rochus (*voor 1560); huwt (2) Adriaen Aertsz (+voor 22-9-1584)

TerugBegin van generatie


39.868   Pieter Simons BEAUMONT

FamilienaamIndex 39.868 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1480
Overleden Wateringen voor 1544

Niet meer vermeld in Tiende Penning Wateringen (1543). Leenman van de kerk te Wateringen rond 1500, volgens genealogie Biemond


Huwt

39.869   N.N.

Index 39.869 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Simon Zie 19.934

TerugBegin van generatie


40.384   Jan van ALTFORST

FamilienaamIndex 40.384 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren voor 1485
Overleden Megen voor 1560

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 21 dd 5-1-1540) Coram eisdem is comen GIJSBERT VAN LIENDEN, Rentmeester des lants van Megen, ende heeft van weegen des Greven van Megen, opgedragen ende mits desen scepenen brieff opdreget, CLAESS, JANNEN, GERITKEN, HENRISKEN ende IJKEN, echte kijnderen van GERIT VAN ALTFORST ende HILLEKEN sijnder huijsvrouwen, twe scepenen brieven van Megen ende dinhalt der brieven dair deesen brieff doir is gehangen met een transfexie. Ende Gijsbert van Lienden, Rentmeester, inden naeme ende van weegen des Greven van Megen voirs., heeft halmelick vertegen opte voirs. brieven ende opt inhalt der brieven, dair desen brieff doir is gehangen, tot behoeff Claess, Jannen, Geritken, Henrisken ende IJken voirs. Gelovende Gijsbert van Lienden, Rentmeester, van weegen des Greven van Megen, dit voirs. erve te weiren jair en dach ende ewelick als een vrij erffe, wtgenomen vier voet somerdijcx achter Lijs Airts, anders vrij.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 38 dd 1-11-1540) Wij Willem Seberts ende Herman Botterman, Scepenen, tugen dat voir ons comen is JAN GOESSENS DE AUDE, ende heeft bekent schuldich te sijn, erffelick ende alle jair GERITKEN, HENRISKEN ende IJKEN, echte kijnderen GERITS VAN ALTFORST ende HILLEKEN sijnder huijsvrouwen, eenen gulden, twintich stuver voirden gulden, wair aff den iersten taeldach sijn sal opt Alderheijligen dach nae datum van deesen, ende soe voirt alle jair, wt vierdalff hondt landts gelegen inden MEGENSCHEN MEIR HAM, deen sijde Deen van Deijsen, dander sijde de Heijlige geest, deen eijndt Meester Jan Heijckman, dander eijndt de Heijlige geest, ende voirt wt alles goets dat Jan Goessenss voirs. heeft ende vercrijgen mach, wt te peijnden alle jair gelijck verwonnen schult. Op conditie dat hijt altijt lossen mach met vijffthien gulden ende metten pacht, twintich stuver voir elcken gulden.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 73) Kinderen van Willem Jan Jansz van Altforst (fol 233 dd 3-2-1652) Hendrik Willems van Altforst en Lijsbeth Geurts testeren op de langstlevende; (238 dd 7-4-1652) Lijsbeth Geurts, weduwe, testeert, noemt vijf kinderen:Gerritken (Jenneken?), Geurt (schepen vanaf 1652), Aelken, Jan en Jacob; (fol 253 dd 24-7-1652) erfdeling tussen de kinderen van Hendrik Willems en Lijsbeth Geurts, beiden overleden: Aelke (gehuwd met kapitein Arnt den Heft van Lith), Jenneke (gehuwd met Jan Timmermans Jr), Geurt, Anneke (gehuwd met luitenant Johan Baptist van Rijswijck) en Jan – hele andere namen…

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 66) (124 dd 6 4-9-1575) Zeger van Altforst, priester, zittende in zijn deur en krank van lichaam zijnde, testeert. Legaat van fl 3 aan Claes Goossens zijn zusters man; een rente aan Gerrit van Altforst zijn neef in plaats van Gerrit van Altforst diens vader (Zegers broer dus); deze Gerrit wordt executeur testamentair, belast met het delen van de boedel; een legaat aan de kinderen van Jacob van Altforst zijn broeder; een rente van fl 1.-.- jaarlijks voor zijn neef Gerrit Janszoon van Altforst wonend te Nijmegen; idem aan zijn nicht Iken van Altforst te Antwerpen; dit alles te betalen uit zijn nalatenschap die verder, bij ontbreken van kinderen, vererft 'op het Altforstse geslacht', te weten neven en nichten en hun nazaten.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 67) (222 dd 2-8-1597) Willem Jansz enerzijds, anderzijds Gerrit Gerritsz van Altforst, Lijsken Gerrits van Altforst, ook voor Mariken van Altforst; over de nalatenschap van heer Seger van Altforst die zij als vrienden en magen hebben geërfd.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 66) (89 dd 18-2-1575) de erven Alert Lamberts verkopen aan Aelken van Altforst weduwe Claes Zeberts een schuldbrief met een rente van anderhalve gulden per jaar; (119 dd 26-8-1575) Aelken [Jansdr] van Altforst weduwe Claes Zeberts testeert; legaat van fl 6.-.- aan heer Seger van Altforst haar broer; Janneken Jans van Altforst haar nicht fl. 1.-.-; universele erfgenamen zijn de kinderen van Jan van Altforst haar broer (inclusief Janneken); (282 dd 20-7-1580) Isenbrant Andriess man van Aelken Jans van Altforst, twee schulden aan Jan Wiggers; (330 dd 19-4-1584) Aelken van Altforst weduwe wijlen Isenbrant Andriessen, schuld aan Jan Marcelissen van Hemert

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 66) (267 dd 28-2-1580) Gerritken weduwe Jan van Altforst schuldig aan Jan Henrick Colen een jaarrente; (284 dd 14-2-1581) Gerritje weduwe Jan van Altforst leent van haar broer Gerrit Roelofs te Dennenburgh fl 100.-.- 

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62) (2 dd 8-2-1538) Anna en Lijsken kinderen van Jan vander Altforst en Herman zijn huisvrouw geven Herman van Mameren een jaarrente van fl 1.-.-, te lossen met fl 15.-.-; (22 dd St Simon (?) 1538) Sebert Jansz van Altforst geeft Jan Hendriks de Hardt een jaarrente van fl 3.-.-; (76-7 28-4-1541) Geesken vrouw van Sebert Jans van der Altforst, geeft twee jaarrenten; (95 dd 7-2-1542) Henrick van Hemert Ariensz man van Anna Jans van Altforst verkoopt hooiland aan Sebrecht Willems en Henricxken zijn vrouw; (44 dd x-x-1540) Jan vanden Altforst is schuldig aan Wolter Alaerts fl. 16.-.-; (106 dd 18-3-1542) Henrick van Hemert Ariensz man van Anna Jans vanden Altforst en Hendrick de Becker Hendricks man van Lijsken Jansz vanden Altforst, en hun zwager Jan vanden Altforst; overdracht; (179 dd Allerheiligen 1545) Jan van Altforst Jansz schuldig aan Geurt van Altforst een jaarrente van fl 3.-.-; (266 dd St Bartholomeus 1538) Anna, Lijsken kinderen van Jan van Altforst en Herman zijn huisvrouw dragen over aan Jan (Bosman?) de helft van twee hond land onder Macharen; (266 dd St K...dag 1537) Jan van Altforst verkoopt Pieter van Asperen 17 hond onder Macharen; (276 dd 17-5-1538) Rut van Dijck verkoopt aan Jan van Altforst Jansz de opdrachten die hij van Jan van Gendt heeft gekregen; (277 dd 15-6-1536) Jan van Altforst verkoopt Claes Rutgers schuldbrieven; (277 dd x-x-1537) Claes Rutgers geeft Jan van Altforst opdrachten van Jan van Gendt; (280 dd 26-3-1537) Sebert Jans van der Altforst verkoopt aan Ariaen Henricx van Hemert een hofstede in Macharen; (318 dd 16-6-1537) Sebert Jansz vander Aeltforst peijnt alle landen in het Land van Megen van zijn broeder Jan van Altforst voor fl 8.-.-; (352 dd 4-6-1542) Jan Jansz vander Altforst, Arien van Hemert man van Claesken Jansz, Henrick van Hemert Ariensz man van Anna Jansz, Henrick de Becker Henricksz man van Lijsken Jansz, maken een magescheid over alles wat ze hebben geërfd van hun ouders Jan van Altforst en Henrica (Herman?), en van Arien Jansz van Altforst.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 63) (53 dd 22-4-1550) Claes de Vaen Jacobsz verkoopt aan Jan Jacobsz van Altforst een schuldbrief van Megen; (72 dd 19-5-1551) Gerrit Wolters van Dijck man van Yken Jacobsz van Altforst (sic) verkoopt zijn zwager Claes Jacobs van Altforst een hofstede. Idem et idem Claes gaat de schuur bewonen, zijn zusters Aelken en Lijsken het huis. Idem et idem Claes is schuldig aan Gerrit Wolters een jaarrente van fl 8.-.-; (73 dd 10-3-1551) Jan Jacobsz van Altforst, Claas Jacobs, Gerrit Wolters voor Yken Jacobs, Aelken en Lijsken, nagelaten kinderen van Jacob van Altforst en Gerritken Claes Vossensdr, magescheid.; (114 dd 17-1-1553) Claes Goossens man van Aelken Jacops van Altforst verkoopt aan Joachim Jan Aerts een stuk erf; (135 dd Geertruidendag 1554) Claes Jacobs van Altforst, schuldig aan Alit Jan van Altforst weduwe Claes Seberts fl. 1.10.- (174 dd St Thomas 1555) Claes Goossens man van Aelken Jacobs van Altforst verkoopt aan Claes Jacobs van Altforst een weide; (184 dd 15-3-1556) Gerrit wolters van dijck man van Yken jacobs van altforst, claes goossens als man van aelken jacobs van altforst, geven lijsken van altforst een rentebrief

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 66) (277 dd 9-5-1580) Claes Jacobs [van Altforst] en Kataline zijn huisvrouw testeren; kinderloos; erfenis gaat naar de gerechte erven; zijn neven Willem en Jacob in plaats van hun vader wijlen Jan van Altforst; deel van de nalatenschap is grond die hij verkreeg van heer Zeger van Altforst; (340 dd 8-6-1580) Sebert Ariens en Lijsbeth Jacobs van Altforst testeren.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 66) (6 dd 24-5-1572) Alaert Andriesz man van Jochke (Jutken?) dochter van wijlen Claes van Altforst verkoopt land aan Hendrik Roelofs.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 65) (342 dd 21-6-1569) Janneke dochter wijlen Claes van Altforst stelt in handen van Gerrit van Altforst een halve morgen land voor vier jaar.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 65) (38 dd 3-12-1560) Gerrit Aerts die Raijmaeker, jaarrente van fl 2.-.- aan Geentken weduwe Jacob van Altforst

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 63) (4 dd 6-1-1547) Jan vander Altforst verkoopt Jan Botterman vier morgen land.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 64) (44 dd 22-1-1559) Jan van Altforst schuldig een jaarrente van fl.1.-.- aan Hendrikske Vossen; (71 dd 15-5-1559) Jan vander Altforst geeft een jaarrente aan Hendrick de Valck Gerritsz van een roggemaat; (81 dd 1-8-1559) Jan van Altforst schuldig een jaarrente van fl.1.-.- aan Hendrikske Vossen

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 63)(127 dd Meidag 1553) Jan van Altforst Jansz schuldig aan Gerrit Gerritsz van Altforst een jaarrente van fl 2.-.-; (221 dd 10-12-1548) Hendrick de Becker Hendricksz man van Lysken Jansz vander Altforst verkoopt Jan Jacobsz de helft van zeven morgen land.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 65) (135 dd 6-11-1562) Jan van Altforst is schuldig aan zijn zoon Gerrit Jan van Altforst een jaarlijkse rente van twee brab: gulden. Marge: door Sebert van Altforst aan Gerrit gegeven, 1620; (148 dd 10-1-1563) Gerrit van Altforst als momber en voogd van Gerrit Jans van Altforst verkoopt de nagelaten weduwe van Adriaen van Hemert een halve morgen land; (160 dd 21-3-1563) Diverse Van Hemerts verkopen Gerit van Altforst als voogd van zijn neef Gerrit Jansz een schuldbrief. Bovendien betalen zij fl. 6.-.-; (211 dd 5-11-1564 (geannuleerd 16-1-1671)) Gerrit Jansz van Altforst draagt over aan zijn oom Gerrit van Altforst al wat hij van zijn bestemoeder Hilleken van Altforst heeft geërfd voor de steun die hij heeft gegeven bij Gerrit Jansz trubbelen (…); (311 dd 10-5-1568) Gerrit Jansz van Altforst stelt in handen van Gerrit van Altforst twee morgen land voor twee jaar; (314 dd Pinksteren 1566) Gerrit Jansz van Altforst, schuldig aan Tonis Dircks van Mameren een jaarrente van fl 3.-.- (gelost 1-4-1577); (347 dd 8-6-1569) Gerrit Jansz van Altforst geeft zijn oom Gerrit van Altforst twee schepenbrieven van Megen; (382 dd 16-1-1571) Gerrit Jansz van Altforst verkoopt aan Gerrit van Altforst een weide; (382 dd idem) Gerrit Jansz van Altforst stelt in handen van Gerrit van Altforst twee morgen land voor een jaar; (383 dd idem) Gerrit Jansz van Altforst is door Gerrit van Altforst betaald voor zijn weide; (389 dd 10-2-1571) Gerrit Jansz van Altforst geeft aan Gerrit van Altforst een schepenbrief van Megen met een jaarrente van fl 6.-.-

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 66) (115 dd Lichtmis 1574) Gerrit Jan Marcelissen geeft een rente van fl 2.-.- aan Jan van Altforst; Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 65) (347 dd St Anthonis 1569) Jan Jansz van Altforst betaalt een jaarrente aan Leentken (?) Tonis van fl 1.-.-

Willem Jacobs: Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 67) (104 dd 12-3-1594) Willem Jacobs van Altforst, transporteert land aan Herbert van der Hoeck; (Schepenprotocollen Stad en Land van Megen Toegangsnr 7358; Inv.nr 72 p. 64 dd 29-5-1636) Willem Jacobs van Altforst (*1553) oud ca. 83, legt verklaring af; mogelijk is deze vader van Gerritken Willems van Altforst (legaat in 1636 van Gerrit van Alforst en Mariken Bogaerts) en van (2-12-1641) Hendrik Willems van Altforst, doopt kind in 1631.

Jan van Altforst en nazaten: Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 67) (p 14 dd 10-6-1587) vermeld in een belending de erfgenamen van Jan van Altforst; (p 17 dd 12-9-1587) Geerken (Gerritken) nagelaten weduwe Jan van Altforst testeert: legaat aan dochter Aelken; erfenis te delen tussen haar en haar (ongenoemde) broeder (S?)ebert; (68 dd 31-10-1593) Dierck Ariens als man van Aeltjen Jans van Altforst en Sebert Jansz van Altforst verkopen land; (97-8 dd 20-12-1594) Dierck Ariens als man van Aeltjen Jans van Altforst verkoopt drie stukken land; (178 dd 7-2-1597) Sebert en Aelken Jans van Altforst kinderen van Jan en Gerritken Roelofs, magescheid; t/m p 182 verkopen door Derck Ariens man van Aelken. Eenmalig: Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 67) (327 dd 21-4-1603) Derck Ariens van Lith, man van Willemijn [sic] Jan van Altforst, koopt grond van Peter Jansz van den Heuvell

Sebert Jansz, vermeld Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 67, 283 dd 10-6-1601) sebert jansz van altforst verkoopt land; (Toegangsnr 7358; Inv.nr 69) (47 Allerheiligenavond 1611; 50 dd 10-12-1611; 64 dd 18-7-1612; 239 dd 3-4-1617; 244 dd St Steven 1617; 315 dd 9-3-1620), steeds leningen; Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 70) (p2 dd 11-3-1620; p10 dd Matheus Aposteldag 1620; p17 dd 1622; 93 dd 5-11-1624; 131 kort voor 12-2-1626; 133 dd 16-2-1626); steeds leningen; idem no 71 (p. 66 dd 18-5-1628). In de Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 72) (55-59 dd 4-2-1634 kinderen van Sebert Jansz van Altforst en Margriet N. : Reijntgen met haar man Jan Lambers, Jan, Huijbert en Aeltgen); (141ff dd 17-8-1641) Sebert Jansz van Altforst, schuld van fl 140.-.-; Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr. 7358 ; Inv.nr. 76) Huijbert Seberts van Altforst, H. Geestmeester (p 84 18-7-1669).

Ongeplaatst: Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 (Vermeld 1549 in belendingen:) Hendrik Gerrits van Altforst; (Gesignaleerd in Macharen rond 1549:) Jan en Jan Peters vander Aeltfor[s]t, Herman Hermans vander Aeltfor[s]t; (1544 vermeld in Macharen) Jan en Herman Hermansz van der Aeltforst

Ongeplaatst: Hendrik van Altforst, vader van Guert Hendriks van Altforst,schepen 1653-74, armmeester 1667, huwt (1) Maijken N. (testeren 20-10-1653 ORA Megen 74:30); huwt (2) N.N., eindeloos vaak vermeld in ORA Megen; Jan Hendriks van Altforst (vermeld ORA Megen ORA Megen 74:44 dd 30-5-1654; 77:20 dd 14-2-1676); Jenneke Hendriks van Altforst, gehuwd met Jan Jr Hendriks Timmermans (eindeloos vermeld, o.a. ORA Megen 75:25 dd 8-1-1661; 123 dd 9-7-1664; 76: 164 dd 5-2-1674; 169 dd 26-2-1674)

Ongeplaatst: Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 65) (287 dd 4-1-1566 Besselken van Altforst testeert ten gunste van haar zoon; verdere namen ontbreken.)

Ongeplaatst: Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 74) (fol 200 dd 13-8-1659) Arie (?) Ariens is schuldig aan Gerritken van Altforst huisvrouw van Salemon Robbers een pacht van fl 6.-.-; Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr. 7358 ; Inv.nr. 76) ; (3) Aalbert van Altforst (p 80-81 dd 18-5-1669 leent geld aan Jan Timmermans), Jacob en Jenneke van Altforst;


Huwt voor 1495

40.385   Hilleken van ALTFORST

FamilienaamIndex 40.385 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Megen voor 1562

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 65) (178-181 dd St Joannes Evangelist 1562) Gerrit Gerritsz van Altforst en heer Zeger van Altforst voogden van de nagelaten kinderen van Claes van Altforst en Geritken zijn vrouw, en Thomas van Mameren in naam van Gerrit Jansz van Altforst, allen erfgenamen van Hilleken van Altforst, verdelen de nalatenschap van Hilleken; (211 dd 5-11-1564 (geannuleerd 16-1-1671)) Gerrit Jansz van Altforst draagt over aan zijn oom Gerrit van Altforst al wat hij van zijn bestemoeder Hilleken van Altforst heeft geërfd voor de steun die hij heeft gegeven bij Gerrit Jansz trubbelen (…).

Kinderen

  1. Gerrit Zie 20.192
  2. Heer Zeger (+Megen kort na 4-9-1575)
  3. Jacob (*voor 1495 +voor 1560), huwt (1) Gerritken Claes Vossensdr; huwt (2) voor 1553 Geentken (Geesken) N.
  4. Kinderen
    1. Jan, schepen in 1551-2; huwt Anna Willem Marcelis, zus van Gerrit (vermeld ORA 1547)
    2. Claes, huwt Kataline N., kinderloos
    3. Yken, huwt Gerrit Wolters van Dijck, broer van Willem Wolter van Dijksz man van Yken Gerrit van Altforst
    4. Aelken, huwt Claes Goossens
    5. Lijsbeth, huwt Sebert Ariens
    6. Willem (*1553)
    7. Hendriksken, vermeld 1540
    8. Yken, vermeld 1540
  5. Aelke (Alit Jan), huwt (1) Claes Zeberts; huwt (2) voor 1580 Isenbrant Andriesz (+tussen 1580 en 1584)
  6. Jan (+Megen 1562), huwt (1) Herman of Henrica N.; huwt (2) Gerritke Roelofs (+na 1581)
  7. Kinderen
    1. Gerrit, aanvankelijk te Megen, in 1575 Nijmegen (Gerrit Gerritsz was zijn voogd)
    2. (vermoedelijk van Jan) Iken, te Antwerpen
    3. Janneke
    4. Willem; Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 67) (254 dd 22-1-1600 Willem Jansz van Altforst verkoopt vier morgen land; (289 dd 5-5-1600) willem jansz van altforst verkoopt een halve kamp bij opbod
    5. Jacob
    6. (uit 1) Jan, vermeld 1574, 1569; schepen 1544
    7. Sebert (verm. 1538), huwt Geesken N.; grootouders van een gelijknamige Sebert (+voor 26-9-1631), huwt Margriet N., ouders van Reijntgen (gehuwd met Jan Lambers), Jan, Huijbert en Aeltgen
    8. Aelken, huwt Dierck Ariens van Lith
    9. Neleken, huwt Derck Mathijs: Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 67) (262 dd 23-6-1600) Derck mathijs man van neleken jan van altforst, leent geld
    10. (uit 1) Lijsbeth, huwt Hendrick de Becker Hendricksz
    11. (uit 1) Anna, huwt Henrick van Hemert Ariensz
    12. (uit 1) Claesken, huwt Arien van Hemert
    13. (uit 1) Arien (+voor 1542)
  8. Claes, huwt Gerritken N.
  9. Kinderen
    1. Jutken, huwt Alert Andriesz
    2. Janneke

TerugBegin van generatie


40.386   Gerrit van MAMEREN

FamilienaamIndex 40.386 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden na 8-9-1525, voor 10-3-1536

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 Fol 46v dd. 8-9-1525 vidimus; 9-1-1542 no 217) Wij Gerit Jan Roeloffs ende Herman Botterman Janss, Scepenen tugen dat wij datum ondergescreven, gesien, gevisiteert ende hoiren leesen hebben eenen scepenen brieff van Megen, bezegelt metten gemeijnen scependoms zegel van Megen, ongecancelleert als scheen, inhaldende van woirt te woirt als hier nae volght. Wij Dirick de Cock ende Jan Mercelis, Scepenen tot Megen, tugen dat voir ons comen is HENRICK HENRICXZ. ALIAS VAN HEMERT genoempt, en bekent schuldich te sijn alle jair GERIT VAN MAMEREN, twe gulden, gerekent twintich stuver voirden gulden, wt allen alsulcken erven en renten als MARIA sijn suster had liggen ende ruerende inden lande van MEGEN. Welcken erven en renten hier nae staen genoempt, dair Maria voirs. hoir gedeelten heeft aff gegeven in scepenen brieven, hoiren bmer Henrick voirs., als van eenen mergen landts gelegen opten ROEIJWEERT, noch een erff geheijten WILLEM MORREN HOFF, noch twe hont lants inden OVERSINGEL, binnen MEGEN, noch jairlicx twe golt gulden aen Willem Snavel, dair aff den iersten taeldach sijn sal op onser Vrouwen Nativitate nae datum van deesen brieff, en soe voirt alle jair, en Gerit voirs. mach alle jair wtpeijnden die voirs. twe gulden aen die voirs. erve ende renten als aen Maria voirs. gedeelten die sij hoiren bruer Henrick voirs. heeft gegeven, en voirt aen alle gueden, reede en erven als Henrick voirs. heeft liggen en ruerende inden lande van Megen.(…)

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62) (21 dd St Martinus 1538) Henrick Henrick Jacobsz geeft een jaarrente aan Gerrit Gerritsz van Mameren fl 1.-.-; (194 dd 28-10-1546) Jan Claes Willemsz man van Mechtelt Gerrits van Mameren, verkoopt grond; (68 dd 6-5-1540) Hadewich van Mameren kwijt Gerritken weduwe Jacob van Altforst van een jaarrente van fl 2.-.- die Jacob en Gerrit van Altforst schuldig waren aan Gerrit van Mameren; (128 dd 28-11-1542) Hadewich weduwe Gerrit van Mameren machtigt Ariaen van Mameren, Gijsbert van Mameren, Roelof Gerrits, Joachim Jan Aerts en Thomas Dircks van Mameren, al haar goederen te beheren; (128-30 dd (onleesbaar) 1543) Gerrit van Mameren Gerritsz, ziek, testeert; (166-7 dd 14-4-1545) Gijsbert [Gerritsz] van Mameren. Thomas Dircks van Mameren, voor Hadewich weduwe Gerrit van Mameren, peijnding van vijf wanbetalers; (171 dd 29-4-1545) Gijsbert van Mameren. Thomas Dircks van Mameren, voor Hadewich weduwe Gerrit van Mameren en zijn kinderen, verkopen land; (232 dd St Matheus 1547) Jan Claes Willem man van Mechtelt Gerrit van Mameren als erfgenaam van Hadewich van Mameren verkoopt aan Thomas Dirks van Mameren zijn neef.

(6-10-1543) Inden naeme ons Lieffs Heeren Jesu Christi, amen, kennelick sij eenen ijegelijcken, dat inden jaire ons Heeren XVc XLIII, den sesten dach Octobris, omtrent ten drie uren nae middach, heeft gemact ende geordineert GOIRT VAN MAMEREN GERITSS, cranck weesende van lichaem, nochtans goet van verstandt als scheen, sijn testament ende wterste wille in maeten hier nae volgende. Inden iersten mact hij Godt van hemelrijcke, Marien sijnder gebenedider liever moeder, ende allen lieven Godts heijligen, sijn ziel, naedemael sij van sijnen lichaem gescheijden sijn sal, ende sijnen lichaem te bestaeden opten kerckhoff tot Megen, voirts mact hij onsen oversten patroen St. Lambrecht tot Luijdick twe stuver, St. Servaes onsen patroen tot Megen twintich stuver, onse lieve vrouwe inde kerck tot Megen twintich stuver, St. Anna twintich stuver, St. Catherijn ende St. Barbara thien stuver, St. Anthonis inder capellen twintich stuver, allet voirs. eens te geven nae sijn doot, voirt mact hij den armen om goedts wil alle jair op sijn jairgetijt te spijnden, anderhalff malder weijts, duerende eenen tijt van tweenveertich jaren, ende dat van ende wt deese jairrenten hier nae bescreven, inden iersten wt drie gulden jairlicx losgoets die Henrick van Hemerts erffgen. hem jairlicx geldende sijn, noch wt twe gulden jairlicx die Jan Jacops tot Macharen hem geldende is, noch wt eenen gulden die Henrick Ruelen hem geldende is, noch wt eenen gulden die Ariaen Janss van Hemert hem jairlicx geldende is, noch mact hij negen rechte huijsermen op sijn jairgetijt jairlicx soe lang als de spijndt dueren sal, een loffbaer maeltijt, te geven bij sijnen erffgen., ende die ter taffelen te dienen, ende dair voir sullen de voirs. erffgen. bueren alle jair eenen gulden aen Herman de Valck te Macharen, duerende den voirs. jairen, allet lossgoet nae inhalt der brieven dair aff gemact. Ende mact, ende wil Goert testament maker voirs., dat sijn rechte erffgen. de voirs. spijndt ende den armen de maeltijt jairlicx alsoe doen, ende de voirs. renten bueren, ende ingevalle enighe van sijnen erffgen. dair inne gebreeckelick weir, ende dese spijndt ende maeltijt nijet mede en hulp doen alle jair gelijck voirs., soe sullen de willighe de voirs. spijndt ende maeltijt doen, ende de voirs. rente dair voir bueren ende manen ter tijt dair die onwillighe dair weer hulp toe doen, ende als de voirs. jairen omgaen sijn, sullen de voirs. sijne rechte erven de voirs. renten dair in teijnden gelijck deijlen ende hebben, soe nae recht behoirt, ende off geboirden dat sijn erffgen. voirs. deese spijndt ende maeltijt gelijck voirs. alsoe jairlicx nijet en deeden, mact ende wil Goert testament maker voirs., dat de Kerckmeesters die nu sijn, off naemaels sijn, de voirs. spijndt ende maeltijt doen sullen, ende dair voir de voirs. rente tot behoeff der kerck bueren, sonder becroen off tegenseggen sijnen erffgen., ende off de voirs. renten aen hon affgeleet worden, sullen de selve weir beleggen ende die pachten dair aff bueren, ende de spijndt ende maeltijt doen gelijck voirs., ende de voirs. jaeren omgaen sijnde, de voirs. renten te comen op sijn rechten erven, ende off enighe van deesen jairrenten hier en binnen gelost worden, wil Goert ende beveelt sijnen rechten erffgen. dat sij die voirs. penningen wederom beleggen sullen, dairt nut ende oirbair sijn sal tot onderhalt ende hulp der voirs. spijnden ende maeltijt, voirt alsulcke drie gulden als Claes Rutgerss tot Macharen hem testament maker geldende is, begeert hij dat Claes die ierst daechs wtleg ende loss, ende mact ende wil Goirt dat sijn erffgen. die voirs. geheele somme den rechten huijsarmen die om Goedts wille deijlen, elck nae dat hem van noot ende best bestaijt aen is, aen broot te spijnden in drie termijnen binnen jairs, noch mact hij den armen om Godts wille te geven op sijn begraveninghe een mud weijts, ende op sijn wtvairt drie malder, voirt wil ende begeert Goirt voirs. dat sijn rechte erffgen. hem nae sullen doen doen, sijn begravinghe, bogenckenisse ende kercken rechten, soe dat behoirt. Ende voirt wes goets hij vorder achter laeten sal, begeert ende wil Goirt dat sijn rechte erffgen. deijlen sullen minnelick ende vriendelick, soe dat naeder stadt ende lantrechte van Megen behoirt, voirt mact hij GIJSBERT, sijnen brueder, om sunderlinge saken hem dair toe moverende, sijn aengedeelt van peerden, van wagen, van ploech, ende sijn holtwass die nu knootbair is, nu eens te knooten, voirt kiest hij tot executoers om allet dit voirs. te volbrengen ende geeft hem dair volcomen macht toe, ARIAEN, sijnen brueder, GIJSBERDEN, sijnen brueder, ende ROELOFF GERITSS, sijnen swager, ende begeert aen hon sij hier inne het beste doen willen om tselve alsoe gelijck voirs. is te volbrengen. Ende seeght Goirt, testament maker, voirs. dit te weesen sijnen wtersten ende lesten wille, ende wil ende begeert dit alsdan volbracht te worden, sonder argelist, beheltelijcken dat hij dat noch minderen off meerderen mach, soe hem dit gelieffven sal, ende dit voirs. is geschiet ten huijse HADEWICH weduwe GERITS VAN MAMEREN, sijnder moeder, in bijweesen ende met consent sijnder moeder voirs., Ariaens sijns brueders, Gijsberts sijns brueders, Roeloff Gerits sijns swagers, HILLEKENS sijns susters, ende METKEN sijns susters, ende in bijweesen Gerit Voet Airtss ende Sebert Claess, als Scepenen dair toe geroepen. Ende is Goirt voirs. hier op gestorven. In orconde der wairheijt sgeens voirs. is, soe hebben wij Scepens voirs. met onsen medescepenen van Megen, onsen gemeijnen scependoms zegel aen dit testament gehangen op datum als boven.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 63) (32 dd 13-3-1549 Jan Claesz man van Mechteld Gerrits van Mameren verkoopt aan Joachim Jan Aertsz een weide die zijn vrouw van (Hael)wich weduwe Gerrit van Mameren had gekregen; (36 dd 10-10-1547) Arien van Mameren Geritsz, Thomas Jan Gerritsz en Gerrit Jan Gerritsz als man van Geritken (?) Dircksdr van Mameren en Mechtelt zijn huisvrouw, verkopen aan Gijsbert Gerritsz van Mameren hun ddelen in een huis en hofstede; (77 dd St Anthonisdag 1551) Berent Hendriks schuldig aan de erven van Geurt van Mameren fl 1.-.- jaarrente.; (78 dd 12-8-1550) Arien Gerrits van Mameren, schepen, en Gerrit Roelofs man van Aelken Gerrits van Mameren verkopen Thomas Dircks van Mameren een sachuldbrief;

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 65 fol 52 5-5-1558 (sic, tussen akten uit 1561)) Margriet natuurlijke dochter Arien van Mameren is overleden zonder kinderen; volgens recht van Megen vervalt nu al haar bezit aan de graaf van Megen; drost Michiel van Eijck verkoopt nu publiek haar bezit aan Reijnder Aerts, man van Margriet voornoemd.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 65) (116-121 dd 31-3-1572) Magescheid tussen Hilleke dochter Gerrit van Maemeren weduwe zaliger Joachim Jan Aertsse van Dijck, vergezeld van Gerrit van Altforst haar zoon, en Jan Aertse met Alit weduwe Adriaen van Hemert dochter Jan Aertse, Jan Roelofs man van Gerritken dochter Jan Aertsen, broeders en zusters en gerechte erfgenamen van Joachim); (128 dd 2-6-1571) Dirc Hermans, Jan Hendriks man van Lijsbeth Hermans, erven van wijlen Heer Willem Hermans, priester; met consent van Joachim Jans van Dijck en Tomas Gerrits van Mameren, toenmalige H. Geestmeesters, verkopen Hr Antonis Berntss, priester, een huis en hof in Megen.


Huwt voor 1505

40.387   Haelwich N.

Index 40.387 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Megen tussen 29-4-1545 en 17-1-1547

(1-2-1538) Wij Jan Berwer ende Peter Voet Janss, Scepenen tot Megen, tugen dat voir ons comen sijn ANNA ende LIJSKEN, echte kijnderen JAN VANDER AELSFORT ende HERMAN sijnder huijsvrouwen, ende hebben tsamenlijcken ende een voir al bekent schuldich te sijn erffelick ende alle jair HADEWICH VAN MAMEREN, eenen gulden, gerekent twintich stuver loopens gelts voirden gulden, wair aff den iersten taeldach sijn sal over een jair nae datum van deesen, ende soe voirt alle jair, wt eenen acker landts gelegen inder parochie van MACHAREN, geheijten WIJERS HOFF, deen sijde Lijs weduwe Jans vanden Bogart ende hoiren kijnderen, dander sijde Jan Botterman, deen eijndt de kerck van Macharen, dander eijndt Dirick Alairtss. Ende voirt wt alles goets dat de voirs. Anna ende Lijsken hebben ende vercrijgen moegen. Wt te speijnen alle jair gelijck verwonnen schult. Actum achtendertich, den iersten dach februarij. Eorum is comen HADEWICH voirs. ende bekent den voirs. ANNA ende LIJSKEN eenen ewigen loss vanden voirs. jairgulden, alsoe dat sijt altijt lossen moegen met vijffthien gulden ende metten pacht, gerekent twintich stuver loopens gelts voir elcken gulden.

(14-11-1539) Wij Willem Sebertss ende Lenairt Henricxz., Scepenen, tugen dat voir ons comen is HADEWICH weduwe GERITS VAN MAMEREN, ende is gegaen op Sheeren staet, ongehauden ende ongebonden, ende heeft mechtich gemact ende mits deesen brieff mact mechtich, AIRDEN, GOIRDEN ende GIJSSEN, hoeren drie soenen, ende elcken van hon besunder, hoir jairrenten te manen, te heffen, te bueren ende mit recht te vervarden indien des noot is, gelijck ende in alder manieren off sijt selver deede, nijet dair in wtgescheijden, ende dit al tot hoiren wederseggen. Ende oft geviel Hadewich voirs. afflijvich wordt ende nijet en hadt wederseet, soe en sal deesen brieff doot, te nijet ende van geender weirden sijn. Actum anno XXXIX, den XIIIIen novembris. Coram eisdem is comen HADEWICH voirs., gaende ende staende als voirs. ende mact ende geeft mits deesen, GOIRDEN hoiren soen alles geens hij bij hoir gewonnen ende verworven heeft, ende noch bij hoir winnen ende verwerven mach voir sijn verdient loon ende menigen trouwen dienst hij hoir gedaen heeft, allet sonder wederseggen ende sonder argelist. Actum ut supra.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 22 no 103 dd 20-1-1540) Wij Sebert Claess ende Willem Sebertss, Scepenen, tugen dat voir ons comen is HERMAN DE VALCK, ende heeft bekent schuldich te sijn, erffelick ende alle jair HADEWICH weduwe GERITS VAN MAMEREN, eenen gulden, twintich stuver brabants voirden gulden, wair aff den iersten taeldach sijn sal op Lichtmis dach alsmen scrijven sal XVc eenenveertich, ende soe voirt alle jair, wt een stuck erffs gelegen inder parochie van MACHAREN, geheijten DIE HUIJSSELEN, deen sijde ende deen eijndt de kerck van Macharen, dander sijde de Heijlige geest, dander eijndt Alairt Geritss, ende voirt wt alles goits dat Herman voirs. heeft ende vercrijgen mach, wt te peijnden alle jair gelijck verwonnen schult. Op conditie dat Herman voirs. dat altijt lossen mach met vijffthien gulden ende metten pacht, twintich stuver brabants voir elcken gulden.

(68 dd 6-5-1540) Wij Sebert Claes ende Goirt van Mameren, Scepenen, tugen dat voir ons comen is HADEWICH VAN MAMEREN, ende heeft bekent voir hoir ende hoiren erven, dat GEERTKEN weduwe JACOPS VAN ALTFORST, aen hoir wtgeleet ende gequeten heeft eenen gulden jairlicx vanden twe guldens, die JACOP VAN ALTFORST ende GERIT VAN ALTFORST tsamen schade gewonnen hadden aen GERIT VAN MAMEREN, nae inhalt een scepenen brieffs dair aff gemact. Actum anno XL, den VIen dach van meij.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 128 dd 28-11-1543) Hadewich weduwe Gerrit van Mameren machtigt... etc

(17-1-1547) Wij Sebert Claess ende Joachim Jan Aertss, Scepenen, tugen dat voir ons comen is GOERT JAN GOIRTSS als man ende mombair GERITKEN DIRICK VAN MAMERENS dochter, sijnder huijsvrouwen, ende heeft erffelijcken vercoft GIJSBERDEN VAN MAMEREN GERITSS, een schair weijen, off soe groot ende cleijn als hem die toegedeijlt is van weegen sijnder huijsvrouwen voirs., vanden versterff HADEWICHS weduwe GERITS VAN MAMEREN, opte SCHEELE genoempt, gelegen noch ongescheijden ende ongedeijlt, met sijn toebehoirt van holtwas, aenwas ende anders, ende metten auden commer dair met recht op staende ende wtgaende, welcke Scheele gelegen is metter eender sijden beneven de Veirstraet, metter andere sijde beneven erve Herman Bottermans ende den nakijnderen Jans de Ruijters ende der stadt cuijlen, streckende metten eenen eijnde vander gemeijnt tot inde Maze aldair. Ende Goirt voirs. heeft die voirs. schairweijen Gijsberden voirs. voir opgedragen ende nae halmelick dair op vertegen etc. Gelovende Goirt voirs. op hem ende op alle sijn goit, etc., alle commer van weegen sijns ende sijnder huijsvrouwen voirs. aff te doen. Actum anno XLVII, op St. Anthonis dach.

(21-9-1547) Wij Bartholomeus van Keeken ende Jan van Lent Goessenss de jonge, Scepenen, tugen dat voir ons comen is METKEN AERT DE COCXdochter, naegelaeten weduwe JACOP HERMAN BEUTKENSS als voir hoir selven, ende alnoch van weegen hoiren kijnderen die sij heeft bij Jacoppen voirs., ende het kijnt dat sij noch dragende is vanden selven Jacop zaliger, als een mede erffgenaem, te weeten een sevende man van HADEWICH VAN MAMEREN zaliger, hoir aude moeder, ende heeft erffelijcken opgedragen ende mits deesen scepenen brieff opdreget JOACHIM JAN AERTSS, hoir aengedeelt ende aenpaert van eenen scepenen brieff van Megen van twe golde Rijnssche gulden tsiaers, als WOUTER JANSS gevest heeft eertijts GERIT DIRICXZ, noch van drie golden Overlensche kuervorsters Rijnssche gulden tsiaers, ende noch van vijff gauwen Rijnssche gulden tsiaers als JAN WOLTERSS gevest heeft den voirs. Gerit Diricxz, noch van vijff Rijnssgulden die Jan Wolterss voirs. gevest heeft MECHTELT VAN MAMEREN, allet nae dinhalt der scepenen brieven dair aff sijnde, noch van eenen malder roggen jaerlicx als HENRICK HELKENSS gevest heeft den voirs. Gerit Diricxz, noch van eenen malder roggen als AERT DE CAEL den voirs. Gerit Diricxz gevest heeft, noch van eenen gulden jaerlicx als FAES ROBBEN, GOIRDEN VAN MAMEREN gevest heeft, noch hon aengedeelt van twe gulden jairlicx als HENRICK DE HAIRDT, de erffgenamen HADEWIGEN weduwe GERITS VAN MAMEREN geldende is, noch hon aengedeelt van thien stuver jairlicx als CATHERIJN GREMMEN den voirs. erffgen. geldende is, van allet voirs. hoir aengedeelt. Ende Metken voirs. van weegen als voirs. heeft halmelick vertegen opte voirs. brieven ende opt inhalt der selver ende opte voirs. renten op hoir ende hoiren kijnderen aengedeelt, tot behoeff Joachims voirs., gelovende Metken voirs. op hoir ende op alle hoire gueden, alle commer van hoiren tweegen en van hoir mans zaliger weegen dair inne aff te doen. Gelovende noch Metken voirs. op hoir ende hoere gueden, hebbende ende vercrijgende, dat sij hoir kijnder voirs. dair toe vermoegen sal, als sij tot hoiren mundigen daghen gecomen sullen sijn, dat sij de voirs. Joachim, de voirs. hon aengedeelten dan selffs vesten ende vertichenisse op doen sullen, allet sonder argelist. Actum op St. Matheeus dach anno XLVII. Coram eisden Scabinis is comen JOACHIM voirs., ende heeft erffelijcken vercoft METKENEN ende hoiren kijnderen voirs., het sevende deel van eenen hoff gelegen inder prochie van MEGEN buijten de BOSPOORT, deen sijde ende deen eijndt het Eijckelken, dander sijde Henrick van Gendt, dander eijndt Gerit de Raijmaker. Ende Joachim voirs. heeft halmeiiele dair op vertegen tot behoeff Metkens ende hoiren kijnderen, gelovende Joachim voirs. op hem ende op allen sijn goet, hebbende ende vercrijgende, het voirs. sevende gedeelt vanden voirs. hoff te weren vrij, wtgenoemen sijn aengedeelt vanden jairgetijden die dair wt gaen ende weteringe met recht. Actum ut supra.

Kinderen

  1. Hilleke Zie 20.193
  2. Thomas, in 1571 H. Geestmeester.
  3. Mechteld, huwt Jan Claes Willemszsz
  4. Arien, schepen in o.a. 1548-51; had een relatie met N.N.; huwt Lijsbeth Sebert Berwers (vermeld ORA Megen 9-10-1540)
  5. Kinderen
    1. Margriet (+1558), natuurlijke dochter, huwt Reijnder Aerts, kinderloos.
  6. Gijsbert, huwt Beelen Roelof Gerrits (vermeld ORA Megen 25-4-1540)
  7. Dirck (+voot 1547), huwt N.N.
  8. Kinderen
    1. Thomas
    2. Gerritke huwt Goert Jan Goirtsz
    3. Jan, vermeld ORA Megen 14-4-1544
  9. Aelken, huwt Gerrit Roelofs
  10. Gerrit (Goert), testeert 6-10-1543 (ORA Megen 62:64v); schepen van Megen en Macharen 1535-43, heiligegeestmeester

TerugBegin van generatie


40.390   Jan de RUIJTER

FamilienaamIndex 40.390 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Megen voor 1536

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62) (96-97 dd 10-3-1536 (?)) Hendrick de Ruijter Jansz, Jan Hendriks als man van Lijsken Jansz, voorkinderen van Jan de Ruijter en Maria zijn eerste vrouw enerzijds; anderzijds Metken Dircks van Hemert zijn navrouw (en weduwe) met Dirck van Hemert haar vader en Hendrik van Hemert haar broer voor de (ongenoemde) nakinderen, maken een scheiding

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 Fol 8 no 30 dd 1538) Wij Meester Henrick van Zwol ende Willem Sebertss, Scepenen van Megen, tugen dat voir ons comen is HENRICK JANSS DE RUIJTER ende heeft wederseeght ende wedersproecken alle alsucke brieven als dair hij ende sijn huijsvrou malcanderen inne gemechticht hebben ende heeft voirt gemact indien hij afflijvich wordt sonder achter de laeten wittachtige gebuerte van kijnderen, dat dan alle sijn goet dat hij nae laeten sal erven sal op Lijsken sijn echte suster ende hoiren kijnderen die sij heeft bij Jan Henricxz hoiren echten man. Ende dit al tot sijnen wederseggen.

ORA Megen (62:37v no 182 dd 24-5-1541) Voirden selven Scepenen sijn comen LIJSKEN WILLEM WIGGERS dochter, naegelaten weduwe HENRICX DE RUIJTER, ende JAN JANSS DE RUIJTER als mombair JENNEKEN HENRICK DE RUIJTERS dochter, verwect bij Lijskenen voirs., ende hebben bekent schuldich te sijn, erffelick ende alle jair JANNEN SEBERT CLAESS, eenen gulden, twintich stuver voirden gulden, wair aff den iersten taeldach sijn sal opten vierden dach van meert nae datum van deesen, ende soe voirt alle jair, wt huijs ende hoff dair Lijsken voirs. woent, deen sijde ende deen eijndt de gemeijn straet, dander sijde Goessen Jan Goessenss, dander eijndt de Weem ende Cornelis Roeloffs met sijnen susteren ende broeders, ende voirt wt alles goits dat Lijsken ende hoir dochter voirs. hebben ende vercrijgen moegen, wt te peijnden alle jair gelijck verwonnen schult. Op conditie dat Lijsken ende hoir dochter voirs. den voirs. jairgulden altijt lossen moegen met vijffthien gulden ende metten pacht, twintich stuver voirden gulden.


Huwt (1) voor 1515

40.391   Maria N.

Index 40.391 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden voor 1536


Huwt (2)

Metken Dircks van HEMERT

FamilienaamIndex

(inv no 62 Fol 48v dd 10-3-1536) Wij Sebert Claess ende Peter Voet, Scepenen tot Megen, tugen dat voir ons comen sijn HENRICK DE RUIJTER JANSS ende JAN HENRICKSS als man ende mombair LIJSKEN JANS DE RUIJTERS dochter, sijnder huijsvrou, echte voirkijnderen JANS DE RUIJTER ende MARIA sijnder vorste echte huisvrouwen, ter eender, ende METKEN DIRICK VAN HEMERTS dochter, echte nae wijff geweest is Jans de Ruijters voirs., als voir hoir selven, met DIRICKEN VAN HEMERT hoiren vader, ende HENRICKEN VAN HEMERT hoiren brueder, als van weegen ende inden naeme JANS, GERITKENS ende OTKENS, echte naekijnderen Jans de Ruijters ende Metkens tsamen verwect, ter andere sijden, ende hebben eendrechtelijcken erffelijcken gescheijden ende gedeijlt, ende mits deesen tegenwoirdigen maechgescheijt, scheijden ende deijlen, alle alsulcke erven ende gueden als dair inne bestorven is Jan de Ruijter ende Maria sijn vorste huijsvrou zaliger gedechten, ende alsulcke gueden als Jan de Ruijter ende Metken voirs. tsamen gehadt hebben in manieren hier nae volgende. Soe is inden iersten Henricken ende Jannen voirs. toegedeijlt ende te deel gevallen voir Maria hoir moeders versterff, inden Camp, het vierde deel vanden camp naest Jan de Smits aen, ende het vierde deel van elff hondt lants off dair ontrent opten LIJM, naest Henrick Berwers aen, ende het vierde deel inde hoffstadt dair Jan de Ruijter ende Maria te woenen pleegen binnen MEGEN. aen Willem Wolters erffgen. eenen gulden jairlicx, aen Jan Hermans eenen gulden, twe gulden jairlicx aen Alairt Bernts. Is noch den voirs. Henricken ende Jannen toegedeijlt ende te deel gevallen van Jans de Ruijter, hons vaders versterff, het vijffte deel vanden anderen drie vierendeelen inde voirs. camp naest hon vierdedeel voirs. aen, ende opten Lijm oeck het vijffte deel vanden anderen drie vierendeelen, oeck naest hon vierdedeel voirs. aen, ende noch het vijffte deel van dander drie vierendeelen inder hoffstadt voirs. ende het vijffte deel vanden huijs, noch bijden een stucxken achter DE DUIJNEN, gecoft van Claes Willemss, deen sijde Jan Voet, dander sijde Ulandt de Cock, noch eenen hoff buijten de BOSPORT, deen sij Hadewich van Mameren, dander sijde Bruijn van Groeningen, noch vier gulden jairlicx vanden thien gulden jairlicx die Jan Airtss jairlicx gelt, noch aen Jan vander Aelsfort drie gulden jairlicx, ende aen Dirick Moest eenen gulden jairlicx. Item Jannen, Geritken ende Otken voirs.1 is toegedeelt ende te deel gevallen voir hans vaders versterff, hons kijnts gedeelt inden voirs. camp, te weeten mit Henricken ende Jannen voirs. de helft vanden drie vierendelen, insgelijcx oeck inden Lijm ende in huijs ende hoffstadt voirs., noch sestalff hondt landts off dair ontrent opten DUCK ACKER, ende dordalff hont min een halff vierdelhonts inden MER HAM, naest den GROENENWECH aen, ende noch hon kijnts gedeelt inde BULACKER, ende inden hoff buijten de HAMPOORT, gecomen van Mercelis Pieck, noch sess gulden jairlicx inden brieff van thien gulden jairlicx inden brieff van Jan Airtss, noch vier gulden jairlicx aen Gerit Ceelen erffgen., noch twe gulden jairlicx aen Airt Claess, noch elfftenhalven stuver van sevenentwintichstenhalven stuver off dair ontrent jairlicx aen Pauwels Lucass. Item Metken echte naewijff Jans de Ruijter voirs. is te deel gevallen, dander helft vanden drie vierendelen inde voirs. camp, insgelijcx oeck inden Lijm ende inde hoffstadt voirs., ende het halff huijs ende berch, noch een stuck erffs geheijten COENEN KEMPKEN, noch den hoff gecomen van Gerit Ceelen bij Willem Seberts, noch dordalff hondt ende een halff vierdel honts inden NEER HAM, ende de helft vanden Bullicken ende hoff buijten de Hampoort met twe kijnts gedeelten, noch thien gulden jairlicx aen Henrick van Gendt, noch drie gulden tot Berchen, twe gulden aen Jan Hessels erffgen., twe gulden aen Rover Claess, eenen gulden aen Willem Iookers erffgen., aen Airt Claess eenen gulden, ende aen Pauwels Lucass de voirs. sevenentwintichstenhalven stuver, wtgenomen de elfftenhalven stuver den voirs. kijnderen toegedeijlt. Item Henrick ende Jan sullen gelden wt hon gedeelt, wtten camp hon aengedelt vanden mergen gelt, ende wtten Lijm hon aengedelt van drie pandt jairlicx ten Bossche aenden Gasthuijs, ende wtten stucxken achter de Duijnen het mergen gelt ende somerdijck, ende wtten hoff buijten de Bospoort twelff stuver totter memorie Jans de Ruijters, Maria sijnder vorster huijsvrouwen ende Metkens voirs. Item Jan, Geritken ende Otken sullen oeck gelden hon aengedeelten vanden commer wt hon gedeelten gaende, ende Metken sal gelden den commer die met recht wt hoir gedeelten geet, ende den dijck die tot elcx gedeelt steen sal elck dair op hauden. Ende die voirs. Henrick, Jan, Metken, Dirick ende Henrick voirs. hebben eendrechtelijcken gegeven ende gemact der kercken tot Megen, om Godts wil een hooffken geheijten COENEN HOOFFKEN, gelegen bijden CORPEL, metten commer die wt geet ende op steet. Item Metken voirs. sal noch dragen ende gilden Henrick ende Jans voirs. aenpaert van alsulcke achtenhalven stuver als sij onder hon geldende sijn jairlicx van eenen brieff van sess gulden jairlicx die Gerit Celen erffgen. geldende sijn aender Claren clooster tsHertogen bossche, noch hoir aenpaert van het achte gedeelt van eenen gauwen peter jairlicx als de voirs. erffgen. geldende sijn aen Henneken Zeeben ende Willem Sebertss, alsoe dat Henrick ende Jan voirs. dair aff schaij noch hijnder gecrijgen en sullen, nu noch tot genen dagen, ende sullen sij partijen voirs. hier mede vanden voirs. gueden gescheijden ende gedeijlt sijn ende blijven, nu ende ten ewigen daghen, allet sonder argelist. Actum anno XXXVI, den Xen van meert.

(inv no 62 fol 95v dd 23-5-1546) Wij Sebert Claess ende Joachim Jan Aertss, Scepenen, tugen dat voir ons comen sijn JAN ende OTKEN echte kijnderen JANS DE RUIJTER ende METKEN DIRICK VAN HEMERTSdochter, sijn nae huijsvrou was, tsamen verwect, ende hebben opgedragen ende mits deesen scepenen brieff opdragen HERMAN BOTTERMAN ende METKEN hoire moeder voirs., hoir aengedeelt ende versterff van huijs ende hoffstadt gelegen binnen MEGEN, dair Herman ende Metken voirs. nu woenen, dat hon van Jannen de Ruijter, hoiren vader voirs. aenbestorven is, gelegen metter eender sijden aen erve Alairt Lambertss, dander sijde ende deen eijndt de gemeijn straet, dander eijndt Henrick Roeloffs. Ende Jan ende Otken voirs. hebben opt voirs. versterff halmelick vertegen tot behoeff Hermans ende Metkens voirs., allet sonder argelist. Actum anno XLVI, opten XXIIIen van meije. Coram eisden is comen HERMAN ende METKEN voirs., ende geloven den voirs. JANNEN ende OTKEN te betalen tot hoeren wille ende maninghe, elcken de somme van twintich gulden tot XX stuver brabants tstuck.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 67 fol 60 dd 17-7-1577 (tussen akten uit 1593)) testament van Mechteld van Hemert weduwe van Jan de Ruijter en Jan Botterman


Zij huwt (2)

Jan Herman BOTTERMAN

FamilienaamIndex

Kinderen

  1. (uit 1) Lijsbeth Zie 20.195
  2. (uit 1) Hendrick (+voor 24-5-1541) huwt Lijsken Willem Wiggers
  3. Kinderen
    1. Jenneken
  4. (uit 2) Jan (+voor 1553), huwt Aelken Jan Rutgersdr (+na 1553), vermeld ORA Land van Megen 1553
  5. Kinderen
    1. Lijsbeth, huwt Henrik Jans van Balgoij, vermeld ORA Megen 1593, 1594
  6. (uit 2) Otken
  7. (uit 2) Geritken (+tussen 1536 en 1546)

TerugBegin van generatie


40.404   Hendrik TIMMERMANS

FamilienaamIndex 40.404 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1480
Overleden voor 1540


Huwt ca. 1505

40.405   Heijlwich N.

Index 40.405 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden na 25-7-1547

In ORA Megen nog in een belending vermeld als Heijlwich weduwe Henric Timmermans, 28-12-1541.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 50v no 233 dd 1-3-1542) Wij Sebert Claess ende Gerit Jan Roeloffsz, Scepenen, tugen dat voir ons comen is, AIRT AIRT CLAESS, ende heeft bekent schuldich te sijn erffelick ende alle jair HEIJLWICH weduwe HENRICK TIMMERMANS, eenen gulden, twintich stuver voir den gulden, wair aff den iersten taeldach sijn sal over een jair nae datum van deesen, ende soe voirt alle jair, wt eenen hoff gelegen bij de BUIJTEN STRAET, deen sijde de Zo, dander sijde de Heijligegeest van Megen, deen eijndt den Eng, dander eijndt de Buijten straet, ende voirt wt alles goits dat hij heeft oft vercrijgen mach, wt te peijnden alle jair gelijck verwonnen schuldt. Op conditie dat Airdt voirs. altijt lossen mach met vijffthien gulden ende metten pacht, twintich stuver voir elcken gulden, dair bij sullen weesen negen gulden gevaluweerts gelts, ende dander voirt loopent gelt.

Kinderen

  1. Hendrik Zie 20.202

TerugBegin van generatie


40.412   Goossen van LENT

FamilienaamIndex 40.412 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden voor 1540

Mogelijk broer van een Willem (Jan Willems van Lent, priester sinds voor 1542, is een tijdgenoot van Jan Goossens Sr en Jr) en een Peter (ORA Land van Megen 1541: Claes en Ariaen Peters van Lent).

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 304 dd 10-6-1540 (Land v Megen)) Jan Goossen van Lentssoon de oude en Jan Goossen van Lentss de jonge scheiden en delen een huis en hof binnen Haren; Jan de oude krijgt de zijde naast het Kerkhof met het huis en 3/5 van de hof; Jan de Jonge krijgt 2/5 van het land.

Schepenprotocollen Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 63 fol 347 dd 14-5-1554) Jan Goossens van Lendt de oude als aangewezen (?) momber van Corsken Aert Aert Dircksdr; en Henrick de Hardt Gerritsz als momber van Aelken en Jenneken zijn dochters verwekt bij Meriken (Nenneken?) Aert Dircksdr delen de nagelaten hofstede van Dirck Aert Dircks en Lijsbeth zijn huisvrouw.


Huwt

40.413   N.N.

Index 40.413 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden voor 1540

Kinderen

  1. Jan Senior, woonde in Haren in het Land van Megen.
  2. Jan Jr Zie 20.206

TerugBegin van generatie


40.414   Henrick Gerrits de HARDT

FamilienaamIndex 40.414Vader 80.828Moeder 80.829

Geboren Megen voor 1500

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 22 dd Kerstavond 1537) Sebert Jansz van Altforst is schuldig aan Henrick de Hardt Geritsz een jaarpacht van fl 3.-.-

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 28 dd 15-4-1539) Henrick de Hardt Geritsz is schuldig een jaarpacht van fl 3.-.- aan Lijsken weduwe … van den Hoven (?).

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 54 dd 22-6-1540) Henrick de Hardt bekent te hebben ontvangen van Jan de Pass hofmeester van Megen fl 50.-.-

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 62 dd 15-10-1540 ) Gerit van Cast(eren?) van 's-Hertogenbosch verkoopt aan Henrick de Hardt Geritsz een huis in Megen (Marge: door beiden geroyeerd 28-4-1541)

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 45v no 213 dd 22-2-1541) Wij Airt van Kelffs ende Peter Voet, Scepenen, tugen dat voir ons comen sijn JAN HUBERTS, CLAES HUBERTS ende RUT HUBERTS, gebrueders, ende hebben tsamelijcken ende elck van hon besunder, een voir al, bekent schuldich te sijn ende gelooft te betalen van nu op datum van deesen over drie jairen HENRICKEN DE HAIRDT GERITSS, de somme van negenthien gulden min vijff stuver gevaluweerts gelts, ende dair aff hier en binnen alle jair op St. Peters dach ad Cathedram eenen der gelijcke gulden, dair aff den iersten pacht verschijnen sal op St. Peter anno tweenvertich naestcomende, wt eenen hoff gelegen tot HAREN, deen sijde Jan Voss, dander sijde Willem Maess, wt te peijnden alle jair den pacht ende nae het dorde jair de hooftsomme metten pacht aenden voirs. onderpandt gelijck verwonnen schult.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 72 dd 13-4-1541) Henrick de Hardt heeft ontvangen fl 122.-.- van Mr Peter van de Graeff rentmeester voor Jan de Pass

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 38v no 189 dd 28-4-1541) Wij Airdt de Hairdt ende Airdt van Kelffs, Scepenen, tugen dat voir ons comen is GEEFKEN SEBERT JANSS VANDER AELSFORTS huijsvrou, ende heeft gestelt in handen HEIR JAN JOSEPHS, priester, Capellaen tot Megen, huijs ende hoff, gelegen binnen MEGEN, deen sijde Dirick de Timmerman, dander sijde Henrick de Hairdt, ende voirts alles goets, reede ende erve, onreede hebbende ende vercrijgende, dat sij heeft off vercrijgen mach, ende dat ter tijt ende wijlen toe dan Geefken den voirs. Heir Jannen weder geeft ende betaelt alle alsulcke penningen als de voirs. Heir Jan van hoiren tweegen gelooft heeft te betalen aen Gerit van Casteren tot sHertogen bossche, allet sonder argelist.( Actum anno eenen veertich, den acht en twintichsten aprilis.) Voirden selven Scepenen is comen HEIR JAN voirs. ende heeft geconsenteert ende overgegeven dat GEEFKEN voirs.opten voirs. huijs ende hoff vesten solde HENRICKEN DE HAIRDT GERITSS, anderhalven gulden jairlicx. (Actum ut supra.) Voirden selven Scepenen is comen SEBERT JANS VANDER AELSFORT ende GEEFKEN voirs. ende hebben bekent schuldich te sijn, erffelick ende alle jair HENRICKEN DE HAIRDT GERITSS, anderhalven gulden, twintich stuver gerekent voir elcken gulden, wair aff den iersten taeldach sijn sal over een jair nae datum van deesen, ende soe voirt alle jair, wt huijs ende hoff dair sij woenen, gelegen binnen MEGEN, deen sijde Dirick de Timmerman, dander sijde Henrick voirs., deen eijndt de Steen straet, dander eijndt den winterdijck, wt te peijnden alle jair gelijck verwonnen schult. Op conditie dat sijt altijt lossen moegen met drieentwintichstenhalven gulden ende metten pacht, twintich stuver gerekent voir elcken gulden.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 77 dd 30-5-1541) Sebert Jansz vander Altforst en Tomas N. de Graeff schuldig aan Henrick de Hardt een jaarpacht van fl. 1.10.-

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 124 dd 10-5-1543) Dirck de (Huur?)man is schuldig aan Henrick de Hardt Gerritsz een jaarpacht van fl 1.-.-

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 62v no 288 dd 10-8-1543) Wij Sebert Claess ende Gerit Jan Roeloffsz, Scepenen, tugen dat voir ons comen is DIRICK DE TIMMERMAN AIRTSS, ende heeft bekent schuldich te sijn erffelick ende alle jair HENRICK DE HAIRDT GERITSS, eenen gulden, twintich stuver voirden gulden, wair aff den iersten taeldach sijn sal op ten Heijligen Kersdach nae datum van deesen, ende soe voirt alle jair, wt sijn huijs ende hoffstadt dair hij woent, gelegen binnen MEGEN, deen sijde Dirick Peel, dander sijde Henrick de Becker, deen eijndt aende Steenstraet, dander eijndt achter aenden dijck, ende voirt wt alles goits dat Dirick voirs. heeft ende vercrijgen mach, wt te peijnden alle jair gelijck verwonnen schult. Op conditie dat hijt altijt lossen mach met vijffthien gulden ende metten pacht, twintich stuver voir elcken gulden.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 171 no 733 dd 25-11-1543) Wij Goirt Sebertsz ende Claes Sebert Janss, Scepenen, tugen dat voir ons comen sijn SIJMON AELBERT SIJMONSS, JAN HENRICK DE LANGSOEN als man ende mombair IJKEN AELBERT SIJMONSdochter, sijnder huijsvrouwen, HENRICK WILLEM BACXZ man ende momboir MARIEN AELBERT SIJMONSdochter, sijnder huijsvrouwen, ende hebben tsamelijcken erffelijcken vercoft HENRICKEN DE HAIRT GERITSS het dorde gedeelt van eenen kempken landts, noch ongescheijden ende ongedeijlt, inder prochie van HAREN genoempt den AUDEN CAMP, deen sijde Ceel Hermans erffgen., dander sijde Henrick Coelen erffgen., deen eijndt de Heir, dander eijndt de gemeijn straet. Ende sij vercoepers voirs. hebben dit voirs. dordedeel Henrick voirs. voir opgedragen ende nae halmelick dair op vertegen tot behoeff Henricx voirs. etc. Gelovende sij vertijders voirs. op hon ende op alle honne gueden, hebbende ende vercrijgende, dit voirs. erve te weren jair en dach etc., als een vrij erve.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 342 dd 6-12-1543) Symon Aelbert Symonsz, Henrick Willem Barentsz man van Marije Aelbert Symonsdr en Jan de Lange man van Yken Aelbert Symonsdr verkopen aan Aert Aerts D(riess?) en Aelken Henrick de Hardt een hond land.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 369 dd 8-5-1544) (Evert?) van Helmond als man van Mechteld Sebert Jansz verkoopt 5 hond land aan Henrick de Hardt Gerritsz.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 140 dd Hemelvaart 1544) Hendrick de Hardt Gerritsz schuldig aan Herman...icks fl 25.-.- (Marge: 24-5-1564 gelost)

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 149 dd St Maarten 1544) Hendrick de Hardt Gerritsz schuldig aan Gerit Jandz van Os een jaarpacht van fl 1.10.-

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 383 dd OLV avond1545) Hendrik de Hardt verkoopt aan Aelken en Jenneken zijn dochters verwekt bij Nennen Aert Dircxdr zijn huisvrouw S[aliger]: een derde deel van een kamp lands.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 p 188 no 814 dd 8-11-1545) Coram eisden is comen HENRICK DE HAIRT GERITSS, ende heeft erffelijcken vercoft AELKEN ende JENNEKEN, sijnen twe echte dochteren verwect bij NENNEKEN AIRDT DIRICXdochter, sijn huijsvrou geweest is, het dordedeel van eenen camp lants gelegen inder prochie van HAREN, noch ongescheijden ende ongedeijlt, genoempt den AUDEN CAMP, deen sijde Henrick Coelen erffgen., dander sijde Ceel Hermans erffgen., deen eijndt de Heir, dander eijndt de Spraensse steeghe. Ende Henrick voirs. heeft dit voirs. dordegedeelt Aelken ende Jenneken voirs. voir opgedragen, met oeck alsulcke vest brieven van vrijheijt, ende anders, als dairt Henrick voirs. mede gecoft heeft van AELBERT SIJMONS ERFFGEN., ende nae halmelick op vertegen. Gelovende commer van sijnen tweegen anders dair in aff te doen, allet sonder argelist.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 p 188 idem et idem) Coram eisden is comen AIRDT AERDT DIRICXZ ende AELKEN AIRDT DIRICXdochter, ende hebben tsamelijcken erffelijcken vercoft AELEKEN ende JENNEKEN echte kijnderen HENRICX DE HAIRDT ende NENNEKEN AIRDT DIRICXdochter, sijnder huisvrouwen tsamen verwect, de helft van eenen acker landts, noch ongescheijden ende ongedeijlt, gelegen inder prochie van HAREN opte LIETINCK, deen sijde Jan Seberts, dander sijde Claes Seberts, deen eijndt de straet, dander eijndt Sebert Wijers erffgen. Ende Airt en Aelken voirs. hebben deese voirs. halven acker Aelken ende Jenneken voirs. voir opgedragen ende nae halmelick op vertegen tot behoeff Aelkens ende Jennekens voirs. Gelovende sij vertijders op hon ende honne gueden, hebbende ende vercrijgende, deese voirs. halven acker lants te weren vrij van allen commer, wtgenoemen weteringhe ende tochgraven so verre dair enighe met recht toe weiren.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 62 fol 192 no 833 dd 8-9-1545) Wij Goirt Sebertss ende Jan van Lent Goessenss, Scepenen, tugen dat voir ons comen is HENRICK DE HAIRDT GERITSS, ende heeft erffelijcken vercoft AELKEN ende JENNEKEN sijnen echte dochteren, verwect bij NENNEN AERT DIRICXdochter, sijnder huijsvrouwen, het dordedeel van eenen camp lants genoempt den AUDEN CAMP, groot int geheel elff hont off dair omtrent, noch ongescheijden ende ongedeijlt, inder prochie van HAREN, deen sijde Ceel Hermans erffgen., dander sijde Henrick Coelen erffgen., deen eijndt de Heir, dander eijndt de Spraense stege. Ende Henrick voirs. heeft het dordegedeelte vanden voirs. camp Aelkenen ende Jenneken voirs. voir opgedragen ende nae halmelick dair op vertegen etc., met oeck alle aude brieven dair op spreekende. Gelovende Henrick voirs. op hem ende op alle sijn gueden, hebbende ende vercrijgende, dit voirs. dordegedeelt des voirs. campts te weiren etc. vrij, wtgenoemen weteringhe met recht.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 63 fol 68 dd 20-3-1551) Henrick de Hardt Geritsz is een jaarpacht schuldig van één gulden aan Thomas van Mameren Dircksz. (Idem) een jaarpacht van fl 1.-.- aan Jan Aertsz.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 63 fol 79 dd St Margrietendag1551) Henrick de Hardt Geritsz is een jaarpacht schuldig van één gulden aan Thomas van Mameren Dircksz. (Idem), een jaarpacht van fl 1.-.- aan Goossen Goossensz.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 63 fol 138 dd 13-3?-1554) Henrick de Hardt Geritsz is een jaarpacht schuldig van één gulden aan Thomas van Mameren Dircksz.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 63 fol 202 dd Jansdag (?) 1557) Henrick de Hardt Gerritsz, Claes Willemsz man van Ariken Henricks de Hardt, en Jenneken Henricks de Hardt verkopen een stuk land aan Gerrit Jan Marcelisz

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 64 fol 21 dd 2-4-1558) Jut Aertsdr weduwe Henrick de Hardt is schuldig aan Berent Geerts en Jan Wolters, mombers van een onmondig kind genaamd Hilleken de Glasemaeckersdr van Grave vijf malder rogge elk jaar.

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 65 fol 272 dd 18-3-1567) Jutte weduwe Hendrick de Hart is schuldig Geert Henricks [Verstraten?] een jaarpacht van fl. 10.-.-

Schepenprotocollen Stad en Land van Megen (Toegangsnr 7358; Inv.nr 65 fol 333 dd 28-3-1569) Jutte weduwe Henrick de Hardt ook voor haar onmondige dochter (Gerritke?MW) verkoopt aan Jan Hendriks de Hardt en Henrick Goosens man van Metken Hendricks de Hardt ook voor hun zuster Gerritke voorzegd (?) een kamp lands, en andere stukken land.


Huwt (1) voor 1525

40.415   Nenneken Aert DIRCX

FamilienaamIndex 40.415Vader 80.830Moeder 80.831

Overleden voor 1545


Huwt (2) voor 1548

Jutte N.

Index

Overleden na 1569

Kinderen

  1. (uit 1) Aelke Zie 20.207
  2. (uit 1) Jenneke
  3. (uit 1) Ariken, huwt Claes Willemsz
  4. (uit 2) Jan
  5. (uit 2) Metke, huwt voor 1569 Henrick Goossens
  6. (uit 2) Gerritke, onmondig in 1569

TerugBegin van generatie


41.408   Ott van den KOLCK

FamilienaamIndex 41.408 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1500

Guido van Benthem meldt een gezin Van den Kolck (Archief Huis Aerdt no 0371 Regest 26 dd 14-2-1548) Ott van den Kolck en zijn vrouw Henrisken en hun kinderen Derick, Met en Wylhemken erkennen overgedragen te hebben aan Derick van der Horst 1 1/2 morgen land, de Kalverkamp genaamd, gelegen bij de windmolen te Aerd. (…) met de licht geschonden zegels van Ott van den Kolck, Goessen ter Poirten en de erfpachter Geerloch van den Kolck; het zegel van de erfpachter Wylhem van den Wardt is verloren.


Huwt

41.409   Henrisken N.

Index 41.409 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1505

Kinderen

  1. Theodorus Zie 10.352
  2. Margaretha
  3. Wilhelmina

TerugBegin van generatie


41.856   Hendricus VERWAEIJE

FamilienaamIndex 41.856Vader 83.712Moeder 83.713

Geboren rond 1450.

De uiteindelijke stamvader van bijna alle gevonden Verwa(a)ijens; in 1494 lid van het schepengericht in Ooij bij Nijmegen. Bron http://home.wxs.nl/~verwayen/pagina10.htm


Huwt

41.857   N.N.

Index 41.857 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren rond 1460.

Kinderen

  1. Henrick (*rond 1493) Zie 20.928
  2. Meken (*rond 1497)

TerugBegin van generatie


51.200   Gerit Vranck LEMMENS

FamilienaamIndex 51.200Vader 102.400Moeder 102.401

Geboren voor 1495
Overleden Tilburg na 9-4-1557, voor 1559

ORA Tilburg (277:6 dd 1530) Gerit Vranck Lemmens in een belending vermeld.

ORA Tilburg (279 fol 51 dd 21-2-1532) Lijsbeth, Huijbert en Arijaena, gezusters, voor henzelf en voor Jenneke en Lucie, hun zuters, en voor Willem, hun broer, allen kinderen van wijlen Jan zoon van wijlen Jan Mutsaerts, die Jan voors gewonnen had bij Ariaena zijn huisvrouw, hebben beloofd te betalen aan Gerit Vranck Lemmens een jaarlijkse en erfelijke pacht van 1 mud rogge uit een huis, hoeve en erfenis daaraan liggende ut supra en nog uit een stuk beemd ut supra. Staat te los met 40 karolus gulden van 20 stuivers per stuk.

ORA Tilburg (280 fol 42 dd 2-2-1533) Vranck zoon van wijlen Gerit Lemmens als momber en Joest zoon van wijlen Jan Meeus als toeziener van de onmondige kinderen van Gerit Vranck Lemmens, die Gerit verkregen had bij wijlen zijn vrouw Anna dochter van wijlen Jan Meeus, hebben wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven aan Hanrick zoon van wijlen Cornelis Appels alle versterf en recht van versterven, dat aan de kinderen voors vertorven was van wijlen Kathelijn dochter van wijlen Jan Meeus hun oudtante, in alle erfelijke goederen, waar ook gelegen.

(Idem) Hanrick zoon van wijlen Cornelis Appels heeft beloofd als een principaal schuldenaar te betalen aan Vranck Gerit Lemmens en Joest Jan Meeus ten behoeve van de onmondige kinderen van Gerit Vranck Lemmens veertig karolus gulden, te betalen met Lichtmis a.s. en tot financie 40 halve vuurijzers.

(Idem) Vranck zoon van wijlen Gerit Lemmens als momber en Joest zoon van wijlen Jan Meeus als toeziener van de onmondige kinderen van Gerit Vranck Lemmens, die Gerit voors gewonnen had bij wijlen Anna zijn huivrouw dochter van wijlen Jan Meeus hebben wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven aan Hanrick zoon van wijlen Cornelis Appels alle havelijke goederen die aan de kinderen voors verstorven waren van Kathelijn voors.

ORA Tilbuurg (280 fol 53 dd 5-3-1533) Gerit Vranck Lemmens als man en momber van Margriet zijn huisvrouw, dochter van wijlen Cornelis Herman Heijsten heeft verkocht aan Peter zoon van wijlen Cornelis Herman Heijsten een huis, en hof met de grond en erfenis daaraan gelegen en daartoe behorende, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd in die Heijdsijde, aldaar tussen: erfenis van Goijaert Pulskens een zijde en een einde, erfenis van Herman Cornelis Herman Heijsten ander zijde, de gemeijn straat ander einde. Nog een stuk erf in weiland liggende, gelegen als voor tussen: erfenis van Herman Cornelis Hermans voors een zijde, erfenis van Ghijb Jan van Boerden en de gemeijnt ander zijde en een einde, erfenis van Goijaert Pulskens ander einde. Peter koper moet hieruit betalen aan de Rector van het Maria Altaar in Oisterwijk 1 mud rogge erfpacht in Tilburg te leveren; aan de Persoonschap van Tilburg 3 lopen rogge erfpacht; aan de Heilige Geest van Tilburg 1 lopen rogge erfpacht; aan de Vier Biddende Orden 2 lopen rogge erfpacht; aan Gerit verkoper voors een cijns van 5½ karolus gulden en 1 braspenning. Zij moeten elkaar laten wegen, zodat ieder op zijn erf kan komen. Peter ut supra (als boven) heeft beloofd als een schuldenaar te betalen aan Gerit Vranck Lemmens een jaarlijkse en erfelijke cijns van 5½ karolus gulden, 1 stuiver en 1 oertstuiver uit de onderpanden voors. Staat te los ten schoonste altijd met Lichtmis met 89 karolus gulden van 20 stuivers per stuk, van beide zijden een half jaar tevoren op te zeggen.

ORA Tilburg (281 fol 18 dd 8-1-1534) Verschenen zijn voor schepenen Gherit Vranck Lemmens enerzijds en Joest zoon van wijlen Embrecht Eelkens anderzijds en ze hebben een erfruil gedaan van enkele van hun goederen als hierna volgt. In deze erfruil zal Gerit voors hebben een huis, hof met de grond en de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd in die Heijdsijde, aldaar tussen: erfenis van Goessen inden Acker een zijde, erfenis van Meeus Steven Meeus ander zijde, erfenis van Hanrick Beijkens een einde, de gemeijn straat ander einde. Nog een stuk land gelegen als voor tussen: erfenis van Steven Meeus Stevens een zijde en een einde, de gemeijn straat ander zijde en ander einde. Hieruit te betalen aan de Heer van Tilburg 1½ stuiver erfcijns; aan Joest Jan Meeus en aan de kinderen van Gerit Vranck Lemmens ½ mud rogge erfpacht; aan Steven Meeus Stevens ½ mud rogge erfpacht; aan Marij de weduwe van Peter Hermans 28 stuivers erfcijns te los staande met 25 karolus gulden. Hiertegen zal Joest voors hebben een stuk moer bij Peter Beijendijck tussen: erfenis van de erfgenamen van Hanrick Lambert van Haren een zijde, erfenis van Heijn Janssen van Diessen ander zijde, de gemeijnt van Tilburg beide einde. Hieruit te gelden aan de Hoge Rentmeester in den Bosch 1 oertstuiver erfcijns.

ORA Tilburg (281 fol 23 dd 30-1-1534) Arijaen ut supra heeft beloofd als een principaal schuldenaar te betalen aan Gerit Lemmens en Jan Meeus ten behoeve van de kinderen uit het eerste huwelijk van Gerit Vranck Lemmens, die Gerit voors gewonnen had bij wijlen Anna zijn huisvrouw, dochter van wijlen Jan Meeus een jaarlijkse en erfelijke cijns van 55 stuivers uit een huis, hof met de grond en de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd in die Heijdsijde, aldaar tussen: erfenis van Jan Wouter Geerts een zijde en een einde, erfenis van Lemmen Heijn Lemmens ander zijde, de gemeijn straat ander einde. Staat te los ten schoonste altijd met Lichtmis met 40 karolus gulden van 20 stuivers voor elke karolus gulden te rekenen.

ORA Tilburg (281 fol 38 dd 4-2-1534) Daar Gerit Vranck Lemmens in erfruil tegen Joest zoon van wijlen Embrecht Eelkens verkregen had een huis, hof met de grond en de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende in de Heijdsijde tussen: erfenis van Goessen inden Acker een zijde, erfenis van Steven Meeus Stevens ander zijde, en aan Gerit voors door Joest voors zekere erfpachten, erfcijns en erfpachten daarop benoemd waren, in het bijzonder een erfcijns van 28 stuivers jaarlijks aan Marij de weduwe van Peter Hermans en haar kinderen, welke erfcijns te los staat met 25 karolus gulden, zo is gestaan voor schepenen Pauwels zoon van wijlen Cornelis Heijsten en heeft beloofd op have en erve, nu hebbende en etc., dat hij de voors cijns van 28 stuivers aan de weduwe en haar kinderen zal betalen en ook zal lossen, zodat Gerit voors, zijn gronden en nakomelingen daarvan ontlast zijn.

ORA Tilburg (281 fol 38 dd 4-2-1534) Joest zoon van wijlen Jan Meeus voor hemzelf en voor de wettige kinderen van Gerit Vranck Lemmens als toeziener en Vranck zoon van wijlen Gerit Lemmens als momber van die kinderen, die Gerit voors gewonnen had bij wijlen Anna zijn huisvrouw, dochter van wijlen Jan Meeus hebben wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven aan Pauwels zoon van wijlen Cornelis Heijsten een jaarlijkse en erfelijke pacht van 10 lopen rogge, in den Bosch te leveren, uit een huis, hof en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, gelegen in de parochie van Enschot, aldaar tussen: de gemeijn straat een zijde en beide einden, erfenis van Hugonis van Wijck ander zijde. en nog uit meer onderpanden, welke 10 lopen rogge erfpacht voors Jan Jan Meeus verkregen had van Aert zoon van wijlen Jan vande Wiel, wat verkopers verstorven was van Jan Jan Meeus, hun vader en grootvader.

ORA Tilburg (282 fol 50 dd 19-2-1536) Marten Pauwels Peters heeft beloofd als een principaal schuldenaar te betalen aan Gherit Vranck Lemmens en aan Joest Jan Meeus als momber en Vranck Lemmens als toeziener van de kinderen uit het eerste huwelijk van Gherit Vranck Lemmens, gewonnen bij wijlen Eva zijn eerste huisvrouw, dochter van wijlen Jan Meeus, ten behoeve van die kinderen, wat voor die kinderen ten erve moet blijven, een jaarlijkse en erfelijke cijns van 37½ stuiver, elk jaar te vergelden op Onze Lieve Vrouwedag Lichtmis uit en van een huis, hof, schuur met de grond en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, groot 1½ lopensaet, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse gebnaamd in die Heijdsijde, aldaar tussen: erfenis van Ceel Haermans een zijde, een gebuurweggetje ander zijde, erfenis van Arijaen Loers een einde, de gemeijnt van Tilburg ander einde. Nog uit een stuk land groot ongeveer 18 lopensaet, gelegen als voor tussen: erfenis van Herman Peter van Boerden een zijde, erfenis van de weduwe van Henrick sBeren ander zijde, de gemeijnt van Tilburg beide einden. Staat te los ten schoonste met Lichtmis over vier jaar met 20 karolus gulden van 20 stuivers per stuk, samen met de jaarcijns en alle achterstel.

ORA Tilburg (283 fol 14 dd 21-11-1536) Gerit Vranck Lemmens verkoopt aan jan zoon van wijlen Sijmon Heijsten een stuk erf, groot 3 roeden, gelegen te Tilburg aanden Rugdijck in die Heijdsijde. Belendingen: Gerit Vranck Lemmens een zijde, Jan Sijmon Hijsten ander zijde, Gerit Vranck Lemmens een einde, Gemeijn straet ander einde

ORA Tilburg (288 fol 68 dd 3-4-1542) Gekomen zijn voor schepenen Gherit Vranck Lemmens voor hem zelf en als man en momber van -Daniëlle zijn 3e vrouw dochter van wijlen Goessen inden Acker ter ener zjde en Jan, IJke en Heijlke, broer en zusters, kinderen van Gherit voors. van het eerste huwelijk verwekt bij wijlen Anna zijn eerste vrouw dochter van wijlen Jan Meeus met Wouter Vranck Lemmens en Joest zoon van wijlen Jan Meeus, hun ooms, als momber en toeziener, en Wouter ook als momber en Pauwels zoon van wijlen Cornelis Hermans als toeziener van Cornelis en Adriaen, gebroeders, Anneke, Bartelke en Peterke, gezusters, onmondige kinderen van Gherit voors en diens tweede vrouw wijlen Margriet dochter van wijlen Cornelis Hermans ter anderer zijde, en ze hebben in tegenwoordigheid van Vranck Lemmens, Gherits vader en grootvader van de kinderen, raad en toestemming gevende voor wat hierna volgt, om beters wil om twist en onmin te voorkomen, die tussen enigen van hen in de toekomst mocht ontstaan, een minnelijk accoord en deling gemaakt van de goederen, die Gherit veroverd had en verkregen heeft en verkrijgen zal en na zijn dood zal achterlaten en wat van zijn kant is gekomen, dat deze goederen na zijn dood zijn kinderen van het eerste, tweede of derde huwelijk verwekt en te verwekken bij zijn tegenwoordige vrouw of bij een andere, die hij na deze nog zal trouwen, gelijk en minnelijk zullen delen, even diep, niettegenstaande van het ene bed daar meer ware dan van het andere, behalve dat de nakinderen van het derde en laatste bed alsdan samen en vooruit zullen hebben 40 karolus gulden eens, als Gherit voors. de voorkinderen van de 2 bedden aan hun goederen, van hun moeders zijde gekomen, aangelegd heeft en daarmee verbeterd heeft, en dan verder met elkaar te delen.

ORA Tilburg (288 fol 51 dd 30-1-1542) Wouter zoon van wijlen Gherit vanden Laer als man en momber van Margriet dochter van wijlen Henrick Andries heeft wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven aan Vranck zoon van wijlen Gherit Lemmens, hem te tochten en zijn wettige kinderen en kinds kinderen ten erve te blijven, een jaarlijkse en erfelijke pacht van 1½ mud rogge uit een huis, hof en grond gelegen in de parochie van tilburg in die Zegers Huis tussen: erfenis van Henrick Gherits een zijde, de gemeijn straat ander zijde, erfenis van Henrick van Schie een einde, erfenis van huisvrouw van Aert Jan Meeus ander einde. Nog uit een stuk erf groot ca 6 lopensaet gelegen in de parochie van Tilburg tussen: de huisvrouw van Aert Jan Meeus alle zijden. Welk 1½ mud rogge erfpacht Steven Meeus geloofd had aan Henrick andries en wat Wouter voors. aangekomen was in een erfdeling van de goederen van wijlen Henrick Andries

ORA Tilburg (292 fol 70 dd 10-2-1546) Cornelis zoon van wijlen Gherit Hermans verkoopt aan Vranck zoon van wijlen Gherit Lambrechts 1 mud rogge jaarlijkse en erfelijke pacht te betalen uit een beemd gelegen te Tilburg aan de Gemeijne Dijck tussen: De Tafel van de Heilige Geest van den-Bosch een zijde, Geertruijt Denijs met haar kidneren ander zijde, Henrick Joest een einde, een stroom genaamd die Leije ander einde. Item nog uit huizing, hoving, daar Willem Berijs in woonde, gelegen tussen: Henrick Joest een zijde, Willem Jan Laureijs van Gestel ander zijde. Welk mud rogge jaarlijkse ene rfelijke pacht Willem Berijs als schuldenaar geloofd had te betalen aan Willem Andries, ten behoeve van hemzelf en van zijn broers en zusters en van de kinderen van zijn broer. Welk mud rogge jaarlijkse en erfelijke pacht Cornelis voors. gekocht had van Wouter zoon van wijlen Gherit vanden Laer. Staat te los na de dood van Vranck voors. en niet eerder met 63 karolus gulden en 15 stuivers, elke gulden van 20 stuivers, met Sint Jansmis tevoren op te zeggen.

ORA Tilburg (293:10v-11 dd 4-6-1646) Gerit Vranck Lemmens in een belending

ORA Tilburg (293 fol 48 dd 14-1-1547) Peter Denijs Crillaerts heeft geloofd als schuldenaar te betalen aan Vranck zoon van wijlen Gherit Lemmens een jarlijkse en erfelijke cijns van 6 karolus gulden van 20 stuivers uit een huis, hof, schuur en erfenis daaraan liggende, groot ca 15½ lopensaet, gelegen te Tilburg aan die Velthoven tussen: (…) Te mogen lossen over 4 jaar en niet eerder met 100 karolus gulden van 20 stuivers samen met de jaarcijns en achterstel, met Sint Jansmis tevoren op te zeggen als men met Lichtmis daarna wil lossen.

ORA Tilburg (295 fol 31 dd 7-1-1550) Gherit zoon van Vranck Lemmens, weduwnaar van Margriet zijn tweede vrouw dochter van wijlen Cornelis Herman Heijsten, heeft overgegeven aan zijn wettige kinderen, die hij verwekt en verkregen had bij wijlen Margriet zijn vrouw, toen die leefde, met afgaan en vertijen, zijn tocht en recht van tochtentwege, wat hij bezat in een stuk land groot ca 5½ lopensaet en 3½ roeden gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd aan die Heijdsijde tussen: erfenis van Anthonis zoon van wijlen Goijaert Pulskens een zijde en een einde, erfenis van Ghijsbrecht zoon van wijlen Goijaert Pulskens ander zijde, erfenis van Marten Pauwels Deckers en ook de gemeijn straat waar een waterlaat tussen loopt ander einde. (…)

(Idem) Cornelis en Barbel, broer en zuster, kinderen van Gherit Vranck Lemmens cum tutore Barbara etc. (met voogd van Barbel etc.), Gherit zoon van Joest Embrecht Eelkens als man van Anna dochter van Gherit Vranck Lemmens voors. en Cornelis zoon van wijlen Gherit Herman Heijsten als toeziener van Adriaen en Peterke, broer en zuster, onmondige kinderen van Gherit Vranck Lemmens voors., waar Cornelis laatstgenoemd en Pauwels voors. als momber en toeziener zich sterk voor gemaakt en geloofd hebben, welke kinderen deze Gherit Vranck Lemmens verwekt en verkregen had bij wijlen Margriet, zijn middelste vrouw dochter van wijlen Cornelis Herman Heijsten, hebben wettelijk en erfelijk verkocht het voors. stuk land ut supra in de tochtbrief aan Ghijsbrecht zoon van wijlen Goijaert Pulskens met afgaan en vertijen etc. Cornelis en Barbel met haar voogd en Gherit, Cornelis en Pauwels als verkopers en verkoopster elk in de naam als voor hebben geloofd als schuldenaars super se et bona sua etc. te waren volgens gewoonte behalve dat Ghijsbrecht koper voors. daaruit moet betalen ca 2 stuiver erfcijns aan de Heer van Tilburg op sint Stevensdag. Ook sHeren schouwen van de watrlaatvoor?? naast het voors. stuk land lopende te onderhouden volgens oude gewoonte, gelovende verder verkopers en verkoopster voornoemd dit verkopen, overgeven, opdragen, afgaan en vertijen altijd vast en stendig etc. en alle kommer en calangies daarop komende allemaal af te doen.

(Idem) Ghijsbrecht voors. heeft geloofd als schuldenaar te betalen aan Cornelis zoon van wijlen Gherit Hermans als momber en aan Pauwels zoon van wijlen Cornelis Herman Heijsten als toeziener van Adriaen en Peterke, broer en zuster, onmondige kinderen van Gherit Vranck Lemmens, die hij verwekt en verkregen had bij wijlen Margriet zijn middelste vrouw dochter van wijlen Cornelis Herman Heijsten ten behoeve van de onmondige kinderen voors., een jaarlijkse en erfelijke cijns van 60 stuivers, elk jaar erfelijks op Onze Lieve Vrouwedag Lichtmis, waarvan de eerste termijn zal zijn en vervallen op Lichtmis a.s. over een jaar en dat uit het stuk land ut supra. (…)

(Idem) Die voors. Cornelis als momber en Pauwels voors. als toeziener van de onmondige kinderen ut supra in de naam en vanwege de onmondige kinderen voors. hebben goedgevonden etc. te mogen lossen altijd met lichtmis met 50 karolus gulden van 20 stuivers per stuk of die waarde in ander goed geld daarvoor simul cum censu anni redemptionis et arr(estadiis) (samen met de jaarcijns en achterstel) behalve dat Ghijsbrecht of zijn nakomelingen gehouden zullen zijn dit met sint Jansmis te voren op te zeggen etc. en ook als de onmondige kinderen voors. tot hun mondige jaren gekomen zijnde van node wezen zal of het zullen behoeven de voors. hoofdsom te hebben en dat aan Ghijsbrecht of zijn nakomelingen tijdig voor sint Jansmis tevoren verkondigd en opgezegd zal worden, zo heeft Ghijsbrecht geloofd en hij gelooft bij deze super se et bona sua etc. met lichtmis daarna de voors. hoofdsom samen met alle onbetaalde achterstel op te brengen en te betalen.

ORA Tilburg (295 fol 36 dd 24-1-1550) Heijlwich dochter van Gherit Vranck Lemmens met haar voogd en Thomas zoon van Peter Gherit van Dongen als man van IJke dochter van Gherit Vranck Lemmens voors., welke dochters Gherit voors. verwekt en verkregen had bij wijlen Anna zijn vrouw dochter van wijlen Jan Meus, hebben wettelijk en erfelijk vertegen ten behoeve van Gherit Vranck Lemmens, hun vader voornoemd en zijn nakomelingen, samen met alle brieven en recht, met overgeven en afgaan zoals gebruikelijk is, op al zulke goederen, havelijk en erfelijk, roerend en onroerend, zoals die nu ter tijd toebehoren aan Jan de zoon van Gherit Vranck Lemmens, hun broer, die onnozel is en zijn verstand en vijf zinnen niet volkomen machtig is, en ook die hem in de toekomst nog zullen toebehoren en zullen mogen aanversterven van wie dat zij en aan Heijlwich en Thomas voors. in de naam als voor in de toekomst van deze Jan voors. na diens dood enigszins zullen mogen aankomen en versterven, hoedanig deze goederen voors. mogen zijn of zullen zijn en waar die ook gelegen en bevonden zullen mogen worden, het zij in harde, in weke, in hoge, in lage, in diepe of in droge, binnen de parochie van Tilburg en ook daarbuiten, niets daarin uitgezonderd zoals ze zeiden. De voors. Heijlwich met haar voogd voornoemd en Thomas in de naam als boven hebben geloofd als schuldenaar en schuldenares super se et bona sua etc. dit vertijen, overgeven en afgaan altijd vast en stendig te houden etc. en nooit meer naar de voors. goederen te talen of te doen talen met geen enkel recht etc. en alle kommer en calangies van hunnentwege daarop komende allemaal af te doen. Dies heeft Gherit Vranck Lemmens voornoemd wederom geloofd als schuldenaar super se et bona sua etc. aan Heijlwich en Thomas, zijn dochter en schoonzoon voornoemd, dat hij de voors. Jan zijn zoon en hun broer, zolang Jan leven zal, zal houden en onderhouden van eten, van drinken, van kleren, linnen en wollen van havenis en van alles wat hij nodig zal hebben en behoeven zal, en hem ook te helpen, regeren en sturen, zodat er voor heilwich nocht Thomas, op hen noch hun goederen, noch ook un nakomelingen daarvan nooit meer kosten, hinder, kommer en last of calangie, die daarvan komt geheel of gedeeltelijk af te doen.

ORA Tilburg (295 fol 55 dd 19-3-1550) Gherit Vranck Lemmens weduwnaar van Anna dochter van wijlen Jan Meeus heeft overgedragen aan zijn wettige kinderen, die hij verwekt en verkregen had bij wijlen Anna zijn huisvrouw voornoemd, met afgaan en vertijen, zijn tocht en recht van tochtenwege, dat hij bezat in een stuk erf in land en weide liggende gelegen in de parochie van tilburg ter plaatse genaamd aan die heijdsijde omtrent de Rugdijck tussen: erfenis van Wouter van Baest een zijde, erfenis van Adriaen zoon van wijlen Ghijsbrecht Jan van Boerden en Lijsbet weduwe van Gijb Cornelis Vels met Cornelis haar zoon ander zijde, erfenis van dezelfde Lijsbet met Cornelis haar zoon voors. een einde die gemeijn straat ander einde,(…)

(Idem) Heijlwich dochter van Gherit Vrank Lemmens met haar voogd etc. en Thomas zoon van Peter Gherit van Dongen als man van IJke dochter van Gherit Vranck Lemmens voors. en dezelfde Gherit Vranck Lemmens voor Jan zijn zoon, onnozel en zijn inwendig verstand en 5 zinnen niet volkomen noch mactig?? zijnde, waar Gherit voors. voor instaat en geloofd heeft, hebben wettelijk en erfelijk overgegeven aan Adriaen zoon vanwijlen?? Ghijsbrecht Jan van Boerden, met afgaan en vertijen het voors. stuk erf ut supra in de tochtbrief. Heijlwich met haar voogd voors., Thomaes en Gherit voors. hebben elk in de naam als voor geloofd als schuldenaars en schuldenares super se et bona sua etc. te waren, behalve dat Adriaen koper voors. daaruit moet betalen ca 1 stuiver erfcijns aan de Heer van Tilburg op sint Stevensdag en daartoe 1 lopen rogge erfpacht aan de ksoter?? of kerk van Loon. De voornoemde verkopers geloven verder in de naam en op verbintenis las voor dit verkopen, overgeven, opdragen, afgaan en vertijen altijd vast en stendig te houden en in hun naam te doen gouden?? en alle kommer en calangies daarop komende allemaal af te doen.

ORA Tilburg (302 fol 75 dd 9-4-1557) Gherit zoon van wijlen Joest Embrecht Eelkens weduwnaar van Anneke suae uxoris (zijn huisvrouw), dochter van Gherart Vranck Lemmens supportavit (heeft overgegeven) aan zijn wettige kinderen, uit wijlen Anneke verwekt, met afgaan etc, al het dusdanig vruchtgebruik en verder al het recht, dat hij hebbende en bezittende is in het achtste deel van een stede, huis, hof, schuur, turfschop met de grond en toebehoren en in de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, gelegen in de parochie van Tilburg ad locum dictum (ter plaatse genaamd) aen die Heijdsijde bijden Cauwenberch, aldaar tussen: erfenis van Laureijs Wijt Joest zoon een zijde, erfenis van Henrick Wouter Adriaens ander zijde, de gemeijn straat aldaar een einde, erfenis van Laureijs Wijt Joest zoon voorschr, Gherit Vranck Lemmens en Ghijb Goessen inden Acker ander einde (…)Quo facto constitutie coram scabinis infrascriptis Cornelis zoon van wijlen Joest Embrecht Eelkens met Adriaen Gherit Vranck Lemmens als momber en toeziener van Ariaen en Margriet, broer en zuster, onmondige kinderen van Gherit zoon van wijlen Joest voors en van Anneke diens huisvrouw voors, daar de momber en toeziener voors voor instonden en gelofte deden legitime et hereditarie vendiderunt et supportaverunt het voors achtste deel van de voors stede, te weten van het huis, hof, schuur, turfschop met de grond en toebehoren en van de erfenis daaraan liggende voors aan Jacop zoon van wijlen Joest Embrecht Eelkens met afgaan etc. et promiserunt sub obligatione impuberorum prescriptorum bonorum etc warandiam more solito (…)

ORA Tilburg (302 fol 76 dd 9-4-1557) Jacop koper voors heeft gelofte gedaan als hoofdelijk schuldenaar op zich en op al zijn goederen, hebbende en verkrijgende, aan Gherard zoon van wijlen Joest Embrecht Eelkens als vader, Cornelis zoon van wijlen Joest voors als momber en Adriaen Gherit Vranck Lemmens als toeziener van Adriaen en Margriet, onmondige kinderen van Gherit voornoemd ten behoeve van de onmondige kinderen voornoemd, vier en zestig karolus gulden, twintig stuivers per stuk gerekend of die waarde in ander goed geld, dat ten tijde van de betaling loop en gang zal hebben en van hand tot hand goede betaling zal zijn, te betalen tot alzulke termijn en met alzulke gedeelten, groot en klein, en in voege en mate als de voornoemde…

ORA Tilburg (305 fol 76 dd 2-3-1560) Dingen weduwe van Henrick Peter Goiairt Celen cum tutore legitime et hereditarie supportavit aan haar wettige kinderen door de voors Henrick haar man uit haar verwekt, met afgaan en vertijen etc, het vruchtgebruik en al het recht van vruchtgebruik, dat zij had en bezat in een stuk land in beemd en heide liggende, groot in het geheel ongeveer een bunder, gelegen binnen de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd bij Maesdijck, aldaar tussen: (…) Nog in een stuk beemd, groot ongeveer een lopensaaet, gelegen in de parochie voors ter plaatse genaamd die Blootbeempden, aldaar tussen: (…) Quo facto constituti coram scabinis infrascriptis Goiairt zoon van wijlen Peter Goiairt Celen en Henrick zoon van wijlen Huijbrecht Leemans als door de Heer aangewezen momber en toeziener van Adriaen en Margriet, broer en zuster, onmondige kinderen van wijlen Henrick en Dingena beiden voornoemd, daar zij als momber en toeziener voors zich sterk voor maakten en gelofte deden, legitime et hereditarie vendiderunt et supportaverunt het zevende deel van het eerste stuk land in beemd en heide liggende etc ut ibi aan Herman zoon van wijlen Gerit Hermans en aan Gerit zoon van wijlen Vranck Lammens als momber en toeziener van de onmondige kinderen van wijlen Cornelis Gerit Hermans ten behoeve van deze kinderen voors, (…)

ORA Tilburg (307 fol 19 dd 14-10-1561) Bekend zij aan eenieder, dat gekomen en gestaan zijn geweest voor schepenen ondergeschreven Cornelis Gerijt Vrancken en Marike zijn wettige huisvrouw, dochter van Wouter Gerijt Sibben, de voors Cornelis gaande, staande en gezond van lichaam en Marike voors met krankheid en ziekte in haar lichaam bevangen zijnde, evenwel beiden bij hun verstand en hun vijf zinnen volkomen machtig zijnde en ze hebben na rijp beraad tevoren eendrachtig en met elkaars goedvinden als testament, laatste en uiteste wil bepaald, gewild en gemaakt hetgeen dat en zoals hierna volgt. Dat is te weten, de testatoren voors hebben vermaakt aan de kerkfabriek van Sint Lambrecht te Luik voor hun onrechtvaardig verkregen goed zo zij er enig hadden, wat zij niet weten, een stuiver eens, te geven en te betalen door de langst levende. Item verder hebben zij testatoren voors de langstlevende van hun beiden gegund, vermaakt en verleend al hun goederen, havelijk en erfelijk, roerend en onroerend, die men na het overlijden van de eerste van hen beiden in hun beider naam enigszins zal mogen bevinden, om deze goederen te mogen vermeerderen, verminderen, verkopen, verteren, belasten en bezwaren en daarmee zijn of haar langstlevende vrije eigen wil mee te mogen doen. (…)

ORA Tilburg (307 fol 26 dd 24-11-1561) Gerijt zoon van wijlen Cornelis Gerijt Hermans en Jan zoon van wijlen Gerijt Hermans als momber en Gerijt zoon van wijlen Vranck Lammens als toeziener van Cornelis de minderjarige zoon van wijlen Cornelis Gerijt Hermans voornoemd in tegenwoordigheid echter met vervolg van Cornelis voornoemd legitime et hereditarie vendiderunt et supportaverunt aan Herman hun broer, simul cum dictis literis divisorialibus zijnde van datum de 2e december ao 1500 en zestig en met al het recht hun enigszins daarin toebehorende, met afgaan en vertijen etc, al alzulk deel, recht en versterf, te weten twee derde delen in zeker huis, hof, schuur, schaapskooi, brouwhuis met de grond en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende en nog in meer andere diverse erfenissen zowel beemden en heivelden zoals hun met Herman hun broer samen tegen hun andere broers en zusters na de dood van wijlen Cornelis hun vader voors aangekomen en in schependeelbrief van Tilborch, daarop gemaakt. toegedeeld is geweest zoals ze zeiden. (…)

ORA Tilburg (307 fol 69 dd 23-2-1562) Mathijs zoon van wijlen Jan van Gorp als man en momber van Jenneke zijn huisvrouw, dochter van wijlen Claes Bernairts, legitime et hereditarie vendidit et supportavit aan Vranck zoon van Gerit Frans met afgaan en vertijen etc, een huis, hof met de grond en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, zo groot en zo klein als dat gelegen is binnen de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd Oerll aende Juijpt, (…) In margine: Item Vranck zoon van wijlen Gerit Vrancken... 22 december 1562

ORA Tilburg (308 fol 44 dd 23-12-1562) Mathijs zoon van wijlen Jan van Gorp heeft wettelijk en erfelijk wederom verkocht, overgegeven en opgedragen aan Cornelis zoon van wijlen Peter Henricx, simul cum dictis literis et jure (samen met de genoemde brieven en het recht), met afgaan en vertijen etc, een huis, hof met de grond en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, zo groot en klein als dat gestaan en gelegen is binnen de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd aende Juijpt, aldaar tussen: erfenis alsnog aan deze Mathijs toebehorende een zijde en een einde de gemeijn straat ander zijde en ander einde, welk voors huis, hof met de grond aan de voornoemde Mathijs door Vranck de zoon van wijlen Gerit Vrancken gisteren alhier overgegeven en opgedragen was en dat de voornoemde Vranck in koop erfelijk verkregen had van Mathijs zoon van wijlen Jan van Gorp voors pro ut hec omnia in literis de (zoals dat alles in brieven van) Tilborch [staat]. (…)

ORA Tilburg (308 fol 82 dd 4-3-1563) Adriaen zoon van wijlen Willem Goiairts als man en momber van Barbara zijn huisvrouw en Jan zoon van wijlen Peter Gerits als man en momber van Peterke zijn huisvrouw, gezusters, kinderen van wijlen Gerit Vranck Lemmens van het middelste huwelijk, en Adam Henrick Adams en Cornelis Joost Embrecht Eelkens als door de heer aangestelde momber en toeziener van Adriaen en Margriet, broer en zuster, onmondige en minderjarige kinderen van Gerit zoon van wijlen Joost Embrecht Eelkens, door deze Gerit en uit wijlen Anna zijn huisvrouw, ook dochter van wijlen Gerit Vranck Lemmens uit het middelste huwelijk voornoemd samen verwekt en verkregen zijnde, daar de momber en toeziener voors voor instonden en zich sterk voor gemaakt en beloofd hebben, legitime et hereditarie vendiderunt et supportaverunt aan Peter zoon van wijlen Peter Reijnen simul cum dictis literis de Tilborch et cum toto jure met afgaan en vertijen etc, twee stukken land, het ene in alle grootte als dat gelegen is binnen de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd die Heijdsijde daar eertijds een huis op gestaan heeft, aldaar tussen: erfenis van Jan Jan Sijmons een zijde, erfenis van Mathijs Steven Meeus ander zijde, erfenis van Peter Wijten een einde, de gemeijn straat ander einde; het andere ook in alle grootte als het gelegen is binnen de parochie en ter plaatse voors tussen: erfenis van Meeus Steven Meeus een zijde, erfenis van Mathijs Steven Meeus voornoemd ander zijde, 'sHeren straat beide einden. Welke voors twee stukken land hun van Gerit Vranck Lemmens hun schoonvader voornoemd aangekomen en bestorven was en deze Gerit was aan de twee stukken erf gekomen door een erfruil tussen hem en Joost Embrecht Eelkens gedaan zijnde ut patet in literis de Tilborch. (…)

ORA Tilburg (309 fol 15, dd 1-7-1563) Condt zij eenen ijegelijcken dat comen en gestaen sijn geweest voor scepenen ondergescreven, Danielken weduwe wilner Gerit Vranck Lammenss cum tutore en met haar Herman zoon van wilner Cornelis Gerit Hermans en Ghijsbrecht Goessens soen anden Acker als metten haare geordoneerde momboir ende toesiender van Adriaenen, Goessen, Cornelis, Lijsken en Adriaenken broeders en susteren onmondige en onbejairde kinderen wilner Gerits Vranck Lammens van den derde bedde en haer Danielken voorn. daer hij momboir en toesiender voerss. hen sterk voor maakte ten eenre. Ende Adriaen soen wilner Daniel Cornelis Hermans als man en momboir Heijlwigen dochter wilner Gerits Vranck Lammers voers: vanden eersten bedde ende Jan Gerit Hermans als mettten heere tot Dongen geordoneerde toesiender van Adriaenen, Peteren, Anneken en Jenneken onmondige en onbeiaerde kinderen wilner Thomas Peter Gerits die de zelve Thomas verwekt en verkregen had bij en uit IJkenen zijn huysvrouw ook dochter Gerits van den eersten bedde voirss. en dezelfde Adriaen Daniel Cornelis Hermans voirss. noch uit de naam ende vervangende van Jan zijnen zwager ook soen wijlen Gerit vanden eerste bedde voorn. daar dezelfde Adriaen vermits de Acleynicheyt van verstande innocentheyt ende simpelheyt Jans voirss. hem sterck voor maakte@. en geloefde, Adriaen zoon wilner Willem Goiairden als man en momboir Barbara zijn huijsvrouw, Jan soen wijlen Peter Geritss als man en momboir Peterkens zijn huijsvrouw, gesusteren ook kinderen Gerit Vranck Lamerss voirss. vanden tweede bedde en Cornelis Joost Emen soen en Adam Henrick Adams als momboir en toesiender van Adriaen en Margrietkens bruer en sustere onmondige en onbeiaerde kinderen Gerit Joost Emen en die de zelve Gerit verwect en vercregen hadde bij en uit wijlen Anna zijn huijsvrouw ook dochter wilner Gerit vanden 2e bedde voorn. daar zij als momboir en toesiender voirss. ook voor instonden en geloofden ter andere zijde. En hebben van de erfelijke goederen pachten en renten hen van Geriden haaren man, vader en oude vader respective aancomen en bestorven zijn zekere deling gemaakt, hier na volgende,

Soo sal Danielken met haar vijf kinderen vanden derde bedde voirs: (te weten haer scheuren rechte van tochten en den zelven haren vijf kinderen ten erve te blijvene) hebben houden en erfelijck voor hen portie besitten, een stuck beempden ca. half buender te gelegen binnen de prochie van Tilborch, ter plaetse geheijten Daelhem aldaer tussen, erffenisse Adriaen Gerit Veldekens d een zijde en tussen erffenisse der weduwe Jan Dionijs Meijnaerts cum pueris d ander zijde, Streckende vanden Wouwenbroeck tot op de heijninge aldaer; noch een gerecht vierendeel ombedeelt in een stuck heijvelts, gelegen is binnen der zelver prochie van Tilborch ter plaetse geheijten inde Schooten aldaer, tussen erffenisse Peter Nauwen d een zijde en tussen erffenisse … d ander zijde, Streckende met beijde den eijnden aende Tilborchse gemeijnte; noch sal de zelve weduwe metten 5 kinderen voirs: hebben en behouden een jaerlijcken erfpacht van 10 lopen roggen diemen jairlijcx op Jan Laureijs Eelkens erfgen: en hen goeden inde Schijve alhier gelegen is heffende; noch vijf lopen roggen tsiaers erfpachts diemen op Henrick Jan Sijmons en sijn goeden aen t Crijeven gelegen is heffende, noch sullen de selve kinderen met haer moeder voirs: hebben eenen jairlijcken loschijns van 3 k. guldens diemen jaerlijcx op Sebrecht Jan Meeus en zijn goeden oock aen t Creijenven gelegen is heffende ter quijtige staende met 50 k. gulden en noch eenen jaerlijcken loschijns van gelijcke 3 k. guldens doe Adriaen Denijs Mutsairts uit zekere sijne goeden aende Velthoven gelegen is uitreijcken ook ter quijtinge staende met 50 k. gulden en daertoe sullen dezelve kinderen metter moeder voirs: noch hebben en erfelijck besitten alle alsulcken recht en gedeelte als Gerit hoen vader wijlen binnen sijnen leven plach te hebben in eenen jaerlijcken loschijns van 52 stuijver diemen jaerlijcx op de erfgenamen van Henrick Crillaerts en hen goeden ook aende Velthoven gelegen is heffende ter quijtinge staende de geheele rente voirs: ook met 50 carolus gulden al na inhoud en begrip der losbrieven daer af sijnde. Op welck stuck beempden t vierdedeel int heijvelt erfpachten en loschijnsen voorn: die andere deijlsluijden te weten vanden twee eerste bedden voirs: op vertegen hebben tot behoef Daniels met haeren kinderen vanden derden bedde voorn: met overgeven en afgaen als dat gewoonlijck en recht is Gelovende als principael schulderen op hen en op alle henne goeden hebbende en vercrijgende dese erfdelinge en dit overgeven , behoudelijcken dat de voirs: Daniel met haren kinderen uit de halve buijnder beempden voers: jaerlijcx sal gelden een halven capoen en een braspenning ofte zoo veel min oft meer alsmen daer uit aende procatuere van Tongerloo jaerlijcx schuldich is te betalen welcken chijns de zelve Daniel met haren kinderen alsoo sullen betalen ten dagen en termijn daer toe staende en geordineert zijnde datter den anderen hunnen tegendeijlsluijden voorn: noch binnen nacomelingen daer af inde verweer zijnder daer noch last af comen en sal in egeenen toecomende tijden daer voor de zelve Daniel cum tutore prescripto haer samen en alle haer goeden en de voirs: momboir en toesiender de goeden van haren onmondige hebben en vercrijgende verbijnden met conditien en voorwaarden hier in toegedaen dat of den voorn: deijlsluijden tot eniger zijde op hen gedeelte enigen anderen commer hinder of last quamen met recht dan hen benoempt is, of van hennen losrente ontwaert worden dat zij dien commer zijnder last alsoo comende malcanderen sullen helpen dragen en betalen, welck zij deen den anderen alsoo opte verbijntenisse als vooren geloeft hebben sonder argelist, (idem folio 16) Hiertegens sullen de kinderen vanden twee eerste bedden voirs: hebben inden eersten de voirs: Adriaen soen wilner Daniel Cornelis Hermans als man en momboir Heijwigen, een half mud roggen jaerlijcx en erflijcx pachts datmen op Willem Ghijsbrechts vanden Gheijn en sijn goeden alhier t eijndoven is gelegen is heffende, en daer toe noch vier lopen roggen tsiaers erfpachte uit eenen erfpacht van een mud roggen d welck men op zekere erffenisse den erfgenamen den erfgenamen Steven Meeus Stevens alhier aende Zegers huijssen gelegen is heffende, waer jegens IJken weduwe Thomas Peter Gerits haar ter tochten en haren voirs: kinderen ten erve te blijven sal hebben de helft in eenen jaerlijcken loschijns van zes carolus gulden diemen op Danielen weduwe Peter Denijs Crillaerts is heffende ter quijtinge staende den geheele chijns met hondert carolus gulden, hier tegens sal Jan de innocente voirs: hebben eenen jaerlijcken en erfelijcken pacht van twelff lopen roggen uit de pacht vanden mud roggen d welck men op de erfgenamen van Steven Meeus Stevens te heffen zoo voirs: staet, item Adriaen Willem Goiarts als man en momboir Barbara, sal hebben en erfelijck besitten een stuck heijvelts ca. x lopensaet, liggende binnen de prochie van Venloon aldaer ter plaetse geheijten aenden Loonsen Hoeck opten Nijeuwen Hoijwech aldaer tussen, erffenisse Henrick Wouter Adriaens d een zijde en tussen erffenisse der erfgenamen Henrick Bertrans d ander zijde, Streckende vander gemeijnder herbanen aldaer loopende tot erffenisse behoorende totter hoeven den erfgen: Aerts van Broeckhoven toebehorende, des sal de zelve Adriaen daer uit gelden een oirt stuijvers tsiaers gewinchijns in dien dattet gewinchijns is op Sinte Martens dach aenden heere van Loon ende hier toe sal de zelve Adriaen noch hebben ende erfflick besitten acht lopen roggen tsiaers erfpacht uit eenen erfpacht van 17 lopen roggen welcke acht lopen roggen men nu ter tijt is heffende uit zekere goeden aende Stockhasselt gelegen Margrietkens Adriaen Somers is toebehorende. Waer tegens Jan Peter Gerits als man en momboir Peterkens zijn huijsvrouw voirs: is te deel bevallen eenen jairlijcken loschijns van drie carolus guldens en 2 stuijver diemen op Jan Denijs Mutssairts en sijn goeden aenden Berckdijck gelegen is heffende, ter quijtige staende met 50 carolus gulden. Ende de voorn: Cornelis Joost Emen en Adam Henrick Adams als momboir en toesiender vanden onmondige kinderen wijlen Gerit Joost Emen tot behoef der zelver onmondiger kinderen voirs: sullen heffen de andere helft vanden jairlijcken loschijns van zes k. gulden die men op te goeden der weduwe Peter Denijs Crillairts is heffende en ter quijtinge staende zoo voirschreven staet al na inhoud en begrip der losbrieven daer af sijnde zoo hij luijden onderling en met haer Danielken weduwe Gerit Vranck Lammens voirs: Op welck stuck heijvelts, andere erfpachten en losschijnsen voirs: de voirs: Danielken metten momboir en toesiender van haren kinderen vanden 3e bedde voirs: en ook de kinderen vanden voorn: 2 eerste bedden elck d een op des anders gedeelte vertegen hebben tot behoef vanden ghenen zoo elck daer op gedeelt is met overgeven en afgaen als dat gewoonlijck en recht is, Gelovende de voirs: Danielken cum tutore prescripto op haer selven en op alle hare goeden ende de momboir en toesiender voirs: onder de verbijntenisse haer onmondige kinderen goeden hebbende ende vercrijgende gelijck oock de deijlssluijden ij dese begrepen malcanderen sijn mede gelovende dese deijlinge ende dit verthijden overgeven ende affgaen voirsL altijt vast ende stendich te houden ende elck inden naem end inder qualiteijt als vooren te doen houden sonder enich weder seggen ende alle commer ende, (…) Adriaen soen wilner Willem Goiairts als man en momboir Barbara dochter wilner Gerit Vranck Lammens vanden tweeden bedde diemen jaerlijcken ende erflijcken pacht van acht lopen roggen uit en van eenen erfpacht van 17 lopen roggen te vergelden alle jaer op Onsser Liever Vrouwen dach Lichtmisse uir en van eenen acker lants metter timmeringe daer op staende ca. zeven lopensaet, gelegen inder prochie van Tilborch tussen erffenisse Vranck Gerit Lammens d een zijde en tussen erffenisse Cornelis Daniels met meer ander d ander zijde, Streckende vander erffenisse Jan Mutssairts totter straten toe, welck 17 lopen roggen erfpachts voirs: Adriaen Jan Somers gelooft en gevest had Geriden soen wilner Jan Reijnen pro ut in literis de Tilborch ut dicebat, ende welcke acht lopen roggen uit 17 lopen roggen voirs: Vranck Gerit Lammens mits een erfmangeling tegen Adriaen Jan Mutssairts gedaan zijnde vercregen had en tot welcke 8 lopen roggen de eerste Adriaen als man en momboir zijnder huijsvrouw voirs: mits de dood Gerit Vranck Lammens sijns sweers overmits zeker erfscheijding tegen zijn andere condividenten gedaen toecomen was pro ut in literis de Tilborch legitime et hereditatie vendiderunt et supportavit Cornelia weduwe Cornelis Daniels simul cum omnibus literis et jure te samen ook metten pacht daer af is tot Lichtmisse lestleden verschenen en vervallen sijnde met affgaen, (Idem fol 18) Jan soen wilner Peter Gerits als man en momboir Peterkens dochter wilner Gerit Vranck Lammens eennen jaerlijcken en erfelijcken chijns van 62 stuijvers hem toebehorende te vergelden alle jaer op Onsser Liever Vrouwen dach Lichtmisse uit en van huijs, hof, schuer, schop, schaepskooije en erffenisse daer aen liggende en daer toe behorende ca. v lopensaet, gelegen in parochia de Tilborch in loco den Berckdijck tussen, erffenisse Laureijs Henrick Zwisen d ee zijde en tussen erffenisse Gertruijt weduwe Peter Anthonis van Buerden cum pueris d ander zijde, hoodende metten eenen eijnde aen erffenisse Peter Leemans en metten anderen eijnde aende gemeijn straet en noch uit en van eenen stuck beempt een buijnder in parochie voorschreven loco inde Heze tussen erffenisse Dimpna weduwe Wouter Melijs cum pueris (met haar kinderen) d een zijde en tussen erffenisse Marien weduwe Cornelis Sledden cum pueris d ander zijde hoodende metten eenen eiijnde aen die gemeijnte van Tilborch, welcken chijns van 62 stuijver voirs: Denijs soen wilner Adriaen Mutssairts en Adam soen wilner Laureijs Back als principael schulderen geloeft en gevest hadden Wouter Vranck Lammens pro ut in literis de Tilborch, Ende welcken chijns den voorn: Jan na doode Gerits Vranck Lammens zijns sweert te deel gevallen was en goeden bijden recht van successie van Wouter zijn broeder aencomen en bestorven was zoo hij seijde legitime et hereditatie vendiderunt et supportavit Cornelis soen Claes van Ghierll simul cum dictus literis et jure met afgaen , datum ut supra.

Tilburg ORA (329:9v dd 24-1-1582) Cornelis wijlen Gerit Vrancken Lemmens en Jan Laureys Wijtman Joosten man van Mary (lees: Adriaenken), zijn zuster, kinderen van Gerit bij Danielken Goosen Wouters (sic: is Laureys) in den Acker, verkopen grond aan Herman Geraert Hermans

Tilburg ORA (334:41 dd 27-6-1587) Jan Peeter Huyben man van Lysbeth wijlen Ghaerdt Vranck Lemmems heeft een erfpacht gekregen van Peeter Steven Meeus, en hij heeft nu de hoofdsom ontvangen en verklaart de pacht afgelost.

ORA Tilburg (337:35v dd 17-5-1591) Cornelis wijlen Gaert Vranck Lemmens weduwnaar Digna Joost Pauwel Cornelis Hermans; Goossen wijlen Gaert Vranck Lemmens met Cornelis Joost Pauwel Cornelis Hermans als mombers over Jan, nagelaten zoon van Digna; beheren diens toekomstige bezit.

ORA Tilburg (340:22 dd 21-4-1594) Adriaen Gherit Vrancken vermeld.

ORA Tilburg (345:155v dd 14-4-1599) Peter zoon wijlen N. Gerrit Vrancken man van Adriaena Jan Adriaen Hermans verkoopt een vijfde deel van een hofstede aan Aerd Jacob Laureijs.

ORA Tilburg (351:182 dd 1622) Adriaen Gerrit Vrancken (Sr of Jr?) leent fl 25 aan vijf onmondige kinderen van Adriaen Jan Reijnen

ORA Tilburg (352:110v dd 1626) Vermelding in een belending

ORA Tilburg (352:279 dd 12-12-1627) Adriaen, Cornelis, Daniel, N., Thomas N. man van Luitgard, kinderen van Adriaen Gerit Vranck Lemmens (sr.); nazaten van Goosen Gerit Vranck Lemmens en Lijsbeth Gerit Vranck Lemmens, etc verkopen een stuk grond.

ORA Tilburg (355:71 dd 1626 of 10-6-1633) Adriaen Gerrit Vrancken vermeld; moeilijk leesbaar.

Civiele procesdossiers Tilburg (1151d) Adriaen Janss. Bogaert, als voogd van zijn vrouw Lijske, dochter van Henrick Wouter Adriaenss. contra Adriaen, Goosswijn, Cornelis en Jan Laureijs Wijten, gehuwd met Adriaenke, kinderen van Gerit Vrancke Lemmens en Danielke, dochter van Goossewijn van de Acker, betreft terugbetaling van geleend geld, 1581, 1583 en 1585.


Huwt (1) ca. 1520

Anna Jan MEUS

FamilienaamIndex

Overleden Tilburg voor 2-2-1533


Huwt (2) voor 2-2-1533

Margriet Cornelis Herman HEIJSTEN

FamilienaamIndex

Overleden voor 1542

Alias Van Heijst


Huwt (3) voor 3-4-1542

51.201   Daniella Goossens van den ACKER

FamilienaamIndex 51.201Vader 102.402Moeder 102.403

Kinderen

  1. (uit 1) Heijlwig, huwt na 1542, voor 1550 Adriaen Daniel Cornelis Hermans
  2. (uit 1) Yken (+na 1563), huwt na 1542, voor 1550 Thomas Peter Gerits van Dongen (+voor 1563)
  3. Kinderen
    1. Adriaen
    2. Peter
    3. Anneke
    4. Jenneke
  4. (uit 1) Jan, geplaagd door “cleynicheyt van verstande innocentheyt ende simpelheyt”
  5. (uit 2) Barbara, huwt Adriaen Willem Goiairden
  6. Kinderen
    1. Jan
    2. Cornelis
    3. Aert
    4. Gerit
    5. Willem
    6. Mechteld
    7. Adriana
  7. (uit 2) Peterken, huwt Jan Peter Geritss
  8. (uit 2) Anna (+voor 1557), huwt Gerit Joost Embert Eelkens
  9. Kinderen
    1. Adriaen
    2. Margrietken
  10. (uit 2) Adriaen Sr, nog onmondig in 1550; huwt Adriana Adriaen Peter Zegers
  11. Kinderen
    1. Adriaen
    2. Cornelis
    3. Daniel
    4. N.
    5. Luitgard, huwt Thomas N
  12. (uit 2) Cornelis, huwt voor 1550 Marike Wouter Gerijt Sibben
  13. (uit 3) Adriaen Jr Zie 25.600
  14. (uit 3) Goessen, huwt (1) ca. 1560 Lijsbeth Cornelis Pauwels Smolders; huwt (2) ca. 1582 Peterken Cornelis Cornelis de Beer
  15. Kinderen
    1. (uit 1) Cornelis, huwt Maijke Quirijn Emmen
    2. (uit 1) Geritken
    3. (uit 1) Marij
    4. (uit 1) Jenneken
    5. (uit 1) Anna
    6. (uit 1) Geertruid
    7. (uit 1) Joost
    8. (uit 2) Joost
    9. (uit 2) Adam
    10. (uit 2) Jan
    11. (uit 2) Peterken
    12. (uit 2) Daniela
    13. (uit 2) Aleijt
  16. (uit 3) Cornelis, huwt Digna Joost Pauwels van Heijst
  17. Kinderen
    1. Jan Cornelis Gerit Vrancken Lemmens
  18. (uit 3) Lijsken, vermoedelijk gestorven voor 1581
  19. (uit 3) Adriaenken (alias Marie?), huwt voor 1581 Jan Laureijs Wijtman Joost Lenaerts
  20. Kinderen
    1. Daniel
    2. Cornelis

TerugBegin van generatie


51.202   Jan Peter Niclaes SPAPEN

FamilienaamIndex 51.202Vader 102.404Moeder 102.405

Geboren Tilburg ca. 1500

Bron Henk Coolen

Vermeld ORA Tilburg 1537, 1540 in belendingen; 1541 'erfenis van'

ORA Tilburg (288/55v. dd 2-2-1542) Peter Goijaert Pulskens en Jan Peter Spapen hebben geloofd als schuldenaars te betalen aan Herman zoon van wijlen Jan Boerden alias Rugdijcks een jaarlijkse en erfelijke pacht van ene half mud rogge, elk jaar erfelijks op Onze Lieve Vrouwedag lichtmis uit een huis, hof, schuur, schaapskooi en erfenis daaraan liggende toebehorende aan Peter voors., groot ca 8 lopensaet gelegen in de parochie van Tilburg in die Heijseijde tussen: (…) Nog uit het ervsterf en kindsdeel, wat Jan Peter Spapens aangekomen was van Peter voors. heeft deze gelofte gedaan voor Jan voors. (…) Te mogen lossen alijd met lichtmis met 25 karolus gulden van 20 stuivers per stuk, samen met de jaarpacht en achterstel, behalve dat men dat een halfjaar tevoren op moet zeggen.

ORA Tilburg (288/59v. dd 15-2-1542) Wouter zoon van wijlen Jan Panis en Laureijs zoon van wijlen Goijaert Hoefkens hebben wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven aan Jan Peter Spapen ten behoeve van Peter Spapen diens vader ¼ deel in een huis, hof, schuur, schaapskooi en grond met toebehoren en erfenis met een akkertje daaraan liggende het gehele Huis, etc. gelegen in de parochie van Goirle ter plaatse genaamd in het Dorp tussen: (…) Hieruit te betalen: (…)

ORA Tilburg (290/23r dd 2-1-1544) Gherit zoon van wijlen Claeus Dielen, Wouter zoon van wijlen Henrick Snijers als man van Heijlwich dochter van wijlen Claeus Dielen, Cornelia en Jenneke, gezusters, onmondige dochters van wijlen Gielis zoon van wijlen Claeus Dielen, Ariaena dochter van wijlen Claeus Dielen, niet tegenwoordig zijnde, waar Gherit voor instaat en met hem Wouter zoon van wijlen Henrick Snijers en Gherit zoon van wijlen Jan Maes gezamenlijk voor instaan, Cornelis Henrick Goessens als man van Mechteld dochter van wijlen Peter Gherits, Aerdt zoon van wijlen Jan Goessens als man van Mechtelt dochter van wijlen Peter Gherits, Gijsbrecht zoon van wijlen Jan Wouters als man van Barbara dochter vann wijlen Peter Gherits, Henrick zoon van wijl.en Lambrecht Henricks als man van Heijlwich dochter van wijlen Peter Gherits, Marten zoon van wijlen Peter Gherits, niet tegenwoordig zijnde, waar Cornelis, Aerdt, Ghijsbrecht en Henrick voors, voor instaan, voor de ene helft, Matheus zoon van wijlen Gherit vanden Oudenhoven als man van Katherina dochter van wijlen Herman van Boerden en Adriaen zoon van wijlen Cornelis Herman van Boerden, te weten Matheus voor het tweedeel en Adriaen voors. voor het derde deel in de andere helft in een half mud rogge jaarlijkse en erfelijke pacht, verkopen aan Peter Goijaert Pulskens dat half mud rogge erfpacht, wat Peter Goijaert Pulskens en Jan Peter Spapen als schuldenaars geloofd hadden gezamenlijk te betalen aan Herman zoon van wijlen Jan van Boerden uit huis, hof,schuur,schaapskooi en erfenis daaraan liggende, groot ca. 8 lopensaet, Peter Goijaert Pulskens toebehorende, gelegen in de parochie van Tilburg in die Heijdsijde tussen: (…) Nog uit al zulk versterf en kindsdeel als Jan Peter Spapen aankomen zal van Peter Spapen zijn vader in alle havelijke en erfelijke goederen. Welk half mud rogge erfpacht te los staat met 25 karolus gulden en welk half mud rogge erfpacht de voornoemde personen en verkopers verstorven was van wijlen Herman zoon van wijlen Jan van Boerden voors.


Huwt voor 1552

51.203   Jenneken Dirck Henrick OPPERS

FamilienaamIndex 51.203Vader 102.406Moeder 102.407

Kinderen

  1. Barbara, huwt Willem Laureijs Hoefkens
  2. Peterke Zie 25.601
  3. Anthonia, huwt Aert Michiel Aert van Wijck
  4. Marij, huwt Hieremias Jacob Daniels
  5. Catharina, huwt Jan Denijs Peter Crillaerts

TerugBegin van generatie


51.208   Jan Jan SOMERS

FamilienaamIndex 51.208Vader 102.416Moeder 102.417

Geboren ca. 1505

Jan jr. Ouderschap nog niet geheel zeker, wel waarschijnlijk aangezien de zoon ook wel als Jan Jan Jan en diens zoon zelfs als Jan Jan Jan Jan werd aangeduid; verwisseling met de oudere broer Jan sr is in de verte mogelijk.

In 1566 door Antonis Antonis de Molder (vader van Antonis Antonis Antonis Wijvens) aangeklaagd wegens niet betalen van een mud rogge. Op 13-12-1551 ontvangt hij uit een nalatenschap twee caroli gulden in veband met een geschil over zijn vrouws nalatenschap.

Op 31-8-1531 verkoopt hij een stiuk heide bij Goirle aan Wijnand Jan Hendrik Willem Eelkens, oorspronkelijk gekocht van ooms van Wijnand. Op 27-1-1561 ruilt Jan grond met Joris Claes Willem Laureijs, bastaard van een priester. Op 17-4-1562 verkoopt hij aan Willem Bartelmeeus Jans een stuk land "ter plaatse genaamd in de Schijve op de Hooge Soeije" te Tilburg. Op 12-3-1563 koopt hij van Heiliger en Denijs een stuk grond bij de kerk in ruil voor een jaarlijkse pacht.

Op 30-5-1544 verkoopt hij aan zijn zuster Goldeke zijn deel in de nalatenschap van hun zuster Heilwich "in die Heijdsijde aan de Cauwenberch in die Moerstraet" te Tilburg. Op 11-10-1549 verkoopt hij een deel van zijn vrouws ouderlijke nalatenschap aan haar neven. Op 18-2-1538 verkoopt hgij samen met een neefje elk een vijfde deel in de (groot)ouderlijke erfenis aan zus Goldeke.

15-12-1562 en 28-1-1562 voogd van Joost Gerrit Lammen Hoefmans, 26-1-1563 van Adriaen en Cornelis, nagelaten zonen van Adriaen Adriaen Somers.

Op 3-3-1562 is hij een van de middelaars namens de dader Jan Wouter Jan Reijnen, die Adriaen Jan Laureijs Eelkens gedood heeft. De dader wordt tot diverse boetedoeningen, bedevaarten en een forse geldboete veroordeeld, plus verbanning uit de kerk voor twee jaar en een straatverbod

Rechterlijk Archief Tilburg R299 (fol.1) 7-4-1553: Jan zoon van wijlen Jan Eelkens, schuldenaar, te betalen aan Jan zoon van wijlen Jan Zomers de Oude een jaarlijkse en erfelijke cijns van 60 stuivers elk jaar erfelijks op Onze Lieve Vrouwedag lichtmis en voor de eerste termijn met Onze Lieve Vrouwedag lichtmis nu a.s. uit een huis, hof, schuur met de grond en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, groot ca 13 lopensaet, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genamd aan die Hoeven. (In margine: Gelost '56 dus vervallen.) Te mogen lossen na de dood van Jan zoon van wijlen Jan Zomers voorschr. en niet eerder en daarna met lichtmis met 50 karolus gulden, 20 stuivers of de waarde daarvan in ander goed geld

Idem (fol 20), 27-10-1553: (...)Thomaes Martens van Beeck zaliger in zijn tijd hefte een jaarlijkse cijns van 30 stuivers op een huis en hof in Tilburg genaamd aan die Kerck. Jan zoon van wijlen Jan Jan Zomers heeft dit huis en hof verkocht aan Gherit zoon van wijlen Jan Willem Berijs. Jan zoon van wijlen de voors. Thomaes Martens als nu meester en bezitter van de jaarlijkse cijns van de 30 stuivers voors. heeft bekend, dat de voors. cijns niet hoger te los staat dan met 27 karolus gulden (etc.).

RA Tilburg 293 (fol 26), 18-10-1546: Jan Jan Zomers heeft geloofd als schuldenaar te gelden aan Cornelis Claeus van Ghierl een jaarlijkse en erfelijke cijns van 25 stuivers, te betalen elk jaar op Sint Remeijs en Sint Bavodag uit een huis, hof, grond en erfenis daar aan liggende, groot ca 3 vierdevaetsaet, gelegen te Tilburg aan die Kerk bij het kerkhof; (...) en nog uit een stuk land groot ca 2 lopensaet gelegen te Tilburg in die Schijve.

Op 22-3-1547 (RA Tilburg 293:82) toeziener van Lambert en Joest, gebroeders, Lijske en Aleijd, gezusters onmondige kinderen van wijlen Gherit Lambrecht Hooffmans en Goijaertke N.

ORA Tilburg 295 fol 19v (11-10-1549) Jan zoon van Jan Zommers heeft wettelijk en erfelijk overgegeven aan de erfgenamen en opvolgers van Sijmon en Jan, gebroeders, zonen van Reijner Jan Reijnen, de erfgenamen van Adriaen Ghijb Goessens als man van Kathelijn, en daar waar de kinderen van de voors. 4 personen overleden zijn, daar zullen hun kinderen in hun ouders plaats staan, met afgaan en vertijen, alle actie, recht en toezegging , wat hij enigszins mag hebben in de havelijke en erfelijke goederen, hoedanig die mochten zijn en waar, in welke plaats, parochie of heerlijkheden men die bevinden kan en gelegen zijn en die hem Jan voors. als man van wijlen Adriaena dochter van wijlen Cornelis Jan Sijmons, eertijds zijn vrouw, aanverstorven mogen zijn van wijlen Cornelis Jan Sijmons en van Cornelia dochter van Reijner Jan Reijnen, diens wettige vrouw, vader en moeder van Adriaena voors., (...)mede ook alle actie, recht en toezeggen, dat hij enigszins zou willen sustineren te hebben van waarschap, oorsprong nemende uit dit versterf en eertijds door Pauwels Heijn Ghenen en Peter Zomers (...) Hierin is echter gereserveerd door Jan Jan Zomers zijn actie op Henrick Appels als het hem gelieven zal te zoeken, maar geenszins op deze voors. erfgenamen en klachten. (Als los blad is dezelfde akte toegevoegd, eindigend met: Cornelis Sijmon Reijnkens 6 gulden //Denis, Pete en Wouter 6 gulden tussen nu en Zondag a.s.//Adriaen Ghijb Goessens 51/2 gulden//Jan van Zon, Adriaen Sijmon van Zon 3 Peters).

ORA Tilburg 288 f.4 (16-5-1541) Jan Jan Zomers de jonge weduwnaar van Adriaena zijn eerste vrouw, dochter van wijlen Cornelis Jan Sijmons heeft wettelijk en erfelijk verkocht aan Adam en Heijlwich, nakinderen van wijlen cornelis Jan Sijmons ten behoeve van hen en ten behoeve van Kathelijn dochter van wijlen Jan Cornelis, die Jan voors. verwekt had bij wijlen Cornelis zijn vrouw, dochter van wijlen Cornelia Jan sijmons, alle tocht, recht en toezeggen, wat hem competeerde in de erfgoederen als de nakinderen van wijlen Cornelis Jan Sijmons gedeeld hebben als erfgenamen van wijlen Adriaena voors. hun halfzuster.

Idem f.4v (...)Jan Jan Zomers als man van Adriaena dochter van wijlen Cornelis Sijmons, die Cornelis verwekt had bij zijn vrouw Cornelia dochter van wijlen Reijner Jans, verkocht en gevest had aan Cornelis zoon van wijlen Willem Mutsaerts een stuk erf in weiland, groot ca 6 lopensaet, gelegen in de parochie van Tilijburg aan die Hoollijnde (...)


Huwt voor 1530

51.209   Adriana Cornelis Jan Simons van MAERLE

FamilienaamIndex 51.209Vader 102.418Moeder 102.419

Overleden voor 1-2-1537

Kinderen

  1. Jan Zie 25.604

TerugBegin van generatie


51.210   Cornelis Simon Reijnier REINKENS

FamilienaamIndex 51.210Vader 102.420Moeder 102.421

Geboren ca. 1500
Overleden voor 21-3-1553

ORA Tilburg 282 (22-12-1535) fol 32v: Jan zoon van wijlen Aert Henrick Verhoeven en Jan Huijb Wouter Naes als man en momber van Marija dochter van wijlen Aert Henrick Verhoeven voors hebben wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven aan Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens, hun zwager elk zijn recht en deel in het huis, hof, schuur met de grond en de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd in Rijlaer bij 't Loo (...) elk nog een derde deel in een stuk land gelegen in de parochie voors ter plaatse genaamd aen 't Sansche Hecken (...) etc en verder alles als in vorige akte. Cornelis voors zal Engel voors laten hebben het gebruik van de uitkamer in het voornoemde huis en een stoel in de haard, maar als ze niet in de haard wil zitten dan zal Cornelis haar brandstof bezorgen in de uitkamer voors en hij zal daar een plaats laten maken, waar men een vuur kan stoken zonder zorg en dit voor Engel haar leven lang.

Cornelis voors moet uit het gehele huis jaarlijks betalen: 11/2 mud rogge aan de Rector van het Sint Jans Altaar in de kerk van Tilburg; 12 lopen rogge erfpacht aan Henrick Pluijmen in Moergestel; 6 lopen rogge aan Elen Peter Eelkens; 31/2 stuiver en een ortstuiver erfcijns in de Aescijns; 1/2 Oude Groten erfcijns in de Loonsche Cijns.

Uit de stukken land voors moet hij jaarlijks gelden: 2 lopen rogge erfpacht aan de Heilige Geest van Tilburg; 11/2 lopen rogge erfpacht aan de Kerk van VenLoon; 1/2 penning erfcijns aan de Gezworenen van Tilburg; 1/2 mud rogge erfpacht aan de weduwe van Willem Beerthen. te los staande met 25 karolus gulden; 1 mud rogge erfpacht aan de weduwe van Herman Ariaens te los staande met 40 karolus gulden; 34 st min 1 oertstuiver erfcijns aan Laureijs Henrick Zwijsen, te los staande met 27 karolus gulden; 11/2 mud rogge erfpacht aan Engel de weduwe van Aert Henrick Verhoeven, te los na de dood van Engel voors met 75 karolus gulden. Hij moet onderhouden zijn deel in het Heerhecken en de voorste post bij de gracht in 't Sansche Hecken. Verder moet hij laten wegen 5 lopensaet land toebehorende aan Jan Jan Grooten en hij moet 's Heren schouwen onderhouden.

Idem, fol. 33v Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens heeft beloofd als een principaal schuldenaar te betalen aan Engel weduwe van Aert Henrick Verhoeven, haar in recht van tocht en voor haar kinderen ten erve te blijven, een jaarlijkse en erfelijke pacht van 11/2 mud rogge, het eerste jaar slechts de helft, te weten 12 lopen rogge, uit alle voornoemde onderpanden. Deze pacht zal aan de kinderen ten erve blijven maar als Engel voors gebrek zou lijden mag ze zoveel van de erfpacht verkopen zoveel zij nodig heeft em betamelijk daarvan te leven en Cornelis voors heeft verder op de onderpanden voornoemd beloofd, dat Engel de uitkamer aan het huis zal mogen gebruiken haar leven lang, een stoel in de haard tenzij ze in de uitkamer een vuur wil stoken, dan zo heeft Cornelis voors beloofd haar daar brandstof te brengen en hij zal er een haard laten maken opdat men het vuur daar betamelijk en zonder zorg kan stoken, haar leven lang.

ORA Tilburg 282 fol. 32v (22-12-1535) Jan zoon van wijlen Aert Henrick Verhoeven en Jan Huijb Wouter Naes als man en momber van Marija dochter van wijlen Aert Henrick Verhoeven voors hebben wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven aan Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens, hun zwager elk zijn recht en deel in het huis, hof, schuur met de grond en de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd in Rijlaer bij 't Loo.

ORA Tilburg 282 fol 31v (22-12-1535) Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens heeft wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven aan Daniël zoon van wijlen Peter Hermans een stuk land genaamd dat Erwenstuck gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd die Heijsting Acker.

ORA Tilburg 283 fol. 8v (23-9-1536) Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens verkoopt aan Herman, zoon van wijlen Gerit Hermans, een stuk land, groot 3 lopensaet, gelegen te Tilburg aan die Hasselsche Acker.Belending o.a. Anna Sijmon Reijnkens. Idem, Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens verkoopt aan Marten, zoon van wijlen Jan Gheenen, een stuk weiland, groot 3 lopen en 18 roeden, gelegen in Tilburg aan die Stockhasselt. (...) Hieruit is te gelden jaarlijks 1 oirt stuiver aan de gezworenen van Tilburg.

ORA Tilburg 284 fol. 54r (23-3-1538) Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens en heeft toestemming verleend aan Reijnier Jan Groten een erfwech ten eeuwigen dage door en over zijn stee gelegen te Tilburg in dat Rijlaer aent Loo om daar over te gaan, te staan, te drijven, te varen met gewaerden en behemelde beesten, geladen en ongeladen, nochtans ter minster staden uit en tot een stuk land toebehorend aan Reijnier voors., 11/2 lopensaet, gelegen in Corvel acker tussen (...) Cornelis Sijmon Reijnkens ander zijde en een einde

die Scheijtsteeghe ander einde; Nog uit en tot een stuk land, 3 lopensaet, in Corvelacker (...) Cornelis voors. heeft beloofd Reiner voors. diens nakomelingen te laten volgen en gebruiken ten eeuwigen dage rustelijk en ordelijk onder voorwaarde dat Reijnier voors. en zijn nakomelingen altijd weer zullen sluiten en toe doen die heckens en andere Heijningen als zij doorgaan en varen zullen, zoals dat hoort.

ORA Tilburg 286 fol. 47v (26-1-1540) Denijs zoon van wijlen Peter Crillaerts verkoopt aan Cornelis wijlen Sijmon Reijnkens een stuk land, gelegen te Tilburg in die Poelstraet; belender aan een kant is al Cornelis Sijmon Reijnkens. Tegonover: de Poelstraat.

ORA Tilburg 286 fol 34v (17-1-1540) Jan en Cornelis, gebroeders, zonen van wijlen Sijmon Reijnkens verkopen aan Reijner zoon van wijlen Sijmon Reijnkens tot zijn behoef en dat van wijlen Adriaen Adriaen Zomers, zijn zwager, alle versterf en recht van versterf hen verstorven van wijlen Anna hun zuster te weten elk 1/4 deel in 1/4 deel van een stuk land genaamd de Naebeempt, gelegen in die Ghilze Vucht.

ORA Tilburg 291 fol 19v (20-11-1544) Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnbouts als man van Aertke dochter van wijlen Aert Verhoeven vernaardert het stuk land, dat Jan zoon van wijlen Aert Verhoeven verkocht had aan Jan Peter Huijb Smitten.

ORA Tilburg 279 fol 57v (30-3-1545) Corneliske dochter van Jan zoon van wijlen Aert Verhoeven vernaardert een stuk land, dat Jan haar vader verkocht had aan Jan Peter Huijb Smitten en wat Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens als man van Aertke, dochter van wijlen Aert Verhoeven voors., ontnaarderd had van Jan Peter Huijb Smitten, gelegen te Tilburg aan die (...) (fol 58r) en heeft de voors. naarderschap en al het recht daarin en in het voors. stuk land competerende verkocht aan Peter Jan Ariaen Smolders.

ORA Tillburg 293 f. 47v (17-1-1547): Huijbrecht zoon van wijlen Huijbrecht Elen Willems, Aleijdt zijn zuster en Jan zoon van wijlen henrick Cuijpers als man van Maria dochter van wijlen Huijbrecht Elen Willems verkopen aan Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens alle versterf en recht van versterven als Huijbrecht, Aleijdt en Jan voors. verstorven was van wtlen Beatris dochter van wijlen Willem Eelkens, hun oud-tante, in alle havelijke en erfelijke goederen, hetzij deze goederen voors. of enige daarvan Peter verlijnden als weduwnaar van Beatris voors. alsnog blijft bezitten en na zijn dood pas zullen vervallen of al vervallen zijn en door hem zijn overgegeven, hoedanig die goederen mogen zijn en waar ook gelegen, binnen de parochies van Tilburg en Goirle of daarbuiten.

ORA Tilburg 294 fol 25v (2-1-1548) Ghijsbrecht zoon van wijlen Wouter Ghijsels als man van Aleijt dochter van wijlen Ariaen van Dijck, die Ariaen voors. verwekt had bij wijlen Katharina zijn vrouw dochter van wijlen Willem Eelkens, met Willem zoon van wijlen Henrick van Dijck zoon van wijlen Ariaen van Dijck voornoemd verkopen aan Herman zoon van wijlen Gherart Hermans ten behoeve van hem en van Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens, met afgaan en vertijen, elk het versterf en recht van versterf als elk van hen verstorven was van wijlen Beatris dochter van wijlen Willem Eelkens, de tante van Aleijt voors. en oud-tante van Willem voors., in alle havelijke en erfelijke goederen, het zij deze goederen of enige daarvan Peter zoon van wijlen Bertolomeus Verlijnden als weduwnaar van wijlen Beatris voors. uit kracht van zeker testament alsnog blijft bezitten en na zijn dood pas vervallen zullen of reeds vervallen zijn en door hem vermaakt en overgegeven zijn, hoedanig deze goederen mogen zijn en waar ze ook gelegen mogen zijn of bevonden zullen worden, het zij in harde etc., binnen de parochie van Tilburg of ook daarbuiten, niets daarvan uitgezonderd

Id. Fol 41 (1-2-1548) Willem zoon van wijlen Henrick Eelkens, Dierck zoon van wijlen Pauwels Henrick Eelkens en Jan zoon van wijlen Meeus Maes als man van Engel dochter van wijlen Henrick voors. verkopen elk met afgaan en vertijen aan Herman zoon van wijlen Gherit Hermans en Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens het versterf en recht van versterven, wat hen en elk van hen aangekomen en vestorven is van wijlen Beatris dochter van wijlen Willem Eelkens, de tante van Willem en Engel voors. en de oudtante van Dierck voors., in alle havelijke en erfelijke goederen, etc.

Id, fol 44 v (28-3-1548) Jan zoon van wijlen Ariaen Zomers als man van Marie dochter van wijlen Henrick Eelkens verkoopt aan Herman zoon van wijlen Gherit Hermans en Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens, met afgaan en vertijen, het versterf en recht van versterven wat hem in de naam van zijn vrouw voornoemd aangekomen en verstorven was van wijlen Beatris dochter van wijlen Willem Eelkens, etc.

Idem, fol 45r-47r (28-3-1548) Peter zoon van wijlen Bertolomeeus Verlijnden weduwnaar van Beatris dochter van wijlen Willem Eelkens (...)ter ener zijde en Herman zoon van Gherit Hermans en Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens als opvolgers van de vrienden en erfgenamen van wijlen Beatris voornoemd door uitkoop door hen van de goederen, hen aangekomen en vertorven?? van Beatris voors.,; (...)hebben een zekre erfdeling en erfscheiding gemaakt van de goederen, die Peter en wijlen Beatris voors. toen ze samen leefden bezaten (... deel van Peter: levenslang vruchtgebruik...) Hiertegen zullen Herman en Cornelis voors.samen hebben een huis, hof, schuur, schaapskooi, warkenskooi met grond en toebehoren en met de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende gelegen in de parochie van Tilburg aan het Laar(...) Nog hiertoe een stuk erfenis in heide en weide gelegen in de parochie voors. in die Schooten (...) Nog een stuk land in de parochie voors. in Corvel Acker (...) Nog hiertoe een stuk beemd groot ca 6 lopensaet gelegen in de Ghilsche Vucht op het eind van de Vijfhoeven (...) Nog hiertoe een stuk beemd groot ca 1 bunder gelegen in de Ghilsche Vucht genaamd die Langh Hoeven (...); Nog hiertoe 2 stukken beemd elk groot ca 2 lopensaet gelegen in d'Oude Moelen het ene stuk beemd (...); Nog hiertoe een stuk land groot ca 51/2 lopensaet gelegen in de parochie van Tilburg in die Laersche Ackeren op Conincxvoert (...) Nog zullen ze hebben een jaarlijkse cijns van 29 stuivers en 3 oirtstuivers, die men jaarlijks hefte op Cornelis Cornelis Wouters te los staande met 25 karolus guldens volgens de brieven die daarvan zijn.(...) Waaruit Herman en Cornelis voors. zullen gelden, te weten uit het huis etc. 1 mud rogge erfpacht aan Wouter Beerten te betalen. (...)

Id. Fol 47v (28-3-1548) Daar Peter zoon van wijlen bertolomeus Verlijnden als weduwnaar van Beatris dochter van wijlen Willem Eelkens zekere deling en scheiding gemaakt had met Herman zoon van wijlen Gherit Hermans en Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens (...)

daarom zijn gestaan voor schepenen deze Herman en Cornelis voornoemd et promiserunt super se et bonan habita et habenda aan Peter voornoemd ten behoeve van hem en alle anderen, die dat enigszins zal mogen aangaan, dat ze nu en ten eeuwigen dage met de voors. deling en de goederen hen daarin toebedeeld tevreden zijn en zullen blijven op alle manieren (etc...)

Id fol. 49v (23-3-1548) Herman zoon van wijlen Gherit Hermans en Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens verkopen aan Jan zoon van wijlen Adriaen Zomers met afgaan en vertijen een stuk land hen toebehorende groot ca 1 lopensaet gelegen in de parochie van Tilijburg?? in de Laer in de Ackeren aldaar

ORA Tilburg 297 fol 18r (27-5-1551) Jan zoon van wijlen Adriaen Zomers als momber en Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens als toeziener van Margriet onmondige dochter van wijlen Adriaen zoon van wijlen Adriaen Zomers door deze Adriaen verwekt uit wijlen Mechteld zijn eerste vrouw dochter van wijlen Sijmon Reijnkens voornoemd, waar Jan en Cornelis voors. voor instonden en geloofd hebben, hebben wettelijk en erfelijk overgegeven aan Anna nagelaten weduwe van Adriaen Adriaen Zomers, haar te tochten en voor haar wettige kinderen door deze wijlen Adriaen Adriaen Zomers voors. het erfrecht daarvan te blijven, met afgaan en vertijen etc., een jaarlijkse en erfelijke cijns van 50 stuivers, Margriet voors. toebehorende, welke cijns voors. Willem zoon van wijlen Peter Mutsaerts als man van Jenneke dochter van wijlen Henrick Gherit van Dun als schuldenaar geloofd en gevest had aan Adriaen Adriaen Zomers ten behoeve van Margriet zijn dochter voornoemd, te betalen elk jaar op Onze Lieve Vrouwedag lichtmis uit een huis, hof, schuur met de grond en toebehoren en uit de erfenis daaraan gelegen en daartoe behorende, groot ca 8 lopensaet, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd op die Horevoert (...)

ORA Tilburg 297 fol. 42 (30-12-1551) Corneliske weduwe van Reijner Sijmon Reijnkens, dochter van wijlen Denijs Mutsaerts, met Jan zoon van wijlen Wijtman Joest Lenaerts haar huidige man ter ener zijde en Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens als momber en Adriaen zoon van wijlen Denijs Mutsaerts met Herman zoon van wijlen Gherit Hermans als toezieners van Ariaena, Kathelijn en Anneke, gezusters, minderjarige kinderen van wijlen Reijner en Corneliske voornoemd, (...)in presentie en tegenwoordigheid echter van Ariaena en Kathelijn, oudste dochters van wijlen Reijner en Corneliske voornoemd, ter anderer zijde en ze hebben, om twist en onmin te voorkomen (...)een zekere verklaring, accoord en deling gedaan en gemaakt (...) Ten eerste heeft de voors. Corneliske beleend, voorgeschoten en betaald heeft in haar weduwlijke staat 10 karolus gulden en nog gedurende het huwelijk tussen haar en Jan haar huidige man voors. 25 karolus gulden, die samen ingelegd zijn in de lossing van 4 karolus gulden en 31/2 stuiver per jaar die men jaarlijks betaalde aan Heijlwig huisvrouw van Thonis Smolders. Nog heeft Corneliske gdurende het huwelijk van haar en Jan voors. betaald 28 karolus gulden in de brandschat gedaan aan de vijand in de jaren 41 en 42 laatstleden. Nog aan Jan Jan Zomers de jonge betaald 2 karolus gulden ter zake van zekere composite, die zij met de haren kennelijk aan heeft moeten gaan ter zake van zeker geschil, gerezen aangaande de goederen van de eerste vrouw van de voors. Jan Jan Zomers, die een dochter was van Cornelis Jan Sijmons, en insgelijks aan Peter Peter van Spaendonck nog 28 stuivers ook ter zake van zekere kennelijke compositie met hem aangegaan. Item nog 31/2 karolus gulden en 5 stuivers, die ze ingelegd heeft in de los van 19 lopen rogge jaarlijks, die men jaarlijks betaald heeft aan Jacop dochter van wijlen Peter Mutsaerts. Daarom hebben de voornoemde momber en toezieners (...) geloofd dat de voors. Jan zoon van wijlen Wijtman Joest Lenaerts voornoemd met Corneliske zijn huisvrouw en hun beider kinderen, die ze bij elkaar verwekt hebben, dat als het de voornoemde voorkinderen van Corneliske of hun mombers in hun naam gelieven zal tegen hun moeder voors. een deling te doen, zoals het volgens het recht van de bank van Tilburg behoort, zij dan vooruit zullen hebben uit alle gereedste goederen, die in deze deling zullen vallen, zoveel geld als de voors. voorgeschoten sommen samen belopen, te weten 70 karolus gulden en 3 stuivers (...)

ORA Tilburg 298 fol 117v (21-3-1553) belending van een stuk land groot ca 11/2 lopenaset gelegen in die Laersche Ackeren: erfenis van Aertke weduwe van Cornelis Sijmon Reijnkens met haar kinderen; nog uit een stuk land groot ca 5 vierdevaetsaet gelegen idem: erfenis van de weduwe met de kinderen van Cornelis Sijmon Reijnkens voornoemd. Idem, 299 fol 33v (24-1-1554) belending van een huis en hof met een schuur en erfenis aan die Stockhasselt: erfenis van Corneliske weduwe van Reijner Sijmon Reijnkens met haar kinderen een einde.

RA Tilburg 4-2-1562 (307:86v) Sijmon en Gielis zoon van wijlen Wierick Gielis als man en momber van Anneke zijn huisvrouw, broer en zuster, kinderen van wijlen Cornelis Sijmon Reijnkens, door deze Cornelis en uit wijlen Aertke diens huisvrouw, dochter van wijlen Aert Henrick Verhoeven samen verwekt en verkregen, verkopen aan Willem Wouter Gerits alzulk versterf en recht van versterven als hun en elk van hen van hun ouders voors aangekomen en bestorven zijn in alle havelijke en erfelijke goederen, hoedanig zie zijn mogen en waar en tussen wie deze gelegen, bevonden of vergolden mogen worden, het zij in harde in weke, in hoge, in lage, in diepe of in droge of zo waar men die enigszins in hun naam zal mogen bevinden, zowel buiten de parochie van Tilborch als daarbinnen, niets daarin uitgezonderd.

Bijgenaamd Reijmbouts; vermeld 1544-78.

Op 4-2-1562 treedt zoon Simon op als voogd voor zijn zus Anneke.

Op 30-12-1551 is Cornelis nog voogd van een nichtje.


Huwt

51.211   Aertken Aert VERHOEVEN

FamilienaamIndex 51.211Vader 102.422Moeder 102.423

Overleden Tilburg voor 1557

In ORA Tilburg 1557 worden 'de kinderen van Cornelis' (en niet: weduwe en kinderen) als belenders van een stuk land genoemd.

Kinderen

  1. Simon, vermeld 1562
  2. Ida
  3. Catharina, huwt Willem Wouter Gherit Zibben; maken testament (zij is dan ziek) 22-3-1559 (ORA Tilburg 304 f. 68)
  4. Anna, huwt Gielis Wierick Gielis, vermeld 1562
  5. Margriet
  6. Heilwich
  7. Adriana Zie 25.605
  8. Jan

TerugBegin van generatie


51.212   Antonis Antonis WIJVENS

FamilienaamIndex 51.212 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Waarschijnlijk molenaar, evenals zijn zoon. Daarom is het niet altijd duidelijk welke akten aan de vader Antonis Antonis en welke aan de zoon Antonis Antonis Antonis moeten worden toegeschreven.

In een huis te Riel, vermeld Hilvarenbeek (nalatenschap) 1616, nog niet nagezocht.

Processen in civiele zaken (Tilburg)

(1033) De erfgenamen van Robrecht Haenrickx contra Anthoenis Anthoeniss., betreft schulden uit de dode hand, 1563.

(1038) Anthoenis Anthoenisz. die Moelder contra Gheerit Anthoenis Jan Adriaensz., betreft het terugbetalen van gelden vanwege het niet doorgaan van de koop van een stuk weiland, 1563, 1566.

(1053) Anthonis Anthoniss. de Molder contra Jan Jan Somers, betreft betaling van een mud rogge, 1566.

(1067) Anthonis Anthoniss. de Molder contra Jan Peter Vranken, betreft betaling van een schuld, 1567.

(1082) Jan Henrick Corneliss. contra Antonis Antonissen, betreft een obligatie (?), 1567.

ORA Tilburg (307 fol 47v dd 20-1-1562) Dezelfde verkoper [erven Henrick Jan Zwijssen], (…. Verkoopt aan) Anthonis Anthonissen de Moeldere, met afgaan en vertijen etc, een stuk land groot ongeveer 4 lopensaet en een vierdevaetsaet, gelegen in de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd in de Schijve aen de Moelen, aldaar tussen: erfenis van de kinderen van Wouter Willem Wouter Jacops een zijde; erfenis van Henrick Peter van Spaendonck en van Jan Dionijs Crillaerts ander zijde; erfenis van Elizabeth weduwe van Anthonis Dionijs Meijnairts een einde; erfenis van de erfgenamen van Jan Jan Mijss ander einde (…)

In 1576-77 verwikkeld als mede-eiser van de erven Joost Joosten in een proces tegen de erven Dionijs Crillaerts (Hilvarenbeek?).


Huwt

51.213   Cornelia Joost JOOSTEN

FamilienaamIndex 51.213Vader 102.426Moeder 102.427

Kinderen

  1. Gerrit
  2. Antonis Zie 25.606
  3. Adriaen
  4. Aleyd
  5. Maria

TerugBegin van generatie


51.214   Laureys Aert LEYTEN

FamilienaamIndex 51.214Vader 102.428Moeder 102.429

Geboren voor 1522

ORA Tilburg (292 fol 42v dd 14-1-1546) Jorijs Cornelis Meeus Otten als man van Jenneke dochter van Cornelis Jan Zwagemakers, die Cornelis voors. verwekt had bij wijlen Hadewig zijn vrouw, dochter van wijlen Gherit Peter Eelkens, verkoopt aan Laureijs Aert Leijten een stuk erf in weiland gelegen te Tilburg bij de Hoevel in het Hoevelstraetke (…).

ORA Tilburg (292 fol 71 dd 20-2-1546) Laureijs zoon van Aerdt Leijten heeft geloofd als schuldenaar te betalen aan Jan zoon van wijlen Joest berijs Eelkens een jaarlijkse en erfelijke cijns van 25 stuivers uit-huis, hof, grond en erf, groot ca 1 lopensaet, gelegen te Tilburg in de Hoevel in de Koestraet (…) Nog uit een stuk weiland groot ca 5½ lopensaet gelegen te Tilburg in het Hoevelstraetke (…)

ORA Tilburg (305 fol 69v dd 18-2-1560) Cornelis Aert Roeloffs en met hem Aert zijn vader hebben beloofd als principaal schuldenaars te gelden, te geven en wel te betalen aan Laureijs zoon van wijlen Aert Leijten een jaarlijkse en erfelijke pacht van een mud rogge, elk jaar te vergelden op Onze Lieve Vrouwedag Lichtmis en voor de eerste termijn op Onze Lieve Vrouwedag Lichtmis nu a.s. uit en van een stuk land, groot ongeveer 2½ lopensaeat, gelegen in de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd Looven Acker (…) Nog uit en van een stuk beemd, groot ongeveer 6 lopensaet, gelegen in de parochie voors ter plaatse genaamd de Heze (…) Te mogen lossen ten schoonste altijd met Lichtmis met 50 karolus gulden.

ORA Tilburg (305 fol 88 dd 9-4-1560) (…) Toen dit alzo gedaan was zijn gestaan voor schepenen ondergeschreven Jaspar en Zeger, gebroeders, Gherijt zoon van wijlen Gherit Wijten als man en momber van Heijlwich diens huisvrouw en Aert Jan Smolders als man en momber van Jenneke diens huisvrouw, voor henzelf, ook vervangende Anna en Anna, gezusters, echter tegenwoordig staande, allen kinderen van Berthout zoon van wijlen Jaspar Backx voors, legitime et hereditarie vendiderunt et supportaverunt aan Laureijs zoon van wijlen Aert Leijten, met afgaan en vertijen etc, een huis, hof met de grond en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, groot ongeveer vijf lopensaet min 6½ roede, gelegen in de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd op het einde van de Hoevel in de Koestraet (…)

ORA Tilburg (307 fol 20v dd 6-11-1561) Cornelis zoon van Henrick Cornelis van Halle als man en momber van Elizabeth zijn huisvrouw, natuurlijke dochter van wijlen meester Peter Smitten heeft geboden zijn blijkende penningen, die naar zijn zeggen zijn eigenste waren, te weten godspenning, wijnkoop, briefgeld en hoofdsom om te lossen en te kwijten in recht van naarderschap alzulk deel in een huisje, hof met de grond en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, groot ongeveer 1½ lopensaet, zoals Zebrecht Keijen als man en momber van Magdalena zijn huisvrouw, dochter van wijlen mr Smitten voornoemd verkocht heeft gehad aan Laureijs zoon van wijlen Aert Leijten, gelegen binnen de parochie van Tilburg ter plaats genaamd teijnden den Hoevel, (…).

ORA Tilburg (307 fol 68v dd 20-2-1562) Bekend zij aan eenieder, dat gekomen en gestaan zijn geweest voor schepenen ondergeschreven Laureijs zoon van wijlen Aert Leijten enerzijds en Adriaen zoon van wijlen Lenairt Aerts anderzijds en ze hebben van zekere van hun erfelijke goederen een zekere erfruil en erfwisseling gedaan en gemaakt zoals hierna beschreven.(…) Welke voors helft de voornoemde Laureijs in koop erfelijk verkregen had van Zeverijn Keijen als man en momber van Magdalena zijn huisvrouw, dochter van wijlen meester Peter Smits, (…) Hiertegen zal de voornoemde Laureijs van de voors Adriaen hebben, houden en erfelijk bezitten de helft van 2 lopensaet heiveld gelegen binnen de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd aen Peter Beijendijck, (…)

ORA Tilburg (308 fol 29v dd 17-11-1562) Niclaes van Lier zoon van wijlen Niclaes van Lier heeft beloofd als een principaal schuldenaar te gelden, te geven en wel te betalen aan Laureijs zoon van wijlen Aert Leijten een jaarlijkse en erfelijke cijns van zeventig stuivers, (…) Te mogen lossen ten schoonste altijd met 50 karolus gulden.


Huwt (1) voor 1550

Margriet Gerrit Jan BROCKEN

FamilienaamIndex


Huwt (2)

51.215   Beatris Diercks de LUWE

FamilienaamIndex 51.215Vader 102.430Moeder 102.431

Overleden voor 1555

ORA Tilburg (288 fol 69 dd 3-4-1542) Gekomen zijn voor schepenen Laureijs Aert Leijten en Beatris dochter van wijlen Dierck de Luwe zijn huidige vrouw en ze hebben een testamant gemaakt (…) ten bate van de langstlevende (…) En ingeval iemand van hun erfgenamen hiertegen rebelleert, die vermaken zij uit al hun goederen 1 Oude Groten eens of de waarde daarvan en diens portie zal vervallen aan de goedwillende, behalve dat de langstlevende van hetgeen er overschiet nademaal kerkrechten, kosten van uitvaart en alle wettige schulden betaald zal zijn daarvan te ordineren en hetzelve zal laten na diens dood zoals hij of zij naar diens geweten en tot diens zielezaligheid zullen bevinden naar Gods recht behorende, willende dat dit hun tegenwoordig testament door al hun vrienden en magen onderhouden zal worden.


Zij huwt (1)

Adriaen Mathijs van GERP

FamilienaamIndex


Huwt (3)

Anna Niclaes Willem de CUYPER

FamilienaamIndex

Natuurlijke dochter van heer Claes Willems, priester (+voor 1561), wiens nalatenschap wordt verdeeld in 1561 (ORA Tilburg (306 fol 55v dd 24-1-1561)) tussen zijn natuurlijke kinderen bij Dingena Jan Back: (1) Jorijs, (2) Anna vrouw van Laureijs zoon van wijlen Aert Leijten; (3) Marike vrouw van Adriaen Adriaen van Drongelen alias Van Os (1555); (4) Anthonia, vrouw van Jan Adriaen Smoelders; (5) Jutke (+voor 1561), gehuwd met Gerijt Dionijs Reijnen, ouders van de minderjarige Claeske; en (5) Willem natuurlijk zoon van wijlen heer Claes Willem Laureijs, als koper. Verder is er nog de kennelijk ongehuwde zuster Kathelijn (cf. ORA Tilburg (301 fol 29v dd 13-12-1555))

Kinderen

  1. (uit 1) Jan
  2. (uit 1) Catharina
  3. (uit 2) Digna Zie 25.607
  4. (uit 3) Niclaesken
  5. (uit 3) Paulijn
  6. (uit 3) Aert
  7. (uit 3) Paulyna

TerugBegin van generatie


51.216   Gherit Jans BROCK

FamilienaamIndex 51.216Vader 102.432Moeder 102.433

Geboren voor 1512
Overleden Tilburg na 13-10-1575 (Van Amelsvoort 2011:445)

Pachter van een hoeve in Brockhoven (Tilburg) (lang) voor 1553; deken van het Heilig-Sacramentsgilde (Tilburg, 1546). Vgl. Brabantse Leeuw 1999.

Mogelijk van Helvoirt afkomstig. Gherit zoon van wijlen Jan Brocken, vermeld 14-6-1546 (RA Tilburg 293:12v) als een der dekens van het Gilde van het Eeerwaardig Heilig Sacrament in de kerk van Tilburg.

Volwassen voor 1536.

RA Tilburg 7-12-1562 (308:44) Gerit zoon van wijlen Jan Brocken als man en momber van Deliana, zijn huisvrouw, dochter van wijlen Wouter van Haren (...) verkoopt aan Jan zijn zoon, die hij uit de voors Deliana zijn huisvrouw verwekt en verkregen had, al alzulk versterf en recht van versterven als aan de voors Deliana zijn huisvrouw dochter van wijlen Wouter van Haren, haar vader, aangekomen en verstorven was, in al zijn goederen zo waar en tussen wie deze gelegen zijn of bevonden mogen worden, alleen binnen de parochie van Ghoerll en niet meer, aan hem Gerit evenwel gereserveerd en door hem behouden zijn recht, actie en toezeggen in een zekere tiende in de parochie voors, zoals hij zeide.

RA Tilburg 4-2-1562 (307:64v) Jan zoon van wijlen Mathijs Matheeus, die deze Mathijs verwekt en verkregen had bij en uit wijlen Margriet zijn huisvrouw, dochter van wijlen Wouter van Haren, voor hemzelf en de voornoemde Jan nog uit kracht en macht van opdracht in de helft van een versterf, hem door Peter zijn broer heden des daags alhier opgedragen, voor welke helft de voornoemde Jan zich sterk voor maakte en gelofte deed, lverkoopt aan Gerit zoon van wijlen Jan Brocken, met afgaan en vertijen etc, al alzulk versterf, recht en deel hem op de manier als voor toebehorende in een stuk land genaamd genaamd de Houtacker gelegen in de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd Looven aen de Brouckzijde.

RA Tilburg 4-2-1562 (307:65), copie van een akte van 4-2-1531: Jan Gerit Jan heeft verkocht aan Gerit zoon van wijlen Jan Brocken zijn vader het vijfde deel hem toebehorende in een stuk land genaamd de Houtacker, de gehele akker groot ongeveer 10 lopensaet, gelegen binnen de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd aen de Brouckzijde.

RA Tilburg 5-12-1561 (307:27) Gerijt zoon van wijlen Jan Brocken aan Jan zijn zoon, een huis, hof, schuur met de grond en erfenis daar aanliggende en daartoe behorende, groot ongeveer 11 lopensaet, gelegen in de parochie van Ghoerll ter plaatse genaamd Abcoven (...) Welk voors huis, hof,schuur en erfenis de voornoemde Gerijt gekocht en verkregen had van de momber en toeziener van Jan, Geertruijt en Marike, broer en zusters, onmondige kinderen van wijlen Jan Willem Meeus en wat aan deze kinderen aangekomen en bestorven was van wijlen Willem Meeus, hun grootvader, en aan hen tegen Adriaen Henrick Aben toebedeeld en toegevallen was pro ut in diversis literis de (zoals in verscheidene brieven van) Tilborch. (...) Jan voors daaruit moet blijven gelden 2 mud rogge per jaar erfpacht te betalen daan de Provisoren der Taeffelen des Heijligen Geests in Tilborch; nog 2 blancken min 1/2 oirt erfcijns te betalen aan de persoonschap van Ghoerll. Nog moet hij onderhouden `sHeren schouwen van de akkeren en de waterlaat, zoals men die van oude tijden her schuldig is te onderhouden. Daarbij moet hij nog onderhouden de hekkenpost, waaraan het hek naast dit erf hangt, zonder arglist.

RA Tilburg 10-12-1561 (307:30) Een mud rogge per jaar erfpacht te betalen aan Gerijt Jan Brocken, genoemd bij verkoop door Adriaen zoon van wijlen Aert de Cort als man en momber van Lucia zijn huisvrouw, dochter van wijlen Henrick de Bont aan Jan zoon van wijlen Jan Wouters als man en momber van Johanna zijn huisvrouw, dochter van wijlen Henrick die Bont voornoemd zijn zwager, van de helft onbedeeld in 17 lopensaet zaailand, enigszins meer of minder, met het huis, schuur en schop daarop staande, gelegen in de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd Looven

RA Tilburg 25-2-1561 (306:77) Jonkvrouw Beatrix van Coulsteren, dochter van wijlen jonkheer Geerbrant van Coulsteren cum tutore legitime et hereditarie supportavit aan jonkheer IJsbrand van Merode zoon van wijlen jonkheer Johan van Merode in zijn tijd heer van de voogdij tot Duffelen en Muggenborch etc die deze jonkheer Johan van Merode verwekt en verkregen had bij en uit wijlen jonkvrouw Catherina diens wettige huisvrouw, dochter van wijlen jonker Geerbrant van Coulsteren, haar gerechte neef, simul cum omnibus literis et jure, met afgaan en vertijen etc, het Huijs tot Broeckhoven met de timmeringen daaraan gelegen als stallingen, brouwhuis, bakhuis met al het huisraad daarin zijnde en daartoe behorende, met de hof en zekere andere erfenissen daaraan en daarbij liggende, zoals deze jonkvrouw die tot nu toe bewoond, bezeten en gebruikt heeft, nog drie hoeven hier voor en achter aan liggende met alle timmeringen daarop staande en daartoe behorende, waarvan de eerste nu tegenwoordig door Gerijt Jan Brocken, de tweede door Mathijs Peter Berijszoon en de derde door Claes Claes in pachting onder hun ploegen bedreven, beteeld en gebruikt worden met alle grondgewassen zowel schaarhout als opgaand eikenhout hier voor en rondom aan alle zijden gestaan, gelegen binnen de parochie en Heerlijkheid van Tilborch naast de erfenis aan enkelen van de kinderen van wijlen Dierck Back toebehorende.

Deze pachthoeve komt vaker voor in de rechterlijke archieven van Tilburg:

RA Tilburg 4-8-1556 (306:16) Jonkvrouw Beatris van Coulsteren aan Jan Cornelis van Os van Oesterwijck een jaarlijkse en erfelijke pacht van vier mud rogge in de maat van Oesterwijck en in Oesterwijck te leveren ... van en uit een hoeve met alle haar toebehoren, aan de voors. jonkvrouw toebehorende, gelegen in de parochie van Tilburg ad locum dictum (ter plaatse genaamd) te Broeckhoven bij het Huis en woning van deze jonkvrouw Beatris voors., in alle grootte als deze hoeve voors. gelegen is aldaar en zoals Gherit Jan Brocken zoon als laat deze hoeve in gebruik heeft en onder zijn teelt hebbende is en lange tijd gehad heeft, te weten huis, hof, land, zand, weiden, beemden en heivelden, alles aan de voors. hoeve toebehorende, niets uitgezonderd.

RA Tilburg 15-9-1553 (299:16) Jonkvrouwe Beatris van Coulsteren aan Laureijs zoon van wijlen Henrick Zwijsen een jaarlijkse en erfelijke cijns van 10 karolus gulden, (...)uit 3 hoeven zoals de voors. jonkvrouw Beatris die heeft liggen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd Broeckhoven bij het huis van jonkvrouw Beatris voors. (...) Gherit Jan Brocken de ene, Henrick Jan Verschueren de andere en Embrecht Embrecht Canters als laten en pachters.

RA Tilburg 26-4-1540 (287:8v) Jonkvrouw Ariaen en Jonkvrouw Beatrijs dochters van wijlen Gheerbrandt van Coulsteren bekennen schuldig te zijn aan Henrick Laureijs Zwijsen ten behoeve van Kathelijn weduwe van Embrecht Embrecht Goessens een jaarlijkse en erfelijke cijns van12 karolus gulden van 20 stuivers uit 3 hoeven hen toebehorende, met huis, hoeve, erf, land, hei en wei, gelegen te Tilburg in Broeckhoven voor hun huis, op welke hoeven, op de ene Gherit Jan Brocken laat is, op de tweede Jan Verschueren en op de derde Embrecht Embrecht die Canter.

Vergelijk ook: RA Tilburg 22-5-1543 (290:11) Daar Gherit Brocken als gemachtigde van Juffrouw Adriaena en Juffrouw Beatris, gezusters, dochters van wijlen Geerbrandt van Coulsteren, zijnde in gebreke van betaling van een jaarlijkse en erfelijke cijns van 12 Karolus gulden op had doen winnen de onderpanden van de voors.erfcijns en de koop van recht daarvan had,en daar die onderpanden niet sterk genoeg waren om tot volle betaling van de voors.erfcijns en de achterstallige cijns daarvan te komen, nog op had doen winnen zekere andere gronden, destijds toebehorende aan Jan Goijaerts, schuldenaar, gelover van de voors.erfcijns, en de koop van recht daarvan ook ontvangen had, zoals dat in verscheidene schepenbrieven van Tilburg beschreven staat, welke kopen bejaard en bedaagd zijnde, daarom Gherit voors.als gemachtigde als boven tesamen ene verbuet doen leggen met Zondagse geboden in de kerken van Tilburg en Goirle om daar voor ten hoogste te zitten en te verkopen ten huize van Jan van Grevenbroeck. Het verbuet gehouden zijnde op datum van heden en de kaars ontstoken zijnde, zo is daar verschenen Gherit voors. en heeft geboden hetzelfde wat hij in de koop van de onderpanden en de waaldogenschappen daarvoor geboden had en er is niemand anders gekomen, die daar iets meer voor geboden heeft en zo is Gherit als gemachtigde als boven aan die onderpanden en waaldogenschappen gebleven en heeft de koop daarvan behouden.

RA Tilburg 28-3-1561 (306:90) Jan zoon van Gerijt Jan Brocken en Willem zoon van wijlen Jan Claes Voskens als door de Heer aangestelde momber en toeziener van Jan, Geertruijt en Marike, broer en zusters, onmondige en minderjarige kinderen van wijlen Jan Willem Meeus door deze Jan en uit Marie diens huisvrouw, dochter van wijlen Jan Claes Voskens samen verwekt, verkopen aan Jan Peter Berijs ten behoeve van Gerijt zoon van wijlen Jan Brocken, met afgaan en vertijen etc een huis, hof, schuur met de grond en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, groot circa 11 lopensaet en 2 roeden, gelegen in de parochie van Ghoirll ter plaatse genaamd aen de Abchoven, (...) dat Gerijt koper voornoemd hieruit moet gelden 2 mud rogge per jaar erfpacht te betalen aan de Provisoren van de Taeffelen des Heijligen Geest in Tilborch en nog twee blancken min een half oort stuiver ongeveer erfcijns te betalen aan de Persoonschap van Ghoirll. Nog moet hij onderhouen `sHeren schouwen van de waterlaat zoals men dat van oud tijden her schuldig is te onderhouden en bovendien nog moet hij onderhouden de hekkenpost, daar het hek naast dit erf aan hangt. belovende verder op verbintenis als boven dit verkopen, overgeven, opdragen etc en alle kommer en calangie daar meer op komende allemaal voor hem af te doen. Idem: RA Tilburg 8-5-1560 (306:89 los blad) Adriaen Henrick Aben heeft een stukje land overgegeven en opgedragen aan Jan Gerijt Brocken op alle manieren zoals het hem door de momber en toeziener van de minderjarige kinderen van wijlen Jan Willem Meeus verkocht is geweest.

RA Tilburg 8-1-1561 (306:50) Gerijt zoon van wijlen Jan Brocken als momber en Wouter zoon van wijlen Michiel Quaps als toeziener van Elizabeth minderjarige dochter van wijlen Peter Pauwels Melijs in de naam en als recht hebbende zoals de momber en toeziener voors zeiden van de erfgenamen en nakomelingen van Marie de Oudste dochter van wijlen Gillis Pauwels, bij de erfdeling.

RA Tilburg 5-1-1559 (304:65 los blad) Gherit Jan Brocken, Jan Jan Lemmens, Jan Ghijb Seghers, de weduwe van Neelke Jan Aertsen, Machiel Willems, Toen, Laureijsen en Tij, kinderen van Willem, als pachters van de oude Tiend van het Convent van Tongerloe, beloopt jaarlijks LXXIII mud rogge en drie mud haver en 8 gulden als rantsoen. Gebracht de 17e januari anno 58 (o.st.)

RA Tilburg 12-7-1558 (304:19): anderhalf mud rogge erfpacht voors aan Gherit zoon van wijlen Jan Brocken, bij verkoop van een derde deel daarvan door diverse erven van Claes en Marie.

RA Tilburg 1-2-1556 (301:49) een mud rogge jaarlijkse en erfelijke pacht, wat Jacop voors. in de naam van zijn huisvrouw voornoemd tot nog toe heft op Cornelis zoon van wijlen Jan van Boerden en Gherit Gherit Jan Brocken, zijn zwager uit, zekere onderpanden die aan de voors. Cornelis en Gherit samen toebehoren en gelegen zijn in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd aenden Ouden Dreijboom, verkocht door Jacop zoon van wijlen Peter van Doren als man en momber van Marie zijn huisvrouw, dochter van wijlen Bartholomeus Rubbens Cornelis zoon van wijlen Jan van Boerden. Uit erfdeling kinderen van wijlen Bartholomeus Rubbens voor schepenen van Hilvarenbeek gedaan.

RA Tilburg 19-8-1553 (299:15) Adriaen zoon van Willem Henrick Eelkens heeft overgegeven aan Gherit zoon van wijlen Jan Brocken, een vierde deel hem toebehorende in een stuk land genaamd de Hoghe Dries in alle grootte als dat vierde deel gelegen is en aan Kathelijn dochter van wijlen Jan Meeus eertijds aangekomen en verstorven is geweest van wijlen Adriaen zoon van wijlen Anthonis Meeus, haar neef, en zoals dat vierde deel het zij bedeeld of onbedeeld haar toebehoorde en gelegen is in de parochie van Goirle ter plaatse genaamd tussen de kerk van Goirle en de Abchoven (...) In margine: Item Gherit Jan Brocken in deze begrepen heeft toegestemd, dat men deze veste en opdracht zal doden en zo heeft Adriaen bovengenoemd dit vierde deel in het stuk land hierin begrepen wederom overgegeven en opgedragen aan Willem zoon van wijlen Jan Meeus samen met de brieven, op de manier zoals hij dat aan Gherit voors. gedaan had.

RA Tilburg 3-5-1553 (299:10) Heer Henrick de Raet, priester en pensier van het convent van Tongerlo heeft onder voorwaarden hierna verklaard uitgegeven en in gerechte pacht verpacht aan Willem Willem Laureijs, Mathijs zijn zoon, Ghijsbrecht Peter Zegers, Gherit Jan Brocken, Jan, Jan Lemmens, Jan Aert Jacops en Jan Ghijsbrecht Beerten de oude tiend van Tilburg aan het convent voors. toebehorende en dat voor een termijn van 6 jaar durende, (...) de voornoemde tiendenaars zullen ter zake van de verpachting van de voors. tiende schuldig zijn elk jaar gedurende de voors. termijn te betalen aan de pensier vanwege het vonvent voors. 73 mud rogge en 3 mud haver (...) en daartoe nog hem elk jaar als rantsoengeld te betalen 8 karolus gulden, 20 stuivers voor de gulden (etc.). Idem 13-11-1545 (292:27) Gegomen is voor schepenen Heer Henrick de Raet, priester en pensier van het Godshuis van Tongerloe een heeft verpacht aan Ghijsbrecht Zegers, Gheraert Brocken, Willem Willem Laureijs, Mathijs zijn zoon, Marcelis Aert van vessem, Jan Aert Jacops, Jan Ghijsbrecht Beerten, Jan Jan Lemmens een Jan Wouter Willem Zegers een tiende, het Godshuis voors. toebehorende, genaamd de Oude Tiende, gelegen in Tilburg, en dat voor een termijn van 6 achtereenvolgende jaren, waarvan het eerste jaar zijn zal, het jaar 47 a.s. en dat op voorwaarden zoals gewoonlijk. (...) 73 mud rogge en 3 mud haver; (...) 8 karolus gulden (etc.) Idem 28-8-1539 (386:13) Broeder Andries de Wunne, pensier van het Godshuis van Tongerlo heeft verpacht aan (...) Gherit Brocken (...en anderen) de oude tienden in Tilburg toebehorend aan Tongerlo gedurende 7 opeenvolgende jaren, waarvan het eerste jaar 1540 zal zijn. (...) 73 mud rogge en 3 mud haver op de spijker te leveren met de maat van de spijker, het eerste jaar niet meer dan 71 mud rogge en de andere jaren elk 73 mud rogge. Item nog zullen de tiendenaars schuldig zijn te betalen den pensier 8 karolus gulden van 20 stuivers als rantsoengeld, elk jaar op Meidag. Idem RA Tilburg 5-5-1536 (283:3), voor de inflatie toesloeg: Broeder Gerit Vuchs, pensier van Tongerlo, verpacht aan (...diversen waaronder) Gerit Brocken de commertiend of de oude tiend, groot 71 mud rogge, 3 mud haver en 3 rijnsgulden rasoengeld. Te leveren op de Spijker te Tilburg. Het koren moet met vlegel en wan bereid zijn.

Belender (14-2-1553, 298:91) van een door Gherit Gherit Smolders aan Jan zoon van wijlen Claeus Wouter Marien, zijn medezwager, verkocht stuk land in Corvel Acker.

RA Tilburg 25-6-1552 (298:14) Jan zoon van wijlen Rutger Jan Crillaerts en met hem Gherit zoon van wijlen Jan Brocken, zijn schoonvader, hebben geloofd als schuldenaars gezamelijk, onverscheiden en elk voor hen allen te betalen aan Jan zoon van Jan Lambrecht van Boerden een jaarlijkse en erfelijke cijns van 621/2 stuiver (...) uit een vijfde deel, Jan eerstgenoemd toebehorende, in een huizing, hoving met de grond en toebehoren genaamd de herberg "Inde Wilden Man" gelegen of staande in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd aan de Hoevel, Nog uit een stuk land genaamd de Hautacker, de gehele akker ca 10 of 11 lopensaet groot, gelegen in de parochie voors. ter plaatse genaamd Loven aan die Broecksijde.

RA Tilburg 6-7-1550 (296:30) Jan zoon van wijlen Henrick Verhoeven en Gherit zoon van wijlen Jan Brocken als schuldenaars te betalen aan Henrick Laureijs Zwijsen een jaarlijkse en erfelijke cijns van 50 stuivers, uit 2 derde delen de voors. Jan eerstgenoemd toebehorende in een huis, hof, schuur, schaaps kooi met de grond en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, groot ca 11 lopensaet, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd Loven. Nog uit een vijfde deel de voornoemde Gherit toebehorende in een stuk land genaamd de Hautacker gelegen in de parochie en plaats voornoemd en welke cijns voors. te los staat met 40 karolus gulden (...) Adriaen zoon van wijlen Aerdt Verhoeven als man van Jenneke dochter van wijlen Wouter van Haren en heeft geloofd als schuldenaar op zich en op al zijn goederen, die hij nu heeft en nog later zal mogen hebben en verkrijgen, aan Jan en Gherit beiden voornoemd, dat hij Adriaen voors. de voors. cijns jaarlijks betalen zal (...) NB: Dezelfde pacht werd 24-5-1550 (296:15) ook uitgegeven, toen zonder overname door Adriaen Verhoeven.

RA Tilburg 21-4-1544 (291:1) Adriaen natuurlijk zoon van wijlen Aert Verhoeven als man van Jenneke,dochter van Wouter van Haren, verkoopt aan Gherit zoon van wijlen Jan Brocken een derde deel in een mud rogge jaarl. en erf. pacht uit een jaarl. en erf. pacht van 11/2 mud rogge, uit een stuk land, dat destijds van Jan van Wijfflit was (...) welk een derde deel van dat mud rogge erfpacht voors. Adriaen zoon van wijlen Aert Verhoeven,verkoper voors., toegekomen was bij opdracht van Willem zoon van wijlen Jan Meeus en Kathelijn dochter van wijlen Jan Meeus en hun mede erfgenamen van wijlen Jan Meeus, gedaan en opgedragen door Gherit Jan Brocken en Claeus Wouter Willems ten behoeven van Adriaen voornoemd. Idem, fol 64 (5-4-1544): verekoop door erven Jan Meeus aan Claeus zoon van wijlen Wouter Willems en Gheridt zoon van wijlen Jan Brocken ten behoeve van henzelf en ten behoeve van Ariaen natuurlijke zoon van wijlen Aert Verhoeven een mud rogge jaarlijkse en erfelijke pacht uit een erfpacht van 11/2 mud rogge (etc.). Idem, fol 64v) Willem zoon van wijlen Jan Meeus stelt tot mede onderpand van dat mud rogge zijn huis, hof en erfenis, groot ca 11 lopensaet, gelegen in de parochie van Goirle aan de Wachtelberch , andere erven beloven hem zo nodig te steunen. Idem, fol. 65v, begunstigden Claus en Gerrit verklaren Willem te steunen mochten problemen ontstaan omdat de pacht ooit bij testament van Adriaen Anthonis Meeus aan Wouter van Haren was toegedacht. Idem fol. 65: (...) overgegeven was een schepenbrief van Tilburg, waarmede Aert natuurlijke zoon van wijlen Bertout Backs de voors. 11/2 mud rogge erfpacht met overgegeven erfelijk verkregen had van Jan genaamd Wijsslit Backs, wezende van dato 1459 op de derde dag van juli (...) wanneer Willem cum suis voors. van node wezen zal de voors. schepenbrief te hebben om hun recht daarmee te vorderen op het half mud rogge erfpacht, hetwelk in de pacht van het 11/2 mud rogge zijn, dat ze hem dan de voors, brief zullen geven tot zij hun recht daarmee gevorderd hebben en zij hebben wederom geloofd super se et bona sua etc. de voors. schepenbrief weer ongecancelleerd en onbeschadigd terug te brengen in handen van Claeus cum suis.

Vergelijk ook: RA Tilburg 3-7-1542 (289:15) Adriaen natuurlijke zoon van wijlen Aert Henrick Verhoeven heeft verkocht aan Gherit zoon van wijlen Jan Brocken een jaarlijkse en erfelijke pacht van 11/2 mud rogge, welke pacht Aert, Claus en Jan, gebroeders, zoonen van wijlen Henrick Verhoeven en de voors. Jan voor Peter zijn broer Marcelis Aert van Vessem voor Sijmon zoon van wijlen Henrick Verhoeven, Jan zoon van wijlen Wouter Brocken als man van Elijsabet dochter van wijlen Henrick Verhoeven voors. en wouter zoon van wijlen Gherit Henrick Verhoeven, voor hemzelf en voor Adriaen en Willem zijn broers en Ariaena zijn zuster, als schuldenaars geloofd hadden aan Adriaen natuurlijke zoon van Aert Henrick Verhoeven voors. uit huis, hof, schuur en erfenis, groot 71/2 lopensaet, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd Loven

RA Tilburg 13-5-1542 (289:15) Zebrecht zoon van wijlen Jan de Pelser heeft geloofd als schuldenaar te betalen aan Gherit zoon van wijlen Jan Brocken een jaarlijkse en erfelijke pacht van 4 lopen rogge, elk jaar te betalen met lichtmis, uit huis, hof, en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende , groot ca 4 lopensaet, gelegen in de parochie van Goirle ter plaatse genaamd in die Abchoven (...) Idem fol. 16: Staat te los altijd met lichtmis met 9 karolus gulden van 20 stuivers samen met de jaarpacht en achterstel met sint Jansmis tevoren op te zeggen. Idem, RA Tilburg 4-4-1542 (288:69v) Zebrecht zoon van wijlen Jan de Pelser heeft geloofd als schuldenaar te betalen aan Jan Brocken een jaarlijkse en erfelijke pacht van 4 lopen rogge elk jaar erfelijks op Onze Lieve Vrouwedag lichtmis uit huis, hof en erfenis daaraan liggende gelegen in de parochie van Goirle in die Abchoven (...) Te mogen lossen altijd met lichtmis samen met de jaarpacht en achterstel met de somma van 9 karolus gulden van 20 stuivers per stuk.

RA Tilburg X-1-1542 (288:52) Peter zoon van wijlen Wouter Mutsaerts heeft geloofd als schuldenaar te betalen aan Gherit zoon van wijlen Jan Brocken een jaarlijkse en erfelijke pacht van 11/2 mud rogge elk jaar erfelijks op Onze Lieve Vrouwedag lichtmis en voor de eerste trermijn met lichtmis o.a. over een jaar uit een huis, hof, schuur n erfenis daaraan liggende, groot 12 lopensaet, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd in Oerl aan dat Ezelven; (...) Nog uit een stuk land groot ca 4 lopensaet gelegen in de parochie voors. ter plaatse genoemd in Corvel Acker (...) Nog uit een stuk land groot ca 3lopsaet gelegen in de parochie voors. ter plaatse genaamd in Corvel Ackeren bij de Heerwech (...) Te mogen lossen altijd met lichtmis over 6 jaar en niet eerder met 60 karolus gulden van 20 stuivers, samen met de jaarpacht en achterstel, behalve dat men gehouden is dat een half jaar tevoren op te zeggen.

RA Tilburg 6-2-1540 (286:52v) Jan zoon van wijlen Herman van Boerden bekent schuldig te zijn aan Gerit zoon van wijlen Jan Brocken een jaarlijkse en erfelijke pacht va n11/2 mud rogge uit huis, hof, schuur en erf, groot 21/2 lopensaet, gelegen te Tilburg aan die kerck; een stuk land, groot 131/2 lopensaet, gelegen te Tilburg in die Schijve; en nog een stuk land, groot 3 lopensaet, gelegen te Tilburg in die Schijve

RA Tilburg 6-2-1540 (286:53) Dierck zoon van wijlen Gherit Back bekent schuldig te zijn aan Gherit zoon van wijlen Jan Brocken een jaarlijkse en erfelijke pacht van 1 mud rogge uit een stuk erf deels in beemd deels in weiland, groot 6 bunder, gelegen te Tilburg in Broeckhoven; huis, hof, waar Dierck nu woont met het erf daaraan gelegen bij de vorige erfenis; een stuk land, genaamd de Heelberch, gelegen te Tilburg in Broeckhoven; en een stuk land, genaamd die Grote Bocht, samen met de Heelberch 3 mudsaet, gelegen te Tilburg in Broeckhoven - te los met 40 karolus gulden van 20 stuivers, te betalen in karolus gulden van 20 stuivers, Philippusgulden van 25 stuivers, de gouden Coervorster gulden van 28 stuivers het vuerijser van 2 stuivers, 1 ortstuiver.


Huwt

51.217   Odilia Wouters van HAREN

FamilienaamIndex 51.217Vader 102.434Moeder 102.435

Overleden Tilburg na 1569

Het echtpaar maakt in 1569 een mutueel testament.

Kinderen

  1. Isebrant Gerit Brock (*Tilburg ca. 1542 +Tilburg 1622), huwt (1) N.N.; huwt (2) Geertruyt Anthonis van Laerhoven (*Moergestel); huwt (3) Tilburg 11-2-1589 Marye Adriaen Hessels Pauwels. Schepen en president van Tilburg en Goirle
  2. Joost Gerit Jan Brock (Brocken) (+na 1602) huwt Jenneken Peter Denijs Crillaerts, die in 1583 een testament maakt.
  3. Margriet Gerits Brock, huwt (1) Jan Rutger Jan Crillaerts (+na 1552); huwt (2) voor 1569 Laureys Aert Leyten.
  4. Jan Gerit Brock (+voor 1573), huwt Anna Lenaerts de Molder; koopt 7-12-1562 (RA Tilburg 308:43) van erven van zijn grootvader Wouter van Haren en (idem fol. 44) zijn vader, op 4-2-1562 (307:86v) van zijn oom Jan Mathijs Matheeus, en op 5-12-1561 (307:27) weer van zijn vader grond in Goirle. Dit (waarschijnlijk) omdat hij op 8-5-1562 (308:86 los blad) wegens doodslag op Jan Handricus Brabans uit Tilburg verbannen werd.
  5. Gerit Gerits Zie 25.608
  6. Barbara Gerits Brock huwt Jan Laureijs Jan Berthout Spijckers.
  7. Catalyn Gerits Brock huwt (1) Joost Denis Adriaen Mutsaerts; huwt (2) Jan Jan Jans de jonge die Wit.
  8. Wouter Brock (+Utrecht 23-6-1612), priester en domkapelaan.

TerugBegin van generatie


51.218   Jan Jans van BEURDEN

FamilienaamIndex 51.218Vader 102.436Moeder 102.437

Overleden Tilburg tussen 1525 en 1533

Ook Van Boerden. Vermeld 1533-68. Bron voor gezin: Isis Tilburg.

RA Tilburg 17-3-1533 (280:57) Daar Gerit zoon van wijlen Peter Eelkens beloofd had aan Elen zoon van wijlen Peter Eelkens, zijn broer, een half mud rogge erfpacht uit een stuk beemd groot ca 1/2 bunder, gelegen ut supra (zoals boven) tussen ut supra (zoals boven), welk half mud rogge te los staat met 40 karolus gulden en welke 40 karolus gulden Gerit gelegd had in de wettige schuld van wijlen Jan zoon van wijlen Jan van Boerden junior, zo zijn gestaan geweest voor schepenen Gerit weduwe van Jan zoon van wijlen Jan van Boerden en met haar Huijbrecht zoon van wijlen Jan Geerts, haar huidige man, Aert zoon van wijlen Jan van Boerden als momber en Peter Gerit Eelkens als toeziener van de onmondige kinderen van wijlen Jan zoon van wijlen Jan van Boerden junior en Gerit diens vrouw voors en ze hebben beloofd dat ze die 31/2 karolus gulden voors aan Elen voors zullen gelden en betalen en ook zullen lossen, zodat Gerit voors, zijn goederen en nakomelingen daarvan ontlast zullen zijn en tot meerdere garantie zo hebben de weduwe, de momber en toeziener van de onmondige kinderen voors tot onderpand gezet een huis, hof, schuur met de grond en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, gelegen in Oerl, aan de voors weduwe en haar kinderen toebehorende, waar wijlen Jan zoon van wijlen Jan van Boerden placht te wonen.

RA Tilburg 31-1-1541 (287:50v) Jan zoon van wijlen Gherit Reijnen als man van Elijsabet dochter van wijlen Gherit Peter Eelkens vernaardert 27 lopen rogge jaarlijks en erfelijke pacht in een erfpacht van 4 mud rogge, die Peter en Cornelis gebroeders, zonen van wijlen Jan van Boerden, voor henzelf en voor Ariaena hun zuster, onmondige dochter van wijlen Jan voors. en met hen Peter zoon van wijlen Jan Geerts als momber en Jan zoon van wijlen Gherit Reijnen als toeziender van Jan en Huibercht, broer en zus, onmondige kinderen van Huijbrecht Jan Geerts, welke kinderen wijlen Jan van Boerden, voor-man, en Huijbrecht Jan Geerts, na-man, verwekt hadden bij Gheritke hun vrouw, dochter van wijlen Gherit Peter Eelkens, verkocht hadden aan Marcelis zoon van Ghijsbrecht Wijten en welke 4 mud rogge erfpacht wijlen Jan Back Berthouts te vergelden had uit zekere erfenissen gelegen in Tilburg omtrent de goederen genaamd 't Goed ten Haneberghe etc. ut supra.

RA Tilburg 5-1-1541 (287:37v) Gheritke weduwe van Jan van Boerden haar 1ste man en weduwe van Huibrecht Jan Geerts, haar 2de man, dochter van wijlen Gherit Peter Eelkens, draagt over aan de wettige kinderen van beide bedden, alle tocht en recht van tochtenwege dat ze bezat in 27 lopen rogge jaarlijkse en erfelijke pacht in een jaarlijkse pacht van 4 mud rogge, jaarlijks te vergelden door Jan genaamd back Berthouts, uit zekere erven hier onder beschreven, gelegen te Tilburg naast het goed ten Haneberghe; nog uit een stuk land, groot 12 lopensaet, genaamd de bredenacker, gelegen te Tilburg bij het goed de Haneberghe; nog uit een stuk land, groot 5 lopensaet, genaamd de Heijdelaer, gelegen te Tilburg bij de Haneberghe (...) welke 4 mud rogge erfpacht Willem zoon van wijlen Peter Stelaerts gekocht had van Lucas zoon van wijlen Jan Berijs. Idem, fol. 38: Peter en Cornelis, (...)voor henzelf en voor Ariaena hun zuster, (...) onmondig zijnde, en ook voor Jan en Huijbrechta, broer en zuster, onmondige kinderen van wijlen Huijbrecht Jan Geerts en Gheritke voors. zijn vrouw, (...) verkopen de voors. 27 lopen rogge erfpacht welke 27 lopen rogge de kinderen van wijlen Jan van Boerden en de kinderen van wijlen Huijbrecht Jan Geerts verstorven zijn bij testament van wijlen Gherit Peter Eelkens en Elijsabeth diens vrouw, hun grootouders, eensdeels en eensdeels van de andere erfgenamen van Gherit en Elijsabeth ten deel gevallen, en van welke 27 lopen rogge erfpachts nu betalende is Marcelis ghijb Wijten, alias Haermans, Aan Marcelis Ghijb Wijten voors., zoverre het deze 27 lopen rogge betreft.

RA Tilburg 5-1-1541 (287:38v) Dezelfde Gheritke ut supra draagt over aan haar kinderen van beide bedden haar tocht en recht van tochtenwege in 5 lopen rogge jaarlijkse en erfelijke pacht die Laureijs zoon van wijlen Gherit Huijbrecht Berthen geloofd had aan Ghijsbrecht zoon van wijlen Willem Ghijsbrechts uit een stuk heideveld, groot 3 lopensaet, gelegen te Tilburg opt Rijlaer; en een stuk beemd, groot 5 lopensaet, gelegen te Tilburg op Breheze (...) Welke 5 lopen rogge Gherit zoon van wijlen Peter Eelkens gekocht had van Jan zoon van wijlen Jan zoon van wijlen Jan Gherit Backs en Jan gekocht had van Adriaen zoon van wijlen Jan Stelaerts en Adriaen Stelaerts van Ghijsbrecht zoon van wijlen Willem Ghijsbrechts. Idem, fol. 38v: Peter en Cornelis, gebroeders, ut supra voor henzelf en voor de onmondigen ut supra verkopern aan Henrick Zwijsen at supra verkopen aan Henrick Zwijsen ad opus van Wouter zoon van wijlen Anthonis Diercks de 5 lopen rogge ut supra, zoals aan Marcelis Ghijsbrecht Weijten gevest is.

RA Tilburg 5-1-1541 (287:38v) Daar de kinderen van wijlen Jan van Boerden, (etc.) verkocht hadden 27 lopen ... pacht ... en ook nog 5 lopen rogge ... pacht (...) waaruit Marcelis en Wouter (=kopers) geloofd hebben zekere penningen te betalen op Lichtmisse a.s. bedragend 125 karolus gulden, waarmede zekere pachten en kommer op de goederen der kinderen van wijlen Jan van Boerden afgelost worden, zo zijn gestaan Peter en Cornelis, gebroeders, zonen van wijlen Jan van Boerden, voor henzelf en (etc.) en hebben geloofd ten behoeve van de kinderen van Gheritke voors. en van wijlen Huijbrecht Jan Geerts, dat ze deze nakinderen in de deling na de dood van hun moeder zullen te bate brengen en daarvoor betalen 50 karolus gulden eens van 20 stuivers per stuk en zullen de voorkinderen geen goed van de ouders aanvaarden, voordat die 50 karolus gulden betaald zijn.

RA Tilburg 10-1-1551 (296:43v) Gheritke weduwe van Jan van Boerden met haar voogd heeft overgegeven aan Cornelis , zoon van haar en van de voors. wijlen Jan van Boerden, en aan Gherit zoon van Gherit Jan Brocken als man van Adriana, dochter van Gheritke en wijlen Jan van Boerden voors., met afgaan en vertijen, haar tocht en recht van tochtenwege wat ze bezat in een huis, hof, schuur, schop met grond en toebehoren en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse ge naamd Oerl; (...) Nog hiertoe een klein huisje met de grond en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, ook al daar gelegen daar tegenover aan de andere kant van de Heerbaan voors. (...) Nog hiertoe 2 lopensaet land gelegen in de parochie voors. in Corvel acker (...) Nog hiertoe een stuk beemd groot ca 1 bunder gelegen in de parochie voors ter plaatse genaamd aan de Oude Dreijboem . (...) Idem fol.44: Dit gedaan zijnde zijn gestaan voor schepenen Cornelis en Gherit voornoemd en met hen Gherit zoon van wijlen Jan Brocken, vader van Gherit voornoemd, en Peter zoon van wijlen Willem Berijs en ze hebben geloofd als schuldenaars tesamen, onverscheiden en eenieder voor allen super se et bona sua hebbende en in de toekomst hebbende en verkrijgende aan de weduwe van jan van Boerden voornoemd, dat ze aan haar jaarlijks zullen betalen een jaarlijkse lijfpacht van 3 mud rogge en 4 lopen rogge, haar leven lang durende en niet langer, te betalen elk jaar op Onze Lieve Vrouwedag lichtmis, waarvan de eerste termijn en betaaldag zal zijn en vervallen met lichtmis a.s. over 2 jaar. Nog dat zij haar leven lang zal hebben en gebruiken de uitkamer aan het huis en hof voors. en daar toe een stoel in de haard, daarbij nog 5 roeden hof in de voors. hof, daar waar het haar gelieven zal, daarbij het vierde deel in het fruit, dat er jaarlijks zal groeien. Item daartoe nog dat ze haar zolang ze zal leven zullen halen en bezorgen 2 voeder turf van hun ei gen turf. Verder hebben ze geloofd Cornelis en Gherit zijn zwager en met hen Gherit zoon van wijlen Jan Brocken en Peter zoon van wijlen Willem Berijs allen voornoemd als schuldenaars gezamelijk en onver scheiden en ieder voor allen op verbintenis als voor aan Gheritke voors. deze 3 mudden en 4 lopen rogge lijfpacht voors. met het gebruik van de uitkamer voors., de stoel in de haard, 5 roeden hof met het vierde deel van het fruit en de 2 voeder turf voors. te waren zoals men lijfpacht en lijftocht of lijfge bruik schuldig is te waren en alle kommer en calangies daarop komende allemaal af te doen. Met voorwaarden hierbij, dat als het Gheritke niet gelieven zal in de voors. uitkamer te wonen, dat ze dan aan haar daarvoor en voor de stoel in de haard, de 5 roeden hof en het vierde deel van het fruit voors. jaarlijks zullen uitreiken en betalen 2 phillippus guldens, per stuk tot 25 stuivers gerekend, of ander goed geld daarvoor, (etc)

RA Tilburg 17-2-1551 (296:65) Erfdeling tussen Cornelis Jan van Boerden en Gerrit Gerrit Brocken man van Adriana Jans van Boerden, over goederen die van Jan van Boerden aangekomen en verstorven waren en waarin Gheritke weduwe van Jan van Boerden, hun moeder en schoonmoeder, nu onlangs van haar tocht had afgezien en die overgegeven had aan haar zoon en schoonzoon.

Cornelis krijgt een huis, hof, schuur met de grond en toebehoren en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd in Oerl aan het Heerhecken (aan die Heerbaan aldaar, etc.) (...) behalve dat Cornelis voors. daaruit moet betalen: 1 mud rogge erfpacht in een erfpacht van 1 mud rogge aan de Heilige Geest van Oisterwijk. 4 lopen rogge in een half mud rogge erfpacht aan de Heilige Geest van Tilburg, 2 Philippusgulden erfcijns aan Heer Jan Elen Peters, te los staande met 40 karolus gulden, Nog ca 1/2 stuiver erfgrondcijns aan de nakomelingen van Lucas van Amerzoijen. Verder moet Cornelis aan Gheritke zijn moeder jaarlijks haar leven lang uitreiken en betalen de helft van een jaarlijkse lijfpacht van 3 mud en 4 lopen rogge en daarbij, dat zij haar leven lang zal behouden het gebruik van de uitkamer staande aan het voors. huis, en daarbij een stoel in de haard, 5 roeden hof in de voors. hof en het vierde deel van het fruit, dat er zal groeien, en daartoe haar nog jaarlijks een voeier turf te bezorgen of dat hij voor de voors. uitkamer, stoel in de haard, 5 roeden hof en het vierde deel van het fruit haar jaarlijks zal betalen 2 Philippus guldens, alles volgens de brief, die zij daarvan heeft.

Idem fol. 65v: Gerrit krijgt een stedeke te weten een huis met de hof, grond met toebehoren en erfenis daaraan liggen de en daartoe behorende en met een schop nu ter tijd nog staande op de oude stede en grond aan Cornelis voors. toebedeeld, welk huis etc. gelegen is in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd Oerl aan het Heerhecken aldaar aan de andere kant van de Oude Stede (=naast Cornelis) aan die Heerbaen; een stuk land naast de Oude Stede (belend door Cormnelis); en een stuk land gelegen in Corvel Acker. Dit alles belast met: 1 mud rogge erfpacht in een erfpacht van 2 mud rogge aan de Heilige Geest van Oisterwijk, 4 lopen rogge erfpacht in een half mud rogge erfpacht aan de Heilige Geest van Tilburg, 1 Philippus gulden of 25 stuivers erfcijns aan Jan Huijbrecht Smitten, te los staande met 20 karolus gulden, Nog ca 2 stuivers erf grondcijns aan de Heer van Tilburg. Verder zal Gherit voors. aan Gheritke weduwe van Jan van Boerden, zijn schoonmoeder, jaarlijks haar leven uitreiken en betalen de helft in 3 mud en 4 lopen rogge lijfpacht en daartoe dat hij haar jaarlijks zal bezorgen en geven een voeier turf, alles volgens de brief, die zij daarvan heeft.

Het stukje grond in Corvel Acker wordt ook genoemd in belendingen op 5-3-1547 (293:76v), 25-10-1544 (12v), 12-1-1542 (288:37v). Het land aan de Heerbaan in Oerle wordt genoemd in belendingen van 20-1-1547 (293:48), 30-12-1545 (292:38, 39v), 23-5-1541 (288:6), 31-1-1540 (286:46v), 4-4-1537 (284:1), 15-2-1537 (283:43), 1-4-1536 (282:62). Het stukje land aan de Oude Dreijboem komt voor in 1533 en op 17-1-1541 (287:42); idem 26-2-1536 (282:52).


Huwt voor 1515

51.219   Gheritken Gerit Peter EELKENS

FamilienaamIndex 51.219Vader 102.438Moeder 102.439

Overleden na 1551


Zij huwt (2) voor 1533

Huijbrecht Jan Geerts BROCK

FamilienaamIndex

Overleden voor 1541

Kinderen (Van Beurden)

  1. Adriana Jans van Beurden Zie 25.609
  2. Peter, mondig 1541, niet 1533; ergo geboren c. 1515; blijkbaar overleden voor 1551
  3. Cornelis, mondig 1541, niet 1533; ergo geboren c. 1515

Kinderen (Brock)

  1. Jan
  2. Huijbrechtje, huwt Niclaes Aert Laureijs Aerts

TerugBegin van generatie


51.220   Joost Beris Peter EELKENS

FamilienaamIndex 51.220Vader 102.660Moeder 102.661 • Tevens 51.330

51.221   Elisabeth Jan Gerit van GORP

FamilienaamIndex 51.221Vader 102.662Moeder 102.663 • Tevens 51.331

TerugBegin van generatie


51.222   Bartholomeus Willem Bartholomeus VERLIJNDEN

FamilienaamIndex 51.222Vader 102.444Moeder 102.445

1561: meester en provisor van de Taeffelen des Heijligen geests binnen Tilborch

ORA Tilburg (12-5-1539, R 286/4vso-5r) Bartolomeeus Willem Verlijnden als man van Berten, dochter van Wouter Jan Soffaerts verkoopt aan Joest Berijs Eelkens als man van Cristina, dochter van Wouter Jan Soffaerts: 1) de helft in huis, hof, grond en erf, gelegen te Tilburg aan de Berckdijck. (…) 2) de helft in een stuk land gelegen te Tilburg aan de Berckdijck, het geheel tussen: (…) 3) de helft in een stukje land genaamd de Langenacker, gelegen te Tilburg in die Schijve, in die Anebraecken, tussen (…) 4) de helft in een stukje land genaamd de Corten acker, gelegen te Tilburg in die Schijve in die Ane-braecken, (…)

Idem (R 286/5r.)Willem Joest Berijs als man van Cristina Wouter Jan Soffaerts bekent schuldig te zijn aan Bartolomeeus Willem Verlijnden, zijn zwager een jaarlijkse en erfelijke cijns van 6 karolus gulden van 20 stuivers uit huis, hof etc. en uit de stukken land van vorige acte. Staat te los met 900 karolus gulden van 20 stuivers na een termijn van 20 jaar.

Idem (20 december 1539 R 286/25vso.) Bertolomeeus Wijllem Verlijnden als man van Bert, dochter van Wouter Soffaerts, verkoopt aan Wijllem Joest Beerijs Eelkens de helft van een stuk heideveld, gelegen te Tilburg in die Berckdijck (…)


Huwt voor 1538

51.223   Bertken Wouter Jan SOFFAERTS

FamilienaamIndex 51.223Vader 102.446Moeder 102.447

ORA Tilburg (298 fol 44 dd 12-12-1552) Bertolomeus zoon van wijlen Willem Verlijnden als man en momber van Berta, Willem zoon van wijlen Joest Berijs Eelkens als man en momber van Cristina, dochters va nwijlen Wouter Soffaerts, voor 1/5 deel hen toebehorende,Joest zoon van wijlen Dierck Aerts als man en momber van Jenneke dochter van wijlen Michiel zoon van wijlen Wouter Soffaerts voornoemd, zowel voor hemzelf als ook zowel voor hemzelf als ook voor Wouter Jan en Huijbrecht, gebroeders, en Kathelijn hun zuster, onmondige en niet tegenwoordige kinderen van wijlen Michiel voors., waar Joest voors. zich sterk voor maakte en geloofde, ook voor 1/5 deel hen toebehorende, Lambrecht, Jan en Anthonis, gebroeders, zonen van wijlen Jan Gherit Gestelmans, Adriaen Laureijs Hoefkens als man en momber van Geertruijt, Frans zoon van wijlen Marcelis Ghijsbrechts als man en momber van Marie, Jan zoon van wijlen Aert Jan Aerts als man en momber van Ermgaert en Jan zoon van wijlen Jan Verbanelt als man en momber van Gherit, allen dochters van wijlen Jan Gherits Gestelmans voors. en Willem zoon van wijlen Jan Claeus Ceelen als momber en Bertolomeus zoon van Wouter en Jenneke, broer en zuster, onmondige niet tegenwoordige kinderen van wijlen Jan Gherit Gestelmans, waar zij als momber en toeziener voor instonden en geloofden, welke kinderen Jan Gherit Gestelmans voors. verwekt en verkregen had bij wijlen Kathelijn zijn vrouw, dochter van wijlen Wouter Soffaerts bovengenoemd, ook voor 1/5 deel hen toebehorende,hebben wettelijk en erfelijk overgegeven aan Heer Peter, priester, zoon van wijlen Wouter Jan Soffaerts voors., hun broer, zwager en oom, samen met de brieven en het recht, met afgaan en vertijen, een stuk erf deels in heide en deels in moer liggende, het geheel groot ca 8½ lopensaet, gelegen in de parochie van Goirle er stede genaamd tot Aesvoert (…)

Kinderen

  1. Marij Zie 25.611
  2. Jenneken

TerugBegin van generatie


51.224   Gerrit Jan de BONT

FamilienaamIndex 51.224Vader 102.448Moeder 102.449

Geboren voor 1495
Overleden Tilburg tussen 3-2-1541 en 4-4-1541

Niet te verwarren met Gherit Diercx sBonten, vader van IJke en Dierck Dierckzoon, overleden voor 5-2-1552 (RA Tilburg 298:39, verder 29-11-1552; 297:67; en 29-1-1544 290:34v). Waarschijnlijk is hij de vader van Gerard, vermeld als belender en als oorspronkelijke eigenaar (Gherart zoon van Gherart die Bont) van een stokje land van ca. 9 lopenzaad in Veldhoven, en van Lisbeth, die een relatie had met Claeus die Wijze, hieruit een natuurlijke dochter Jenneke gehuwd met Aerdt Wouter Peters (RA Tilburg 294:8v, 5-7-1547).

RA Tilburg 3-3-1537 (los blad bij 284:10) Zoenbrief naar aanleiding van de doodslag op Gherit zoon van wijlen Pauwels Jan Pauwels door Peter Willem Peters. Arbiter voor de misdadiger is o.a. Laureijs Henrick Zwijsen. Onderschreven door o.a. Gerit Jan sBonten van Oesterwijck, Jan Jan sBonten, Steven Willem Stevens, Jan en Ariaen zijn zoons, ... allen vrienden en magen van de dode. In het origineel (24-2-1537 283:57v) staan "Gerit Jan sBonten van Oisterwijk; Jan Jan sBonten". Mogelijk betekent dit dat zijn grootvader uit Oosterwijk kwam - Gerrit Jan echter lijkt gewoon in Tlburg geboren te zijn.

Gerrit Jan de Bont schijnt eigenaar van een redelijk omvangrijk maar verspreid grondbezit te zijn geweest: in Veldhoven, in Die Schijve, achter Broekhoven, in Corvel, de Laer, Dreijboom, sBonten Hoeve, Stockhasselt, Goirle, Dalem, de Sporct en de Hoghe.

Ten eerste hield hij grond te Veldhoven, waarschijnlijk meer dan elders:

RA Tilburg 8-2-1533 (280:44v) Gherit zoon van wijlen Jan sBonten heeft beloofd als een principaal schuldenaar te betalen aan Steven zoon van wijlen Claeus Steven Reijnen een jaarlijkse en erfelijke pacht van 11/2 mud rogge uit een huis, hof, schuur met de grond in die Velthoven.

Idem, fol. 280:45, Gerrit belooft aan Lenaert zoon van wijlen Anthonis Aerts een jaarlijkse en erfelijke cijns van 31/2 karolus gulden uit en van hetzelfde huis etc.

RA Tilburg 8-1-1538 (284:25v) Gherit zoon van wijlen Jan sBonten bekent schuldig te zijn aan henrick Laureijs Zwijsen een jaarlijkse pacht van 1/2 mud rogge uit huis, hof, schuur, schaapskooi en erf, groot 16 lopensaet, gelegen te Tilburg in die Velthoven. Belendingen: Laureijs Claeus Lemmens een zijde, H. Geest van Tilborch en die gemeijn straet ander zijde, Laureijs Claeus Lemmens een einde, Arijaen Jan van Gestel en Steven Willem Steven ander einde. Staat te los met 20 karolus gulden van 20 stuivers. Idem, 31-1-1538 (284:32), zelfde verhaal met iets andere belendingen: Laureijs Claeus Lemmens en de H. Geest van Tilburg een zijde, gemeijn straet ander zijde, Laureijs Claeus Lemmens een einde, Ariaen Jan van Gestel en Steven Willem Stevens ander einde.

RA Tilburg 17-11-1539 (286:37 los blad), erfdeling van erfpachten en erfcijnsen tussen Heer en meester Jan zoon van wijlen Elen Peter Eelkens, priester, en heer Peter zijn broer met Claeus (Jan Claeus Aelwijns)en Claeus (Peter die Beer). Hierin komt voor Jan Ghijsbrecht en Gheert de Bonte 6 karolus gulden roggepacht. Vergelijk 31-1-1540 (286:46v): Jan Claeus Steven Reijnen verkoopt aan Henrick Jan Geenen ten behoeve van Marij weduwe van Gherit Hermans een jaarlijkse erfcijns van 6 karolus gulden welke cijns Gherit zoon van wijlen Jan de Bont en Peter zoon van wijlen Willem Berijs van Oerle schuldig waren aan Elen Peter Eelkens, Gherit voors. uit huis, grond en toebehoren groot 22 lopensaet, gelegen te Tilburg aan die Veldhoven (etc...)

RA Tilburg 24-10-1540 (287:81): Jonker Adriaen van Malsen, Heer van Tilburg en Goirle verpacht Steven Willem Verschueren zijn hoeve gelegen te Tilburg aan die Velthoven, met alle toebehoren , land, zand, hei en wei, zoals die Steven voors. met zijn vader tot nu toe gehuurd en gebruikt hebben, voor tien jaar (...) Steven voors. en met hem Cornelis Gherit Smolders, Gherit Jans die Bont, Jan Adriaen aan die Caureijt en Jan Jan Sijmons, als principaal schuldenaars gezamelijk, beloven zich aan de pachtvoorwaarden te houden.

RA Tilburg 15-12-1542 (289:30v) Elijsabet weduwe van Gherit Jan sBonten met Jan Anthonis Meeus Otten haar huidige man en met haar Joest en Jan, gebroeders zonen van Elijsabet en van wijlen Gherit voors., voor hemzelf en voor Aert Peter, gebroeders, en Aleijt hun zuster, onmondige kinderen van Elijsabet en wijlen Gherit voor. hebben geloofd als schuldenaar te betalen aan Laureijs zoon van wijlen Henrick Zwijsen een jaarlijke en erfelijke cijns van 35 stuivers en 1/2 oertstuiver elk jaar met lichtmis uit een stuk land groot ca 6 lopensaet, Tilburg aan die Velthoven in die Goerkenstraet. Idem fol. 31: eventueel te lossen met 28 gulden en 31/2 stuiver.

RA Tilburg 299 fol 31v (12-1-1554): Elijsabet weduwe van Gherit de Bont met Jan Anthonis Meus Otten haar huidige man en momber heeft overgeven aan Joest en Jan, gebroeders, zonen van wijlen Gherit de Bont en Elijsabeth vors. ten behoeve van henzelf en ook ten behoeve van Aert en Peter, hun broers, met afgaan en vertije, de tocht en recht van tochtenwege, aan de voorschr. Elijsabeth toebehorende, in en stuk erf in land en weide liggende groot ca 1 lopensaet gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd die Velthoven tussen de erfenis van Aert zoon van wijlen Wouter Thonis een zijde; de erfenis van Elijsabeth voors. met haar kinderen, zoals dat hier afgemeten on bepaald zal worden ander zijde en een einde, en die gemeijn straat ander einde, zoals ze zeide gelovende op hen en op al hun goederen, hebbende en verkrijgende dit overgeven, opdragen afgaan en vertijen altijd vast etc. en nooit meer van tochtenwege daar aanspraak op te maken of te doen maken etc. en alle kommer en calangies van hunnentwege daarop komende voor hen allemaal af te doen.

RA Tilburg 307:64 (3-2-1562) Adriaen Cornelis van Spaendonck verkoopt aan Cornelis Claes van Ghierll een jaarlijkse en erfelijke cijns van 21/2 karolus gulden, uit en van huis, hof, schuur en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, gelegen in de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd Velthoven (...) welke cijns eertijds Gerit zoon van wijlen Jan sBonten als principaal schuldenaar beloofd en gevest had aan Lenairt zoon van wijlen Anthonis Aerts en die deze Anthonis in koop erfelijk overgegeven had aan Adriaen voornoemd

In Veldhoven wordt hij ook herhaaldelijk als belender van het land van anderen vermeld:

Vermeld 28-2-1559 (erfenis van de kinderen van Gherit de Bont; RA Tilburg 304:57) als westelijke belender van de helft van een huis, te weten het achterste einde tot het zoldergebont toe met de grond en de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, Tilborch, aen die Velthoven, nalatenschap Adriaen Steven Willems. Idem 15-1-1557 (RA Tilburg 302:106v; erfenis van de kinderen van) als belender van een stuk land van een lopensaet en vier en een halve roede ongeveer, Tilburg aen die Velthoven, van Anna weduwe van Adriaen Steven Willems en Cornelis zoon van wijlen Gherit Smolders, haar tegenwoordige man en haar member. Idem aan twee zijden (erfenis van de kinderen van wijlen Gherit de Bont) 17-2-1556 (RA Tilburg 301:60; ovrerdracht door Anna aan haar kinderen) van "een half huis, te weten het voorste einde, met de zolder tot het zoldergebonte toe, staande op de stede waar wijlen Adriaen Steven Willems en Anna voors. samen gewoond hebben, staande en gelegen aen die Velthoven, en daartoe haar tocht en recht van tochtenwege, wat ze bezittende was in de helft van het erf van de stede voors. met drie vierdevatsaet land, komende en genomen van de andere helft, samen gelegen aan de oostenzijde van de stede voors., en in het geheel deze helft voors. met de voors. drie vierdevatsaet voors, drie lopensaet en een vierdevatsaet land min twee roeden of daaromtrent uitmakende en begrijpende". Idem 4-3-1552 (297:82, erfenis van Gherit de Bont met meer anderen) van een huis, hof en erfenis groot ca 2 lopensaet aan die Velthoven, waarop ooit Adriaen Steven Willem Stevens een pacht vestte. Idem 16-4-1550 (296:5 en 8) van 2 lopenzaad in Veldhoven waaruit een pacht van een half mud rogge door Adriaen Steven Willem Stevens wordt betaald. Idem 3-2-1540 (286:48v), belender aan twee zijden van 4 lopen rogge uit huis, hof en erf, groot 4 lopensaet, aan die Velthoven, eigendom van Ariaen Steven Willem Stevens.

Vermeld 14-10-1538 (285:9v) als belender van een huis, hof, grond en erf, groot 13 lopensaet, gelegen te Tilburg op die Velthovensche molen in die Molenstraet, eigendom van Gherit zoon van wijlen Lambrecht Hoefmans. Idem 7-4-1533 (280:59) bij overdracht van dit goed door Quirijn zoon van wijlen Wouter Caeijten, die Wouter voors gewonnen had bij wijlen Mechteld zijn vrouw, dochter van wijlen Herman van Heijst, aan Gerit Lambrecht Hoeffkens.

Vermeld 23-2-1558 (RA Tilburg 303:71; erfenis van de kinderen van wijlen van Gherit de Bont) als belender van een huis, hof, schuur met de grond en toebehoren en uit de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, groot ca 15 lopensaet, Tilborch aen die Velthoven, van Adriaen Cornelis Jan van Spaendonck. Idem bij verkoop van twee lopenzaad aldaar aan Spaendonck door Cornelis zoon van wijlen Gherit Smolders (RA Tilburg 301:62, 27-2-1556). Idem bij verkoop van 1 lopenzaad aldaar door Adriaen zoon van Steven Willem Stevens aan Adriaen Cornelis van Spaendonck (RA Tilburg 299:4v, 26-4-1553).

Vermeld 26-4-1552 (erfenis van Elijsabet weduwe van Gherit de Bont met haar kinderen; RA 298:2v) als belender van een huis, hof en erfenis groot ca 4 lopensaet en 1 vierdevaetsaet, aan die Velthoven in die Molenstraet, verkocht door Goijaertke weduwe van Gherit Lambrecht Hoofmans met Herman zoon van wijlen Cornelis Hermans, haar huidige man aan Gherit zoon van wijlen Henrick Smolders als momber en aan Jan Jan Zomers als toeziener van Jan en Joestke, gebroeders, Lijske en Aleijt, gezusters, onmondige en niet tegenwoordige kinderen van wijlen Gherit Lambrecht Hoofmans en Goijaertke zijn huisvrouw. Idem (25-2-1552, 297:75). Idem 22-3-1547 (293:82v, Elijsabet weduwe van Gherit de Bont en haar kinderen) bij deze oorspronkelijke verkoop (in 1552 goedgekeurd door de kinderen).

Vermeld 23-3-1552 (296:80; erfenis van Lijsbet weduwe van Gherit de Bont met haar kinderen) als belender van een huis, hof, schuur en erfenis groot ca 11 lopensaet aan die Velthoven, eigendom van Aerdt zoon van wijlen Wouter Anthonis Diercks.

Vermeld 1-2-1542 (288:54; erfenis van Ariaen Steven Willems en Lijsbeth de weduwe van Gherit Bonten met haar kinderen) als belender van een huis, hof, schuur, schaapskooi en erfenis groot ca 12 lopensaet in die Velthoven, eigendom van Steven zoon van wijlen Willem Stevens.

Vermeld 29-1-1546 (292:57; Jonkheer Adriaen van Malsen en Lijsbet de weduwe van Gherit de Bont) als belender van een huis, hof, schaapskooi, wagenhuis en erf aan die Velthoven, verkocht door Anthonis zoon van wijlen Wouter Thonis en Aert zijn broer aan Heijliger zoon van wijlen Jan Crillaerts. Idem 3-1-1545 (291:1545; Gherit Jan sBonten) naast een huis, hof en erf in Veldhoven verkocht door Laureijs zoon van wijlen Claeus Weijmers aan Aert zoon van wijlen Wouter Anthonis Diercks. Vermeld 4-1-1544 (290:43, Elijsabet weduwe van Gherit de Bont) als belender van een huis, hof en erfenis groot ca 61/2 lopensaet gelegen te Tilburg in de Velthoven, eigendom van Laureijs zoon van wijlen Claeus Lambrecht Weijmers.

Vermeld 21-2-1540 (286:58) als belender van een huis, hof en erf, groot 8 lopensaet in die Velthoven, eigendom van Heijliger Thijs Jan Thijs als man van Marij dochter van wijlen Jan Marten Melis.

Vermeld 7-2-1536 (282:47; erfenis van Gherit die Bont) als belender van een huis, hof, schuur met de grond en de erfenis groot ongeveer 8 lopensaet, in die Velthoven in die Goerkensstraet, eigendom van Adriaen van Malsen Heer van Tilburg en Goirle (met als belender aan een andere zijde Steven Willem Stevens); idem 29-1-1534 (281:29) en 4-9-1531 (279:14). Bij al deze gelegenheden geeft Van Malsen een pacht aan Laureijs zoon van wijlen Hanrick Zwijsen, die rond die tijd vaker opduikt als de grote geldschieter van Tilburg.

Vermeld 20-1-1532 (20-1-1532, erfenis van Gerit Jan sBonten) als belender van een weiland, groot ongeveer 2 bunder, in die Velthoven, waarop de erven Jan van Gestel een pacht van 7 lopen rogge hadden.

Ten tweede hield hij grond in Die Schijve:

RA Tilburg 15-12-1542 (289 fol. 31): Elijsabet draagt over aan Joest en Jan, gebroeders, haar zonen, ten behoeve van henzelf en van Aert en Peter, hun broers, en van Aleijt hun zuster, haar tocht en recht van tochten, wat ze bezat na de dood van Gherit haar man in een stuk land, groot ca 3 lopensaet min 6 roeden, Tilburg in die Schijve. Idem fol. 31v: Joest en Jan ook voor de drie andere kinderen verkopen aan Peter zoon van wijlen Jan Zwagemakers en Jan zoon van wijlen Mijs Jans een stuk land, groot ca 3 lopensaet min 6 roeden ut supra in de tochtbrief, waarin Elijsabet hun moeder weduwe van Gherit Jan sBonten haar tocht overgegeven heeft.

Hier worden verschillende belendingen genoemd:

Vermeld 10-2-1561 (erfenis van Gerijt Jan sBonten cum pueris; RA Tilburg 306:72) als belender een stuk akkerland groot ongeveer 4 lopensaet en 4 roeden, Tilborch, genaamd die Schijve.

Vermeld 3-3-1561 (erfenis van de erfgenamen van Gerijt Jan sBonten; RA Tilburg 306:77v) als belender van een stuk akkerland, groot ongeveer 31/2 lopensaaet, in de Schijve.

Vermeld, nog levend, 3-2-1541 (287:56; Jan Mijs en Gherit die Bont een zijde) als belender van een stuk land, groot 131/2 lopensaet, gelegen in die Schijve eigendom van Jan zoon van wijlen Jan Herman van Boerden. Idem 6-2-1540 (286:52v).

Vermeld 28-4-1539 (286:4) als belender van land, groot 91/2 lopensaet in de Schijf, verkocht door Marij weduwe van Joest Gherit van Ethen, dochter van wijlen Jan Crillaerts aan Frans zoon van wijlen Henrick Gielis en aan Rutger zoon van wijlen Jan Crillaerts, tot behoef van de kinderen van Marij en Joest van Ethen voornoemd. Idem 27-7-1539 (286:11v) bij verkoop van de helft van deze grond.

Vermeld 9-8-1539 (286:12) alsa belender van een stuk land, groot 10 lopensaet, gelegen te Tilburg bij die kerck in die Schijve (plus nog een stuk erf van 41/2 lopensaet), eigendom van Jan zoon van wijlen Jan Herman van Boerden

Vermeld 3-1-1532 (279:43) als belender van een ongespecificeerd stuk land in Die Schijve, bij erfdeling toegedeeld aan een Peter de Jonge

Vermeld 2-11-1531 (279:17v) als belender van een stuk land in die Schijve, verkocht door Gerit Lambert Hoeffmans, weduwnaar van Lijsbeth zijn huisvrouw, dochter van wijlen Peter van Spaendonck aan (vader) Lambert Hoeffmans, Gerit Hanrick Smolders en Willem Peter van Spaendonck ten behoeve van zijn kinderen verwekt bij Lijsbeth voors.

Ten derde was er grond "achter" (of bij) Broekhoven:

RA Tilburg 306:84 (10-9-1560) Jan Berijszoon Peter Berijs van Oesterhout verkoopt aan Jan zoon van wijlen Aert Reijnbouts een jaarlijkse en erfelijke cijns van zestig stuivers, elk jaar te vergelden op Onze Vrouwedag Lichtmis uit en van een stuk beemd, gelegen binnen de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd Achter broeckhoven genaamd de Vossenbeempt (...) welke cijns van zestig stuivers voornoemd Gherit zoon van Jan de Bont als pricipaal schuldenaar beloofd en gevest heeft gehad aan Jan zoon van wijlen Berijs Eelkens (etc.) Oorspronkelijk (voor December 1559, RA 395:93v) door Jan Aert (als executeur testamentair van Tijberius Holie in zijn tijd doctor in de medicijnen binnen de stad van Hedel) aan Jan Berijs verkocht.

RA Tilburg 29-5-1535 (282:6) Kinderen van Jan Beerijs Eelkens en van Jennijke Peter Beerthen verkopen aan broer Jan Jan Beerijs Eelkens hun deel in een jaarlijkse en erfelijke cijns van 3 karolus gulden uit een beemd genaamd den Vossenbeempt, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd after Broechoven (...) welke cijns Jan zoon van wijlen Beerijs Eelkens gekocht had van Gherit zoon van wijlen Jan sBonten, welke cijns voors Jan toebedeeld is voor zijn huwelijksuitzet. Gerrit wordt als belender vermeld van een beemd 'de gehele beemd gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd Achter Broeckhoven', bij verkoop van de ene helft (16-12-1533, 281:15v) door Jan zoon van wijlen Huijbrecht Smitten aan Aleijdt dochter van wijlen Willem Hoeck; de andere helft behoort aan Mechtelt weduwe van Willem Hoeck. Idem 2-2-1532 (279:46) als belender van een stuk beemd in Broeckhoven Dijck, eigendom van Jan Peter Laureijs van Gestel. Idem 24-4-1531 (279:3v) van een stuk beemd After Broeckhoven, verkocht door Adriaen zoon van wijlen Jan die Wijse aan Laureijs zoon van wijlen Henrick Zwijsen

Vermoedelijk russte hierop de volgende lening:

RA Tilburg 8-1-1534 (281:19v) Gherit zoon van wijlen Jan sBonten had beloofd aan de voorkinderen van Gerit zoon van wijlen Jan van Boerden te betalen de som van 80 karolus gulden met 28 lopen rogge in de zak en dat tot zekere dag, die nu voorbij is. Zo zijn gestaan voor schepenen Peter en Jan, gebroeders, kinderen van wijlen Gherit Jan van Boerden, voor zichzelf en voor de andere broers en zusters en ze hebben Gerit Jan sBonten van de voors som en de voors rog kwijtgescholden, bekend makende volle betaling te hebben ontvangen.

Ten vierde was er grond in Corvel, vermoedelijk geërfd van zijn schoonouders:

RA Tilburg 305:46 (30-1-1560) De kinderen van Aert Wouters verkopen aan Ghijsbert zoon van Jorijs Gerijts een huis, hof met de grond en erfenis daaraan gelegen en daartoe behorende, Tijlborch, Corvel; welke hun vader eertijds bij koop van Elizabet dochter van wijlen Gerijt de Bont aangekomen was zoals dat in schepenbrieven van Tijlborch, daarop gemaakt, meer volkomen is begrepen. Belast: anderhalf mud rogge per jaar erfelijks, te betalen aan het Convent van Tongerlo, een half mud rogge erfelijks aan de Rector van Sint Anthonis Altaar en een hoen erfelijks zoals men dat betalen mag aan de Rector van Sint Jans Altaar beide binnen de kerk van Tijlborch te betalen en daartoe een stuiver per jaar erfcijns te betalen in Oisterwijck.

Ten vijfde bezat Gerrit grond in De Laer:

RA Tilburg 7-5-1546 (293:3): 1/2 mud rogge erfpacht aan Lijsbet de weduwe van Gherit de Bont, uit het huis van wijlen Jan de Beer in Tilburg aan de Laer.

RA Tilburg 22-9-1544 (291:8) Elijsabet wed. van Gherit de Bont met Jan Anthonis Meeus Otten haar huidige man draagt over aan haar wettige kinderen, die ze verkregen had bij wijlen Gherit haar eerste man, haar tocht en recht van tochtenwege, wat ze bezat na de dood van Gherit Haar eerste man in de helft van een stuk heiveld, waarvan de andere helft toebehoort aan Laureijs Henrick Zwijsen en Denijs Peter Crillaerts, gelegen te Tilburg aan het eind van het Laer. Idem fol. 8v: Quo facto zijn gestaan voor schepenen Joest en Jan, gebroeders, zonen van wijlen Gherit de Bont, voor henzelf en voor Aert en Peter hun broers en Aleijt hun zuster, onmondige kinderen van wijlen Gherit en Elijsabet voors. en verkopen aan Laureijs zoon van wijlen Henrick Zwijsen de voors helft in dat heiveld.

Vermeld 12-2-1544 (290:44; de weduwe van Gherit de Bont) naast 1/4 deel in 2 stukken heideveld in Tilburg achter op het Laer, verkocht door Willem zoon van wijlen Cornelis Peters aan Vranck zoon van wijlen Lenaert Verbunt

Mogelijk behoort de volgende belending op deze plaats:

Vermeld 30-1-1532 (279:39) als belender van 'een stuk land genaamd die Mortel', onderdeel van de nalatenschap van Jan Martens en Jenneke dochter van wijlen Peter Verschueren de Oude.

Ten zesde treffen we hem aan in een hofstee genaamd Die Hoeven buiten Dreijboom:

RA Tilburg 20-9-1544 (291:8) verkoop door Henrick zoon van wijlen Cornelis Appels aan Jan zoon van wijlen Jan van Raeck van een pacht van 15 lopen rogge op een stuk land met de timmering daarop staande en met toebehoren, groot ca 5 lopensaet land, gelegen te Westtilborch aan een stede genaamd die Hoeven buiten de Dreijboem aan de gemeijnt, welk stuk land Diderick zoon van wijlen Erijt genaamd Her Gijs erfelijk ontvangen had van Gherit zoon van wijlen Jan sBonten. Idem 20-1-1542 (288:45), verkoop door de erven Cornelis Gherit Jan Maes Gheenen aan Henrick zoon van wijlen Cornelis Appels een jaarlijkse en erfelijke pacht van 15 lopen rogge (etc.) dat Diderick zoon van wijlen erijt genaamd Her Ghijs erfelijk ontvangen had van Gherit zoon van wijlen Jan Bonten (etc.)

Vermeld Tilburg 22-4-1547 (294:2, Claeus Heijn Geenen en Lijsbet weduwe van Gherit de Bont met haar kinderen) als belender van een huis, hof, schuur met grond groot ca 17 lopensaet, te Tilburg aan die Hoeven, eigendom van Willem zoon van wijlen Willem Mutsaerts. Idem 7-12-1538 (285:13), in de erfdeling tussen Jan Jan Zomers en Peter Jan Reijnen krijgt de eerste 1/2 mud rogge jaarl. en erf. pacht uit een pacht van 1mud rogge, uit huis, grond, hof en erf, groot 31 lopensaet, gelegen te Tilburg in die Hoeven, met Gherit genaamd die Bont als belender.

Apart te vermelden in sBonten Hoeve, dat mogelijk in Veldoven of Stockhasselt lag:

RA Tilburg 29-4-1539 (282:4v) Jan zoon van wijlen Anthonis Aert Jacops verkoopt aan Willem zoon van wijlen Ghijsbert Anthonis Smolders een jaarlijkse en erfelijke p[acht] van 1 mud rogge uit een huis, hoeve met de grond, schaapskooi en de erfenis daaraan liggende, toebehorende aan Gherit zoon van wijlen Jan sBonten, gelegen in de parochie van Tilburg, en nog uit 3 stukken land gelegen in de parochie voors, het ene stuk in sBonten Hoeve; Het tweede stuk tussen erfenis van Huijbrecht Gherit Huijbrechts een zijde en erfenis van Cristina dochter van Gherit Huijbrechts ander zijde; Het derde stuk groot ongeveer 21/2 lopensaaet gelegen tussen erfenis van Ghijsbert Beckers een zijde en

erfenis van Gherit zoon van wijlen Jan Bonten ander zijde.

RA Tilburg 24-10-1541 (288:18v) Willem zoon van wijlen Ghijsbrecht Anthonis Smolders verkoopt aan Michiel zoon van wijlen Willem Laureijs 1 mud rogge jaarlijks en erfelijke pacht uit (1) een deel van Gherit zoon van wijlen Jan sBonten in een huis, hoeve en grond en uit een schaapskooi daarbij gelegen in de parochie van Tilburg (belenders: Gielis Jan Back Berthouts een zijde, een gemeijn weg ander zijde), (2) Nog uit 3 stukken land, het ene stuk gelegen in de parochie voors. in sBonten hoeve (belenders erfenis van Jan Noudens een zijde, erfenis van Peter Aert Leijten ander zijde); (3) Het ander stuk (belend erfenis van Huijbrecht Gherit Huijbrechts een zijde, erfenis van Cristina Gherit Huijbrechts ander zijde); en (4) Het derde stuk groot ca 31/2 lopensaet (belenders erfenis van Ghijsbrecht Beckers een zijde, erfenis van Gherit zoon van wijlen Jan sBonten ander zijde), welk mud rogge erfpacht Willem Ghijsbrecht Antonis Smolders had van Jan zoon van wijlen Anthonis Jacops. Idem 19-10-1538 (285:10): verkoop door Wijllem Ghijsbrecht Anthonis Smolders aan Aert zoon van wijlen Jan van Broechoven van een mud rogge jaarl. en erf uit: een deel van huis, hof, grond en schaapskooi van Gherit Jan sBonten en uit 3 stukken land, gelegen te Tilburg bij sBonten hoeve, waarvan het derde belend door Gherit Jan sBonten.

Nummer acht: Stockhasselt, grond van zijn vader:

RA Tilburg 283:27 (januari 1537): erfdeling Vermee, waarin Jenneke Ghijsbrecht Vermee is ten deel gevallen o.a. een erfpacht van 22 loopen rogge jaarlijks uit huis, hoeve en grond, gelegen te Tilburg aan die Hasselt. (...) Ghijsbrecht Vermee had deze gekocht van Gerard Jan die bont, die gerfd had als man van Elijsabeth dochter van Arndt Peter Bickincks eensdeels en andersdeels van jacop van Doren, die het geërfd had als man van Hadewijch, dochter van Peter Buckincks Arndt Peter Buckincks had die van Reijnier Adriaen Reinier Crillaerts, en Reijnier had het van Cornelis Peter Zeegers.

RA Tilburg 20-2-1540 (286:67): Gherit zoon van wijlen Jan die Bont, voor 1/4 deel Korstiaen zoon van wijlen Willem Stelaerts, als man van Jenneke dochter van wijlen Jan Zwijsen voor henzelf en voor Peter Jan Zwijsen en Jan de Pelser als man van Aleijdt dochter van wijlen Jan Zwijsen, 3/5 deel in 1/4 deel. Henrick zoon van wijlen Jan Zwijsen 1/5 deel in 1/4 deel van 10 lopen rogge erfpacht uit een stuk land, 3 lopensaet, genaamd de Witte acker, gelegen te Tilburg in die Stockhasselt (...) welke 10 lopen rogge Claeus en Jan zonen van wijlen Jan Zwijsen ten behoeve van hen en van Laureijs Henrick Zwijsen en Jan de Bont als momber van Kathelijn zijn vrouw en voor Margriet Jan Zwijsen gekocht hadden van Peter zoon van wijlen Jan Wouter Back, welke pacht geldende is Jan Vranck Lemmens welke delen zij verkopen aan Laureijs Henrick Zwijsen.

Vermeld 15-6-1559 (erfenis van de kinderen van wijlen Gherit de Bont; RA Tilburg 305:15) als belender van en huis, hof, schuur met de grond en toebehoren, groot ca. acht lopensaet en zeventien roeden min een vierde roede, Tilborch in die Cleijn Hasselt bij het Huijs des Heren van Tilborch, nalatenschap van Jan zoon van wijlen Elen Jan Sijmons. Idem bij de overdracht 23-5-1556 (RA Tilburg 302:4) door Marie dochter van wijlen Claes Henrick Smolders aan Jan Elen.

Vermeld 26-5-1553 (RA Tilburg 2999:10) als belender van een huis, hof met grond groot ca 51/2 lopensaet en 1 vierdevaetsaet min 31/2 roede aan die Hasselt aan die Steenen Camer, eigendom van de erven Peter Huijbrecht Smitten. Idem 20-3-1550 (295:56) bij verkoop door Adriaen zoon van wijlen Jan van Ghesel aan Peter zoon van wijlen Huijbrecht Smitten. Idem 10-1-1548 (Elijsabet de weduwe van Gherit de Bont met haar kinderen, 294:27v) van een huis, hof met grond en erfenis aan die Velthoven aan die Steenen Camer, verkocht door Steven zoon van wijlen Willem Stevens verkoopt aan Claeus zoon van wijlen Henrick Smolders. Idem 13-1-1540 (286:31), verkoop door Ariaen zoon van wijlen Jan van Ghestel aan Claeus zoon van wijlen Henrick Gherit Smolders een huis, hof, grond, toebehoren en erf daaraan liggend, groot 1 vierdevaetsaet min 3 1/2 roede, in die Hasselt aan die Stenenen Camer. Idem naast Arijaen Jan van Ghestel op 20-1-1532 (279:35v).

Ten negende treffen we Gerrit in Goirle aan:

RA Tilburg 10-6-1539 (286:10v) Gherit Jan sBonten verkoopt aan Laureijs Ariaen Mutsaerts een stuk erf tot moer liggende in Goirle in Stappegoer (belenders Kathelijn weduwe van Willem Wouter Jacops, Laureijs Henrick Zwijsen, gemeijn waterlaet en de gemeijnt van Tilburg en Goirle).

Nummer tien is Dalem, voorouderlijke grond:

RA Tilburg 14-1-1538 (284:25v) Gherit zoon van wijlen Jan sBonten verkoopt aan Steven zoon van wijlen Claeus Steven (Reijnen) (1) de helft in een beemd, waarvan de andere helft toebehoort aan Steven Claeus Steven Reijnen, gelegen in Tilburg, in Dalem; (2) de helft in een beemd, waarvan de andere helft toebehoort aan Steven Claeus Steven Steven Reijnen, gelegen te Tilburg in Dalem (ernaast); en (3) de helft in een beemd, gelegen te Tilburg in Dalem aan die Leije.

Vermeld 26-5-1533 (281:4v) als belender van een stuk beemd in Tilburg in Dalem, verkocht door Willem zoon van wijlen Willem Mutsaerts aan Steven zoon van wijlen Claeus Stevens. Idem 21-11-1533 (281:10v) van een stuk beemd daarnaast, verkocht door Michiel Gerit Jan Wouters aan Jan zoon van wijlen Gerit Hermans.

Nummer elf, 'die Sporct':

Vermeld 301-1555 (RA Tilburg 300:54; Elijsabet weduwe van Gherit de Bont cum proelibus (met haar nakomelingen)) als belender van een stuk beemd gelegen in de parochie van Tilburg ad locum dictum (ter plaatse genaamd) in die Sporct, verkocht door Cornelis zoon van Wouter Jan Wouters aan Peter zoon van wijlen Jan Adriaen Smolders, ooit gekocht van Quirijn zoon van wijlen Henrick Vermee.

Ten slotte is er nog Die Hoghe:

Vermeld 4-4-1541 (287:73v; erfgenamen van Gherit de Bont) als belender van een stuk erf in land en weide, groot 41/2 lopensaet min 1/2 vierdevaet, op die Hoghe (bij 'dat Hovelse weechken') verkocht door de erven wijlen Peter Jan Martens de Jonge en wijlen Jenneke, dochter van wijlen Jan Crillaerts, aan Claeus Ariaen van Gorcum.

Bosch Protocol 1139 (12-11-1523 1300,21) Gerit z.w. Jan de Bont man van Lijsbet d.w. Aart Buckincx vendt Willem z.w. Ghijsberti aenden Putt jeec 6 gld op Martini hyemalis uit huis erf hof schuur en huiske par. Otw in de kerkstraat bij de Kerk < Henrik Emmens de oude > straat ^ Kerkstraat v Henrick Emmens belast met 1 mud rogge en 2 denieren peters verschillende personen

Grond in Oisterwijk:

Bosch Protocol (R.1300,21 dd 12-11-1523) Gerit z.w. Jan de Bont man van Lijsbet d.w. Aart Buckincx vendt Willem z.w. Ghijsberti aenden Putt jeec 6 gld op Martini hyemalis uit huis erf hof schuur en huiske par. Otw in de kerkstraat bij de Kerk < Henrik Emmens de oude > straat ^ Kerkstraat v Henrick Emmens belast met 1 mud rogge en 2 denieren peters verschillende personen.

Idem (R.1312,229 dd 28-7-1530) Gerrit Jan Bontenzoon vendt convent Porta Coelisitis prope sBosch jeec 1 ½ gld op Petri ad vincula uit huys erf hof par. Otw aan den draeyboom after die kerck t Henrick Cornelissen t Goyaert z.w. Claes Sterts v gem. herbaan t Peter Aelberts huys erf hof par. Otw in die ackeren achter de kerk t Goyaert Claes Sterts t Gerrit Jan Stevens v gem. herbaan t gem. voetpad belast met 15 L rogge tafel H.Geest en 2 pond paym. zusters van Otw.

Idem (R.1322,289v dd 14-12-1534) Gerrit Jan Bonten vendt Jan z. Jan de Becker 1 malder rogge op Lichtmis uit huis erf hof par. Otw bij een hek t Goyaert Sterts t Henric Cornelisse v straat t Willem van den Wiel huis en erf 1 L par. Otw tpl. die Acker t voorn. Goyart Sterts t Gerit Jan Stevens v pad t weg belast met 1 ½ R gld 5 L rogge tafel H.Geest Otw 14 st zusters derde regel Otw deze aan Marie wede Hessel Pauwels Hessels 18-3-1435.


Huwt voor 1515

51.225   Elisabeth Arndt Peter BUCKINCKS

FamilienaamIndex 51.225Vader 102.450Moeder 102.451

Geboren voor 1495
Overleden na 1560

ORA OIsterwijk (225 fol 38 dd 3-7-1521) Gerit Jans Bonten man van Elisabeth zijn hvr d.w. Aert Buckinck gelooft Laureys Wouter Sgreven tbv den arme manhuyse bvvo dat hij dit manhuis zal betalen tbv eenen armen clerck wesende vanden bloede meester Jans Ghijsbrechts jeec 3 Rgld en 17 st op St Thomasdag inde winter uit een stuk land hem toebehorende 4 L in par. Otw ter stede in die Hupperinge < erf Pauwels die Cremer > erf Mechtelt wede Corneis Dicbier met haar krn ^ erf Jan Andries Lambrechts v erf wede w. heer Jan Bax ridder al zijn andere goederen; losbaar met 77 Rgld

ORA Oisterwijk (228 fol 34 dd 19-7-1524) sch. Otw doen cont dat wij sommige schepen letteren voor sch. Van Otw nyet geraseert nyet geaboleert nyet gecantelleert noch in enigen van hueren gedeelten gescadicht mer metten waerechtig en geheelen zegelen: Jan z.w. Godevaert geheyten Langh Heynen z. heeft geloeft Mechtelden ende Yden gez. drs w. Henricks z.w. Godevaert Langh Heynen soen voorn. ook tbv Margriet Heylwigen en Elisabeth gez. drs w. Henrick voors. 28 L rogge jeep op Lichtmis op den huyse en hoeve gronde en toebehoren en 1/2 van de geloect tot voorn. Jan behorende in par. Haaren < gemeynt van Haren daar Jan nutertijt in woont 6 1/2 L land; sch. Otw Lauwreys vander Heynden en Dirck Henrick Nellen soen 1442 des woensdaechs naede heyligen Pynxrdach [30-5-1442] den welken geschiet zijnde zo is gekomen Henrick z.w. Wouter vanden Nuwenhuys gemeynlijck geheyten die Decker verklaart tbv hem en tbv Aryde die Bont man van Elisabeth zijn hvr d.w. Airt Buckincks en mede erfgen. in zijn sekere hoede te hebben.

ORA Oisterwijk (235 II fol 7 dd 30-7-1530) Gheryt z.w. Jans Bonten man van Elyzabeth zijn hvr d.w. Aerts Peters Buckincs de helft als hij sede toebehorende in stuck lants 4 L daer Peter z.w. Jacop van Doren man van Heesken zijn hvr d.w. Aert voors. in par. Otw after die Kercke in die Huyculemse ackeren aldaer < wede Cornelis Dicbier en haar krn O > erf Pauwels die Cremer W ^ N erf Jan Andries Lambrechts v erf vrouwe Ariaen wede w. heeren Jan Backs ridder en haar dochter aankomst als Elyzabeth en Heesken na dood Peter Buckincx z. haar vader bij versterf en Aert voors. tegen de krn w. Dirck Luys met cope in sch. br. Otw; opgedragen Peter z.w. Jacop van Doren man van zijn hvr; belast met houden een gedeelte int hecken voer die ackeren hangende soemen daer vuyt van rechts wegen oick sculdich is te houden. Gheryt man van zijn hvr dat hij van Peter voors. ontvangen heeft opten coop vande helft vanden huyse daer Peter nutertyt inne woent 63 1/2 ka gld en de penningen van de helft van 1 mud rogge met 40 ka gld

ORA Moergestel (302 fol 32 los no 41 dd. 3-5-1568) Gerit Jans Bonten soen man van Elysabetha zijn hrv d.w. Aert Buckincks heeft geloeft als princ. sculder Laurens Wouter Sgreven tbv den Armen Manhuys gelegen binnen de vrijheyt van Oisterwijck dat hij gelden en betalen zal deselve manuys tbv eenen armen clerck wesende vanden bloede meester Jans Gijsbertss jeec 3 Rgld 17 st van 20 st voir elke gld gerekend jaarlijks op St THomaes inde wynter uit en van een stuck lants hem toebehorende 4 L in par. Otw inde HUpperinge < erff Pauwels die Cremer > erf Mechtelt weue w. Cornelis Dicbier met haere krn ^ erf Jan Andries Lambrechts v erf der wede w. hr Jan Bax ridder; en heeft de voorn,. Gerit waerschap geloeft op alle sijne guederen. Oirsoncen hebben dier over geweest scepenen in Oisterwijck Jan Andries Lambrechtssz ende Jacop Henrick Emmen soen die huere zegele in getuijgenisse hier aen hebben gehangen int jaer ons heeren duijsent vijfhonderty ende een ende twintich drie dagen in julio. Hier leg ick af den coop d... opten iersten recht dach alsmen tot Oesterwijck recht doen sal Ick Jan hoes diender vanden groonder rooden der stadt van tsartogenbosch 3 zondaagse gebodenvoir den raethuys ende de coopdash ghelet tot Oesterwijck met mijn handtekening iij meij anno Lxviij Jan Hoes


Zij huwt (2) Tilburg 1541

Jan Anthonis Meus OTTEN

FamilienaamIndex

Overleden na 1560

RA Tilburg 306:29 (11-11-1560) Lijsbeth weduwe van Gerijt Jan de Bont met Jan Anthonis Meeus haar tegenwoordige man en momber draagt over aan haar wettige kinderen door de voors Gerijt, haar eerste man toen hij leefde, uit haar verwekt, met afgaan en vertijen etc, het vruchtgebruik en al het recht vanwege vruchtgebruik, dat ze had en bezat in alle goederen, zowel huisen, hoven. land, zand, beemden, weiden en heiden, zoals de voors Gerijt toen hij leefde en zij Lijsbet voors samen bezaten, waar en tussen wie deze goederen voors gelegen zijn binnen de parochie van Tijlborch, hoedanig deze goederen mogen zijn, zoals ze zeide, belovende met haar man en momber als voor als principaal schuldenares super se et bona sua (op haar en op haar goederen) etc dit overgeven, opdragen, afgaan en vertijen voors altijd vast etc en vanwege vruchtgebruik daar nooit meer aanspraak op te maken noch te laten maken voor geen enkel gerecht, geestelijk noch wereldlijk, en alle komer en calangie daarop van harentwege komende allemaal af te doen.

Kinderen

  1. Jan Zie 25.612
  2. Joost, vermeld vanaf 1554 en in een proces in 1586 aangrespannen tegen hem wegens het (niet) maaien van hei.
  3. Peter (+voor 1582), huwt N.N.; Jan is voogd van zijn kinderen; vermeld o.a RA Tilburg 20-1-1562 (307:48) als koper van huis, hof met twee lopenzaad in Veldhoven. Onmondig in 1542, dus geboren voor ca. 1520
  4. Aert, vermeld 1554. Onmondig in 1542, dus geboren voor ca. 1520
  5. Aleijd, vermeld 1545, 1544 (vgl ook broer Jan). Onmondig in 1542, dus geboren voor ca. 1520

TerugBegin van generatie


51.226   Willem Jan VERAMELVOIRT

FamilienaamIndex 51.226Vader 102.452Moeder 102.453

Geboren ca. 1490
Overleden Tilburg na september 1556

Bron van zijn kwartieren: ISIS Tilburg. Diverse vermeldingen in archief dorpsbestuur, nog niet nagezocht.

Op 15-3-1532 (RA Tilburg inv 279 fol 58v) verkoopt Goeijaert Aerts Goeijaerts het door halfzuster Peter Clillaerts aan hem ooit overgedragen deel uit haar erfenis (van haar vader) aan de overige nazaten (Engelke, Heeske en Ijke).

Op 12-1-1536 (RA Tilburg inv 282 fol 35v) koopt Willem van de erven (zijn schoonzusters) van Gerrit Jan Crillaerts tweederde van een stuk land aan de Hasselt in Tilburg, tweederde van Sterts Hoeven in de Veecken Acker, en nog tweederde van een stuk grond aldaar. Dezelfde dag (fol 36) volgen (van Heeske Crillaerts en Willem aan Jan Jan Vets) tweederde in huis en schuur in de Hasselt, tweederde in een stuk land, idem in een stuk land in de Grote Acker, en nog tweederde in een stuk land. Schoonvader Crillaerts' weduwe behoudt hieruit voor haar verdere leven nog een klein stukje in gebruik. Tenslotte (fol 36v) dragen Willem en Jan aan Heeske over tweederde in stukken land in de Hasselt, in de Grote Acker en ergens elders.

Op 7-3-1552 (RA Tilburg inv 297 fol 82) is Willem (als weduwnaar) ontvanger van Henrick Cornelis Appels van een jaarlijkse cijn van 39 stuivers en 2.5 oirtstuivers uit een huis (de Bonten stede) te Tilburg

Op 24-1-1556 (RA Tilburg inv 301 fol 40v) delen de nog levende kinderen van Willem de erfenis (elk een vijfde deel): huis, hof en schuur aan de Hasselt in Tilburg, plus een stuk grond gekocht van Dionijs Henrick Wouter Goeens, hun zwager.

RA Tilburg 303:58 (2-3-1558): Cornelis en Gherit, gebroeders, zonen van wijlen Willem Jan Veramelvoirt, Jan zoon van wijlen Gherit de Bont als man en momber van Jenneke suae uxoris (zijn huisvrouw) en Denijs zoon van wijlen Henrick Wouter Mariën als man en momber van Adriana suae uxoris (zijn huisvrouw, dochters van wijlen Willem Jan veramelvoirt voors, (... verkopen...) aan Jan de Vet Jans zoone, met afgaan en vertijen etc, al alzulk vijfde deel zoals dat hun aangekomen en verstorven is van wijlen Peter, hun broer en zwager, zoon van wijlen Willem Jan Veramelvoirt voors in een stuk land (...)aen die Hasselt in die Langhstraet.

Verkoop (RA Tilburg 301:40v, 24-1-1556) door Cornelis Cornelis Wouters als man van Margriet wijlen Willem Jan Veramelvoirt uit het eerste huwelijk, Peter, Cornelis en Gherit, gebroeders, en Jan zoon van wijlen Gherit de Bont als man en momber van Jenneke sue uxoris (zijn huisvrouw), hun zuster, allen kinderen van wijlen Willem Jan Veramelvoirt uit het tweede huwelijk, elk voor een vijfde deel in de andere helft van een huis, hof, schuur met de grond en toebehoren en de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, gelegen in de parochie van Tilburg ad locum dictum (ter plaatse genaamd) aen die Hasselt; (...) En nog in en uit een stuk erf in land en weiland daar (...) aan Dionijs zoon van wijlen Henrick Wouter Goeens, hun zwager (blijkbaar via tweede huwelijk). Dionijs betaalt de drie broers jaarlijks een erfelijke cijns van 5-8-0, eventueel af te lossen met 90-0-0 ineens (idem, fol. 41-41v). Idem, fol. 41v: de vijf erven en Dionijs zoon van wijlen Henrick Wouter Goeens als man en momber van Adriana sue uxoris (zijn huisvrouw), dochter van wijlen Willem voors. uit het tweede huwelijk voor de andere helft (sic), verkopen aan Korstiaen zoon van wijlen Willem Stelaerts een stukje beemd in Tilburg aen die Blootbeempden.

RA Tilburg 1-2-1556 (301:49) Peter Willem Veramelvoirt, Jan zoon van wijlen Gherit de Bont als man en momber van Jenneke zijn huisvrouw en Dionijs zoon van wijlen Henrick Wouter Goeens als man en momber van Adriana zijn huisvrouw, verkopen aan Jan Jan de Vet elk een vijfde deel in een stuk land in Tilburg aen die Hasselt Jan Gherit de Bont (fol. 49v) verkoopt hem bovendien een vijfde deel in een stuk land aan die Hasselt in die Langhstraet. Jan en Dionijs verkopen aan Peter Willem Veramelvoirt (fol. 49v) elk een vijfde deel in een stuk land in die Creijenvenschestraet. Peter Veramelvoirt en Jan de Bont verkopen tenslotte (fol 50) aan Dionijs elk een vijfde deel in een stuk erf in weide aen die Hasselt in die Hoevensche Strate.

ORA Tilburg, los blad in Protocol 1531:

Anno XXXI heeft Willem Veramelvoert van het nabed uit de havelijke (goederen) gebeurd het derde deel één paar ossen 6 gulden, nog van 11 schapen gebeurd het derde deel van 35 st. Hierop uitgegeven het derde deel van 36 gulden aan Goijaert Aerts. Den vs. intressen afgelost een loop rogs 3½ gulden 5 st. Nog tegen Goijaert Aerts inde brandschat 45½ st. Item Willem heb 18 gulden van de Ven gebeurd en deze is gelegd in de brandschat van mijn huis.

Anno 38 is Margriet Willems dochter van d'Amervoert te huwelijk gekomen aan Cornelis Cornelis Wouters ende Willem heeft zijn dochter bewezen 5 lopensaat erfs.

Dit heeft Willem vs. also naar zijn beste verstand verklaard geschied te zijn voor schepenen Ghierl en Ghijben, ultima septembris anno 56.

En dat was toen verkocht door Engel mijn huisvrouw.

Anno 12 is Willem Jans Veramervoerts heiveld toegekomen aan Adriaen Hendrick de Haen dochter; hem is beloofd 60 gulden. Jan Veramervoert heeft onder genomen van dat Dongens Goet 100 gulden, hieraan afgelost 16 lopen rogge aan Agnees Adriaen Smolders aan Gherit Reijnen 9 lopen aan Heijn Stevens 5 lopen rogge; anno 13 heeft Willem zijn huwelijks goed ontvangen

Margriet Jan Veramervoert .... gestorven. Willem is proprietaris gekozen van in beuren, uitgeven land en pachten ....verkoper.

Anno 19 is Adriaen Willems gestorven.

Anno 22 heeft Willem zijn tweede huisvrouw genomen.

Anno 23 heeft Jan Veramervoert aan Margriet voordochter van Willem gevest 10 lopensaet erf voor 120 gulden met de wasdom met toestemming van zijn kinderen. Jan is gestorven.

Aert heeft van Willem zijn broer voor stee gebeurd 40 gulden. Nog de helft van 3 lopensaet land. Willem heeft de andere helft gehouden.

Cornelis, Willem en Aert hebben de beemd en de havelijke (goederen) in 3 delen gedeeld. Willem heeft 15 gulden van het voorbed aanvaard en aan de havelijke (goederen) gelegd.


Huwt (1) 1512

Adriana Hendrik de HAEN

FamilienaamIndex


Huwt (2) 1522

51.227   Engelken Gerrit Jan Reijnen CRILLAERTS

FamilienaamIndex 51.227Vader 102.454Moeder 102.455

Overleden Tilburg voor 7-3-1552

Bijgenaamd Hagaerts.


Zij huwt (1)

Claes Henric Willem van GHIERL

FamilienaamIndex

Schepen van Tilburg; zij testeren 1545 (Van Amelsvoort 2011:190)

Kinderen (Veramelvoirt)

  1. (uit 1) Margriet huwt Cornelis Cornelis Wouters
  2. (uit 1) Adriaen (+1519)
  3. (uit 2) Adriana (+voor 1556), huwt Dionijs Henrick Wouter Goeens
  4. (uit 2) Jenneke Zie 25.613
  5. (uit 2) Gerrit
  6. (uit 2) Cornelis
  7. (uit 2) Peter

Kinderen (Van Ghierl)

  1. Cornelis (Van Amelsvoort 2011:190)
  2. Henric (Van Amelsvoort 2011:190)
  3. Geertruyt (Van Amelsvoort 2011:190)

TerugBegin van generatie


51.228   Goijaert Peter CRILLAERTS

FamilienaamIndex 51.228Vader 102.456Moeder 102.457

Geboren ca. 1500
Overleden kort na 19-5-1575

Tilburg ORA (332:10v dd 21-2-1589) Wijlen Goyaert Peter Crillarts en Aleyt zijn vrouw had aan Adriaen zijn zoon een hofstede verkocht, plus stukken grond. Nu is Aleyt de weduwe verschenen, die uit kracht van het testament van haar en haar man dd 19-5-1575 deze zaken nu overdraagt.

ORA Tilburg (347:35 dd 15-9-1606) Catharina Goijaert Peter Crillaerts weduwe Lenaert Laureys Jan Bartouts, uit kracht van hun testament, verkoopt een stuk land aan Adriaen haar broeder.

ORA Tilburg (347:95v dd 22-5(?)-1607) Catharina Goijaert Peter Crillaerts weduwe Lenaert Laureys Jan Bartouts, uit kracht van hun testament, verkoopt een stuk land aan N.N. (moeilijk leesbaar)

RA Tilburg 308:37v (9-12-1562) Goiairt zoon van wijlen Peter Crillairts als door de heer aangestelde momber en toeziener van Peter en Anthonis, gebroeders, Cornelia en Jenneke, gezusters, onmondige en minderjarige kinderen van wijlen Willem ook zoon van wijlen Reijner Gerit Reijners en Engel wijlen Willem Peter Scellekens dochter; welke kinderen de voors wijlen Willem verwekt en verkregen had bij en uit Jenneke zijn huisvrouw, dochter van wijlen Peter Peter Crillairts. (NB: dit zal Peter broer van Goiaert Crillaerts zijn.)

RA Tilburg 20-6-1558 (304:12v) Cornelis Henrick Ruijsenierszoon als gemachtigd door Niclaes de Veer zoon van wijlen Laurens de Veer, (...) heeft geboden zijn blijkende penningen, (...)om daarmede in de naam van de voors Niclaes te lossen en te kwijten met het recht van naarderschap alle alzulke koop van zeven vierdedeel pond pepers, die Jan Janssone en Herman Gheritssone, beiden in Tilborch wonende, beiden tesamen en elk voor hen apart tegen jonkheer Jan vanden Ven, ambachtsheer van Diercxlant, oom van de voors Niclaes, gedaan hadden. Welk zeven vierdedeel pond pepers erfelijk voors geldende zijn geweest en alsnog behoren the gelden Goijaert Peter Crillaerts en Goijaert Peter Goijaerts uit hun goederen gelegen te Tilborch te Corvel en aan het Laer pro ut dicebat (zoals hij zeide).

RA Tilburg 6-4-1558 (303:76v) Leonart zoon van Laureijs Jan Bertouts en met hem Laureijs vs zijn vader en Goijaert zoon van wijlen Peter Crillaerts zijn schoonvader hebben beloofd als principaal schuldenaars (...) te betalen aan Peter zoon van wijlen Anthonis Meeus een jaarlijkse en erfelijke cijns van 18 karolus gulden (...)uit en van een huis, hof, schuur, schop met de grond en de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, aan de voors Leonart toebehorende, groot ca zestien lopensaet, met een weitje van ca twee lopensaet groot daar achter over de akkerweg aanliggende, altesamen gelegen aenden Berkcdijck in die Schijve (belender o.a. de kinderen van Peter Thonis van Boerden en van Goijaert Peter Crillaerts; erfenis van Goijaert voors) Nog uit en van twee stukken land aan dezelfde Lenaert voors toebehorende, gelegen in die Schijve het ene groot ca twee en een halve lopensaet (belender o.a. erfenis van Goijaert Crillaerts); Nog uit en van een stuk land aan de voors Goijaert toebehorende, groot ca anderhalf lopensaet, gelegen in de parochie en ter plaatse laatst voors; etc (...); zekere beemden toebehorende aan enkelen uit Holten en Ghilze een einde en verder uit en van alle en eeniegelijke andere erfelijke goederen, gronden, erven, pachten en cijnsen, die aan de voors Laureijs en Goijaert en elk van hen toebehorende zo waar men die enigszins in hun naam zal mogen bevinden niets uitgezonderd (...) Idem fol 77v: Te mogen lossen ten schoonste altijd met Lichtmis met driehonderd karolus gulden (...)en de voors los te mogen doen met minstens eenhonderd karolus gulden en altijd met de jaarcijns en alle achterstand indien er dan enige ten achter en onbetaald zouden staan behalve dat wanneer ze de voors los zullen willen doen zij gehouden zullen zijn of iemand van hen dat een half jaar tevoren op te zeggen. Derhalve is ook een voorwaarde en wordt in deze besproken, dat als het de voor voors Peter nodig zou zijn of al hij zou begeren een deel van de voors hoofdsom te hebben en als dat tijdig een half jaar tevoren aan de voors Leonaert met de zijnen of aan enigen van hun nakomelingen verkondigd en opgezegd zal worden, dan zullen Leonaert, Laureijs en Goijaert voors gehouden zijn en verbonden staan aan de voors Peter minstens het derde deel van de voors hoofdsom samen met de jaarcijns en alle onbetaalde achterstand met Lichtmis daarna op te brengen en te betalen, daarvoor verbindende hun persoon en al hun goederen, havelijk en erfelijk, roerend en onroerend, hebbende en verkrijgende en dat gezamelijk, onverdeeld en een voor allen, zonder arglist.

Belender aan de oostzijde (RA Tilburg 14-5-1557, 303:6) van twee huizen, hoven met de grond en toebehoren (...) samen ca zes en een halve lopensaet begrepen, aenden Berckdijck, eigendom van Jan zoon van wijlen Michiel Jan Peijmans. Idem op 10-8-1551 (297:22v), dan groot ca 71/2 lopensaet.

Idem (3-9-1557, 303:14v) van een stuk land groot ca vier lopensaet Corvel Acker, eigendom van Marten zoon van wijlen Laureijs Marten vanden Zande

Idem (8-1-1557, 302:100v) van een stuk land groot ca twee en een halve lopensaet in die Schijve, en van een stuk erf nu ter tijd in weiland liggende, groot ca 1 lopensaet en twee en veertig en een halve roede aldaar, verkocht door Peter zoon van wijlen Anthonis Meus aan Lenaert Laureijs Jan Bertouts.

Idem (22-1-1557 302:105v) van een huis en hof met de grond (...) in Goirle aen die Abchoven, verkocht door Gherit zoon van wijlen Aerdt Wouter Smits, Bastiaen zijn broer en Elijsabet hun zuster, aan Jan zoon van Joest zoon van wijlen Cornelis Backs

Idem 25-5-1555 (301:8) aan twee zijden van een huis, hof, schuur met de grond in Corvel verkocht door Reijner zoon van wijlen Jan Groten aan Roelof zoon van wijlen Anthonis Anthonisz. van Boerden.

Idem 15-6-1554 (300:8v) van een stuk land in die Corvel Ackeren (andere belenders: erfenis van de erfgenamen van wijlen Laureijs Zwijsen een zijde, erfenis van Goijaert Peter Crillaerts ander zijde, de gemeijn Heerstraet een einde).

Idem 11-8-1554 (300:13) van een stuk land groot ca 4 lopensaet gelegen in de parochie voors. ter plaatse genaamd in Corvel Acker eigendom van Marten zoon van wijlen Laureijs Martens vanden Zande (idem, 16-2-1554, 299:49v).

Idem 26-3-1552 (297:87) naast en huis, hof, schuur met de grond en erfenis groot ca 21 lopensaet gelegen aan het Stappegoer, eigendom van Dierck zoon van wijlen Jan Korstkens.

Idem 11-11-1550 (296:33v) aan twee zijden van een huis, hof en erfenis genaamd de Moeck in Corvel, verkocht door Jan zoon van wijlen Willem vander Heijen aan Cor nelis dochter van wijlen Henrick Vermee. Idem op 31-1-1544 (290:38).

Idem 1-6-1549 (295:5v) naast een stuk heiveld in Tilburg aan Maesdijck, eigendom van IJke weduwe van Jan Claeus Adriaens

Idem 17-1-1547 (293:47v) naast een stuk land in Corvel Acker verkocht door Jan zoon van wijlen Claeus Goeens en Gherit Gherit Smolders als man van Laureijs, dochter van wijlen Claeus Goeens voors., aan Jan Jan Beckers.

Idem, 30-12-1545 (292:38) naast een stuk land in Corvel Acker, erfenis van wijlen Claeus Wouter Willem Marijenen wijlen Zusanna Laureijs Mutsaerts.

Idem, 17-6-1541 (288:11v) naast een stuk land gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd in Corvel Ackeren, verkocht door Reijner zoon van wijlen Jan sGroten aan Ghijsbrecht zoon van wijlen Cornelis Ghijsbrecht Smolders.

Idem 23-3-1538 (284:54), naast 11/2 lopensaet, gelegen in Corvel acker van Reijnier Jan Groten.

Idem 4-4-1537 (284:1) naast een stuk land, groot 12 lopensaet, gelegen te Tilburg in Corvel acker, genaamd: Camenlandt, eigendom van Claeus zoon van wijlen Wouter Goeens en familie.

Idem 1-3-1536 (282:52v) naast huis, hof en erfenis aan Claeus voors toebehorende, groot ongeveer 51/2 lopensaet, in Corvel, eigendom van Claeus zoon van wijlen Jan Claeus Aelwijns en Reijner Jan sGroten als man en momber van Dijmpna zijn huisvrouw, dochter van wijlen Jan Claeus Aelwijns

RA Tilburg 10-11-1556 (302:87) Peter zoon van wijlen Anthonis Meeusz verkoopt aan Goijaert zoon van wijlen Peter Crillaerts een stuk heiveld twee lopensaet of zo groot en klein als dat gelegen is aan Maesdijck (belender o.a. erfenis van Goijaert zoon van wijlen Peter Crillaerts, die Leije aldaar een einde.

RA Tilburg 1-2-1556 (301:48v) Gherit Adriaen Gherit Mijs verkoopt aan Goijaert zoon van wijlen Peter Crillaerts een stuk land groot ca anderhalf lopensaet en zes roeden, in die Schijve.

RA Tilburg 28-3-1555 (300:69v) (...) de voornoemde Jan de oude, Laureijs en Cornelis gebroeders en Gherit zoon van Gherit Henrick Smolders als man en momber van Dingen dochter van wijlen Denijs en Daniël voors. (NB: Daniël weduwe van Denijs Ariaen Mutsaerts), voor henzelf en ook voor Claes hun broer, religieus en geprofest in het godshuis van Tongerlo, niet tegenwoordig zijnde, en ook voor Joest hun broer, wel aanwezig nochtans minderjarig zijnde, waarvoor zij gezamelijk voor instonden en geloofden, en dezelfden nog voor Denijs, onmondige zoon van wijlen Jan de jonge, zoon van wijlen Denijs en Daniël vs, waarvoor ze ook gezamelijk voor instonden en gelofte deden en met hen Gherit zoon van wijlen Jan Peter Ghijben als grootvader en toeziener van deze (Denijs), en ze hebben wettelijk en erfelijk verkocht, overgegeven en opgedragen aan Goijaerdt zoon van wijlen Peter Crillaerts ten behoeve van Jan zijn zoon, met afgaan en vertijen etc. het voors. huis, hof, schuur, schaapskooi, turfschop met de grond en toebehoren en erfenis daaraan liggende en ook het voorschr. stuk erf en de verkopers voornoemd (NB: huis, hof, schuur, schaapskooi, turfschop met de grond en toebehoren en de erfenis daar aan liggende, samen groot ca 13 lopensaet en 2 roeden, gelegen aan den Berckdijck) hebben gelofte gedaan in de naam als voor als schuldenaars super se et bona sua etc. warandiam more solito dempto (op zich en hun goederen etc. te waren zoals gebruikelijk behalve) dat Jan koper voors. daaruit moet gelden: Achttien lopen rogge erfpacht aan de Heilige Geest van Tilburg; Een half mud rogge erfpacht aan de Kartuizers van Keulen te betalen; Nog een mud rogge en vijf karolus gulden losbare pacht en cijns te los staande met anderhalf honder karolus gulden aan de Abt van Tongerlo te betalen; en nog zeven en een halve karolus gulden losbare cijns aan de erfgenamen van wijlen Laureijs Zwijsen, te los staande ook met anderhalf honderd karolus gulden volgens de brieven, die daarvan zijn.

RA Tilburg 26-1-1555 (300:53) Jorijs zoon van Wouter Gherit Zibben verkoopt Goijaert zoon van wijlen Peter Crillaerts een stuk land hem toebehorende geheten den Hazenacker in Corvel Acker (...)dat Goijaert koper voors. daaruit moet betalen een half mud rogge erfpacht in een erfpacht van een mud rogge te betalen aan Peter Aert Sterts en zijn mede erfgenamen.

RA Tilburg 5-6-1554 (300:6v) Diverse erven van Gherit Backs verkopen aan Goijaert zoon van wijlen Peter Crillaerts een stuk land in Corvel Acker (belender o.a. erfenis van Goijaert zoon van wijlen Peter Crillaerts, erfenis van Denijs Peter Crillaerts).

RA Tilburg 16-3-1554 (299: 60v) Goijaert zoon van wijlen Peter Crillaerts als momber en Anthonis zoon van wijlen Jan Ariaen Smolders als toeziener van Jenneke en Anneke, gezusters, onvolwassen kinderen van wijlen Cornelis zoon van wijlen Peter Peter Crillaerts, door de vrienden daartoe gekozen en door de Heer daartoe gezet en bepaald zijnde, waar de momber en toeziener voors. voor instonden en geloofden, hebben overgegeven aan Pauwels zoon van wijlen Peter Crillaerts de helft in 2 stukken beemd genaamd die Strijpbeemden (etc.).

Omstreeks 5-2-1554 (RA Tilburg 299:43) worden vermeld: "Jan Cornelis Spapen en Goijaert Peter Crillaerts, nu ter tijd meesters van de Tafelen van de Heilige Geest".

RA Tilburg 21-3-1553 (298:118v) Jan Jan Michiel Quaps (...biedt op) het huis, hof, grond en stuk erf daaraan liggende en daartoe behorende, samen groot ca 4 lopensaet, in Corvel (...) zoals Goijaert zoon van wijlen Peter Crillaerts gekocht had van Sijmon zoon van wijlen Adriaen Sijmon de Wit en anderen. Verkoop: 23-4-1552 (298: 1v); hieruit te betalen 9 lopen en 6 lopen rogge van een erfpacht op het Hof van (Brakel) onder Alphen.

RA Tilburg 1-2-1546 (292:62v) Peter Denijs Crillaerts als man van Daniela dochter van wijlen Daniël Claeus Jan Huijb Melis heeft geloofd als schuldenaar te betalen aan Goijaert zoon van wijlen Peter Crillaerts een jaarlijkse en erfelijke cijns van 41/2 karolus gulden uit het 1/4 deel, Peter voors. toebehorende, in een huis, hof,schuur met grond en erf daaraan liggende, groot in het geheel ca 12 lopensaet, gelegen te Tilburg in Loven; en nog uit 1/4 deel hem toebehorende in een stuk land, het geheel groot ca 51/2 lopensaet, gelegen te Tilburg in Loven Acker.

RA Tilburg 27-4-1545 (292:4v) Dents zoon van wijlen Peter Crillaerts heeft geloofd als schuldenaar te betalen aan Goijaert zoon van wijlen Peter Crillaerts ten behoeve van Thomaes Martens van Beeck een jaarlijkse en erfelijke cijns van 3 karolus gulden van 20 stuiver uit een huis, hoeve en erf daaraan liggende,groot ca 10 lopensaet, gelegen te Tilburg in Corvel.

RA Tilburg 15-2-1544 (290:49) Bastiaen zoon van wijlen Peter Grillaerts heeft geloofd als schuldenaar te betalen aan Goijaert zoon van wijlen Peter Crillaerts, zijn broer, een jaarlijkse en erfelijke cijns van 71/2 karolus gulden van 20 stuivers uit huizing, hoving en erfenis, groot ca 81/2 lopensaet, gelegen in de parochie van Tilburg aan die Rijt; Nog uit een stuk erf in weiland genaamd 't Bosch, groot ca 4 lopensaet, gelegen als voor. Idem, fol. 49: Staat te los met 125 karolus gulden van 20 stuvers, ineens of in 2 termijnen, de eerste termijn met 75 karolusgulden samen met de jaarcijns en achterstand met sint Jansmis tevoren op te zeggen.

RA Tilburg 1-2-1544 (290:41v) Denijs zoon van wijlen Peter Crillaerts heeft geloofd als schuldenaar te betalen aan Goijaert zoon van wijlen Peter Crillaerts een jaarlijkse en erfelijke pacht van ene half mud rogge uit een stuk land genaamd 't Bosch groot ca 4 lopensaet, gelegen in de parochie van Tilburg in Corvel in die chijve omtrent de Wijntmoelen. Idem fol. 42: Staat te los met 25 karolus gulden van 20 stuivers samen met de jaarpacht en achterstel met sint Jansmis tevoren op te zeggen.

RA Tilburg 2-12-1538 (285:13) Claeus Henrick en Cornelis, broers zonen van wijlen Wouter Wijllem Marijen als ooms van Sijmon, Joest, Wouter, Cornelis, gebroeders, en van Jenneke hun zuster, kinderen van wijlen Marij, dochter van wijlen Wouter Wijllem Marijen en van Jan, zoon van wijlen Joest Blommaerts, haar man verkopen om beters willen en tot meer profijt voor de kinderen van Jan en Marij aan Goijaert zoon van wijlen Peter Crillaerts een stuk land, gelegen te Tilburg in die Corvel Ackeren.

RA Tilburg 12-4-1538 (284:58), zoenbrief bij "Ongeval, nederslag en dootslag in Tilburg in de persoon van Sijmon Willem vanden Gheijne, doode en van Jan Anthonis Meeus, misdadiger", tot de vrienden der dode horen Goijaert Peter Crillaerts, Pauwels Peter Crillaerts.

RA Tilburg 3-2-1537 (283:38) Jan, zoon van wijlen Claeus Steven Reijnen verkoopt aan Goijaert zoon van wijlen Peter Crillaerts een stuk land, groot 2 lopensaet, gelegen te Tilburg, In die Corvelsche Acker.

RA Tilburg 3-2-1532 (279:45), belending van een huis, hof en erfenis in Corvel van Reijner Jan sGroten:de erfenis van Goijaert... .


Huwt

51.229   Aleid Thomas Maerten BUCKINKS

FamilienaamIndex 51.229Vader 102.458Moeder 102.459

Overleden na 21-2-1589

Kinderen

  1. Adriaen, volgens van Dijk
  2. Catharina, huwt Leonart Laureijs Jan Bertouts
  3. Jan Zie 25.614
  4. Peter, volwasen in 1555: 2-1-1555 (RA Tilburg 300:40), Ghijsbrecht zoon van wijlen Ghijsbrecht van Boerden heeft verkocht aan Peter zoon van wijlen Aert Sterts ten behoeve van Peter zoon van Goijaert Peter Crillaerts, zijn zwager, samen met de genoemde en andere brieven en recht, met afgaan en vertijen, een huis, hof, schuur met de grond en toebehoren en erfenis daaraan liggende met nog 10 andere percelen van erven tesamen gelegen in de parochie van Goirle op verscheidene plaatsen (etc.); RA Tilburg 22-1-1557 (302:106) Jenneke weduwe van Peter Aerdt Sterts, dochter van Peter Jan Geerts (...) heeft wettelijk aangesteld, gemachtigd en in haar plaats gesteld, stelt aan, machtigt en stelt in haar plaats bij deze Peter Jan Geerts voors, haar vader, en Peter Goijaert Crillaerts, haar zwager, (....voor al haar zaken).

TerugBegin van generatie


51.230   Jan VERHOEVEN

FamilienaamIndex 51.230 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Verdere herkomst nog onbekend. Mogelijk is hij Jan Aert Henricks Verhoeven de Jonge (gesignaleerd 1545; en o.a. RA 1557 282:2), zoon van Aert en Pauwels. Vermoedelijk Jan Hendriks Verhoeven; met familie vermeld o.a. ORA Tilburg (288 fol 62 dd x-3-1542; 289 fol 7 dd 26-5-1542).

Mogelijk zoon en broer van deze: ORA Tilburg (inv 262:25 dd 1510) Beatrix dochter wijlen Jan Verhoeven verkoopt haar deel van de nalatenschap van haar ouders aan Herman Jans Verhoeven. Herman betaalt haar voortaan een half mud rogge. Beatrix staat aflossing toe met 16 gouden Peters.

Tilburg ORA (336:19 dd 15-5-1589) Corstiaen wijlen Anthonis van Haastrecht man van Mechtelt wijlen Aert Sterts en nagelaten weduwe Jan Cornelissen; Lambrecht Jan Jan Schut(? )… kinderen Jan Laureys Sgreven (?) (…) Jan Goyaert Crillaerts voor Wouterke nagelaten dochter Jan Verhoeven en Maria Aert Aert Sterts en voor zijn wettige kinderen bij haar (…) verkopen een stuk grond.

ORA Tilburg (281 fol 36 dd 19-5-1533) Hanrick zoon van wijlen Marten Melis, Jan zoon van wijlen Jan Huijben als man en momber van Heijlwich zijn huisvrouw en Jan Verhoeven als man en momber van, Jutta dochters van wijlen Marten voors, hebben wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven aan Aert Aert Sterts een jaarlijkse en erfelijke pacht van 3 mud rogge min 4 lopen rogge, samen met twee achterstallige pachten, uit een huis, hof met de grond en de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd in Loven, aldaar tussen (…) Nog uit meer onderpanden. Welke erfpacht de wettige kinderen van wijlen Marten Melis gekocht hadden van Dierck zoon van wijlen Steven Sceijven. Kathelijn weduwe van Marten Melis heeft haar tocht en recht van tochtenwege in deze erfpacht aan haar kinderen overgegeven.

Bosch Protocol 505 (5-9-1596; 1434:374) Peeter z.w. Willem Huben had verkocht aan Arnden gent Start z.w Aerts Start jeec 6 Rgld op 1 april uit - huys erve hoff des voors. verkopers bvvo in die strate gent de Kercstrate t Nicolaes die Beer t Margriet wede Peter Coecx en krn - stuck weyde 3½ L bvvo tpl. de Hooge strate t erfgen. hr Andries Emmen priester t gem. wech gent gem. molenpat volgens sch. br. sBosch 30-3- 1524 zo gestaan Jan z.w. Gijsbert van Beurden bij w. Baetken d.w. Jan Verhoeven bij Marye d.w. Aert Starts dat de helft in deze rente van 6 gld hem en zijn broer Ghijsbert en dat zijn 1/4 daarna aan Gijsbert zijn broer is aanbedeeld die dus de gehele helft en dat deze Ghijsbert gewoond heeft in de kost van Jan Crillarts toen man van Wouterken d.w. Jan Verhoeven? en Mariken voorn. zijn helft in de rente in betaling gegeven zonder transport aan Jan Crillarts de andere helft van de rente had tevoren ?? Jan als enig erfgen. van zijn broer Ghijsbert tbv Jan Crillarts vertegen Margo: Jan Goyarts Crillarts deze rente van 6 gld ten deel gevallen aan Jan z.w. Aert Henricx man van Jenneken d. voorn. w. Jan Goyart Crillarts zo gestaan Jan Artss man van voorn. Jenneken deze rente overgedr. aan Jan Leyten z.w Willem Leyten 29-1-1599


Huwt (1)

51.231   Maria Aert Aert STERTS

FamilienaamIndex 51.231Vader 102.462Moeder 102.463


Huwt (2) voor 1533

Jutta Maerten Jan MELIS

FamilienaamIndex

Kinderen

  1. Baefken
  2. Herman
  3. Margriet
  4. Wouterken Zie 25.615

TerugBegin van generatie


51.248   Peter ANDRIES

FamilienaamIndex 51.248 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren voor 1485
Overleden voor 18-2-1534

Algemeen protocol vermeldt dan een Peter zoon van wijlen Peter Andries. Idem 27-1-1537.

Op 9-2-1563 (ORA Tilburg 308:69v) verkoopt Michiel Jan vanden Brande aan Aert Laureijs Aert Lensen een stukje land groot ongeveer 12 roeden en 11/2 voet in Tilborch "ter plaatse genaamd bij de Kercke omtrent de Schijve", met als buur de erfenis van Peter Andries. Aankoop 6-1-1562 van Korstiaen Cornelis Claes (ORA Tilburg 308:14). Eerder veremeldingen als nabuur 306: 62v (1561), en in 1560 met weduwe (305:55). In 1548 in leven, nabuur (ORA Tilburg 294:46), idem in De Schijve 6-2-1546 (292:66). Mogelijk is hij de Peter Peter Dries, grootvader van Adriaen wijlen Cornelis Peter Dries, die op 30-1-1546 (ORA Tilburg 292, los blad bij 58) borg is bij de zoen tussen Adriaen en de vrienden van de door hem gedode Joest Aert Jan van Aerle.

Niet verwarren met Peter Andries van Boerden, gestorven voor 28-3-1542 (ORA 288:67: transport van Peter dochter van wijlen Peter Andries van Boerden aan Meeus zoon van wijlen Peter Andries van Boerden haar broer: de helft in een huis etc in de Berckdijck te Tilburg).


Huwt

51.249   N.N.

Index 51.249 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Adriaen Zie 25.624
  2. Peter (*voor 1512) huwt voor 1536 Margriet Adriaen Roefs (dochter van Adriaen Roefs en Jenneke Jan Backs, beiden +voor 29-2-1536), maken testament 16-6-1560 (ORA Tilburg 306:12v); veremeld 21-3-1553 als member van kinderen van wijlen Jan Peter Henrick Eelkens (ORA Tilburg 298:113v)
  3. Marie, huwt Peter Henrick Eelkens, testeren 25-7-1550 (ORA Tilburg 296:21v)
  4. Andries (+voor 1547), vader van een dochter Aleijd (+voor 11-1-1547), gehuwd met Jan Jan wijlen Jan van Turnhout (ORA Tilburg 293:46); Peter andries is borg.

TerugBegin van generatie


51.328   Willem Willem Jr Laureijs ANCEMS

FamilienaamIndex 51.328Vader 102.656Moeder 102.657

Geboren ca. 1495
Overleden voor 1565

Schepen van Tilburg 1533-1536 en mogelijk andere jaren. Willem Willem Laureijs, vermeld als een van twee H. Geestmeesters 12-11-1537 (284:30v) en 1-3-1536 (282:63v). Willem zoon van wijlen Willem Laureijs, vermeld als een van twee 'meesters der kerkfabriek van Tilburg uit kracht en gratie van de voors. kerk door de bisschop van Luijck verleend', RA Tilburg 23-3-1541 (287:71v).

Tilburg ORA (269:16v dd 4-4-1520) Willem Willem Laureijs Jr als voogd van Aleyt Mathijs Henrick Beerthen zijn vrouw aan Jan Laureijs Scuermans zijn medezwager tbv de wettige nakomelingen van Mathijs Henrick Beerthen een erfpacht van 20 lopen rogge. (…) Jan Lauers Schuurman man van Elisabeth Mathijs Henrick Beerthen verklaart dan Willem Willem Laureijs Jr hiermee enkele schulden (erfpachten) heeft afgelost.

ORA Tilburg (271:74 dd 7-12-1521) Willem wijlen Willem Laureys Ancems man van Aleyt wijlen Thijs Beerthen verkoopt een stuk grond van vier lopensaatsPeter Peter Crillaerts.

Tilburg ORA (312:46 dd 3-2-1567) Willem en Jan zonen wijlen Mathijs zoon Willem Willem Laureys verkopen een stuk beemd aan Michiel Willem Willems (hun oom)

Tilburg 8-2-1563 (RA 308:64): Willem zoon van wijlen Willem Laureijs Ansems weduwnaar van Aleijd zijn huisvrouw, dochter van wijlen Mathijs Henrick Beerthen legitime et hereditarie supportavit (heeft wettelijk en erfelijk overgegeven aan) Michiel zijn zoon voor de ene helft voor hemzelf en aan Willem zoon van wijlen Mathijs ook zoon van Willem en Aleijd voornoemd en aan dezelfde Michiel en aan Willem Joost Berijs als momber en toeziener van Jan, Berijs, Peter, Joost, Adriaen en Cornelia, broers en zuster, onmondige en minderjarige kinderen van wijlen Mathijs voornoemd ten behoeve van deze kinderen voor de andere helft met afgaan en vertije etc het vruchtgebruik en recht van vruchtgebruik dat hij heeft en bezit in alle erfelijke goederen het zij huizingen, hovingen, land, zand, heiden, beemden en weiden, waar en tussen wie de goederen voors gelegen zijn, niets uitgezonderd, zoals hij zeide. (...) Derhalve hebben de voors Michiel voor hemzelf voor de ene helft en Willem zoon van wijlen Mathijs zoon van Willem Willem Laureijs Anssems beloofd (...)dat zij aan Willem hun vader en grootvader voornoemd zulen uitreiken en betalen zolang hij onder de mensheid zal leven en niet langer een loscijns van 30 karolus gulden, te betalen elk jaar op Onze Lieve Vrouwedag Lichtmisdag en voor de eerste termijn en dag van betaling nu met Lichtmis a.s., wat zij elkaar zo beloofd hebben zonder arglist.

Idem, volgende pagina's (64-66): (...) Michiel zoon van Willem Willem Laureijs Anssems, door deze Willem en uit wijlen Aleijd diens huisvrouw, dochter van wijlen Mathijs Henrick Beerthen samen verwekt en verkregen, voor de ene helft, Willem zoon van wijlen Mathijs Willem Willem Laureijs Anssems voornoemd en dezelfde Michiel nog en met hem Willem Joost Berijs als door de heer aangestelde momber en toeziener van Jan, Berijs, Peter, Joost, Adriaen en Cornelia, broers en zuster, onmondige en minderjarige kinderen van wijlen Mathijs zoon van Willem Willem Laureijs Anssems voornoemd, daar de momber en toeziener voors zich sterk voor maakten en gelofte deden, voor de andere helft en ze hebben van de erfelijke goederen hun van Aleijd hun moeder en grootmoeder aangekomen en bestorven zijnde en waarin Willem hun vader en grootvader voornoemd heden ten dage van het vruchtgebruik en al het recht vanwege vruchtgebruik is afgegaan, een zekere erfscheiding en erfdeling gedaan en gemaakt op de manier hierna volgende.

(...) Michiel behoudt zijn deel van de oude stede, te weten huis, hof, schuur, schop, schaapskooi, bakhuis met de grond en erfenis in weide daaraan liggende en daartoe behorende, samen groot ongeveer 171/2 lopensaet, gelegen in de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd aen de Broeckzijde (...);een stuk land genaamd den Hoeffacker, het Stoppelvelt en die Drije Lopensaet samen groot ongeveer 27 lopensaet (...); nog de helft in een stuk land genaamd de Malacker, het geheel groot ongeveer 9 lopensaet (...) aan de Malstraet (...); nog een stuk land groot 21/2 lopensaet (...)genaamd de Nouwelijn (...);

nog een stuk beemd, groot ongeveer 1 bunder (...)genaamd Smeijerman (...); nog een stuk beemd groot ongeveer 2 lopensaet (...)genaamd Peter Meeus Beempt (...); nog een stuk beemd groot ongeveer 61/2 lopensaet (...)genaamd bij Maesdijck (...) aan de lopende stroom genaamd de Leije (...); Nog de helft onbedeeld in een stuk heiveld groot ongeveer 13 lopensaet (...) aan de lopende stroom genaamd de Leije (...)en hiertoe nog de helft bedeeld in een stuk heiveld, het gehele stuk groot ongeveer 25 lopensaet (...)genaamd Dierck Backs Heiveld (...). (...) behalve dat Michiel voors hieruit moet gelden twee derde delen in een mud rogge per jaar erpacht te betalen aan de Taeffelen des Heijligen Geests binnen Oisterwijck; nog een mud rogge per jaar erfpacht te betalen aan Jan Cornelis Veramelvoirt en 12 lopen rogge per jaar erfpacht te betalen aan Frans Brouwers; nog zes karolus gulden per jaar loscijns te betalen aan het Gilde van Sint Peters Altaar in de kerck van Tilborch, ter kwijting staande met honderd en negen karolus gulden; nog twee karolus gulden per jaar loscijns te betalen aan de erfgenamen van Anthonis Dionijs Meijnairts ter kwijting staande met 45 karolus gulden; nog 921/2 stuiver per jaar loscijns te betalen aan Jacop Jan Corstkens ter kwijting staande met 70 karolus gulden; nog twee karolus gulden per jaar te betalen aan Thonis Goiairts ter kwijting staande met 33 karolus gulden; nog 21/2 karolus gulden per jaar te betalen aan Jan Gerit Bastiaens, ter kwijting staande met 40 karolus gulden, alles volgens inhoud en begrip van de losbrieven die daarvan zijn, nog de helft in 8 stuivers, 11/2 ort per jaar gewincijns uit de voors stede te betalen aan de Heer van Tilborch en daartoe nog 11/2 stuiver ongeveer gewincijns aan dezelfde heer van Tilborch te betalen uit de beemd aan Maesdijck. Daarbij moet hij nog alle schouwen en waterlaten onderhouden zoals men die schuldig is en behoort te onderhouden. (...)

Idem, 8-2-1563 (Tilburg RA 308:66-67): Vervolg. Hiertegen zal de voors Willem en de momber en toeziener van de voors onmondige kinderen hebben, houden en erfelijk voor hun deel bezitten de stede, daar Mathijs hun vader placht te wonen en daar hij uit verstorven is, te weten huis, hof, schuur, schaapskooi met de grond en de erfenis in weide daaraan liggende en daartoe behorende, groot ongeveer 15 lopensaet, gelegen in de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd aen de Broeckzijde (...); nog een stuk land genaamd den Rijacker groot ongeveer 14 lopensaet en 16 roeden (...) aan de gemeijn straat genaamd die Donckerstraet (...); nog een stuk land groot 10 lopensaet (...) genaamd Peter Zegers Acker (...)(aan) de voors Donckerstraet (...); nog de helft in een stuk land genaamd de Malacker in het geheel groot ongeveer 9 lopensaet (...); nog een stuk land groot ongeveer 31/2 lopensaet (...)genaamd de Nouwelijn (...); nog een stuk beemd, groot ongeveer een bunder (...); nog een stuk beemd groot ongeveer 4 lopensaet (...)genaamd Crillairts Beempt (...) (aan) de Mallstraet (...); nog de helft bedeeld in een stuk heiveld, het gehele stuk groot ongeveer 25 lopensaet, (...) genaamd bij Maesdijck, (...); en hiertoe nog twee stukken heiveld (...) aan de Leije. (...) behalve dat de voors kinderen uit de akker genaamd Peter Zegers Acker moeten gelden 15 lopen rogge per jaar erfpacht te betalen aan de weduwe van Anthonis Dionijs Meijnairts, twee lopen rogge erfpacht per jaar te betalen aan de Persoonschap van Tilburg, nog vier lopen roge per jaar erfpacht te betalen aan de Rector van Onze Lieve ten Nood Gods in de kerkcke van Tilborch, nog een mud rogge per jaar erfpachtte betalen aan Heijlwich weduwe van Michiel Otten en haar kinderen en daartoe nog uit de andere erfenissen zes lopen rogge per jaar erfpacht te betalen aan de Provisoren der Taeffelen des Heijligen Geests in Tilborch; nog 5 karolus gulden per jaar losrente te betalen aan de Heren van het kapittel ten Bosch, ter kwijting staande met honderd karolus gulden; nog 6 karolus gulden per jaar te betalen aan Stijnken van Lieberg ter kwijting staande ook met honderd karolus gulden; nog 3 karolus gulden en een stooter loscijns te betalen aan Cornelis Steven Hoeven ter kwijting staande met 50 karolus gulden; nog daartoe drie of vier halve braspenningen erfelijke cijns te betalen aan de Prelaet van Tongerloo en daartoe nog de helft van acht stuivers en 11/2 ort per jaar gewincijns te betalen aan de Heer van Tilborch. (...).

RA Tilburg 1-3-1563 (308:81v): Willem Willem Laureijssone, oud ongeveer 70 jaren en Adriaen Gijb Jansen oud ongeveer 40 jaren, beiden inwoners van deze Heerlijkheid van Tilborch, getuigen dat ooit huwelijkse voorwaarden zijn opgesteld tussen Jan Cornelis Cornelis Daniëls en Willemke Wouter Willem Wouter Jacops.

RA Tilburg 2-12-1558 (304:22v) Korstiaen Huijbrechts van Sinte Geertrudenberghe als man en momber van Anna suae uxoris (zijn huisvrouw) vs, dochter van wijlen Jan Berijs Eelkens heeft wettelijk en erfelijk verkocht, overgegeven en opgedragen aan Willem zoon van wijlen Willem Laureijs simul cum dictis literis et jure (samen met de genoemde brieven en het recht) etc, met afgaan en vertijen etc, een mud rogge en een half lopen rogge erfpacht hem zo hij zeide toebehorende, elk jaar te vergelden op Onze Lieve Vrouwedag Lichtmis uit en van huis, hof met zijn toebehoren en erfenis daaraan liggende gelegen in de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd aen 't Kerckvenne (...)

RA Tilburg 11-2-1556 (301:95v) Willem zoon van wijlen Willem Laureijs betaalt een erfpacht van twaalf lopen rogge, te vergelden elk jaar op Onze Lieve Vrouwendag Purificatio uit en van een stuk land, genaamd de Malacker gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd die Broecksijde, nu aan Frans als man en momber van Katherijnen Goijaert van Ellaer, zijn vrouw.

RA Tilburg 3-5-1553 (299:10v) Heer Henrick de Raet, priester en pensier van het convent van Tongerlo en heeft onder voorwaarden hierna verklaard uitgegeven en in gerechte pacht verpacht aan Willem Willem Laureijs, Mathijs zijn zoon, (etc.) de oude tiend van Tilburg aan het convent voors. toebehorende en dat voor een termijn van 6 jaar durende, het ene jaar na het andere elkaar opvolgende, waarvan het eerste jaar beginnen en zijn zal het jaar 1553 en zo verder van jaar tot jaar, de voors. termijn durende (...) schuldig zijn elk jaar gedurende de voors. termijn te betalen aan de pensier vanwege het vonvent voors. 73 mud rogge en 3 mud haver, welke rogge en haver voors. jaarlijks moeten verschijnen en vervallen op Onze Lieve Vrouwedag Lichtmis en in Tilburg op de Spijker van het voors. convent met de maat van deze Spijker voorschr. te leveren en daartoe nog hem elk jaar als rantsoengeld te betalen 8 karolus gulden, 20 stuivers voor de gulden voors. of die waarde in ander goed geld (etc.).

Idem, 13-11-1545 (292:27) Willem Willem Laureijs, Mathijs zijn zoon en anderen: de tiende van Tongeren, voor een termijn van 6 achtereenvolgende jaren, voor 73 mud rogge en 3 mud haver, en 8 karolus gulden van 20 stuivers als rantsoengeld.

RA Tilburg 14-1-1553 (298:60v) Willem zoon van wijlen Willem Laureijs, borg voor Jorijs natuurlijke zoon van wijlen Heer Claeus Willems als man en momber van Anthonia dochter van wijlen Adriaen Lambrecht Sroes.

RA Tilburg 23-3-1551 (296:79) Willem zoon van wijlen Willem Laureijs Ansems heeft geloofd als schuldenaar te betalen aan Adam zoon van wijlen Jacop Poeijnenborch ten behoeve van Aleijd zijn dochter, haar in tocht haar leven lang te hebben en te bezitten en na haar dood aan Cornelis, haar natuurlijke zoon door Anthonis Laureijs Jan Bertouts uit haar verwekt, daarvan het erfrecht te blijven, een jaarlijkse en erfelijke cijns van 40 stuivers elk jaar te betalen erfelijks op Onze Lieve Vrouwedag Lichtmis uit een huis, hof, schuur, schaapskooi met de grond en uit de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende in alle grootte als dat gelegen is en Willem voors. toebehoort, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd aan die Broecksijde (...) Met voorwaarden hierbij, dat Willem zoon van wijlen Willem Laureijs Ansems voornoemd en zijn na komelingen de voors. cijns zullen mogen lossen, kwijten en vrijen met lichtmis met 33 karolus gulden en 61/2 stuiver, de karolus gulden tot 20 stuivers gerekend, of die waarde in ander goed gevalueerd geld daarvoor samen met de jaarcijns en achterstand, behalve dat hij of zij gehouden zullen zijn dit een half jaar tevoren op te zeggen als men met lichtmis daarna de voors. los zal willen doen. Wanneer de voors. cijns gelost en gekweten zal worden zal men die penningen voornoemd wederom moeten beleggen aan een andere gelijke rente ter zelfder nature en op de manier voors., te weten Aleijd voors. te tochten en haar natuurlijke zoon voors. het erfrecht daarvan te houden.

RA Tilburg 28-4-1549 (295:2v) Jan Denijs Mutsaerts en Jan Aert Peijmans hebben onlangs samen gepacht van de Heer tot Cloetinge en Asten etc. en Heer Jan van Brecht, ridder, een molen staande te Corvel in Tilburg (...). Jan Aert Peijmans heeft deze zelfde pachting en al het recht hem daarin enigszins toebehorende wederom overgegeven en opgedragen aan Jan Denijs Mutsaerts, zijn medepachter (...) Dies zo hebben wederom geloofd de voors. Jan Denijs Mutsaerts en met hem Lenaert Ariaen Mutsaerts, zijn oom, en Willem Willem Laureijs als schuldenaars gezamelijk, onverscheiden en elk voor allen super se et bona sua etc., dat hij deze pachting in al haar punten en artikelen en naar inhoud en vermogen van de cedule, die daarvan gemaakt is, en de geloften daarop gedaan, zo te zullen voldoen, onderhouden en betalen, (etc.)

RA Tilburg 6-3-1547 (293:59 los blad) Kathelijn dochter van wijlen Willem sBRouwers met Frans zoon van wijlen Jan sBrouwers, haar man, hebben getransporteerd aan de schout ten behoeve van de Heer van Tilburg een jaarlijkse en erfelijke cijns van 40 stuivers, die Willem zoon van Willem Willem Laureijs eertijds geloofd had aan Jan Huijbrecht Smitten ten behoeve van Kathelijn voors. prout in protocollo anni 36 (zoals in het protocol van het jaar 36) de derde dag in februari en nog daartoe een jaarlijkse ene rfelijke cijns van 621 stuiver, die Dierck zoon van wijlen Gherit Back geloofd heeft gehad aan de jonkvrouwe Beatris van Coulsteren ten behoeve van Kathelijn voornoemd prout in protocollo anni 44 de zesde juni.

RA Tilburg 30-1-1546 (292:58 los blad) Zoenbrief bij doodslag: Adriaen zoon van Cornelis Peter Dries, misdadiger, ter ener zijde, en Joest Aert Jan van Aerle, overledene, ter andere zijde, de vrienden van de overledene in Willem zoon van Willem Laureijs en in Snellaert Jan Snellen

RA Tilburg 26-3-1544 (290:63) Jacoba dochter van wijlen Peter Bertolomeus Otten draagt over aan Willem zoon van wijlen Willem Laureijs het vierde deel in een stuk beemd, waarvan de andere drie vierde delen toebehoren aan Laureijs Zwijsen gelegen in de parochie van Tilburg achter Willem Laureijs, (...) Hiertegen zal Jacoba voors. hebben een stuk erf gelegen in de parochie van Tilburg in die Brandt, rondom aan erfenis van de voors. Willem Willem Laureijs (erfruil). Idem, fol. 63v: (...) gestaan voor schepenen de voors. Willem zoon van wijlen Willem Laureijs en heeft geloofd op verbintenis van de voors. percelen beemd en op verbintenis van hemzelf en al zijn goederen nu hebbenmde en namaals verkrijgende aan Jacoba voors..dat hij, Willem, de voors. 4 karolus gulden jaarlijks zal betalen aan Lijsbet weduwe van Peter Meeus, haar moeder, zodat Jacoba en haar gronden daarvan onbelast zullen zijn en blijven, en voor Willem zal de eerste termijn van betaling lichtmis a.s. zijn en de eerste lichmis na de dood van Lijsbet zal Willem gehouden zijn die 4 karolus gulden te lossen aan Jacoba met de somma van 64 karolus gulden van 20 stuivers.

RA Tilburg 25-11-1542 (289:50 los blad) Zoenbrief. Dode Jan Thonis Gerit backs, misdadige Jan Wouter van Haren. Arbiter van de levende zijde: Willem Laureijs en Laureijs Jan Berthouts.

RA Tilburg 9-4-1541 (287:78) Willem zoon van wijlen Willem Laureijs Ansems bekent schuldig te zijn aan Jan Jan Lemmens en Jan zoon van wijlen Willem Mijnkens ten behoeve van de wettige kinderen van wijlen Jacop Jan Korstkens, een jaarlijkse en erfelijke cijns van 881/2 stuiver dies zo zal Willem gestaan en niet meer schuldig zijn te betalen de 1ste termijn dan 78 1/2 stuiver en 1 ortstuiver uit huis, hof, schuur en erf in land, wei en beemd groot 41/2 mudsaet, gelegen te Tilburg in die Broecksijde.

Idem: Willem zoon van wijlen Willem Laureijs Ansems bekent schuldig te zijn aan Henrick van Lieshout een jaarlijkse en erfelijke cijns van 50 stuivers uit huis, hof en erf, gelegen te Tilburg in die Broecksijde

RA Tilburg 3-3-1540 (286:62) Willem zoon van wijlen Willem Laureijs Ansems bekent schuldig te zijn aan Marijke dochter van wijlen Peter Beerten een jaarlijkse en erfelijke cijns van 55 wt. uit huis, hof, schuur en erf, groot 3 mudsaet, gelegen te Tilburg in die Broecksijde. (...) Idem, Heer Claeus Willems, priester, vicecureit in de kerk van Tilburg bekent schuldig te zijn aan Marijke voors. de cijns voors., zodat Willem Willem Laureijs Anssems daarvan ontlast is uit huis, hof en erf, groot 2 lopensaet, gelegen te Tilburg aan die Kerck.

RA Tilburg 18-4-1539 (286:3, Goirle) Willem zoon van wijlen Willem Laureijs, Willem zoon van wijlen Willem Wouter vande Loo, Michiel zoon van wijlen Michiel van Goerl verkopen aan Ghijsbrecht zoon van Willem Willem Wouter vande Loo een huis, hof en grond toebehorend aan Willem Willem Laureijs, gelegen te Goirle; een stuk land de drie verkopers toebehorend, groot 3 lopensaet, genaamd den Brem, gelegen te Goirle aan Conincxvoert; idem een stuk land genaamd den Hoeffkens Dries, groot 1 lopensaet, gelegen te Goirle in Conincxvoert; 1 lopensaet landts aenden Croenenwech in Conincxvoert te Goirle; 2 lopensaet landts in die Wildert te Goirle; een stukje land, groot 1 1/2 lopensaet, gelegen te Goirle int Dorp. Het huis etc. behoorde eertijds toe aan Heer Henrick van Gestel van Oerschot, priester en pater op het convent van Oisterwijk, wat hij gewonnen had van recht en de koop van recht gewonnen had; daar deze koop bejaard en bedaagd was had Willem Willem Laureijs het verbuet daarvan gewonnen. De 5 stukken land had Jan Henrick van Gorp als momber der kinderen van wijlen Gerit zijn broer en als gerechtigde der kinderen van Henrick Jacop Coremans wegens gebrek van betaling van een erf-pacht gewonnen had en welke hij Coremans de koop van recht daarvan genomen had, te weten de 4 eerstgenoemde stukken als principaal aanticht onderpanden van de voornoemde erfpacht en het stukje land als van wandogenschappen van de erfpacht en dezelfde Jan Henrick van Gorp als momber der kinderen van Gerit zijn broer en met ham Cornelis Aert Leemans als man van Katharina dochter van wijlen Henrick Jacop Coremans en Cornelis Gerits, als de voogd van Jacop en Cornelis, gebroeders, zonen van wijlen Henrick Jacop Coremans de voornoemde 5 lopen rogge erfpacht met de koop van recht en alle rechtsvorderingen daarop overgegeven hadden aan Willem Willem Laureijs, Willem Willem Wouter vande Loo en Michiel Michiel van Goerle, verkopers voornoemd. Wat Willem, Willem en Michiel daarna voor de voornoemde onderpanden en het stukje grond als van wandogenschappen een verbuet hebben gehouden waarna de voornoemde stukken land hun eigendom zijn gebleven. Hieruit zal Ghijsbrecht vande Loo gelden 2 mud rogge jaarlijks en erfelijk aan de erfgenamen van Jan Goijaert Gielis in den Bosch te leveren, 1 mud roge erfpacht jaarlijks aan het convent van de zusters in Oisterwijk, 31/2 lopen rogge erfpacht jaarlijks aan de rector van O.L. Vrouwe altaar in de kerk van Goirle, 1 philippuspenning en 1 oude zwarte erfcijns jaarlijks aan Henrick Kemp.

Idem, 28-4-1539 fol. 3v: (...) dat hij Ghijsbrecht voors. alle pachten en cijnsen voors. betalen zal, zodat Willem, Willem en Michiel voors. ervan vrij zijn.

Idem, los blad hierbij: Cornelis Gherits als voogd van Jacob en Cornelis gebroeders, zonen van Henrick Coremans, Cornelis Aert Leemans als man van Kathelijn dochter van wijlen Henrick Coremans, Jan Henrick van Gorp als voogd van Jan en Claeus, zonen van wijlen Gherit Henrick Geenen, zijn broer, Jan Henrick van Gorp als voogd van de kinderen van Gherit zijn broer en de kinderen van wijlen Henrick Coremans hadden op doen winnen zekere erven gelegen te Goirle wegens gebrek van betaling van een erfpacht van 5 lopen rogge, welke erven destijds toebehoorden aan Gherit vanden Kerckhoff en omdat de erven on-voldoende waren voor de betaling van de erfpacht en om wandogendschap. Omdat de voornoemde erven bezwaard waren met 2 mud rogge erfpacht te den Bosch te betalen, van welke 2 mud rogge Bastiaen Rubbens met meer andere schade had welke schade hij wilde verhalen op Willem Wouters, Willem Laureijs en de kinderen van Laureijs Willem Verstraten, die dat weer wilde verhalen op de voornoemde erven, was duidelijk dat daar veel processen en kosten uit voort zouden vloeien. Om die kosten te sparen zijn verschenen voor schepenen Jan Henrick van Gorp als voogd van de kinderen van zijn broer, Cornelis Leemans als man van Kathelijn en Cornelis Gherits als voogd van de kinderen van Henrick Coremans ter ener en Willem Willem Wouters vande Loo, Willem Willem Laureijs en Michiel Michiel van Goerle een ander zijde en hebben aangewezen twee goede mannen te weten Joest Berijs Eelkens voor Jan Henricks cum suis en Jan vanden Hovel IJewaens voor Willem Willem Wouters cum suis, belovende dat zij zich aan de uitspraak van de twee goede mannen zouden houden op straffe van 50 karolus gulden, 1/3 deel voor de heer van Tilburg en 1/3 deel voor de kerk van Tilburg en 1/3 deel voor de goedwillenden.

RA Tilburg 8-8-1538 (285:53) Cornelis Aert Lemmens als man van Kathelijn dochter van wijlen Henrick Jacop Coremans, en anderen, verkopen aan Willem zoon van wijlen Willem Laureijs, Willem zoon van wijlen Willem Wouter van de Loo en Michiel zoon van wijlen Michiel van Goerl elk hun recht en deel in 5 lopen rogge jaarl. en erf. pacht, die eertijds Gherit vande Kerckhof geloofd had uit zekere onderpanden gelegen te Goirle aan Jacop Heijmericks, alias Coremans en daartoe alle rechtsvorderingen en opwinningen, die Jan Henrick van Gorp in de naam als voor en als gerechtigd voor de kinderen van wijlen Henrick Jacop (Heijmerick) Coremans gedaan op de onderpanden van de erfpacht en ook als wandogenschap op zekere erfenis eertijds toebehorende aan Gherit van de Kerckhoff.

RA Tilburg 3-10-1538 (285:15v) Jan Henrick van Gorp in naam en vanwege de kinderen van wijlen Gherit zijn broer en gemachtigd door de kinderen van wijlen Henrick Coremans, in gebreke van betaling van en pacht van 5 lopen rogge had op doen winnen het onderpand, zeker erve, eertijds toebehorend aan Gherit vande Kerckhoff, zo hebben Willem Willem Laureijs, Willem Willem Wouters vande Loo en Michiel Michiel van Goerl door opdrachten ontvangern van Jan Henrick van Gorp het verbuet van de afgewonnen en verkochte goederen af te zitten ten huize van Sebastiaen Rubbens. Na het doven van de kaars was niemand gekomen, zodat Willem, Willem en Michiel het recvht van koop hadden verkregen.

RA Tilburg 31-5-1539 (286:7) Aert zoon van wijlen Jan Huijbrecht Wouter Anssems van Breeheze verkoopt aan Michiel Wouter Soffaerts zoon een jaarlijkse en erfelijke cijns van 291/2 stuiver en 1 oert die Willem zoon van wijlen Willem Laureijs Ansems en Michiel zoon van wijlen Michiel Otten van Goerl geloofd hadden aan Aert Anssems voors. uit huis, hof, grond en erfenis, toebehorend aan Willem Willem Laureijs Anssems, nog uit een stuk erf in weiland, toebehorend aan Michiel Michiel Otten van Goerl, groot 4 lopensaet, gelegen te Goirle in Abcoven.

RA Tilburg 3-2-1537 (283:38) Willem zoon van wijlen Willem Laureijs Anssems bekent schuldig te zijn aan Jan zoon van wijlen Huijbrecht Smitten, tot behoef van Katheleijn, dochter van wijlen Willem Hoeckx een jaarl. cijns van 40st. uit huis hof en grond, groot 18 lopensaet, gelegen te Tilburg aen die Broecksijde. Belender o.a. Willem Willem Laureijs een einde. Idem, 13-2-1537, fol. 38v: Willem, zoon van wijlen Willem Laureijs Anssems en Michiel zoon van wijlen Michiel Otten van Goerl bekennen schuldig te zijn aan Jan zoon van wijlen Huijbrecht Smitten een jaarl. cijns van 30 st. uit huis, hof, en grond, toebehorend aan Willem Anssems groot 18 lopensaet, gelegen te Tilburg aan die Broecksijde; een weiland, toebehorend aan Michiel Otten, groot 4 lopensaet, gelegen te Goirle in Abcoven. Idem, fol. 39: Willem, zoon wijlen Willem Laureijs Amssems en Michiel zoon wijlen Michiel Otten van Goerl bekennen schuldig te zijn aan Aert zoon van wijlen Jan Huijbrecht Wouter Anssems van Breeheese een jaarl. cijns van 291/2 en 1 oirtst. uit huis, hof en grond, toebehorend aan Willem Anssems groot 10 lopensaet, gelegen te Tilburg aan die Broecksijde en een weiland, toebehoren aan Michiel Otten, groot 4 lopensaet, gelegen te Goirle in Abcoven.


Huwt ca. 1520

51.329   Alijth Mathijs Hendrick BEERTHEN

FamilienaamIndex 51.329Vader 102.658Moeder 102.659

Overleden voor 1563

Kinderen

  1. Mathijs Zie 25.664
  2. Michiel, volwassen voor 1546, ergo geboren voor c.1521; vgl. voor enkele vermeldingen zijn broer en grootvader.

TerugBegin van generatie


51.330   Joost Beris Peter EELKENS

FamilienaamIndex 51.330Vader 102.660Moeder 102.661 • Tevens 51.220

Geboren voor 1485
Overleden na 5-4-1545, voor 30-12-1545

Schepen van Tilburg in 1532-45.

ORA Tilburg (309:31v dd 1564) Willem wijlen Michiel Willems met zijn vrouw Lijsken wijlen Joost Berijs Eelkens verkoopt land.

ORA Tilburg (309:44v dd 5-2(?)-1564) Willem wijlen Michiel Willems vanden Eijnde met zijn vrouw Elizabette wijlen Joost Berijs Eelkens geeft een roggepacht.

Tilburg ORA (310:61 dd 12-6-1565) Willem wijlen Michiel van den Eynde man van Lijsbeth wijlen Joost Berijs Eelkens hgeeft een erfpacht aan Willem wijlen Willem Laureijs Ancens ten behoeve van Willem, Jan, Beeris, Peter, Joost, Adriaen en Cornelis, de kinderen van Willem. (…)

ORA Tilburg (317:180v dd 12?-10-1568) Adriaen wijlen Mathijs Willems, erven Joost Berijs Eelkens (o.a. Sebastiaan Joost Berijs Eelkens, Lijsbeth Joost Berijs Eelkens) verkopen grond aan N. wijlen Willem Joost Berijs Eelkens en Gerard Gerard Brock man van Lijsbeth Jan Joost Berijs Eelkens

ORA Tilburg 292 omslag (5-4-1545): in de lijst van schepenen wordt aangetekend "Septimus scabinorum fuit Judocus Berisii Eelkens, qui iter versus Hollandiam faciens morbo correptus ibidem vita defunctus est et sepultus. Et Necdum alius in illius suffectus est locus". Vertaling: De zevende van de schepenen was Joest Berijs Eelkens, die toen hij een reis maakte naar Holland, door ziekte aangetast, is overladen en begraven. Er is nog geen ander in zijn plaats aangesteld.

ORA Tilburg (279 fol 14v dd 2-9-1531) Joest zoon van wijlen Beerijs Eelkens heeft beloofd als een principaal schuldenaar te betalen aan Jan Gerit Luijten een jaarlijkse en erfelijke cijns van 2 rijnsguldens van 20 stuivers per stuk uit een huis, hof en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, zo weide als heide, groot ongeveer 2 mudsaet, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd inden Berckdijck, aldaar tussen: erfenis van Pauwels Vels een zijde; erfenis van de weduwe van Peter Anthonis van Boerden ander zijde; de gemeijnt van Tilburg een einde; de gemeijn straat ander einde. (…) Staat te los met 40 rijnsguldens van 20 stuivers of met ander goed geld zoals dat nu in Brabant gevalueerd is, te weten de karolus gulden van 20 stuivers per stuk.

Tilburg ORA 279:49v (12-2-1532) Peter zoon van wijlen Denis Mutsaerts heeft beloofd als een principaal schuldenaar te betalen aan Joest zoon van wijlen Beerijs Eelkens een jaarlijkse en erfelijke cijns van 3 karolus gulden en 5 stuivers uit en van een huis, hof en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd in die Rijt (...) en uit een stuk land gelegen in de parochie voors in die Schijve bij de Weerft (...).

Tilburg ORA 279:54v (4-3-1532): Wouter zoon van wijlen Korstiaen vanden Langhrijt als man van Heijlwich dochter van wijlen Jan Gerit van Gorp heeft wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven aan Joest zoon van wijlen Beerijs Eelkens, zijn medezwager, zijn deel in een erfpacht van 1 mud rogge, dat men jaarlijks heft op Wouter zoon van wijlen Jan Daniëls en zijn gronden. Nog in een erfpacht van 1 mud rogge, dat men jaarljks heft op Laureijs Jan Claeus Hoeffs alias van Goerl en nog in een erfpacht van 14 lopen rogge, die men jaarlijks heft op zekere gronden gelegen onder Beeck bij de Spulse Straet, welke 14 lopen rogge Pauwels Willems verkocht had aan Joest zoon van wijlen Beerijs Eelkens en welke 2 mud rogge erfpacht voors de kinderen van wijlen Jan Gerit van Gorp verstorven waren van wijlen Lijsbeth dochter van wijlen Gerit van Gorp, hun moeije, en welke gedeelten voors in die erfpachten voors samen belopen 5 lopen rogge en een vijfde deel van 1 lopen rogge erfpacht.

Tilburg idem fol 54r (26-2-1532) Huijbert zoon van wijlen Jan Leemans heeft beloofd als een principaal schuldenaar te betalen aan Joest zoon van wijlen Beerijs Eelkens een jaarlijkse en erfelijke pacht van een half mud rogge uit een stuk beemd gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd in Maesdijck (...)

Idem fol. 56r (9-3-1532): Aert zoon van wijlen Henrick Aerts van Goerl, was schuldig aan Joest zoon van wijlen Beerijs Eelkens een jaarlijkse en erfelijke pacht van 18 lopen rogge, heft die nu afgekocht.

Tilburg ORA 282:44v (2-2-1536): erven Pauwels Peters verkopen Joest zoon van wijlen Beerijs Eelkens een jaarlijkse en erfelijke pacht van 10 lopen rogge uit een pacht van 2 mud en 10 lopen rogge uit een huis, hof met de grond en de erfenis daaraan liggtende en daartoe behorende met de Cromme Acker, groot samen ongeveer 3 mudsaet min 2 lopensaet, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd in die Heijdsijde (...).

Tilburg ORA 286: 30r (8-1-1540): Joest zoon van wijlen Berijs Eelkens als man van Elijsabeth dochter van wijlen jan Gherit van Gorp, verkoopt aan Peter zoon van wijlen Jan Geerts de helft van een stuk beemd, gelegen te Goirle aan die Tijenvoert (...)

Tilburg ORA 289:23v (9-9-152): Joest zoon van wijlen Berijs Eelkens, in gebrek van betaling van een jaarlijkse en erfelijke cijns van 48 stuivers; hij had onderpand gegeven aan Peter Ariaens van Berckel als de hoogste koopman en gebueter, maar "die onderpanden over dezelfde Joest in de principale koop niet sterk genoeg waren en niet genoeg konden gelden om tot volle betaling te komen" zijn hieraan toegevoegd "zeker andere gronden destijds toebehorende aan Denis zoon van wijlen Gerit Reijnen, principaal gelover van de voors. Erfcijns"; die nu bij opbod woorden verkocht aan Peter Adriaen voors., "en heeft daarvoor geboden zijn gebrek, dat hij daaraan ten achter was, te weten de helft van 3 karolus gulden en de helft van de behoorlijke achterstel, ten achter staande, etc. "Niemand anders is gekomen en daarna is de kaars uitgegaan en zo is Peter Ariaens aan de voors. gronden en erfenissen, uit kracht van weldogenschap opgewonnen, gebleven."

Tilburg ORA 292:48-57 (30-1-1546) Erfdeling tussen de weduwe en kinderen van Joost. Elijsabet de weduwe van Joest Berijs Eelkens houdt een huis, hof, schuur met grond en toebehoren, genaamd de Oude Stede, met erfenis daaraan in weide liggende, met ook een dries daar achter aan liggende, gelegen in Tilburg in de Berckdijck, twee stukken akkerland, een stuk beemd van ca 41/2 lopensaet, een stuk heiveld genaamd 't Groot Heijvelt aan de Berckdijck en zes mud en 2 lopen rooge jaarlijkse en erfelijke pacht, plus 3 karolus gulden erfcijns. De kinderen verkopen hun deel in het huis aan Willem zoon van wijlen Joest berijs Eelkens, aan Mathijs Willem Willem Laureijs hun deel in een stuk heiveld, en aan Jan zoon van wijlen Ghijsbrecht Beerten idem. In verdere overeenkomsten wordt de rest van de erfenis verdeeld tussen Willem, Bastiaen, Jan, Marike, Lijske, Mathijs als man van, Jan Ghijsbrecht Beerten als man van, Berijs, Jan en Hendrick Huijbrecht Henrick Ariaens als kleinkinderen, Jan Steven Claeus Stevens als man van, etc.

Tilburg ORA 292: 61 ff. (1-2-1546): Willem zoon van wijlen Joest Berijs Eelkens als man van Cristina dochter van wijlen Wouter Soffaerts verkoopt aan Bastiaen zoon van wijlen Joest Berijs Eelkens, zijn broer, een huis, hof, schuur met grond en toebehoren en erf daaraan liggende gelegen te Tilburg in de Berckdijck; een stuk land; Nog een stuk land in die Schijve aan die Avenbraecke; Nog een stuk erf in land en weide aan de Berckdijck. Hieruit moet Bastiaen gelden: 1/2 mud rogge erfpacht aan Mariken vrou Schouteden van Loon, 4 lopen rogge erfpacht aan Gherard Boeijs van den Bosch, 6 karolus gulden erfcijns aan meester Willem Verlijnden, te los staand met 100 karolus gulden.

Idem: Bastiaen voors. heeft geloofd als schuldenaar te betalen aan Marike dochter van wijien Joest Berijs Eelkens, zijn zuster, een jaarlijkse en erfelijke cijns van 5 karolus gulden en 15 stuivers, elke karolus gulden van 20 stuivers, uit huis, hof, schuur met grond en toebehoren en erf daaraan liggende en verder uit de andere stukken en percelen door Willem voors. aan hem gevest; De stede is ca 5 lopensaet, het eerste stuk land is ca 3 lopensaet en het tweede stuk land ca 4 lopensaet en het laatste stuk is ca 2 lopensaet; Nog uit een stuk beemd groot ca 3 lopensaet min 112 roede aan die Hoghe Brugge aan die Elff Buender

Idem: Bastiaen voors. belooft als schuldenaar te betalen aan Jan zoon van wijlen Joest Berijs Eelkens, zijn broer, een jaarlijkse en erfelijke zijns van 5 karolus gulden en 15 stuivers uit huis, hof en alle onderpanden als boven zoals in Marikens brief voor staat.

Idem: Willem zoon van wijlen Joest Berijs Eelkens heeft beloofd als schuldenaar te betalen aan Lijske dochter van wijlen Joest Berijs Eelkens, zijn zuster, een jaarlijkse en erfelijke cijns van 5 karolus gulden en 15 stuivers, elke karolus gulden van 20 stuivers, uit huis, hof, schaapskooi, turfschop met grond en toebehoren en uit het erf daaraan liggende, groot ca 10 lopensaet, gelegen te Tilburg aan de Berckdijck (...)Dezelfde Willem voors. heeft geloofd aan dezelfde Lijske zijn zuster voors. een jaarlijkse en erfelijke cijns van 5 karolus gulden en 15 stuivers uit het huis als voor.

Tilburg ORA 295:15 (12-10-1549): vermelding in diverse akten (verkoop erfenis) van een wijlen Peter Jan Eelkens, gehuwd met Mathijske dochter van wijlen Claeus Steven Reijnen(de erflater).

Tilburg ORA 296: 12 (25-4-1550): Jan zoon van wijlen Ghijsbrecht Beerten als man van Heijlwig dochter van wijlen Joest Berijs Eelkens heeft wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven aan Marike dochter van wijlen Joest Berijs Eelkens, de zuster van zijn huisvrouw (...)de helft hem toebehorende in een half mud rogge jaarlijkse en erfelijke pacht te vergelden elk jaar op Onze Lieve Vrouwe dag lichtmis uit een erfenis tot weide liggende, groot ca 4 lopensaet, gelegen in de parochie van Goirle ter plaatse genaamd aan t Fen (...); Nog uit een stuk land genaamd de Veken Acker (...)

Idem, fol. 15v (13-6-1550): Cornelis Peter Berijs Eelkens heeft geboden zijn blijkende penningen, die naar hij zei zijn eigenste wa ren, te weten Godspenning, wijnkoop, briefgeld en hoofdsom om te lossen en te kwijten met recht van naarderschap een stuk erf tot heide gelegen, dat Willem zoon van wijlen Joest Berijs Eelkens als man van Cristijna dochter van wijlen Wouter Soffaerts verkocht en gevest had aan Henrick zoon van wijlen Adriaen Jan Mutsaerts, die men noemde Adriaen de Canter, en aan Willem Meeus Jans, zijn zwager ten behoeve van Dingen weduwe van Adriaen voors., haar tot recht van tochten en de wettige kinde ren door wijlen Adriaen voors. uit haar verwekt ten erve te blijven, met ook 1 mud rogge eens in de zak als de voornoemde Cornelis verklaarde met het voors. stuk erf door Willem voors. samen en in één koop verkocht te zijn. (...)genaamd aan de Berckdijck (...)

Tilburg ORA 304:47v (14-2-1559): Peter zoon van wijlen Ghijsbrecht Beerten voor zichzelf en mede voor alle andere zijn mede erfgenamen van de wettige kinderen van wijlen Jan zoon van wijlen Ghijsbrecht Beerten, zijn broer, waar hij zich sterk voor maakte en gelofte deed voor een derde deel in de helft van een mud rogge erfpacht hieronder gespecificeerd; Willem en Bastiaen, gebroeders, zonen van wijlen Joest Berijs Eelkens ook voor henzelf en tevens ook voor al hun andere mede erfgenamen van de wettige kinderen van wijlen Heijlwich, wettige huisvrouw toen ze leefde van wijlen Jan Ghijsbrecht Beerten voors, dochter van wijlen Joest Berijs Eelkens voors, waar ze zich ook sterk voor maakten en gelofte deden voor de andere twee derde delen in de helft van dat zelfde mud rogge voor aangeroerd; dezelfde Willem voors als momber van Henrick Huijbrecht Henrick Adriaens, door deze Huijbrecht uit wijlen Cornelia suae uxoris (zijn huisvrouw), dochter van wijlen Joest Berijs Eelkens voors, in wettig huwelijk verwekt, waar Willem voors als momber zich ook sterk voor maakte en gelofte deed, voor de andere helft van datzelfde mud rogge hiervoor en na aangeroerd, legitime et hereditarie iam vendiderunt et supportaverunt (hebben [dit] reeds wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven) aan Wouter zoon van wijlen Jan Daniëls simul cum dictis et aliis omnibus literis et jure (samen met de genoemde en alle andere brieven en het recht) etc, met afgaan etc.

Welk mud rogge voors eertijds Jan genaamd van Zon zoon van wijlen Henrick van Broechoven als wettige man en momber van Elijsabet zijn huisvrouw, dochter van wijlen Jacob genaamd Groot Wouters wettelijk en erfelijk verkocht heeft gehad aan Gherit Jan Gheritssoen van Gorop, wat de voors Gherit opgedragen had aan Lambert van Doernen zoon van Christiaen en de voors Lambert had dat wederom opgedragen aan de voornoemde Gherit. Het voors mud rogge moet erfelijks elk jaar vergolden worden op Onze Lieve Vrouwedag purificatio (Lichtmis) van en uit een stuk beemd genaamd dat Blocxken, groot ongeveer zes lopensaet, (...) Welk mud rogge erfpacht voors gekomen is aan de voornoemde Jan zoon van wijlen Ghijsbrecht Beerten en aan Heijlwig zijn huisvrouw voor de ene helft en aan de wettige kinderen van Hubrecht zoon van wijlen Henrick Adriaens en Cornelia diens huisvrouw beiden voors, voor de andere helft middels successie en deling, gedaan met hun andere mede erfgenamen, hun toegekomen was van wijlen Joest Berijs Eelkens voornoemd en die aan Joest voors in de naam van Elijsabet zijn huisvrouw, dochter van wijlen Jan Gherit van Gorop bij successie en ook door opdragen, hem gedaan door zijn zwagers, toegekomen was prout dicebant (zoals ze zeiden) en wat deels ook uit schepenbrieven van Tilborch blijkt. (...)

Idem, fol 48r, 3-1-1559: Berijs en Jan, gebroeders, zonen van Hubrecht Henrick Ariaens, door deze Hubrecht en door wijlen Cornelia sua uxore (zijn huisvrouw), dochter van wijlen Joest Berijs Eelkens verwekt, legitime et hereditarie vendiderunt et supportaverunt (hebben wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven) aan Willem zoon van wijlen Joest Berijs Eelkens voors, hun oom, (...)de goederen nagelaten en gebleven van Jan zoon van wijlen Ghijsbrecht Beerten en van Heijlwig diens huisvrouw, dochter van wijlen Joest voors en van hun beider kinderen, zo wel havelijk als erfelijk, waar en in welke plaatsen die gelegen zijn, vergolden worden of enigszins bevonden zullen mogen worden hetzij in harde, in weke, in hoge, in lage, in diepe of in droge, niets daarin uitgezonderd ut dicebant (zoals ze zeiden).(...)

Tilburg ORA 305:50v, 31-1-1560: Willem zoon van wijlen Joist Berijs Eelkens hereditarie vendidit et supportavit (heeft wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven) aan Jan en Adriaen, gebroeders, kinderen van Jan de zoon van wijlen Pauwels Ghijben, met afgaan en vertijen etc, een stuk land groot ongeveer 31/2 lopensaet, gelegen in de parochie van Tijlborch ter plaatse genaqamd inde Schijve, aldaar tussen erfenis van Bastiaen Joist Berijs Eelkens, zijn broer, (...)

Idem 56v, 17-2-1560: Bastiaen en Jan, gebroeders, zonen van wijlen Joist Berijs Eelkens, Berijs hun zuster, weduwe van wijlen Jan Steven Claes cum tutore (met haar voogd), Jan Joist Cornelis van Alphen als man en momber van Marie zijn huisvrouw, Willem zoon van wijlen Michiel Willems als man en momber van Lijsbet zijn huisvrouw, dochters van wijlen Joist voors; Michiel Willem Willem Laureijs als momber van Willem, Jan, Berijs, Peter, Joist en Adriaen, gebroeders, en Cornelia hun zuster, minderjarige en onmondige kinderen van wijlen Mathijs Willem Willem Laureijs, door deze Mathijs uit wijlen Catherina zijn huisvrouw, dochter van wijlen Joist voors [verwekt], waar Michiel voors zich sterk voor maakte en beloofde en Jan zoon van wijlen Huijbrecht Henrick Adriaens, door deze Huijbrecht en uit wijlen Cornelia zijn huisvrouw, dochter van wijlen Joist voors samen verwekt, voor henzelf en dezelfde Jan nog en met hem Jan zoon van wijlen Peter Vermetten als momber van Henrick zijn minderjarige broer, waar Jan en Jan zich sterk voor maakten en gelofte deden; Peter Ghijsbrecht Beerthen voor hemzelf en in de naam en vanwege Wijtman Corstiaen van Ghorp als man en momber van Aleijt diens huisvrouw en nog in de naam en vanwege Adriana nagelaten weduwe van Rutger Goiaert vande Wou met haar kinderen, gezusters, kinderen van Ghijsbrecht Beerthen voors, daar de voors Peter voor het derde deel uit het 9e deel zich sterk voor maakte en gelofte deed. Welk voors derde deel in het 9e deel aan de voors Peter Ghijsbrecht Beerthen met zijn consorten voors aangekomen en verstorven was van wijlen Engelbeertke dochter van wijlen Jan Ghijsbrecht Beerthen, door deze Jan en uit wijlen Heijlwich zijn huisvrouw, dochter van wijlen Joist Berijs Eelkens voors verwekt, legitime et hereditarie vendiderunt et supportaverunt (hebben wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven) aan Willem zoon van wijlen Joist Berijs Eelkens, hun broer, zwager en oom, met afgaan en vertijen, een huis, hof, schuur met de grond en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, groot ongeveer vijf en een halve lopensaaet, gelegen in de parochie van Tijlborch ter plaatse genaamd aenden Berckdijck, (...) ; Nog een stuk zaailand groot ongeveer 31/2 lopensaet (...) ; Nog een stuk erf ook groot ongeveer 31/2 lopensaet (...) inde Schijve (...) ; Nog hiertoe een mud rogge jaarlijkse en erfelijke pacht elk jaar op Onze Vrouwedag Lichtmis te vergelden uit zekere erfenissen die nu tegenwoordig Jan Jan Sijmons met meer anderen gebruikt volgens vermogen van de bescheiden, die daarvan zijn, zoals ze zeiden. (...) behalve dat Willem koper voors hieruit moet blijven gelden vijf lopen rogge jaarlijkse en erfelijke pacht aan Anthonis Dionijs Meijnaerts te betalen (...)

Idem, 56v, 16-2-1560, Willem en Jan, gebroeders, zonen van wijlen Joist Berijs Eelkens, Berijs hun zuster weduwe en reliqua omnia ut ante (al het overige zoals hiervoor) legitime et hereditarie vendiderunt et supportaverunt (hebben wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven) aan Bastiaen zoon van wijlen Joist Berijs Eelkens, hun broer, zwager en oom, met afgaan en vertijen etc, een stuk land in weide liggende, groot ongeveer 31/2 lopensaet, gelegen in de parochie van Tijlborch ter plaatse genaamd den Berckdijck (...); Nog een mud rogge jaarlijkse en erfelijke pacht te vergelden op Onze Lieve Vrouwedag Lichtmis uit zekere erfenissen, die Jan Gerijt Ansems nu tegenwoordig gebruikt, zoals ze zeiden. (...)

Idem, 57v, 16-2-1560, dezelfde partijen aan Jan zoon van wijlen Joist Berijs Eelkens, hun broer, zwager en oom, met afgaan en vertijen etc, een stuk heideveld, groot ongeveer 31/2 lopensaaet, gelegen in de parochie van Tijlborch ter plaatse genaamd den Berckdijck (...); Nog twee diverse erfpachten, de een van acht lopen rogge en de andere van zes lopen rogge, die Peter Peter Vrancken nu beide uit zekere van zijn erfenissen geldt en hiertoe nog een gerecht derde deel uit een jaarlijkse cijns van zes karolus gulden, ter kwijting staande met 100 karolus gulden, die Jan Dionijs Crillaerts uit zekere van zijn erfenissen uitreikt, alles zoals ze zeiden. (...)

Idem, 58r, 16-2-1560: Willem, Bastiaen en Jan, gebroeders, zonen van Joist Berijs Eelkens, Jan Joist Cornelis van Alphen als man en momber van Marie etc ut supra (als boven) legitime et hereditarie vendiderunt et supportaverunt (hebben wetteljk en erfelijk verkocht en overgegeven) aan Berijske dochter van wijlen Joist Berijs Eelkens, weduwe van Jan Steven Claes met haar kinderen, met afgaan etc, een stuk heideveld, groot ongeveer 3 lopensaet, gelegen in de parochie van Tijlborch ter plaatse genaamd den Berckdijck (...) met voorwaarde, dat dat voors erf zal hebben een weg over de erven van Jan en Rheijners voornoemd, die daarbij en daaraan liggen, en daarover uit dit erf te wegen en te varen; Nog een mud rogge per jaar erfpacht, die de kinderen van wijlen Adriaen Corstiaen Vervloet nu tegenwoordig uitreiken naar vermogen in zekere schepenbrieven, die daarvan mentie maken etc, en nog hierbij een gerecht derde deel uit een jaarlijkse cijns van zes karolus gulden, ter kwijting staande met honderd carolus gulden, die Jan Dionijs Crillaerts nu tegenwoordig uit zekere van zijn erfenissen uitreikt, alles zoals ze zeiden. (...)

Idem, 58v, 16-2-1560, Willem, Bastiaen en Jan, gebroeders, zonen van wijlen Joist Berijs Eelkens, Berijske hun zuster etc omnino ut supra dempto (alles zoals boven behalve) Jan zoon van Joist etc ac deinde reliqua omnia ut supra (en vervolgens al het overige als boven) legitime te hereditarie vendididerunt et supportaverunt (hebben wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven) aan Jan zoon van wijlen Joist Cornelis van Alphen als man en momber van Marie zijn huisvrouw, dochter van Joist voors, met afgaan en vertijen etc, een jaarlijkse en erfelelijke cijns van drie carolus gulden die nu tegenwoordig de weduwe met de kinderen van wijlen Wouter Smits uitreikt en welke cijns eertijds Jan van Son als principaal schuldenaar beloofd en gevest had jaarlijks aan Joist Berijs Eelkens te gelden, te los staande met zestig carolus gulden pro ut in literis de (zoals [staat] in brieven van) Tijlborch. (...)

Idem: Willem, Bastiaen en Jan, gebroeders, zonen van wijlen Joist Berijs Eelkens omnino ut in primis literis dempto (alles zoals in de eerste brieven behalve) Willem Michiel Willems als man etc et reliqua ut ante (en het overige zoals boven) legitime et hereditarie vendiderunt et supportaverunt (hebben wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven) aan Willem zoon van wijlen Michiel Willems als man en momber etc, met afgaan en vertijen etc, twee diverse jaarlijks en erfelijke pachten, elk van een half mud rogge, waarvan de ene de kinderen van Peter Thonis van Boerden uit zekere van hun erfenissen, hun aangekomen en bestorven van hun ouders, nu uitreiken, en de andere Wouter Michiel Quaps tegenwoordig betaalt zoals ze zeiden. (...)

Idem, 58v: Willem, Bastiaen en Jan, gebroeders zonen van etc omnino ut supra in primis literis dempto (alles zoals hierboven in de eerste brief behalve) Jan zoon van wijlen Huijbrecht Henrick Adriaens usque ad id quod exinde sequitur impiens (veronderpandend tot datgene dat hierna volgt) Peter Ghijsbrecht Beerthen legitime et hereditarie vendiderunt et supportaverunt (hebben wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven) aan Jan en Henrick, gebroeders. zonen van wijlen Huijbrecht Henrick Adriaens, met afgaan en vertijen etc, een stuk beemd groot ongeveer vier lopensaet gelegen in de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd den Haensberch (...) ; Nog hierbij de helft in alzulk mud rogge jaarlijkse erfpacht die Wouter Jan Daniëls uit zekere van zijn erfenissen jaarlijks geldt. (...)

Tilburg ORA 306:60v (28-1-1561): Jan zoon van wijlen Joest Berijs Eelkens aan Jorijs zoon van wijlen Adriaen Martens, een stuk weiland, groot ongeveer drie lopensaet, genaamd de Rabauts Dijck. Idem: aan Dierck zoon van wijlen Jan Corstkens, een stuk moerveld, groot ongeveer een lopensaet, iets meer of minder, genaamd op Schaepsghoir. Idem (fol. 61r 27-1-1561) aan Willem Joest Berijs Eelkens diens broer, een stuk heideveld, groot ongeveer 31/2 lopensaet, genaamd aen d`Lair. Idem, Willem en Jan, gebroeders, zonen van wijlen Joest Berijs Eelkens, door deze Joest en uit Lijsbet diens huisvrouw, dochter van wijlen Gerijt van Gorp samen verwekt, (...)aan Berijs dochter van Joest Berijs Eelkens, hun zuster, weduwe van Jan Steven Claes, (...) twee derde delen van een jaarlijkse en erfelijke cijns van zes karolus gulden van 20 stuivers per stuk gerekend, elk jaar te gelden en te betalen op Onze Lieve Vrouwedag Lichtmis uit en van een stuk erfenis tot weide liggende met de timmering, die daarop staat, groot ongeveer zes en een halve lopensaet, gelegen in de parochie van Tilborch in een stede genaamd Corvel;

Nog uit en van een stuk land genaamd d`Bosch, groot ongeveer vier lopensaet, gelegen in de parochie voors in een stede genaamd die Schijve (...)


Huwt voor 1510

51.331   Elisabeth Jan Gerit van GORP

FamilienaamIndex 51.331Vader 102.662Moeder 102.663 • Tevens 51.221

Overleden voor 1559

Kinderen

  1. Sebastiaan ; vermeld o.a. ORA Tilburg 346:13v 1600; kinderen 1593 fol 339:5v-7r; huwt (1) Engel Willem Peter Schellekens; huwt (2) Gerritke Reijnen Gerrit Reijnen (+na 1564)
  2. Kinderen
    1. Reynier
    2. Lijsbeth
    3. Joost
    4. Heylwich
    5. Huyberdt
    6. Engele
    7. Cornelis
    8. Joostken
  3. Catelijn Zie 25.665
  4. Jan Zie 25.610
  5. Willem (*voor 1515), huwt voor 1539 Christina Wouter Soffaerts
  6. Marij huwt Jan Joost Cornelis van Alphen
  7. Lijsken, huwt Willem Michiel Willem van Eijnde; zij verkopen 22-1-1563 (RA Tilburg 308:57v) een stuk erf van 4 1/2 lopensaet aan de Haensberg.
  8. Kinderen
    1. Willem
    2. Jan
    3. Beeriske
    4. Peter
    5. Joost
    6. Adriaen
    7. Cornelis
  9. Heilwig (+voor 1559), huwt Jan Ghijsbrecht Beerthen (+voor 1559)
  10. Cornelia (+voor 1560), huwt Jan Huijbrecht Henrick Adriaens (+na 1560)
  11. Berijsken, huwt voor 1545 Jan Steven Claes (+voor 1560)

TerugBegin van generatie


51.332   Peter VRANCKEN

FamilienaamIndex 51.332Vader 102.664Moeder 102.665

Geboren ca. 1495/1500
Overleden tussen 31-1-1539 en 20-12-1540

De reconstructie van het gezin van Peter en zijn kwartieren is mijn interpretatie van de resultaten van een gezamenlijk onderzoek door Henk Coolen, Eimert van der Beek, Jan van den Bergh en schrijver dezes. Enkele onderdelen staan nog voor meerderlei interpretatie open.

Echter:

ORA Tilburg (272: 35v dd 1522) Peter wijlen Peter Vrancken met Elisabeth zijn zuster, testeren, vermelding van een zuster Maria gehuwd met Dirck …mans.

De Poppen stamboom lijkt dus niet te kloppen.

(RA Tilburg 348, Fol. 248v e.v.) Davidt soone wijlen Cornelis Geritssoon Verhoeven voor sijn selven, Jan soone wijlen Ariaen Adriaen Peijnenborch als man ende momboir Catarina sijne huijsvrouwe dochter wijlen Wouter Geritssen Verhoeven, Embrecht soon wijlen Jacob Handricxss vander Voirt als man ende momber Catarina sijne huijsvrouwe dochter wijlen Cornelis Geritss Verhoeven, Jan soon wijlen Adriaen Jacobsen Verheijen daer moeder aff was Marie dochter wijlen Wouter Geritss Verhoeffven oock voor sijn selven ende de voorschreven Jan Adriaenssen ende Embrecht alnoch vuijtten name van Jannen soon wijlen Goossenss Verhoeffven, Gerit soone wijlen Jan Peterssoon van Grieken daer moeder aff was Marie dochter wijlen Peter Verhoeffven d’Oude ende Adriaen soone wijlen Peter Verhoeffven, ende voirt de selven Jan ende Embrecht medes volcomen procuratie hen voir schepenen der vrijheijt van Oisterwijck gedaen op date den 16e meert deser maant ons schepenen volcomentlijck geblecken, sterck makende ende gelooffden en … deselve Garit Jan Embrecht ende Jannen vanden gelijcken erffgenamen Jan (Peterss neen:) Pouwels voorschreven van sijn vaders wegen soo verre daer einige noch mochten wesen. Adam soon wijlen Handrick Adam Peter Gielissen met Huijbert Marcelis Wouterssoon als man ende momboir Geertruijdt sijne huisvrouw dochter wijlen Hendrix voorss oock voor sijn selven ende mede vuijtten name vanden kijnderen Peter Geritssen de Cock bijden selven Peter ende vuijt Mari sijne ierste huijsvrouwe dochter wijlen Hendrick Adamsz voorschreven (verwant of) verweckt sijnde … hem … sterckmakende ende in desen bekennende Peter ende Cornelis gebroederen soonen wijlen Adam Handrick Peter Gielisz oock voir hen selven, Heer Goijaert … soone Hendrick Jan Gijssen daer grootmoeder aff was Adriana dochter Handrick Peter Gielisz voorschreven, Heer Goijaert geassisteert Herman de Roij sijnen vaderlijcken momboir, Marie dochter wijlen Pauwels Laureijssoon daer grootmoeder aff was Adriana dochter Hendrick voorschreven , Lijsbeth dochter wijlen Andries Muts(aerts)daer van grootmoeder aff was de voorschreven Adriana dochter Hendricxsz Dirckenss ? voorschreven, oock de voorschreven Marie ende Lijsbeth met den momboir … Jan Janssoon … voor hen selven ende alnoch de voorschreven Adriaen, Huijbrecht, Peter, Cornelis ende Goijaert, Marie ende Lijsbeth vande gelijcke erffgenamen, Anneken huijsvrouwe Pauwels Verhoeven de soone Peter Gielisz voorschreven daer voor zij sich waren streckmakende soo verre daer einige meer mochten wesen.

Cornelia dochter wijlen Peter Vrancken geassisteert met Jannen soon wijlen Cornelis Hendrick Smoelders haren stede? toesiender voor haer selven. Peter soone wijlen Corstiaen Janssoon vuijtten name van Marie sijne moeder dochter wijlen Peter Vrancken waervoor deselsen Peter mede volcomen procuratie gepasseert … … … Marie gedaen voor de heemraders tot Cappelle in date den xije meert deser maant. Hen oock sterckmakende Niclaes, Marten ende Peter gebroederen soonen wijlen Peter Vrancken hen? oock voor hen selven. Jan soone Berijs Matijs Willem Laureijssoon daer moeder aff was Adriana dochter wijlen Peter Vrancken voorschreven ook voor sijn selven, Cornelis soone wijlen Pauwel Peter Vrancken oock voor hem selven ende mede als … haren verordonneerde momboir met Hendrick soon wijlen Reijnier Denijs als toesiender over Pauwels, Marie ende Jenneken, K… ende Peterken onmondich kijnderen wijlen Peeter Pauwelss Peeter Vrancken ende deselve Cornelis alnoch vuijtte namen ende hem sterckmakende voorden vier onmondich kijnderen Laureijs Pauwels Peter Vrancken sijn broeders, Adriaen soon wijlen Jan Jacobssoon van Buel daer moeder aff was Marie dochter wijlen Peter Vrancken voorss oock voor sijn selven ende Jan soone wijlen Denijs Pauwels Reijkens als man ende momboir Margriet sijne huijsvrouwe dochter wijlen Jan Jacobsen van Buel ende Marie voorschreven oock voor sijn selven, Jan soon wijlen Jan Peeter SWagemaeckers als man ende momboir Marije sijne huijsvrouwe dochter wijlen Jan Jacobs ende Marie voorgenoemt oock voor hem selven. Ende deselve Adriaen ende Jan Denijs alnoch vuijtten name ende hen sterckmakende voor Willem soon wijlen Jan Jacobssoon van Buel ende Marten Cornelissoon als man ende momboir Peterken sijne huijsvrouw dochter wijlen Jan Jacobs van Buel voorschreven, Peterken dochter Jan Niclaes Aert Piers daer moeder aff was Margriet dochter Jan Leemans met den momber bij hen selven gecoren oock voor haer selven, Jan soone wijlen Jan Janssoon daer moeder aff was Lijsbeth dochter wijlen Peeter Vrancken oock voor sijn selven ende mede vuijtten name van Goijarden onmondigen soon wijlen Goijart Jan Janssoon voorschreven daer voor de selven Jan sich? sterckmaakende Peter soone wijlen Adriaen Janssoon Dollick als man ende momboir Anna sijne huijsvrouwe, Marten soone wijlen Adriaen Janssoon Dollick voorschreven als man ende momboir Catarina sijne huijsvrouwe dochter wijlen Jan Janssoon voorschreven oock voor hem selven alle erffgenamen van Aleijdt dochter wijlen Peter Vrancken huisvrouwe Jan Pauwels Verhoeffven voorschreven ende van welcke beijde oock moeder van was Margriet dochter Jan Leemans voorschreven. Ende Hendrick soone wijlen Gerit Adriaenss als man ende momboir van Jenneke sijne huisvrouwe natuurlijcke ende … bastaert dochter Jan Peter Vrancken en dewelcke Jenneken … … tot … … sal … … den huijs, hoff schuer metten gronden ende erffenis daeraen liggende ende … … vijff lopensaet … tendertich roij metten mate begrijpende gelegen binnen de vrijheijt van Tilborch ter plaatsen geheyten ter Looven aldaer tusschen erffenisse Nicolaes Huijbert Goijart wuijtten enen zijde ende tusschen de gemeijne strate dander zijde ende oock enen eijnde … vuitten anderen … … … … erffenisse versterffs Peeter Peeter Vrancken … … sijnde.

Ende noch een stuck zaijlants geheyten den zaijacker sest lopensaet … roijen mette mate begrijpende gelegen binnen die parochie ende plaetse voorschreven aldaer tusschen erffenisse Adriaen Corstiaen Gevaerts? een syde ende tusschen erffenisse der weduwe Peeten? Kijnderen, Cornelis Handrick Smolders ende de weduwe metten kijnderen Pauwels Peter Cornelissoon dander zijde streckende vande erffenisse Huijbert Marcelis Wouterssoon totten gemeijnde straete Ende daervant hebben zij wettelijck ende erffelijck naer drije sondaegsche proclamatie ten affgang van alle man ende te perse… ende te … … gegeven ende … Pauwels ende Geriden gebroederen soonen wijlen Cornelis Handrick Smolders tsamen met allen die rechten het huijs met … schuer toebehoorende met affgaen ende (renten?) alsdat gewoonlijck ende … Ende hebben geloof de vercoperen alnoch hen selven ende op alle hennen goederen ende voirts de momboirs ende toesienders respectieve oock onder tverbant der onmondige kijnderen houden hebbende ende vercrijgende dit huijs, hoff, schuer … erffenisse te waren … … ende … schulden te waren. Ende die … ende … … ende vuijtgenomen dat de voorschreven coperen … sullen gelden … vuijten huijsinge … erffenisse daeraen liggende twee lopen roggen tsjairs erffpachts aenden .. .. .. des heijligeest binnen Tilborch te betalen. Noch vijff lopen roggen oock tsjairs erffpachts aen enige personen binnen die kercke van Tilborch te betalen. Noch iiij stuivers … … aenden … van Tilborch jaerlijcx te betalen. Noch ij½ stuijver erffcijns aenden … binnen Tilborch oock jaerlijcx te betalen. Ende buyten voorschreven… dat de … … sullen gelden … … roggen … erffpacht … … … … off … binnen … te betalen zonder arglist. Datum ultima martij 1612.

(…)

Dieselve vercope(re)n elck inden name ende der qualiteit voorengeschreven / (erff)genamen Peeter Peeter Vrancken … … …/ … weije liggende … 36 roijen metten mate begrijpen als / Gelegen binnen der prochie van Tilborch ter plaatsen geheyten / Looven aldaer tussen erffenisse (Vrancken?) ende Gerit … / Soonen Cornelis Hendrick Smolders (sy?) op huyden … dese / Vercoperen opge…en deen zijde ende oock den eynde ende tusschen / Erffenisse Peeter Peeter Vrancken, dander zijde ende oock enen eynde / … zij … den hebben zij wettelijck endeerffelijck naer (eren?) / … … volcoment(lijck) (etc) vercocht ende gegeven ende…

Nog niet geheel geplaatst: (Tilburg R 272 - 1522 - 35v (8-1-1522)) Kont sij een eygelicken nadat Peter soen wijlen Peter Vrancken ende / met hem Elisabet sijn suster bij haren testamenten ende vuijtersten willen voor schepenen / van Tilborch ende Goirle ghepasseert sijn(de?) onder . maeten selve ende / clausulen daer inne begrepen ghemaekt ende gheloven hadden Dircken / Tielmans als man ende mombaer Marije sijns wijfs des voorss Peteren ende / Elisabetten suster een half mud rogge jaar(licxen?) erffpacht die (sij?) gestaen / met (susteren?) Peeter acht(envijfte?) het stuck ge. nae inne. Den voorss / testament daer omme is voir ons scepenen onderscreven ghestaen den voorss / Dirck (uit kracht?).tot (peter?) susteren land heeft bekend den voorss sesthijnen / Peeters bij afslach vanden halven mud rogge erfpacht van Peeten soen wijlen / Peeter Peeter Vrancken ontfangen te hebben. So sal den selven Peet(er?) daer / affquiten ende alles ander quiteeren beloovende gelovende naderrant met / geene recht .eysen off . te spreken off te doen spreken opt halff mud / rogge (voors?) noch arch op dat voorss penn pieters alls Dirck soude houden./ Date et  scabi(ni) ut supra.

RA Tilburg 28-2-1561 (306:80v) Peter en Pauwels, gebroeders, Marie de Jonge cum tutore (met haar voogd), Jan zoon van wijlen Jan Jacops als man en momber van Marie de Oude zijn huisvrouw, Jan zoon van wijlen Jan Pauwels Verhoeven als man en momber van Aleijt zijn huisvrouw en Lenairt zoon van wijlen Boudewijn Henricx als man en momber van Cornelia zijn huisvrouw, gezusters, kinderen van wijlen Peter Vrancken, door deze Peter en uit wijlen Margriet zijn huisvrouw dochter van wijlen Jan Leemans samen verwekt, legitime et hereditarie vendiderunt et supportaverunt aan Goiairt zoon van wijlen Jan Leemans, met afgaan en vertijen etc, een stuk land in heide en moer liggende in alle grootte zoals dat gelegen is in de parochie van Tilborch ter plaatse genaamd in de Schooten.

RA Tilburg 15-11-1560 (306:30) Jan zoon van wijlen Peter Vrancken, die deze Peter verwekt en verkregen had uit wijlen Margriet zijn huisvrouw, dochter van wijlen Jan Leemans de Oude legitime et hereditarie vendidit et supportavit (heeft wettelijk en erfelijk verkcoht en overgegeven) aan Cornelis Gerijt Henrick Smoelders als man en momber van Peterke zijn huisvrouw, dochter van wijlen Jan Claes Piers, door deze Jan uit wijlen Margriet zijn huisvrouw, dochter van wijlen Jan Leemans de Oude voornoemd, zijn zwager, verwekt, simul cum omnibus literis (samen met alle brieven), met afgaan en vertijen etc, al alzulk versterf, recht en deel dat aan de voors Jan van Peter zijn vader, van Vranck zijn grootvader en van Margriet zijn moeder voors toegekomen en verstorven is in alle havelijke en erfelijke goederen, hoedanig die mogen zijn en in welke plaatsen die gelegen, bevonden of vergolden mogen worden, het zij in harde, in weke, in hoge, in lage, in diepe of in droge, of zo waar men die enigszins zal mogen bevinden, binnen de parochie van Tijlborch en ook daarbuiten, niets daarin uitgezonderd (...) Cornelis Henrick Gerijt Smoelders, koper in deze, heeft dit versterf opgedragen aan Jan zoon van wijlen Pauwels Verhoeven als man en momber van Aleijda zijn huisvrouw en alle kommer en calangie ex parte sua deponere. Datum de 14e februari anno 61 (n.st.), schepenen Ghijben en Boerden. Idem, 15-11, fol. 30: Cornelis Henrick Gerijt Smoelders als man en momber van Peterke zijn huisvrouw, dochter van wijlen Jan Claes Piers, door deze Jan uit wijlen Margriet zijn huisvrouw, dochter van wijlen Jan Leemans de Oude verwekt, heeft beloofd als een principaal schuldenaar te geven en wel te betalen aan Jan zoon van wijlen Peter Vrancken, zijn zwager, vijf en zeventig carolus gulden, te betalen van Lichtmis nu a.s. over vier jaar met op elke Lichtmis daartussen komende hem daarvan te geven en te betalen als wasdom vier en een halve carolus gulden, met voorwaarden echter hierbij, dat ingeval de voors Jan zoon van wijlen Peter Vrancken binnen die tijd tot huwelijk zou geraken, dat dan de voors Cornelis, belover in deze, schuldig en gehouden zal zijn om op de eerste Lichtmis volgend op zijn huwelijk de voors som van 75 karolus gulden met de gerechte wasdom, die dan daaruit verschijnen en vervallen zal, op te leggen en te betalen, waarvoor de voors Cornelis verbonden heeft zijn persoon en al zijn goederen, roerend en onroerend, hebbende en verkrijgende.

ORA Tilburg (308:68 dd 9-2-1563) Jan zoon van wijlen Peter Vrancken door deze Peter en uit wijlen Margriet zijn huisvrouw, dochter van wijlen Jan Leemans de Oude verwekt en verkregen legitime et hereditarie vendidit et supportavit (heeft wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven) aan Jan zoon van wijlen Pauwels Verhoeven, met afgaan en vertijen etc, al alzulk versterf en recht vanwege versterven dat hem aangekomen en verstorven was in alle en eeniegelijke vaderlijke en moederlijke cijnsgoederen, zo waar en tussen wie deze goederen gelegen zijn of bevonden mogen worden, zowel binnen de parochie van Tilborch als daar buiten, het zij in harde, in weke, in hoge, in lage, in diepe of in droge of zo waar men die enigszins in zijn naam zal mogen bevinden, niets daarin uitgezonderd, zoals hij zeide. (…)

Tilburg ORA (313:26 dd 30-1- 1568) Pauwel zoon wijlen Peter Vrancken, Lenaert zoon wijlen Boudewijn Henrick Bayens man van Cornelia, Korstiaen zoon wijlen Korstiaan Jans man van Marie, dochters van wijlen Peter Vrancken verkopen land aan Cornelis Henrick Goert Smulders

Belendingen:

10-3-1562 (307:76): erfenis van de kinderen van wijlen Peter Vrancken, belending Looven aen de Ruijbraecken.

24-12-1561 (307:39v) erfenis van de kinderen van Peter Peter Vrancken (NB: gewoon Peter), belending in Tilborch ter plaatse genaamd Looven. Idem, 15-9-1556 (302:22v) Loven Acker, erfenis van Margriet weduwe van Peter Vrancken cum proelibus.

Idem, Loven, 18-5-1555 (301:6v), 15-6-1555 (301:11), 8-12-1554 (300:31v), 27-10-1553 (299:19v), 10-1-1553 (298:59v), 28-11-1552 (298:38v), 23-9-1551 (297:26v), 10-10-1551 (297:29), 11-6-1547 (294:7v), 17-1-1547 (293:47)

Lovens Acker 4-10-1555 (301:22), 4-6-1552 (10v), 27-2-1552 (297:77, drie stukken land), 1-2-1550 (295:44), 3-2-1545 (291:40v), 20-12-1540 (287:31)

Loven aan de Heijdstraet 9-3-1545 (291:53v), 4-3-1545 (291:24v)

Loven aan de Elsenbosch 28-2-1541 (287:65v)

tussen Backsdijck en de Veedijck achte Calenwiel (21-3-1553, 298:117v), 4-12-1551 (297:37v), 13-7-1546 (293:18v), 4-11-1545 (292:26)

aan die Ruijbraecken (9-2-1552, 297:69), 10-3-1551 (296:78), 4-1-1543 (289:35), 26-5-1542 (289:8)

Belendingen van Peter Vrancken, in leven:

Aan de Veedijck, 17-1-1539 (285:26)

Idem, Loven, 24-1-1539 (285:28v), 13-3-1537 (283:51v)

Idem, g in die Heijdtsijde aan den Hazennest, 31-1-1539 (285:43)

Idem, aan die Ruijbraecken (in die d'Oertkens Ven), 29-3-1538 (284:55), 13-3-1537 (283:51v), 8-5-1536 (283:3), 10-9-1532 (280:17v), 19-12-1533 (281:16)

Idem, Calenwiel 22-12-1537 (284:22v), 8-2-1537 (283:43v), 19-12-1533 (281:16)

Idem, het Hoefken (van Quaps, in Loven) 13-3-1547 (283:51v)

Idem, Lovensche Acker 13-3-1537 (283:51v), 14-2-1532 (279:49)

Idem, Heijstmans Dijck 10-9-1532 (280:17v)


Huwt ca. 1520/25

51.333   Margriet Jan Sr Jan LEEMANS

FamilienaamIndex 51.333Vader 102.666Moeder 102.667

Geboren 1495-1505
Overleden Tilburg na 1557 maar voor 15-11-1560


Zij huwt (2) ca. 1540

Jan Niclaes Jan PIERS

FamilienaamIndex

Volgens Van Dijck zouden er nog meer kinderen uit dit huwelijk moeten rondlopen: Jenneken, Anna, Quirijn en Adriaen. Tot dusver hebben we deze niet aangetroffen.

Kinderen (Vrancken)

  1. Pauwels Peter Vrancken Bruinebaert (*voor 1537 +voor 1612), huwt Marijken Jan Goosen van Boerden, dochter van Jan Goossen Gijsbert van Boerden en Jenneken Korst Jan Korst Bonten. Vader van in ieder geval Cornelis, Peter (in 1612 vader van de onmondige Pauwel, Marie, Jenneke en Peterke), en Laureijs (‘Bruijnenbaert’, in 1612 vader van vier ongenoemde, dus nog zeer jonge, onmondige kinderen).
  2. Cornelia Peter (*voor 1537 +na 1612), huwt voor 1561 Lenaert Boudewijn (=Baijen) Henricks Boudewijns (=Baijens) alias Verbunt.
  3. Marie Peter de Oudste (*voor 1537 +voor 1612), huwt Jan Jacobs van Buel. In 1612 ouders van Adriaen, Margriet (gehuwd met Jan Reijnkens), Marie (gehuwd met Jan Jan Peter Swagemaeckers), Willem en Peterken.
  4. Peter Zie 25.666
  5. Marie Peter de Jongste (*voor 1537 +na 1612), huwt na 1561 Corstiaen Jans. Moeder van Peter (volwassen in 1612 dus geboren voor 1590).
  6. Aleijdt Peter (*voor 1537 +voor  1612), huwt voor 1561 Jan Jan Pauwels Verhoeven.
  7. Jan Peter (*voor 1535 +voor  1612). Volwassen voor 15-11-1560 als hij zijn ouderlijk erfdeel verkwanselt aan zijn zwager Smoelders. In 1560 niet gehuwd, blijkens de akte van 1612 (laatste, blijkbaar half leesbare regels) echter wel vader van een onecht kind Jenneken Jan Peter, gehuwd met Hendrick Gerit Adriaenss. Uit de lijst civiele procesdossiers van het RHC: (1564) Elen Franss tegen Jan Peter Vrancken, terugbetaling geleend geld; (1566) Jan Peter Vrancken tegen Adiaentke weduwe Gerrit Adriaen Meijs, betaling schuld uit dode hand; (1567) Jan Toenissen tegen Jan Peter Vrancken, verkoop geëxecuteerde grond; (1568) Jan Jan Bastaerts van Goirle tegen Jan Peter Vrancken, betaling penningen; (1573-4) Engel echtgenote van Jan Geerit Sebastiaens tegen Jan Peter Vrancken, betaling; (1576) Peter Willem Peters tegen Jan Peter Vrancken, over ossen; (1579) Corstiaen Jan Leenaerts tegen Jan Peter Vrancken, over rogge. (1584) Willem Jan Mutsaerts e.v. Magdalena Jan Vrancken over erfenis Hubert van Raeck. Een Jan Peter Peter (Vrancken) trouwde als weduwnaar 1627 met Magdalena Frans Driessen (Laureys Jan Berthouts Sp(ijckers?))

Kinderen (Piers)

  1. Peterken Jan Niclaes Jan Piers (*ca. 1540 +1622/23), voor 24-1-1561 gehuwd met Cornelis Hendrik Smoelders.
  2. Lijsbeth Jan Niclaes Jan Piers (+voor 1612), huwt Jan Jan Goijert van de Sande (+voor 1612); in 1612 ouders van Jan, en wijlen Goyaert (vader van de onmondige Goyaert in 1612), verder Anna en Catharina, beiden gehuwd met Dollicks. In de akte van 1612 ten onrechte aangeduid als dochter van Margriet Leemans en Peter Vrancken

TerugBegin van generatie


51.334   Marten Ghijb Goessens van BOERDEN

FamilienaamIndex 51.334Vader 102.668Moeder 102.669

Overleden voor 9-1-1557

ORA Tilburg (289:4 dd 22-4-1543) Niet aangetroffen

ORA Tilburg (inv no 295 fol 43v dd 1550) Peter zoon van wijlen Peter Vrancken als man van Margriet dochter van Marten zoon van wijlen Ghijb Goessens, voor de ene helft, en dezelfde Peter voors. als man voors., Adriaen zoon van wijlen Jan Brocken van Haren als man van Daniëla en Gherit zoon van wijlen Jan Cocks als man van Joest, allen dochters van Marten voornoemd, voor henzelf en ook voor Amelis zoon van wijlen Claeus de Meijer, hun zwager, als man van Hadewig dochter van Marten voors., niet tegenwoordig zijnde, waar zij Peter, Adriaen en Gherit gezamelijk voor instaan en geloofd hebben, voor de andere helft, welke kinderen Marten voors. verwekt en verkregen had bij wijlen Heijlwig zijn vrouw dochter van wijlen Claeus Jan Huijb Melis, hebben wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven aan Goijaert zoon van wijlen Gherit Reijnen samen met de brieven en recht, met afgaan en vertijen, het derde deel van 14 lopen rogge jaarlijkse en erfelijke pacht hen toeheborende te betalen elk jaar erfelijks op Onze Lieve Vrouwedag purificatio (lichtmis) uit een stuk land groot ca 5½ lopensaet gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd Loven Acker tussen: erfenis van Jan van Amerzoijen en Goijqaert Smitten een zijde; erfenis van de zwager van Lippen Jan Molders ander zijde; erfenis van Denijs Maes een einde; die gemeijne waterlaat daar ander einde. Welk derde deel van 14 lopen rogge erfpacht voors. Marten met zijn kinderen voornoemd voor de ene helft en de voors. Margriet zijn dochter voor de andere helft gekocht had van Kathelijn dochter van wijlen Jacop Melis Vrancken, weduwe van Jan Gherits van Roije met Peter zoon van wijlen Robbrecht van Calijs, haar zwager en momber. En welk derde deel van 14 lopen rogge erfpacht voors. eertijds Jan zoon van wijlen Huijbrecht Melis als schuldenaar geloofd en gevest had aan Jacop zoon van wijlen Amelis Vrancken ten behoeve van hemzelf en ten behoeve van zijn kinderen, zoals in diverse brieven van Tilburg. De voornoemde verkopers hebben geloofd als schuldenaars super se et bona sua etc. dit verkopen, overgeven, opdragen, afgaan en vertijen altijd vast etc. en alle kommer en calangies van hunnentwege daarop komende elk tot zijn deel allemaal af te doen. Item hier is bijgestaan Marten zoon van wijlen Ghijb Goessen bovengenoemd en gaf over zijn tocht en recht van tochtenwege, dat hij had en de helft van het derde deel van 14 lopen rogge erfpacht voors., aan zijn kinderen bovengenoemd met afgaan en vertijen, gelovende super se et bona sua etc. dit overgeven, afgaan en vertijen altijd vast etc. en nooit meer van tochtenwege daar aanspraak op te maken etc. en alle kommer en calangies van zijnentwege daarop komende allemaal af te doen. In margine: Non passatum ergo vacat (niet gepasseerd dus vervallen).

ORA Tilburg (inv no 302 fol 96 dd 9-1-1557) Bekend zij eenieder, dat gekomen en gestaan zijn geweest voor schepenen ondergeschreven Adriaen zoon van wijlen Jan Brocken als man en momber van Daniël suae uxoris (zijn huisvrouw), Peter zoon van wijlen Peter Vrancken als man en momber van Margriet suae uxoris (zijn huisvrouw) en Gherit zoon van wijlen Jan de Cock als man en momber van Joestke suae uxoris (zijn huisvrouw), dochters van wijlen Marten Ghijb Goessensz door deze Marten uit wijlen Heijlwich suae uxoris (zijn huisvrouw) dochter van wijlen Claes Jan Huijb Melis samen verwekt en ze hebben onder elkaar van de goederen, aan hen nagelaten en gebleven door de voors. Claes Jan Huijb Melis en Jutta diens huisvrouw, (welke goederen) hen tegen hun mede erfgenamen en kinderen van wijlen Daniël Claes Jan Huijb Melis ten deel gevallen waren, wederom een onderverdeling en erfscheiding gedaan en gemaakt, zals hierna beschreven staat. Tengevolge hiervan is aan de voors. Adriaen als man en momber suae uxoris (van zijn huisvrouw) voors. ten deel gevallen een stuk erf in weide en land liggende, genaamd de Bleck, gelegen in de parochie van Tilburg ad locum dictum (ter plaatse genaamd) Loven, aldaar (…) Nog hiertoe een stuk land gelegen in de parochie voors. in Loven Acker (…) Nog hiertoe een stuk land genaamd Hermans Stede, gelegen ter plaatse laatstgenoemd (…) Waaruit de voors. Adriaen als man en momber suae uxoris (van zijn huisvrouw) moet gelden (…) (diverse pachten) (…) Hiertegen is aan de voors. Peter in de naam van zijn huisvrouw voors. ten deel gevallen een huis en hof met het oostelijke einde van de schuur en een schaapskooi met de gehele grond en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, staande en gelegen in de parochie van Tilburg ad locum dictum (ter plaatse genaamd) Loven (…) Nog een stuk land gelegen in de parochie voors. ter plaatse genaamd in Loven Acker, waar een gemeenschappelijke voetpad over loopt, (…) met alzulke weg en recht van wegen, dat dat stuk land heeft en behouden zal over de erfenis van de weduwe en erfgenamen van wijlen Lucas voors. gelegen aan de oostelijke zijde. Nog hiertoe een stuk land groot ca anderhalf lopensaet, gelegen ter plaatse laatstgenoemd, aldaar (…) Waaruit Peter voors. moet gelden (…) (diverse pachten) (…) Hiertegen is aan de voors. Gherit in de naam van zijn huisvrouw voors. ten deel gevallen een stuk erf in land en weide liggende, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd Loven (…) Nog een stuk land genaamd de Pass, groot ca een zestersaet en twee roeden, gelegen in de parochie en ter plaatse voors. (…) Nog een stuk land gelegen in de parochie voors. in Loven Acker aldaar (…) Nog een stuk land genaamd Haeijen Stuck gelegen aldaar (…) Nog een stukje land gelegen in Loven Acker voors, aldaar (…) Hiertoe is nog de voors. Gherit ten deel gevallen het westelijke eind van een schuur en daarbij een paardestal staande op de Oude Stede en grond, aan Peter Peter Vrancken in deze deling toebedeeld. De voors. Gherit moet dat voors. eind van de schuur en ook de paardestal van de voors. grond verwijderen twssen nu en mei a.s., ut dicebat (zoals hij zeide). Uit welke percelen voornoemd Gherit voors. moet gelden (…) (diverse pachten) (….).


Huwt

51.335   Heijlwich Claes Jan Huijb Melis BOOTS

FamilienaamIndex 51.335Vader 102.670Moeder 102.671

Overleden voor 1550

Kinderen

  1. Margriet Zie 25.667
  2. Daniel, huwt Adriaen Jan Brocken
  3. Joostke, huwt Gerrit Jan de Cock
  4. Hadewij (+voor 1557), ook Heesken genoemd

TerugBegin van generatie


51.336   Gerit Gerit VERHOEVEN

FamilienaamIndex 51.336Vader 102.672Moeder 102.673

Overleden na 19-3-1549, voor 13-5-1550

ORA Oisterwijk (227 fol 9v dd 16-2-1523) Aert Goedscalcx Jan Wouter Brocken Wouter Cornelis vande Meer z. Gerit Gerits Verhoeven z.. Pauwels Gerits Verhoeven z. Ariaen Peters Lepperss en Embrecht Lauwreyss van Gorcum hebben geloeft tbv Peter Henrick Goeyaerts tbv van hemzelf en tbv de wittige krn w. Goeyaert Remboutss en Claes Heyen en de krn w. Jan Stempels en mede erfgen. 93 Rgld 10 st (…)

ORA Oisterwijk (237 fol 7 dd 3-12-1531) Jan Jacops: een stuck erffs 1 zester in Otw ter stede Uedenhout inde Zeshoeven , verkocht aan Jan van Straet tbv Geridts Verhoefnen, waarna Christijn Jan Jacops dochter met Henrick Lambert Geeridts haar man nadert.

ORA Oisterwijk (238 fol 30v dd 6-5-1534) Claus z.w. Claeus van Vucht z.w. [Aleydts d. doorgehaald] Claus van Vucht die hij bij w. Aleyte sijnre huysvr d.w. Laureys Jan Laureys voors. verwekt had Adriaen Henricx wedn. w. Barbaren zijn hvr Laureys Huybrechts man van Willem zijn hvr gez. drs w. Claeus van Vucht en Aleyte vors. voor hen selven te weten Claeus en Laureys voors. en voor Adriaen Peters gebruerders wittige krn Claeus en Aleyte voors. ook voor Aleyte en Claeus gez. wittige krn Adriaen Henricx en w. Barbaren voors. daar zij Claeus Adriaen en Laureys vor gelofd habben Adam en Peter gebr. wittige krn w. Jacop Poeynenborgh bij w. Jenneken zijn hvr d.w. Claeus en Aleyt voors. verwect Peter Neelen? man van Yeven zijn hvr d.w. Jacops en Jenneke voors. ook voor Jacop Jan Geridt Willem Mathijs en Corneliske gebr. wittige krn w. Adriaen z.w. Jacop en Jenneke voors. Dirck Peter gebr. wittige krn w. Jan Brocken z. w. Peter Brocken Cornelis Thoenis man van Elizabeth zijn hvr en Jan Brekelmans man van Aleyt gez. drs w. Jan Brocken voors. Wouter Jan gebr. en wittige krn w. Wouter Brocken z.w. Peter Brocken voors. Geridt z.w. Geridt Verhoeven man van Jenneken zijn hvr Engbert Laureys Meeus? [of Maas? ] man van Elizabeth zijn hvr gez. drs.w. Wouter Brocken z.w. Peter Brocken voors. Elisabeth d.w. Henricx Brocken z.w. Peter Brocken voors. Jacop Jacop Huben man van Aleyte zijn hvr d.w. Henricx Brocken voors. Peter Elizabeth en Margriet br en z. wittige krn w. Anthonis Brocken z.w. Peter Brocken voors. en Elisabeth en Margriet Aerdt Henricx Storiemans man van Christinen? zijn hvr d.w. Anthonis Brocken voors. alle erfgoederen chijnsen pachten na dood w. Jan z.w. Laureys Jan Laureys voors. hennen nevebij versterf ; supt Jan wittige z. Peter Geridts

ORA Oisterwijk (238 fol 12v dd 11-3-1534) Wouter z.w. Cornelis Vermeer wedn. Yken d.w. Aerdt Brocken (test) een weyvelt 1 zesterzaad in par. Haaren ter stede aende Harendijck etc.; supt Gerid Verhoeven

ORA Oisterwijk (241 fol 8 dd 12-2-1537) Katharijna d.w. Wouter Luers tegenw. wittige hvr Pauwels z.w. Adriaen Beecken te betalen aan Arnden Baeljuys Gertden Verhoeven als provisoers en meesteren der tafelen van de H.Geest in par. Haaren jeep ½ mud rogge Otw maat op Lichtmis uit…

ORA Oisterwijk (248 fol 14v dd 3-3-1544) Jan z.w. Pauwels Verhoeven bij w. Jenneken d.w. Peter Gielis met consent en bijwezen van Adriaen z.w. Peter Gielis als naeste momboir: een huys ende hoff gront met eenen cleynen huysken daeraen metten acker daer aff aen liggende en er toebehorende tsamen 6 L in par. Haaren bij der kercken etc.; vendt Gerarden z.w. Gerart Verhoeven, Adam z.w. Peter Gielis Henrick z.w. Peter Gielis maart 21 [voir Paeschen] (…) condt zij alsoe Jan z.w. Pauwels Verhoeven had opgedragen aan Gerarden z.w. Gerits Verhoeven voorn. huysinge etc.; so gestaan voorn. Geraert dat wanneer Jan gekomen zal zijn tot zijn 20 jaren en hij voorn. erf voor deze som alsdan begherde weder te hebben

ORA Oisterwijk (250 fol 45v dd 10-5-1546) Jan Andries Lambertss namens Goidt schalck .. tijtlijck heer van Oudthuesden heeft verpacht aan Geritden Verhoeven een acker lants 8 L in par. Haaren bij der Harenscher Kerken als Gerit Verhoeven reeds huurde nu voor 10 jaar.

ORA Oisterwijk (251 fol 17v dd 5-2-1547) Jan z. Wouter Brocken en Huybrecht van Laerhoven fabrieksmrs Ariaen Brocken en Gerart Verhove gezworenen des dorps van Haaren ook namens alle ingezetenen machtigen mr Michiel Borchouts procureur R.v.Br. tot Bruessel en Franck Brocken ingezetene tot Haaren tegen? hr Jan vander Voirt etc.

ORA Oisterwijk (253 fol 31v no 73 dd 19-3-1549) Gerart z.w. Gerart Verhoeven wedn. Jutken zijn tocht in acker lant 9 L in par. Haaren in de Harense ackeren omtrent tHeylich Boomken t erf des grooten Gasthuyse van den Bosch t erf erfgen. w. Jan Monix v erf Peter Wouters t after totten voetpadt daermen naenden Bosch gaet; aan Gerard Wouter en Cornelis gebr. en Jan z. Peter Janss man van Marie krn Gerart en Jutken voors. Dese transport streckt niet verder dan totte vercopen van naebeschreven cijns. Quo facto zo zijn gestaan Gerit die jonge Wouter en Cornelis gebr. zn Gerarts en Jan z. Peter Janss man van Marie vendt Embrecht Peynenborch en Aernden die Meyer fabrycksmeesteren der kerke van Haaren tbv die kerk jeer 3 ka gld op Lichtmis uit voorn. Akker. Gecancelleerd 28-3-1559

ORA Oisterwijk (257 fol 80 no 312 dd 22-9-1553) Gherit Wouter en Cornelis gebr. krn w. Gerit z.w. Gerit Verhoeven bij w. Juetken wettige dr w. Wouter Brocken en Jan z. Peeter Jans van Viltken man van Marie d. Gerit en Juetken delen na dood ouders. Een huys hoff schop schaepskoye gronden met stuck ackerlants 3 L par. Haaren aende Harencant etc.; de helft in stuck beempts den gehelen beemd 10 L in par. voorn. tot Belveren int Harenbroeck etc. aan Gerardi. Een huys hoff schop backhuys gronden 9 L par. Haren tpl. aenden Hoevel naast erf van St Aghte KvOtw aan Wouter. Een schuer en schaepskoye van de huysinge Wouters voors. 3 L par. Haaren aen de Harencant; stuck eckerlants 2 L par. voors. op den Boschpat t t v heer van Geffen t jouffr. Mechtelt vanden Bosch; stuck eckerlants 3½ L par. voors. gent aent Heylich Boomken t erff jouffr. Mechtelt voorn. t erff Jan Peeters v gem. herbane t erf toebehorende tGasthuys van den Bosch etc. aan Cornelis; en een stuck eckerlant 6 L par. Haaren aen Heylich Boomken t erf Cornelis Gerits t erff jvr Monicx v erf Peeter Wouters t erf Anna Aven etc. aan Jan Peter Jans

ORA Oisterwijk (259 fol 55 dd 1-7-1555) Wouter Gerits Verhoeven man van Geertruyt d.w. Jan Aert Willen - stuck eckerlants 1½ L par. Haaren aenden Hoevel vendt Adriaen z.w. Jan Brocken

ORA Oisterwijk (267 fol 20 dd 27-3-1563) Wouter z.w. Gerits Verhoeven: 2 huysen met eender schuere en gronden en toebehoren 5½ L in par.Haren aenden Harencant, als Wouter tegen Cornelis Gerits Verhoeven zijn broeder bij cope sch.Otw.; vendt Adriaen z.w. Everaert Joordens.

ORA Oisterwijk (282 fol 18 no 13 dd 17-9-1579) Wouter en Cornelis gebr.zn w. Geraert Geraerts Verhoeven en Jan Peters van Criecken mem Marie d.w.Gerit Gerits Verhoeven delen na dood Geraert hun broer z.w. Gerit Gerits Verhoeven (…)


Huwt

51.337   Judith Wouter BROCKEN

FamilienaamIndex 51.337 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden Oisterwijk voor 19-3-1549

Kinderen

  1. Gerard (+voor 1579), kinderloos
  2. Wouter, huwt Geertruyt Jan Aert Willen
  3. Cornelis Zie 25.668
  4. Maria, huwt Jan Peter Jans van Criecken

TerugBegin van generatie


51.338   Henrick Laureyns EELENS

FamilienaamIndex 51.338Vader 52.032Moeder 52.033 • Tevens 26.016

51.339   Heylwich Peter GIJBEN

FamilienaamIndex 51.339Vader 52.034Moeder 52.035 • Tevens 26.017

TerugBegin van generatie


51.400   Peter Jans van GINHOVEN

FamilienaamIndex 51.400Vader 102.800Moeder 102.801

Overleden voor 1541

ORA Breda (Inv 418 fol 63v dd 27-9-1509) Anthonis Anthonisz Peter Woytsz verkopt aan Peter Jan Peters van Ginhoven ten behoeve van zijn vader een stuk beemd groot één buunder gelegen in het Broeck bij Ghinhoven.

ORA Breda (inv 424 fol 367v dd 21-4-1516) Kathelijn dochter wijlen Jan Matheeus Wolfs met haar man Peter Janssone van Ghinhoven, is een erfpacht schuldig aan haar oom Andries Henrick Andriessone van den Kyeboom na deling van de nalatenschap van Engele Henrick Andriessone van den Kyeboom met Marie Henric Andriesdr van den Kyeboom, groot 15,5 lopen rogge.

ORA Breda (inv 424 fol 368 dd 6-5-1516) Andries Henrick Andriessone van den Kyeboom verkoopt aan Peter Jans van Ghinhoven een erfcijns van 15,5 lopen rogge.

ORA Breda (inv 424 fol 368 dd 27-5-1516) Peter Jans van Ghinhoven verkoopt een erfcijns van 15,5 lopen rogge aan Wynric Jan Wynricx.

Vestbrieven Alphen en Chaam (R762 fol 43v dd 5-2-1527; ook vermeld 5-6-1537): Peter Janssone van Ghinhoven koopt een erfpacht van 19 loepenen rogs dair af men de 8 1/2 loepenen rogs heffende is nae uutweijsen van dese doirsteken scepenenbrieve, en dair de 10 1/2 loepenen rogs in mindernisse van 29 loepenen rogs, dair af de kindr Henric Adriaen Zaelsz de 17 1/2 loepenen (...). Voort zijn gecomen Adriane Anthonis Saelsdr met man en vgd Lambrecht Stoop voir heur selven, voirs Lambrecht Stoop oic in den name van Kerstijne Anthonis Zaelsdr, huysfrou van Bernairt de Loekrs?, Lijsbeth Anthonis Zaelsdr met man en vgd Pauwels Jans Coopersz, en Henric de Hoen als toez van Willem, Cornelisken en Lyele wijlen Henric Anthonis Zaelsz kindr, en bekenden dat Adriaen Aert Saelsz tegens henluyden nae de doot van wijlen Jaspare Aert Zibbendr opt vercofte 19 loepenen rogs geerfdeelt is. Oic bekenden zij dat de voirs Henric Adriaen Zaelsz kindr tegens henluyden zijn gedeelt opte 17 1/2 loepenen rogs voirs. Data transfixa 1483/10/07.

Vestbrieven Alphen en Chaam (R765 fol 135r dd 7-2-1548) Kathelijn Jan Matheeusdr weduwe Peter Janszoon van Ghinhoven, met haar broer Henrick Jan Matheeuszone, met haar zonen Henrick en Andries, Anthonie Peter Janszoons van Ghinhovendr met man en vgd Peter Jan Peter Lambrechtszone, alle voir hen selven en samen in name van Marie des voirs Peters dochter, van dwelcke de comparanten volcomen macht hebben, zoals voirs Marie gisteren 1548/02/06 met Gheryt Cornelis Michielszone heuren vgd verclaert heeft, hebben vercoft aen Jan Peter Janszoon van Ghinhovenzone hun (kinds)delen in de erfenis van hun vader: de huysinge, schuere, kooye, hovinge en erve, 2 bdr (t Alfen te Quaelborch oost Lijsbeth Verelst zuid Cornelis Jan Byekenszoon west Anthonis Peter Byekenszoon noord de Gebuerstrate B. oost de Gebuerackerstrate zuid Wilboort Wilboorts en Peter Henricx Wegenzoon); B. een stuck erfs onder landt en weijde, 1 bdr (d' Ackerheijninge: erven west Gheryt Cornelis Michielszoon noord Adriaen Peter Wilszoon); C. een stuck lants, 2 bdr (in de Quaelborchsche acker oost Wilboort Wilboortszoon en Adriaen Matheeuszoon erven zuid Andries Meeuszoon erffg west Lijsbeth Verelst en Wilboort Wilboortszoon erven noord Adriaen Peter Wilszoon en Anthonis Peter Byekensz); D. een stucksken lants, 80 r. (de Sandtbraeck: oick in de Quaelborsche acker oost des Godshuys van Tongerloo erve zuid Kathelijn, Jan Anssems wed west en noord Cornelis Laureijssen); E. een stuck beemden, 5/4 bdr (de Grootdonck: tot Chaem achter des Wilden acker oost Henrick Willem Denyszoon zuid en west Harman Jan Wyericxsoon noord Jan van Coudelair); F. een stuck beemden, 5/4 bdr (den Bolck: tot Chaem opte Dasmisse oost Henrick Willem Denyszoon zuid Peter Jan Hairdenzoon en Jan van Coudelair erven west Cornelis Jan Lenaertszoon noord Jan van Coudelair); G. een stuck heijvelts, 5/4 bdr (opte Wildert oost Lambrecht Anssem Stoopszoon en Aert Godertszoon erven zuid des voirs Aert Godertszoon erve west sHeeren vroente noord Cornelis Jan Byekenszoon). Te vrijen met 11 lop rogs en 1 st en 1 ort st der kercken van Alfen. Met noch 8 lop rogs der Tafele sHeijlichs Gheests tot Alfen. Met 5 lop rogs Sint Anthonis altair in de kercke van Alfen. Met 1 lop rogs Onser Liever Vrouwen altair in de kercke van Alfen. Met noch 1 lop rogs des Heijlichs Cruys altair in de kercke van Alfen. Met 4 1/2 lop rogs en omtrent 1 1/2 st den Hove ter Braecken. Met 1 zester rogs Merten Jansz van Dunne. Met 6 lop rogs Frans Hubrecht Wildenzone. Met 15 lop rogs wijlen Jan Gheryt Peterszoon erffg. Met 3 vertel rogs den kindr wijlen Henrick Cabbers tot Breda. Met 8 lop rogs Henrick Wouterszone van den Kyeboom. Met 1 st der Canonicx pronen? in de kercke van Breda die Heer Meester Balthazar Masschevel priester nu ter tijt heeft. En met sHeeren chijns.


Huwt voor 1520

51.401   Kathelijn Jan Matheus WOLFS

FamilienaamIndex 51.401Vader 102.802Moeder 102.803

Overleden na 1548, voor 1555

Vestbrieven Alphen en Chaam (R762 fol 49 dd 26-3-1527) Kathelijn Jan Matheeus Wolfsdr met Peter Janssen van Ghinhoven, man en voogd, bekende dat zij na de delinge volgend op de doot van heur moeder wijlen Marie Henric Andriesdr, sculdich is uut te reijcken aan heur brueder Henrick Jan Matheeus Wolfssone. een erfpacht van 1 halster rogs en erfchijns van 28 st en dair toe noch 1 1/4 ort st op huysinge, schuere, kooye, hovinge en erffenisse, 2 bdr (t Alfen te Quaelborch oost Dyrc Willemssen van der Elst) en alle de erven gelyk die bescreven staen in eenen brief van de 16 loepenen erfpachts die Kathelijn Jan Matheeus Wolfsdr eertijts verlijt zijn. Te vrijen met omtrent 9 zester rogs en 10 st en 3 ort st soe Heeren oft soe andere chijns. Met vorwairde dat Kathelijn de halster rogs en de 28 st altijt mag lossen tesamen met 48 rijnsgld.

Vestbrieven Alphen en Chaam (R764 fol 68 dd 4-10-1541) Kathelijn Jan Matheeus Wolfsdr, weduwe Peter Janssen van Ghinhoven met Jan Peterszone van Ghinhoven, haar soon en voogd, heeft de erfchijns op de goeden A. t/m G. vercoft aen Willem Jan Bonsschaertszone, en heeft tot onderpand geset de erfpacht en alle andere baten die zij aen de goeden heeft. Te vrijen met 8 zester en 1/2 lop rogs. En met 10 st en 3 ort st. Zonder ennigen andere commer. Men mag de 3 kargld altijt lossen tegen den penn 16. Het gaat om een rfchijns van 3 kargld, en d'yerste chijnsdach sal zijn te Sint Jansdage in junio 1542, op alle onderpande nabescreven die haar eertijts tegens heure mede erffg zijn aengedeelt nae uutwijsen van een brief van Alfen in date 1516/04/21, te weten: A. de huysing (t Alfen te Quaelborch oost Dyrck Willemssen van der Elst zuid Jan Henrick Byekenszoon west Peter Jan Byekensz noord de Gebuerstrate), B ? (in d' acker oost Jan Vincx en Wilboort Willem Meeussen zuid Meeus Gheeus erffg (of Gheens ?) west Wilborts voirs erve en Dyrck Willemssen van der Elst erve noord Jan Gielis en meer andere), C. de Ackerheijninge (noord Jan Gielis voirs erve oost neven d' Ackerstrate zuid Jan Ghiels met meer andere west Gheryt de Weegh), D. de Santbraeck (bij d' acker zuid Laureijs Meeus Cantersz west en noord Jan Henricx van Uutwijck oost het Godshuys van Tongerloo), E. aen de Wildert oost Anssem Stoops en Godert Aertssen noord Jan Henrick Byekensz west sHeeren vroente; F. de Bolck (tot Chaem zuid Henrick Byekens en Jan van Coudelair oost Peter Wouter Naggersz noord Jan van Coudelair west Cornelis Jan Claessen) G. de Grootdonck (west Mathijs van der Vener noord Jan van Coudelair oost Willem Denys zuid de gemeijn Grootdonck)

Vestbrieven Alphen en Chaam (R765 fol 92v dd 23-11-1546) Cornelis Jan Anssemsz en alle erfgenamen van Gertruydt Jan Anssemsdr hebben vercoft aen Jan Peter Janszone van Ghinhoven tot behoef van Kathelijn Jan Matheeussendr weduwe Peter Janssen van Ghinhoven, zijne moeder. de rechte helftscheijdinge van een huyse en erve, int geheel 1/2 bdr, daer af de wederhelft de erffg wijlen Jan Gheryt Peterssen toebehoirt, te Alfen ter Oever oost en zuid Willem Michiel Beckersz west sHeeren strate noord Jan Peter Cornelissen van Dunne. Te vrijen mette helft van 1 st te Heeren chijnse.

Kinderen

  1. Jan Zie 25.700
  2. Henrick (+voor 1555), huwt Kathelijn Peter Willemsdr (+na 1555)
  3. Andries
  4. Anthonia Peter Janszoons van Ghinhovendr, huwt Peter Jan Peter Lambrechtszone
  5. Marie

TerugBegin van generatie


51.402   Adriaen Jan van GESTEL

FamilienaamIndex 51.402Vader 102.804Moeder 102.805

Overleden na 14-5-1561, voor 17-6-1567

ORA Alphen en Chaam (R763 fol 149r/149v dd 23-1-1537, Alphen) Jacop Gheryt Jan Goossensz is schuldig aan Adriaen Janssone van Ghesteleen erfchijns van 4 kargld en een erfpacht van 1 zester rogs, en d'yerste chijns- en pachtdach sal zijn te Lichtmisse 1538, op: A. zijn huysinge, schuere, kooye, hovinge en erve, int geheel in verscheijden parceelen, 7 bdr, t Alfen ter Oever opte Retvennen west Adriaen van den Nuweleijnde noord Jan Peterssen van Coudelair en Cornelis Goossens oost sHeren strate B. dair tegens over de Gebuerstrate noord en west Willem Dyrc Danenz erffg oost Alijt, Gheryt Beckersz wed en meer andere zuid sHeren vroente; B. omtrent 4 1/2 bdr erfs onder beem. Te vrijen met 7 zester rogs. Met 3 rijnsgld en 10 st ter loss. En met alsulcken chijns alst Hof van de Braicken heft. Met 3 vertel rogs ter loss, die 1.1 geloofde te lossen bynnen 3 jairen. Men mag de 4 kargld altijt lossen tegen den penn 16.

ORA Alphen en Chaam (R765, folio: 248r/248v dd 7-10-1550, Alphen) Cornelis Jan Goossenssone verkoopt aan Adriaen Janszone van Ghestel een erfpacht van 1 halster rogs, en d'yerste pachtdach sal zijn te Lichtmisse 1551, op: A. zijne stede, huysinge, schuere, kooye, hovinge en erve, 1/2 bdr, de Sandtheijninge, t Alfen in de Zandtstrate oost sHeeren strate zuid Berthelmeeus van den Houtghoir west Bastiaen Ghijsbrechts noord Cornelis Mertens; B. een stuck lants, 2 bdr t Alfen int acker zuid en noord Berthelmeeus van den Houtghoir oost Bastiaen Ghijsbrechts west Gheryt de Wilde ;C. een stuck lants, 1 1/2 bdr oick tot Alfen int acker zuid Jan Goossens west Cornelis Mertens noord Gheryt de Wilde oost Berthelmeeus van den Houtghoir. Te vrijen met 3 1/2 zester rogs. Met noch 5 vertel rogs ter quijtinge. Met noch 3 st den Hove ter Braken. Men mag de erfpacht altijt lossen met 25 kargld. (Marge) Dese brief is te nyet mits een andere brief van 3 vertel rogs bij Cornelis Jan Goossensz verlijt aen Adriaen Jansz van Ghestel den 1554/01/16.

ORA Alphen en Chaam (R765, folio: 274v/275r dd 3-3-1551, Chaam) Anthonis en Adriaen, zonen wijlen Andries Jan Wolfs, Marie Andries Jan Wolfszonedr met voirs Antonis heuren brueder en vgd, alle voir hen zelven, Thomaes Jan Kerstiaenszone als man en vgd van Jenneken Andries Jan Wolfsdr, en alle comparanten voirs in den name van Margriet des voirs wijlen Andries Jan Wolfs wed honne moeder, verkopen aan Adriaen Janszone van Ghestel een stuck erfs onder heijde en beemdt, 3 bdr, tot Chaem opte Dasmisse in de Langbraeck oost Cornelis Henrick Gheritszoon zuid Merten Henrick Stijnenzoon west Cornelis Adriaen Bootszoon noord wijlen Jan Corneliszoon van Coudelaer erffg, met een erfgebruyckwech die men metten vercofte stuck erfs over dit erve heeft tot aen sHeeren strate toe. Te vrijen met 2 rijnsgld en 2 1/2 st den capellanie van Breda. En met noch 2 rijnsgld en 15 st ter quijtinge met 45 rijnsgld wijlen Henrick Corneliszoon van den Kyeboom erffg.

ORA Alphen en Chaam (R766, folio: 111r/111v dd 16-1-1554, Alphen) Cornelis Jan Goossenszone verkoopt aan Adriaen Janszone van Ghestel een erfpacht van 3 vertel, en te Lichtmisse 1554 sullen daer van 2 vertel rogs verschijnen, maer daer na altijt de geheele pacht, op: A. zijn stede, huysinge, schuere, kooye, hovinge en erve, 1/2 bdr t Alfen in de Zandtstrate oost sHeeren strate zuid Berthelmeeus van den Houtghoir west Bastiaen Ghijsbrechts noord Cornelis Mertens; B. een stuck lants, 2 bdr de Zandtheijninge t Alfen int acker zuid en noord Berthelmeeus van de Houtghoir oost Bastiaen Ghijsbrechts west Gherit de Wilde; C. een stuck lants, 1 1/2 bdr oick t Alfen int acker zuid Jan Goossens west Cornelis Mertens noord Gherit de Wilde oost Berthelmeeus van den Houtghoir. Te vrijen met 3 1/2 zester rogs. Met noch 5 vertel rogs ter quijtinge. En met noch 3 st den Hove ter Braken. Men mag de erfpacht altijt lossen met 37 kargld en 10 st, en met 10 st eens meer te geven.

ORA Alphen en Chaam (R766, folio: 111v/112r, 16-1-1554, Chaam) Peter Adriaen Janszone van den Houtghoir en vrouw Cornelie Henrick Joost Ghijsbrechtsdr verkopen aan Adriaen Janszone van Ghestel een erfchijns van 7 kargld, en d'yerste chijnsdach sal sijn te Lichtmisse 1555, op: A. sijn huysinge, schuere, kooye, hovinge en erve, 4 bdr, tot Chaem opte Schare zuid sHeeren vroente west tstuck lants nabescreven noord Jan Back oost Pauwels Noyt Bollaertszoon; B. tstuck lants voirs, 1 1/2 bdr, daer omtrent oost d'erve van de stede voirs zuid sHeeren strate west en noord Cornelis Sijmon Bollaertszoon. Te vrijen met 5 zester en 1 vertel rogs. Met noch 10 rijnsgld en 10 st ter quijtinge. Met noch 4 st en 1 1/2 ort st. En met alsulcken chijns alst Hof van der Braken heft. En om de erfchijns beter te versekeren heeft Cornelie te bijpande geset alsulcken versterft als heur van Lijsbeth, Henrick Joost Ghijsbrechtsz wed, heure moeder aenbesterven sal. Men mag de erfchijns altijt lossen met 100 kargld en met 10 st eens meer te gheven.

ORA Alphen en Chaam (R766, folio: 121r/121v dd 27-2-1554, Alphen) Adriaen Jan Laureijszone verkoopt aan Adriaen Janszone van Ghestel een erfpacht van 2 vertel rogs. en d'yerste pachtdach sal sijn te Lichtmisse 1555, op: A. sijn huysinge, schuere, hovinge en erve onder landt en driesch, 1/2 bdr t Alfen te Quaelborch oost Anthonis Michiels zuid en west Gherit des voirs 2.1 zoon noord de Gebuerstrate ; B. een stuck erfs onder landt en driesch, 3 bdr , de Lyndheijninge, oick t Alfen te Quaelborch oost Gielis Adriaenssoon van Eijnde zuid Peter Mathijs Thielmanssoon west sHeeren strate noord Michiel Jan Byekens en meer andere; C. een stuck lants, 1/2 bdr, de Lyndstrijp, t Alfen int acker oost Merten Henrick Stijnensoon zuid Michiel Jan Byekenszoon west Lambrecht Anssem Stoopszoon noord Adriaen Matheeus Claessoon. Te vrijen met 4 zester en 2 vertel rogs in verscheijden parcheelen. Met noch 3 vertel rogs ter quijtinge met 37 rijnsgld en 10 st. Met noch 5 st en 1 1/2 ort st den Hove ter Braken. Men mag de erfpacht altijt lossen met 25 kargld.

ORA Alphen en Chaam (R766, folio: 231v/232r dd 10-6-1556, Alphen) Jan Mijs Boydenszone verkoopt aan Adriaen Janszone van Ghestel een erfpacht van 2 vertel rogs, en d'yerste pachtdach zal sijn te Lichtmisse 1557, op: A. zijn huysinge, schuere, kooye, hovinge en erve, 1 bdr . t Alfen te Quaelborch opten Papenacker oost Jacop Wouter Jacopszoon zuid Cornelis Laureijsz van Ryele west sHeeren vroente noord des Godshuys van Tongerloo erve ; B. een stuck lants, 1/2 bdr daer omtrent oost tstuck lants geheijten den Grooten acker nabescreven zuid en west des Godshuys van Tongerloo erve noord Jacop Wouter Jacopszoon; C. 't stuck lants, 2 bdr, genaamd den Grooten acker oick daer omtrent oost Cornelis Laureijszoon van Ryele zuid Henrick Jan Vincxzoon west aent half bdr lants voirs noord des Godshuys van Tongerloo erve; D. een stuck lants, 1 bdr oick daer omtrent oost Gherit Jan Gherit Mertenszoon zuid Cornelis Laureijszoon van Ryele west Henrick Jan Vincxzoon noord Stoffel Gieliszoon van Lyer. Te vrijen met 3 zester en 3 vertel rogs eensdeels erffelick en eensdeels ter quijtinge. En met sHeeren chijnse. Men mag de erfpacht altijt lossen met 25 kargld en met 10 st eens meer te geven.

ORA Alphen en Chaam (R766, folio: 258r/258v dd 26-1-1557, Chaam) Jan Anthonis Jan Peter Ghielsz heeft verkocht aan Adriaen Janszone van Ghestel een erfpacht van 1 zester rogs, en d'yerste pachtdach zal zijn te Lichtmisse 1558, op zijn stede, huysinge, schuere, kooye, hovinge en erve onder landt, groeze, heijde en weijde, 6 bdr tot Chaem aen de Heijzijde oost en zuid sHeeren vroente west en noord wijlen Jan Gherit Haerdenzoons wed en kindr B. tot Chaem opte Legge; en een erfpacht van 1 zester rogs dwelck Cornelis Wouter Gheritszone uut zi...Te vrijen met 9 vertel rogs. Met noch 8 rijnsgld 11 st en 1 ort st ter quijtinge, al in verscheijden parcheelen. En met sHeeren chijns. Men mag erfpacht A. altijt lossen met 50 kargld en met 10 st eens meer te geven. IN MARGE: Joost Adriaen Janszone van Ghestel heeft bekent dat Jan Anthonis Jan Peter Ghielszone hem gelost heeft de 1 zester rogs in dese brief, daer op hij Joost nae wijlen Adriaen Janszone van Ghestel zijn vaders doot, gedeelt is tegens zijn brueders en zusters, alsoo Berthelmeeus Adriaen Janszone van Ghestel, een van zijn brueders zoo voir hem zelven, zoo namens zijn andere brueders en zusters verclaerde. Actum 1565/06/06.

ORA Alphen en Chaam (R766, folio: 278v/279r dd 6-4-1557, Chaam) Adriaen Janszone van Ghestel verkoopt aan Cornelis Peter Claeszone een erfchijns van 4 kargld, 3 st en 2 ort st, dandum alle jaer op Lichtmisse, op een stuck beemden, 3 bdr, tot Chaem opte Dasmisse in de Langbraeck oost Cornelis Henrick Gheritszoon zuid Merten Henrick Stijnenzoon west Cornelis Adriaen Peter Jacopszoons kindr noord wijlen Jan Corneliszoon van Coudelaer wed en erffg. Te vrijen met 2 rijnsgld en 2 1/2 st. Met noch 2 rijnsgld en 15 st ter quijtinge den penn 16. Men mag de erfchijns altijt lossen met 70 kargld.

ORA Alphen en Chaam (R766, folio: 296v dd 25-5-1557, Chaam) Laureijs Cornelis Corneliszone van den Kyeboom verkoopt aan Adriaen Janszone van Ghestel een erfpacht van 3 vertel, en d'yerste pachtdach zal zijn te Lichtmisse 1558, op een stuck beemden, 1 bdr, tot Chaem aen de kercke oost de Gebuerstrate zuid Cornelis Corneliszoon van den Kyeboom west Adriaen Gieliszoon en meer andere noord Henrick Henricxzoon van den Kyeboom. Te vrijen mette vercofte 3 vertel rogs zonder ennigen anderen commer. Men mag de erfpacht altijt lossen met 32 kargld en 10 st en met 10 st eens meer te geven.

ORA Alphen en Chaam (R767, folio: 060r/061r dd 28-2-1559) Berthelmeeus Adriaen Janszone van Ghestel, Anne Adriaen Janszoon van Ghesteldr weduwe Jan Petersz van Ghinhoven met Berthelmeeus heuren brueder en vgd als erffg van wijlen Gherit Adriaen Jansz van Ghestel hon brueder was, Jan Jan Adriaenszone van der Voirt voir hem selven en oick namens Adriane Jan Adriaensz van der Voirtdr zijn zuster en namens Aert Lambrechtszone heuren man woonende tot Turnhout, Jan Gielis Jan Borybooms voir hem zelven, Stoffel Henricxzone van der Voirt als man en vgd van Kathelijn Gielis Jan Boryboomsdr, van welcke Jan en Kathelijn moeder was wijlen Marie de oude Jan Adriaenszoon van der Voirtdr, alle als met Geertruydt Gielis Jan Boryboomsdr, huysfrou van Adriaen Janszone van Ghestel, erffg van wijlen Marie de jonge Jan Adriaensz van der Voirtdr, des voirs wijlen Gherit Adriaen Jansz van Ghestel huysfrou was, hebben vercoft aen Adriaen Janszone van Ghestel: Een huysken en erve metten hof daer aen liggende, 30 r., t Alfen te Quaelborch oost en zuid wijlen Matheeus Jan Geldenszoons erffg west Lijsbeth Willem van der Elstdr noord de Gebuerstrate; een stuck lants, 150 r., daer omtrent oost Berthelmeeus Andries Meeuszoon zuid Jan Kersten west Lambrecht Anssem Stoopszoon noord wijlen Matheeus Jan Geldensz erffg; en een stuck beemden, 5/4 bdr, . tot Chaem int Broeck oost des voirs Jan Jan Adriaenszoon van der Voirt erve zuid sHeeren vroente west wijlen Jan Cornelisz van Coudelaer erffg noord wijlen Bastiaen Henricxz van den Schoot erffg. In de goeden heeft Geertruydt Gielis Jan Boryboomsdr heur gedeel,t heur nae de doot van de voirs wijlen Marie de jonge Jan Adriaensz van der Voirtdr heure moeye competerende. Te vrijen met 3 lop rogs ter quijtinge en met 14 oft 15 st oick ter quijtinge beijde Berthelmeeus Andries Meeusz. Met noch 10 lop rogs zekere vrouwe tot Breda opten Haeghdijck woonende. Met noch 2 rijnsgld en 15 st Jenneken Gherit Lauwersdr. En met sHeeren chijnse.

ORA Alphen en Chaam (R767, folio: 061v/062r dd 28-2-1559, Alphen) Jacop Gherit Jan Goossenszone verkoopt aan Adriaen Janszone van Ghestel een erfpacht van 1 zester rogs, en d'yerste pachtdach daer af zal zijn te Lichtmisse 1560, op: A. sijn huysinge, schuere, kooye, hovinge en erve, 7 bdr, t Alfen ter Oever opte Rietvennen oost sHeeren strate zuid de Gebuerstrate west Adriaen Henricxzoon van den Nuweleijnde noord Heijlwich Jan Peterszoon van Coudelaerdr; metgaders oick op zijn huys dwelck hij op zijn stede alnu nyeuw set en tymmert en dwelck hij gelooft bynne, tegens de stede voirs over de Gebuerstrate oost wijlen Gherit Michiel Beckerszoons erffg zuid sHeeren vroente west en noord wijlen Willem Dyrck Danenzoons erffg. Te vrijen mette 1 zester rogs voirs. Met noch 1 zester rogs ter quijtinge met 50 kargld en noch 4 kargld ter quijtinge den penn 16, die de voirs 2.1 van te voren daer op heffende is en blijft nae uutwijsen des briefs in Alfen van date 1537/01/23 ( R763, fol 149r/149v ). Met noch 7 zester rogs in verscheijden parcheelen eensdeels erffelick en eensdeels ter quijtinge. Met noch 3 vertel rogs ter quijtinge met 37 rijnsgld en 10 st Jan Adriaenszone van der Voirt. En met alsulcken chijns alst Hof ter Braken daer op heft. Men mag de vercofte erfpacht altijt lossen met 46 kargld.

ORA Alphen en Chaam (R767, folio: 065r dd 11-4-1559, Chaam) Adriaen Janszone van Ghestel verkoopt aan Jan Back, clerck en bewaerder van de rekeningen des rentmeesters slants van Breda, de 7 kargld in desen doirsteken schepenenbrieve begrepen, ut in littera transfixa wesende van 1554/01/16 ( R766, fol 111v/112r ).

ORA Alphen en Chaam (R767, folio: 166v dd 14-5-1561) Jan Thomaszone van den Wege voor Adriaen Janszone van Ghestel heeft opgewonnen voir 2 zester rogs en 4 rijnsgld verschenen te Lichtmisse 1560, doen van bynnen jaers was, en voir noch 4 rijnsgld van buyten jaers, de onderpande daer af zijnde die Jacop Gherit Jan Goossenszone in handen heeft.

ORA Alphen en Chaam (R768, folio: 091r/091v dd 17-6-1567, Alphen) Berthelmeeus Adriaen Janszone van Ghestel en Joost Adriaen Janszone van Ghestel, zonen van wijlen Adriaen Janszoon van Ghestel, Anne diens dochter hun zuster met Willem Henrick Bonsschaertszone heuren man en vgd, alle voir hen zelven, en de voirs Berthelmeus als brueder en vgd in den name van Jan, Mariken en Dingneken des voirs wijlen Adriaen onm naekindr; verkopen aan Anthonis Willem Anssemszone 3 vertel rogs ter quijtinge, in dese doirsteken schepenenbrieve begrepen wesende van date 1554/01/16 ( R766, fol 111r/111v ), metgaders oick alle alsulcken opgewonnen recht als aen de stede, onderpande van de vercofte 3 vertel, wesende bij Merten Henri, goed tot Alfen in de Zandtstrate.


Huwt (1)

51.403   N.N.

Index 51.403 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Mogelijk Gertruydt Willem Meeuszoonsdr van Bedaf, vrouw van Adriaen Janssone van Ghestel, vermeld ORA Breda 22-5-1520


Huwt (2) voor 1553

Geertruyt Gielis Jan BORYBOOM

FamilienaamIndex

Dochter van Gielis Jan Boryboom en Marie Sr Jan Adriaenz van der Voirt; zuster van Jan Gielis Jan Borybooms en Kathelijn, huwt Stoffel Henricxzone van der Voirt; en van Marie Jr, gehuwd met Gerrit Adriaen Jan van Gestel.

Kinderen

  1. (uit 1) Anna Zie 25.701
  2. (uit 1) Berthelmeeus Adriaenszone van Ghestel (+voor 7-4-1573), huwt Jenneken Cornelis Laureijs Adriaenszoonsdr (verm. ORA Alphen en Chaam 7-6-1558 en 1573)
  3. Kinderen
    1. Jan
    2. Adriaen
    3. Cornelis
    4. Willem
    5. Laureijs
    6. Gherit
  4. (uit 1) Gerrit (+na 1556, voor 1559), huwt Marie de jonge Jan Jan Adriaensz van der Voirtdr (+na 1556, voor 1559), uster van de moeder van zijn vaders tweede vrouw...
  5. (uit 1) Joost, vermeld 1565
  6. (uit 2) Jan, volwassen voor 1577
  7. (uit 2) Mariken
  8. (uit 2) Dingneken, huwt voor 3-2-1580 Jan Adriaen Woutersz

TerugBegin van generatie


51.408   Willem LUIJENS

FamilienaamIndex 51.408 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt voor 1514

51.409   N.N.

Index 51.409 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Adriaen Zie 25.704
  2. Martijne, vermeld 1514 te Alphen

TerugBegin van generatie


51.410   Henrick PAUWELS

FamilienaamIndex 51.410Vader 102.820Moeder 102.821

Geboren Alphen voor 1490

Hypothetisch; geïmpliceerd in verkoop erfpacht 1538 door zijn vermoedelijke schoonzoon


Huwt voor 1518

51.411   N.N.

Index 51.411 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Kathelyn Zie 25.705

TerugBegin van generatie


51.432   Jan LENAERTS

FamilienaamIndex 51.432 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden voor 1527

ORA Alphen (R762, folio: 049v dd 2-4-1527) Jan Jan Lenaertsz bekent dat zijn broer Cornelis Jan Lenaertsz 2 tegens hem gedeelt is op de erfpacht, welcke zij beijde eertijts ongedeelt heffende waren. Deselve Jan bekende dat hij hiertegens gedeelt is met penningen en andere goeden dair hij mede tevreden is. Hun vader is wijlen Jan Lenaertsz. Erfpacht van 1 zester rogs in mindernisse van 3 zester rogs die Jan van de Voort met zijne consorten jairlix sculdich zijn uut te reijken uut sekere onderpande na uutweijsen der brieven dair af zijnde

Ligging van het goed: tot Alfen te Bosschoven

ORA Chaam (R763, folio: 073v dd 3-2-1534) Cornelis Jan Lenairtsz oom en voogd, en Gielis Aert Gielis Lippensz; als oom en toez van Jan en Neelken, onm kindr van wijlen Jacop Jan Lenairts, hebben vercoft aen Cornelis Henricxsone van Dunne A. de huysinge, schuere, hovinge en erve onder lant, heijde en weijde, 6 bdr B. een stuck erfs onder heijde en weijde, 1 bdr, t Hornichken; A. tot Snijders Chaem noord sHeren strate oost Aert Andriesz zuid Godert Cornelis Matheeusz west Cornelis Godscalcxz van de Hoilt huysfrou B. aent gemeijn broec oost sHeren strate zuid Cornelis Godscalcxz Kersten noord en west Heer Fredric van Renesse R...... (…)


Huwt

51.433   Marie Jan Michiel LEMMENS

FamilienaamIndex 51.433Vader 102.866Moeder 102.867

ORA Alphen en Chaam (R764, folio: 162v/163rdd 4-12-1543) Cornelis Jan Lenaertszone verkoopt aan Cornelis Adriaen Mathijszone van der Oever een errfpacht van 17 lop rogs, die CJ:L eertijts na de doot van wijlen Marie Jan Michiel Lemmensdr zijn moeder tegens zijne brueders en zusters aengedeelt was, in mindernisse van 3 zester en 1 lop rogs die eertijts de voirs Marie Jan Michiel Lemmensdr na de dood (…) Naam van het goed: B. den Aftersten hof C. den Daelacker D. 't Venne E, 't Huysken F. den Hoopenhof H. den Bolck I. de Berct (…) Met alsulcken chijns als doen ter tijt daer schuldich was uut te gaen oudts commer al na uutwijsen eens briefs van Alfen van der daten 1496/02/29. (…)

Kinderen

  1. Jan
  2. Cornelis Zie 25.716
  3. Marie
  4. Kathelijn (+voor 1543), huwt voor 7-3-1525 Cornelis Jan Bonsschaerts, had kinderen
  5. Jacob (+voor 1534), huwt N.N.
  6. Kinderen
    1. Jan
    2. Neelken
  7. Barbara
  8. Lenaert, vermeld ORA Chaam 21-11-1525; schepen van Chaam 1544

TerugBegin van generatie


51.434   Jan Willems van BEDAF

FamilienaamIndex 51.434 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden voor 1545

Mogelijk Jan Willem Meeusz van Bedaf (vermeld ORA Breda 22-5-1520 met zuster Kathelijn)

ORA Breda (inv 417 fol 239v dd 22-9-1507) Jan Henrick Bonsschaertszone verkoopt aan Jan Willemszone van Bedaf een stuk beemd genaamd Den Voortbeemdt groot een bunder.

ORA Breda (inv 419 fol 86v dd 15-4-1511) Lysbeth Gheryt Wouter Druyts met Jacop Jan Meussen haar man verkoopt aan Jan Willems van Bedaf een huis te Swilden (?): Bedaf geeft haar erfpacht van een viertel rogge.

Mogelijk: ORA Chaam (R763, folio: 117r/117v dd 14-12-1535) Kathelijn Jan Willemsdr weduwe Willem Jan Berisz, met Jan Willemsz, vader en vgd, verkoopt aan Wouter Gheryt Stoopssone een erfchijns van 3 kargld, en d'yerste chijnsdach sal zijn te Lichtmisse 1536, op: A. huere huysinge, schuere, kooye, hovinge en erve, 3 bdr Bijpande: B. erfpacht van 1 zester rogs, dwelc voirs Jan Jan Willemsz heft opte huysinge, hovinge en erve, (…)A. tot Chaem opte Legge aent Ghoir oost, zuid en west sHeren strate en vroente noord Cornelis Henrick van den Kyeboom B. tot Chaem opte Sluyse

ORA Chaam (R763, folio: 126v dd 28-3- 1536) Adriaen Jan Hairdenz verkoopt de goeden zoals Jan Jan Willemssone de jonge die eertijts van Willem Jan Berisz en Kathelijn Jan Willemsdr zijn huysfrou vercregen heeft. A. de huysinge, schuere, kooye, hovinge en erve onder lant, groese en heijde, 6 bdr B. omtrent 1 1/2 bdr erfs onder heijde en weijde C. 1 bdr erfs onder heijde en weijde de Wouwer; A. tot Chaem opte Sluyse oost sHeren strate zuid Jan van Ghestel en meer andere west Pauwels Jan Meusz B. tegens de huysinge en erve voirs over de strate oost Cornelis Sijmon Bollaertsz voort omgaens aen sHeren strate C. aen de Quaderijt tot Chaem oost Jan Peters west Anssem Jan Peter Ghielsz

ORA Chaam (R765, folio: 048r/048v dd 23-11-1545) Marie weduwe Willem Janszoon van Bedaf met voogd Henrick Henricxzone van den Kyeboom Jan, Andries en Gheryt gebruederen wijlen WJvB zonen, Hadewich Willem Janssen van Bedafdr met man en vgd Jan Aertszone, en Kathelijn Willem Janssen van Bedafdr met Jan Henricx Molenerenzone heuren vgd, bekenden dat wijlen WJvB achtervolgende de deylinge eertijts tusschen hem en zijne brueders en zusters, schuldich is geweest, en zijluyden noch ter tijt schuldich zijn de erfpacht uut te reijcken aen Kathelijn Jan Willemsdr van Bedaf weduwe Anthonis Henricxz van Ryel een erfpacht van 14 lop rogs op Lichtmisse, op: honne stede, huysinge, schuere, hovinge en erve, 2 bdr tot Chaem opte Dasmisse onder sWildenhuys zuid Jan Cornelissen van Coudelair noord Adriane Jan Willemssendr van Bedaf noord de Gebuerwech oost sHeeren strate


Huwt

51.435   N.N.

Index 51.435 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Adriana Zie 25.717
  2. Willem (+voor 1546), huwt N.N.
  3. Kinderen
    1. Jan, vermeld 1570
    2. Adriaen, vermeld 1570 als vader van Peter Adriaen Willem Jan Willemszone
    3. Andries
    4. Gerrit
    5. Hadewich Willem Janssen van Bedaf, huwt Jan Aertszone
    6. Kathelijn
  4. Kathelijn, verm. 1546, huwt Anthonis Henricxzoon van Ryele (+voor 1553)
  5. Hadewich, verm. 7-1-1556, huwt Jan Aert Bonsschaertsz (+voor 1556)
  6. Kinderen
    1. Peter, nog onmondig in 1556
    2. Willemke, nog onmondig in 1556
    3. Aertke, nog onmondig in 1556
  7. Peter, huwt N.N.
  8. Kinderen
    1. Petere Peter Jan Willemsdr van Bedaf, vermeld ORA Chaam 25-5-1557
  9. Petertje, huwt Peter Peterszoon van den Venne (+voor 27-1-1551)
  10. Marie, verm. ORA Breda 1519

TerugBegin van generatie


51.504   Jan Goijaert de CROM

FamilienaamIndex 51.504Vader 103.008Moeder 103.009

Geboren voor 1425
Overleden voor 1507

Vermeld: Kinderen van Jan de Cromme: 1511, 1510, 1507.

Niet verwarren met de Jan de Crom, schepen (1502, 1503), gehuwd met Geertruid Rutger Jan Smeets (naam vermeld 1500), ouders van Mr Jan, Marcella (vermeld v/a 1500), Clemente (volwassen <1500). Chronologisch past dit gewoon niet.

ORA Oirschot (Toirkens inv 124a fol 9 dd 28-1-1474) Verschenen is Jan zoon wijlen Goijaert Crommen en belooft aan Gijsbrecht Dirck Hoppenbrouwers die een jaarlijkse pacht van een half mud rogge te gaan betalen, maat van Oirschot, steeds op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar, op onderpand van een stuk land groot een mudzaad, gelegen in herdgang Straten, b.p. Jan van Best, Jan de Wolf, Jan Korstiaens, Dirck de Hoppenbrouwer de jonge met meer anderen, de erfgenamen van Aleijt weduwe van Goijaert Crommen. De schuldenaar belooft het onderpand in goede staat te houden voor de betaling van de pacht.

ORA Oirschot (Toirkens inv 124b no 141-143 dd 12-3-1483 fol 349v) Komen is Jan Goijaert Crommen en verkoopt aan Gijsbrecht Dirck Hoppenbrouwers die de helft van een stuk beemd genoemd de Hoedonk, gelegen onder Ameijden hier, b.p. Dirck Dirck Hoppenbrouwers, Dirck Mathijs Huijskens, Willem van Esch, de gemeenschappelijke straat, het erf genoemd de Mortel eigendom van genoemde Goijaert Crommen. Nog verkoopt hij een perceel van 8 lopenzaad en 10 roedes uit een akker genoemd de Heijnenakker, gelegen in herdgang Straten, b.p. Dirck Dirck Hoppenbrouwers, Korstiaen Raijmakers, de kinderen van Jan van Best, de kinderen van Jan Wolfs, een perceel genoemd de Castaert dat nu van Dirck Hoppenbrouwers is, de verkoper zelf. Jan als verkoper belooft alle lasten af te handelen, behalve de helft van de grondchijns aan de hertog uit de Hoedonk, nog zijn deel van een halve braspenning naar gelang de plak, nog 2 keer 13 lopen rogge maat van Oirschot die Gijsbrecht daar jaarlijks uit ontvangt, nog 2 halve muddes rogge in verschillende schepenbrieven van Den Bosch en van Oirschot die Gijsbrecht daar ook uit ontvangt. Verder houdt Gijsbrecht wel voor hemzelf een pacht van 1 mud rogge die Gijsbrecht ontvangt uit de genoemde Mortel en de brief daarvan is vervallen want Jan heeft die afgelost en hem daarvoor betaald. (idem 142) Genoemde Gijsbrecht belooft om alle pachten etc. uit de vorige akte zo te betalen dat Jan en diens bezit daarvoor verder gevrijwaard zijn. (Idem 143) Jan de Crom belooft aan Aert van Taterbeek die voortaan een pacht van een mud rogge te gaan betalen, op onderpand van de helft van de Hoedonk en nog een mud rogge per jaar aan de weduwe van Henrick van Boert of aan diegene die er recht op hebben. Hij zal zodanig betalen dat zijn oom Gijsbrecht (Hoppenbrouwers) uit de vorige akte daarvoor gevrijwaard blijft.

BP 1239 (Oirschot okt 1469 – sept 1470 folio 445r) Jan Goijartss die Crom; Ghijsbert Dirx Hoppenbrouwer (schoonbroer van Jan)

BP 1241 (Oirschot okt 1471 – sept 1472 folio 298v) Jan Goijartss die Crom; Ghijsbert Janss van der Schueren

BP 1245 (Oirschot okt 1475 – sept 1476 folio 110v) Jan Goijartss die Crom; Lijsbeth Ghijsberts van der Schueren

BP 1245 (Oirschot okt 1475 – sept 1476 folio 166r) Jan Goijartss die Cromme; Henrick Moedel Houbraken zoon van wijlen Jan, man van Katherijn Jan Jan Spiker

BP 1250 (Oirschot okt 1480 – sept 1481 folio 144r) Jan Goijarts die Cromme; Daniel Willem Sbrouwerszoen

BP 1254 (Oirschot okt 1484 – sept 1485 folio 77r) Daniel Willem Sbrouwerssn.; Jan Goijartss die Cromme; Ghijsbert Dirx die Hoppenbrouwer


Huwt (1)

51.505   N.N.

Index 51.505 • Vader onbekend • Moeder onbekend


Huwt (2)

Janna Jan BECKERS

FamilienaamIndex

Overleden na 1494

Mogelijk ook de moeder van Goijaert.

Kinderen

  1. (uit 1) Goijaert Zie 25.752
  2. (uit 2) Aleijt (+na 1502)

TerugBegin van generatie


51.506   Corsten Gielis CRIJNS

FamilienaamIndex 51.506Vader 103.012Moeder 103.013 • Tevens 206.084

Geboren voor 1448
Overleden voor 1505

Alias Van de Snepscheut (1489, 1475)

ORA Oirschot (Toirkens 125a fol 49v no 32 dd 31-1-1487) Korstiaen Gielis Crijns belooft aan Daniel [Heijmerick] Schepens uit de vorige akte een pacht van 6 lopen rogge, steeds op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een stuk land genoemd de Gaetschen Ekker, gelegen onder Erdbruggen hier, b.p. Daniel Schepens, de kinderen van Ansem Loijen, de Heerstraat daar.

Idem (fol 52 nos 49-51 dd 6-3-1487) [vervolg] De zelfde mag altijd aflossen tegen betaling van 14 peters, elke peter tegen 18 stuivers. (…) [vooraf:] (Idem 50) Genoemde Korstiaen belooft aan Wouter Goijaert Keijmps die voortaan een pacht van 5 lopen rogge te gaan betalen steeds op Maria Lichtmisadg en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van de Gaetschen Ecker. (Idem 51) De pacht uit de vorige akte is aflosbaar tegen betaling van 28 peters per mud gerekend.

Idem (fol 62v nos 177-8 dd februari 1487) Korstiaen Gielis Crijns belooft aan Aert Jacop Smollers die voortaan een rente van anderhalve rijnsgulden te betalen, elke gulden van 20 stuivers, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin etc., b.p. de kinderen van Jan van den Hoeve, Agnese en Lisbeth Gielis Crijns, Willem Goijaert Becker, de gemeijnte. (Idem 178) De rente uit de vorige akte is aflosbaar per a.s. Maria Lichtmisdag over 4 jaar tegen betaling van 24 rijnsguldens samen met de volle termijn en restanten.

ORA Oirschot (Toirkens 125a fol 115 no 262-3 dd 14-1-1488) Korstiaen Gielis Crijns belooft aan Aert Jacop Smollers, die voortaan een jaarlijkse rente van anderhalve rijnsgulden te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin etc. gelegen onder Ameijden hier, b.p. de kinderen van Jan van den Hove, Lisbeth en Agnes zijnde zijn zusters, Willem Goijaert Beckers, de gemeijnte. Nog op onderpand van een stuk beemd groot ca. een bunder genoemd de Erdbruggen b.p. Daniel Schepens, Willem Braecken met meer anderen, Willem Peter Janssen, (…) (Idem 263) De rente uit de vorige akte is aflosbaar op Maria Lichtmisdag tegen betaling van 24 rijnsguldens elke gulden van 20 stuivers.

ORA Oirschot (Toirkens 125a fol 179v no 237 dd 9-6-1489) Corsten Gielis Crijns van de Snepschuet belooft aan Daniel Aerts van der Ameijden als fabriekmeester van de St. Petruskerk te Oirschot, die voortaan jaarlijks 2 kwarten wijn te betalen, steeds met Pasen, op onderpand van een stuk land genoemd de Loekt, groot ca. 4 lopenzaad, onder Erdbruggen hier, b.p. Rutger Mathijs Huijskens, Jan Wouters van de Loo, de straat, de kinderen van Matheeus van de Venne.

ORA Oirschot (Toirkens 126b fol 17 no 106 dd 20-5-1499) Corsten Gielis Crijns verkoopt aan Cornelis Smeeds ten behoeve van Gerard van Hersel die een bunder heide in Eckensrijt, b.p. de kinderen van Gielis Hoppenbrouwers, Gijb Hoppenbrouwers, de gemeijnte, de Eckensrijt daar. De verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 127a fol 5 no 23 dd 31-1-1505) Jan Daniel Schepens verkoopt aan Heijlwich weduwe van Corsten Gielis waarvan zij er het vruchtgebruik van krijgt en haar wettige kinderen van Corsten daarvan het erfrecht, een stuk land groot een zesterzaad, gelegen in herdgang Straten, b.p. de koopster, Pauwels Aerts van Seelst, de kinderen van Jan Esen, Adriaen van Doren. Nog verkoopt hij een stuk land genoemd de Cremersakker, b.p. de koper, de erfgenamen van Joerden Brouwers, Pauwels Aerts van Seelst, Gerard Snijers. Lasten hieruit zijn 3 lopen rogge per jaar aan Henrick Joerden Hoppenbrouwers of aan Jenneken diens zuster en nog de grondchijns.

Idem (fol 7v nos 42-3 dd 1-2-1505) Gielis en Aert, broers en kinderen van Corsten Gielis voor henzelf handelend en voor hun andere broers en zusters en met hen hun moeder Heijlwich, hebben beloofd om voortaan aan Franck zoon wijlen Thomas Aerts van der Meijden een rente van een philipsgulden en een stuiver te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin etc. gelegen in herdgang Straten, b.p. de kinderen van Jan Esen, Pauwels van Seelst, Adriaen van Doren. (Idem 43) De rente uit de vorige akte is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag over twee jaar en niet eerder tegen betaling van 20 rijnsguldens.

ORA Oirschot (Toirkens 129a fol 126v nos 222-3 dd vrijdag voor palmzondag 1519) Philips van den Doeren als gemachtigde voor Peter Dirck Bressers heeft zijn achterstallige vordering aangetoond inzake een pacht van 9 lopen rogge, die 4 jaar achterstallig is, welke pacht Gielis en Aernt, broers en kinderen van wijlen Corsten Gielis voor henzelf handelend en voor hun zuster en broers, eerder hadden beloofd aan Goijaert Wouter Keijmps ten behoeve van hem en ten behoeve van diens zuster Heijlwig, op onderpand van een huis, tuin etc., gelegen in herdgang Straten, b.p. de kinderen van Jan Essen, de kinderen van Corsten Gielis, de gemeenschappelijke straat conform een brief d.d. 31 januari 1505. Philips als gemachtigde heeft de uitwinning verzorgd en de koop is gegund aan Adriaen Aert Mengelen voor de achterstalligheid en de kosten van de procedure. En direkt daarna heeft Adriaen de koop weer overgedragen aan Peter Bressers. (Idem 223) Peter Dirck Bressers uit de vorige akte draagt het bezit samen met alle dokumenten ervan over aan Heijlwig weduwe van Corsten Gielis Crijns.

ORA Oirschot (Toirkens 129b fol 382 nos 196-7 dd 10-4-1524) Dirck Aert Dircks als man van Agnees dochter van Corsten Gielis Crijns, verkoopt aan Gielis Corsten Gielis Crijns die een stuk land gelegen in herdgang Straten aan het Snepschuet daar, b.p. Willem Goijaert Aelbrechts, erfgenamen van genoemde Corsten Gielis, de gemeenschappelijke straat. Verder verkoopt hij alle geerfde bezit dat hij en zijn vrouw hebben geerfd na de dood van Corsten Gielis, zijnde haar vader of dat ze nog zal erven na de dood van haar moeder. (Idem 197) Gielis Corsten Gielis uit de vorige akte belooft aan Dirck Aert Dircks een bedrag van 27 rijnsguldens te betalen en wel direkt na de dood van zijn moeder Heijlwig maar niet eerder.

Idem (fol 394v no 243-7 dd 27-6-1524) Antonis Corsten Gielis Crijns verkoopt aan zijn broer Gielis die zijn erfdeel dat hij na de dood van zijn vader Corsten heeft geerfd of nog zal erven na de dood van zijn moeder Heijlwig. (Idem 244) Goijaert Jan Ketelbueters verkoopt aan Antonis Corsten Gielis een huis, tuin etc., gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. Henrick van Esch, Goijaert Goijaert Eckermans, Claes van Delft, de gemeenschappelijke straat. (Idem 245) Gielis Corsten Gielis Crijns heeft beloofd om aan Goijaert Jan Ketelbueters die een bedrag van 45 rijnsguldens te gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag. (Idem 246) Antonis Corsten Gielis heeft beloofd aan Goijaert Jan Ketelbuters die voortaan een jaarlijkse rente van 2 en een halve rijnsgulden te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van het bezit uit de vorige akte. (Idem 247) De rente uit de vorige akte is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag tegen betaling van 40 rijnsguldens, mits er een half jaar vooraf is opgezegd.

Idem (fol 404 nos 294-5 dd 14-6-1524) Gijsbrecht zoon van Corsten Gielis Crijns verkoopt aan zijn broer Gielis Corsten Gielis Crijns zijn erfdeel dat Gijsbrecht na de dood van Corsten zijn vader heeft geerfd of nog zal erven na de dood van zijn moeder Heijlwig. (Idem 295) Gielis Corsten Gielis uit de vorige akte belooft aan zijn broer Gijsbrecht die op de eerste Maria Lichtmisdag na de dood van hun moeder Heijlwig die een bedrag van 27 gulden te zullen betalen (Marge, ongedateerd) Gijsbrecht verklaart hierop 24 gulden te hebben ontvangen en nog een gulden die Gielis zal betalen aan Cornelis van Peelt.

ORA Oirschot (Toirkens 129b fol 241b no 88 dd 17-2-1525 in ORA 1522) Goijaert de Crom als man van Margriet verkoopt aan Dielis Corsten Dielis zijn deel dat hij als man van Margriet heeft geerfd van de vader van Margriet, zijnde Corsten Dielis Crijns of het bezit dat hij in de toekomst nog zal erven van Heijlwig zijnde de weduwe van Corsten, die daarvan nu het vruchtgebruik nog heeft, zowel roerend als onroerend bezit.

RA Oirschot (Toirkens 130a fol 66v no 186-188 dd 19-4-1528) Gielis Corsten Gielis (Crijns), verder diens broer Antonis, voor henzelf handelend en genoemde Gielis voor zijn broer Gijsbrecht handelend en voor Goijaerd die Crom als man van Margriet ook dochter van genoemde Corstiaen, verder namens Dirck Aert Dircks (Seijkens) als man van Agnes ook dochter van vermelde Corsten, nog Willem van Os als man van Jenneken en haar zuster Heijlwich, ook dochters van genoemde Corsten met Gielis als hun voogd, hebben aan Goijaert Jan Hoppenbrouwers die een beemd verkocht genoemd de Mortel, gelegen in herdgang Straten nabij Erdbruggen, b.p. de kinderen van Meeus Zuetricks, Gijb Vlemmincks, Claes Henricks, de gemeijnte daar genoemd Straler.(…) (idem 187) Genoemde Goijaert Jan Hoppenbrouwers heeft beloofd om aan Heijlwich Corsten Gielis die een jaarlijkse rente van 26 stuivers te gaan betalen, op onderpand van het bezit uit de vorige akte. (…) (Idem 188) Goijaert Jan Hoppenbrouwers uit de vorige akte heeft aan Willem van Os die 23 gouden Karolusguldens beloofd, te betalen per a.s. St. Jansdag, zonder rente danwel met a.s. Maria Lichtmisdag met een rente samen tegen de penning 20.

Idem (fol 92 v no 258-260 dd 27-7-1528) Heer Willem van Petershem priester en heer Henrick Dirck Corstiaens van den Velde, priesters en rectors van het altaar van de H. Drievuldigheid te Oirschot, hebben met instemming hiervoor van het kapittel aan Heijlwich dochter van Corstiaen Dielis (Crijns) een huis met grond etc. verkocht, genoemd de Oude Kapelle, gelegen in herdgang Straten, b.p. Bartholomeus Crommen, de gemeenschappelijke straat. Lasten 2 kapoenen als grondchijns aan de heer. (…) (Idem 259) Heijlwich Corsten Gielis met haar broer en voogd Dielis heeft aan heer Willem van Pietershem en aan heer Henrick Dirck Corstiaens van den Velde, priestere ten behoeve van het Altaar van de H. Drievuldigheid in de St. Peterskerk, die een jaarrente verkocht van 26 stuivers, welke rente Goijart Jan Hoppenbrouwers deze Heijlwich eerder had beloofd op onderpand van een beemd genoemd de Mortel, gelegen in herdgang Straten onder Erdbruggen, b.p. de kinderen van Meeus Zuetriks, Ghijb Vlemmincgs. (…) (idem 260) Genoemde Heijlwich uit de vorige akte heeft aan heer Willem en heer Henrick ten behoeve van het altaar beloofd die een jaarlijkse rente van 10 stuivers te gaan betalen, op onderpand van het huis etc., zoals in de voorlaatste brief vermeld, genoemd de Oude Kapelle dat ze vandaag van deze heren heeft gekocht.


Huwt voor ca. 1475

51.507   Heijlwich Aert Aert SMEETS

FamilienaamIndex 51.507Vader 103.014Moeder 103.015 • Tevens 206.085

Overleden na 17-2-1525, voor 1528

Voornaam vermeld 1530.

ORA Oirschot (Toirkens 124b fol 19v no 95-96 dd 31-3-1480) Verschenen is Jan zoon wijlen Peter van Oudenhoven en verkoopt nu aan Korstiaen Gielis Crijns die de helft van een stuk land genoemd dat Pollenland, gelegen in herdgang Straten, b.p. Jan Wouters van de Loo, de koper waarvan is afgedeeld, de gemeenschappelijke straat. Henrick Thomas van de Snepschuet. De verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. (Idem 96) Genoemde Korstiaen heeft aan Jan uit de vorige akte beloofd die steeds op Maria Lichtmisdag een pacht van 17 lopen rogge te betalen, Oirschotse maat, op onderpand van het hiervoor verkochte perceel. Ook nog op onderpand van het zesde deel van een huis etc. onder Erdbruggen, b.p. Jan van den Hove, Jan Eessen, de gemeijnte. Korstiaen belooft de onderpanden in goede staat te houden voor de betaling van de pacht.

ORA Oirschot (Toirkens 126 fol 7 nr 28 dd 3-1-1500) Corstiaen Gielis Crijns verkoopt nu aan Peter Goijaert Bierkens met schepenbrief een stuk land gelegen in herdgang Straten ter plaatse Ameijden genoemd, b.p. de gemeenschappelijke straat, Lisbeth Brouwers en haar kinderen. Corstiaen had dat perceel gepacht van Henrick Lemkens voor een oude grote per jaar aan het kapittel en nog 23 lopen rogge per jaar Oirschotse maat aan deze Henrik Lemkens, steeds te betalen op Maria Lichtmisdag conform schepenbrief d.d. 11 november 1482. De verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 125b fol 13 no 106 dd 3-5-1490) Aernt Jacop Smollers verklaart dat Korsten Gielis Crijns per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar een rente van anderhalve rijnsgulden mag aflossen zoals Corsten dat eerder aan Aernden had beloofd, tegen betaling van 26 rijnsguldens, waarbij het vuurstaal een koers heeft van 3 stuivers min een oort, de Philipsstuiver voor 2 philipspenningen, geslagen door hertog Philips de vader van Karel, de andriesgulden tegen 34 stuivers, en ieder van die munten voor een derde deel. Maar als hij wil aflossen moet hij dat met Allerheiligen vooraf opzeggen en zal dan met Maria Lichtmisdag betalen. Daarmee zal dan ook de rentebrief zijn komen te vervallen voor deze anderhalve rijnsgulden.

Kinderen

  1. Dielis Zie 103.042
  2. Anthonis
  3. Gijsbrecht
  4. Margriet Zie 25.753
  5. Agnes, huwt Dirck Aert Dircks Seijkens
  6. Jenneken, huwt Willem van Os
  7. Heijlken (+na 1530)
  8. Aert, vermeld 1532

TerugBegin van generatie


51.508   Willem Jans SCHOETMANS

FamilienaamIndex 51.508Vader 103.016Moeder 103.017 • Tevens 206.110

Geboren ca. 1455
Overleden voor 1509

Zoon Henrick Willem Scoetmans vermeld ORA Oirschot vanaf 1509; in 1508, 1510, 1512 genoemd Henrick Willems van der Schoet in een belending

ORA Oirschot (Transcriptie Jan Toirkens; inv 128a no 209 fol 117v dd de dag na St. Thomasdag 1509) Henrick en Jan, broers, verder Wouter Claes als man van Katarijn, Jan Joerden Happen als man van Katarijn, gezusters en kinderen van wijlen Willem Jans van den Schoet verwekt bij zijn vrouw Katarijn, hebben een deling gemaakt van het bezit dat ze van hun ouders hebben geerfd. Henrick zoon wijlen Willem Jans van den Schoet krijgt een stuk land genoemd de Middelste Akker, gelegen in herdgang Straten onder Ameijden, b.p. Ansem Goijaerts, Peter Bierkens, de straat, de beemd van Jan Crijns. Lasten hieruit zijn 6 pond paijment aan Lambrecht in Den Bosch en nog 4 hoenderen aan de heer van Petershem. (…) Genoemde Jan krijgt een stuk land, een klein lopenzaad groot, gelegen in herdgang Straten onder Ameijden, b.p. Ansem Goossen Gielis, Margriet weduwe van Boijen Pauwels, Rutger Verhoeven, Griet Happen. Nog krijgt hij een pacht van 3 lopen rogge maat van Eindhoven, in Woensel te ontvangen. (…) Genoemde Wouter Claes als man van Katarijn en Jan Jan happen als man van Katarijn krijgen samen een huis, tuin etc., groot 3 lopenzaad, b.p. de erfgenamen van Aernt Bernts, de gemeenschappelijke straat, de Gemeijnen Heuvel daar. Lasten hieruit zijn een mud rogge per jaar, de helft aan een klooster in Leuven en de andere helft aan Heijn Gerards en aan Henrick van Best.

ORA Oirschot (Transcriptie Jan Toirkens; inv no 130a no 267 fol 415 dd 5-6-1527) Henrick Schoetmans heeft hierbij aan Gijsbrecht Gijsbrecht Vlemmincks een bepaalde som kontant geld aangeboden, om daarmee beroep te doen op het recht van vernadering inzake de helft van een stuk land in totaal groot 3 lopenzaad, gelegen onder Ameijden hier, b.p. de gemeenschappelijke straat, genoemde Gijsbrecht. Deze helft had Gijsbrecht Vlemmincks eerder gekocht van Wouter Claesen en van Willem en Godefrida beiden wettige kinderen van genoemde Wouter verwekt bij Katalijn wettige dochter van wijlen Willem Janssen van den Schoet. Genoemde Gijsbrecht erkent dit recht van vernadering en doet daarom afstand van het bezit ten gunste van Henrick Schoetmans inzake de helft van de vermelde akker.

ORA Oirschot (Toirkens 131c fol 55v nos 202-5 dd 15-5-1533) Katalijn Willem Scoetmans weduwe van Jan Joirden Happen met haar broer Henrick Scoetmans, als haar voogd ook, heeft hierbij afstand gedaan ten behoeve van haar wettige kinderen Willem en Aleijt, verwekt bij genoemde Jan Joirden Happen, inzake al haar rechten in een akker groot ca. 2 lopenzaad, genoemd de Hof, gelegen in Oirschot onder Erdbruggen hier, b.p. Cornelis van den Spijker, de lopende straat, Aert Dircks, de gemeenschappelijke straat, welk stuk land wijlen Jan Daniels als beheerder van de tafel van de H. Geest te Oirschot voor 5 mudde en 2 lopen rogge achterstand en voor de pacht van 14 lopen rogge van haar en haar kinderen had uitgewonnen en waarvan Cornelis van den Spijker de koop had verworven, zoals blijkt uit de vonnisbrief van Oirschot. Katalijn belooft alle lasten hierin van haar kant af te handelen. (Idem 203) Willem zoon Jan Joirden Happen en zijn zuster Katalijn met hun voogd Bartholomeus Joirden Happen verkopen hierbij hun erfdeel en aanspraken in het stuk land dat in de vorige akte is verneld en dat vanwege een betalingsachterstand is uitgewonnen, nu aan Cornelis van den Spijker en de verkopers beloven alle lasten hierin van hun kant af te handelen, behalve de jaarlijkse pacht van 14 lopen rogge aan de H. Geest van Oirschot. (Idem 204) Cornelis van den Spijker heeft beloofd om aan Katalijn weduwe van Jan Joirden Happen die 2 en een halve Karolusgulden te gaan betalen en nog aan Willem en Katalijn ook 2 en een halve Karolusguldens, per a.s. Pasen maar in ieder geval niet later dan a.s. Pinksteren. (Idem 205) Henrick Scoetmans verklaart nog dat hij het betreffende stuk land enkele jaren heeft gebruikt gehad en belooft hierbij om de genoemde pacht van 14 lopen rogge per jaar aan de tafel van de H. Geest te Oirschot zodanig voor die periode te betalen dat Cornelis van den Spijker en diens bezit daarvoor gevrijwaard blijven.

Idem 207 (17-5-1533) Katalijn dochter van Willem Scoetmans, weduwe van Jan Joirden Happen en haar wettige kinderen Willem en Katalijn hebben verklaard dat Henrick Scoetmans hen heeft voldaan voor het beheer dat hij over het bezit van hen heeft gehad. Ze geven hem nu kwijting voor dat beheer. etc.


Huwt voor 1480

51.509   Kathalijn N.

Index 51.509 • Vader onbekend • Moeder onbekend • Tevens 206.111

Kinderen

  1. Henrick Zie 25.754
  2. Jan
  3. Catelijn Sr (*voor 1485), huwt Wouter Claes
  4. Kinderen
    1. Willem
    2. Godefrida
  5. Catelijn Jr Zie 103.055

TerugBegin van generatie


51.510   Joorden SMETSERS

FamilienaamIndex 51.510Vader 103.020Moeder 103.021

Overleden na 25-1-1489, voor 29-6-1491

Vermeld (belending) in akte uit 1527, dan al dood. Latijnse naam: Latoni.

NB mogelijk verward met een Joerden (Aert) Smetsers gehuwd met Mechteld Aert Jorden Stockelmans; mogelijk is het Joerden Daniel Smetsers (een oom) die huwde met Elisabeth sRonden.

ORA Oirschot (Toirkens 125a fol 90 no 111 dd 6-7-1488) Goijaert Dielis Janssen verkoopt aaan Dielis Lucas van den met een schepenbrief een pacht van een half mud rogge, maat van Oirschot, welke pacht Jan Reijnaerts eerder had beloofd aan Aernden Vrients, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin etc., gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. Lambrecht Thijskens, de zwager van Henrick Aerts, Geerlick van de Melcroth, de Broekstraat.

ORA Oirschot (Toirkens 125a fol 157v no 33 dd 25-1-1489) Lonis Lambrecht Rotaerts verhuurt voor 95 (!) jaar aan Joerden Smetsers die een stuk land gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. Dirck van Berse, de gemeijnte. Lonis belooft deze verhuur gestand te zullen doen, ook namens zijn nakomelingen. Hij belooft Joerden het perceel definitief over te dragen zodra Joerden dat wenst.

ORA Oirschot (Toirkens 125b fol 24v no 167 dd 29-6-1491) Benedictus en Lisbeth als weduwe van Joerden Metsers hebben elkaar over en weer kwijting gegeven voor de overeenkomst en belofte die Benedictus en Joerden eerder in een schepenbrief hadden gedaan. Daarin had Benedictus aan Joerden erfelijke rogge en geld beloofd zodat Joerden deze Benedictus daarvoor in de kost zou nemen en inwoning verschaffen. Beide partijen vrijwaren elkaar voor de wedwerzijdse verplichtingen van die overeenkomst destijds.

Idem (fol 32v no 218 dd 22-10-1491) Lisbeth weduwe van Joerden de Metser verkoopt aan haar vader Jan de Ronde die alle roerende bezit dat ze in haar huis heeft staan etc. Dat betreft een een brouwinstallatie met toebehoren te weten de vloten, kuipen en tonnen, nog 7 bedden met de bedstedes en 8 oorkussens en alle bedtoebehoren. Nog 4 koperen potten, 5 keteltjes van allerlei maat, 4 tinnen ....., 2 mengvaten, 1 pint, nog 7 tinnen schotels, 12 kommetjes, 9 sausvaatjes, 4 metalen luchters, nog 2 ronddelen en 2 dissels, een ren met 4 schapen en 1 hoenderren. Nog 1 schrijn, 2 kistjes. 25 drie ..., nog een wagen met toebehoren, 2 karren, 2 ploegen en eggen, 2 halen, 2 tangen. Nog een paard en koe en 2 varkens, nog een tafel met 2 schragen, een lavoir en verder alle andere roerend bezit dat ze in haar naam bezit en mag hebben. Daarvoor heeft haar vader 44 en een halve gouden peter betaald en nog 18 peters die ze op diverse plaatsen heeft aangewend voor de betaling van Joerdens schulden.


Huwt voor 1485

51.511   Elisabeth Jan de RONDE

FamilienaamIndex 51.511Vader 103.022Moeder 103.023

Overleden na 1535, voor 29-3-1536

ORA Oirschot (Toirkens 126c fol 28 nos 160-1 dd 7-6-1502) Lisbeth weduwe van Joerden Smetsers, verder Mechteld, Lijsken, Elken en Ariken alle wettige dochters van genoemde Lisbeth en Joerden, samen met hun oom en voogd Jan de Metser, doen afstand van hun aanspraken ten behoeve van Seger en Wouter, broers en wettige kinderen van Gooris van Kuijck, inzake een stuk land waarop een schuur staat, gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. de straat, Jacop Wouters van den Dijck. De verkopers mede namens hun zuster Truijken en Heijlken beloven alle lasten van hun kant af te handelen. (Idem 161) Wouter en Seger, kinderen van wijlen Gooris van Kuijck verkopen aan Aert Henricks van der Ameijden het perceel uit de vorige akte. Lasten hieruit zijn 4 lopen rogge. Verder moet de koper de voorste post van het hek onderhouden, waarmee dat hek sluit, gelegen naast dit erf.

ORA Oirschot (Toirkens 127a fol 22 no 124 dd 25-5-1504) Lisbeth dochter van Jan Ronden, weduwe van Joerden Metsers voor haarzelf handelend, verder Mechteld dochter van Lisbeth en Joerden die voor haarzelf handelt en voor haar broers en zusters, verkopen aan Jan Mol, een stuk land en beemd, eerder eigendom van Daniel Eigenbroets en van Lisbeth de vrouw van Jan van Eijghen, genoemd dat Roth, gelegen in herdgang de Notel, b.p. de gemeenschappelijke straat, Henrick Moel Haubraken, de kinderen van Aert van der Meijden, Aert Dirck Seijkens.

ORA Oirschot (Toirkens 131c fol 29 no 104 dd 2-2-1533) Aert de Crom, van beroep slootmaker als man van Elisabeth dochter van Jorden Smetsers verwekt door deze Joirden bij diens vrouw Elisabeth Jans Sronden, heeft beloofd om voortaan aan Jan Henrick Hoppenbrouwers die een jaarlijkse rente van 21 stuivers te gaan betalen, steeds vervalllend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag, op onderpand van de helft van een stuk land, heide en weide genoemd de Aelsendocnk, in totaal groot ca. 11 lopenzaad gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. Jan Philips van Herzel, de kinderen van Daniels van der Meijen, de gemeenschappelijke straat. Hij belooft het onderpand in goede staat te houden ter betaling van de rente. De rente is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag, mit s er 3 maanden vooraf is opgezegd,tegen betaling van 17 gouden Karolusguldens.

ORA Oirschot (Toirkens 132a fol 79 no 227 dd 18-8-1535) Elisabeth wettige dochter van wijlen Jans Sronden verkoopt hierbij een huis, met tuin, grond etc., gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof, b.p. Goijaert de Cuijper, Aert Thomas van den Ven, de weduwe en kinderen Willem Peters (van Brogel), de gemeenschappelijke straat. Ze verkoopt dat bezit nu samen met haar gekozen voogd Jaspar van Esch, aan haar zwager Werner Jans Beeldsnijder en de verkoopster belooft alle lasten hierin van haar kant af te handelen, behalve een pacht van 7 lopen rogge per jaar aan Margriet weduwe van Gijsbrecht Cremers, nog 6 lopen rogge per jaar aan de erfgenamen van Aerden Dirck Sijckens, Genoemde Werner belooft die pachten voortaan zelf zodanig te betalen of af te lossen dat Elisabeth daarvoor verder gevrijwaard blijft.

ORA Oirschot (Toirkens 133b fol 8v no 25 dd 19-1-1539) Aert die Crom, slootmaker van beroep als wettige man van Elisabeth, verder Henrick Scoetmans als wettige man van Mechteld, Werner Janssen, beeldsnijder van beroep, als wettige man van Aleijt, alle wettige dochters van wijlen Jorden die Metser, verwekt door deze Joirden bij diens vrouw Elisabeth dochter van Jans Sronden, welke Aert voor hemzelf optreedt en ook namens de wettige kinderen van wijlen Willem van de Broek verwekt door deze Willem bij diens vrouw Heijlwich dochter van wijlen genoemde Joerden en Elisabeth en nog namen de wettige kinderen van wijlen Rutger Servaes Bierkens verwekt door deze Rutger bij diens vrouw Marien ook dochter van genoemde Joirden en Elisabet, hebben hier een deling gemaakt van het bezit dat ze van hun ouders hebben geerfd.

Genoemde Henrick Scoetmans krijgt een stuk akkerland groot ca. 5 en een halve roede, , meer dan een zesterzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. Henrick van der Vloet waar tussen een waterloop gaat genoemd de Lerpt, het erf dat ervan is afgedeeld. de kinderen van Andries Bierkens, de gemeenschappelijke straat. Hieruit jaarlijks het vijfde deel van een mud rogge te betalen aan de erfgenamen van Matheeus Kuijst, nog het vijfde deel van een mud rogge per jaar aan Peter van den Ecker of de houder van de brief, nog het vijfde deel van 2 gulden per jaar aan de erfgenamen van wijlen Jan van Gestel of de houder van de brief.

Genoemde Aerden krijgt mede namens de genoemde kinderen een stuk akkerland groot ca. 7 en een halve lopenzaad en 4 roedes, buiten de voetpad die er langs en over loopt, maar wel inclusief die pad, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Henrick Scoetmans waarvan is afgedeeld, de kinderen van Cornelis van Beerwinkel, de kinderen van Andries Bierkens, de gemeenschappelijke straat. Hieruit jaarlijks het vier vijfde deel te betalen van een mud rogge, Bossche maat en in Den Bosch tekleveren zoals in het vorige erfdeel. Verder moet er aan anderen overpad worden verleend.

Idem (fol 15 no 50 en volgende dd 27-1-1539) Aert de Crom, slootmaker als wettige man van Elisabeth wettige dochter van wijlen Joerden die Metser, voor hemzelf handelend en voor de wettige kinderen van wijlen Willem van den Broeck, verwekt door deze Willem bij wijlen Heijlwich dochter van genoemde Joerden de Metser, en voor de wettige kinderen van wijlen Rutger Bierkens verwekt door deze Rutger bij diens vrouw Marien dochter van wijlen genoemde Joerden ook, verder Werner Janssen Beeldsnijder als man van Aelijt dochter van genoemde Joerden, voor vier vijfde deel ervan, verkopen een stuk akkerland groot ca. 7 en een halve lopenzaad, buiten het voetpad maar wel inclusief het voetpad zelf, gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p Henrick Scoetmans waarvan is afgedeeld, de kinderen van Cornelis van Beerwinkel, de kinderen van Andries Bierkens, de gemeenschappelijke straat. Ze verkopen hun aanspraken nu aan Thomas zoon wijlen Rutgers van Kerkoerle en het bezit is stoppelbloot te aanvaarden. De verkopers beloven alle lasten hierin van hun kant af te handelen, behalve de 4 vijfde delen van een mud rogge per jaar, maat van Den Bosch en in Den Bosch te leveren aan de erfgenamen van Matheeus Kuijst vervallend per a.s. Maria Lichtmisdag, nog 4 vijfde part van een mud rogge per jaar, maat van Oirschot aan Henrick Scoetmans vervallend per a.s Maria Magdalenadag, aflosbaar met totaal 28 Karolusguldens, nog vier vijfde part van een rente van 2 gulden per jaar aan Henrick Scoetmans, vervallend per a.s. St. Jansdag, aflosbaar met totaal 32 gulden, nog 2 gulden per jaar aan de erfegamen van Loij Wouter Loijen aflosbaar met 32 gouden Karolusguldens vervallend per Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer resp. per a.s. St. Jansdag en a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar en niet eerder. Verder te moeten zorgen voor onderhoud van het voetpad naast het perceel en aan anderen overpad te moeten verlenen. (In marge: Elisabeth, Marie en Servaes wettige kinderen van Rutger Bierkens, welke Elisabeth en Marie zijn vergezeld door hun voogd Jan Wouter Aerts, hebben de verkoop van dit perceel de Lerpt goedgekeurd en doen er afstand van ten behoeve van Rijken Scoetmans, Jan Stockelmans en Adriaen Scrommen en de verkopers beloven alle lasten hierin van hun kant af te handelen. Datum 4 september 1539) (Voetnoot: Thomas Rutgers doet er afstand van vanwege het recht van vernadering en verkoopt het aan Rijcken Henrick Scoetmans, aan Jan Stockelmans als man van Iken en aan Adriaen Goijaert Scrommen als man van Barbara, dochters van wijlen Henrick Scoetmans en hij belooft alle lasten hierin af te handelen, behalve 37 en een halve stuiver per jaar .)

Idem (fol 78 no 265 dd 16-5-1539) Werner Janssen Beeldsnijder als wettige man van Aleijt wettige dochter van wijlen Joerden die Metsere verwekt door deze Joerden bij diens vrouw Elisabeth dochter van Jans Sronden, verder Jan zoon wijlen Willems van den Broecke verwekt door deze Willem bij Heijlwich wettige dochter van genoemde Joerden en Elisabeth voor hemzelf handelend en voor Erasmus, Anne, Marien en Neelken wettige kinderen van wijlen genoemde Willem en Heijlwich hierin gemachtigd zijnde door borgemeesters en schepenen en Raad van de stad Antwerpen zoals ons is gebleken uit een gezegelde brief van de stad, verkopen hierbij hun twee vijfde delen van de helft van een perceel, deels heide en deels weiland, genoemd de Soperdonk, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. Peter Ruelens, Michiel Verhoeven, de gemeijnte daar genoemd 't Banensveld. Deze twee delen van die helft hadden ze geerfd bij de dood van genoemde Elisabeth Sronden en ze verkopen hun aanspraken nu aan Arden die Cromme, van beroep slootmaker en de verkopers beloven alle lasten hierin van hun kant en van de kant van genoemde kinderen af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 134a fol 91 no 298 dd 23-8-1540) Aert die Crom, slootmaker voor hemzelf optredend en als echtgenoot van Elisabeth dochter van wijlen Joirden die Metsere, verwekt bij deze Joirden en diens vrouw Elisabeth dochter van Jans sRonden, verkoopt hierbij de drie vijfde delen in de helft van een stuk land genoemd die Soperdonck, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck, b.p. Peter Ruelens, Michiel Verhoeven, de gemeijnte daar genoemd het Banisveld, waarvan de 2/5e delen Aert had verkregen van Werner Janssen Beeldsnijder als man van Aleijt en van Jan Willems van den Broek volgens een schepenbrief van Oirschot en het andere derde 1/5e deel had Aerden geerfd bij de dood van Elisabeth Sronden zoals hij zei. Hij verkoopt dat perceelsdeel nu aan Elisabeth wettige dochter van wijlen Henrik Scoetmans en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 135b fol 58 no 340 dd 13-12-1546) Heijlken weduwe van Jans van Gestel heeft verklaard dat Henrick Schoetmans toen hij nog leefde aan haar een jaarlijkse rente van twee gulden heeft afgelost, welke rente Elisabeth weduwe van Joerden Smetsers eerder had beloofd aan haar man Jan Henricks van Gestel, op onderpand van een stuk akkerland groot ca. 10 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Notel, steeds vervallend op St. Jansdag van elk jaar zoals blijkt uit een schepenbrief van Den Bosch van het jaar 1507. Heijlken geeft daarvoor nu kwijting.

Kinderen

  1. Mechteld Zie 25.755
  2. Maria (+voor 1502), huwt Rutger Bierkens (+voor 1532), ouders van Elisabeth, Mariken en Faes (vermeld 1532)
  3. Elisabeth, huwt Aert de Crom, slotenmaker
  4. Heijlwich (+voor 1539), huwt Willem van den Broek (+voor 1539); ouders van Jan, Erasmus, Anne, Marien en Neelken, wonende te Antwerpen
  5. Aleijt, huwt Werner Janssen Beeldsnijder
  6. Ariken
  7. Truijken

TerugBegin van generatie


51.512   Aerts Lambert van WOLFSWINKEL

FamilienaamIndex 51.512Vader 103.024Moeder 103.025

Geboren voor 1465
Overleden voor 1533

Alias Lemmens

ORA Oirschot (Toirkens 131c fol 81v no 273 dd 31-8-1533) Lambert en Gijsbert, broers en kinderen van wijlen Aert Lemmens, verder Andries Crijns als man van Jenneken dochter van wijlen genoemde Aert Lemmens, voor henzelf handelend en voor Margriet dochter van genoemde Aert Lemmens, weduwe van Jacop Henricks en nog handelend voor haar wettige kinderen en verder namens Marie Aert Lemmens, verkopen hierbij hun erfdelen en aanspraken in een jaarlijkse rente van 20 stuivers die ze hebben geerfd bij de dood van hun broer Pauwels Aert Lemmens. Deze rente had Goijaert Peters van den Doeren als man van Elisabeth eerder aan wijlen deze Pauwel beloofd steeds op St. Andriesdag op onderpand van een een akker genoemd de Nijnekker, groot ca. 5 lopenzaad gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. de gemeenschappelijke straat, een lijweg daar, Art Hoppenbrouwers, Jan Colen, conform een schepenbrief van Oirschot. Ze verkopen hun aanspraken nu aan Wouter Aert Lemmens en de verkopers beloven alle lasten hierin van hun kant af te handelen.

Idem (Toirkens 132a fol 69v no 227 dd 9-6-1534) Wouter Aert Lemmens verkoopt hierbij een jaarlijkse rente van 20 stuivers, met de lopende termijn, welke rente Wouter deels heeft verkregen van Lambert en Gijsbrecht zijn broers zijnde en van Andries Crijns als man van Jenneken dochter van genoemde Aert Lemmens, die voor henzelf optraden en ook voor Margriet en Marien hun zusters en nog voor de wettige kinderen van genoemde Margriet, welke rente ze deels hadden ook hadden geerfd van wijlen hun broer Pauwels Aert Lemmens. Die rente had Goijaert Peters van den Doeren als man van Lisbet eerder beloofd aan genoemde Pauwels, steeds vervallend op St. Andriesdag op onderpand van een akker genoemd de Nijenakker, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. de gemeenschapelijke straat, conform een schepenbrief van Oirschot. Hij verkoopt de rente nu aan zijn zuster Marie Aert Lemmens en de verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen. De rente blijft aflosbaar.


Huwt voor 1490

51.513   Aleijt Wouter MARTENS

FamilienaamIndex 51.513Vader 103.026Moeder 103.027

Overleden na 1536

ORA Oirschot (Toirkens 132b Fol 90v no 264 dd 13-9-1536) Aleijt Wouter Martens heeft hierbij haar zoon Lambrecht Aert Lemmens gemachtigd om namens haar al haar rentes en vorderingen te innen, voor de ontvangst daarvan kwijting te geven en alles te doen dat rechtens nodig is en speciaal ook datgene te doen dat haar zelf voor ogen gestaan zou hebben. De gemachtigde mag ook weer andere gemachtigden benoemen.

Kinderen

  1. Wouter Aert Lemmens de Cremer Zie 25.756
  2. Lambert
  3. Gijsbert
  4. Margriet, huwt Jacop Henricks (+voor 1533)
  5. Marie
  6. Pauwel (+voor 1533)
  7. Jenneke, huwt Andries Crijns

TerugBegin van generatie


51.514   Jan Gijsberts QUANTS

FamilienaamIndex 51.514Vader 103.028Moeder 103.029

Geboren voor 1485
Overleden Oirschot na 1539, voor 1542

ORA Oirschot (Toirkens 128b fol 12 no 59 dd 14-4-1510) Aernt de Nagelmaker, op grond van het testament van Henrick Scabroeks die hem daarvoor had gemachtigd, verkoopt nu aan Jan Gijsbrecht Quants een huis, tuin etc., groot ca. een lopenzaad, gelegen in herdgang Straten, b.p. Henrik Erven, Peter Speecks, het erf van de koper, de straat. Lasten hieruit zijn 14 stuivers per jaar aan de H. Geest en anderhalf hoen aan de heer van Petershem.

ORA Oirschot (Toirkens 128a fol 292v nos 131-2 dd 1-2-1513) Jan Gijsbrecht Quants als man van Gerit dochter van Henrick Swolfs belooft voortaan aan Willem Peter Tybisch die een jaarlijkse rente van 11 en een halve stuiver te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per Maria Lichtmisdag anno 1513 op onderpand van een stuk land groot 2 lopenzaad gelegen in herdgang Straten, (…) (Idem 132) De rente uit de vorige akte is altijd aflosbaar tegen betaling van 10 peters, mits er met Kerstmis vooraf is opgezegd.

ORA Oirschot (Toirkens 128a losse perkamenten 21, 22 dd 1-2-1513) (…) Jan Gijsbrecht Quants als man van Gerit dochter van Henrick de Wolf en belooft aan Willem dochter van Peter Tybisch die voortaan een rente van 11 en een halve stuivers te gaan betalen, op onderpand van een stuk land, groot 2 lopenzaad, gelegen in herdgang Straten, b.p. Henrick Erven, de kinderen van Dirck Hoppenbrouwer de jonge, de straat. (…) (Idem los 22) Willem dochter van Peter Tybisch en verklaart dat Jan Gijsbrecht Quants een jaarlijkse rente van 11 en een halve stuiver mag aflossen, mits hij vooraf met Kerstmis opzegt, tegen betaling van 10 peters, welke rente Jan vandaag aan genoemde Willem heeft beloofd.

ORA Oirschot (Toirkens 129b fol 223v nos 8-10 dd 2-1-1522) Jan Gijsbrecht Quants verkoopt aan Goijaert Goijaert Ketelaers die een huis tuin etc., gelegen in herdgang Straten, b.p. Henrick Erven, Meeus de Crom, de kinderen van Jan Truijen, Dirck van Ham, de gemeenschappelijke straat. Lasten hieruit zijn 14 stuivers en 9 plakken aan de H. Geest van Oirschot en anderhalf hoen per jaar aan de heer van Petershem. (Idem 9) Genoemde Jan Gijsbrecht Quants heeft verklaard dat hij van Goijaert Goijaert Ketelaers een bedrag van 20 rijnsguldens heeft ontvangen in mindering op de schulden die Goijaert aan J an moest betalen vanwege de aankop van het hiervoor vermelde bezit. (Idem 10) Goijaert Goijaert Ketelaers belooft aan Jan Gijsbrecht Quants die per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar een bedrag van 56 rijnsguldens te betalen samen met een rente van een rijnsgulden voor elke 18 rijnsguldens kapitaal.

ORA Oirschot (Toirkens 129b fol 302v no 36 dd St Paulus 1523) Jan Gijsbrecht Quants heeft verklaard van Goijaert Goijaer Ketelaers een bedrag van 76 gulden, nog een bedrag van 3 rijnsguldens en 3 blanken te hebben ontvangen vanwege rente, en nog 10 stuivers als lijfkoopkosten en een grote gebonden ketel met een nieuwe band. Al die bedragen betreffen de koop van een huis etc. dat Goijaert van Jan had gekocht.

Idem (fol 400v no 276 dd 4-11-1524) (…erven) Henrick Martens van den Bichelaer, (…) verkopen aan Jan Quants een stuk beemd gelegen in herdgang Straten, b.p. Goijaert Bollen, de erfgenamen van Gijsbrecht Hoppenbrouwers, Henrick Conincks, de gemeijnte, Jenneken Joerdens of haar kinderen.

Idem (fol 404 no 296-7 dd 14-6-1524) Jan Gijsbrecht Quants heeft beloofd aan Aert Claes Schepens die voortaan jaarlijks een rente van 3 rijnsguldens te gaan betalen, steeds op St. Jansdag en voor de eerste keer per a.s. St. Jansdag over een jaar, op onderpand van een huis, tuin etc. groot 2 mudzaad gelegen in herdgang Aerle, b.p. Henrick van de Maerselaer, Lupprecht van den Schoet, heer Thomas van de Snepschuet, de gemeijnte. (Idem 297) De rente uit de vorige akte is altijd aflosbaar op St. Jansdag tegen betaling van 57 rijnsguldens, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 80v no 117-8 dd 4-4-1526) Jan Ghijsbrecht Quants heeft verklaard dat hij geen rechten of aanspraken heeft inzake een weiland genoemd ‘t Zonderen, gelegen in Best en doet daarvan volledig afstand . (Idem 118) Dirck Verheijden heeft hierbij machtiging gegeven aan Thomas Hoppenbrouwers, stadhouder voor de schout van Kempenland, om namens hem te verschijnen voor Ridder en Kanselier van de Raad van Brabant zijnde heer Jheronimus van der Noot, in de kwestie die daar speelt tussen Dirck Verheijden enerzijds en Jan (Gijsbrecht) Quants met nog Claes Molners als partij ter andere zijde inzake een weiland genoemd ‘t Zonderen te Best. De gemachtigde dient alles te doen wat nodig is.

Idem (fol 197v no 248 dd 14-12-1526) Johanna Scorters heeft verklaard dat ze volledig is voldaan door Jan Quants inzake een perceel genoemd de Gorter, buiten aan de Groetdonck gelegen, dat eerder eigendom van genoemde Jennen was.

Idem (130a fol 42 no 115 dd 2-3-1528) Johanna Scorters die ziek in haar bed ligt, heeft ons verklaard dat Jan Quants eerder ten hare behoeve bepaald geld in bewaring had gegeven bij schepenen welk geld Jan haar schuldig was te betalen vanwege een erfenis. In onnozelheid had ze Jan echter daarna kwijting gegeven en was daarin bedrogen. Want het is zo dat haar voogd Joest Michiels van der Waerden dat geld had behoren te betalen om daarmee betaling te doen aan Dirkc Groet Jans, welk bedrag zij zelf aan deze Dirck schuldig was te voldoen en en daarvoor heeft ze toen meer dan zes gulden bij moeten passen. Oorzaak is dat Jan Quants het geld tegen een hogere koers had omgerekend dan men normaal pleegt te doen met erfelijke rentes. Ze wenst daarom restitutie van het geld te hebben voor deze 6 gulden en meer etc. etc.

Idem (131b fol 74 no 239 dd 5-7-1532) Jan Gijsbrecht Quants en diens wettige vrouw Gerit dochterr van Henrick Swollifs hehben hierbij met wederzijdse instemming de volgende afspraak gemaakt. De langstlevende van hen beiden behoudt het recht van vruchtgebruik van al hun gezamenlijk bezit, roerend en onroerend dat een van hen na zijn of haar overlijden zal nalaten, van welke aard dan ook en waar zich dat ook bevindt, ook met inbegrip van de levende have. Met het roerende bezit en de levende have mag de langstlevende naar eigen keuze handelen, hetzij verkopen of belasten ook al zoudat in tegenspraak zijn met bepaalde rechtsprincipes en ook al zou de langstlevende opnieuw een huwelijk aangaan. Genoemde echtelieden Jan en Gerit hebben nog bepaald dat na hun beider dood de dode hand met de levende zal delen. Ze beloven deze afspraken altijd na te zullen komen.

ORA Oirschot (Toirkens 131c fol 92 nos 302-3 dd 4-11-1533) Jan Gijsbrecht Quants heeft beloofd om aan Aerden Claes Scepens die voortaan een jaarlijkse rente van 3 en een halve gouden Karolusgulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag, op onderpand van een huis met tuin, grond etc., samen 17 of 18 lopenzaad groot, gelegen in Oirschot herdgang Aerle, b.p. Henrick van de Maerselaer, Jacop Philips van de Schoet, heer Thomas van de Snepschuet, de gemeenschappelijke straat. Hij belooft het onderpand in goede staat te houden voor de betaling van de rente. (…) De rente is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag nits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 60 gouden Karolusguldens. (Idem 303) Vervolgens is hier gekomen Wouter Aert Lemmens en heeft beloofd de in de vorige akte genoemde rente van 3 en een halve gulden zelf zodanig te betalen dat Jan Gijsbrecht Quants en diens bezit daarvoor gevrijwaard zullen blijven. Want Wouter verklaart dat hij vermelde geld van 69 Karolusguldens zelf ten eigen bate heeft ontvangen. Wouter belooft Jan daarvoor altijd te zullen vrijwaren.

Idem (fol 17 nos 56-7 dd 3-2-1533) Jan Gijsbrecht Quants als man van Geritken dochter van wijlen Henrick de Wolf, verkoopt hierbij aan Gijsbrecht Gijsbrechts Vlemmincks junior, een beemd genoemd de Rond Scomdonk, gelegen in Oirschot herdgang Straten ter Ameijden, b.p. een rijt daar genoemd de Scomdonkse Rijt, bepaalde personen te Liempde, de gemeijnte genoemd de Schomdonck en een gemeijnte genoemd 't Schoom. De verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen, behalve en half mud rogge per jaar aan de H. Geest te Oirschot, nog een oude grote als grondchijns aan de hertog, door de koper te betalen met ingang van de eerstvolgende vervaldag. Verder dient de waterloop daar te worden onderhouden voor zover men dat verplicht is. (Idem 57) Gijsbrecht Vlemmincks junior heeft als schuldenaar beloofd om aan Jan Gijsbrecht Quants die 57 gouden Karolusguldens te gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag samen met een rente tegen de penning zestien, behalve dat wat Gijsbrecht hem tussen nu en a.s. Pinksteren zal betalen komt in mindering op die som en daarover zal hij geen rente hoeven te betalen.

Idem (132b fol 86 no 248 dd 11-8-1536) Jan zoon wijlen Gijsbrecht Quants verkoopt hierbij een akker groot ca. 8 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Aerle, b.p. Jan Lambrechts, Willem Wouter Hermans, de gemeijnte daar genoemd de Grootdonk. Hij verkoopt het perceel nu aan Wouter Aert Lemmens en de verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen, behalve een mud rogge per jaar aan Wouter als koper, nog 7 lopen rogge per jaar aan Dirck Jan Stockelmans, nog een oud schild per jaar aan genoemde Dirk, nog ongeveer twee stuivers als grondchijns per jaar aan de hertog.

Idem (132a fol 26 no 84 dd 4-2-1534) Adriaen Harnismakers heeft als schuldenaar beloofd om aan Jan Quants die 54 Karolusguldens te gaan betalen tussen nu en a.s. St. Andriesdag.

Idem (132c fol 29 nos 87-89 dd 21-2-1537) Jan Gijsbrert Quants heeft aan mij (secretaris van Kerkoerle) beloofd ten behoeve van Ariken dochter van Jans van Leijenborg die een jaarlijkse rente van 3 gouden Karolusguldens te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag, op onderpand van een huis, tuin etc., groot ca. 2 mudzaad, gelege in Oirschot herdgang Aerle, b.p. Henrick van den Maerselaer, Jacop van den Scoet, de gemeenschappelijke straat, heer Thomas van den Snepschuet. Hij belooft het onderpand in goede staat te houden voor de betaling van de rente. De rente is aflosbaar op Maria Lichtmisdag, tegen betaling van 50 gouden Karolusguldens. (Idem 88) Vervolgens is hier verschenen Joest natuurlijke zoon van wijlen Dirck Hoppenbrouwers (en van diens moeder Arieken van Leijenborg uit de vorige akte) en heeft bekend dat hij van genoemde Jan Quants deze 50 gulden heeft ontvangen, voor zijn eigen gebruik. Hij belooft de jaarlijkse rente van 3 gulden daarom zodanig steeds aan Ariken Jans zijn moeder, te zullen betalen en wel op zijn laatst binnen nu en zes jaar, zodat het bezit van Jan Quants daarvoor gevrijwaard blijft. Joest verbindt daarvoor zijn persoon en al zijn bezit. (Idem 89) Joest Hoppenbrouwers uit de vorige akte verhuurt hierbij aan Jan Gijsbrecht Quants een beemd genoemd de Broekbeemd gelegen in Oirschot herdgang Aerle in de Bodemsteegde daar, b.p. Adriaen Harnismakers, en wel voor een termijn van 6 achtereenvolgende jaren, en het eerste jaar begint per afgelopen Maria Lichtmisdag. Daarvoor zal Jan als huurder Joest elk jaar op Maria Lichtmisdag 8 Karolusguldens en 5 stuivers betalen en de eerste termijn daarvan zal zijn per a.s. Maria Lichtmisdag. Joest belooft de pacht altijd na te zullen komen en zal alle lasten hierin van zijn kant afhandelen.

ORA Oirschot (Toirkens133b fol 72v no 256 dd 5-5-1539) Jan zoon wijlen Wouter Thomas van de Ven verhuurt hierbij aan Henrick Jan Quants het huis met tuin, grond, boomgaard, akker en weiland, gelegen in Oirschot herdgang Hedel, zoals de verpachter dat heeft verkregen van de erfgenamen van Margriet Lebbens weduwe van Gijsbrecht Scremers. De pacht loopt voor 6 achtereenvolgdende jaren en voor het huis, de dries en het weiland kan dat aanvaard worden per a.s. Pinksteren, en de 12 roedes tuin uit de grote tuin voor het huis liggend nu meteen al, en het akkerland in de oogsttijd erna, stoppelbloot en dat alles moet ook zo weer worden achtergelaten aan het einde van de pachttermijn. (…) Indien het zou gebeuren dat de pachter niet betaalt, en als Jan als verpachter niet in staat is om zijn vordering op het bezit van Henrick te verhalen voor wat betreft het laatste jaar van de pachttermijn voor nog onbetaalde restanten daarvan, zijn hiervoor nu verschenen Wouter Aert Lemmens die Cremere en Jan Gijsbrecht Daniels en hebben zich garant gesteld voor de nakoming van hetgene Henrick niet betaald zal hebben inzake de pacht of dat niet uit diens bezit verhaald kan worden. Daarvoor verbindt Wouter zich voor de helft en Jan Gijsbrecht Daniels zich voor de andere helft. Henrick als pachter belooft zijn borgen hiervoor weer te zullen vrijwaren.

Idem (fol 74 no 259 dd 6-5-1539) Henrick Jan Quants verwekt door Jan Quants bij wijlen diens vrouw Aleijt Jan Stockelmans, heeft voor een bepaald geldsbedrag waarvoor hij verklaart te zijn betaald, afstand gedaan van zijn aanspraken ten behoeve van Wouter Aert Lemmens als man van Beelken dochter van genoemde Jan Quants, inzake alle roerende en onroerende bezit dat hij van wijlen zijn moeder Aleijt heeft geerfd en dat Jan Quants en diens vrouw Geritken na hun beider dood zullen achterlaten. Genoemde Henrick belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen. Om verder alle twist hierin te voorkomen hebben Henrick en Wouter ermee ingestemd dat na de dood van Jan Quants en genoemde Geritken, genoemde Henrick als voorzoon van Jan Quants en de 2 andere kinderen van Jan in diens tweede huwelijk, die elk 1/3e deel zullen krijgen van het huis en grond genoemd het Maerselaer, dat vandaag de dag wordt gebruikt door Jan Quants en diens vrouw Geritken, maar de twee nakinderen zullen vooraf aan de deling 80 Karolusguldens krijgen afkomstig uit het bezit van genoemde Geritken en daarmee is ook Libbeken Quants uitgekocht. Beiden beloven deze afspraak na te zullen komen.


Huwt (1)

Aleijt Jan STOCKELMANS

FamilienaamIndex

Overleden voor 1510


Huwt (2) na 1508, voor 1510

51.515   Geertuida Hendrick de WOLF

FamilienaamIndex 51.515Vader 103.030Moeder 103.031

Overleden na 1548

Alias Gerritke, Gertrude; Wolffs, Swolfs etc.

ORA Oirschot (Toirkens 134c fol 94 nos 290-294 dd 21-11-1542) Geritken weduwe van Jan Quants uit het tweede huwelijk, met Heijmerick Claes Scepens als haar voogd, doet afstand van haar recht van vruchtgebruik inzake een huis, tuin, grond etc. samen aan elkaar gelegen, te Oirschot herdgang Aerle, genoemd Dmaerselaer, b.p. Henrick van den Maerselaer en zijn kinderen, de gemeijnte genoemd 't Piekenveld, de erfgenamen van heer Thomaes van den Snepschuet, Jacop Philips van den Schoot, de gemeenschappelijke straat. Ze doet er nu afstand van ten behoeve van Henrik Jan Quants uit het eerste huwelijk van Jan Quants en ten behoeve van Beelken en Aleijt wettige kinderen van wijlen genoemde Jan Quants en van Geritken uit diens tweede huwelijk, elk voor een derde deel, volgens een minnelijke overeeenkomst daarover en huwelijkse voorwaarden destijds, die zoals ze zeiden daarover zijn gemaakt. (Idem 291) Henrick zoon wijlen Jan Quants verwekt bij deze Jan Quants en bij diens eerste vrouw Aleijt, verder Jan wettige zoon van Jan van Kerckoerle, als wettige man van Beelken, nog Henrick Rutgers van der Vlueten als wettige man van Aleijt, beiden wettige dochters van wijlen genoemde Jan Quants verwekt bij Geritken diens tweede vrouw, hebben met elkaar een boedelverdeling gemaakt inzake het bezit dat ze hebben geerfd van wijlen hun vader Jan waarvan Geritken in de vorige akte afstand van haar recht van vruchtgebruik heeft gedaan. Henrick Jan Quants krijgt een akker genoemd de Streepe en de Grote Dries samen aan elkaar gelegen, gelegen in Oirschot herdgang Aerle, b.p. de gemeijnte genoemde 't Piekenveld, Jan van Kerckoerle waarvan het is afgedeeld, Jacop Philips van den Schoet, de gemeenschappelijke straat. Verder krijgt hij het middelste deel van een akker genoemd de Groot Ecker met recht van overpad over het perceel van genoemde Jan en Henrick, zoals dat is afgepaald en ongeveer ter zelfder plaatse als hiervoor is gelegen, b.p. aan de oostkant Jan van Kerckoerle, Henrick van der Vleuten, van welk beide erven het is afgedeeld, de erfgenamen van heer Thomaes van den Snepschuet. Verder krijgt hij de betimmering van de poort en de schaapskooi, die afgebroken zullen moeten worden. Hieruit moet jaarlijks 2 en een halve gulden worden betaald in Den Bosch aan een nonnenklooster achter de Tolbrug aldaar. Verder moet er recht van overpad worden verleend aan het erf van genoemde Jan en Henrick over de korste weg en met de minste lasten. Verder mag hij zolang de oven gebruiken die nu in het grote huis staat, maar niet alnger dan als zodanig en hij mag de vijver aldaar gebruiken om te wassen ( waskuil ) als hij dat wil en wel tot in lengte der dagen.

Jan Janszoon van Kerkoerle krijgt voor zover het erfrecht daarover is vastgelegd bij de huwelijkse voorwaarden daarover tussen hem en Beelken, een schuur en de grond daarvan en het daarbij gelegen akkerland, gelegen in Oirschot herdgang Aerle, b.p. genoemde Henrick Quants waarvan het is afgedeeld, Henrick van der Vlueten waarvan het is afgedeeld, Jacop Philips van den Scoet. Verder krijgt hij de helft van de watersloot aldaar, waarvan de andere helft aan Henrick van der Vleuten behoort, b.p. de gemeenschappelijke straat. Verder krijgt hij een deel van de Groot Ecker met recht van overpad over de percelen van Henrick Quants en Henrick van der Vlueten, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. aan de oostkant Henrick van den Maerselaer, genoemde Henrick Quants, de erfgenamen van heer Thomaes van den Snepschuet. Hieruit moet jaarlijks aan het kapittel te Eindhoven een rente van 2 en een halve gulden worden betaald. Verder moet er ook overpad worden verleend aan de erven van Henrick Quants en Henrick van der Vlueten op de kortste manier en met de minste overlast. Verder mag Jan zolang de oven daar staat in het grote huis, daarvan gebruik maken en hij mag ook ten eeuwige dage de vijver gebruiken om er te wassen. (In marge : Wordt gegeven aan Henrick van der Vlueten aan wie het is overgedragen.) Henrick van der Vlueten in zijn hoedanigheid krijgt het grote woonhuis met de grond, de tuin, het akkerland etc. met een deel van de Groot Akker samen aan elkaar gelegen, met recht van overpad over het perceel van genoemde Jan en Henrick, gelegen in Oirschot herdgang Aerle, b.p. Henrick van den Marselaer, Henrick Quants, Jacop Philips van den Schoot, Jan van Kerckoerle, de erfgenamen van heer Thomas van den Snepschuet, de gemeenschappelijke straat. Hieruit moet jaarlijks de grondchijns worden betaald over het gehele bezit dat hier bij de boedelverdeling wordt verdeeld, nog 6 lopen rogge per jaar aan Wouter van der Vloet, nog een gulden per jaar aan Willem Peter Wouters, nog 2 en een halve gulden per jaar aan het kapittel te Eindhoven. Verder moet erecht van overpad worden verleend aan genoemde Henrick Quants en aan genoemde Jan op de kortste wijze en met de minste overlast. Verder moet hij toestaan zolang die oven er in het woonhuis is, dat Henrick en Jan daar voortaan kunnen bakken en ze mogen ook altijd gebruik maken van de vijver aldaar om er te wassen als ze dat willen. (…) (Idem 292) Henrick zoon wijlen Jan Quants uit het eerste huwelijk, heeft beloofd om aan Geritken weduwe van genoemde Jan Quants, waarbij zij daarvan het vruchtgebruik krijgt en Jan Janszoon van Kerckoerle als man van Beelken en verder Henrick Rutgers van der Vlueten als man van Aleijten, beide wettige dochters van genoemde wijlen Jan Quants en Geritken daarvan het erfrecht, die voortaan een jaarlijkse rente van 31 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar, op onderpand van het bezit dat hem vandaag bij de boedelverdeling toebedeeld is geworden zoals vermeld in de voorgaande akte. Datum en getuigen als boven. De rente is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag van elk jaar, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 26 gulden en de achterstallige termijnen. (Idem 293) Jan Janszoon van Kerckoerle als wettige man van Beelkenen dochter van wijlen Jan Quants uit de vorige akte, heeft beloofd om aan Geritken weduwe van Jan Quants die voortaan een jaarlijkse pacht van een mudde rogge te gaan betalen en nog een jaarrente van 31 stuivers zolang Geritken leeft, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar, op onderpand van het bezit dat hem vandaag bij de boedelverdeling toebedeeld is geweest, zoals staat vermeld in de voorgaande akte. (Idem 294) Henrick Rutgers van der Vlueten als wettige man van Aleijt dochter van wijlen Jan Quants uit de vorige akte, heeft beloofd om aan Geritken weduwe van wijlen Jan Quants die voortaan een jaarlijkse pacht van een mudde rogge te gaan betalen en en nog 31 stuivers per jaar, zolang deze Geritken leeft, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar, op onderpand van zijn grond en huis zoals hem dat vandaag bij de boedelverdeling is toebedeeld is geweest en in de voorgaande akte is vermeld.

ORA Oirschot (Toirkens 133b fol 74 no 259 dd 6-5-1539) Henrick Jan Quants verwekt door Jan Quants bij wijlen diens vrouw Aleijt Jan Stockelmans, heeft voor een bepaald geldsbedrag waarvoor hij verklaart te zijn betaald, afstand gedaan van zijn aanspraken ten behoeve van Wouter Aert Lemmens als man van Beelken dochter van genoemde Jan Quants, inzake alle roerende en onroerende bezit dat hij van wijlen zijn moeder Aleijt heeft geerfd en dat Jan Quants en diens vrouw Geritken na hun beider dood zullen achterlaten. Genoemde Henrick belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen. Om verder alle twist hierin te voorkomen hebben Henrick en Wouter ermee ingestemd dat na de dood van Jan Quants en genoemde Geritken, genoemde Henrick als voorzoon van Jan Quants en de 2 andere kinderen van Jan in diens tweede huwelijk, die elk 1/3e deel zullen krijgen van het huis en grond genoemd het Maerselaer, dat vandaag de dag wordt gebruikt door Jan Quants en diens vrouw Geritken, maar de twee nakinderen zullen vooraf aan de deling 80 Karolusguldens krijgen afkomstig uit het bezit van genoemde Geritken en daarmee is ook Libbeken Quants uitgekocht. Beiden beloven deze afspraak na te zullen komen.

Idem (135b fol 24 nos 148-9 dd 10-3-1545) Gertrude Quants weduwe van Jan Quants met haar voogd Embrecht Claessen heeft na een daarvoor verkregen schepenbankvonnis afstand gedaan van haar recht van vruchtgebruik inzake een stuk beemd genoemd die Meije Wart, en wel ten behoeve van Jan Ghijskens de jonge en Henrick Rut Willems. (Idem 149) Genoemde Jan Gijsbrechts en Henrick uit de vorige akte hebben beloofd dat zij alle achterstallige en ook toekomstige lasten van dat perceel zodanig zullen afhandelen en betalen dat genoemde Geertruid daarvoor gevrijwaard blijft en verder zullen ze haar zolang ze leeft ieder elk jaar de helft van een vierde bussel rijshout leveren.

Kinderen

  1. (uit 1) Henrick Jan Quants (+na 1564), huwt Jutten Gijsbrecht Daniels, vermeld ORA Oirschot 1545
  2. (uit 2) Beelken Zie 25.757
  3. (uit 2) Aleijt, huwt Henrick Rutgers van der Vlueten

TerugBegin van generatie


51.520   Henrick Jan van GESTEL

FamilienaamIndex 51.520Vader 103.040Moeder 103.041

Overleden na 1569, voor 1585

ORA Oirschot (Toirkens 134b fol 62 no 205-6 dd 26-4-1541) Margriet weduwe van Dielis Corstens met mij als haar voogd, doet hierbij afstand van haar recht van vruchtgebruik inzake het derde deel van alle vaste en roerende bezittingen waarvan zij het vruchtgebruik heeft en dat door wijlen genoemde Dielis is nagelaten, van welke aard dan ook en waar zich dat bezit ook bevindt. Ze doet er nu afstand van ten behoeve van Henrick Janssen van Gestel als man van Margriet, wettige dochter van wijlen genoemde Dielis en Margriet van hierboven. (Idem 206) Henrick Janssen van Gestel als man van Margriet uit de voorgaande akte verkoopt hierbij zijn kindsdeel zijnde het derde deel van alle vaste en roerende bezittingen zoals is vermeld in de voorgaande akte, nu aan zijn zwager Corstiaen Dielis Corstens en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.


Huwt ca. 1525

51.521   Margriet Dielis Corsten CRIJNS

FamilienaamIndex 51.521Vader 103.042Moeder 103.043

Geboren voor 1505
Overleden na 1541

Kinderen

  1. Egidius Zie 25.760
  2. Aert (+voor 1588), huwt Iken Goijaert Schepens
  3. Jan, vermeld 1588, ook met patroniem Jan Henrick Jan; huwt N., dochter van Adriaen Wenselijns (ORA 1587)

TerugBegin van generatie


51.522   Daniel Henrick DANIELS

FamilienaamIndex 51.522Vader 103.044Moeder 103.045

Overleden na 1566

ORA Oirschot (Toirkens 131b fol 8 no 26 dd 22-1-1532) Daniel Henrick Daniels verkoopt hierbij een huis met tuin, grond etc., gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Henrick van Strijp, Jan Joris, de gemeenschappelijke straat. Nog verkoopt hij een akker ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Henrick van de Ven, Dirck Dielissen, Goijaert Janssen, de gemeenschapplijke straat. Hij verkoopt deze bezittingen nu aan Antonis Henrick Erven en de verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen, behalve een pacht van 8 lopen rogge per jaar aan heer Henrick Stockelmans, nog twee blanken en een moorke als chijns aan de hertog, nog behalve een rente van een gulden per jaar aan Barbara dochter van Andries Molders aflosbaar met 20 gulden, nog behalve een jaarlijkse rente van 2 Rijnsgulden aan de erfgenamen van Aert Scepens aflosbaar 32 Rijnsguldens, nog 2 gulden per jaar aan de weduwe en kinderen van Cornelis van Beerwinkel aflosbaar mert 32 gulden, nog een rente van een gulden per jaar aan Jan Scepens aflosbaar met 16 gulden, nog behalve een rente van 16 stuivers per jaar aan Peter Joerdens aflosbaar met 9 gulden alles volgens de brieven daarvan. Antonis zal die rentes en lasten voortaan gaan betalen en wel ingaan de a.s Maria Lichtmisdag over twee jaar en hij zal die dan voortaan zelf zodanig betalen of aflossen dat Daniel en zijn bezit daarvoor verder gevrijwaard blijft. (Idem 27) Genoemde Antonis uit de vorige akte als koper heeft aan Daniel beloofd die 51 Karolusguldens te zullen betalen met een rente van 10 stuivers te voldoen per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar, maar Daniel is wel verplicht aan Antonis hem alle rentebrieven te overhandigen en op die koopsoom zal nog in min dering komen het geld dat door de gemeente daarvan intussen wordt opgeeist of als lasten wordt opgelegd, alles volgens schatting van goede mannen te Strathen.

ORA Oirschot (Toirkens 131c fol 32 no 111-113 dd 6-3-1533) Willem Goijaert Willem Roestenborgs heeft beloofd om voortaan aan Daniel Henrick Daniels die een jaarlijkse rente van anderhalve Karolusgulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van het zesde deel van een huis, tuin etc., in totaal ca. een mudzaad, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. Willem Happen, de gemeenschappelijke straat, Dirck Moermans. Hij belooft het onderpand in goede staat te houden voor de betaling van de rente. De rente is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 24 gouden Karolusguldens. (Idem 112) Daniel Henrick Daniels verkoopt hierbij aan Goijaert Henrick Sroijen die een beemd genoemd het Heijn Nevenbeemdken, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Peter Gerit Stijnen, verder de gemeijnte. De beemd is direkt te aanvaarden en de verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen, behalve eeen half mud rogge, maat van Oirschot en in Oirschot te leveren aan het gasthuis van heer Adams (van Miert) in Den Bosch, waarvan de eerste termijn vervalt per a.s. Maria Lichtmisdag. Verder te moeten zorgen voor onderhoud van wegen en waterlopen. (Idem 113) Goijaert Henricfk Sroijen heeft beloofd as schuldenaar om aan Daniel Henrick Daniels die 9 gouden Karolusguldens te gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag.

ORA Oirschot (Toirkens 132a fol 110 no 344-5 dd 18-12-1534) Willem Goijaert Roestenborchs die men ook wel Verhoeven noemt, verkoopt hierbij het 1/6e deel zijnde zijn erfdeel in een huis, tuin, grond etc., gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck, b.p. Willem Happen, het erf eerder van Dirck Moermans, Dirck Willems van Berse, de gemijnte. Nog verkoopt hij het 1/6e deel van een beemd genoemd Scauteth, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. de kinderen van Henrick Philips van Hersel, verder rondom in de gemeijnte daar. Dat zesde deel had hij geerfd bij de dood van Gerard, Antonis en Jan, broers en kinderen van Peter Neven, zijnde zijn ooms en wettige brores van zijn moeder Engel Peter Neven. Hij verkoopt dat erfdeel nu aan Daniel Henrick Daniels en de verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen. (Idem 345) Daniel Henrick Daniels namens hemzelf en ook als man van Katalijn dochter van Goijaert Roestenborchs die men ook wel Verhoeven noemt, heeft beloofd om aan Willem Goijaert Roestenborchs die men ook Verhoeven noemt, die een jaarlijkse rente van 3 Karolusguldens te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar, op onderpand van de twee zesde delen van het bezit in de vorige akte vermeld. Hij belooft het bezit in voldoende goede staat te houden voor de betaling van de rente. (marge: doorgehaald 6 augustus 1636). De rente is aflosbaar op Maria Lichtmisdag, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 40 gouden Karolusguldens.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 4v no 13 dd 19-1-1535) Henrick Jan Bogaerts als man van Elisabeth dochter van Goijaert Roestenborchs, verkoopt hierbij twee zesde delen van een huis, tuin etc., gelegen in Oirschot herdgang Spoordocnk, b.p. Willem Happen, het erf dat eerder van Dirck Moermans was, Dirck Willems van Berse, de gemeijnte. Nog verkoopt hij de twee zesde delen inzake een beemd genoemde Scouteth, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. de kinderen van Henrick Philips van Herzel, de gemeijnte, welk 1/6de deel van het bezit Henrick had geerfd als echtgenoot vanwege het overlijden van Gerard, Antonis en Jan, broers en kinderen van wijlen Peters Neven, zijnde de oom van genoemde Elisabeth en welk andere zesde deel Henrik had verkregen van Henrick Goijaert Roestenborchs conform schepenbrief van Oirschot. Hij verkoop zijn erfdelen nu aan Daniel Henrick Daniels en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen en namens zijn vrouw. (Idem no 14) Daniel Henrick Daniels heeft als schuldenaar beloofd om aan Henrick Jan Bogaerts die 13 gulden te gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar en hij verbindt hiertoe zijn persoon en bezit.

ORA Oirschot (Toirkens 132bb fol 23v no 79 dd 1-2-1536) Daniel Henrick Daniels heeft beloofd om aan Jan Pauwels Vlemmincks die een jaarlijkse rente van 4 Karolusguldens te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag, op onderpand van een huis tuin, grond etc., groot ca. een mudzaad, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. Willem Happen, het erf dat eerder van Dirck Moermans was, Dirck Willems van Berse, de gemeijnte. Nog op onderpand van een beemd genoemd Scauteth, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. de kinderen van Henrick Philips van Hersel, verder rondom in de gemeijnte. Hij belooft de onderpanden in goede staat te houden voor de betaling van de rente. De rente is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 66 gouden Karolusgulden. (marge : Met instemming van Adriaen Peter Burchmans en Claus Laureijssen doorgehaald die het geld hebben ontvangen. Datum 28 maart 1639)

ORA Oirscgot (Toirkens 133a fol 43 no 87 dd 5-4-1538) Daniel Henrick Daniels heeft beloofd om aan Jan Goijaert Roestenborgs die een jaarlijkse lijfrente van 3 Karolusguldens te betalen, zolang zijn vader Goijaert Roestenburgs leeft en niet langer, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag, op onderpand van een huis, tuin, grond etc., groot ca. een mudzaad, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. Willem Happen, het erf dat eerder van Dirck Moermans was, Dirck Willems van Berze, de gemeijnte. Hij belooft het onderpand in goede staat te houden voor de betaling van de rente.

ORA Oirschot (Toirkens 137b fol 57v no 266 dd 17-4-1553) Daniel zoon Henrick Daniels doet afstand van zijn recht van vruchtgebruik waaarop hij recht heeft inzake een jaarlijkse rente van 25 stuivers, welke rente Jacop Aert Smetsers eerder had beloofd aan Goijaerden Roestenborchs die men ook wel Verhoeven noemt, steeds vervallend met Pasen op onderpand van een weiland groot ca. 7 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck, b.p. de weduwe en kinderen van Daniels van Gerwen, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 26 maart 1532. Deze rente had genoemde Daniel als man van Katherijnen dochter van genoemde Goijaert Roestenborchs toen zij leefde voor wat betreft het vruchtgebruik daarvan en zijn wettige kinderen verwekt bij deze Kathalijn, daarvan het erfrecht toebedeeld gekregen conform een schepenbrief van Oirschot. Hij doet er nu afstand van ten behoeve van die genoemde wettige kinderen.

(Idem no 267) Antonis Joosten van Roije als man van Marieken dochter van Daniel Henrick Daniels, verder Jan Goijaert Henricks, Goijaert Roestenborchs en Henrick Jan Bogaerts vanwege Henrieksken, Dircksken, Engelken en Anne allen kinderen van genoemde Daniel waarvoor zij optreden, verkopen hierbij de jaarlijkse rente van 25 stuivers die Jacop Aert Smetsers eerder had beloofd aan Goijaerden Roestenborchs die men ook wel Verhoeven noemt, steeds vervallend met Pasen op onderpand van een weiland groot ca. 7 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. de weduwe en kinderen van Daniels van Gerwen, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 26 maart 1532. De rente wordt nu verkocht aan Jan Peter Dielisssen.


Huwt (1)

51.523   Katharijna Goijaert ROESTENBURGH

FamilienaamIndex 51.523Vader 103.046Moeder 103.047

Overleden na 1536, voor 1542

ORA Oirschot (Toirkens 141c fol 459v no 184 dd 13-6-1576 Caerl zoon wijlen Antonis Peter Antonissen van der Ameijden verkoopt een rente van 3 gulden per jaar met een vervallen en een lopende termijn, welke rente Caerl bij de boedelverdeling toebedeeld heeft gekregen en deze Peter Antonissen van der Ameijden eerder had verkregen van Henrick Rutger Beckers en Henrick weer verkregen had van Willem Goijaert Roestenberchs en van Danel Henrick Danielssn., voor hemzelf en als man van Catharijn dochter van Goijaert Roestenberchs die men ook wel Verhoeven noemt. De rente vervalt elk jaar op Maria Lichtmisdag op onderpand van twee zesde delen van een huis met tuin etc. gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck, b.p. Willem Happen, het erf dat eerder van Dirck Moermans was, Dirck Willems van Beerze, de gemeijnte. Ook nog op onderpand van twee zesde delen van een beemd genoemd Schauteth, ter zelfder plaatse gelegen, b.p. de kinderen van Henrick Philips van Hersel, de gemeijnte, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 18 december 1534. De rente wordt nu verkocht aan Catharijn dochter van Gijsbrecht Hoppenbrouwers, weduwe van Jans van den Maerselaer, waarbij Catharijn het vruchtgebruik krijgt en haar wettige kinderen verwekt bij genoemde Jan van den Maerselaer het erfrecht.


Huwt (2) voor 16-6-1542

Elisabeth Servaes MICHIELS

FamilienaamIndex

Geboren Beerse

ORA Oirschot (Toirkens 134c fol 71v no 234 dd 16-6-1542) Daniel Henrick Daniels als wettige man van Elisabeth wettige dochter van Servaes Michiels, verkoopt hierbij de jaarlijkse rente van 23 stuivers met de lopende termijn, welke rente deze Servaes in schepenbrieven van Beers aan zijn dochter Elisabeth eerder heeft beloofd, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc. gelegen in Beerse, b.p. de gemeijnte aldaar. Hij verkoopt de rente nu aan Jan en aan Henrick, gebroeders en kinderen van Goijaert van der Hoven en aan Henrick Jan Bogaerts als voogd over de minderjarige kinderen van genoemde Daniel verwekt bij Katarijnen Goijaerts van der Hoeven en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. (Idem 235) Jan en Henrick, gebroeders en wettige kinderen van Goijaerts van der Hoeven en nog Jan Henrick Bogaerts als voogden over de minderjarige kinderen van Daniel uit de vorige akte, als partij ter ener zijde en Daniel Henrick Daniels als weduwnaar van Katalijn dochter van Goijaerts van der Hoeven als partij ter andere zijde hebben door bemiddeling van goede mannen, inzake de hoeve waar genoemde Katalijn in gestorven is, een minnelijke overeenkomst met elkaar gemaakt. Genoemde Daniel en diens tegenwoordige echtgenote Elisabeth mogen alle roerende bezitingen blijven behouden die door deze Katalijn zijn nagelaten omdat Daniel de helft van deze goederen heeft gekocht met het geld dat van deze Elisabeth afkomstig is en aan genoemde voogden heeft betaald. Indien deze Elisabeth komt te overlijden voor Daniel, dan moet Daniel aan de erfgenamen van Elisabeth een bedrag van 21 gulden restitueren afkomstig van het geld van Elisabeth, maar de kinderen of de voogden mogen na het overlijden van Daniel wel twee bedden komen halen, verder een kist, twee oorkussens, een tinnen schotel, een koperen pot en verder niets. Partijen hebben over en weer beloofd dit akkoord na te zullen komen.

Kinderen

  1. Ingen Zie 25.761
  2. Marie, huwt voor 1553 Anthonis Joost Janssen
  3. Henriekse
  4. Dirckske
  5. Anna

TerugBegin van generatie


51.524   Peter Goijaert ROESTENBURGH

FamilienaamIndex 51.524Vader 103.046Moeder 103.047 • Tevens 51.694

Overleden na 1582, voor 1584

Alias Roesten en Van der Hoeven.

ORAOirschot (Toirkens 132bb fol 41 no 133 dd 22-3-1536) Heer Thomas van de Ven, priester voor hemazelf handelend en voor zijn zusters Marie en Aleijt, heeft beloofd om voortaan aan Peter Goijaert Roestenbergs die een rente van 2 gouden Karolusguldens per jaar te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag, op onderpand van een huis, tuin, grond etc. gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof, b.p. Aert Henricks, Henrick Belaerts, de gemeenschappelijke straat. Nog op onderpand van een weiland genoemd de lange Streep, gelegen in Oirschot herdgang Hedel, b.p. Henrick Goijaerts, de rector van het St. Barbara-altaar in de kerk te Oirschot, de Quantsakker, de kinderen van Lijsken meester Henricks. De rente is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 32 gouden Karolusguldens.

ORA Oirschot (138a fol 8 no 33 dd 28-1-1556) Henrick zoon Daneel Henrick Daneels heeft beloofd om voortaan aan Peter Goijaertsoen van der Hoeven een rente van 20 stuivers per jaar te gaan betalen (…)In marge: Met instemming van de kinderen van Goijaert Peter Verhoeven doorgehaald, 17 februari 1638.

ORA Oirschot (Toirkens 139a fol 56 no 206 dd 4-4-1561) Wouter Thomassen van den Ven als voogd over Barbara dochter van Ansem Aerts van den Venne verwekt bij Heijwigen dochter van Jans van den Schoet, verkoopt hierbij de helft van een beemd, genoemd 't Henrickslaer, die Wouter in zijn hoedanigheid heeft verkregen van Jaspar Mathijssen, chirurg, als man van Elisabeth dochter van Wouter Gregoris (van Kuijck) en deze Elisabeth had verkocht en zelf eerder had verkregen op grond van het testament dat door Jan van den Schoet junior met deze Elisabeth was gemaakt, zoals uit dat testament d.d. 22 november 1560 blijkt. Het perceel is gelegen in herdgang Spoordonck, b.p. Peter Goijaerts van der Hoeven, de erfgenamen van Peeter H..., de gemeijnte. Hij verkoopt het perceel nadat hij daarvoor een schepenbankvonnis heeft laten maken na 3 veilingsdagen nu aan Peeter Goijaerts van der Hoeven (…).

ORA Oirschot (Toirkens 139b fol 52v no 180 dd 13-3-1562) Jacop Aert Smetsers en Rutger zoon wijlen Goijaerts die Molder als voogden over de minderjarige kinderen van wijlen Dirck Jan Eigenbroets verwekt bij Catherijnen dochter van wijlen Nicolaes Willems die Coninck, mede op grond van diverse vonnissen en decreten van Oirschot, verkopen nu een huis, tuin, grond etc. gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck onder Boterwijk aldaar, b.p. Adam Loijen, de gemeenschappelijke straat, de Heelsche Stede. Ook verkopen ze een akker groot ca. 2 lopenzaad, ter zelfder plaatse gelegen, b.p. Jenneken weduwe van Jans van Mol, Michiel Henricks van de Schoot, de kinderen van wijlen Jan Ansems, de kinderen van wijlen Thomas die Hoppenbrouwer. Deze bezittingen worden nu verkocht aan Jan Nicolaes Willems en aan Peter Goijaert van der Hoeven en de verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen (…) (Idem no 181) Peter Goijaerts van der Hoeven heeft als schuldenaar beloofd om aan Jacop Aert Smetsers en aan Rutger zoon wijlen Goijaerts die Molder als voogden, die een bedrag van 103 gulden te zullen gaan betalen per a.s. St. Jacopsdag zonder rente danwel per a.s. St. Jacopsdag over een jaar met een rente tegen de penning zestien.

ORA Oirschot (139c fol 291 no 41 dd 11-2-1563) Jan Simon Cortten verkoopt twee weilanden aan elkaar, gelegen te Oirschot herdgang Spoordonck onder Boterwijck, b.p. Henrick Goijaerts int Eeckerschot, Dirck Simons, het erf van de koper, een pad genoemd de Heelsche Steegde, Gijsbrecht Willems van den Heuvel. Ook verkoopt hij een beemdje met een houtveld daaraan, ter zelfder plaatse gelegen, b.p. het erf van de koper, Jan Peters van der Luijsdonck, de rector van het St. Wilbortsaltaar te Oirschot. Hij verkoopt deze percelen nu aan Peter Goijaerts van der Hoeven (…)

ORA Oirschot (Toirkens 139d fol 43v no 109 dd 7-2-1564) Henrick zoon wijlen meester Pauwels Brouwers verkoopt hierbij een stuk akkerland genoemd de Voorste Hoeve, groot ca. 8 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck, b.p. Gielis Alaerts, Peter Janssen Vervloet, de gemeenschappelijke straat. Hij verkoopt dit perceel nu aan Peeter Goijaert Roestenburchs die men ook wel Verhoeven noemt. (…) (Idem 110) Genoemde Peter heeft vanwege een ruil aan genoemde Henrick een jaarlijkse rente overgedragen van 4 gulden welke rente Daniel Henrick Danielszoon eerder had beloofd aan genoemde Peter, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc. gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck, b.p. Willem Happen, het erf dat van Dirck Moermans was, Dirck Willems van Beerse, de gemijnte. Ook nog op onderpand van een beemd genoemd de Scauteth, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. de kinderen van Henrick Philips van Heersel, de gemeijnte aldaar, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 31 januari 1536. Verder verkoopt hij aan deze Henrick nog een rente van 20 stuivers, die genoemde Daniel jaarlijks op zijn bezit heft. Genoemde Peter belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 142a fol 40v no 99 dd 9-12-1577) Gijsbrecht zoon wijlen Jans die Hoppenbrouwer, Peter zoon wijlen Goijaerts van der Hoeven, Willem zoon wijlen Henrick Goijaerts en Danel zoon wijlen Willem die Metser hebben samen en ieder hoofdelijk als schuldenaars beloofd om aan heer en meester Lauwreijs Rosen, kanunnik te Oirschot, ten behoeve van monsieur Niclaes de Zuttere, koopman te Antwerpen, een bedrag van 990 gulden te zullen betalen, per a.s. St. Andriesdag anno 1578 en dat moet in de stad Antwerpen worden betaald. Ze doen daarbij afstand van alle privileges waarop ze aanspraken zouden kunnen doen, en als genoemde personen op die genoemde datum niet betalen dan zal Monsieur Niclaes naar naar Oirschot mogen komen danwel een gemachtigde van hem en mag daar dan net zolang op kosten van genoemde schuldenaars verblijven totdat er betaald zal zijn. Wij als schepenen verklaren dat genoemde personen voldoende financiele draagkracht hebben voor de betaling van dat bedrag. (Idem 100) Genoemde schepenen en ander gezworenen en raadsmannen hebben beloofd om genoemde schuldenaars uit de vorige akte te zullen vrijwaren voor hun belofte omdat dit geld is opgenomen voor de gemeente Oirschot.

Idem (fol 51v no 127 dd 6-5-1577) Genoemde heer Aert uit de vorige akte (Heer Aert zoon Peter Willems van Breugel, kantor te Oerle) heeft als schuldenaar beloofd om aan Peter Goijaerts van der Hoeven een bedrag van 106 gulden te zullen betalen per a.s. Maria Lichtmisdag. (voetnoot:Deze 106 gulden zijn door genoemde Peter Goijaerts van der Hoeven aan de gemeente Oirschot betaald op zijn contributie d.d. 20 november 1589 zonder daarvoor rente te hebben gehad, derhalve is de originele brief doorgehaald.)

ORA Oirschot (Toirkens 143a fol 148v no 17 dd 3-2-1586) Herman zoon wijlen Jan Stockelmans als man van Jenneken, verder Henrick zoon wijlen Michiels van der Schoot als man van Ijken, gezusters en dochters van wijlen Joorden Philips van Hersel, verder nog Goijaert zoon wijlen Peters van der Hoeven en genoemde Herman Stockelmans als voogden over de minderjarige kinderen van Jan Peters van der Hoeven verwekt bij Henrickske dochter van genoemde Joorden Philips van Hersel, verkopen nu het drie vierde deel van een akker, in totaal groot ca. 3 lopenzaad nog onverdeeld zijnde, afkomstig van Elisabeth dochter van Philips van Hersel, (…)

ORA Oirschot (Toirkens 143c fol 480v los vel no 59 dd 1588) Jan Willem Reijners heeft als schuldenaar beloofd om aan Peter van de Schoot voor een helft en aan de voorkinderen van Peters Verhoeven voor de andere helft, een bedrag van 105 gulden te betalen in 3 termijnen, waarvan de eerste meteen, de tweede op St. Jansdag a.s. en de derde op a.s. St. Bavodag. Datum 1 april 1588, getuigen Vleuten, Gestel, Thoerkens, Hovel. (…)

ORA Oirschot (144a fol 150 no 341 dd 10-12-1593) Certificatie Jan Eijmbert Schepens: Willem Henrick Goijaerts oud ca. 90 jaar, Danel zoon Eijmbrecht Schepens oud tussen de 60 en 70 jaar, en Dirck Jacobs Verloijen oud ca. 50 jaren, hebben een verklaring afgelegd op verzoek van Jan zoon wijlen Jan Eijmbrecht Schepens als gedaagde. Zij hebben onder ede verklaard dat tussen het erf van genoemde Jan en het erf van de kinderen van Lambrecht Willem Goijaerts gelegen in Oirschot herdgang Straten aan het Straelder in de Hedinge, een aantal jaren geleden een wal heeft gelegen tussen beide percelen in. Daarvoor was er eerder een onverdeeld erf geweest en er is toen een deel afge-scheiden met een wal die aangebracht is waarop nu een houtopstand staat. Toen destijds de wal werd aangelegd is dat deels door de grootvader van genoemde Jan gedaan en voor het andere deel door Jan Willems en er is tussen beide personen toen afgesproken dat de noordoostkant van de wal zou zijn voor genoemde grootvader en de andere kant voor Jan Willems of wat die personen daar dan ook over hebben afgesproken. Genoemde Willem verklaart dat hij weet dat Jacob Jans Verloijen, Peeter Goijaert Roesten en meer anderen de wal hebben aangelegd nochtans weet hij niet wie daartoe opdracht had gegeven of wie de arbeiders daarvoor had betaald. Genoemde Danel verklaart als man van Catharina en samen met Willemen Goessens en Ghijsbrecht Goijaert Hoppenbrouwers als erfgenamen van genoemde Goijaerden Hoppenbrouwers de genoemde wal te hebben gedeeld met het veld van Eijmbrecht Schepens, de vader van Danel Schepens en dat Danel toen het deel heeft verkregen aan het einde van de wal naast het heiveld aan de zuidkant en wijlen zijn vader het andere einde in bezit had naast de lopende straat noordwaarts. Hij weet ook nog dat Jan, de broer van ..., verder dat Willem Goessens de loten uit diens hoed had genomen omdat de wal en het veld verdeeld moesten worden en dat de wal toen is gesplitst in de buurt van het heiveld nabij een slippen ( ? ) die daar nu nog staat. Dirk Jacopssn. verklaart nog dat zijn vader met Peter Goijaert Roesten en anderen de wal hebben aangelegd, dat Willem en Eimbrecht Schepens die arbeiders daarvoor ook hebben betaald en wel gezamenlijk, maar omdat genoemde Willem niet meer geld daar aan uit wilde geven, is toen de wal niet geheel afgemaakt. Verder verklaart hij dat toen over de wal werd geloot en dat ze toen aan het einde van de wal stonden naast het heiveld achterwaarts en dat toen Eijmbrecht Schepens het einde kreeg van de wal naast de lopende straat noordwaarts en dat zijn vader toen zei : 'nu moogt gij op de wal gaan poten als U wilt'.


Huwt (1) voor 1540

51.695   Beelke Simon de CORT

FamilienaamIndex 51.695Vader 103.390Moeder 103.391

Overleden na 1557


Huwt (2)

51.525   Heijlken Jans in HEERBEEK

FamilienaamIndex 51.525Vader 103.050Moeder 103.051

Overleden voor 1591

ORA Oirschot (Toirkens 141b fol 213 no 7 dd 13-1-1573) Er zou een bepaalde ruzie kunnen ontstaan tussen de twee voorkinderen van Heijlken dochter van Jans in Heerbeeck verwekt bij wijlen Peter Lodewijk Niclaessen partij enerzijds en de 3 kinderen van genoemde Heijlken verwekt bij Peter Goijaert Roesten ter andere zijden inzake de roerende en vaste goederen die na het overlijden van Peter Lodewijks Niclaessen zijn achtergebleven, volgens het geldende recht van Oirschot geerfd worden door de twee kinderen van Heijlken en Peter Lodewijks en ook inzake de roerende en vaste goederen die Heijlken als weduwe nog heeft geerfd en ook inzake de bezittingen die Heijlken en Peter samen nog hebben verworven. Daarom zijn hierover nu samengekomen Jan zoon wijlen Peter Loijen Claes en Peterken dochter van genoemde Peter Lodewijks Claes met Jacop zoon Jan in Heerbeeck en Adriaen zoon Pauwels Loijen hun aangewezen voogden als partij ter ener zijde en Peter zoon Goijaert Roesten voor hemzelf en ook optredend voor zijn 3 kinderen verwekt bij genoemde Heijlken partij ter andere zijde en hebben het volgende akkoord gesloten. De twee voorkinderen krijgen de helft en de 3 nakinderen van Heijlken de andere helft van het huis met tuin en grond groot ca. een mudzaad, gelegen in Oischot herdgang Straten ter Ameijden, waar Heijlken nu woont. Dit bezit zal per a.s. Pinksteren op die wijze worden verdeeld. Ook krijgen ze samen de beemd genoemd het Clueckens gelegen ter Ameijden dat door genoemde Peter Goijaerts Roesten is verkregen, nog de helft van een rente van 5 gulden per jaar die de kerk van Oirschot jaarlijks moet betalen aan de erfgenamen van Jan Loijen, nog de helft van alle roerende goederen die Heijlken en Peter samen hebben bezeten waar die zich ook bevinden. Daarbij zullen Heijlken en Peter samen en elk apart als langstlevende het huis en tuin en grond mogen bezitten en er wonen, gelegen in Oirschot ter Ameijden, waar nu Jan zoon Peter Loij Claessen in woont waaruit ook de lasten door hen betaald moeten worden. Ook krijgen ze de andere helft van alle andere roerende goederen. Na het overlijden van de langstlevende zal genoemde hofstede en de helft van de genoemde roerende goederen opnieuw verdeeld worden en wel voor een helft voor de eerste twee kinderen en de andere helft ten behoeve van de 3 andere kinderen. Genoemde Peter Goijaerts Roesten zal gehouden zijn alle achterstaliige pachten ook degene die afgelopen Maria Lichtmisdag zijn vervallen te betalen. Daarna zullen de kinderen de lasten die op het bezit drukken moeten betalen en voor de eerste keer door hen per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar. De kinderen krijgen ook de oogstopbrengst van a.s. oogsttijd. Daarnaast is Peter Goijaerts Roesten verplicht om de twee voorkinderen namens de 3 nakinderen een bedrag van 80 gulden te betalen per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar zonder rente welke bedrag wordt betaald uit het bezit van de nakinderen zonder nadeel voor de voorkinderen.

ORA Oirschot (Toirkens 143c fol 400 no 1 dd 2-1-1591) Jan zoon wijlen Peter Niclaes, Willem zoon wijlen Peter Roesten, Gerit zoon wijlen Geraert Heesters als man van Mariken dochter van genoemde Peter Roesten, Antonis Marcelis Dielis als man van Peterken dochter van genoemde Peter Niclaes, Gijsbert Jacops van den Maerselaer als man van Jenneken dochter van Peter Roesten, zijnde allen erfgenamen van genoemde wijlen Peter Claes en Heijlken dochter van Grietken Verloijen en van Peter Roesten en genoemde Heijlken, vanwege de beide huwelijken. Bij deze verdeling heeft Jan Peter Niclaes een beemd verkregen genoemd het Cluijsbeemdken, gelegen in Oirschot herdgang Straten ter Ameijden, b.p. Willem Henrick Goijaerts, het erf van Jan Peters genoemd het Boschbeemdken. Verder krijgt hij 6 gulden eens van de overige erfgenamen. Uit dit erfdeel moet grondchijns worden betaald. Bij deze verdeling krijgt genoemde Willem Peter Roesten een stuk land deels akker en deels groesland, groot ca. 3 lopenzaad gelegen in Oirschot herdgang Straten ter Ameijden, b.p. het Quinckerse broek, Wouter Sgraets. Uit dit erfdeel moet jaarlijks 4 gulden worden betaald aan jonker Boeckop te Gestel en de grondchijns. Bij deze verdeling krijgt Gerart Heesters een hofstede met het land etc. groot ca. twee en een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten ter Ameijden, b.p. de erfgenamen van Jacop Verloijen, het Quinckerse broek, naast de lopende straat. Uit dit erfdeel moet jaarlijks 8 lopen rogge, Oirschotse maat worden betaald aan de H. Geest te Oirschot en de grondchijns.

Bij deze verdeling krijgt genoemde Antonis een stuk land gelegen in Oirschot, herdgang Straten ter Ameijden, b.p. de gemeijnte genoemd het Quinckerse Broeck, Willem Roesten. Uit dit erfdeel moet jaarlijks 2 gulden worden betaald aan jonker Boeckop te Gestel en de grondchijns. Bij deze verdeling krijgt genoemde Ghijsbrecht het huis met tuin, boomgaard etc. groot ca. 4 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Willem Happen, het stuk dat er van is afgedeeld, Wouter Sgraets, de gemeenschappelijke straat. Uit dit erfdeel moet jaarlijks een Bosch mudde rogge worden betaald aan de H. Geest aldaar, waarvan Willem Happen meteen aan deze Gijsbert een Bosch lopen rogge moet betalen. Verder moet er 3 gulden per jaar worden betaald aan jonker Boeckop te Gestel, aan Lentken Henricks in den Bosch 32 ... per jaar, nog 2 gulden en 8 stuivers aan Willen Happen en de grondchijns.


Zij huwt (1) ca. 1548

Peter Lodewijk NICLAES

FamilienaamIndex

Overleden voor 1573

Kinderen (Niclaes)

  1. Jan, volwasen in 1573
  2. Peterken, huwt na 1573, voor 1591 Antonis Marcelis Dielis

Kinderen (Roestenburgh)

  1. (uit 1) Catharina Zie 25.847
  2. (uit 1) Goijaert, huwt Lisbeth Henrick Gevaerts van Ostaden; ouders van Simon en Ijken. Schepen in 1584, 1587, 1590, 1593, 1596, 1607, 1611; raadsman 1592; in o.a. 1593, 1596, 1600 “Goijaerden Roestenburg van der Hoeven”
  3. (uit 1) Jan, huwt (1) Hendrikske Joorden Philip Jans van Hersel (+voor 13-9-1585); huwt ca. 1586 (2) Marieken Willems van Beers (vermeld 1590)
  4. (uit 2) Willem Zie 25.762
  5. (uit 2) Mariken, huwt Gerit Geraert Heesters
  6. (uit 2) Jenneken (+voor 1626), huwt Gijsbert Jacops van den Maerselaer (+na 1631)

TerugBegin van generatie


51.526   Adriaen Roelof ROBBEN

FamilienaamIndex 51.526Vader 103.052Moeder 103.053

Geboren voor 1507
Overleden Oirschot na 1561, voor 1594, vermoedelijk 1574

ORA Oirschot (Toirkens 131a fol 38 no 138 dd 3-4-1531) Ariaen Rolof Robben heeft aan Bartholomeus Gerit Mercks die een kapitaal verkocht van 16 gulden eens welk bedrag Jan Henrick Mickerts aan deze Ariaen eerder had beloofd binnen nu en 4 jaar en ondertussen een jaarlijkse rente van 16 stuivers, conform een schepenbrief van Tongelre. Ariaen behoudt echter wel de lopende en alle reeds vervallen termijnen voor hemzelf.

ORA Oirschot (Toirkens 132c fol 75 no 238 dd 26-7-1537) Jan zoon Gielis Jan Gielissen voor hemzelf handelend en voor Wouter en Margriet, zijn broer en zuster zijnde (bij Jenneke weduwe van GJG, MW) en mede voor zijn nicht Marieken dochter van Adriaen Rolof Robben, verder Gijsbrecht Jan Gijsbrechts en Bartholomeus Mercks als voogden over de kinderen en kindskinderen van genoemde Gielis Jan Gielissen, verkopen hierbij dat mud rogge en 2 lopen rogge per jaar, met de lopende termijn uit de vorige akte nu aan Jan Ervaert Willems van Oudenhoven (…).

ORA Oirschot (Toirkens 134a fol 7v nos 23-24 dd 14-1-1540) Willem zoon wijlen Jan Joirden Happen verkoopt hierbij het vierde deel van een akker met de houtopstand etc. in totaal groot ca. 3 lopenzaad, nog onverdeeld zijnde gelegen te Oirschot, onder Ameijden aldaar, b.p. de gemeijnte, Gijsbrecht Vlemminks. Het perceelsgedeelte wordt nu verkocht aan Adriaen zoon wijlen Rolof Robben en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve 3 lopen rogge per jaar aan het klooster van de Halve Straat te Leuven. (Idem no 24) Adriaen zoon wijlen Rolof Robben heeft als schuldenaar beloofd om aan Willem zoon wijlen Jan Joirden Happen die een bedrag van 7 en een halve gulden te zullen gaan betalen tussen nu en a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar.

ORA Oirschot (Toirkens 134b fol 16 nos 57-60 dd 1-2-1541) Ricalt zoon wijlen Henrick Schoetmans, verder Elisabeth dochter van wijlen genoemde Henrick Schoetmans met Adriaen Scrommen als haar voogd, verder Jan Stockelmans als man van IJken, Adriaen Goijaert Scrommen als wettige man van Barbara, Daniel Janszoon van der Meijen als wettige man van Katarijnen, allen wettige dochters van genoemde wijlen Henrick Scoetmans, verkopen hierbij de helft van de akker uit de vorige akte nu aan Adriaen zoon wijlen Rolof Robben en de verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen. De koper moet wel zorgen voor het onderhoud van de waterloop langs het perceel volgens oude gewoonte. (…) (Idem 59) Adriaen zoon Roelof Robben heeft beloofd om aan Willem Henrick Goijaerts die een jaarlijkse rente van 10 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en morgen voor de eerste keer, op onderpand van een akker groot ca. 3 lopenzaad, zoals staat vermeld in de akte van de voorgaande bladzijde. (…) (Idem 60) Adriaen zoon wijlen Roelof Robben heeft beloofd om aan Marieken wettige dochter van wijlen Daniel Peter Daniels die een jaarlijkse rente van 15 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag van elk jaar, op onderpand van de in de voorgaande akte vermelde akker. (…)

ORA Oirschot (Toirkens 134c fol 24 no 75 dd 10-2-1542) Adriaen zoon wijlen Rolof Robben voor hemzelf en ook namens zijn vrouw Katalijnen wettige dochter van wijlen Jan Happen, heeft beloofd om aan Mechtelden dochter van Goijaert Jacops die een jaarlijkse rente van 10 stuivers te zullen gaan betalen, steeds vervallend op St. Andriesdag en voor de eerste keer per a.s. St. Andriesdag op onderpand van een akker groot ca. 3 lopenzaad, gelegen in Oirschot onder Ameijden, b.p. de gemeeenschappelijke straat, de kinderen van Gijsbrecht Vlemmings. (…) De rente is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag van elk jaar, mits er een maand vooraf is opgezegd, tegen betaling van 9 gulden en de achterstallige termijnen.

ORA Oirschot (Toirkens 136a fol 95 nos 371-2 dd 2-12-1547) Dirck zoon wijlen Aert Dircks wat betreft het een achtste deel, verder (…) van een akker genoemd de Middelste akker, groot ca. 4 lopenzaad, gelegen in Oirschot ter Ameijden alhier, b.p. Jan Joris, de kinderen van Ansem Goossens, de gemeenschappelijke straat, een pad waarover men mag wegen. Ze verkopen hun resp. delen daarvan nu aan Adriaen zoon wijlen Roelof Robben en de verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen behalve 4 chijnshoenderen aan de heer van Petershem. (Idem 372) Adriaen zoon wijlen Roelof Robben en met hem Willem Goijaerts hebben zich zoals ze verklaarden voor schepenen van Den Bosch verplicht een jaarlijkse rente van 6 gulden en 5 stuivers te gaan betalen aan Corstiaen Willem Corstiaens, welke rente aflosbaar is met 100 gulden. Daarna heeft genoemde Adriaen verklaard dat dit geld voor hem was bestemd en hij beloofd daarom nu om deze rente van 6 gulden en 5 stuivers zodanig te zullen gaan betalen dat genoemde Willem en diens bezit daarvoor gevrijwaard zullen blijven.

ORA Oirschot (Toirkens 136a fol 21 no 114 dd 17-2-1548) Adriaen zoon wijlen Roelof Robben heeft als schuldenaar beloofd om aan Frans Heijmerick Scepens die een bedrag van 12 gulden en 15 stuivers te zullen gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag.

Idem (fol 61v no 260 dd 16-5-1548) Willem die Cort, Dirck Hermans, Peter Willems van Brogel, Jan Huiskens, Jan Aert Scheijntkens, Michiel Dielis Lucassen, Peter Jans Crommen, en Michiel Joosten, die daartoe zijn gemachtigd vanwege de inwoners van de gemeente Oirschot zoals ons schepenen voldoende is gebleken, verkopen hierbij een stuk land, groot ca. anderhalve roede, gelegen in herdgang Straten, b.p. het erf van de koper, de gemeenschappelijke straat. Het wordt nu vanwege de inwoners op grond van een keizerlijke goedkeuring hiervoor verkocht aan Adriaen Roelof Robben en de verkopers beloven deze verkoop gestand te doen en het perceel voor lasten te vrijwaren, behalve de gebruikelijke grondchijns aan de heer.

ORA Oirschot (Toirkens 136b fol 53 no 257-8 dd 9-6-1550) Jan zoon wijlen Jan Aert Jacops verkoopt hierbij een beemd genoemd de Vleesslach, gelegen in herdgang Straten aan de Meijen Hovel aldaar, b.p. Henrik Henriks Verhoven, Henrick Aert Dircks, Peter Henrick Gerarts, de gemeijnte. Het perceel wordt nu verkocht aan Adriaen Roelof Robben en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve een half mudde rogge per jaar aan Aerden Thomassen van den Ven samen met de lopende termijn over te nemen. (…) (Idem 258) Adriaen Roelof Robben heeft als schuldenaar beloofd om aan Jan zoon wijlen Jan Aert Jacops die een bedrag van 69 gulden te zullen gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag.

Idem (fol 58 no 287 dd 7-7-1550) Adriaen zoon wijlen Roelof Robben heeft beloofd om aan Jenneken dochter van wijlen Corstiaens van den Hovel die een jaarlijkse rente van 20 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend op St. Laureijsdag op onderpand van een huis, tuin etc. groot ca. 3 lopenzaad, gelegen in herdgang Straten, b.p. de kinderen van Gijsbrecht Vlemmincks, de gemeenschappelijke straat. Ook nog op onderpand van een akker groot 4 lopenzaad, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Jan Joris, Goijaert Corstiaens, de gemeenschappelijke straat, Dirk Verhoeven.

ORA Oirschot (Toirkens no 137a fol 23 no 124 dd 4-3-1551) Adriaen Rolof Robben heeft als schuldenaar beloofd om aan Jan Heijmerick Scepens die een bedrag van 18 gulden te zullen betalen per afgelopen Maria Lichtmisdag over twee jaar.

ORA Oirschot (Toirkens 137b fol 68v nos 275-6 dd 30-5-1554) Daniel zoon wijlen Willem die Cort verkoopt hierbij een beemd gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Laureijs genoemd Vreijs Verhoeven, Willem Happen, de kinderen van wijlen Jans van den Ecker, Christine weduwe van Henrick Dielissen, welke beemd die hij eerder heeft gekocht van Georgien zoon van wijlen Henrick Aelbrechts conform een schepenbrief van Den Bosch. Hij verkoopt de beemd nu aan Adriaen zoon Roelof Robben en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve dat er overpad moet worden verleend aan de kinderen van Jans van den Ecker. (…) (Idem 276) Adriaen zoon Roelof Robben heeft beloofd om aan Daniel zoon van wijlen Willems die Cort die een jaarlijkse rente van 6 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag (…).

Idem (fol 73v no 300 dd 6-7-1554) Arien zoon Roelof Robberts heeft beloofd om aan Henrick Dielis Hoppenbrouwers die voortaan een jaarlijkse rente van 4 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op St. Jansdag en voor de eerste keer per a.s. St. Jansdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc. groot ca. 3 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten ter Ameijden aldaar, b.p. de gemeenschappelijke straat, de kinderen van Gijsbrecht Vlemmincks. Ook nog op onderpand van een akker genoemd de Middelste Akker, groot ca. 4 lopenzaad, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Willem Henricks, Jan Jooris, een pad, de lopende straat. (…) Henrick Dielis Hoppenbrouwers staat aflossing van de rente altijd toe op St. Jansdag van elk jaar, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 64 gulden en de achterstallige termijnen. (…)

ORA Oirschot (Toirkens 137c fol 38v no 138 dd 23-2-1555) Adriaen zoon wijlen Roelof Robben verkoopt hierbij een beemd die hij heeft verkregen van Daniel Willems die Cort en Daniel weer had verkregen van Gregorius zoon wijlen Henrick Aelbrechts, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Lauwereijs genoemd Vreijs Verhoeven, Willem Happen, conform schepenbrieven van Den Bosch en van Oirschot daarover. Hij verkoopt dit perceel behalve het voorste stuk dat is afgemaakt tot aan het genoemde hooiveld toe nu aan Willem Cornelissen van Beerwinckel en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve een jaarlijkse rente van 6 gulden aan Daniel die Cort. De eerste termijn voor rekening van de koper vervalt per a.s. Maria Lichtmisdag. Verder moet Adriaen aan deze Willem overpad geven naast het erf van Wreijs Verhoeven over een pad ter breedte van 20 voet voor een helft en ter breedte van 12 voet voor de andere helft, welk pad deze Willem en diens erfgenamen altijd zullen mogen gebruiken om er over te rijden etc.

ORA Oirschot (Toirkens 138c fol 75 no 294 dd 5-11-1560) Adriaen zoon Peter Bollen verkoopt de akker uit de voorgaande akte genoemd de Langen Akker groot ca. vier en een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Notel, nu aan Adriaen Roelof Robben en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 144b fol 214 no 55 dd 8-2-1594) Danel van de Schoot als vervanger van Lambrecht Jan Beckers en Niclaes Peter Aerts als gemachtigde van Corstiaen Antonissn. hebben met een schepenbankvonnis van Oirschot beslag laten leggen op een beemd gelegen in Oirschot, herdgang Straten, b.p. Laureijs Verhoeven, Willem Happen, de kinderen van Jans van den Ecker en wel vanwege een betalingsachterstand inzake een rente van 6 gulden per jaar, die 20 jaar onbetaald was gebleven. Deze rente werd jaarlijks betaald door Adriaen Roelof Robben aan Daniel Willems de Cordt conform een schepenbankbrief van Oirschot d.d. 30 mei 1555 en wel elk jaar op Maria Lichtmisdag. Daarbij heeft genoemde Danel namens Lambrecht en Niclaes hiervan de eigendom verworven voor het bedrag van de betalingsachterstand en de gerechtskosten, conform een schepenbankvonnis d.d. 18 november 1591. Nadat de wettelijke termijn hiervan verjaard is, is het onderpand door Wernaar Grevenraet, dienaar van de groene roede aldaar en ook nog door de vorster alhier in het openbaar bij openbare veiling te koop gesteld (…) Niclaes Jan Aerts en Lambrecht Jan Beckers in hun hoedanigheden en hebben een bod uitgebracht ter hoogte van die 20 jaar betalingsachterstand van genoemde rente samen met de gerechtelijke kosten inclusief schepenloon en schrijfloon, met de voorwaarde dat als er niemand meer kwam opdagen met enige vordering op het onderpand dat dan de eigendom naar de schuldeisers zou overgaan. Omdat er verder niemand meer kwam is de kaars ontstoken en is het pand geveild.

Idem (fol 221 nos 79-85 dd 23-2-1594) Niclaes zoon wijlen Peter Aert Stertz en Jan Jan Anthonis Bruinen als gemachtigden van Christiaen Anthonis van Druenen als man van Mechteld, weduwe van Jan Cornelis Heijmericks van Tilborch, zoals blijkt uit een machtigingbrief opgemaakt voor schepenen van Tilburg d.d. 18 februari j.l., verkopen een beemd zoals zij die middels beslaglegging hebben verkregen vanwege een vermindering op een rente van 6 gulden per jaar welke rente Adriaen Roelof Robben eerder had beloofd te zullen betalen aan Daniel Willems de Cordt uit deze beemd, welke perceel is gelegen in Oirschot, herdgang Straten ter Ameijden, b.p. Laureijs Verhoeven, Willem Henrick Goijaerts, de kinderen van Jans van den Ecker. De beemd wordt nu verkocht aan Jan zoon wijlen Adriaen Roelof Robben en de verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen, behoudens de dorpslasten. (Idem 80) Genoemde verkopers in hun kwaliteit bedingen nog, omdat de beemd nog niet voldoende heeft opgebracht vanwege de eerdere rente van 6 gulden per jaar dat de achterstalligheid nog opeisbaar blijft zoals in de executiebrief staat vermeld. (Idem 81) Jan zoon wijlen Adriaen Roelof Robben heeft als schuldenaar beloofd om aan genoemde verkopers een bedrag van 55 gulden te zullen betalen en wel meteen als ze daarom worden verzocht. (Marge: Met instemming van partijen afgehandeld, datum 17 mei 1594) (Idem 82) Genoemde Jan en diens broer Roelof en nog Willem Peter Roesten hebben elkaar beloofd om deze 50 gulden ieder voor hun deel zodanig te zullen aflossen en betalen dat de ander daar niet op kan worden aangesproken. (Idem 83 dd 25-2-1594) Genoemde Niclaes en Jan, op grond van hun verkregen machtiging, verkopen de rente van 6 gulden per jaar die Corstiaen Anthonissen eerder had verkregen van Daniel Willems de Cort zoals zij verklaarden en welke rente Adriaen Roelof Robben genoemde Daniel elk jaar had beloofd te zullen betalen (…) met 14 achterstallige termijnen aan Jan Adriaen Roelof Robbenzoon voor zichzelf en ook ten behoeve van de andere kinderen van genoemde Adriaen Robben. De verkopers beloven alle lasten van hun kant en ook voor genoemde Corstiaen af te zullen handelen. (Idem 84) Genoemde Niclaes en Jan op grond van hun verkregen machtiging, hebben afstand gedaan van hun aanspraken ten behoeve van genoemde Jan Adriaen Rolof Robben cum suis inzake deze beemd, waarbij Jan voor verdere zekerheidsstelling kan zorgdragen. (Idem 85) Jan en Roelof, broers en zonen van Adriaen Roelof Robben, Peter Willem Roesten als man van Catherijn, dochter van genoemde Adriaen, voor zichzelf en ook optredend voor de andere kinderen van genoemde Adriaen, hebben samen en ieder hoofdelijk beloofd om aan genoemde Niclaes en Jan een bedrag van 57 gulden te zullen betalen per a.s. Maria Lichtmisdag. Deze 57 gulden komen boven op de 55 gulden die op 23 februari j.l. zijn beloofd en die ook betaald dienen te worden. (Marge: Met instemming van partijen doorgehaald, datum 28 februari 1595).

ORA Oirschot (Toirkens 144b fol 289v no 13-16 dd 14-1-1595) Henrick zoon wijlen Jan Henrick Zijkens die verklaart 24 jaar oud te zijn, verder Adriaen Henrick Zijkens, Gijsbrecht zoon van genoemde Jan, als voogden over Henrick en Jan zoon van genoemde Jan Zijkens, op grond van een verkregen schepenbankdecreet verkopen hierbij het erfdeel en recht van genoemde Henrick en Jan, zijnde de helft van een huis en tuin en toebehoren dat ze hebben geerfd van hun ouders, gelegen in Oirschot herdgang Straten. Het erfdeel wordt nu verkocht aan Roelof zoon Adriaen Roeloff Robben en de verkoper (…) (Idem 14) Genoemde Roelof heeft als schuldenaar beloofd om aan de genoemde verkopers een bedrag van 20 gulden te zullen betalen per a.s. Paasdag en nog 104 gulden per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar. (Idem 15) Roelof zoon wijlen Adriaen Roelof Robben verkoopt een akker groot ca. 3 lopenzaad, genoemd de Schaefvuijt gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Antonis Marcelis Dielissn. b.p. Dirck Jan Jacopssn. en anderen zoals hij die had verkregen van de kinderen van Jan Henrick Zijkens, genoend in Heerbeeck. Het perceel wordt nu verkocht aan Adriaen Henricks in Heerbeeck en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve een jaarlijkse rente van 6 gulden aan Jacop Dircks van de Velde en de dorpslasten. (Idem 16) Adriaen zoon wijlen Henrick Aert Zijkens in Heerbeeck geassisteerd met zijn zoon Wouter voor zichzelf en ook optredend voor de andere kinderen van genoemde Adriaen, hebben als schuldenaars beloofd om aan Henrick en Jan, broers en zonen van wijlen Jan Henrick Sijckens een bedrag van 29 gulden te zullen betalen per a.s. Maria Lichtmisdag ter vermindering van een schuld die Roelof Robben vandaag heeft beloofd te zullen betalen aan deze genoemde broers vanwege een verkoop. En eveneens belooft Adriaen een schuld te zullen betalen van 6 gulden aan Jacop Dircks van de Velde ook ter vermindering van een schuld van Roloff Robben aan deze Jacop van de Velde. De broers Henrick en Jan, ook nog voor hun broer Gijsbrecht verklaren hierbij volledig voor deze 29 en 6 gulden te zijn betaald.


Huwt ca. 1535

51.527   Catalijn Jan Jordaen HAPPEN

FamilienaamIndex 51.527Vader 103.054Moeder 103.055

Overleden voor 1595

Kinderen

  1. Roelof (+na 1595, voor 1615), huwt Gerritje Jan van Kerckoerle (+na 1615); zij huwt (2) Aerden Henrick Hermans. Roelof en Gerritje waren ouders van Jan, Arien en Mariken (gehuw met Antonis Antonissen)
  2. Jan (+na 1594)
  3. Marieke, vermeld 1537
  4. Catalijntje Zie 25.763

TerugBegin van generatie


51.532   Dirck Dirck de MESMAKER

FamilienaamIndex 51.532Vader 103.064Moeder 103.065

Kwartieren ontleend aan Henk Coolen.


Huwt (1)

Cathalyn Jan LAMBRECHTS

FamilienaamIndex

Niet vermeld door Henk Coolen.


Buitenechtelijke relatie (2) met

51.533   Lijsbeth Willem Dirck SCHEIJFVE

FamilienaamIndex 51.533Vader 103.066Moeder 103.067

Geboren voor 1510

Kinderen

  1. (uit 1) Dirck, huwt Dircksken Geraert Voss
  2. (uit 2) Dirck Zie 25.766

TerugBegin van generatie


51.534   Jan Matheus Gerrit SBIJEN

FamilienaamIndex 51.534 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren Hilvarenbeek

Alias sBijen van Loen. Kwartieren ontleend aan Henk Coolen.


Huwt voor 1530

51.535   Mechteld Scelleken Peter SCELLEKENS

FamilienaamIndex 51.535 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Anna Zie 25.767

TerugBegin van generatie


51.536   Anthonis Henrick ROOSEN

FamilienaamIndex 51.536Vader 103.072Moeder 103.073

Overleden Moergestel voor 1586


Huwt voor 1560

51.537   Elisabeth N.

Index 51.537 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Geboren ca. 1530
Overleden na 1586

Kinderen

  1. Willemke
  2. Mattheus
  3. Jan Zie 25.768

TerugBegin van generatie


51.538   Jan Jan Dircks BRESSERS

FamilienaamIndex 51.538Vader 103.076Moeder 103.077

Overleden voor 1586

Schepen Moergestel 1578, 1580 (vgl BL 1973)


Huwt voor 1550

51.539   Beatrix Jan Jan GOOSSENS

FamilienaamIndex 51.539Vader 103.078Moeder 103.079

Kinderen

  1. Jan
  2. Daniel
  3. Jenneken
  4. Marijken
  5. Ijken Zie 25.769

TerugBegin van generatie


51.552   Gijsbrecht Jan HOPPENBROUWER

FamilienaamIndex 51.552Vader 103.104Moeder 103.105

Geboren voor 1457
Overleden voor 1518, mogelijk voor 1498

Niet verwarren met Gijsbrecht Dirck Hoppenbrouwer, man van Mechteld Jan Voets, ouders van Thomas (vermoedelijk sinds 1526 de stadhouder voor de schout van Kempenland), Jan Sr (huwt Ida (Yken) Dielis aan de Liende alias (1527) Iken Cluijstermans), Jan Jr (zie erfdeling 24-2-1523, huwt kennelijk Lijsbeth N.), Margriet (huwt Jan Ariens), Oda en Mechteld (huwt Henricks van der Ameijden) (vgl erfdeling 20-6-1518).

Ook niet verwarren met Gijsbrecht Dircks Hoppenbrouwer (man van Liesbeth Goijaert Crommen) die volgens de genealogie Goossens de vader van Goijaert zou zijn.

Overerving van stukken grond Heijlaer en Elsdonck ondersteunen de kwartieren.

Mogelijk Jan zelf:

ORA Oirschot (Toirkens 128a fol 122v nos 217-8 dd 10-3-1509) Gijsbrecht Jan Hoppenbrouwers en Gijsbrecht Gijsbrecht Hoppenbrouwers beloven voortaan aan meester Jan de Crom die jaarlijks 2 peters te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin etc., eigendom van genoemde Gijsbrecht Jan Hoppenbrouwers, b.p. de erfgenamen van Gielis Cremers, de kerkpad daar, de gemeijnte, de zusters van heer Aert Crommen. Nog op onderpand van een huis, tuin etc., eigendom van genoemde Gijsbrecht Gijsbrecht Hop penbrouwers, b.p. Aert Scepens, Geenken Stijnen. De schuldenaars beloven het onderpand in goede staat te houden voor de betaling van de rente. (Idem 218) De rente uit de vorige akte is altijd aflosbaar, tegen betaling van 32 peters.

ORA Oirschot (Toirkens 128a fol 162v no 64-5 dd st Thomas Apostel 1511) Gijsbrecht Jan Hoppenbrouwers heeft beloofd om aan Aert Heijmerick Schepens die een jaarlijkse rente van anderhalve rijnsgulden te gaan betalen of 30 stuivers, steeds op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin etc. gelegen in herdgang Straten, b.p. de kinderen van Gielis Cremers, de gemeenschappelijke straat, Henrick en Lisbeth kinderen van Heijmerick Schepens. (Idem 65) De rente uit de vorige akte is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag tegen betaling van 24 rijnsguldens, mits er een half jaar vooraf is opgezegd.

ORA Oirschot (Toirkens 128a fol 237 nos 110-1 dd 13-2-1511) Henrick en Jan, kinderen van Willem Oemen, verklaren dat Gijsbrecht Jan Hoppenbrouwers aan hen een pacht van 14 lopen rogge mogen aflossen, maat van Orischot die Gijsbrecht steeds aan hen betaalt, tegen betaling van 50 rijnsguldens samen met de achterstalligheid dan. (Idem 111) Gijsbrecht Jan Hoppenbrouwers belooft aan Henrick en aan Jan Willem Oemen die over 8 dagen een bedrag van 50 gulden te betalen.

ORA Oirschot (147b fol 165 no 16 dd 21-1-1611) Adriaen zoon wijlen Jans van Coll als man van Jenneken dochter van wijlen Mathijs Augustijns, verkoopt hierbij de jaarlijkse rente van 2 gouden Peters per jaar, welke rente Henrick zoon wijlen Henricks van den Maerselaer eerder had beloofd aan Henrick zoon wijlen Rutger Beelaerts (…) op onderpand van een stuk land, (…) nog op onderpand van een halve bunder beemd, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Aert Schepens en meer anderen, Goijaert zoon wijlen Gijsbert Hoppenbrouwers en meer anderen, de gemeenschappelijke straat, conform een schepenbrief van Den Bosch d.d. 9 april zaterdag na zondag Letare Jerusalem van het jaar 1518. Deze rente had heer Henrick Stockelmans, priester ten behoeve van Dirck Jan Stockelmans gekocht van Henrik Rutger Beelaerts, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 13 april 1535.

VERMOEDELIJKE NAZATEN:

ORA Oirschot (Toirkens 127a fol 7 no 39 dd 1-2-1504) Jan zoon wijlen Gijsbrecht Hoppenbrouwers en diens broer Gijsbrecht, voor henzelf handelend en voor Heijlwich hun zuster verkopen aan Gerard Jan Hoogneven een stuk land genoemd het Pollenland, groot 3 lopenzaad gelegen in herdgang Straten, b.p. de kinderen van Jan Peters, de koper, de straat. Nog verkoopt hij een stuk land bij het andere stuk gelegen, groot 2 en een halve lopenzaad, b.p. de koper, de straat, de erfgenamen van Jan Henricks van den Schoet. Lasten hieruit zijn 6 Bossche zesters rogge in Den Bosch te leveren aan de Kruisbroeders daar en nog een oort als chijns.

ORA Oirschot (Toirkens 127a fol 14v nos 77-8 dd 6-3-1505) Jan zoon wijlen Jan Gijsbrecht Hoppenbrouwers heeft afstand gedaan van zijn kindsdeel ten behoeve van zijn broers en zusters dat hij van zijn vader heeft geerfd of nog zal erven van zijn moeder, behalve het bezit dat zijn moeder toen ze weduwe was heeft geerfd en daarvan wil hij wel zijn kindsdeel behouden, zijnde een stuk beemd genoemd de Hodonk, gelegen onder Ameijden hier. Nog inzake een stuk land genoemd de Straetakker, gelegen in herdgang Straten. (Idem 78) Gijsbrecht en Goijart, broers en kinderen van wijlen Jan Gijsbrecht Hoppenbrouwers hebben beloofd om hun broer Jan uit de vorige akte die na de dood van hun moeder een bedrag van 16 peters eens te betalen.

ORA Oirschot (toirkens 128b fol 17bis-v no 89 dd St Maarten 1510) Gijsbrecht en Jan, broers en kinderen van wijlen Jan Gijsbrecht Hoppenbrouwers, hebben beloofd aan Gielis Jan Karijns, ten behoeve van diens erfgenamen die voortaan een jaarlijkse rente van 4 en een halve stuiver te gaan betalen, na de dood van Gielis Jan Karijns en niet eerder, op onderpand van een huis, tuin etc., groot ca. een half mudzaad gelegen in herdgang Straten, b.p. Heijn Gerarts, Peter Goijaert Raijmakers, de straat, de erfgenamen van Gijsbrecht Dirck Hoppenbrouwers. Genoemde schuldenaars mogen die rente altijd aflossen na de dood van genoemde Gielis danwel zodra genoemde Gielis niet langer het bezit gebruikt afkomstig van diens overleden vrouw.

VERMOEDELIJKE NEVEN, NICHTEN EN KLEINKINDEREN

In ORA Oirschot (136b fol 12 no 47 dd 31-1-1549) komen voor als kinderen en verdere verwanten van een Jan Hoppenbrouwers: (1) Beatricks weduwe van Gijsbrecht Jan Hoppenbrouwers; (2) Laureijs Verhoeven als man van Marie dochter van wijlen Jan Hoppenbrouwers (kinderen Jan, Elisabeth en Oijken); (3) Berta wettige dochter van wijlen Jan Hoppenbrouwers, weduwe wijlen Laureijs Daniels (kinderen Jan, Dielis, Henrick, Daniel, Heijlwich en Anna); (4) Meeusken wettige dochter van wijlen Jan Hoppenbrouwers weduwe Dirck Henricks (met zoon Frans, dochter Elisabeth gehuwd met Henrick Janssen); (5) Jan, Gijsbrecht en Marie, wettige kinderen van wijlen Goijaert Jan Hoppenbrouwers, met hun zuster Katalijn; (6) Dirck, (7) Oijken en (8) Elisabeth, de laatste drie kindereloos gestorven kinderen van wijlen Jan Hoppenbrouwers. Bezit: huis, bakhuis met de helft van een daarbij gelegen akker, gelegen in herdgang Straten; beemd genoemd de Gevaert, gelegen in herdgang Straten; een akker genoemd de Aerle Akker; een beemd genoemd de Huisken Verdonck, gelegen in herdgang Aerle. In volgende aktes (48-53) wordt de verdeelde erfenis onderling verhandeld of worden rentes aan elkaar gegeven. Vergelijk ook ORA Oirschot (136b fol 87v no 333 dd 6-9-1549), schuld van enkele erven aan Baet weduwe van Gijsbrecht Jan Hoppenbrouwers.

Niet aan de voorgaanden verwant: (135b fol 32v no 206 dd 23-4-1546) Vandaag op 23 april 1546 heeft Aleijt Pelsers met haar voogd Joost Ghevaerts op grond van een octrooi dat wij hebben gezien d.d. 9 april 1532, en ook op grond van het eerdere testament dat zij heeft gemaakt zoals ze zei, nu haar testament opgemaakt. Ze vermaakt een jaarlijkse rente van 20 lopen rogge aan heer Herman Cleijnaert die ze heft op het bezit van Elisabeth weduwe van Goijaert Jan Hoppenbrouwers en wel vanwege een bedrag dat deze heer Herman voor haar had betaald zijnde een bedrag van 150 gulden aan Joseph vanwege gekochte wijn zoals zij zei. Verder vermaakt ze al haar bezit aan haar natuurlijke zoon Bernaert puur als gift vanwege bepaalde diensten die deze zoon voor haar heeft gedaan en nog doet. Als deze Bernaert komt te overlijden zonder wettig nageslacht te hebben verwekt dan vervalt haar bezit aan de naaste erfgenamen van haar vader en moeder die dan nog in leven zijn. Verder vermaakt ze aan Marieke, de metgezellin van heer Herman (Cleijnaert?) een kastje en aan Neesken de meid een gulden eens.

Ook niet direct verwant: Joestken Gijsberts, vermeld ORA Oirschot 1540, en Goijaert Gijsberts (+voor 1541), gehuwd met Elisabeth, ouders van Jan, Marie, Katalijn en Gijsbrecht; de kinderen (deels onmondig) maken erfdeling 14-1-1550 (ORA Oirschot 136b fol 7 nrs 36ff); in de erfdeling o.a. genoemd belendingen aan een huis (met tuin, grond etc. groot ca. 4 lopenzaad, gelegen in herdgang Straten, b.p. Laureijs Verhoeven, IJken weduwe van Jan Hoppenbrouwers, de gemeijnte); en een rente (nog hun deel inzake een jarlijkse rente van 10 stuivers die zijn beloofd door Goijaert Janssen aan de kinderen van Jan Hoppenbrouwers).


Huwt voor 1497

51.553   N.N.

Index 51.553 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Goijaert Zie 25.776
  2. Gijsbrecht (hypothetisch), gehuwd met Mechteld Gerard Jan Gerards (vermeld 1528), ouders van Goyaert; zij testeren (hij ziek) 3-3-1549 (ORA Oirschot 136b fol 35v no 146).

TerugBegin van generatie


51.556   Jan Wouter Henrick TOIRKENS

FamilienaamIndex 51.556Vader 103.112Moeder 103.113

Geboren ca. 1480
Overleden na 1559

ORA Oirschot (Toirkens 128a fol 24 nos 143-6 dd St Ja, Juni 1508) Luijtken dochter van wijlen Goijaert Henrick Delien weduwe van Peter Gerarts, met Claes Gerarts als haar voogd, heeft afstand gedaan ten behoeve van Jan Wouter Toirkens inzake haar erfdeel dat ze heeft geerfd van haar tante Sophia dochter van wijlen Henrick Goijaert Delien en waarvan Henrick van den Hagelaer het vruchtgebruik heeft gehad. Dat betreft haar deel van een huis, tuin etc., gelegen onder Boterwijk hier, b.p.. Lup van Hersel, Daniel Oijen en meer anderen, Adriaen Vos, de straat. Nog inzake een beemd die hierna wordt vermeld. (Idem 144) Jan Wouter Toirkens belooft aan Claes Geerarts ten behoeve van Luijtken uit de vorige akte, die een bedrag van 13 en een halve peter te betalen, samen met een rente tegen de penning zestoen en die rente komt ten gunste van de kerk van Oirschot. (Idem 145) Genoemde Jan Wouter Toirkens belooft op onderpand van een huis en beemd onder Boterwijk. b.p. de straat, Steven Smid, de erfgenamen van Claes Scepens, de erfgenamen van Philips van Geldrop, jaarlijks 3 mud rogge te leveren, waarvan 1 mud in Den Bosch en het kapittel van Oirschot jaarlijks een chijns van 2 en een halve stuiver en de heer van Merode een philipsdenarius. De schuldenaar belooft die pachten en chijns etc. zo te betalen dat alle andere personen en hun bezit daarvoor gevrijwaard zijn. (Idem 146) Jan Wouter Toirkens belooft aan Herman Back die een bedrag van 4 gouden peters te betalen. Hiermee komt een andere belofte te vervallen van 17 en een halve gouden peter die in Den Bosch eerder was beloofd, t.b.v. Herman Back en diens mede-erfgenamen.

ORA Oirschot (Toirkens 128a fol 89 nos 96-7 dd 17-5-1509) Jan zoon wijlen Wouter Toirkens heeft beloofd aan Rutger Jan Gijsbrechts van Kerkoerle die voortaan een rente van een rijnsgulden per jaar te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin etc., gelegen onder Boterwijk, b.p. Lupprecht Janssen van Hersel en diens kinderen, Jan Persoens, de straat. Verder nog op onderpand van de erfenis die Jan als echtgenoot van Henrick zal erven van haar moeder. Jan zal die erfenis niet eerder verkopen dan nadat hij deze rente van een gulden per jaar heeft afgelost. (Idem 97) De rente uit de vorige akte is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag tegen betaling van 16 gulden, mits er vooraf met Kerstmis is opgezegd.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 441 no 305-7 dd 18-9-1527) Marie weduwe van Willem Rolant Buijsers, met haar voogd Jan Rutgers (van Kerkoerle) door haar als zodanig gekozen en gegeven, daarin gemachtigd zoals ons is gebleken met een machtigingsbrief uit De Hage (‘s-Gravenhage, JT) in Holland, door Jan Jans Kinderen, zijnde procureur voor het Hof van Holland, zijnde deze Jan echtgenoot van Katharijna dochter van genoemde Marie en genoemde Willem Rolants, welke machtiging is gedateerd 27 oktober 1525, heeft met schepenbrieven van Den Bosch en van Oirschot aan Jan Toirkens een rogpacht van 2 mud rogge verkocht uit een pacht van 3 mudde rogge. Genoemde Jan Toirkens krijgt daarvan het vruchtgebruik en zijn wettige kinderen verwekt bij wijlen Henrick dochter van wijlen Thomas van der Ameijden daarvan het erfrecht en dat mudde rogge jaarpacht had wijlen Henrick Brant eerder beloofd aan Willem natuurlijke zoon van heer Willem van der Meer, op onderpand van het bezit dat die had onder Boterwijk aan de westzijde daar, richting de Moest. Dat bezit bestaat uit een huis met tuin en een beemd genoemd de Sroedenbeemd, en een stuk land daar genoemd de Beertenhof. (…)

ORA Oirschot (Toirkens 132bb fol 1 nos 3-8 dd 29-12-1535) Jan Toirkens weduwnaar van Henrieken dochter van wijlen Thomas van der Ameijden, doet hierbij afstand van het recht van vruchtgebruik in de helft van een beemd nog onverdeeld zijnde, genoemd dat Henrikslaer, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. de Gemeijnen Beemd daar, Heijlken weduwe van Peter Bressers en haar kinderen, de gemeijnte. Hij doet er nu afstand van ten behoeve van al zijn wettige kinderen verwekt bij genoemde Henrieken. (Idem 4) Thomas, Daniel en Wouter de jongste, broers en wettige kinderen van Jan Toirkens, voor henzelf en ook voor hun broer Willem, verkopen hierbij de helft van een beemd genoemd dat Henrickslaer, gelegen zoals in de vorige akte beschreven, welk deel ze van hun moeder Henrieken hebben geerfd, en waarvoor hun vader Jan afstand van zijn recht van vruchtgebruik heeft gedaan, Ze verkopen hun aanspraken nu aan hun broer Wouter de oudste en de verkopers mede namens hun broer Willem beloven alle lasten hierin van hun kant af te handelen. (Idem 5) Wouter Jan Toirkensa senior heeft zijn vader Jan beloofd die voortaan een jaarlijkse rente van 2 Karolusguldens te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag, op onderpand van de helft van de beemd uit de voriga akte. Hij belooft het onderpand in goede staat te houden voor de betaling van de rente. (Idem 6) Jan Toirkens, weduwnaar uit de vorige akte, doet hierbij afstand voor het vijfde deel van al zijn roerende en onroerende bezit, van welke aard dan en ook en waar zich dat ook bevindt, ten behoeve van zijn wettige zoon Wouter de oudste. Hij belooft deze toezegging altijd gestand te zullen blijven doen. (Idem 7) Wouter Jan Toirkens de oudste verkoopt hierbij zijn 1/5e deel en kindsdeel inzake alle roerende en onroerende bezit waar dan ook bevonden zal worden, dat hij bij de dood van wijlen zijn moeder Henrieken heeft geerfd en waarvoor zijn vader afstand van zijn recht van vruchtgebruik heeft gedaan, en ook alle bezit dat hij in de toekomst nog van zijn broers zal mogen erven. Hij verkoopt die aanspraken nu aan Thomas, Daniel en aan Wouter de jongste, zijnde zijn broers en kinderen van Jan Toirkens. De verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen. (Idem 8) Wouter Jan Toirkens senior heeft als schuldenaar beloofd om aan Thomas, Daniel en Wouter de jongste, zijn broers, die samen 6 Karolusguldens te zullen gaan betalen en wel meteen na de dood van hun vader Jan, zodat die daarvan een eerlijke uitvaart kunnen laten doen waarvoor Wouter senior zijn persoon en bezit verbindt.

Idem (fol 65 v nos 191-4 dd 7-6-1536) Jan Toirkens, weduwnaar van Henricken dochter van wijlen Thomas van der Ameijden, doet hierbij afstand van het recht van vruchtgebruik inzake een akker groot ca. 8 lopenzaad, gelegen in herdgang de Kerkhof aan de Hovel, b.p. Peter van der Ameijden, Willem Hubrechts (van de Schoet), Lambert Laureijssen, Jan Gooseens van der Hoeven en meer anderen, heer Jan van der Hagen kanunnik te Oirschot, Gerard Janssen van der Vlueten, de weduwe en kinderen van Henrick van Berse. Hij doet er nu afstand van ten behoeve van al zijn wettige kinderen verwekt bij genoemde Henrieken en belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen. (Idem 192) Willem, Thomas, Daniel en Wouter de jongste, broers en wettige kinderen van Jan Toirkens, voor henzelf handelend en voor hun broer Wouter de oudste (Wouter senior woont in Antwerpen) verkopen hierbij een akker, met recht van overpad tussen het erf van heer Jan van der Hagen, en Lambert Laureijssen, groot ca. 8 lopenzaad, gelegen zoals in de vorige akte beschreven. Ze verkopen het perceel nu aan Jan zoon wijlen Jans van den Schoet en het bezit is per a.s. oogsttijd stoppelbloot te aanvaarden. De verkopers beloven alle lasten hierin van hun kant af te handelen, behalve de helft van twee en een halve mud rogge per jaar, maat van Den Bosch en in Den Bosch te leveren aan Lamberten van den Broek daar, nog een mud en 5 en een halve lopen rogge per jaar, maat van Oirschot aan het kapittel te Oirschot, nog een mud rogge en een pond payment per jaar aan de kapelaans te Oirschot, alle rentes en pachten te betalen met ingang van a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar. Verder moet er overpad aan anderen worden verleend. (Idem 193) Vervolgens is hier verschenen Jan zoon wijlen Jans van den Schoet en heeft beloofd alle hiervoor vermelde lasten met ingang van a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar zodanig te betalen, dat de verkopers en hun bezit daarvoor verder gevrijwaard blijven. Daarvoor verbindt Jan Jan van de Schoot zijn persoon en bezit. (Idem 194) Jan zoon wijlen Jans van den Schoet heeft als schuldenaar beloofd om aan Jan Toirkens die daarvan het vruchtgebruik krijgt en waarvan Willem, Thomas, Daniel en Wouter de jongste daarvan het erfrecht, die 18 gouden Karolusguldens te gaan betalen per a.s. St. Petrus en Paulusdag.

ORA Boxtel (inv 61 fol 273v dd 24-6-1536) Thomas, Daniel, Wouter Jr, wettige kinderen van Jan Wouter Toerkens, machtigen hun broeder Wouter sr om te procederen tegen Margriet Jans van den Duyfhuys, hun moeye. (Ik kan haar niet plaatsen als (schoon)zuster van 51.557 Henrieksken Thomas van der Ameijden; mogelijk is zij een zuster van de onbekende moeder van Jan Toirkens. MW)

ORA Oirschot (Toirkens 134a fol 123a no 400 dd 14-12-1540) Jan zoon wijlen Wouter Toirkens weduwnaar van Henriecken dochter van wijlen Thomaes van der Ameijden doet hierbij afstand van zijn recht van vruchtgebruik inzake de helft van een perceel grond en het huis dat daar opstaat, groot in totaal ca. 14 lopenzaad, gelegen in Oirschot onder Boterwijck aldaar, b.p. Anna weduwe en kinderen van Henrick Philips van Hersele, Henrick die Buijser,

Daniel Oeijen en meer anderen, Natael Vos, de gemeenschappelijke straat. Hij doet er nu afstand van ten behoeve van Daniel en Wouter de jongste, gebroeders zijnde zijn wettige kinderen verkregen bij wijlen genoemde Henriecken, zodat die daar een jaarlijkse rente op kunnen lenen van een gulden van Goessen Daniels en voor niet meer dan als zodanig.

(Toirkens 136b fol 51v no 219 dd 4-4-1549) Jan Toirkens weduwnaar van Henrieken dochter van wijlen Thomaes van der Ameijden doet hierbij afstand van zijn recht van vruchtgebruik inzake de helft van een huis, grond etc. in totaal ca. 14 lopenzaad, gelegen onder Boterwijck alhier, b.p. Anna weduwe en kinderen van Henrick Philips van Herzele, Henrick van Berendonck en kinderen, Natael Vos, de gemeenschappelijke straat. Hij doet er nu afstand van ten behoeve van zijn zoon Daniel (…).

(Toirkens 137b fol 59v no 275 dd 19-5-1552) Erven Evert Joerdens verkopen hun aanspraken inzake een jaarlijkse pacht van een mudde rogge, maat van Den Bosch, welke pacht Willem natuurlijke zoon van heer Willem van der Meer, priester eerder had beloofd aan Jacop Scutter, steeds vervallend op St. Remigiusdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc. gelegen in Oirschot onder Boterwijk aldaar, b.p. heer Philips van Geldrop priester, de gemeenschappelijke straat. Verder ook nog op onderpand van een beemd aldaar gelegen, b.p. Goessens van der Roetelen, Willem Truden, conform een schepenbrief van Den Bosch in het jaar 1388 en welke pacht was overgedragen aan heer Henrick Poijenborch en heer Henrik deze had overgedragen aan Goijaerden Poijenborch en genoemde Goijaert in diens testament had vermaakt aan de genoemde verkopers van hierboven zoals ze zeiden. De pacht wordt nu verkocht met een vervallen en een lopende termijn aan Daniel Jan Wouter Toirkens.


Huwt

51.557   Henrieksken Thomas van der AMEIJDEN

FamilienaamIndex 51.557Vader 103.114Moeder 103.115

Overleden voor 1527

Kinderen

  1. Wouter Zie 25.778
  2. Daniel
  3. Wouter de jongste, vermeld ORA Oirschot 1540, volwassen
  4. Thomas, vermeld ORA Oirschot 1540, volwassen
  5. Willem

TerugBegin van generatie


51.558   Jordaen Jordaens de BROUWER

FamilienaamIndex 51.558Vader 206.340Moeder 206.341 • Tevens 103.170

51.559   Jenneke Jan Jan BRUIJSTENS

FamilienaamIndex 51.559Vader 206.246Moeder 206.247 • Tevens 103.171

TerugBegin van generatie


51.560   Jan LEEMANS

FamilienaamIndex 51.560Vader 103.120Moeder 103.121

Geboren ca. 1480
Overleden voor 1526

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 292b, los, no 103 dd 31-1-1527) Beertram van den Spijker heeft beloofd om aan Henrick Lupprechts van den Schoet het geldsbedrag te gaan betalen dat wijlen Jan Leemans hem Beertram eerder in bewaring had als schepen toendertijd, zoals Beertram verklaart vanwege een aflossingsbrief ten behoeve van wijlen Lupprecht van den Schoet. Hij zal dat bedrag betalen samen ook met de brieven daarover en de rente ervan tegen de penning 20.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 36v no 99 dd 14-2-1528) Dirck Leemans, onze collega-schepen als voogd over de kinderen van zijn broer Jan, als partij ter ener zijde en Anna weduwe van Geerlack Thomassen met daarbij Aert Henricks onze collega-schepen en Thomas Rutgers als partij ter andere zijde, hebben met elkaar vergaderd om een afrekening op te stellen van alle schulden en vorderingen tussen genoemde Geerlack en de vermelde kinderen zou kunnen bestaan. Over die afrekening is een twist ontstaan en het is nu zover dat Rutger van den Staijekker en Philips van den Doeren daarover een minnelijke uitspraak hebben gedaan. Daarbij zal de weduwe aan genoemde Dirck Leemans in diens hoedanigheid de originele brief overhandigen van een rogpacht van 9 muddes, waarvan er 5 zijn afgelost zoals ons uit een schepenbrief is gebleken en de andere 4 mud rogge daarvan heeft Geerlack op zijn sterfbed verklaard, zoals Denis Goijaerts als zodanig heeft gezegd, dat die eveeneens afgelost zouden zijn. Daarna moet Dirck aan de weduwe en haar kind kwijting geven voor alle verdere schulden die deze Geerlack schuldig zou kunnen zijn aan de kinderen van vermelde Jan Leemans tot aan vandaag de dag toe,. De uitspraak is daarop door partijen goedgekeurd en de weduwe heeftde brief nu terstond overhandigd en Dirck heeft direkt daarop kwijting gegeven voor alle andere schulden.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 31v no 92 dd 1-3-1535) Jan zoon wijlen Jan Leemans heeft verklaard dat Willem Wouter Colen en Denis Goijaert Lemmens aan hem de rogpacht van 10 lopen per jaar hebben afgelost welke pacht Jan van zijn vader had geerfd en van diens moeder Elisabeth dochter van Thomas Geerlicks en welke pacht eerder door wijlen Wouter Colen en Aleijt dochter van Geerlicks van den Melcroth werd betaald aan wijlen genoemde Jan Leemans en diens vrouw Elisabeth. Hij geeft hen nu kwijting en alle anderen die kwijting daarin behoeven. Hij verklaart dat de originele brief daarover in het ongerede is gekomen, maar als die later opnieuw weer wordt gevonden, dan zal die niet langer geldig zijn.


Huwt (1) na 1512

51.561   Lijsbeth Thomas Geerlicks van de MELCKROTH

FamilienaamIndex 51.561Vader 103.122Moeder 103.123


Huwt (2)

Elisabeth Dircks Die LEGHE

FamilienaamIndex

Overleden na 1531, voor 1533

ORA Oirschot (Toirkens 129b fol 314 no 121-2 dd 15-3-1523) Henrick Aert Jacops belooft aan Lisbeth dochter van Dirck de Lege als weduwe van Jan Leenmans, die voortaan een rente van een rijnsgulden te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een stuk beemd genoemd de Cleijn Elsbroeck, (…) (Idem 122) De rente uit de vorige akte kan altijd worden afgelost op Maria Lichtmisdag tegen betaling van 36 rijnsguldens, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd. Lisbeth met haar broer en voogd, Dionijs de Lege staat zulks aan Henrick als schuldenaar toe.

ORA Oirschot (Toirkens 131a fol 284 no 143 dd 7-4-1531) Jan zoon wijlen Aert Jacop Smollers heeft beloofd om aan Adam Weijlaerts, ten behoeve van diens vrouw Elisabeth eerder weduwe van Jan Leemans, en ten behoeve van het wettige kind van deze Jan en Elisabeth daarvan het erfrecht, die een jaarlijkse rente van 2 gulden te gaan betalen, op onderpand van een akker gelegen in de Aerlesche akkers, groot 9 en een halve lopenzaad, b.p. Denis Leegen, Jan Gerits, Jan Henrick Corstens, Joffrouw van Os.


Zij huwt (2) voor 1531

Adam WEIJLAERTS

FamilienaamIndex

Overleden na 26-4-1549

Kinderen

  1. (uit 1) Dirck Zie 25.780
  2. (uit 1) Jan, volwassen in 1535
  3. (uit 2) Jenneke, huwt (1) Jan Aert Jacops; huwt (2) Lenart Wouter Toorkens; huwt (3) Willem Willems van de Maerselaer (+na 5-3-1599); testeren (ORA Oirschot) 20 mei 1585 en nogmaals 3-11-1598. Zij doet 13-1-1599 en nogmaals 5-3-1599 (ORA Oirschot 145a no 95-102) afstand van vruchtgebruik van haar goederen.

TerugBegin van generatie


51.562   Dielis Lucassen van den SCHOET

FamilienaamIndex 51.562Vader 103.124Moeder 103.125 • Tevens 103.294

Overleden na 1524, voor 1528

Schepen van Oirschot (1498, 1505), Fabrieksmeester St. Odulphuskapel te Best (1486, 1497), kerkmeester van de St Odulphuskapel, 1485.

ORA Oirschot (Toirkens 125a fol 122 no 312 dd 12-2-1488) Gielis Lucas van de Schoot, Katarina dochter van Aert Thomaes, Goijaert Gielis de Smit in een onduidelijke en onafgemaakte erfdeling. Genoemd: een stuk beemd genoemd het Zweversveld gelegen naast de Cruijsbeemd; de Roesbeemd; de Twaalf Bunders in de Vloet; het Nuwe Erf; de Groetenbunder in de Geenkensdijk; de oude Cruijsbeemd ten Steegde en de de Roefsbeemd in de Geenkensdijk.

ORA Oirschot (Toirkens 125a fol 189 no 319 dd 29-9-1489) Gielis Lucas van de Schoet als man van Sophia dochter van Michiel Wilneven heeft zijn achterstallige vordering aangetoond inzake een pacht van 2 en een half mud roge, die 9 mud en 2 lopen achterstallig is, welke pacht Goossen Thomas van Oudenhoven eerder aan zijn zwager Michiel Willem Neven had beloofd, met een totaal pacht van 6 mud en 8 lopen, maat van Oirschot, steeds te betalen op Maria Lichtmisdag op onderpand van zijn 1/3e deel dat hij van zijn vader had geerfd in heide, weide of zand, en het andere deel had verkregen van zijn zwager Michiel volgens schepenbrief van Oirschot. Nog op onderpand van het 1/3e deel van bezit dat hij had verkregen van zijn zwager Willem Vos volgens schepenbrief van Oirschot d.d. 2 maart 1470. Jan van Esp heeft de uitwinning verzorgd en de koop is gegund aan Corsten van de Velde.

ORA Oirschot (Toirkens 125b fol 23v no 25 dd 28-1-1490) Henrick Janssen van Best heeft beloofd aan Gielis Lucassen die voortaan jaarlijks een rijnsgulden te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis etc., b.p. Willem Stijnen, verder rondom in de gemeijnte.

ORA Oirschot (Toirkens 125b fol 24 no 162 dd 2-7-1491) Jan Gijsbrechts van der Lijnden verkoopt met schepenbrief aan Gielis Lucas van de Schoet die een jaarlijkse rente van 18 stuivers, welke rente Gerart Willem Scuijpers eerder had beloofd aan Jan en Lisbeth kinderen van wijlen Gijsbrecht van der Lijnden, steeds op Maria Lichtmisdag, op onderpand van een huis, tuin etc. gelegen in de Vloet (= de Vleut in Best), b.p. de gemeijnte, Meeus Maercolfs, Pauwels van Schijndel. Die rente had Jan van zijn zuster Lisbeth in een deling verkregen zoals hij zei. De verkoper belooft alle lasten van zijn kant en namens zijn zuster af te handelen.

Kapittel van Oirschot inv nr 541 (8-6-1491) Egidius, zoon van Lucas van den Schoot, als echtgenoot van Sophia, dochter van Michael Wilneven (Wilvenen, Wilnenen?), heeft overgedragen voor schepenen van 's-Hertogenbosch, aan Arnold van Weilhusen, ten behoeve van kapelfabriek van Onze Lieve Vrouw in Oirschot in Kerkhof: deel roggepacht uit geërfde goederen. Origineel inventarisnr 415

ORA Oirschot (Toirkens 125b fol 289 nos 66-67 dd 25-2-1492) Gielis Lucassen van den Scoet verkoopt aan Dirck Henrick Legen een stuk land groot ca. 7 lopenzaad, gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. de verkoper, Evaert Verhoven, Wouter Colen, de gemeenschappelijke straat. De verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve een mud rogge per jaar aan Gielis en een halve philippus als chijns aan de heer. (Idem 67) Genoemde Dirck uit de vorige akte belooft aan Gielis die voortaan een pacht van een mud rogge per jaar te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van het bezit uit de vorige akte. Dirck zal dat mud rogge jaarlijks gaan betalen aan Gijben te Vught, aan wie Gielis die jaarlijks dat mud rogge moet betalen en Dirck zal zo betalen dat Gielis daarvoor gevrijwaard is.

Idem (fol 297v nos 124-5 dd 2-4-1492) Gielis Lucassen verkoopt nu aan Henrick Lambrechts die een huis, tuin etc., groot ca. 4 lopenzaad, gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. Gerard van Kreijelt, de gemeijnte, Luijtken van Brogel, Goijaert Stoelkees. De verkoper belooft alle lasten af te handelen, behalve een pacht van 8 lopen rogge per jaar aan Margriet Roestelmans en nog aan Jan van der Hoef te Eindhoven een pacht van 4 lopen rogge, verder de grondchijns. (Idem 125) Genoemde Henrick uit de vorige akte belooft aan Gielis Lucassen dat hij de genoemde pacht van 8 lopen rogge aan Margriet Roestelmans zo zal betalen dat Gielis en zijn bezit daarvoor verder gevrijwaard zijn.

ORA Oirschot (Toirkens 126b fol 16 no 98 dd 1-5-1499) Dirck Janssen van der Heijden heeft beloofd om aan Gielis Lucas van den Schoet die per a.s. St. Jansdag een bedrag van 28 en een halve rijnsgulden te gaan betalen, elke gulden tegen 20 stuivers, de gouden rijnsguloden voor 27 stuivers, elk vuurstaal voor 3 blanken etc. samen met een rente steeds van 33 en een halve stuiver en 1 oort.

ORA Oirschot (Toirkens 126c fol 18v no 86 dd 26-4-1501) Heer Jan Robilaert, priester en kanunnik te Oirschot in zijn funktie als kerkmeester van de St. Petruskerk, verkoopt aan Gielis Lucas van den Schoet die een stuk beemd groot een halve bunder gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. Dirck Legen, Heijlwig Vaerlaers, de straat. (…).

ORA Oirschot (Toirkens 126c fol 11 no 68 dd 27-2-1502) Goijaert Willem Aelbrechts verklaart dat Gielis Lucas aan hem een pacht van 2 mud rogge en 3 lopen heeft afgelost die de kinderen van Lambrecht Aerts te Liempde jaarlijks hebben ontvangen uit het bezit van Gielis Lucas volgens de schepenbrief van Den Bosch. Verder zal Goijaert jaarlijks aan Peter Stoepkens 2 lopen rogge betalen, aan Margriet Belaerts 4 lopen en aan Jan van den Hoef te Eindhoven 4 lopen zodat Gielis Lucas en zijn bezit daarvoor verder altijd zal zijn gevrijwaard. Dat betreft zijn huis in herdgang Naastenbest, groot 4 lopenzaad, b.p. genoemde Goijaert, de kinderen van Goijaert Gielis Stoelkees, de gemeijnte.

ORA Oirschot (Toirkens 129a fol 44v no 261 dd 11-7-1518) Margriet weduwe van Henrick Claes met haar wettige kinderen Thomas en Henrick, die samen ook handelen voor de andere kinderen van Henrick en Margriet, verkopen aan Gielis Lucas van den Schoet die een aflosbare pacht van 2 en een half mud rogge, welke pacht Henrick Claes Thomas van Oudenhoven eerder aan zijn wettige zuster Isabel had beloofd, maar waarvan Henrick Claes Thomas zijn aflossingsrecht had behouden. Hiermee verklaren ze dat de pacht is afgelost en dat Gielis de zegel van de brief zal afbreken.

ORA Oirschot (Toirkens 129b fol 365 no 64-6 dd 30-1-1524) Agata dochter van Boudewijn Pauwels, weduwe van Adriaen Goijaerts van de Hovel met haar broer Jan als haar voogd, verkopen aan Gielis Lucas van den Schoet een huis, tuin etc., gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. heer Jan van Pierna, de gemeente Oirschot zelf, Katalijn Bressers, heer Dirck Willem Lucas van der Meer, de straat. Dat bezit had Adriaen Goijaerts van den Hoevel verkregen van joffrouw Goessen weduwe van Jan van Os en haar wettige kinderen. (Idem 65) Goijaert Goijaerts van den Hoevel doet afstand van alle rechten die hij zou kunnen hebben in het huis etc. uit de vorige akte ten behoeve van genoemde Egidius (Idem 66) Agata uit de vorige akte met haar voogd belooft aan Goijaert Goijaerts van den Hoevel dat voor het geval er enige rentes of pachten worden afgelost aan degenen die daar het aflossingsrecht in hebben, dat ze dat geld wederom zal beleggen ten behoeve van haar recht van vruchtgebruik en waarvan de erfgenamen er het erfrecht van krijgen, alles volgens Oirschots recht, met uitzondering van een rente van een rijnsgulden per jaar aan Goijaert Happen die afkomstig is van de moeder van Goijaert van den Hovel, die rente versterft aan genoemde Goijaert of aan diens erfgenamen.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 62 no 174 dd 7-4-1528) Henrick en Daniel, broers en kinderen van wijlen Aert daniels van der Ameijden en hun zuster Agnees met haar voogd Aert Henricks van der Ameijden hebben hierbij beloofd om aan Sophia weduwe van Dielis Lucas van den Schoet doe voortaan een jaarlijkse rente van 2 gouden Karolusguldens te gaan betalen, op onderpand van een schuur en grond etc., gelegen in herdgang de Kerkhof, groot een mudzaad, b.p. de gemeenschappelijke straat, Henrick Scoetmans, heer Jacop van Geldrop.

Idem (fol 120 no 358-9 dd 13-12-1528) Lucas Janssen van den Schoet heeft aan Michiel Gielis Lucas van den Schoet ten behoeve van hemzelf en ten behoeve van diens broers en zusters, die een rogpacht verkocht van 2 lopen per jaar, uit een pacht van 8 lopen per jaar, welke pacht Gielis de Cremer die een zoon was van Gielis Loeskens destijds had beloofd aan Godevart Jan Jacops was van Lieshout, op onderpand van een stuk land genoemd dat Dael, gelegen in herdgang Aerle, b.p. Henrick van den Maerseleer, Dirck van den Laer. Die 2 lopen had Lucas van zijn ouders geerfd. (idem 359) Jan Huijskens als man van diens vrouw Oijken, heeft aan Michiel Dielis Lucas van den Schoet ten behoeve van hemzelf en ten behoeve van diens broers en zusters, die een rogpacht verkocht van 2 lopen per jaar, uit een pacht van 8 lopen per jaar, welke pacht Gielis de Cremer die een zoon was van Gielis Loeskens destijds had beloofd aan Godevart Jan Jacops was van Lieshout, op onderpand van een stuk land genoemd dat Dael, gelegen in herdgang Aerle, b.p. Henrick van den Maerslaer, Dirck van den Laer. Die 2 lopen had Jan namens de ouders van zijn vrouw Oijken geerfd.

ORA Oirschot (Toirkens 131a fol 93v nos 324-7 dd. 21-12-1530) Sophia weduwe wijlen Dielis Lucas van de Schoet, met Jan Rutgers (secretaris van Kerkoerle) als haar voogd, heeft afstand gedaan van haar recht van vruchtgebruik ten behoeve al haar wettige kinderen en wel inzake al het bezit dat deze Dielis heeft nagelaten, van welke aard dan ook en waar dan ook bevonden zal worden, behalve wat betreft een huis, tuin etc. in herdgang Verrenbest, zoals Jan Hermans dat vandaag de dag bewoont. Ook nog behalve een mudde rogge per jaar te ontvangen van Jan Gerits, nog een half mud rogge van Jan Reijners, nog 2 gulden per jaar aan de kinderen van Aert van der Meijen. Ook nog behoudens het huis in herdgang de Kerkhof, en de huisraad daarin aanwezig, van welk bezit zij haar vruchtgebruik behoudt.

(Idem 325) Michiel zoon van wijlen Dielis Lucas van den Schoet, Peter Jan Haeckx als man van Heijlwich, Willem Pauwels als man van Elisabeth, verder Dirck Jan Leemans als man van Margriet en Goossen Emmen als man Clara, allen wettige kinderen van Dielis Lucas van den Schoet en van diens vrouw Sophia, hebben met elkaar een boedelverdeling gemaakt van het bezit van wijlen hun vader waarvoor hun moeder afstand van haar recht van vruchtgebruik heeft gedaan.

Genoemde Michiel krijgt een huis met tuin etc., gelegen in herdgang Verrenbest. b.p. de kinderen van Adriaen Colen, de straat, de kinderen van Geerlack Thomas van den Melckroth, de straat. Nog krijgt hij een bunder broekland dat wordt geruild in de zelfde herdgang, b.p. de weduwe van Jan Peter Haecks, Jan van Rijthoven, de Spijkersbunder daar, de Diepstege. Nog krijgt hij een halve bunder broekland genoemd de Kevie aan de Geenkensdijk onder Verrenbest, b.p. Beertram van den Spijker, Peter Haecks, het gemeenschappelijke broek daar. Nog krijgt hij de helft van een heiveld het achterste stuk ervan, dat tot land wordt gemaakt, ter zelfder plaatse gelegen, b.p. Heijl Steenbackers, de gemeenschappelijke heide, de kinderen van Henrick Scremers, het erf van Dirck Leemans waarvan het is afgedeeld. De lasten hieruit zijn een half mudde rogge aan de St. Odulphuskapel te Best, en 5 stuivers grondchijns. Verder krijgt hij een mudde rogge per jaar te ontvangen uit het bezit van Jan Reijners, nog 9 lopen rogge per jaar te ontvangen van Ijwaen van Col, nog 3 lopen rogge per jaar te ontvangen van Henrick van Col. Hij moet wel wegen en waterlaten onderhouden. Verder krijgt hij 88 lopen rogge en een rente van 5 gulden per jaar zodat hij van elk van de 4 andere erfdelen 22 lopen rogge krijgt en 25 stuivers, zolang Sophia leeft, steeds op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag , welke lasten deze Peter, Willem, Dirck en Goessen in hun hoedanigheid hierbij aan Michiel beloven.

Genoemde Peter krijgt een huis met tuin en de helft van de bocht gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. het erf van Dirck Leemans waarvan is afgedeeld, de gemeenschappelijke kerkpad daar, de straat, de kinderen van Herman van Aerle. Jaarlijkse last uit dit bezit zijn 2 mudde rogge aan Goijaerden Huls. Verder krijgt hij een bunder beemd genoemd de Geenkensdijk gelegen onder Best, b.p. Goijaert van Geloven, het deel van Lucas, Dirck Leemans, het broek daar. Verder krijgt hij eeen beemd genoemd de Braeckerbeemd gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. Eelen Moretels, Ijken Slegen, de straat. Nog krijgt hij een beemd genoemd het Roefveldeken, gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. Goessen Emmen, het gemeenschappelijke broek,Willem Pauwels. Lasten hieruit zijn de grondchijns, wegen en waterlaten te moeten onderhouden, nog 3 gulden en 2 mude rogge per jaar lijfrente aan Katalijn Aert Scomekers. Nog krijgt hij een half mud rogge per jaar te ontvangen van Rutger Nagelmakers te Zon, nog 8 lopen rogge per jaar te ontvangen van Claes Ariaen Smollers, nog een mud rogge per jaar te ontvangen van Jan Reijners. Nog krijgt hij een rente van anderhalve gulden per jaar te ontvangen van Dirck Francken zolang Katalijn Aert Scomakers in leven is. Nog krijgt hij 20 lopen rogge, Oirschotse maat en 24 stuivers per jaar steeds op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag te ontvangen van Michiel, Dirck, Willen en Goessen elk 5 lopen en 6 stuivers, zolang Katalijn Aert Scomakers nog in leven is.

Genoemde Willem Pauwels krijgt een huis met tuin etc., gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p,. heer Jan Pierna, het erf van de Vrijheid van Oirschot en meer anderen, de gemeenschappelijke straat. Hieruit jaarlijks aan het kapittel 4 lopen rogge te betalen. Nog krijgt hij een stuk heide, weiland en akker aan elkaar gelegen en genoemd dat Nuewe Roth gelegen in herdgang Aerle, b.p. Jan Lambrecht, Gerit Stijnen, de gemeenschappelijke straat, de kinderen van Dirck van de Maerselaer. Nog krijgt hij een beemd genoemd de Cruijsbeemd, gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. Dirck Leemans waarvan het is afgedeeld, het broek daar in de richting naar de steenoven toe, Peter Jan Haecks waarvan is afgedeeld. Nog krijgt hij een akker genoemd de Meijnbraeck gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. de kinderen van Maes Goessens, Aert Lenaerts. De lasten hieruit zijn 6 stuiver een oort als grondchijns en men moet wegen en waterlopen onderhouden. Verder krijgt hij nog een jaarpacht van 44 lopen rogge vervallend op Maria Lichtmisdag en wel van genoemde Michiel, Dirck, Peter en Goessen, elk van hen 11 lopen zolang hun moeder Sophia leeft. Ieder van de verdelers in hun hoedanigheid heeft belooft zulks aan Willem te voldoen uit hun eigen bezit. Verder krijgt hij nog een mud rogge per jaar en een half mud rogge per jaar te ontvangen van Jan Reijners, voor de eerste keer na de dood genoemde Sophia maar niet eerder.

Genoemde Dirck Leemans krijgt een nieuw huis met de helft van de bocht vanaf de gemeenschappelijke straat tot aan het erf van Hermans van Aerle, gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. Dirck Verheijden en Elen Mortels, Peter Haecks waarvan het is afgedeeld, de gemeenschappelijke straat, Herman van Aerle. Hieruit jaarlijks aan de weduwe van Goijaert Coppens een mud rogge te moeten betalen. Nog krijgt hij de helft van een heiveld zijnde het voorste stuk, gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. de gemeenschappelijke straat, Heijl Steenbackers, het erf van Michiel waarvan het is afgedeeld, Jan Crijns. Nog krijgt hij een deel van een beemd genoemd de Cruijsbeemd, gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. het gemeenschappelijke broek, Willem Pauwels waarvan is afgedeeld, Goessen Emmen waarvan is afgedeeld. Verder krijgt hij een beemd genoemd de Geenkensdijck, gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. Dirck Verheijen, de kantorij van Oirschot, Peter Haecks, Willem Belen. De lasten hieruit zijn 6 en een halve stuiver grondchijns, verder te moeten zorgen voor onderhoud van wegen en waterlopen, nog een halve stuiver Hinckaert chijns. Nog krijgt hij 2 mud rogge jaarlijks, het ene mud te ontvangen van Rut Nagelmakers, het andere van Jan Reijners te Acht. Nog krijgt hij een jaarrente van 1 gulden uit een pacht van anderhalve gulden jaarlijks te ontvangen na de dood van Katalijn Ardt Scomakers en niet eerder, daarna te ontvangen van Dirck Francken.

Genoemde Goossen krijgt het huis, tuin etc. gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. de Weverstraat. Dirck Jacops, de gemeijnte, Jan die Legwerker, verder krijgt hij een stuk land genoemd de Braecken gelegen onder Naastenbest, b.p. Goijaert Aelbrechts, Eelen Mortels, Lijsken Deen Daniels, Dirck Verheijen. Nog krijgt hij een akker genoemd de Hoelbraak, ook gelegen in Best, b.p. Dirck Verheijen, Jan Gerit Stijnen, de kinderen van Geerlac Maes. Nog krijgt hij een akker en toebehoren gelegen in Naastenbest (er staat Vorstenbest), genoemd de 3 lopenzaad, b.p. Goijaert Aelbrechts. Nog krijgt hij een akker genoemd die Huijst, gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. Wellen Wauters, Dirck Verheijen. Nog krijgt hij een deel in een beemd genoemd de Cruijsbeemd, gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. het gemeenschappelijke broek daar, Peter Haecks, Dirck Leeman waarvan het is afgedeeld Nog krijgt hij een weiland genoemd de Bijvinck, gelegen in herdgang Aerle, b.p. Rutger van den Staijekker, Jacop van den Schoet, Lijsken Deen Daniels, de gemeenschappelijke straat. Lasten uit dit bezit zijn 11 lopen rogge jaarpacht te Gerwen, nog 4 lopen rogge aan Heijl Belaerts, nog 7 stuiver grondchijns, nog een blank grondchijns, verder te moeten zorgen voor onderhoud van wegen en waterlopen. Nog krijgt hij een mud rogge jaarpacht te ontvangen van Delis Joordens te Son, nog 7 lopen rogge jaarpacht te ontvangen van Joest Rutten te Son, nog 5 lopen rogge per jaar te ontvangen van Jan van den Kerckhof, nog 10 stuivers per jaar uit een rente van anderhalve gulden te heffen op Dirck Francken, na de dood van Katalijn Ardt Somekers, en niet eerder.

(Idem 326) Michiel Dielis Lucassen heeft beloofd om aan Peter Haecks, aan Dirck Leemans, Willem Pauwels en Goessen Emmen als echtgenoten, die gezamenlijk 88 gouden guldens te betalen op de eerste Maria Lichtmisdag na het overlijden van zijn moeder Sophia maar niet eerder.

(Idem 327) Willem Pauwels in zijn hoedanigheid heeft beloofd om aan Michiel Dielis Lucassen, aan Peter Haecks, aan Dirck Leemans en aan Goessen Emmen, samen om onder hen te verdelen, een bedrag van 80 gouden karolus guldens per de eerste Maria Lichtmisdag na het overlijden van Sophie weduwe van genoemde Dielis Lucassen, maar niet eerder dan als zodanig.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 78no 220-222 dd 23-2-1535) Voor de rechter en voor ons schepenen is verschenen Philips van den Doeren, als gemachtigde voor Peter Janssen als man van Heijlwich dochter van wijlen Gielis Lucas van den Scoet en heeft met schepenbrieven zijn achterstallige vordering aangetoond inzake een pacht van 8 lopen rogge per jaar die 4 jaar onbetaald is gebleven zoals hij zei. Deze pacht hadden Peter en Heijlwich geerfd en was hen toebedeeld in de boedeldeling van het bezit van wijlen Gielis van de Scoet en Gielis op zijn beurt had die weer van zijn ouders geerfd. De pacht was oorspronkelijk door Gielis die Cremer die zoon was van Gielis Loeskens beloofd aan Godevaerden Maes Goeswijns op onderpand van een stuk land genoemd dat Dael, gelegen in Oirschot herdgang Aerle, b.p. Henrik van den Maerselaer. Deze pacht van 8 lopen rogge had Godevaert aan genoemde Gielis verkocht, conform schepenbrief van Oirschot d.d. 26 oktober 1422. Daarop hebben wij als schepenen op aanwijzing van de rechter nu bij vonnis bepaald dat Philips de vordering op het onderpand mag verhalen, behalve dat hij daarbij ook de rechten van anderen dient te respecteren. Als onderpand is nu een akker aangewezen die nu wordt gebruikt door Claes Adriaen Smollers gelegen in Oirschot, herdgang Aerle in de Aerlesche akkers, b.p. Laureijs Verhoeven, de erfgenamen van wijlen Jan van Os en meer anderen. Er is aangeboden om het af te mogen lossen en daarna is het in het openvaar geveild voor 3 herbergen. Daarbij is verschenen Jan Mengelen en heeft daarvoor de pacht van 8 lopen rogge per jaar en 32 lopen eens geboden als achterstand. Daarna is er nog een termijn van 3 dagen in acht genomen en is het definitief verkocht aan Jan Mengelen. (Idem 221) Genoemde Jan Mengelen uit de vorige akte verkoopt het bezit weer met de vonnisbrief etc. aan Peter Janssen en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. Datum 11 augustus 1535 (Idem 222) Peter Janssen uit de vorige akte als man van Heijlwich dochter van Gielis Lucas van den Scoet, verkoopt deze akker gelegen in Oirschot, herdgang Aerle in de Aerlesche akkers, zoals vermeld in voorgaande brief, nu aan Goijarden van den Hovel onze collega-schepen en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve een jaarlijkse pacht van 8 lopen rogge aan de verkoper zelf. Datum 24 augustus 1535.

ORA Oirschot (Toirkens 131a fol 225 no 36 dd 26-1-1531) Vidimus van een schepenbrief van Eindhoven voorzien van 5 zegels die nog geheel intact was d.d. 3 september 1323. Verkoop door Johannes dictus Scolaster filius olim Walteri dicti Goijaert aan Henrici dicto Kuijst van een jaarrente op ‘t Hentonne Biesooc “site in villa de Brogel”. (…) Nadat we die brief hebben gezien en laten voorlezen, is hier verschenen Michiel Dielis Lucas van den Schoet en heeft verklaard dat hij de originele brief hiervan in bezit heeft en hij belooft dat hij aan Dirck Leenans als echtgenoot deze brief altijd zal overhandigen, en wel onbeschadigd, zo vaak als nodig zodat die daarme diens pacht kan incasseren. Voorwaarde is wel dat als Dirck Leenans zijn eigen vordering heeft geincasseerd, dat hij dan de brief weer onbeschadigd terug moet geven aan genoemde Michiel, tenzij dat de brief door brand of anderzins in het ongerede raakt, dan vervalt die verplichting. Als oorkonde opgemaakt en door ons van ons schependomszegel voorzien.

Nog niet nagezien: Bosch Protocol (fiches Oirschot bewerkt door Vera/van Adrichem/Toirkens)

BP 1260 (Oirschot) okt 1490 – sept 1491 folio 92v: Gielis Lucass van den Scoet man Sophie Michiel Wilneven; O.L. Vrouwekapel in de herdgang Kerkhof

BP 1265 (Oirschot, Heerbeke) okt 1495 – sept 1497 folio 248v: Gerit Marx (Heerbeke), Aert Jacops folio 249r, Gielis Lucassn. van den Schoet

Nog niet nagezien: Bosch Protocol (fiches Best bewerkt door Vera/van Adrichem/Toirkens)

BP 1250 (Best) okt 1480 – sept 1481 folio 496v: Gielis Lucass van den Schoet, Corstiaen van den Meeracker, Heer Engbert van den Spijker, priester

BP 1254 (Best) okt 1484 – sept 1485 folio 125v: Gielis Lucass van den Scoet, Margriet Aert Vrients, Jan Jan Wilneven

BP 1255 (Best) okt 1485 – sept 1486 folio 213r: Jan en Michiel zonen van wijlen Willem Neven, Gielis Lucass van den Scoot, Katherijn Aert Thomas van den Venne

BP 1257 (Best) okt 1487 – sept 1488 folio 402v: Gielis Lucass

BP 1260 (Best) okt 1490 - sept 1491 folio 296r Gielis Lucasss van den Scoet, Herman Henrick Hermanss

BP 1260 (Best) okt 1490 – sept 1491 folio 91v: Heer Henrick Belarts, priester, Mariakapel, Heer Willem Vos, kapelmeester der Mariakapel, Gielis Lucass van den Schoet

BP 1263 (Best) okt 1493 – sept 1494 folio 129r: Gielis Lucass van den Scoet, Herman Henrick Hermanss

BP 1267 (Best) okt 1498 – sept 1499 folio 402r: Goijart Jan sBeckerszoon, Gielis Lucas van den Scoet

BP 1269 (Best) okt 1500 – sept 1501 folio 234r: Goijart Jan sBeckerszoon, Gielis Lucas van den Schoet


Huwt voor 1491

51.563   Sophia Michael WILNEVEN

FamilienaamIndex 51.563Vader 103.126Moeder 103.127 • Tevens 103.295

Overleden na 1536

ORA Oirschot (Toirkens 131c fol 45 no 166 dd 16-4-1533) Fijken weduwe van Dielis Lucas van den Scoet heeft verklaard van haar zoon Michiel een bedrag van 50 gouden Karolusguldens te hebben ontvangen, welk bedrag Michiel haar schuldig was vanwege geleend geld. Ze geeft Michiel kwijting en aan alle anderen die kwijting behoeven.

ORA Oirschot (Tirkens 132bb fol 33 no 106 dd 28-2-1536) Jan zoon wijlen Jan Leemans heeft beloofd aan Sophie weduwe van Dielis Lucas van de Scoet, die daarvan het vruchtgebruik krijgt en haar wettige kinderen het erfrecht, die voortaan een jaarlijkse rente van 4 gouden Karolusguldens te gaan betalen, steeds vervallend op 1 maart, op onderpand van een huis, tuin, grond etc., groot ca. 13 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b,p. Claes Henricks, de gemeenschappelijke Broekstraat daar,Willem Colen, Jacop Philips van den Scoet en meer anderen, de gemeijnte, Jan Hoppenbrouwers. Hij belooft het onderpand in goede staat te houden voor de betaling van de rente. De rente is altijd aflosbaar op 1 maart van elk jaar, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd tegen betaling van 66 gouden Karolusguldens.

Bron voor de kinderen Suetrix: Genealogie Zouteriks

Kinderen

  1. Margriet Zie 25.781
  2. Michiel (+na 1566, voor 1571), vader van Sophia (gehuwd met Jan Franchois Roelofsen), vermeld ORA Oirschot 1566; schepen in 1528
  3. Elisabeth (+voor 1611), huwt ca. 1530 Willem Pauwels Suetrix (*ca. 1490 +1562), zoon van Pauwel Willem Dircks Suetericks en Aleijt Willem Jacobs
  4. Kinderen
    1. Paulus Willems Pauwels Suetrix (*ca. 1532 +Oirschot voor 1-6-1602); huwt ca. 1560 Jenneke Pauwels van Liempt (*ca. 1532 +na 1597); ouders van minimaal drie kinderen (Catharina, Marijke en Elisabeth)
    2. Adriaen Willem Pauwels Zuetericks (*voor 1533 +voor 16-6-1600); kapitein van de Herdgang de Notel in 1586; dijkgraaf (1590), dijkbewaker en dijkhersteller; kolonel van Straten(1598); pootmeester; huwt (1) ca. 1564 Elisabeth Jan Nijs Coolen; huwt (2) ca. 1565 Catharina Mathijs Willem de Brouwer (*ca. 1540 +1575); ouders van ten minste vier kinderen (Willemke, Elisabeth, Marike en Egidius)
    3. Dielis Willem Pauwels Suetrix (*ca. 1534 +na 5-5-1550)
    4. Hadewich Willem Pauwels Suetrix (*ca. 1535 +na 1590), huwt ca. 1560 Geerit Vos (*ca. 1535 +voor 1569)
  5. Clara, huwt voor 1531 Goessen Emmen
  6. Heijlwich Zie 51.647

TerugBegin van generatie


51.564   Jacob Peter STOEPKENS

FamilienaamIndex 51.564Vader 103.128Moeder 103.129

Geboren ca. 1455

Hypothetisch: de enige verklaring die ik heb voor de kennelijke verwantschap tussen Jacobs zoon Peter en de oudere Peter Stoepkens alias Leijten.


Huwt ca. 1480

51.565   N.N.

Index 51.565 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Peter Zie 25.782

TerugBegin van generatie


51.566   Jordaen HAPPEN

FamilienaamIndex 51.566Vader 103.132Moeder 103.133 • Tevens 206.108

Overleden voor 1508

Zijn kwartieren uit BL 1998:105.

Vgl ORA Oirschot 141c fol 431 no 103 dd 9-1-1576. Mogelijk Jordaen Dirck, broer van Aleijd (vermeld met een akte uit 1560 in ORA Oirschot 1589)

ORA Oirschot (Toirkens 128a fol 26 nos 156-7 dd St Jacob Juni 1508) Bertelmeeus, Dirck, Jan, Willem en Joerden, broers en kinderen van wijlen Joerden Dirck Happen, hebben beloofd aan Aelbrecht van de Maerselaer, onze collega-schepen die voortaan een rente van 2 pond paijment te gaan betalen, steeds op St. Jacopsdag, op onderpand van een stuk beemd genoemd de Cluse gelegen in herdgang Straten ter Meijden, b.p.. Katalijn dochter van wijlen Gerard Geerlicks en haar kinderen, de straat, Heijlwich weduwe van Jacop van Dormalen, Henrick Peter Agnesen. (Idem 157) De rente uit de vorige akte is altijd aflosbaar op St. Jacopsdag, mits er 2 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 13 peters.

ORA Oirschot (Toirkens 131c fol 56v no 206 dd 17-5-1533) Bartholomeus, Dirck, Willem en Joirden, broers en wettige kinderen van wijlen Joirden Happen verwekt bij wijlen diens vrouw Mechteld, verder Willem Colen als man van Baten, Willem Henrick Goijaerts als man van Aleijt, Willem Willem Smetsers als man van Marie, zijnde alle wettige kinderen van genoemde Joirden Happen en genoemde Mechteld, verder Katalijn Willem Scoetmans als weduwe van Jan Joirden Happen met Henrick Scoetmans als haar voogd, verder Willem en Katalijn beide kinderen van genoemde Jan Joirden Happen en Katalijn Scoetmans, met haar voogd Bartholomeus Happen, hebben met elkaar een boedeldeling gemaakt van het bezit dat ze hebben geerfd bij de dood van genoemde Joirden en Mechteld.

Genoemde Bartholomeus voor een helft en Katalijn als weduwe van Jan Joirden Happen wat betreft het vruchtgebruik en haar kinderen Willem en Katalijn daarvan het erfrecht, samen voor de andere helft, krijgen een stuk land deels akker, en deels hei en weiland, gelegen in Oirschot herdgang Straten ter Ameijden, b.p. de gemeijnte, Adriaen Gerit Laureijs van der Hoven met meer anderen, Henrick Gielis, Aert Ghijbkens.

Dirk Joirden Happen en Willem Henrick Goijaerts als man krijgen samen een huis, tuin, grond etc. met boomgaard geleghen in Oirschot herdgang Straten ter Ameijden, b.p. de lopende straat, Jacop Ketteler, Willem Smetsers, Willem Happen, Andries van Acht. Er moet overpad worden verleend aan degenen die er recht op hebben.

Willem Joirden Happen en Willem Smetsers als echtgenoot krijgen samen een akker genoemd dat Stralen gelegen in Oirschot onder Ameijden hier, b.p. de lopende straat, de kinderen van Daniel Moermans, Aert Jacops, Willem de Cort. Er moet overpad worden verleend aan degenen die er recht op hebben. Hieruit moet men jaarlijks een zester rogge betalen, maat van Den Bosch en in Den Bosch ook te leveren. Verder krijgen ze een beemdje gelegen in Oirschot ter zelfder plaatse als hiervoor, b.p. Rutgher Henricks van der Hoven, Jacop Kettelaers, de gemeenschappelijke straat. Hieruit jaarlijks ongeveer een halve stuiver grondchijns te moeten betalen.

Joirden Joirden Happen en Willem Colen krijgen samen een akker genoemd de Bergakker, gelegen in Oirschot in de Aerlesche akkers, b.p. Katalijn Verafter, Wouter Dircks, heer Amelrijck Boots,. Verder krijgen ze een akker genoemd de Langenakker, gelegen in Oirschot ter zelfder plaatse als hiervoor, b.p. Aert Stockelmans, de weduwe en kinderen van Dirck Houbraken. Er is recht van overpad voor anderen. Verder krijgen ze het vijfde deel van een bunder beemd, die 'rijdend' is, genoemd de Verdonck, gelegen in Oirschot aan de Verdonck naast de abt van Perk, de kinderen van Dirck Hoppenbrouwers.

Genoemde verdelers beloven elkaar dat ze deze boedeldeling altijd gestand zullen blijven doen en dat ieder de lasten op het eigen erfdeel zodanig zal betalen, dat de erfdelen van de anderen daarvoor gevrijwaard zullen blijven. Indien er op iemands erfdeel meer lasten blijken te drukken dan zullen ze die gezamenlijk betalen.


Huwt voor 1495

51.567   Mechteld Willems van den AFTER

FamilienaamIndex 51.567Vader 103.134Moeder 103.135 • Tevens 206.109

Overleden na 1532, voor 17-5-1533

Kinderen

  1. Cathalijn Zie 25.783
  2. Jan Zie 103.054
  3. Willem (+voor 1548)
  4. Bartholomeus (+voor 1548), huwt N.N., ouders van Joirden, Peter, Heijlwich, Marie, Aleijten, Elisabeth en Beate
  5. Marieken, huwt Jan Willem Smetsers, ouders van Willem en andere kinderen; in 1533 heet haar man willem willem smetsers…
  6. Jordaen (+na 1576)
  7. Aleijt (+na 1576), huwt voor 1548 Willem Henrick Goijaerts (+na 1576)
  8. Beatrix (+na 1548, voor 1576), huwt (1) Willem Coolen; huwt (2) Gerrit Henricks van Kerkoerle (vermeld ORA 1557); huwt (2) Elias Lebbens
  9. Dirck, vermeld 1548; in 1543 getuigt een ca. 70 jaar oude Dirck Jordaen Happen (ORA Oirschot); vermeld 1537 als broer van Aleijt

TerugBegin van generatie


51.584   Jan Philips van HERSEL

FamilienaamIndex 51.584Vader 103.168Moeder 103.169

Geboren voor 1488
Overleden na 1550, voor 1555

Alias Jan Lupkens, volwassen in 1512 (Neggers in BL 2007:454).

ORA Oirschot (Toirkens 128a fol 270 nos 97-8 dd 6-2-1512) Peter Daniel Henricks en met hem heer Peter, Antonis, Henrick en Dirkske, de laatste met haar voogd Jasper van Esch, wettige kinderen van genoemde Peter, die voor henzelf handelen en voor Jan en Elisabeth hun broer en zuster en nog voor Maria wettige dochter van Daniel Peter Peter Daniel Henricks zijnde de dochter van hun broer Daniel, beloven aan Jan Lupprechts van Hersel die voortaan een jaarlijkse rente van 20 stuivers te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin etc. gelegen in herdgang de Notel, b.p. Loijch van Hersel, Aert Seijkens en meer anderen, de straat, Rutger Cluijstermans. (Idem 98) De rente uit de vorige akte is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag tegen betaling van 16 gulden.

ORA Oirschot (Toirkens 132c fol 45v nos 141-2 dd 28-3-1537) Jan Aert Dircks de jonge (Seijkens) als man van Marien dochter van wijlen Aert Aelbrechts, verkoopt hierbij een beemd met twee heiveldjes samen aan elkaar met recht van overpad over het erf van Jan Philips van Herzel, gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. genoemde Jan Philips, Willem Corstens, de weduwe en kinderen van Willem Loijwijchs van Herzele. Hij verkoopt de percelen nu aan Jan Philips van Hersele en de verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen behalve 2 stuivers als grondchijns aan de hertog per jaar. Verder moet er overpad worden verleend aan degenen die daar recht op hebben. (idem 142) Jan Philips van Herzele heeft als schuldenaar beloofd om aan Jan Aert Dircks van hiervoor die 46 gouden Karolusguldens te gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag.

ORA Oirschot (Toirkens 133a fol 63 no 140 dd 14-7-1538) Jan zoon wijlen Philips van Hersel als wettige man van Annen dochter van wijlen Joerden Sbrouwers, belooft hierbij om voortaan aan Bartholomeus ..... Jacops ( waarschijnlijk Stockelmans) die een jaarlijkse rente van 20 stuivers te betalen, steeds vervallend op St. Servaasdag, half mei en voor de eerste keer per a.s. St. Servaasdag, op onderpand van een akker genoemd..... ......., groot ca. .... lopenzaad ....gelegen te Oirschot herdgang Straten, b.p. De rente is altijd aflosbaar op St. Servaasdag, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd tegen betaling van 16 gouden Karolusguldens. (Deels onleesbaar)

ORA Oirschot (144a fol 30 nos 151-152 dd 14-5-1592) Jan zoon wijlen Philips van Hersell, Jenneken dochter wijlen Jan van Hersell daarbij geassisteerd door haar zoon Dielis verwekt bij Jan Dielis, Herman zoon wijlen Jan Stockelmans als man van Jenneken dochter van Joorden Janssn. van Hersell voor zichzelf en ook optredend voor Henrik Michiels van de Schoot weduwnaar van Iken dochter van Joorden Janssn. van Hersell, Jan Peters Verhoeven als vader en voogd over zijn kinderen verwekt bij Henriksken dochter van Joorden Janssn. van Hersell, hebben een boedelscheiding gemaakt inzake de goederen die ze hebben verkregen in het testament van Aleijdt dochter van Jan van Hersell, waarbij ze verklaren deze goederen enige jaren geleden al te hebben verdeeld en eerst nu pas op schrift hebben gesteld.

Bij deze verdeling heeft genoemde Jan Philips van Hersel een dries gekregen gelegen in Oirschot onder Boterwijk te Spoordonck, b.p. Jan Willemssn. van Cuijck, het erf van hemzelf, het stuk waarvan het is afgedeeld. Verder heeft hij nog 24 roeden land gekregen en nog eens drie en een halve roede die aan het andere stuk dat genoemd is, wordt afgemeten. Uit dit erfdeel moet jaarlijks 3 lopen rogge worden betaald uit een grotere pacht van elf lopen aan de H. Geest te Oirschot en de dorpslasten en de gezamenlijke verdelers hebben het recht van overpad. (…)

Idem no 152: Jan zoon wijlen Philips van Hersell als vader en voogd waarvoor hij optreedt, Dielis zoon wijlen Jan Dielis Snellaerts verwekt bij Jenneke dochter van Jan van Hersell, deze laatste voor zichzelf en ook optredend voor zijn broers, verder Herman Jan Stockelmans onze collega schepen als man van Jenneken dochter Joorden Janssn. van Hersell en ook optredend voor Henrick Michiels van de Schoot weduwnaar van Iken dochter Joorden Jans van Hersell, en verder Jan Peter Goijaerts van der Hoeven als vader van zijn minderjarige kinderen verwekt bij Henriksken dochter van Joorden Jans van Hersell, hebben een boedelscheiding gemaakt inzake de goederen die ze middels testament verkregen hebben van Elisabeth dochter van Philips van Hersell, zoals zij verklaarden. Bij deze scheiding hebben de kinderen van Jan Philips van Hersell een akker verkregen genoemd De Vrijthoff gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk te Boterwijk, b.p. Henrick Dircks van de Hagelaer, de erfgenamen van Willem Henricks van de Schoot, Jan Philips van Hersell, Aert Dircks de Cort en Jan Erven. Uit dit erfdeel moet jaarlijks aan de kerk te Beers 6 lopen rogge worden betaald en de dorpslasten. (…)

ORA Oirschot (140b fol 293 no 88 dd 10-2-1568) Antonis zoon wijlen Rutgers van der After als man van Marien dochter van wijlen meester Eloijen Clementis, priester en kanunnik te Oirschot toen hij leefde, verkoopt een jaarlijkse rente van 6 gulden met de lopende termijn, welke rente Jan zoon wijlen Lijbrechts van Hersel eerder had beloofd aan heer Andries Coremans ten behoeve van deze meester Eloijen Clementis, (…) op onderpand van een akker genoemd de Grooten Akker, groot ca. 9 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. de lopende straat, de gemeijnte, conform een schepenbrief van Den Bosch d.d. 30 april 1540. De rente wordt nu verkocht aan Alaerden Scepens.

ORA Oirschot (140a 1565b fol 73v no 77 dd 22-9-1563) Voor het schepenbankcollege is verschenen Joerden Jans van den Velde als gemachtigde voor Jan Janssen van Hersel en heeft zijn achterstallige vordering aangetoond inzake een schepenbrief van Oirschot handelend over 100 gulden die nog stonden te betalen inzake een jaarlijkse rente van 16 gulden, welke rente wijlen Augustijn Mengelen aan de kinderen van Jan Lebbens had beloofd, zoals blijkt uit die brief d.d. 15 maart 1554. Omdat Jan zijn vordering bij de uitwinning die door Jan Pennincks was gedaan op het perceel dat eerder eigendom van deze August Mengelen was, niet vergoed heeft gekregen, wenst hij nu verdere onderpanden en zekerheden daarvoor te bekomen, zoals is vastgelegd in het vonnis daarover. Daarbij is door schepenen bij vonnis bepaald dat Jan Jan van Hersel verhaal mag zoeken maar omdat er geen roerende bezittingen waren om zulks te effectueren, is er bepaald dat er beslag mag worden gelegd op een weiland dat eerder eigendom van deze August Mengelen was, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof, b.p. Goijaerden heer Goijaerts, Frans Leemans, de gemeijnte, Dirck Willem Erven, de Papenvoort. Daarna is de procedure zoals gebruikelijk voortgezet en daarna is het onderpand in het openbaar geveild. (idem no 78) De koop hiervan is gegund aan Ansem Joordens van de Velde en deze heeft het weer doorverkocht aan Jan Janssen van Hersel.

ORA Oirschot (Toirkens, 136b, fol 9v no 43, 14-1-1550) Laureijs Wouter Claes Houtloecks als man van Cornelien, verder Wouter Jan Lemmens als man van Annen, hebben verklaard dat Jan Philips van Hersel, hen heeft betaald inzake en bedrag van 25 gulden welk bedrag deze Jan aan hen schuldig was en wel vanwege een stuk land genoemd het Hopveldeken dat wijlen Katalijn Aertsdochter van der Ameijden in haar testament had vermaakt aan genoemde Jan Philips van Herzel.

ORA Oirschot (Toirkens, 136b, fol 26 no 132, 17-2-1550) Jan Philips van Herzele heeft als schuldenaar beloofd om aan Rutger die Lauwer onze collega schepen die een bedrag van 53 gulden te zullen gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag.

ORA Oirschot (Toirkens, 136b, fol 36 no 170, 24-3-1550) Jan Philips van Herzele heeft beloofd om aan Henrick Henricks van den Ven alias van Strijp, die voortaan een jaarlijkse rente van 20 stuivers te zullen gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een akker, groot ca. een zesterzaad, gelegen in herdgang de Kerkhof in de Hovelse Akkers aldaar, b.p. Adriana weduwe en kinderen van Henrick van Beers, Anna weduwe en kinderen van Henrick (doorgehaald 14 november 1645).

ORA Oirschot (Toirkens, 136b, fol 43v no 207, 14-5-1550) Jan Philips van Herzele heeft beloofd om aan Michiel zoon wijlen Willem Scrommen die voortaan een jaarlijkse rente van 2 gulden te gaan betalen, (…) op onderpand van een akker, groot ca. 3 lopenzaad, gelegen in herdgang de Kerkhof in de Hovelse akkers aldaar, b.p. Loijwijch Timmermans, Jan van Kuijck, Joirden van Herzel, het erf van Jan Philips van Herzel zelf.

ORA Oirschot (135b fol 1v no 6 dd 27-5-1545) Heijlwich weduwe van Jan Mengelen met haar voogd Natael Vos heeft beloofd om aan Jan Lupkens van Hersel per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar die een bedrag van 12 en een halve gulden te zullen gaan betalen als hernieuwde schuld.(NB: Jan Lipkens van Hersel ook genoemd als belender, 1546, van twee akkers onder Spoordonck.)

ORA Oirschot (136a fol 62v no 217 dd 23-6-1547), belending van de erven van (de nog levende) Goossen zoon van wijlen Claes Scepens en (dode) Henrieken dochter van wijlen Willems van der Vlueten, waaronder zijn zoon Jordaan; met een stuk land, deels akker en deels groesland, genoemd de Mortel, met recht van overpad over de percelen van Alaert Scepens, Loijwijch Timmermans en Aleijt Scepens, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof, b.p. Alaert Scepens, Jan Philips van Herzele. Idem in 1549 (136b fol 62 no 250 dd 4-5-1549)

ORA Oirschot (134b fol 50v no 171 dd 1-4-1541) Boedelverdeling tussen Willem zoon wijlen Goijaert Aelbrechts, Joirden zoon wijlen Joerden Sbrouwers en Wouter Jan Toirkens van twee akkers die ze samen hebben verkregen van Jan zoon wijlen Philips van Hersel: Hennehof, groot 3 lopenzaad en 20 roedes, gelegen in Oirschot onder Ameijden (waarvoor Wouter aan Jan Philips van Hersele 146 gulden en 5 stuivers moet betalen volgens een schepenschuldbrief van Den Bosch) en een stuk akkerland, groot tweemaal ca. 2 en en halve lopenzaad en 11 roedes, zoals dat is afgepaald, gelegen in Oirschot onder Ameijden aldaar, belast met 13 gulden en 15 stuivers aan Jan Philips van Hersele volgens eenschepenbrief van Den Bosch.

(id fol 63 no 208 dd 26-4-1541) Jan zoon wijlen Philips van Hersele aan Goessen Scepens ten behoeve van Heijlwig weduwe van Claes Scepens: een jaarlijkse rente van 2 gulden op onderpand van een huis in Oirschot onder Boterwijk alhier, groot ca. een lopenzaad, belend door o.a. Anna weduwe en kinderen van Henrick (!) Philips van Hersele. Vermeld ook in belending ORA Oirschot (136b fol 1 no 2 dd 4-1-1549, en fol 47v no 201 dd 4-5-1549).

ORA Oirschot (148b fol 271v no 86 dd 5-3-1615) Geraert Roef Haubraecken en Jan Lamberts Goorts (…) verkoopt hierbij de jaarlijkse rente van 6 gulden welke rente Jan zoon wijlen Libberts van Heersel voor schepenen van Den Bosch indertijd had verkocht aan heer Andriessen Coremans ten behoeve van meester Eloij Clementis, priester en kanunnik van de St. Peterskerk te Oirschot, vrij van alle belastingen, steeds vervallend op St. Philips en St. Jacobsdag op onderpand van een akker genoemd de Grooten Ecker, groot ca. 9 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. de gemeenschappelijke straat aldaar genoemd de lopende straat, de gemeijnte, conform een schepenbrief van Den Bosch d.d. 30 april 1540 (…)

ORA Oirschot (148d fol 51v no 117 dd 6-5-1617) Mariken dochter van Pauwels Claessen van der Vleuten weduwe van Willem Willem Alaert Scepens, geassisteerd daarbij door Gerard van Kelst als haar hierbij gekozen voogd, doet hierbij afstand van haar recht van vruchtgebruik inzake een jaarlijkse rente van 6 gulden welke rente Jan zoon wijlen Lijberts van Heersel voor schepenen van de stad Den Bosch eerder had verkocht aan heer Andriessen Coremans, priester en wel ten behoeve van meester Eloij Clements, priester en kanunnik in de St. Peterskerk te Oirschot, vrij van alle lasten, in Oirschot te betalen steeds op St. Philips en St. Jacobsaposteldag, op onderpand van een akker genoemd de Grooten Ecker, ca. 9 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. de gemeenschappelijke straat aldaar, de lopende straat genoemd de gemeijnte, conform de schepenbrief van Den Bosch d.d. 30 april 1540 en als zodanig gezegeld zijnde. (…)


Huwt voor 1525

51.585   Anna Jorden de BROUWER

FamilienaamIndex 51.585Vader 51.558Moeder 51.559

Geboren ca. 1510
Overleden na 1555

ORA Oirschot (137c fol 55v nos 205-6 dd 10-4-1555) Anna dochter van wijlen Joerdens die Brouwere weduwe van Jan Philips van Hersel met haar voogd Roelanden van der Ameijden, doet hierbij afstand van haar recht van vruchtgebruik inzake al het bezit waarin genoemde Jan Philips van Hersel in bestorven is en wel ten behoeve van al haar wettige kinderen verwekt bij genoemde Jan. Anna belooft alle lasten van haar kant af te handelen. (Id. no 206) Joerden, Philips en Jan, broers, verder Aleijt en Jenneken gezusters met Roelanden van der Ameijden als hun gekozen voogd, alle wettige kinderen van wijlen Jan Philips van Hersel hebben samen beloofd om aan Anna dochter van Joerden Brouwers, hun moeder, die voortaan een jaarlijkse rente van 10 gulden te gaan betalen zalang ze leeft, steeds vervallend per half mei en voor de eerste keer per a.s. half mei over een jaar. Verder nog een jaarlijkse pacht van een half mudde rogge, Oirschotse maat steeds vervallend per half oogsttijd en voor de eerste keer per a.s. medio oogsttijd over een jaar, ook gedurende haar leven, op onderpand van een huis, tuin, grond etc. groot ca. 18 lopenzaad, gelegen in herdgang Spoordonck, b.p. heer Goijaert Stevens, Jan Willems van Cuijck, de weduwe van Henrick van den Schoet, de gemeenschappelijke straat. Verder nog op onderpand van al het andere bezit waarvoor hun moeder Anna vandaag afstand van haar recht van vruchtgebruik heeft gedaan. (zie ook Los no 10 dat jaar voor verdeling.)

ORA Oirschot (140b fol 367 no 1 dd 15-1-1567) Jan en Aleijt kinderen van wijlen Jan Philips van Heersel hebben een boedelverdeling gemaakt inzake het bezit dat ze van hun vader en moeder hebben geerfd. Hierbij krijgt Jan een huis, tuin grond etc., groot ca. 7 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck (…) Verder moet er overpad worden verleend aan het erf van Lijsken dochter van Philips Janssen (…) Bij deze verdeling krijgt Aleijt in aanwezigheid van haar voogd Leenaert Philipsen van Hersel, een schuur met 7 lopenzaad land, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk (…).

ORA Oirschot (138a fol 76 no 361 dd 4-8-1557) Lodewijk zoon wijlen Lodewijks Timmermans partij ter ener zijde en Peter zoon wijlen Dielis Snellaerts en Philips zoon wijlen Jans van Hersel als partij ter andere zijde, hebben een boedelverdeling gedaan inzake de navolgende bezittingen die hun gemeenschappelijk eigendom zijn. (…Lodewijk) een stuk beemd genoemd de Tregelaer, gelegen in Oirschot herdgang Hedel, b.p. de gemeijnte genoemd het Banisveld, de erfgenamen van Gevaerts van Ostaden en meer naderen, de erfgenamen van Willem Henricks van den Veecken, het erf van genoemde Peter en Lodewijk waarvan het is afgedeeld. (…) Peter en Philips samen een stuk beemd genoemd Tregelaer, gelegen in Oirschot herdgang Hedel, b.p. de gemeijnte genoemd Tbanisveld, Peter Henricks van den Schoet, Jan Henricks van den Ven en meer anderen, Gooris Wouters zoon van Cuijck, genoemde Lodewijk waarvan het is afgedeeld.

Kinderen

  1. Jordaen (*voor 1525 +na 1562, voor 9-6-1565), huwt voor 1554 man Iken Goossen Claes Schepens (+voor 1558); vermeld ORA Oirschot 1547 als haar man in erfenis van haar vader; verder vermeld 1547 met aankoop van gemeentegrond, 1548 met een schuld. Huwt voor 1562 (2) Margriet Henrick van Ostaden (+na 1566, voor 1587). Niet te verwarren met een Jordaen Jans van de Velde (o.a. 1565 vermeld). Over Margriet (ORA Oirschot 14-5-1587 no 176): Margriet dochter van Henrick Geverts van Ostade is indertijd in het huwelijk getreden met Jan Janssn. van Ostaden en nadien nog met Joorden Janssn. van Hersel en heeft in beide huwelijken kinderen verkregen, n.l. bij Jan twee dochters, Margriet en Marieke en bij Joorden ook twee dochters n.l. Ijken en Janneken
  2. Philip Zie 25.792
  3. Jan
  4. Aleid, vermeld onmondig in 1558; huwt voor 1561 Dirck Ambrosius van den Eijnden
  5. Jenneken, huwt voor 1561 Henrick Henrick Schoutenzoon van Hunsel

TerugBegin van generatie


51.586   Aert Claes SCHEPENS

FamilienaamIndex 51.586Vader 103.172Moeder 103.173

Overleden voor 1527

ORA Oirschot (Toirkens 137b fol 54 no 248 dd 25-4-1553) Matheeus Schuermans als man van Heijlken van Dooren en Willem van de Laer als man van Fijken van Dooren, wettige dochters van Vranck in Heerbeeck ( = van Dooren), verkopen hun erfdeel en aanspraken waarop ze recht hebben in grond, rentes etc. dat ze hebben geerfd bij de dood van genoemde Vranck in Heerbeeck. Ze verkopen deze aanspraken nu aan de 5 wettige kinderen van wijlen Aert Scepens verwekt bij Lisbeth dochter van Vranck van Dooren alias in Heerbeeck en de verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen. (Idem 249) Aert zoon wijlen Aert Scepens voor hemzelf, verder Marie, Cornelia, Cathalijn en Heijlken wettige dochters van genoemde Aert Scepens, met Goessen Scepens en Eijmken Claes Scepens als aangestelde voogden en Henrick van der Hamsvoort als toeziende voogd van genoemde dochters, hebben als schuldenaars beloofd om aan Matheeusen Schuermans en aan Willem van de Laer die een bedrag van 174 gulden te zullen gaan betalen per a.s. St. Jansdag. Voorwaarde is dat de genoemde kinderen de inboedel die in het sterfhuis van Lisbeth dochter van Vranck in Heerbeeck is aangetroffen, niet zullen mogen verkopen of belasten zonder instemming van genoemde voogden en toeziende voogd totdat deze voogden etc. voor deze betalingsbelofte gevrijwaaard zullen zijn.

Idem (fol 55v no 256 dd 6-5-1553) Marten zoon wijlen Thomaes Martens ( van Beeck ofwel Buckincks) verkoopt hierbij een jaarlijkse rente van 5 en een halve gulden welke rente Aert zoon wijlen Aert Claes Scepens met Marie dochter van genoemde wijlen Aert Claes Scepens met Emmert Claes Scepens als haar voogd eerder hadden beloofd aan Jan Rutgers ten behoeve van Thomaes Martens te Beeck, steeds vervallend op St. Jansdag op onderpand van twee vijfde delen van een akker genoemd de Groot akker, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 20 juni 1551. Genoemde Marten is deze rente toebedeeld geweest en hij verkoopt die nu met de lopende termijn aan Lodewijk zoon Lodewijk Timmermans en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.


Huwt

51.587   Lisbeth Vranck van DOOREN

FamilienaamIndex 51.587Vader 103.174Moeder 103.175

Overleden voor 1553

Kinderen

  1. Mericken Zie 25.793
  2. Heijlken (+na 1557), huwt Cornelis Cornelis Henricks
  3. Neeleken (+voor 1576), huwt Jan Michiels van den Schoot (Schoet) (+voor 1576)
  4. Aert
  5. Catalijn

TerugBegin van generatie


51.592   Ervaert Rutger ERVAERTS

FamilienaamIndex 51.592Vader 103.184Moeder 103.185

Geboren ca. 1470
Overleden voor 14-2-1530

Niet verwarren met (1) Erf Willem Rutgers (van Oudenhoven); dit is een neef; Zie 103.214

Ook niet verwarren met (2) Ervaert, zoon wijlen Rutger Goijaert Ervaerts en Lijsbeth Gijsbert Quants (zij is hertrouwd met Claes Adriaen Goijaert Smollers, vgl ORA Oirschot 129a fol 192 nos 184ff dd 25-11-1521). Ervaert Rutger Goijaert Ervaerts leeft nog in 1533, in 1521 zijn hij en zijn zus Kathelijn nog onvolwassen en onder voogdij. Rutger Goijaert Ervaerts zal zijn geboren ca. 1470 als de kinderen zijn geboren (QED dus) tussen 1497 en 1509.

ORA Oirschot (Toirkens 129a fol 3 no 19 dd 20-1-1518) Ervaert Rutger Ervaerts verkoopt aan Reijnier Henrick Hoogneven die een huis, tuin etc., gelegen in herdgang Verrenbest, groot ca. 3 lopenzaad, b.p. de gemeijnte, Jan van den Acker, Goijaert de Becker, Wouter van Beerwinkel. Nog verkoopt hij hem een stuk land groot ca. 5 lopenzaad, b.p. de erfgenamen van Gerard van den Melcroth, Jan van den Ecker, Goijaert de Becker. De koper moet hieruit jaarlijks aan de H. Geest van Den Bosch en ook daar te leveren een Bosch mud rogge betalen en nog een Oirschots mud rogge in Oirschot ook te leverem aan een vrouw in Den Bosch, nog aan Andries Meeus 10 lopen rogge, aan Margriet Kuijst 6 lopen, het kapittel van Oirschot een half mud gerst en aan Gielis Lucassen een rente van anderhalve gulden per jaar.

ORA Oirschot (Toirkens 129a fol 115 no 172-5 dd 16-3-1519) Marij Hoerkens weduwe van Everaert Mercelis met haar voogd Jasper van Esch, verder heer Mercelis Mercelis en Everaert Rutger Everaerts die voor henzelf optreden en voor hun mede-erfgenamen, verkopen aan Daniel de Crom, een huis, tuin etc., gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. heer Jan van Hersel dat eerder van meester Jan Balious was, heer Thomas van den Snepschuet, heer Lambrecht Ambroius priester, de gemeenschappelijke straat. Dat huis was eerder eigendom van Evearert Merceliss en Everaert op zijn beurt had het gekocht van Jan Willemns van de Velde. Lasten op het bezit zijn 8 lopen rogge per jaar aan de rector van het St. Brigiden-altaar in de O.L. Vrouwekapel van Oirschot. (…) (Idem 173) Daniel de Cromme belooft aan Marij Hoerkens, weduwe van Everaert Marcelis die de helft van 32 rijnsguldens te betalen, en de andere helft aan heer Marcelies Mercelis, Everaert Rutger Everaerts en hun mede erfgenamen, zonder rente. (Idem 174) Daniel de Cromme belooft aan Marij Hoerkens weduwe van Everaert Mercelis die daarvan het vruchtgebruik krijgt plus de helft ervan qua erfrecht, en waarbij heer Mercelis Mercelis en Everaert Rutger Everaerts en hun mede-erfgenamen daarvan het erfrecht krijgen voor de andere helft, een jaarlijkse rente van 30 stuivers te betalen, steeds op St. Jansdag en voor de eerste keer per a.s. St. Jansdag over een jaar op onderpand van het huis etc. zoals hiervoor is omschreven. (Idem 175) De rente uit de vorige akte is altijd aflosbaar op St. Jansdag tegen betaling van 24 gulden, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 91 no 128 dd 19-4-1526) Ervaert Rutger Ervaerts heeft beloofd om aan Jan Daniel Scepens die een jaarlijkse rente van 32 stuivers te zullen betalen op onderpand van de helft van een beemd genoemd de Verdonck, gelegen in herdgang Straten, b.p. Dirck Dielissen, de gemeijnte, een andere beemd genoemd de Beemd van Acht.

ORA Oirschot (136b fol 32v no 130 dd 27-2-1549) Jan Erven en Jan Dirck Sijkens hebben zich borg gesteld voor Willem Erven, voor Joirdaen van den Velde, voor Dirck Sijkens, voor Jan Jacops van Lieveld en voor Peter Claessen inzake de betwiste kwestie van het hout die ze hebben lopen tegen Philips Jan Gerits en de zijnen en wel voor zover deze Willem, Joirdaen, Dirck, Jan en Peter veroordeeld zullen worden inzake bepaalde kosten etc. van de procedure.

ORA Oirschot (140a fol 55v no 40 dd 22-1-1566), verkoop door erven wijlen heer en meester Jan Goessens, toen hij nog leefde deken van Oirschot, van een huis, tuin etc. gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof, b.p. Michiel Henricks van de Schoet en heer Jans van der Haegen, belast met onder meer 11 lopen rogge per jaar, Oirschotse maat aan de erfgenamen van Evert Rutgers.

ORA Oirschot (Toirkens 130b fol 35v no 126 dd 10-1-1529) Jan Daniel Scepens heeft aan Goesen Claes Scepens ten behoeve van hem en ten behoeve van alle erfgenamen of benoemde erfgenamen in het testament van wijlen Goijart Scepens, Henrick Scepens en Aert Scepens, broers, en hun zuster Elisabeth, die een jaarlijkse rente van 32 stuivers verkocht, welke rente Ervart Rutger Ervaerts genoemde Jan jaarlijks had beloofd te betalen, op onderpand van de helft van een beemd genoemd de Veerdonck, gelegen in herdgang Straten, b.p. Dirck Dielis, de gemeijnte, een beemd genoemd ‘de beemd van Acht’. De rente is niet aflosbaar.

ORA Oirschot (Toirkens 131a fol 45 no 171dd 25-3-1530) Jan Ervaert Rutgers en Peter Joerdens als man van Henrick ook dochter van genoemde Ervaert hebben aan Willem Ervaert Rutgers hun erfdeel verkocht in een stuk land genoemd het Popenbosch, gelegen in herdgang Hedel, b.p. Daniel Loijen, Adriaen Vos, Jan die Verwer, de straat. Het perceel was hen vermaakt overeenkomstig het testament door wijlen Ervaert Rutgers, hun vader zijnde. Peter Joerdens behoudt echter wel zijn jaarlijkse rente die hij uit het perceel ontvangt.

Familienaam in 1535 Van der Vluege (?)


Huwt voor 1505

51.593   Margriet Aert SIMONS

FamilienaamIndex 51.593Vader 103.186Moeder 103.187

Overleden voor 1534

Kinderen

  1. Jan Zie 25.796
  2. Willem, alias Willem Ervart Rutgers man van Marien dochter van wijlen Dirck Corstiaens van den Velde (ORA Oirschot 137a fol 40 no 200 dd 8-6-1551)
  3. Antonis (hypothetisch), zijn weduwe N.N. vermeld 1552 in een belending
  4. Henrica, huwt Peter Joordens
  5. Henrick (Ervaers van den Vloege), huwt Maria (Beckers?), vermeld 1532

TerugBegin van generatie


51.594   Jan Peter STAPELS

FamilienaamIndex 51.594Vader 103.188Moeder 103.189

Overleden na 11-1-1547, voor 25-12-1550

Alias Custers. Verloor in 1545 zijn huis toen Maarten van Rossum plunderend en brandstichtend door de Beerzen trok.

ORA De Beerzen (Oost- en Middelbeers, transcriptie Toirkens inv.nr. 583 nr 88 fol 33 dd 23-11-1542) Eerder had Jan zoon wijlen Everaert Rutgers voor schepenen te Oirschot aan heer Andries Coremans, priester, ten behoeve van de nalatenschap van wijlen meester Loijen Clementen, priester en kanunnik te Oirschot toen hij leefde, een jaarlijkse rente van 2 karolusgulden beloofd, steeds te betalen op St. Remiusdag op onderpand van zijn huis, tuin etc. te Oirschot, welke rente aflosbaar is met 34 karolusguldens volgens de schepenbrief van Oirschot d.d. 17 oktober 1532 (=1542). Omdat het geld ervan werd ontvangen door Jan Peter Stappels zoals deze hier ook in het openbaar heeft bekend, is deze Jan Peter Stappels hier verschenen en zijn wettige kinderen Jan en Peter, broers, verder Peter van der Vloet als wettige man van Marie, Dirck Loijen als wettige man van Elisabeth, Antonis Dirk Bunnen als wettige man van Margriet en Jan Evaert Rutgers als wettige man van Anna en nog Aecht met haar voogd, zijnde alle wettige dochters van genoemde Jan Stappels en beloven nu aan Jan Stappels zolang hij leeft, deze rente van 2 karolusguldens per jaar aan genoemde uitvoerders van de nalatenschap te zullen gaan betalen of af te lossen volgens de aflossingsbrief en wel zodanig dat Jan Everaerts en zijn bezit daarvoor verder is gevrijwaard. (…)

ORA Oost- en Middelbeers (Transcriptie Jan Toirkens 1542-1553 fol 23 no 55 dd 25-1-1543) Servaas Michiels (van den Borgelen) voor hemzelf handelend en met hem zijn kinderen Jan en Henrick en nog Daniel Henricks Daniels als man van Lisbeth, daarin voor een helft, verder Jan Peter Stappels voor hemzelf handelend en met hem Peter, en Jan broers, Peter Janssen van der Vloet als man van Marie, Antonis Dirck Bunnen als man van Margriet, Jan Erven als man van Anna, Dirck Loijen als man van Lisbeth, zijnde alle kinderen van genoemde Jan (Stappels), beloven samen en hoofdelijk dat ze aan Loij Loijen Timmermans die per a.s. Maria Lichtmisdag over 4 jaar, een bedrag van 125 karolusguldens zullen betalen, elke gulden tegen 20 stuivers, waarbij de philipsgulden een koers heeft van 25 stuivers, het vuurstaal 3 blanken en ander geld al naar gelang. Als ze het geld dan niet aan Loijwich zouden betalen en als Loijwich daarover moet procederen dan moeten ze die kosten betalen en wel een bedrag van 5 karolusguldens. (…)

(Idem no 67) Servaes Michiels en Jan Peter Stappels ieder met hun kinderen, zoals ze hiervoor staan vermeld, beloven op onderpand van al hun bezit etc. dat ze de genoemde som geld ieder voor de helft zullen betalen, zodanig dat de ander daarvoor is gevrijwaard voor die helft.

ORA De Beerzen (Oost- en Middelbeers, transcriptie Toirkens inv.nr. 583 nr 165 fol 62v dd 2-2-1544) Jan Peter Stapels en met hem zijn zoon Peter, verder Peter Janssen Vervloet als man van Marie, Dirck Loijen als man van Lisbeth, voor henzelf handelend en voor Jan Erven als man van Annen en voor Achten, zijnde alle kinderen van genoemde Jan Peters, beloven aan Antonis Dirck Bunnen die een jaarlijkse rente van 2 karolusguldens, elke gulden van 20 stuivers, steeds te betalen op Maria Lichtmisdag, en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar, op onderpand van een huis, tuin etc. gelegen te Oostelbeers, b.p.de straat, de kinderen van Jan Lauwreijssen, Mercelis Peters. Als Jan Erven later weigert om eveneens te beloven zoals zij hierboven hebben gedaan, dan bepaalt Jan als vader hierbij dat hij Jan Erven niet zal laten meeparten in de Biesakker en dat zal hij dan aan zijn andere kinderen vermaken. Verder is afspraak dat genoemde Jan en genoemde kinderen aan genoemde Jan die per a.s. Maria Lichtmisdag over 3 jaar een bedrag van 33 karolusguldens zullen betalen en onderwijl steeds op Maria Lichtmisdag een rente van 2 karolusguldens, waarbij de philipsgulden 25 stuivers waard is, het vuurstaal 3 blanken en ander geld al naar gelang. Met deze belofte zal Antonis aan Willem Vos zodanig betalen dat Jan Peters en zijn kinderen daarvoor zijn gevrijwaard, waarbij Antonis zulks eveneens belooft voor Jan Erven en voor Achten.

ORA De Beerzen (Oost- en Middelbeers, transcriptie Toirkens inv.nr. 583 nr 264 fol 101v dd 26-5-1545) Er is eerder een algemene inval geweest in Brabant door Maarten van Rossum en diens aanhangers die in Beerze veel branden hebben gesticht en daarbij heeft Jan Peters Stapels zijn gehele huis etc. bij een brand verloren. Om Jan in staat te stellen zijn huis etc. weer op te bouwen, hadden zijn kinderen hem hierbij toegestaan om daarvoor geld op te mogen nemen, zoals Jan ook daadwerkelijk en te goedertrouw heeft gedaan en zoals ons is gebleken. Want hij heeft van zijn zwager een rente opgenomen van 2 guldens per jaar en dochter Aecht met haar voogd is daarbij zelf niet aanwezig geweest, hoewel ze de transactie wel heeft goedgekeurd. Daarom is nu hier verschenen Jan Erven als man van Anna dochter van genoemde Jan en stemt toe in de rente die van zijn zwager Thonis werd opgenomen en dochter Aecht gaat ook akkoord met hetgeen er met deze rente is gebeurd ten behoeve van de herbouw van het huis etc. en dat ook samen met haar voogd Daniel Peters van der Hamsvoort.

ORA De Beerzen (Oost- en Middelbeers, transcriptie Toirkens inv.nr. 583 nr 308 fol 119 dd 1547) Jan Peter Stappels als man van Marie verkoopt aan Jan Joerden Brouwers en aan Wouter Jan Toirkens het door hem geerfde bezit afkomstig van Jacop de Brouwer en van diens vrouw Josien waar dat bezit zich ook mag bevinden. De verkoper belooft alle lasten af te handelen.

ORA Oost- en Middelbeers (Transcriptie Jan Toirkens 1542-1553 fol 118v no 307 dd 11-1-1546) Dirck van Os als man van Lisbeth verkoopt aan Jan Joerden Sbrouwers en aan Wouter Jan Toirkens het door hem geerfde bezit aflkomstig van Jacop de Brouwer en van diens vrouw Josien, waar dat bezit zich ook mag bevinden. De verkoper belooft alle lasten af te handelen.

(Idem no 308) Jan Peter Stappels als man van Marie verkoopt aan Jan Joerden Brouwers en aan Wouter Jan Toirkens het door hem geerfde bezit afkomstig van Jacop de Brouwer en van diens vrouw Josien waar dat bezit zich ook mag bevinden. De verkoper belooft alle lasten af te handelen.

ORA De Beerzen (Oost- en Middelbeers, transcriptie Toirkens inv.nr. 583 nr 389 fol 148v dd 11-1-1547) De kinderen van Jan Peter Stappels zouden graag geld opnemen van Loij LoijenTimmermans en wel 100 karolusguldens, elke gulden van 20 stuivers en daarvoor jaarlijks een rente betalen van 6 karolusguldens. Omdat hun vader Jan Peter Stappels nog zijn recht van vruchtgebruik heeft over zijn bezit, is daarom hier deze Jan als

vader van zijn kinderen verschenen en doet nu afstand van zijn recht van vruchtgebruik inzake alle bezit dat zijn kinderen toebehoort en wel tot aan een bedrag toe van 100 karolusguldens en voor niet meer dan als zodanig. Hij geeft zijn kinderen hierbij ook machtiging om dat geld in Den Bosch op te mogen nemen alsof hij daarbij zelf aanwezig zou zijn geweest.

ORA De Beerzen (Oost- en Middelbeers, transcriptie Toirkens inv.nr. 583 nrs 708-11 fol 252 dd dag na Epiphaniadag 1551) Dirck Gerard Loijen als man van Lisbeth dochter van wijlen Jan Peter Stappels verkoopt met alle brieven ervan aan Antonis Dirck Bunnen die het door hem geerfde bezit dat Dirck als echtgenoot van Lisbeth heeft geerfd van zijn schoonouders, waar dat bezit zich ook mag bevinden. (…) (Idem 709) Aecht dochter van wijlen Jan Peter Stappels met haar voogd Wouter Henricks verkoopt aan Antonis Dirck Bunnen het door haar geerfde deel van bezit afkomstig van haar ouders, waar dat bezit zich ook mag bevinden. (…) (Idem 710) Antonis Dirck Bunnen belooft aan Wouter Henricks als voogd over Aecht dochter van wijlen Jan Peter Stappels ten behoeve van Aecht die een jaarlijkse rente van 4 karolusgulden en een stuiver te gaan betalen, elke gulden van 20 stuivers, steeds op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag over twee jaar, op onderpand van een aangelage met het huis erop, gelegen te Oostelbeers, b.p.de gemeenschappelijke straat, Marcelis Goijaerts, Gerit Jan Gerits, Servaes Michiels. (…) (Idem 711) De rente uit de vorige akte is aflosbaar op Maria Lichtmisdag mits er een half jaar vooraf is opgezegd, tegen betaling van 66 karolusguldens, elke gulden van 20 stuivers tegen de koers van het geld zoals die dan zal gelden voor erfelijke rentes.

ORA De Beerzen (Oost- en Middelbeers, transcriptie Toirkens inv.nr. 583 nrs 726-730 fol 255v dd dinsdag na Kerst 1550) Peter en Aecht met haar voogd Wouter Henricks, verder Peter Janssen van der Vloet als man van Marie, Antonis Dirck Bunnen als man van Margriet, Dirck Gerit Loijen als man van Lisbeth waarvoor genoemd Antonis optreedt, verder Jan Ervaert Willems (sic) als man van Anna, zijnde alle wettige kinderen van Jan Peters Stapels, hebben een deling gemaakt van het bezit dat ze hebben geerfd na de dood van hun ouders. Bij deze deling krijgt Peter Janssen van de Vloet de helft van een stuk land genoemd de Backshoef, gelegen te Oostelbeers, b.p. het erf dat ervan is afgedeeld, Dirck Aerts en zijn kinderen, Gerit Jan Gerits, de Backstraat daar. Nog krijgt hij een stuk erf genoemd de Biesakker ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Tonis Bunnen dat ervan is afgedeeld, Peter Jan Stapels dat ervan is afgedeeld, de kinderen van Joerden Sbrouwers, de Akkerstraat daar. Uit de Biesakker moet hij jaarlijks een halve stuivers grondchijns betalen, uit de Backshoeve een jaarlijkse rente van 2 karolusguldens aan Willem de Dekker aflosbaar volgens de brieven, nog 2 lopen gerst per jaar aan het kapittel van Oirschot. Genoemde Peter Jan Peter Stapels krijgt de helft van een stuk erf genoemd de Backshove gelegen te Oostelbeers, b.p. het erf dat ervan is afgedeeld, de erfgenamen van Aert Joerdens, Gerit Jan Gerits, de Backstraat daar. Nog krijgt hij een stuk erf genoemd de Biesakker, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. het erf dat ervan wordt afgedeeld, de kinderen van Joerden Brouwers, de kinderen van Joerden en Aert Neckers, de Akkerstraat daar. Uit de Biesakker moet hij jaarlijks een halve stuiver als grondchijns betalen, uit de Backshove een lopen gerst per jaar aan het kapittel van Oirschot, nog 2 karolusgulden en 6 stuivers aan Peter Janssen van der Vloet volgens de brieven ervan. (…) (Idem 727) Jan Ervaert Willems als man van Anna dochter van wijlen Jan Peter Stapels verkoopt aan Antonis zoon Dirck Bunnen het door hem geerfde bezit als echtgenoot van zijn vrouw afkomstig van zijn [schoon]vader en moeder, maar daarin slechts wat betreft het erfrecht, waar dat bezit zich ook bevindt. (…) (Idem 728) Antonis Dirck Bunnen belooft aan Jan Ervaert Willems die per a.s. Maria Lichtmisdag een bedrag van 43 karolusguldens te zullen betalen, elke gulden van 20 stuivers tegen de geldende geldkoers dan. (…) (Idem 730) Vandaag hebben de kinderen en erfgenamen van Jan Peter Stapels onder hen een deling gemaakt. Bij deze deling heeft Antonius Bunnen met de zijnen aangenomen om een half mud rogge aan de rector van het altaar van O.L. Vrouw in de kerk van Oostelbeers te gaan betalen, nog een lopen rogge aan de persoonschap van Oostelbeers en dat half mud rogge is op onderpand van de Backshoeve, welk bezit in handen is van Peter Jans Vervloet en van Peter Jan Stapels die het bezit samen was toebedeeld. Voor ons is verschenen genoemde Antonis Dirck Bunnen en belooft aan Peter Jans Vervloet dat hij dat half mud rogge en het lopen rogge voortaan zelf zo zal betalen dat Peter Jans Vervloet en Peter Jan Peters en hun erfgenamen daarvoor altijd zullen zijn gevrijwaard.

Idem (fol 260 no 740, vervolg efdeling) Peter en Aecht met haar voogd Wouter Henricks, nog Peter Janssen van der Vloet als man van Marie, Antonis Dirck Bunnen als man van Margriet, Dirck Loijen als man van Lisbeth waarvoor Antonis optreedt, Jan Erven als man van Anna, zijnde alle wettige kinderen en erfgenamen van Jan Peters Stapels, hebben een deling gemaakt van het bezit dat ze samen van hun ouders hebben geerfd. Genoemde Antonis, Jan Erven, Aecht en Dirck Loijen krijgen samen een erf genoemd de Heijhoeve gelegen te Oostelbeers, b.p. de erfgenamen van Willem Gerits van Hoef, verder rondom in de gemeijnte. Nog krijgen ze een stuk erf ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Antonis Bunnen, Marcelis Goerts, de gemeenschappelijke straat. Op dat perceel staat een huis, schuur, schop etc., maar die huizen blijven onverdeeld. Nog krijgen ze samen een perceel van 31 roedes in een erf genoemd de Biesakker, b.p. het erf van Tongerloo, het erf dat ervan is afgedeeld, de Ekkerstraat, de kinderen van Joerden Sbrouwers. Hieruit moeten ze jaarlijks een halve stuiver als grondchijns uit hun deel van de Biesakker betalen, nog 3 karolusguldens aan Joesten weduwe van Willem Vervloet en haar kinderen welke rente aflosbaar is, nog 2 gulden per jaar aan de uitvoerders van de nalatenschap van meester Loijwig te weten aan heer Andries Coremans die ook aflosbaar is, nog een rente van 12 en een halve stuiver aan kerk van Middelbeers die aflosbaar is, nog 12 en een halve stuiver aan Jan Goijaerts die aflosbaar is, nog 2 gulden en 4 stuivers aan Margriet weduwe van Margriet Janssen Vervloet en haar kinderen die aflosbaar is, nog een halve oude grote uit de Heijhoeve, nog een half blank als chijns aan de hertog uit het erf waar het huis op staat, nog een half mud rogge per jaar aan de rector van het altaar van O.L. Vrouw in de kerk van Oostelbeers, nog een lopen rogge aan de persoonschap van Oostelbeers, nog een stuiver en een moortje als gebuurchijns voor de ´Haech´ of Bladel. Nog krijgen ze een stuk erf genoemd de Corttenbocht, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. het erf van Tongerloo, Pauqwels van de Vloge, de straat. (…)

ORA De Beerzen (Oost- en Middelbeers, transcriptie Toirkens inv.nr. 583 nr 780 fol 273v dd St Katharina 1551) Peter Janssen van der Vloet als man van Marie, Jan Erven als man van Anna, nog Peter en Aecht met Wouter Henricks al haar voogd daarin, zijnde alle wettige kinderen van Jan Peter Stapels, verkopen aan Antonis Dirck Bunnen een huis met schuur en schaapskooi, van de grond af te breken want de grond is eigendom van Tonis. Dat huis etc. had Jan Peters Stapels met hulp van diens kinderen getimmerd.

ORA Oirschot 1544 (Toirkens 135a fol 12v no 150 dd St Jansdag 1544): Willem Janssen van Ham en Ariken de zuster van deze Willem, verkopen aan Aernden Rutger Leonaerts een huis met tuin, grond etc. gelegen in Oirschot herdgang Hedel, (en) een weilandje genoemd de Horst, (…) belast met o.a. 3 en een halve stuiver per jaar aan heer Jan die Custer. Een Jan Custer wordt in een ORA akte van 1568 genoemd als belender in 1465 (!) van een stuk land.


Huwt

51.595   Marie Henrick de BROUWER

FamilienaamIndex 51.595Vader 103.190Moeder 103.191

Overleden voor 1542

Kinderen

  1. Anna Zie 25.797
  2. Jan
  3. Peter, alias Peter Jan Custers (ORA Beerzen 1550), huwt Katharijn Jan Bogaerts (vermeld ORA Beerse 1552); in 1560 voogd over de kinderen van Anna
  4. Marie, huwt Peter Jansen van der Vloet
  5. Elisabeth, huwt Dirck Gerard Loijen
  6. Margriet, huwt Antonis Dirk Bunnen
  7. Aecht, ongehuwd in 1542, 1551

TerugBegin van generatie


51.596   Rutger Peter BECKERS

FamilienaamIndex 51.596Vader 103.192Moeder 103.193

Overleden na 1538, voor 4-5-1539

Vermeld ORA Oirschot 1526 als voogd van Heijlken weduwe van Jan van den Rijt.

ORA Oirschot (Toirkens 126 fol 5 no 12-14 dd 22-1-1500) Jan, Henrick en Willem, broers en kinderen van wijlen Lambrecht van de Hofstad, verder Rutger Peter Beckers als man van Baeten dochter van Henrick van den Dijck, verder Aert Nulaets als man van Eva dochter van Dirck van der Rijt, nog Jan Dircks van der Rijt en Gijsbrecht Gijsbrechts van Binchom als man van Heilwich, zijnde ook een dochter van Dirck van der Rijt, ze verkopen nu aan Jan Goijaerts van der Stappen een beemd zoals de verkopers en koper samen hebben geerfd van Willem van der Rijt. De beemd is genoemd de Bavelsstert, gelegen in Oirschot tussen herdgang Spoordonk en Hedel, b.p. het erf dat eerder van Jacop van Dormalen was, de gemeijnte. Hieruit moet jaarlijks de grondchijns worden betaald van 3 blanken of een stoter. (…) (Idem 13) Genoemde verkoprs uit de vorige akte en Jan als koper verkopen nu aan Rutger Peter Beckers die een stuk land genoemd de Wege Waterlaat, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof, eerder eigendom van Willem van der Rijt, b.p. Henrick Lambrechts, de straat, Marie Ansems of haar kinderen. Nog verkopen ze hem een stuk land groot ca. 1 lopenzaad genoemd de Papenhof gelegen onder Boterwijk hier, b.p. Heijl Wouters met meer anderen, de straat. Hieruit aan Margriet Willem Rutgers jaarlijks 3 lopen rogge en anderhalve stuiver te betalen, aan Dirck de Moller van Roij een half mud en een vierdevat rogge per jaar, nog 3 lopen gerst per jaar aan de H. Geest van Oirschot en 3 en een halve Vlaamsche aan heer Sebrecht te Beek. (Idem 14) Rutger uit de vorige akte belooft aan de verkopers die per a.s. Maria Lichtmisdag over 1 jaar 7 en een halve peter te gaan betalen, elke peter tegen 18 stuivers.

ORA Oirschot (Toirkens 127a fol 135 no 2 dd 1-1-1506) Peter Antonis van der Ameijden geeft hierbij machtiging aan zijn vader Antonis en aan Rutger Peter Beckers om namens hem al zijn vorderingen, pachten etc. te innen en indien nodig ook met rechtsmiddelen in te vorderen.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 33 no 60 dd 12-2-1526) Cornelis Jans van der Rijt heeft beloofd om aan Rutger die Becker die een jaarlijkse rente van 20 stuivers te gaan betalen op onderpand van een huis, tuin etc. groot een zesterzaad, gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. heer Thomas van den Snepscheut, Wouter van Hoeve, de rector van het St. Barbara altaar, de kinderen van Claes Scepens, de gemeenschappelijke straat ( de Nieuwstraat).

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 332 no 166 dd 24-4-1527) Peter Antonis van der Ameijden heeft verklaard dat hij vroeger machtiging had gegeven aan Rutger den Becker om zijn zaken en kwesties te behartigen, zijn rentes en vorderingen te innen en dergelijke zoals in die machtiging stond vermeld, onder restrictie van bepaalde voorwaardes. Hij herroept deze machtiging nu inzake een enkel artikel, en wil dat de machtiging niet meer geldt voor hetgeen Jan Bollen hem schuldig is. Verder blijft de oorspronkelijke machtiging van kracht voor de andere zaken. Om zijn vordering op Jan Bollen te verhalen en te incasseren en de procedures daarin te vervolgen voor welke rechtbank dan ook, machtigt Peter hierbij zijn broer Willem Antonis van der Ameijden om namens hem hierin op te treden.

ORA Oirschot (Toirkens 131c fol 26 no 89 dd 19-2-1533) Rutger Janssen van Dormalen heeft beloofd aan Rutger de Becker ten behoeve van Peter Thonis Roelofs van der Ameijden die voortaan een jaarlijkse rente van 3 gouden Karolusguldens te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag, op onderpand van een huis, tuin, grond etc., groot groot ca. 10 lopenzaad gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. de kinderen van meester Aert van der Ameijden, Henrick Heijligen zoals hij zei. Rutger belooft als schuldenaar om het onderpand in goede staat te houden voor de betaling van de rente. Rutger de Becker staat toe dat de rente altijd in gedeeltes mag worden afgelost op Maria Lichtmisdag, per gulden rente tegen een kapitaal van 18 gouden Karolusguldens.

ORA Oirschot (Toirkens 132a fol 107 no 334 dd (4)-12-1534) Andries Henricks van Ginhoven die men ook de Lubber noemt, heeft aan Rutger de Becker die een stuk land verkocht, genoemd die Moest, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof aan de Hovel daar, b.p. Corsten Hanssen, het erf genoemd de Moesten eigendom van de erfgenamen van Dirck van der Rijt, de gemeijnte, het erf van het gasthuis te Oirschot. Dat stuk erf had Andries gekocht van Heijlwich weduwe van Jan van der Rijth met haar voogd heer Henrick Stockelmans en van Cornelis en van Jan, broers en kinderen van wijlen genoemde Jan van der Rijt en van Heijlwich en van meer anderen conform de schepenbrief ervan. Hij verkoopt het perceel nu en belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, maar er moet door Rutger wel overpad aan de percelen worden verleend aande erven van Corstiaen Hansen en Frans van Esch die daar in de buurt liggen.


Huwt voor 1483

51.597   Beatrix Henrick van der RIJT

FamilienaamIndex 51.597Vader 103.194Moeder 103.195

Overleden voor 1539

(Maar ‘de weduwe’ wordt nog vermeld 1552) Alias Van de Dijck, van Eijck (BP 1480/1: Willem Goossens Sbruijnen zoen man van Beatrijs Henrick van Eijck)

ORA Oirschot (Toirkens 133b fol 162 no 490 dd 4-5-1539) Henrick en Matheeus gebroeders, verder Henrick Jan Mathijssen als wettige man van Elisabeth, Jan zoon wijlen Jan Ansems als wettige man van Peterken, gezusters en allen wettige kinderen van wijlen Rutger Sbeckers verwekt door deze Rutger bij diens vrouw Baten van der Rijt, waarbij genoemde Matheeus en Henrick Jan Thijs als voogd optreden over de minderjarige kinderen van genoemde Henrick (Sbeckers) uit diens eerste huwelijk, hebben hier een deling gemaakt van het bezit dat ze hebben geerfd bij de dood van hun ouders.

Bij deze verdeling krijgt Henrick (Sbeckers), wat betreft vruchtgebruik en diens kinderen wat betreft erfrecht, het oude huis met tuin, grond etc., waarvan de beide schuren zullen worden afgebroken, groot ca. 3 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. Henrick Gevarts van Ostaden, de gemeenschappelijke straat, Henrick Philips. Hieruit jaarlijks 7 lopen rogge te betalen aan Everarden Dirck Vos en verder een blank als rente per jaar en een stuiver als chijns aan de hertog.

Genoemde Matheeus krijgt een beemd genoemd Daerschot met recht van overpad over het erf van Willem van Heesterbeeck, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. Goessen Scepens, Gijsbrecht Pels.Verder krijgt hij een stuk akkerland, genoemd de Bocht, groot ca. 3 lopenzaad met recht van overpad over het erf van Willem van Kuijck, gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. Jan van Kuijck, Henrick Jan Mathijssen waarvan is afgedeeld, Willem van Kuijck, Joirden van de Velde. Hieruit jaarlijks 14 stuivers rente te betalen aan de kinderen van Gevarts van Ostaijen en de grondchijns te Beek (Hilvarenbeek).

Henrick Jan Mathijssen krijgt een akker genoemd de Papenhof, groot ca. een lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. Gerart Goossens, de gemeenschappelijke straat, Willem Erven. Verder krijgt hij een stuk akkerland genoemd de Bocht, groot ca. 3 lopenzaad, gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. Elisabeth weduwe van Willem Vos en haar kinderen, genoemde Matheeus waarvan is afgedeeld, de gemeenschappelijke straat, Joirden van de Velde. Nog krijgt hij een weiland genoemd de Moest, groot ca. 4 lopenzaad, gelegen in Oirschot, b.p. Wouter Gooris van Kuijck, de gemeenschappelijke Moest, Corsten Hanssen, het Bersveld. Hieruit jaarlijks een half mud gerst te betalen aan de tafel van de H. Geest te Oirschot, nog een blank als chijns aan het kapittel te Oirschot. (marge: Te geven aan Antonis Willem Sgraets die het gekocht heeft.)

Jan zoon wijlen Jan Ansems krijgt een huis, grond etc., samen ca. 3 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. Henrick Gevarts van Ostaden, de Hoelstraat daar, Henrick Gevarts, Jan Alaerts. Nog krijgt hij een weiland genoemd de Moest, groot ca. 4 lopenzaad, gelegen in Oirschot, b.p. het gasthuis van Oirschot, de gemeenschappelijke Moest daar, het Bersveld, Corsten Hanssen. Hieruit jaarlijks aan de fabriek van Beerze (Vorsten Berse) een half mud rogge per jaar te betalen. Verder moet er overpad worden verleend.


Zij huwt (1)

Willem Goossen BRUIJNEN

FamilienaamIndex

Geboren voor 1437
Overleden na 1-9-1480, voor 1-5-1481

ORA Oirschot (Toirkens 124BA no 371 fol 387 dd St Barbara 1483) Komen is Rutger Peter Beckers als man van Beatrijs dochter van wijlen Henrick van de Dijck eerder weduwe van Willem Goessen Bruijnen en met hem ook genoemde Beatrijs en verkoopt al het bezit dat ze heeft geerfd na de dood van genoemde Willem nu aan Peter Jan Gruijters ten behoeve van Goessen natuurlijke zoon van wijlen Willem Bruijnen die hij had verwekt bij Margriet dochter van Willem Goijen Deenen. De verkoper belooft alle lasten af te handelen, behalve alle achterstalligheid die er vandaag de dag op drukt en het kind zal die lasten zodanig betalen dat Beatrijs daarvoor verder gevrijwaard is.

ORA Oirschot (Toirkens 124b fol 422 no 233 dd 11 weimaand 1484) Komen is Rutger Peter Beckers en met hem zijn wettige vrouw Beatrijs dochter van Henrick van de Dijck en verkopen aan Gevaert van Onstaden een jaarlijkse rente van 2 pond paijment, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een stuk land genoemd de Waterlaet, gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. Henrick van Cuijck, het erf eerder van Willem van der Rijt, Zeeben van Cuijck, Joerden Gijben. Nog op onderpand van een huis, tuin etc. gelegen onder Boterwijk hier, b.p. Jan Daniel Timmermans, Peter Jacops van Esch, de gemeenschappelijke straat, de kinderen van Willem Rutgers.

Kinderen

  1. Matheus Zie 25.798
  2. Henrick (+1542), huwt (1) Jutte Daniel Oomen (+na 1542) ouders van Baet en Pauwel (+voor 1568), vermeld ORA 1550, Bartholomeus, Daniel, Henrick, Rutger en Dingen (vermeld ORA 1557); huwt (2) N.N.
  3. Katalijn (+voor 1550), vermeld ORA Oirschot 1550
  4. Elisabeth (+na 1542), huwt Henrick Jan Mathijssen (+na 1542)
  5. Peterken, huwt Jan Jan Ansems (vermeld 1541)

TerugBegin van generatie


51.598   Dirck Jan PENNINCKS

FamilienaamIndex 51.598Vader 103.196Moeder 103.197

Overleden voor 1534

Kwartier ook ontleend aan Genealogie Penninx (oorspronkelijk Anton Neggers).

ORA Oirschot (Toirkens 130b fol 94v no 325 dd 7-12-1529) Dirck Jan Pennincks heeft beloofd om aan Henrick Jan Aert Scellekens die voortaan een jaarlijkse rente van 18 stuivers te gaan betalen, op onderpand van een huis, tuin etc., groot 9 lopenzaad, gelegen in herdgang de Notel, b.p. Alart Lippen, Willem Jan Sbrouwers, de gemeenschappelijke straat. (…) De rente is aflosbaar, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 14 gouden Karolusguldens en 8 stuivers.

ORA Oirschot (131c fol 91v no 301 dd 4-11-1533) Henrick Gijsbrechts van der After verwekt door deze Gijsbrecht bij diens vrouw wijlen Marie dochter van Henrick Wouters van der Heijden, voor hemzelf handelend en voor zijn Lambert en Aert, broers en kinderen van wijlen Jan Gijsbrechts van der After en voor Henrick, Jan, Dirck en Frans, broers en voor Marie, Elisabeth en Dingen, zijnde allen wettige kinderen van wijlen Dirck Pennincks verwekt door deze Dirck bij diens vrouw Elisabeth Gijsbrechts van der After, verkopen hierbij met een schepenbrief van Den Bosch aan Henrick zoon wijlen Henrick van der Heijden hun derde deel van de helft van een bunder broekland, dat 'rijdend' is en ze hebben geerfd van wijlen Henrick Wouters van der Heijden. Genoemde Henrick had de helft ervan verkregen van Marten en Marie, beide kinderen van wijlen Jacop Leijten genoemd Tiekwever en het perceel is gelegen in de gemeente Oisterwijk, ter plaatse genoemd Wippenhout, confom de schepenbrief ervan. De verkopers beloven alle lasten hierin van hun kant af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 132a fol 41v no 147 dd 13-3-1534) Frans zoon wijlen Dirck Pennincks, verder Elisabeth, Marie en Dingen, gezusters en wettige dochters van wijlen deze Dirck Pennincks, hebben samen en hoofdelijk machtiging gegeven aan hun broer Jan die de opdracht accepteert, om namens hen hun vordering te incasseren en kwijting te geven. Dat betreft hun vordering op Jan van Grueningen die in Den Bosch woont die hen een geldbedrag had beloofd vanwege bepaald bezit dat ze hadden geerfd bij de dood van Jenneken Gelaesmakers zoals ze zeiden en aan deze Jan van Grueningen was verkocht. De gemachtigde mag eventueel de vordering met rechtsmiddelen invorderen en moet daarin alles doen wat nodig is en dat ze zelf ook gedaan zouden hebben als opdrachtgevers.

Idem (fol 85 nos 276-7 dd 3-9-1534) Elisabeth dochter van Gijsbrechts van der Achter weduwe van Dirck Pennincks met haar voogd Cornelis Smeets, doet hierbij afstand van haar recht van vruchtgebruik inzake een huis, tuin, grond etc., gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. Alart Lippen, Willem Sbrouwers, de gemeenschappelijke straat. Ook nog inzake een weilans ter zelfder plaatse gelegen, b.p. Willem Zutericks, Dirck Groet Jans, Alart Lippen, Jan die Verwer, de gemeenschappelijke straat. Ze doet er afstand van ten behoeve van al haar wettige kinderen verwekt bij genoemde Dirck zodat die daarop van Iken weduwe van Thomas van de Ven en haar zoon Aerden een rente van een Karolusgulden op kunnen nemen en niet meer dan als zodanig. (Idem 277) Henrick, Jan, Dirck en Frans, broers, verder Marieken, Elisabeth en Dingen gezusters, de laatsten met hun broer Dirck als hun voogd, allen kinderen van wijlen Dirck Pennincks verwekt bij Elisabeth Gijsbrechts van der Achter, hebben beloofd om voortaan aan Ijken weduwe van Thomas van de Ven, die daarvan het vruchtgebruik krijgt en haar wettige zoon Aerden daarvan het erfrecht die voortaan een jaarlijkse rente van een gouden Karolusgulden te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag, op onderpand van het bezit uit de vorige akte. De schuldenaars beloven het onderpand in voldoende goede staat te houden voor de betaling van de rente. De rente is aflosbaar op Maria Lichtmisdag, tegen betaling van 16 gouden Karolusguldens.

ORA Oirschot (Toirkens 133a fol 41v no 80 dd 1-4-1538) Ijken weduwe van wijlen Thomas van de Ven met haar voogd heer Thomas van de Ven, doet hierbij afstand van haar recht van vruchtgebruik inzake een rente van 20 stuivers per jaar, welke rente Henrick, Jan, Dirck en Frans, broers en nog hun zusters Marieken, Elisabeth en Dingen, met hun broer Dirck als hun voogd, zijnde allen wettige kinderen van wijlen Dirck Pennincks, eerder aan genoemde Iken hadden beloofd, die daarvan het vruchtgebruik kreeg en haar wettige zoon Aerden daarvan het erfrecht, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin etc. gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. Alaert Lippen. Nog op onderpand van een weiland ter zelfder plaatse gelegen, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 3 september 1534. Ze doet er nu afstand van ten behoeve van haar wettige zoon Aerden.

ORA Oirschot (Toirkens 135b fol 11 no 66 dd 3-2-1545) Voor ons zijn verschenen Henrick, Dirck, Frans, Lisbeth met haar broer Dirck als haar voogd, nog Dingen met haar voogd zijnde haar broer Dirck die afstand van haar recht van vruchtgebruik heeft gedaan en verder Peter van der Ameijden als voogd van haar minderjarige kind, zijnde allen wettige kinderen van Dirck Pennincks ook nog met hun zuster Marie met haar voogd Willem Gijsbrechts, verkopen nu een huis, tuin, grond etc., gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. Alaert Lippen, de gemeenschappelijke straat, Dirck Joerdens. Het wordt nu verkocht aan hun broer Jan (…). (Idem no 67) Jan Dirck Penninks uit de vorige akte heeft beloofd om aan zijn zuster Dingen die daarvan het vruchtgebruik krijgt en Peter van der Ameijden ten behoeve van het minderjarige kind Beatricks daarvan het erfrecht, die een jaarlijkse rente van 22 en een halve stuiver te gaan betalen (afgelost 12 februari 1624). (Idem 68) Idem heeft deze Jan beloofd om aan Henrick Dirck Pennincks ook een jaarlijkse rente van 22 en een halve stuiver te gaan betalen. (Idem 69) Idem heeft Jan beloofd om aan zijn broer Henrick een jaarlijkse rente van 22 en een halve stuiver te gaan betalen (afgeketst). (Idem 70) Genoemde Peter uit de vorige akte staat toe samen met alle andere broers dat Jan Dirck Pennincks deze rentes altijd mag aflossen op Maria Lichtmisdag van elk jaar, voor elke 22 en een halve stuiver rente, tegen betaling van 18 gulden samen met de onbetaalde termijnen, mits er met Kerstmis daaraan voorafgaand is opgezegd.

ORA Oirschot (135b fol 8v no 44 dd 27-1-1546) Voor ons is verschenen Henrik, Frans en Dirck gebroeders en wettige kinderen van Dirck Pennincks, verder Willem Gijsbrechts als man van Marie, ook een dochter van genoemde Dirck en verder nog Lijsken en Digna ook dochters van genoemde Dirck Pennincks samen met hun voogd Dirck Dirck Pennincks voor genoemde Elisabeth en Digna met haar voogd ( Jan Ansems is doorgestreept ) Peter van der Ameijden, en verkopen nu aan Jan Dirck Pennincks een stuk beemd deels hei gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. Jan Wouters, Alart Lippen, de straat, Willem Suetricks. (…) (idem 45) Voor ons is verschenen genoemde Jan Dirck Pennincks en heeft beloofd om aan Digna Dirck Pennincks die daarvan het vruchtgebruik krijgt en haar wettige kinderen daarvan het erfrecht, die voortaan een jaarlijkse rente van 5 stuivers te gaan betalen op onderpand van de beemd uit de voorgaande akte ( geen datum en geen getuigen vermeld).( marge :Met instemming van Jan mede als echtgenoot van Betarice, verder namens Dimphna en Dirck doorgehaald.) (Idem 46) Pauwels Henrik Beckerszoon heeft beloofd om voortaan aan Digna Dirck Pennincks, die daarvan het vruchtgebruik krijgt en haar wettige kinderen het erfrecht, die een jaarlijkse rente van 10 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van het huis, tuin etc. gelegen in Oirschot onder Boterwijk, b.p. Gielen Verhagen, Henrick Gevaerts, Willem Erven, de straat.

ORA Oirschot (Toirkens 138a fol 53v no 252 dd 10-5-1557) Wij, etc., schepenen in Oirschot verklaren hierbij plechtig dat wij een schepenbrief van Oirschot hebben gelezen die gezegeld is en de volgende letterlijke inhoud bevat. Wij, Beertram Janssoen van den Spijker, Aelbert van den Maerselaer, Gijsbert die Cremer, Mathijs Gerart Mathijssen, Goijaert van Tulden, Andries Loijen en Ansem Jacop Ansems schepenen in Oirschot verklaren dat voor ons is verschenen Dirck Jan Pennincks (vader Jan Pennincks was gehuwd met Willemke Henrick Toirkens) en deze heeft beloofd om voortaan aan Jan Aert Schellekens (Jan was gehuwd met Bela Henrick Toirkens) een mudde rogge per jaar te gaan betalen, Oirschotse maat en nog twee peters van elk 18 stuivers, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin etc. groot ca. 9 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. Jan Mol, Alaert Lippen Gerartszoon, Jan die Brouwer, de gemeenschappelijke straat. Ook nog op onderpand van een stuk land gelegen in de Notel, b.p. Jan Mol, de erfgenamen van Wouters die Verwer, heer Henricks van Esch priester, de erfgenamen van Peter Heijmericks, de gemeenschappelijke dijk. Datum 2 augustus 1516. Wij als schepenen hebben deze brief gelezen en bevestigd op verzoek van Joost Geerits als voogd van Hilleken weduwe van Henrick Jan Schellekens vanwege de genoemde pacht.


Huwt

51.599   Elisabeth Gijsbrecht Hendriks van der ACHTER

FamilienaamIndex 51.599Vader 103.198Moeder 103.199

Overleden na 1534, voor 1542

Kwartier ontleend aan Genealogie Penninx (oorspronkelijk Anton Neggers)

Kinderen

  1. Henrick
  2. Dirck
  3. Frans
  4. Lisbeth
  5. Digna Zie 25.799
  6. Marie, huwt voor 1546 Willem Gijsbrecht Roefs (testeren 16-9-1553 (ORA Oirschot); Willem is ziek); zij huwt (2) voor 1556 Niclaes Henrick Jan Merks
  7. Jan

TerugBegin van generatie


51.600   Dirk Jan HANTSCHOEMAKERS

FamilienaamIndex 51.600Vader 103.200Moeder 103.201

Geboren ca. 1470
Overleden na 22-10-1541, voor 1565

Alias Dirck Jan Speecks, een van de bewoners van Verrenbest die 6-9-1500 een machtiging uitgeven een rente op te halen.

ORA Oirschot (Toirkens 127a fol 13 no 81 dd 9-4-1504) Jan Jan Colen verkoopt aan Dirck Jan Speecks en aan diens zwager Joest, een pacht van een half lopen rogge per jaar, uit een pacht van 2 vaten, welke pacht Katarijn weduwe van Henrick Dircks van der Hoeven in een testament had vermaakt aan genoemde Jan Jan Colen, uit een pacht van een half mud per jaar, welke pacht Jan Speecks steeds aan Katarijn heeft betaald.

ORA Oirschot (134b fol 120 no 373 dd 22-10-1541): boedelverdeling erven Henrick Rutger Belaerts, hieronder een rente van 5 lopen rogge per jaar te ontvangen van Dirck Hanscoemakers die men ook wel Speecks noemt.

Vermeld ORA Oirschot als getuige (Dirck Speecks) in 1539, dan ca. 70 jaar oud.

ORA Oirschot (Toirkens 131b fol 31 no 114 d.d. 1-3-1532) Dirck Jan Hanscomakers heeft beloofd om voortaan aan Henrick Peters van de Ven die een jaarlijkse rente van anderhalve gouden Karolusgulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag, op onderpand van een huis, tuin etc., groot ca 2 en een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. de weduwe en kinderen van Claes van Delft, Jan Joest Broekmans, de weduwe en kinderen van Willem Peters, de gemeenschappelijke straat zoals hij zei. Hij belooft het onderpand in goede staat te houden voor de betaling van de rente. De rente is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag , mits er met Kerstmis vooraf is opgezegd, tegen betaling van 24 gouden Karolusguldens.

ORA Oirschot (139b fol 76 no 248-249 dd 10-12-1561) Ghijsbrecht van der Schout verkoopt nu samen met alle lasten die er op drukken of nog op zullen komen, aan Steven zoon Dirck Hanschoemakers het erfdeel dat zijn moeder Emken heeft geerfd van Dirck Hanschoemakers en genoemde Gijsbrecht middels testament is vermaakt, een akker groot ca. een lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. de kinderen van Jan van Elmpt, de twee kinderen van Dirck Hanschoemakers, Adriaen Goijaerts van den Hovel, Aerts Verrooten. Ook verkoopt hij nog het negende deel van een beemd genoemd de Dormaelse beemd, ter zelfder plaatse gelegen, b.p. Adriaen Goijaerts van den Hovel, Wouter Bernaerts, Aerden Verroeten, Nicolaes van Delft. (idem no 249) Jan Dirck Hanschoemakers als voogd over Goijaerden Presens, zoon van Herbaert Goijaerts, verkoopt het negende deel van de hiervoor genoemde beemd geheten de Dormaelse beemd, zoals hiervoor staat vermeld, nu aan Steven Hanschoemakers en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.

ORA Oirschot (140a 1565b fol 76 no 84 dd 1-10-1565) Jenneken wettige dochter van wijlen Dirck Hanschoenmakers met haar voogd en zoon Willem zoon van genoemde wijlen Dirck Hanschoenmakers, ( incest of verschrijving?) verkoopt haar erfdeel dat ze heeft geerfd zoals ze zei vanwege het overlijden van haar ouders, inzake een akker genoemd den Mijspelakker, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. de gemeenschappelijke straat, het erf dat eerder eigendocm was van Andries Meus Maercolfs, Henrick Willems, Jan Goijaerts van den Hovel. Ook verkoopt ze haar erfdeel in een beemd ter zelfder plaatse gelegen, b.p. Wouters van den Weijer, Jan Goijaerts van den Hovel. Ook verkoopt ze haar erfdeel terzake van genoemde Mispelakker, welk deel betrekking heeft op het vierde deel van die akker dat door Jenneken, Catharijn en Aleijt, gezusters eerder is uitgewonnen vanwege een jaarlijkse rente van 2 gulden zoals blijkt uit een schepenbankvonnis van Den Bosch. Genoemde Jenneken verkoopt deze perceelsgedeeltes nu aan Steven zoon wijlen Dirk Hantschoenmakers.


Huwt ca. 1495

51.601   N.N.

Index 51.601 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Aangezien Dircks vrouw zelfs niet in een erfdeling in Oirschot voorkomt, neem ik aan dat zij van elders afkomstig was.

Kinderen

  1. Jan Zie 25.800
  2. Steven (+na 1570), vader van Anthonis (+na 1616)
  3. Pauwel, vermeld ORA Oirschot 1550, 1559
  4. Ermgaerd, testeert 1560, nogmaals in 1561; dienstmaagd en ongetwijfeld maîtresse van Gerard van der Schout. ORA Oirschot (141b fol 387 no 169 dd 7-11-1575): De edele heer, heer Ricalt van Merode en Jonker Jan van Merode, broers en zonen van wijlen heer Ricalt van Merode, toen hij nog leefde heer van Oirschot, Beek etc. voor zichzelf optredend en ook voor
  5. hun broers en zusters, hebben hierbij afstand gedaan inzake een obligatie van 1700 gulden, welke obligatie wijlen heer Ricalt van Merode hun vader, had beloofd aan heer Gerarden van der Schoudt, kannunik toen hij leefde te Oirschot, aan diens zoon Ghijsbrechten van der Schout en aan Ermgaerden Hanschoenmakers, de dienstmaagd van genoemde Gerart van der Schout, d.d. 23 maart 1548. Ze doen nu afstand van deze obligatie ten behoeve van genoemde Gijsbert van der Schout en heer Ricalt van Merode (…). Erfenis en nazaten ook vermeld ORA Oirschot 1599

  6. Aleijt, vermeld in testament Ermgaerd 1560
  7. Cathelijn, vermeld in testament Ermgaerd 1560
  8. Jenneken (+voor 1569), vermeld in testament Ermgaerd 1560; vermeld met broer en zoon (?) 1565; boedeldeling ORA Oirschot 5-12-1569 tussen zoon Wouter (chirurg), dochter Jenneke en de kinderen van Martina Boots, met Jan Dircks Hanscoemakers als voogd.

TerugBegin van generatie


51.602   Jan Willem SMETSERS

FamilienaamIndex 51.602Vader 103.204Moeder 103.205

Geboren voor 1490
Overleden na 1527

Niet verwarren met Jan Smetsers (+voor 1512), met Elisabeth N. (+na 1511) ouders van de in 1511 al volwassen Anna, Daniel, Hadewich, Mechteld, Christina en Heijlwig. (?)

Zeker geen zoon van Willem Daniel Smetsers, wiens weduwe Barbara in ORA Oirschot 1547 e.a. vermeld wordt, hertrouwd met Jan van Tulden, moeder van nog onmondige kinderen uit haar eerste huwelijk, waaronder een Jan Willem (vermeld, volwassen, 1561) en Daniel Willem (idem 1562).

ORA Oirschot (Toirkens 132bb fol 65 no 187-88 dd 23-5-1536) Jan Willem Smetsers verkoopt hierbij een beemd genoemd de Plijsdonk, groot ca. een bunder, gelegen in Oirschot herdgang Straten onder Ameijden, b.p. de Plijsdonk, het Bebbelaer Donk, Henrick Sbrouwers, Katalijn Verafter en meer anderen. Jan had dat perceel verkregen van zijn broer Willem conform schepenbrief van Oirschot en hij verkoopt het nu aan Willem de Cort, onze collega-schepen als beheerder van de tafel van de H. Geest te Oirschot en ook ten behoeve van die tafel en de verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen, behalve twee gouden Karolusguldens per jaar aan Willem van Haren. Voorwaarde is wel dat Jan de beemd altijd kan aflossen en terugkopen op Allerheiligendag, mits er een half jaar vooraf is opgezegd, tegen betaling van 60 gouden Karolusguldens. (Idem 188) Willem de cort als beheerder van de tafel van de H. Geest te Oirschot, heeft als schuldenaar beloofd om aan Jan Willem Smetsers die een bedrag van 60 gouden Karolusguldens te gaan betalen, en dat zal hem betaald worden van 'dag tot dag' en als Jan komt te overlijden zonder dat hij dat geld heeft opgebruikt, dan wenst Jan dat het restant ervan toevalt aan de tafel van de H. Geest. Dat wordt door Willem in zijn funktie gegarandeerd op onderpand van het bezit van de tafel.

ORA Oirschot (Toirkens 140b 1567b fol 257v no 110 dd 9-7-1567) Gedwongen verkoop van een beemd door Goijaert zoon wijlen Aerts van Tulden: de Achterste Rot, gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. de gemeijnte genoemd Tzonderen, de kinderen van Willem Rutgers van der Hoeven, Lodewijk van Heersel, het Zonderen, en wel vanwege de betalingsachterstand van een jaarlijkse rente van 3 gulden die 3 jaar onbetaald is gebleven. Deze rente was eerder door Willem Lodewijks van Hersel beloofd aan Jan Willem Smetsers (…) conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 21 januari 1527.

Vgl ORA Oirschot 141c fol 431 no 103 dd 9-1-1576.


Huwt voor 1510

51.603   N.N.

Index 51.603 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Anna Zie 25.801
  2. Jan, in ORA Oirschot 1571 fol 95v

TerugBegin van generatie


51.606   Henrick Willem OOMEN

FamilienaamIndex 51.606Vader 103.212Moeder 103.213

Overleden na 1531

Alias Smeeds. Niet verwarren met Henrick Dirck Oemen (ORA Oirschot Toirkens 124b fol 261 nos 57-9 dd 4-2-1481), ook gegoed in Hedel.

ORA Oirschot (Toirkens 126a fol 12 nos 51-2 dd 11-4-1495) Henrick Willem Oemen heeft beloofd om voortaan aan Jan Dircks van Berse ten zijnen behoeve en ten behoeve van zijn vrouw Aleijt, die een jaarlijkse rente van anderhalve rijnsgulden te gaan betalen, waarbij elke rijnsgulden 20 stuivers doet, elk vuurstaal 3 vlaamsche en elke karolusstuiver een braspenning, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin etc., groot ca. 2 mudzaad, gelegen in herdgang Hedel, b.p. Heijlwich weduwe van Jans van de Venne, de Hoelstraat daar, zijn broer Jan Willem Omen, heer Henrick van Esch, de straat. Nog op onderpand van een stuk beemd genoemd de Lulsdonk groot ca. 2 bunders gelegen in herdgang Spoordonk, b.p. zijn zwager Rutger Willem Rutgers, Korstiaen Hessels, de gemeenschappelijke straat. Henrick had die beemd in huwelijkse voorwaardes verkregen met zijn vrouw Engelen. Indien Henrick wil en hij 3 maanden vooraf met Kerstmis opzegt, dan mag hij in de periode van 4 jaar, daarna op Maria Lichtmisdag steeds elk jaar aflossen met het vierde deel van 22 en een halve rijnsgulden en en elke keer zal de rente dan al naar gelang worden verminderd. (Idem 52) Henrick mag altijd op Maria Lichtmisdag aflossen tegen betaling van 22 en een halve rijnsgulden.

ORA Oirschot (Toirkens 126a fol 35 no 195 dd St Barbara december 1496) Henrick Willem Omen verhuurt voor 100 jaar en dagen aan heer Aernden de Crom en aan zijn broer Jan, een stukje beemd genoemd de Posdonk, gelegen in herdgang Hedel, b.p. Henrick Thomas van de Ven, de koper, de straat, Stijn Ansems. (…)

ORA Oirschot (Toirkens 127a fol 50 no 255 dd 5-1-1505 in boek 1504) Henrick zoon wijlen Willem Jan Omen als man van Engel heeft beloofd om voortaan aan Heijlken natuurlijke dochter van wijlen Henrick Henricks van Berse zijnde zijn nicht, die een pacht van een mud rogge te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een stuk beemd genoemd de Lulsdonk gelegen in herdgang Spoordonk, b.p. Rutger Willems van Oudenhoven waarvan eerder is afgedeeld, het erf eerder van Willem Vlemmincks, de straat. Verder op onderpand van het bezit dat hij als echtegenoot van zijn vrouw heeft geerfd van Margriet weduwe van Willem Rutgers van Oudenhoven.

ORA Oirschot (Toirkens 127a fol 155v no 102 dd 6-2-1506) Henrick Willem Oemen als man van Engel, dochter van wijlen Willem Rutgers van Oudenhoven, verkoopt aan Willem Jan Brouwers als man van Heijlwig natuurlijke dochter van wijlen Henrick Henricks van Berse een pacht van 14 lopen rogge, welke pacht Henrick had gekocht van Gevaert Janssen van Ostaden als man man van Lisbeth en van Rutger en Ervaert, alle kinderen van Willem Rutgers van Oudenhoven en verder van Aert, Willem en Jan, broers en kinderen van Aert van Laerhoven en van Claes Jan Claessen als man van Geertruid dochter van genoemde Aert van Laerhoven. Die pacht hadden die verkopers geerfd na dood van Willem Rutgers na de de dood van diens vrouw Margriet en welke pacht jaarlijks wordt betaald door de kinderen van Jan Gijben Hoppenbrouwers. Hiermee is een pacht komen te vervallen van een mud, die Henrick eerder aan Heijlwig in schepenbrieven van Oirschot had beloofd en wel vanwege een mud rogge dat Henrick Willem Oemen eerder had verkocht aan Joerden de Hoppenbrouwer uit het bezit van Heijlwig. Willem Jan Brouwers als man van Heijlwig verklaart daarvoor te zijn voldaan en geeft hem kwijting en aan alle anderen die kwijting behoeven.

ORA Oirschot (Toirkens 128a fol 163v no 70 dd Kerstavond 1511) Henrick Willem Omen belooft aan Heijlwig Rutger Belaerts die binnen 3 jaar 8 en een halve mud rogge, Oirschotse maat en 14 rijnsguldens te gaan betalen, vanwege achterstalligheid in pachten die hij aan Margriet Belaerts schuldig was.

ORA Oirschot (Toirkens 128a fol 237 nos 110-1 dd 13-2-1511) Henrick en Jan, kinderen van Willem Oemen, verklaren dat Gijsbrecht Jan Hoppenbrouwers aan hen een pacht van 14 lopen rogge mogen aflossen, maat van Orischot die Gijsbrecht steeds aan hen betaalt, tegen betaling van 50 rijnsguldens samen met de achterstalligheid dan. (Idem 111) Gijsbrecht Jan Hoppenbrouwers belooft aan Henrick en aan Jan Willem Oemen die over 8 dagen een bedrag van 50 gulden te betalen.

ORA Oirschot (Toirkens 129a fol 305v no 55-6 dd 31-1-1523) Henrick Willem Omen belooft aan Barbara dochter van Andries Cremers die voortaan jaarlijks een rijnsgulden te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer over een jaar op onderpand van een stuk beemd gelegen in herdgang Spoordonk aan de Mortel daar, genoemd de Lulsdonk, b.p. Rutger Willems van Oudenhoven, heer Gijsbrecht Vlemmincks, de gemeijnte. (Idem 56) De rente uit de vorige akte is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag tegen betaling van 16 rijnsguldens, mits er een half jaar vooraf is opgezegd.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 154 no 41 dd 23-1-1527) Henrick Willem Oemen weduwenaar van zijn wettige vrouw Engel wettige dochter van Willem Rutgers, verder Peter Claes Legen als man van Margriet, dochter van genoemde Henrick Oemen, voor hemzelf optredend en voor Katalijn Henricks Oemen, en nog voor Anna en Marieken, gezusters en wettige kinderen van genoemde Henrick Willem Oemen, hierbij met Peter Claes als hun voogd, hebben aan Henrick Lupprechts van den Schoet, waarin hun vader daarbij het vruchtgebruik betreft en zijn genoemde kinderen daarin het erfrecht, die een akker verkocht, groot 7 lopenzaad genoemd de Besdonck, met alle wallen daaromheen, gelegen onder Boterwijk hier, b.p. Henrick van der Ludsdonck, Margriet Scremers, heer Willem Persoens, de gemeenschapplijke straat. Lasten hieruit zijn 8 lopen rogge per jaar aan Geertrui van Laerven.

ORA Oirschot (Toirkens 137b fol 45v no 213 dd 18-3-1553) Goijaert zoon Goessen Gijsbrechts als man van Anna dochter van Henrik Oomen als partij ter ener zijde en Margriet dochter van Henrick Oomen, weduwe van Peter Claessen met haar Odulphus zoon van Peter Claessen, voor hemzelf en voor Marien, Ingelken, Heijlwig, Henrick, Peter en Arien zijn broers en zusters, hebben een boedelverdeling gedaan van het bezit dat genoemde Goijaert van Henrick Oomen en genoemde Margriet met haar kinderen van Marie de dochter van genoemde Henrick Oomen heeft geerfd. Bij deze verdeling krijgt genoemde Goijaert een stuk beemd met een horst gelegen in de Smitsbeemd, zijnde het middelste stuk, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. Dirck Janssen van Ostaden, waarvan het is afgedeeld, Geerits van der Lusdonck, de kinderen van genoemde Peter Claessen waarvan het is afgedeeld. Het bezit moet overpad verlenen aan de waterloop aldaar en aan de kinderen van genoemde Peter achter de horst aldaar voor zover dat daar nodig is. Bij deze verdeling krijgt Margriet, die daarvan het vruchtgebruik krijgt en Odulphus, Marie, Ingelken, Heijlwig, Henrick, Peter en Arien, wettige kinderen van Peter Claessen daarvan het erfrecht, een stuk beemd in de Smitsbeemd, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck, zijnde het achterste stuk, b.p Goijaert Goessens waarvan het is afgedeeld, de erfgenamen van Wouter Gooris, Peter Dircks, Dirck Jacops van Ostaden. Verder krijgen ze een horst in de genoemde Smitsbeemd, b.p. het erf van genoemde Dirck Jacops waarvan het is afgedeeld, het erf van Goijaert Goessens waarvan het is afgedeeld. Ze moeten overpad verlenen aan de andere horst die eigendom is van genoemde Goijaert Goessen. Verder moeten ze de waterloop aldaar onderhouden.

Nog niet nagezien: Bosch Protocol (fiches Best bewerkt door Vera/van Adrichem/Toirkens)

BP 1263 (Best) okt 1493 – sept 1494 folio 14r: Dirck Vos (Geritszoon) man van Willemke dochter van wijlen Willem Rutgers van Audenhoven en van Margriet van der Vluege; Henrick Smeeds man van Engel dochter wijlen Willem voornoemd en Margriet (voornoemd)


Huwt voor 1493

51.607   Engel Willem Rutgers van OUDENHOVEN

FamilienaamIndex 51.607Vader 103.214Moeder 103.215

Geboren voor 1470
Overleden voor 1527

Kinderen

  1. Anna Zie 25.803
  2. Margriet, huwt Peter Claes Houtloecks (vermeld 1535) alias Legen
  3. Katalijn (vermeld 1535)
  4. Marieke

TerugBegin van generatie


51.608   Mathijs Peter Roefs van de TOERKEN

FamilienaamIndex 51.608Vader 103.216Moeder 103.217

Geboren ca. 1466
Overleden na 1535 voor 1537

ORA Oirschot 11-12-1536: ziek, 70 jaar oud, legt verklaring af en is vermoedelijk stervende.

ORA Oirschot (Toirkens 125b fol 28v no 212 dd 26-11-1490) Roef Peter Roefs verkoopt nu aan zijn broer Mathijs het zesde deel van een stuk land groot ca. 6 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Spoordocnk, dat hij na de dood van zijn moeder heeft geerfd, b.p. de gemeijnte, Joerden van der Vloet, Henrik Wouters van der Heijden en diens kinderen. De verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve een pacht van 3 lopen rogge per jaar uit zijn erfdeel.

ORA Oirschot (Toirkens 126a fol 19 nos 115-6 dd 17-4-1496) Jonker Wernaert van Merode uit de vorige akte verkoopt met brieven ervan aan Thijs Peter Roefs een stuk beemd genoemd de Boender, gelegen in herdgang Spoordonk, b.p. Joerden van der Vloet, Lisbeth weduwe van Jan Dircks van der Vloet, de gemeijnte, de Vloet daar. De koper moet daaruit jaarlijks aan Joerden van der Vloet ongeveer 19 stuivers betalen, of zoveel als Jorden volgens zijn brief daarvan dient te betalen. (…) (Idem 116) Genoemde Mathijs uit de vorige akte belooft aan jonker Werner van Merode die per a.s. Maria Lichtmisdag een bedrag van 32 peters en 6 stuivers te zullen betalen, elke peter tegen 18 stuivers of in andere goede munstsoorten, samen met een rente van een peter voor elke 15 peters kapitaal, naar tijdsgelang te betalen.

ORA Oirschot (Toirkens 126b fol 18 no 112 dd 28-5-1497) Jan Janssen van der Vloet verkoopt met alle brieven ervan aan Mathijs Peter Roefs een halve bunder beemd gelegen in herdgang Spoordonk aan de Vloet daar, b.p. de gemeijnte van Oisterwijk, de koper, Huben Daniel Timmermans.

Idem (fol 24 no 138-9 dd 18-7-1497) Goijaert natuurlijke zoon van Gijsbrechts van der Berthen verkoopt aan Mathijs Peter Roefs die een jaarlijkse pacht van 13 lopen rogge, maat van Oirschot, welke pacht Gijsbrecht zoon wijlen Goijaert van der Berthen als man van Eesen dochter van wijlen Joerden Aert Jonkers had verkocht aan zijn natuurlijke zoon Goijaert. De pacht wordt jaarlijks betaald op Maria Lichtmisdag op onderpand van een stuk beemd genoemd de Braecke, b.p. heer Willem, persoon van Boechout, Corsten Snijders, en ook nog op onderpand van de betimmering die erop staat. Die pacht had Joerden Aert Jonkers verkregen van Aernt natuurlijke zoon Aert Jonkers volgens de brief ervan. Nog verkoopt hij hem een half mud rogge, zelfde maat uit een pacht van een heel mud rogge, welke pacht Jacop Jan Mercelis van Vessem eerder had beloofd aan genoemde Goijaert, steeds te betalen op Maria Lichtmisdag, op onderpand van een stuk land groot ca. 5 lopenzaad, gelegen in herdgang Spoordonk, b.p. de gemeijnte van Oisterwijk daar genoemd de Nuwen Dijk, genoemde Jacop. Nog verkoopt hij hem een jaarlijkse pacht van 8 lopen rogge, welke pacht Jan Daniel Smetsers eerder had beloofd aan genoemde Goijaert, steeds op Maria Lichtmisdag te betalen op onderpand van een huis etc., gelegen in herdgang de Notel, b.p. Peters van de Venne, Gerart Mathijssen, de straat. (Idem 139) Nadat dit is gebeurd in de vorige akte, is genoemde Mathijs Peter Roefs hier voor ons verschenen en heeft aan genoemde Goijaert beloofd dat hij hem onderdak zal verlenen en hem de kost geven, kleding en schoeisel, vuur, water, licht etc. en hem van alles zal voorzien zoals een goed huisvader dat pleegt te doen, zoals hij dat ook voor hemzelf en zijn kinderen doet, alles zolang Goijaert leeft. Indien Mathijs zou komen te overlijden en Goijaert dan niet daar wil blijven wonen bij Aleijt de vrouw van Mathijs, of diens kinderen en daar weggaat dan moet Mathijs jaarlijks aan Goijaert een pacht van 4 en een half mud rogge betalen, maat van Oirschot zolang hij leeft en als Goijaert komt te overlijden dan komen die 4 en een half mud rogge ook te vervallen, maar Goijaert krijgt nog wel de pacht over het deel van het jaar waarin hij sterft.

ORA Oirschot (Toirkens 126b fol 7 no 39-40 dd 28-1-1499) Mathijs Peter Roefs van den Toerken heeft beloofd om aan Joerden Jans van der Vloet die voortaan een jaarlijkse rente van 19 en een halve stuiver per jaar te gaan betalen, steeds op St. Hubrechtsdag op onderpand van een stuk beemd groot ca. drie vierde bunder, gelegen in herdgang Verren Spoordonk, b.p. genoemde Joerden, de Vloet daar, de gemeijnte. (Idem 40) Genoemde Mathijs verkoopt aan Andries Loijen Timmermans ten zijnen behoeve evn ten behoeve van Jan en Katarina zijn broer en zuster zijnde, een stuk land genoemd dat Ekkerken groot ca. 2 lopenzaad, gelegen in herdgang Spoordonk, b.p. de koper, de kinderen van Henrick Wouters, de heer van Merode, de gemeijnte.

Idem (fol 19v nos 22-23 dd 10-6-1499) Mathijs zoon wijlen Peter Roefs (van den Toerken, JT) heeft beloofd om voortaan aan zijn zuster Ijden een pacht van 3 en een halve lopen rogge per jaar te gaan betalen, maat van Oirschot, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een stuk land groot ca. 9 lopenzaad genoemd de Heijhoef, gelegen in herdgang Spoordonk, b.p. Joerdens van der Vloet, Hubrecht Daniels, de gemeijnte van Oisterwijk, Jan Leeman. (Idem 123) De pacht uit de vorige akte kan altijd worden afgelost op Maria Lichtmisdag tegen betaling van 8 peters, elke peter tegen 18 stuivers.

ORA Oirschot (Toirkens 126 fol 29v no 126-130 dd 9-9-1500) Mathijs Peter Roefs heeft beloofd om aan Henrick Wouters van den Dijck die een jaarlijks rente van 22 en een halve stuiver te gaan betalen, steeds op St. Jacopsdag op onderpand van een huis, tuin etc., groot 1 lopenzaad en 10 roedes, gelegen in herdgang Spoordonk, b.p. de gemeijnte, Joerden Vervloet, Hubrecht Daniels. (Idem 127) De rente uit de vorige akte is aflosbaar op St. Jacopsdag, tegen betaling van 17 Rijnsguldens, het derde deel van het bedrag te betalen in Hornsguldens van 15 stuivers per stuk, het derde deel in Rodolphusguldens van elk 18 stuivers en het derde deel in Philips Bourgondische schilden van elk 25 stuivers. (Idem 128) Mathijs Peter Roefs verkoopt aan heer Jan Robillart, priester en fabriekmeester voor de St. Peterskerk te Oirschot, die ten behoeve van de fabriek een pacht van 13 lopen rogge per jaar, die Mathijs had gekocht van Gijsbrecht van der Berthen en die Gijsbrecht zoon wijlen Goijaert van der Berthen als man van Eesen dochter van Joerden Aert Jonkers had verkocht aan zijn natuurlijke zoon Goijaert. De pacht vervalst steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een stuk land genoemd de Braecken, b.p. het erf van heer Willem, pastoor van Boechout, Corstiaen Snijers en ook op onderpand van het bouwsel op dat perceel. Die pacht had Joerden Aert Jonkers verkregen tegen Aert de Jonker natuurlijke zoon van Aert Jonkers. Nog verkoopt Mathijs hem de helft van een heel mud rogge, welke pacht Jacop Jan Marcelis van Vessem eerder aan genoemde Goijaert natuurlijke zoon van Gijsbrecht van der Berthen, had verkocht, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een stuk land groot ca. 5 lopenzaad gelegen in herdgang Spoordonk tussen de gemeijnte van Oisterwijk genoemd de Nijen Dijck en genoemde Jacop van Vessem. (idem 130) Genoemde heer Jan Robillarts uit de vorige akte als kerkmeester belooft namens de kerk van Oirschot aan Mathijs dat voor het geval de 8 lopen rogge per jaar die Jan de Metser jaarlijks betaalt aan Goijaert Haeck, als die minder waard zijn dan 6 lopen rogge, dat de kerk in dat geval het verschil zal bijpassen.

ORA Oirschot (Toirkens 126c fol 25 no 118 dd 21-5-1501) Mathijs Peter Roefs verkoopt aan Andries Loijen Timmermans ten behoeve van hem en ten behoeve van Jan en Katarina diens broer en zus, die de helft van een beemd genoemd de Buenre, groot een hele bunder voor de hele beemd, gelegen in herdgang Spoordonk, b.p. Mathijs als verkoper, Joerdaen van de Vloet, de Vloet, de gemeijnte. Lasten hieruit zijn 18 en een halve plak aan de kerk van Oirschot en de helft van 5 plakken aan de kapel van O.L. Vrouw en aan het kapittel de helft van 2 blanken.

ORA Oirschot (Toirkens 126c fol 9v no 58 dd 11-2-1502) Emken dochter van wijlen Meeus Cleijs Claes verklaart dat Mathijs Peter Roefs aan haar een pacht van 2 lopen rogge heeft afgelost uit een pacht van 6 lopen die Mathijs steeds heeft betaald aan de 3 kinderen van Meeus Cleijs Claessen.

ORA Oirschot (toirkens 127a fol 9v nos 58-9 dd 20-2-1504) Mathijs Peter Roefs verkoopt aan Bert de vrouw van Adriaen Mollers en haar kinderen daarin, een stuk land, heide, weiland er, gelegen in herdgang Aerle, groot 4 lopenzaad, gelegen in de Braken, b.p. Dirck de Lege, de koper, de gemeijnte, de erfgenamen van Jacop Willem Jacops. (…) (Idem 59) Bert als weduwe van Adriaen Goijaert Smollers uit de vorige akte met haar haar zoon Goijaert, voor henzelf handelend en voor de andere minderjarige kinderen van genoemde Adriaen Goijaert Smollers verwekt bij Bert, beloven aan Mathijs Peter Roefs een bedrag van 22 peters te betalen per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar samen met een rente van 9 lopen rogge per jaar. (…)

ORA Oirschot (Toirkens 127a fol 6v nos 38-9 dd 1-3-1505) Aleijt weduwe van Willem van Esch met haar zoon Meeus verkoopt aan Mathijs Peter Roefs het 1/5e deel van een stuk beemd gelegen in herdgang Spoordonk, dat Aleijt had geerfd van haar zuster Heijlwich, (Meeus Deckers) en dat deze Heijlwich en Everaert Jan Maes haar wettige man eerder was toebedeeld in een boedeldeling, b.p. Jan van der Heijden, gelegen aan de Vijf Bunders bij de sluis De Weijstege. (Idem 39) Gijsbrecht Rolofs en zijn broer Meeus en Thomas Dircks als man van Katarijn dochter van genoemde Roelof verkopen aan Mathijs Peter Roefs die het 1/5e deel van een perceel beemd, dat ze hadden geerfd na de dood van hun vader Roelof en Roelof op zijn beurt had geerfd van Heijlwich dochter van Meeus Deckers, gelegen in herdgang Spoordonk, b.p. Jan van der Heijden, de Vijf Bunders, de sluis, de Weijstege.

ORA Oirschot (Toirkens 128a fol 88v no 93 dd 17-5-1509) Everaert Willem Jan Everaerts verkoopt aan Mathijs Peter Roefs JT) het 1/5e deel van een stuk land, in totaal groot vijf vierdel bunders, welk deel hij heeft geerfd van Heijlwich Meeus, zijnde de tante van zijn moeder, gelegen in herdgang Spoordonk, b.p. de Vijf Bunders, een beemd eerder eigendom van Jan van der Heijden en daarna van Herman Betten te Beerse, een pad daar, de sluis in de rivier de Aa. Lasten uit dit 1/5e deel zijn het 1/5 deel van 10 en een halve stuiver en het vijfde deel van 2 en een halve stuiver en een oort als grondchijns.

ORA Oirschot (Toirkens 128a fol 154v no 27 dd16-2-1511) Henrick Willems van de Velde als voogd over Rutken het jonge minderjarige kind van zijn broer Rutger van de Velde, verklaart dat Mathijs Peter Roefs hem heeft voldaan voor het geld dat Mathijs zelf had ontvangen vanwege het ongeval op genoemde Rutger van de Velde. Het geld is opnieuw belegd om de opbrengst van dat vandaag ontvangen geld te laten toekomen aan Jan Henrick Corstens.

ORA Oirschot (Toirkens 128a fol 281 nos 156-7 dd 13-8-1512) Peter Hermans van den Borgelen verkoopt aan Mathijs Peter Roefs een stuk beemd genoemd de Arenshorst gelegen in herdgang Spoordonk, b.p. Dionijs Lonis, het erf waarvan is afgedeeld, de kinderen van Jan Ceelen, Loij Peter Celen en Dictus Ceelen, de Vloet daar. Lasten hieruit zijn een half mud rogge te betalen aan Agnes dochter van Jan Daniels, die aflosbaar is, everder de grondchijns. Als Jan Hermans van den Borgelen weer uit het buitenland terugkeert en niet tevreden is met het testament van zijn vader Herman, dan belooft Peter Hermans aan Mathijs Peter Roefs die zijn geld terug te geven zijnde 42 peters en verder zal hij hem dan de chijnsen vergoeden die Mathijs daarop heeft betaald en de kosten van de lijfkoop. (Idem 157) Mathijs Peter Roefs belooft aan Peter Hermans van den Borgelen die een bedrag van 18 peters te betalen per a.s. Maria Lichtmisdag zonder rente.

ORA Oirschot (Toirkens 128a fol 198v no 80-2 dd Zondag na St Katharina (november) 1513) Mathijs Peter Roefs belooft aan Agnes dochter van wijlen Jan Liefkens die een rijnsgulden per jaar te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een beemd groot een halve bunder gelegen in herdgang Spoordonk in de Beerse Beemden daar, (…) (Idem 81) De rente uit de vorige akte is aflosbaar op Maria Lichtmisdag na 6 jaar tegen betaling van 16 rijnsguldens. (Idem 82) Agnees dochter van wijlen Jan Liefkens verkoopt aan Mathijs uit de vorige akte die een pacht van een half mud rogge, maat van Beerse, welke pacht Peter Hermans van den Borgelen eerder aan Agnes had beloofd, behalve het recht van aflossing hierin dat zij aan genoemde Peter had toegestaan.

ORA Oirschiot (Toirkens 129a fol 48v no 290 dd 8-8-1518) Wouter Gooris van Kuijck en Iken weduwe van Thomas Aerts van den Venne dochter van wijlen Jan Heijligen, met haar broer Dirck als haar voogd verkopen nu aan Mathijs Peter Roefs de helft van een beemd genoemd dat Henrickslaer, waarvan Jan Persoons de andere helft heeft. Die helft was Wouter en Iken samen overgedragen door Aleijt dochter van Wouter van den Dijck en Aleijt op haar beurt had die helft geerfd van haar broer Jacop Wouters van den Dijck. De beemd is gelegen in herdgang Spoordonk, b.p. de erfgenamen van Aleijt van den Schoet, de kinderen van Peter Jacops van Esch, de straat. Lasten hieruit zijn de helft van 14 lopen rogge per jaar en de helft van een pond paijment en de helft van 3 oude groten als chijns aan de hertog.

ORA Oirschot (Toirkens 129a fol 119 no 191-3 dd dag na St Servaas 1519) Mathijs Peter Roefs, Wouter Gooris van Kuijck en Dirck Jan Heijligen beloven aan Frank Wouters van der Rijt die voortaan jaarlijks een rente van 3 rijnsgulden te betalen, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin etc. groot een lopenzaad, gelegen in herdgang Spoordonk, b.p. de gemeijnte, Jan Vervloet. Verder nog op onderpand van een beemd, b.p. Andries Loijen, diens broer Jan, Jan Vervloet, de gemeijnte. Nog op onderpand van een huis, tuin etc., eigendom van Wouter Gooris van Kuijck, gelegen in herdgang Spoordonk, b.p. Jan van Dormalen, Gerard Jan Peters, de gemeenschappelijke straat, heer Henrick Vos. Nog op onderpand van een beemd gelegen in de gemeente Vessem, eigendom van Dirck Jan Heijligen, b.p. Jenneke weduwe van Henrick Dielen, Lupprecht Janssen van der Hoef, de rivier de Aa, de gemeenschappelijke straat.

(Idem 192) De 3 schuldenaars uit de vorige akte mogen de rente samen of hoofdelijk aflossen na 6 jaar en niet eerder tegen betaling van 54 rijnsgulden in een keer. (Idem 193) Mathijs Peter Roefs, Wouter Gooris van Kuijck en Dirck Jan Heijligen uit de vorige akte beloven samen en hoofdelijk, op onderpand van hun persoon en bezit dat als een van hen bereid is de rente van 3 gulden per jaar af te lossen aan Frank Wouters van der Rijt, dat dan de 2 andere personen verplicht zijn hun bijdrage in de 54 gulden kapitaal bij te leggen. Als er daardoor schade zou ontstaan dan moeten die 2 andere personen dat aan de derde vergoeden die heeft afgelost.

Idem (fol 128 no 232 dd St Michielsavond 1519) Mathijs Peter Roefs, Wouter Gooris van Kuijck en Iken weduwe van Thomas Aert Thomas van den Venne en haar wettige zoon Aernt, voor henzelf handelend en voor Thomas zijnde de broer van genoemde Aert, waarvoor Iken, haar zoon Aert en Henrik Thomas van Strijp als voogd voor genoemde Iken en haar kinderen optreden, en verkopen aan Jan Embrechts van Oerle een stuk erf, gelegen aan de Papenvoort, b.p. Henrick van Berse, Andries Loijen en zijn broer, het erf eerder van Willem van den Borgakker, de gemeijnte. (…).

Idem (fol 129v no 239, zelfde dag) Mathijs Peter Roefs, Wouter Gooris van Kuijck, Dirck Jan Heijligen voor hemzelf handelend en voor zijn zuster Iken weduwe van Thomas Aert Thomas van den Venne en haar wettige zoon Aernt, voor henzelf handelend, de zelfde Iken met haar broer Dirck Jan Heijligen als voogd die ook handelen voor Thomas zijnde de zoon van genoemde Iken en Thomas van de Venne, verkopen aan Henrik Thomas van de Venne een huis, tuin etc., gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. Ansem Jacop Ansems, de gemeenschappelijke straat, de gemeijnte, Goijaert Jacop Henricks, Aert Vermeijden, samen met de greppels en de sloten. (…) (Idem 242) Henrick Thomas van de Venne belooft aan Mathijs Peter Roefs voor 1/3e deel, aan Wouter Gooris van Kuijck voor 1/3e deel, en aan Dirck Jan Peter Heijligen en diens zuster Iken, voor henzelf handelend en voor haar kinderen samen ook voor 1/3e deel, een bedrag van 138 en een halve gulden te betalen. Van dat laatste derde deel krijgt Dirck Jan Heijligen de helft en Iken en haar kinderen samen ook de helft. Het bedrag te betalen per a.s. Maria Lichtmisdag.

ORA Oirschot (Toirkens 129b fol 364v no 60-1 dd 28-1-1524) Gijsbrecht Jan Meeus belooft aan Mathijs Peter Roefs die per a.s. einde mei een bedrag van 36 en een halve rijnsgulden te zullen betalen. (Idem 61) Mathijs Peter Roefs draagt aan Gijsbrecht Jan Meeus vanwege het recht van vernadering aan hem een stuk beemd over, gelegen in herdgang Spoordonk, b.p. genoemde Mathijs, Willem Happen, Jacop Lonis Janssen, de Vijf Bunders daar. Dat perceel had Mathijs eerder gekocht van Everaert Slaets volgens een brief van Gestel nabij Oisterwijk.

ORA Oirschot (Toirkens 129b fol 1 no 5 dd 2-1-1525) Eerder hebben Jan Joerdens van der Vloet, Thijs Peter Roefs, Wouter Peters en Gielis Peter Gielis een groot stuk heigrond gekocht van Daniel van Vlierden, groot 13 bunders, gelegen in de gemeente MoerGestel, nog onverdeeld zijnde. Men heeft nu een deling gemaakt van dat bezit zodat ieder zijn eigen deel ervan kan gebruiken zonder daarvoor door de andere beboet te worden of lastig gevallen. Genoemde Mathijs krijgt een stuk van 3 en een kwart bunders, b.p. aan de zuidkant genoemde Jan Joerdens waarvan is afgedeeld en zoals omheind, aan de westkant de Clarissen in Den Bosch, aan de oostkant de gemeijnte. Lasten hieruit zijn 5 stuivers als grondchijns. (…)

ORA Oirschot (Toirkems 130a fol 276 no 77 dd 30-1-1527) Willem Wouter Scortten heeft aan Mathijs Peter Roefs die een bunder broekland verkocht, in het Katersche Broek of in de Katersche Weije, gelegen in herdgang Spoordonck, b.p. de erfgenamen van Joest Wouters, de erfgenamen van Gerit Feijtmans, de Oisterwijkse aard (gemeijnte) nabij de Vloetbeemd, Henrick Vercameren. Lasten hieruit zijn 2 pond per jaar aan de jonker van Helmond.

Idem (fol 454 no 318 dd 20-9-1527) Petra weduwe van Jacop van den Dijck met haar voogd Henrick Belaerts heeft verklaard dat Wouter Gooris van Kuijck, Mathijs Peter Roefs (van den Toerken, JT) en Ijda weduwe vanThomas Aerts van den Ven aan haar een jaarlijkse rente van 2 en een halve gulden hebben afgelost, die deze Wouter, Mathijs en Yda eerder aan genoemde Petra hadden beloofd, maar waarvan de originele brief in het ongerede is geraakt.

ORA Oirschot (Toirkens 131a fol 61 no 226 dd 16-5-1530) Eerder heeft Heijlwich Belaerts met een vonnis van Oirschot vanwege een betalingsachterstand van 14 lopen rogge uit een pacht van 18 lopen, die 3 jaar achter was in betaling, een huis etc. laten uitwinnen, eerder eigendom van wijlen Dirck Moermans dat werd bewoond door Gerart …….. volgens een brief van 14 mei 1529. Omdat toen de uitwinning verjaard was heeft daarna Heijlwich het onderpand opnieuw publiek laten veilen in een openbare herberg zijnde in de Zwaan, of er iemand was die het bezit wilde vrijkopen danwel te zien of er anderen rechten op hadden en dreigde hun vordering daarop te verliezen. Daarop is verschenen Mathijs Peter Roefs en heeft kenbaar gemaakt dat hij een jaarrente had te vorderen van een gulden met 2 vervallen termijnen en heeft dus de koop willen hebben en Mathijs heeft nog aangeboden om de kosten van de uitwinning te voldoen in totaal zijnde 26 stuivers. En Heijlwich heeft bekend van Mathijs voor 4 keer 14 lopen rogge, 14 peter en 26 stuivers voor onkosten te hebben ontvangen. Daarop heeft Mathijs dus het onderpand verworven nadat de kaars was opgebrand.

ORA Oirschot (Toirkens 131a fol 267 no 108 dd 7-3-1531) Mathijs Peter Roefs (van den Toerken) heeft aan Aert van Heesterbeeck die een beemd verkocht met het recht van overpad over het erf van de koper, gelegen in herdgang Spoordonck, b.p. Alart Scepens, de kinderen van Jacop Thijs, Aert als koper, Dirck Joerdens. Lasten hieruit zijn 2 wilhelmus tuin aan O.L. Vrouw in Den Bosch. (Idem 109) Aert van Heesterbeeck heeft beloofd om aan Mathijs Peter Roefs uit de vorige akte, die 25 gouden guldens te gaan betalen, per a.s. Johannis Baptistdag over een jaar, samen met de rente tegen de penning 18.

Idem (fol 339 no 256 dd 5-9-1531) Mathijs Peter Roefs heeft aan zijn zoon Adriaen een huis met tuin etc. verkocht, gelegen in herdgang Spoordonck, b.p. Griet van Gerwen, de gemeijnte daar genoemd de Vloet, het erf van Mathijs als verkoper, de kinderen van Jan Willem Goijaerts, Dat bezit had Mathijs zelf eerder gekocht van Jan zoon van wijlen Dirck Jan Timmermans, en ook verkregen van Heijlwich Belaerts en haar broer, omdat hij er de achterstand van had beloofd te betalen, en genoemde Heijlwich dat bezit met vonnis had laten uitwinnen vanwege achterstallige betaling. Lasten uit dit bezit zijn 14 lopen rogge per jaar aan Heijlwich Belaerts.

ORA Oirschot (Toirkens 131b fol 54 no 177 dd 1-5-1532) Mathijs Roefs en diens zoon Adriaen hebben als schuldenaars samen en hoofdelijk aan Jan Rutgers beloofd ten behoeve van Wilborden van den Eijnde die 20 gouden Karolusguldens te gaan betalen, in de muntwaarde van vandaag de dag en in Den Bosch te betalen zodra een Bosch brood daar voor anderhalve stuiver wordt verkocht, voor niet meer of ook niet minder. Als zekerheid verbinden ze hiervoor hun persoon en bezit voor deze belofte. (weddenschap, JT?)

Idem (fol 75 no 245 dd 21-7-1532) Mathijs Roefs heeft als schuldenaar beloofd om aan Marien dochter van Henrick Vercammeren die een bedrag van 21 gouden Karolusguldens te gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag.

ORA Oirschot (Toirkens 132a fol 53 nos 178-180 1534?) Mathijs Peter Roefs als man van Aelijt (dochter van Gijsbert van den Dijck) doet hierbij afstand van zijn recht van vruchtgebruik inzake een heiveld genoemd de Bocht, groot ca. 3 bunders gelegen in de plaats Gestel bij Oisterwijk, b.p. Jan Vervloet, Philips Pauwels, de gemeijnte van Oisterwijk, het klooster van de Clarissen in Den Bosch. Hij doet er nu afstand van ten behoeve van al zijn wettige kinderen verwekt bij genoemde Aleijt. Mathijs belooft dit afstanddoen altijd te zullen nakomen en alle lasten daarin van zijn kant af te handelen. (Idem 179) Gijsbrecht en Adriaen broers en wettige kinderen van Mathijs Peter Roefs verwekt bij wijlen diens vrouw Aleijt, verkopen hierbij het heiveld zoals vermeld in de vorige akte aan Wouter Aerts van der Vloet en de verkopers beloven alle lasten hierin van hun kant af te handelen, behalve 5 stuivers grondchijns per jaar aan de heer van Gestel. (Idem 180) Wouter Aerts van der Vloet heeft als schuldenaar beloofd om aan Mathijs Peter Roefs die een bedrag van 37 gouden Karolusguldens te gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag. Actum als boven.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 8v no 23-26 dd. 22-1-1535) Mathijs Peter Roefs als weduwnaar van Aelijt dochter van wijlen Gijsbrecht van den Dijck, doet afstand van zijn recht van vruchtgebruik inzake alle bezit dat hij en wijlen zijn vrouw samen hebben verworven, en dat zijn vrouw heeft achtergelaten, hetzij huis, grond etc. van welke aard dan ook of waar dan ook gelegen. Hij doet er afstand van ten behoeve van Adriaen en Gijsbert zijn wettige zoons verwekt bij genoemde Aleijt en hij belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. (Idem 24) Gijsbrecht Mathijs Peter Roefs uit de vorige akte, verkoopt zijn erfdeel zoals hiervoor vermeld, waarvoor zijn vader afstand van het vruchtgebruik heeft gedaan nu aan zijn broer Adriaen Mathijs Peter Roefs. Hij belooft als verkoper de lasten van zijn kant af te handelen voor zijn erfdeel, maar als Adriaen enige kosten heeft te betalen vanwege hun zuster Ermgard dan is Gijsbrecht daarin niet gehouden die te betalen en die lasten zal Adriaen dan geheel voor zijn rekening nemen. (Idem 25) Adriaen Mathijs Peter Roefs heeft als schuldenaar beloofd om aan zijn broer Gijsbrecht Mathijs Peter Roefs die 100 Karoluisguldens te gaan betalen, en wel binnen 3 maanden na het overlijden van hun vader Mathijs, maar niet eerder.(Idem 26) Adriaen Mathijs Peter Roefs uit de vorige akte, wat betreft hierbij al het bezit waarvoor zijn vader vandaag afstand van het vruchtgebruik heeft gedaan, draagt die rechten weer terug over aan zijn vader, die er zolang hij leeft weer het vruchtgebruik van krijgt en Adriaen belooft alle lasten van zijn kant en vanwege zijn broer af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 135b fol 1 no 1 dd 29-1-1545) Adriaen Mattijsen Peters Roefs en met hem Willem Goijaert Loijen (van Ostade) hebben verklaard dat Gerit Henricks van der Ameijden aan hen een jaarlijkse pacht van een half mudde rogge heeft afgelost, uit een pacht van een mudde rogge per jaar, die door deze Gerit worden betaald aan Aleijden weduwe van Goijaert Loijwichs en Adriaen belooft deze pacht aan genoemde Aleijden voortaan te gaan betalen zolang ze leeft en wel zo dat genoemde Gerit daarvoor verder gevrijwaard blijft. Adriaen en Willem beloven alle lasten van hun kant af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 137a fol 66v no 254 dd 26-6-1552) Goijaert en Willem, gebroeders en wettige kinderen van Goijaert Loijen van Dooren (meestal genoemd als zonen van Goijaert Henrick Loijen van Ostade) en Arien zoon van Mathijs Peter Roefs zowel voor hemzelf alsook namens zijn vrouw, hebben hierbij machtiging gegeven aan Servaes Cuijpers, aan Jan van den Spijker, aan Aert Martens van Campen en aan meester Michiel Borkants, procureurs verbonden aan de Raad van Brabant om namens hen hetzij als eisende hetzij als verdedigende partij hun zaak te behartigen tegen Pauwels Peters van Keer en de zijnen.

ORA Oirschot (Toirkens 137c fol 13v dd 23-1-1555) Mathijs zoon wijlen Henrick Augustijns heeft als schuldenaar beloofd om aan Antonissen Mathijs Roefs die een bedrag van 74 gulden te zullen gaan betalen, per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar.

Nog niet nagezien: Bosch Protocol (fiches Oirschot bewerkt door Vera/van Adrichem/Toirkens)

BP 1262 (Oirschot) okt 1492 – sept 1493 folio 298r: Mathijs Peter Roeffs, Andries Lodewijch Tymmermans


Huwt

51.609   Aleijt Gijsbrecht Wouters van den DIJCK

FamilienaamIndex 51.609Vader 103.218Moeder 103.219

Overleden na 1529, voor 1535

ORA Oirschot (Toirkens 129a fol 15bis no 115 dd 12-6-1518) Aleijt Wouters van den Dijck draagt aan Mathijs Peter Roefs als echtgenoot, aan Wouter Gooris van Kuijck en aan Ida dochter van Jan Heijligen het geerfde bezit van haar broer Jacop van den Dijck over. Ze mogen ieder van hun drieen elk ervan hun deel aan anderen verkopen dat ze van hun ouders hebben geerfd. Indien een van hen daarmee niet tevreden is, wordt die de erfenis ontnomen met een oude grote en daarvoor komt St. Petrus dan in diens plaats. Maar de kinderen van Henrick van den Dijck komen in de plaats van hun vader en ook alle erfgenamen van Aleijt komen in de plaats van hun vader en moeder, te weten de 5 kinderen van een vader en moeder en die 5 kinderen zullen niet meer krijgen dan hun vader en moeder zelf geerfd zouden hebben. Genoemde Aleijt met haar man Herman Cleijnaerts belooft deze overdracht altijd gestand te zullen doen.

Kinderen

  1. Ghijsbert Zie 25.804
  2. Adriaen (*ca. 1503 +na 1552), oud 33 in 1536; voogd van Ghijsberts kinderen in 1542 (ORA Oirschot Toirkens 134c fol 7v no 13 dd 19-1-1542); huwt Aleijt Goijaert Henrick Loijen van Ostade
  3. Antonis (+na 1555), huwt Heijlken Dirck Stockelmans
  4. Dingen (+voor 1562), huwt Adriaen Gerit Corstens (+voor 1562), ouders van Elisabeth en Marieken
  5. Gerit, vermeld 1562
  6. Ermgard

TerugBegin van generatie


51.610   Mathijs Gerard Mathijs HUISKENS

FamilienaamIndex 51.610Vader 103.220Moeder 103.221 • Tevens 206.154

Overleden voor 1518

Schepen 1507. Aangevuld met gegevens uit de genealogie Coolen.

ORA Oirschot (Toirkens 124b fol 312v nos 201-3 dd St Servaas 1482) Komen is Mathijs Gerard Mathijssen en belooft aan Korstiaen Gijsbrecht Verberten die voortaan steeds een rente van 20 stuivers gaan betalen, steeds op St. Servaasdag, 12 mei, op onderpand van een huis etc. gelegen in herdgang de Notel, b.p. de H. Geest van Oirschot, Gerit Mathijssen, de gemeijnte, Jan Gijsbrechts van Kerkoerle meestal Zibben genoemd. (Idem 202) De rente uit de vorige akte is binnen 4 jaar aflosbaar tegen betaling van 15 rijnsguldens, (…) (Idem 203) Mathijs Gerit Mathijssen belooft zijn zwager Korstiaen die over 4 jaar een bedrag van 5 rijnsguldens te betalen, elke gulden tegen 20 stuivers samen met de pacht van 1 rijnsgulden, steeds elk jaar.

Idem Fol 313 no 208 dd 3-4-1482) Komen is Mathijs Gerard Mathijssen als man van Ida dochter van wijlen Henrick Daniels en verkoopt met schepenbrieven aan Henrick, Jan, Margriet, Claes en Beatricks als kinderen van wijlen Jan Henricks van Best, een stuk land gelegen in herdgang Straten, b.p. Aert Smeeds, Dirck Huijskens, Goijaert Bliecks, de straat. (…)

ORA Oirschot (Toirkens 124BA no 123-4 fol 348 dd 4-3-1483) Komen is Mathijs Gerard Mathijssen en verkoopt aan Peter Wouters van der Noeijen een stuk land genoemd de Lij-akker gelegen in herdgang Straten, b.p. de kinderen van Jan Loijen, het erf van Dirck Hoppenbrouwers waarvan is afgedeeld, de weg daar, Bartholomeus Zuetericks. Dat perceel had hij als echtgenoot van zijn vrouw Ida dochter van wijlen Henrick Daniels geerfd welke Margriet was verwekt bij Margriet dochter van Goijaert Rutten (van der Vloeten, JT) en welk bezit genoemde Goijaert eerder had verkregen van Peter Henrick Rutgers van Oudenhoven volgens de brieven ervan. De verkoper belooft alle lasten af te handelen ook namens Goijaert Rutten van der Vloeten. (Idem 124) Genoemde Peter belooft Mathijs die per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar een bedrag van 27 en een halve peter te betalen, elke peter tegen 18 stuivers, samen met een rente van 1 mud rogge, maat van Oirschot.

ORA Oirschot (Toirkens 126c fol 1 nos 4-5 dd 31-12-1501 in ORA 1502) Mathijs zoon Gerard Mathijs Huijskens belooft aan zijn neef Mathijs Rutger Mathijssen die een jaarlijkse pacht van 10 en een half lopen rogge te gaan betalen, maat van Oirschot, steeds op Maria Lichtmisdag te voldoen en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar, op onderpand van een stuk heiveld groot 4 lopenzaad gelegen in herdgang de Notel, b.p. Meeus Colen, de gemeenschappellijke straat, Corsten Gijsbrechts van der Berten. (Idem 5) De pacht uit de vorige akte is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag tegen betaling van 24 en een halve peter.

ORA Oirschot (Toirkens 126c fol 24v no 125 dd 25-4-1503) Mathijs Gerard Mathijs Huijskens verkoopt aan zijn broer Gerard die een huis, tuin etc. geleegn in de herdgang Straten in de Haperdonk daar, b.p. zijn broer Gerard, zijn zwager Corsten Gijsbrechts van der Berten, de gemeijnte. Lasten hieruit zijn 2 mud en een zester rogge per jaar en een halve oude grote. Dat bezit was Mathijs eerder toebedeeld in een deling.

Idem (fol 28 no 136 dd 5-5-1503) Lupprecht Gerards belooft aan Mathijs Gerard Mathijs Huijskens die voortaan een pacht van een half mud rogge te gaan betalen, maat van Oirschot, steeds op Maria Lichtmisdag te voldoen op onderpand van een huis, tuin etc. gelegen in herdgang de Notel, b.p. Dirck van Beerwinkel, de straat, de koper.

ORA Oirschot (Toirkens 129b fol 293v nos 6-11 dd 29-12-1523 (lees 1522)) Henrick en Rutger, broers en wettige kinderen van Mathijs Gerit Mathijs Huijskens, Henrick Pennincks als man van Bertha, dochter van genoemde Mathijs, verder hun zuster Margriet met haar voogd Thomas Hoppenbrouwers, Peter Dircks Bressers als voogd over de minderjarige kinderen van genoemde Margriet die ze had verwekt bij haar man Jan Dirck Bressers, verder Gijsbrecht Mathijs Peter Roefs als man van Iken dochter van genoemde Mathijs, hebben een deling gemaakt van het bezit dat ze van hun vader Mathijs Gerit Mathijs Huijskens hebben geerfd.

Genoemde Henrick krijgt een huis, tuin etc., gelegen in herdgang de Notel, (…) een zesterzaad van een heiveld, ter zelfder plaatse gelegen (…). Genoemde Rutger krijgt een stuk land genoemd de Braeck gelegen in herdgang de Notel, (…) een stuk land gelegen in de zelfde herdgang, groot 4 en een halve lopenzaad (…). Genoemde Henrick Pennincks als man van Bertha krijgt een weiland genoemd dat Venne gelegen in herdgang de Notel (…), een stuk land, groot 6 lopenzaad, in de zelfde herdgang gelegen (…). Genoemde Margriet en haar kinderen van Jan Dirk Bressers krijgen een huis, tuin etc., gelegen in herdgang de Notel (…). Iken als weduwe en hun moeder zijnde, mag als ze wil, haar leven lang de grote kamer in het huis blijven gebruiken. Verder krijgt ze een zesterzaad heiveld, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen (…). Gijsbrecht Mathijs Peter Roefs als man van Ida krijgt een stuk land genoemd de Heijhoeve, gelegen in herdgang de Notel, (…) een stuk land groot 3 en een halve lopenzaad in de zelfde herdgang (…)

(Idem 7) Rutger Mathijs Gerit Mathijs Huijskens verkoopt aan zijn zuster Margriet, die daarvan het vruchtgebruik krijgt en haar kinderen die ze heeft verwekt bij Jan Dirck Bressers het erfrecht, het bezit dat hem vandaag in de deling toebedeeld is geworden. (Idem 8) Margriet dochter Mathijs Gerit Mathijs Huiskens met haar voogd en Peter Dirck Bressers als voogd over de minderjarige kinderen van Jan Dirck Bressers die deze bij genoemde Margriet had verwekt, dragen aan Rutger Mathijs Gerit Mathijs Huijskens het erfdeel over

dat haar vandaag toebedeeld is geworden. (Idem 9) Iken weduwe van Mathijs Gerit Mathijs Huijskens met haar voogd Gerit Mathijs Huijskens doet afstand van haar recht van vruchtgebruik inzake alle bezit dat haar kinderen vandaag werd toebedeeld, maar het testament van wijlen haar man Mathijs blijft daarbij wel van kracht. (Idem 10) Henrick Jan Pennincks heeft beloofd aan Marie dochter van Jan Willem Goijaerts die een jaarlijkse rente van een peter te gaan betalen, steeds op St. Servaasdag op onderpand van een weiland genoemd dat Venne en op onderpand van een stuk land van 6 lopenzaad, zoals hem dat als man van Bertha toebedeeld is geworden. De schuldenaar belooft het onderpand in goede staat te houden voor de betaling van de rente. (Idem 11) De rente uit de vorige akte is altijd aflosbaar op St. Servaasdag tegen betaling van 16 peters, mits er een half jaar vooraf is opgezegd.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 421 no 276 dd 10-7-1527) Eerder had meester Gerart Gijsbrechts aan Katharina dochter van wijlen Daniel Jan Denen, die een jaarpacht verkocht van 2 mudde rogge, welke pacht meester Gerart had gekocht van van Mathijs Gerart Mathijs Huijskens, uit een grotere pacht van 2 en een half mudde rogge, conform een schepenbrief d.d. St. Jansdag anno 1505. Van die rogpacht van 2 mudde had meester Gerart wel het aflossingsrecht voor zichzelf behouden zoals hij zei en in die transportbrief was vermeld. Daarom is nu hier voor ons verschenen deze genoemde meester Gerart en heeft afstand gedaan van dat recht ten behoeve van Jan en Heijlwich, natuurlijke kinderen van wijlen Jan Nataels, priester, verwekt bij Katharijn dochter van Daniel Jan Denen van hierboven.

ORA Oirschot (Toirkens 134a fol 13v no 49 dd 29-1-1540) Thomas Peters van der Ameijden als wettige man van Annen wettige dochter van wijlen Jan van Esch heeft beloofd om aan Rutger zoon wijlen Mathijs Huijskens die een jaarlijkse rente van 15 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc. groot ca. 3 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. Aerdt Verhoven, Goijaert Verhoven, Jan Zuetericks, de straat.

ORA Oirschot (Toirkens 134a fol 62 no 218 dd 4-5-1540) Joest Driessen heeft als schuldenaar beloofd om aan Rutger Huijskens die een bedrag van 5 gulden en 18 stuivers te zullen gaan betalen en wel in drie termijnen, n.l. twee gulden en 18 stuivers terstond binnen nu en twee of drie dagen, nog anderhalve gulden per a.s. St. Jansdag en de andere anderhalve gulden per a.s. Oirschot kermis. (Idem no 219) Laureijs zoon wijlen Daniel Laureijssen heeft beloofd om de 5 gulden en 18 stuivers uit de vorige akte zelf zodanig te zullen betalen volgens de brief daarover, dat Joest Driessen daarvoor verder gevrijwaard blijft. (Idem no 220) Rutger Huijskens, ziek in zijn bed liggend maar wel in het bezit van zijn verstandelijke vermogens, heeft verklaard en mondeling uitgesproken dat als het mocht gebeuren, hetgeen hij niet hoopt, dat hij komt te overlijden, dat Jan Laureijs Daniels aan zijn dood dan niet schuldig is en vrijwaart hem daarvoor. Rutger zal daarvoor geen wraak nemen voor wat er is gebeurd en Rutger zal er dan ook niets voor eisen en geeft hem voor zijn eventuele dood altijd vrijwaring. (Idem no 223 dd 9-5-1540) Rutger Huijskens ziek zijnde maar wel in het bezit van zijn verstandelijke vermogens, heeft verklaard dat Marten Sgruijters die optreedt voor zijn zoon Dirck, hem volledig heeft voldaan inzake een meningsverschil en gevecht, de kwetsuren daarvan die deze Dirck bij Rutger heeft veroorzaakt en geeft hem daarvoor kwijting. Indien het mocht gebeuren, hetgeen God verhoedde dat Rutger komt te overlijden, dan zal Rutger geen wraak daarvoor nemen of geld van deze Dirck eisen of aansprakelijk stellen. Rutger geeft hem daarvoor vrijwaring.

Boedeldeling kinderen in 1542, vergelijk gegevens bij dochter Iken. (ORA Oirschot Toirkens 134c fol 7v no 13 dd 19-1-1542)


Huwt (1) na 21-9-1474

51.611   Iken Henrick DANIELS

FamilienaamIndex 51.611Vader 103.222Moeder 103.223 • Tevens 206.155

Geboren ca. 1460
Overleden na 1540, voor 1542

ORA Oirschot (Toirkens 124a fol 22 nos 134-5 dd 21-9-1474) Verschenen is Iken dochter van wijlen Henrick Daniels en haar voogd en verder haar grootvader Goijaert Henrick Rutger van der Vloeten en haar oom Henrick zoon van genoemde Goijaert hierin met bijstand van haar familie en vrienden, en verkoopt nu aan Henrick Wouters van Aerle, die een huis, tuin, grond etc., met een schuur erop, gelegen in herdgang Straten, b.p. Henrick Thomaes van den Snepschuet, Henrick Wouters van Aerle, de gemeenschappelijke straat zoals ze zeiden, welk bezit Iken van wijlen haar vader had geerfd en welk huis etc. wijlen genoemde Henrick Daniels eerder had gekocht van Goijaert Henrick Rutten zijnde zijn zwager (schoonvader, MW) volgens een schepenbrief van Oirschot. De verkoopster belooft alle lasten hierin van haar kant af te handelen, maar de koper moet hieruit wel jaarlijks 2 mud rogge betalen en in Den Bosch te leveren, nog een half pond paijment per jaar, nog 4 kapoenen per jaar en de grondchijns aan de heer. De koper belooft die lasten voortaan zelf te gaan betalen. (Idem 135) Verschenen is Henrick Wouters van Aerle uit de vorige akte en belooft als schuldenaar aan Iken dochter van wijlen Henrick Daniels die per a.s. Maria Lichtmisdag over 4 jaar een bedrag van 42 peters te betalen, elke peter tegen 18 stuivers gerekend en onderwijl elke Maria Lichtmisdag een rente van anderhalf mud rogge en in het laatste jaar zowel het geld als de rogge.

ORA Oirschot (Toirkens 124a fol 78v no 38-9 dd 1-4-1476) Verschenen is Elias Korstiaens van de Hovel en belooft aan Ijken dochter van wijlen Henrick van der Vloeten alias Rutten, die voortaan jaarlijks een pacht van 1 mud rogge te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van zijn deel in een beemd genoemd het groot Zeelster gelegen in herdgang Verrenbest, ter plaatse genoemd de Vloet, b.p. het erf genoemd het Cleijn Zeelst, Henrick van de Valgaet, de gemeenschappelijke straat, het erf genoemd de Schaepsbunders. (…) (Idem 39) Verschenen is genoemde Iken uit de vorige akte en staat aan Elias toe de pacht van 1 mud binnen nu en 6 jaar af te mogen lossen tegen betaling van 20 peters, elke peter gerekend tegen 18 stuivers, samen met de achterstallige termijnen etc.

ORA Oirschot (Toirkens 129a fol 37 no 220-2 dd 11-5-1518) Iken weduwe van Mathijs Gerard Mathijssen heeft beloofd om voortaan aan Marieken dochter van Jan Willem Goijaerts die een rente van een peter te gaan betalen, steeds op St. Servaasdag en voor de eerste keer per a.s. Servaasdag over een jaar op onderpand van een stuk land groot 9 lopenzaad, gelegen in herdgang de Notel, b.p. Jan Francken, Adriaen Ieven, Loijch van Hersel, de straat. Lasten uit dit bezit zijn 10 lopen rogge per jaar en de grondchijns. (Idem 221) De rente uit de vorige akte is altijd aflosbaar op St. Servaasdag, mits er een half jaar vooraf is opgezegd, tegen betaling van 16 peters. (Idem 222) Henrick natuurlijke zoon van wijlen Jan Pennincks als man van Bertha belooft aan genoemde Iken en haar kinderen uit de vorige akte, dat hij de rente van 18 stuivers zo zal betalen dat Iken en haar kinderen daar geen last van zullen ondervinden. Henrick zal geen bezit aanvaarden of opeisen niet eerder voordat deze rente is afgelost en daarbij blijft het testament van kracht waarin Mathijs Gerard Mathijssen aan zijn vrouw Iken de bevoegdheid heeft gegeven over dat bezit.


Buitenechtelijke relatie (2) met

N.N.

Index

vgl BL 2003.

Kinderen

  1. (uit 1) Henrick (+na 1552), huwt Aleijt Peter Alaerts (ORA Oirschot 1543)
  2. (uit 1) Rutger
  3. (uit 1) Berta (+na 1554), huwt Henrick Pennincks (+voor 1542); ouders van Gerart, Jan, Willem en Mathijs, Kathalijn en Iken (+voor 1542), vrouw van Herman Henrick Hermans
  4. (uit 1) Margriet Zie 103.077
  5. (uit 1) Iken Zie 25.805
  6. (Uit 2) Rutger (+na 1537). Huwt (1) voor 1515 Magdalena Jan Dircx Vrancken (+na 1555); ouders van Rutger Rutgers, huwt Agnes Aert Mengelen (+na 1558); relatie (2) met Marie Wencelen Rutten; hieruit een zoon (ook al) Rutger Rutgers (ORA 1554; testeert 25 april 1540, + kort voor 1552); relatie (3) met Heijlwich Jans de Crom; hieruit een dochter Cornelia (ORA 1553)

TerugBegin van generatie


51.612   Willem BROUWERS

FamilienaamIndex 51.612 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden voor 1531

NB: tijdgenoten van de kinderen hieronder zijn Mathijs, Hendrik (vermoord 1556), Heijlwich en Elisabeth Willens Brouwers; mogelijk halfzusters en -broers.

Mogelijk: ORA Oirschot (Toirkens 129b fol 247 no 115-6 dd 3-5-1522) Willem Jan Brouwers belooft aan Willemke dochter van Henrick van Onstaden die voortaan jaarlijks een rente van een rijnsgulden te gaan betalen, steeds op St. Servaasdag op onderpand van een huis, tuin etc., gelegen in herdgang Hedel, b.p. de gemeenschappelijke straat, Lenaert Lathouwers. (Idem 116) De rente uit de vorige akte is altijd aflosbaar op St. Servaasdag tegen betaling van 18 rijnsgulden, mits er een half jaar vooraf is opgezegd.

Idem (fol 252 no 146 dd 22-6-1522) Margriet dochter van Gijsbrecht van der Dwerten weduwe van Daniel van Gerwen en met haar haar wettige kinderen Gijsbrecht en Peter die ze heeft verkregen van genoemde Daniel, hebben verklaard dat Willem Jan Brouwers een hen een jaarlijkse pacht van een half mud rogge heeft afgelost, afkomstig uit een pacht van een mud rogge per jaar, welke pacht Willem steeds aan hen betaalde op onderpand van een perceel gelegen in herdgang Hedel.

Mogelijk:

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 43 no 116 dd 20-2-1528) Voor de schout van Kempenland of voor diens stadhouder is verschenen heer Thomas van den Snepscheut, priester als zijnde gemachtigde voor heer Henrick van Esch en voor heer Henrick Stockelmans, priesters en uitvoerders van het testament van wijlen Mechteld de vrouw van Henrick van Driemijlen alias van Heze en deze heeft een betalingsachterstand getoond inzake zijn jaarlijkse pacht van 8 lopen rogge die 4 jaar onbetaald is gebleven. Deze 8 lopen had Mechteld in haar testament vermaakt aan de uitvoerders om daarover naar keuze te kunnen beschikken en deze pacht was door Henrick Meeus van Driemijlen gekocht van Dirck Jans Scorten en de pacht was beloofd door Jan zoon wijlen Willem Sbrouwers aan deze Dirck op onderpand van een huis, tuin etc., gelegen onder Erdbruggen hier aan het Heijlaer, b.p. Aleijt weduwe van Rutger van der Hoeven en haar kinderen, de straat, Jan Willem Sbrouwers, conform een brief d.d. 9 maart 1485. Daarop hebben wij schepenen bij vonnis bepaald dat heer Thomas zijn vordering op het onderpand mag verhalen en daarvoor is gemachtigd Philips van den Doeren als vorster die het geveild heeft en heeft verkocht aan Willem Pauwels.

Of deze: (idem fol 69v no 193 dd 1-5-1528) Henrick Jan Brouwers doet hierbij afstand van zijn recht van vruchtgebruik vanwelke aarrd dan ook en waar het bezit zich ook bevindt, afkomstig van wijlen Daniel de Brouwer, zijnde zijn oom of welk bezit hij in de toekomst nog zal erven van Katalijn dochter van Willem van der Achter, weduwe van genoemde Daniel, van welk bezit zijn daarvan nog het vruchtgebruik heeft zolang ze leeft. Jan doet er nu afstand van ten behoeve van zijn broer Willem en belooft dit afstanddoen altijd na te zullen komen en alle lasten daarin van zijn kant af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 132a fol 31 no 102 dd 16-2-1534) Willem Jans Brouwers als man van Ermgarden dochter van wijlen Aerts van der Schueren, verwekt door deze Aert bij wijlen Jenneke dochter van Dielis Cremers, waarbij Ermgard zelf ook hier aanwezig is, verkopen nu aan Henrik Dielis Hoppenbrouwers een akker genoemd de Belenhof, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. een pad daar, Jan Pauwels, de gemeenschappelijke straat, het erf van de koper zelf. De verkopers beloven alle lasten hierin van hun kant af te handelen, behalve een mud rogge per jaar aan Dielis de Hoppenbrouwer en diens kinderen, nog een half vuurstaal per jaar als chijns aan de hertog en een halve brasdenarius als Hinckaerte chijns. Henrick als koper belooft die lasten vanaf nu voor zijn rekening te nemen en zo te betalen dat het bezit van Willem daarvoor gevrijwaard blijft.

Idem (fol 45 no 158-159 dd 27-3-1534) Eerder had Aert Jans van der Schueren die men ook wel van Zeelst noemt, en met hem zijn wettige kinderen Jan en Pauwels bij de huwelijkse voorwaardes met Jenneke Gielissen (Cremers, JT) beloofd om een pacht van 2 mud rogge per jaar te betalen en die met geld te voldoen danwel in grond etc. te geven zoals in een dokument is vastgelegd, opgemaakt voor heer Henrick van Esch als notaris daarbij d.d. 22 december 1494. En om die rogge nu in grond te realiseren is hier voor ons schepenen Pauwels Aerts van der Schueren gekomen en heeft aan Ermgard dochter van Aert van der Schueren verwekt door deze Aert bij wijlen genoemde Jenneken Gielis die een stuk land in eigendom overgedragen, zijde een akker genoemde de Streep met het gebruikelijke recht van overpad daar, groot ca. 3 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten in de Castaert, b.p. Jan Colen, Jan Huijskens, een pad daar. Genoemde Ermgard mag dat tijdens haar leven gebruiken maar niet langer en het als haar eigen bezit zolang beschouwen en het is te aanvaarden per a.s. oogsttijd met de halve oogst erop. Pauwels belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen. Voorwaarde is dat als Ermgard komt te overlijden zonder wettig nageslacht te hebben, dat de akker dan weer versterft op Pauwels zelf of op diens kinderen. En indien Ermgard wel wettige kinderen verkrijgt, dan zullen die kinderen na de dood van hun moeder Ermgard, daarbij de keuze krijgen al naar teneur van de destijdse huwelijkse voorwaardes, of ze jaarlijks 2 mud rogge wensen te krijgen danwel de akker wensen te behouden. (Idem 159) Willem Jans Sbrouwers als man van Ermgard uit de vorige akte (dochter van Aert Verschueren) waarbij Ermgard hier ook aanwezig is, hebben verklaard dat Pauwels Aerts van der Schueren haar met een stuk land had betaald voor een pacht van twee mud rogge die Pauwels en wijlen zijn broer Jan met hun vader als huwelijkse voorwaarde met Jenneken Gielis (Cremers) hadden beloofd. En genoemde Ermgard en Willem zal dat stuk land zolang bezitten zolang ze in leven is en ze verklaart voor deze huwelijkse voorwaardes van haar ouders te zijn voldaan en ze accepteert ook de voorwaardes van de huidige overdracht aan haar omdat ze voor de 2 mud rogge nu gecompenseerd is met een stuk land. Actum als boven.

Idem (fol 77v no 253 dd 3-7-1534) Eerder hebben de beheerders van de tafel van de H. Geest te Oirschot daarbij Philips van den Doeren gemachtigd en hebben toen een stuk beemd uitgewonnen genoemd de Brakenbeemd welk perceel nu deels akkerland is, gelegen in Oirschot herdgang Hedel, en wel vanwege een pacht van een mud rogge per jaar, die 4 jaar achterstallig was. Verder ook nog een ander stuk akkerland was toen uitgewonnen voor een pacht van een half mud rogg per jaar die 2 mud achterstallig was, ter zelfder plaatse gelegen, welke beiden eerder bezit waren van wijlen Willem Henrik Willems en waren gebruikt door Willem Antonis Roelofs van der Ameijden corform twee verschillende schepenbrieven van Oirschot beide d.d. 30 juni 1533. Omdat deze uitwinning inmiddels is verjaard hebben Willem de Cort en Aert Scepens als beheerders van de tafel van de H. Geest het bezit weer in het openbaar in 3 herbergen laten veilen ten huize van Aert Henricks in de Wildeman en de veiling is ook in Den Bosch bekend gemaakt op het raadhuis daar, middels een certificatie afgegeven door Gerit Kuijst als dienaar van de groene roede in Den Bosch om te zien of er iemand was die er meer voor wilde bieden of de schuldenlast wilde overnemen. Daarop is verschenen Aert Stockelmans en Emont Henrick Willems namens Margriet Peters die in Den Bosch woont, die op het onderpand een rente heffen van 2 Karolusguldens per jaar als lijfrente aflosbaar met 17 Karolusguldens eens en ze verzoekt aan de beheerders omdat de brief van Margriet jonger van datum is als de hunne, dat ze het bezit nog 8 of 10 dagen langer in hun bezit zouden houden waarbij ze aanbood om hen ook hun vorderingen te zullen gaan betalen samen met alle achterstand ervan. Zijn heden ook nog verschenen genoemde Emont en Henrick Henrick Willems om het hunne daaruit te innen vanwege een schepenbrief van Den Bosch opgemaakt door Willem Henrick Willems en heeft de beheerders van de tafel van de H Geest ook aangeboden hun vorderingen op het bezit over te nemen. Verder nog Andries Brugmans, heer Thomas van de Ven, en Willem den Brouwer die hier eveneens hun briwven hebben getoond en verder is er niemand anders op komen dagen. Daarom zijn vervolgens vandaag samengekomen Ermgardt echtgenote van Willem de Brouwer en met haar Gielia Goijaert Gielissen en heeft verklaard dat Willem de Brouwer ziek is en zodoende niet zelf kon komen, en heeft verklaard dat haar man jaarlijks op het bezit 4 lopen rogge heeft geheven en ze zegt dat Willem tegen haar had gezegd dat hij zijn 4 lopen rogge niet graag zou verliezen en dat men morgen bij hem zou komen met de schepenbrieven en zou daarvoor voldoende willen bieden om het bezit te verkrijgen. Verder is hier aanwezig heer Thomas van den Ven priester en rector van het altaar van het H. Kruis en van St. Antonis in de St. Peterskerk te Oirschot en heeft met een schepenbrief van Oirschot aangetoond dat hij op het bezit 6 lopen rogge heft vanwege het altaar, en omdat hij is verplicht is om voor die pacht op te komen, heeft hij eveneens aan de beheerders verzocht om het pand te mogen kopen zodat hij zijn vordering daarop niet verliest en heeft ook aangeboden om alle achterstand op het onderpand voor zijn rekening te nemen voor wat betreft alle brieven die ouder zijn dan de zijne. Hiermee is deze koopdag beeindigd en is de kaars uitgegaan. Datum 3 juli 1534, getuigen Meijen, Aert Henriks.


Huwt

51.613   Yken Wijt Jan JONGEN

FamilienaamIndex 51.613Vader 103.226Moeder 103.227

Overleden na 1531

ORA Oirschot (Toirkens 129b fol 349 nos 290-2 dd 8-6-1523) Iken weduwe van Willem Sbrouwers doet afstand van haar recht van vruchtgebruik en aanspraken ten behoeve van haar kinderen Jan, Henrick, Wouter en Marie, verwekt bij genoemde Willem. Dat betreft alle bezit dat ze heeft geerfd van haar zusters Elisabeth en Jennen, waar dat bezit ook is gelegen etc. Maar ze houdt wel haar rechten zoals die zijn vastgelegd in het testament van haar man Willem. (Idem 291) Verschenen zijn Jan, Wouter en Marie, uit de vorige akte, waarbij Wouter en Jan optreden namens Marie, als kinderen van Willem Brouwers en verkopen nu aan hun broer Henrick al het bezit dat ze van hun moeder Iken dochter van Wijt Jan Jongen hebben gekregen na de dood van haar zusters(…) (Idem 292) Voor ons is verschenen Henrick Willem Brouwers en verkoopt aan Jan, Wouter en Marie, zijn broers en zusters, zijn erfdeel en erfenis dat hij van zijn vader Willem heeft geerfd en waarvan zijn moeder Iken nog het vruchtgebruik heeft en verkoopt hen ook het bezit dat hij nog van zijn moeder zal erven.

Kinderen

  1. Wouter Zie 25.806
  2. Jan, vader van Lisbeth (gehuwd met Henrick Thoniszoon van Ginhoven), Jacop, Henrick, Jenneken en Jenneken
  3. Marie (+na 1552)
  4. Henrick

TerugBegin van generatie


51.614   Hendrik van BERENDONCK

FamilienaamIndex 51.614Vader 103.228Moeder 103.229 • Tevens 103.366

Overleden voor 1535

Alias Die Buiser.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 103 no 291 dd 12-9-1528) Wouter Claes Houtloecks heeft aan Henrik Henricks van Berendonk die een huis en tuin verkocht, b.p. het erf van de koper, de Laerdijk, de gemeenschapplijke straat en ook nog een stuk land van 30 roedes, gelegen in herdgang de Kerkhof aan de Hovel, b.p. Marten Janssen van Aelst, Jan Peter Dircks, de Laerdijck, Henrick Peters van der Hamsvoert. Wouter had dat bezit eerder verkregen van Marten Janssen van Aelst,. Lasten hieruit zijn een gulden per jaar aan Wouter van Cuijck.

ORA Oirschot (Toirkens 131a fol 308 no 195-6 dd 19-6-1531) Marten Jan Willems van Aelst heeft aan Henrick van Berendonck die een stuk akkerland verkocht, groot 2 en een halve roede, gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. rondom in het erf van Henrik van Berendonck, behalve met het ene einde grenst het aan Frans van Esch. (Idem 196) Henrick van Berendonck verkoopt hierbij een huis, tuin etc. aan Marten Jan Willems van Aelst. Het is gelegen in herdgang de Kerkhof, aan de Heuvel, b.p. genoedme Henrick, de Laerdijck, de gemeenschappelijke straat. Nog verkoopt hij hem een stukje land 30 roedes groot, ter zelfder plaatse als hiervoor, b.p. Marten van Aelst, Jan Peter Gielis (Blokmeker), de Laerdijck,

Henrick Peters van der Hamsvoort. Dat bezit had Henrick van Berendonck gekocht van Wouter Claes Houtloecks en Wouter op zijn beurt had het gekocht van genoemde Marten Jan Willems van Aelst.

ORA Oirschot (Toirkens 135b fol 13v no 89 dd 9-2-1545) Voor ons is verschenen Lisbeth weduwe van ... Cluijstermans met haar voogd Jan Rutgers, dochter van Henrick die Buijser en heeft afstand gedaan van haar recht van vruchtgebruik inzake een jaarlijkse rente van 5 Peters te ontvangen uit onderpanden in Waelre en wel ten behoeve van haar wettige kinderen (= schoonzonen) zijnde Goijaert Willems Henricks, Henrick Janssen van Hertom, Jan Lucassen en Jan Hoppenbrouwers.


Huwt voor 1495

51.615   Elisabeth N.

Index 51.615 • Vader onbekend • Moeder onbekend • Tevens 103.367

Overleden na 1535

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 4 no 10 dd 19-1-1535) Elisabeth weduwe van Henrick van Berendonck met mij als haar voogd, doet hierbij afstand van haar recht van vruchtgebruik voor een vierde deel in een huis, schuur, tuin etc., samen groot ca. een zesterzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof aan de Hoevel daar, b.p. de gemeijnte daar, Jan de Blokmeker, Aert Philips van den Doeren. Ook nog inzake het vierde deel van een dries, groot ca. anderhalf lopenzaad, ter zelfder plaatse als hiervoor, b.p. Henrick Petsrs, de Laerdijk, Aert Philips, Jan Blokmeker. Ook nog inzake het een vierde deel van een akker genoemd Creijtenborch, ter zelfder plaatse als hiervoor, b.p. Frans van Esch, Marten Maes. Ze doert er afstand van ten behoeve van haar zoon Benedictus, zodat dat die daarop een jaarlijkse rente van 2 gouden Karolusguldens kan opnemen van meester Pauwels Brouwers, priester en voor niet meer dan als zodanig.

Kinderen

  1. Henrick (*voor 1488), al vermeld ORA 1512; huwt (1) Katalijn Daniel de Riemslager; huwt (2) ca. 1559 Aleijt Gerits Busmakere
  2. Digna Zie 25.807
  3. Benedictus (vermeld ORA Oirschot 1526-1548), huwt Aleijt Daniel Jans Verclonen
  4. Anna Zie 51.683
  5. Lisbeth, vermeld 1545; huwt (Hendrick?) Clijstermans (+voor 1545), ouders van vier dochters, gehuwd met Goijaert Willems Henricks, Henrick Janssen van Hertom, Jan Lucassen en Jan Hoppenbrouwers

TerugBegin van generatie


51.632   Marten Jansz van den COLLENBERG

FamilienaamIndex 51.632Vader 103.264Moeder 103.265

Geboren ca. 1495

ORA Boxtel (inv 60 fol 155v dd x-1-1520) Kinderen N.N. verkochten aan Jan Gerits op Gorop en Marten Jan Lambrechts van den Collenberch een stuk land.

ORA Boxtel (inv 60 fol 171v dd 29-12-1520) Antonia weduwe Jan Meeusz en andere Meeusz; aan Jan Gerrits van Gorop en Marten Lambers van den Collenberch; een stuk land. (Zij zullen zwagers zijn, MW)

ORA Boxtel (inv 61 fol 264 dd 16-2-1536) Jacob Lambert Michiels belooft Maarten Jansz van Kollenberg fl 20.10.0

ORA Boxtel (inv 72, index Jan Toirkens, fol 37ff dd 26-9-1578) Anthonis(ke) en Elisabeth zusters, kinderen van wijlen Rutgers Jan Eymbrechts en wijlen Jenneken wijlen Merten Jans van den Collenbergh (Elisabeth is omtrent 32 jaar, voogden Lambert Mertens en Adriaen Dircks), delen hun part in hun ouders' nalatenschap. Anthonis wint een schuur met barchuijs [?] te Boxtel, een suk akkerland geheten de Vijff Loopensaet, een stuk akkerland dLoo, een stuk land deels wei, deels hout [...] en nog meer stukken land, waaronder een in Michielsgestel. Elizabeth wint het grote huis met boomgaard, een akker de Bocht, en diverse andere stukken land, waaronder een in Michielsgestel.

ORA Boxtel (inv 72, index Jan Toirkens fol 50 dd 1-3-1580) Alzo Lambert Merten Jansz van den Collenbergh momboir is geweest van Anthoniske en Elisabeth, zijn zusters onbehuwde kinderen bij Rutger Jan Eymbechts ... legt nu verantwoording af en wordt bedankt.


Huwt ca. 1500

51.633   N.N.

Index 51.633 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Lambert Zie 25.816
  2. Jenneke (*ca. 1520 +voor 1580), huwt ca. 1545 Rutgers Jan Eymbrechts
  3. Kinderen
    1. Anthoniske
    2. Elisabeth (*ca. 1548)

TerugBegin van generatie


51.640   Jan Dirck Mollers van OSCH

FamilienaamIndex 51.640Vader 103.280Moeder 103.281

Geboren voor 1450
Overleden voor 23-6-1518, mogelijk al voor 1509

Raadsman (ORA 1506), Schepen (1502); 1474 te Beerze.

Bosch Protocol (1260 (Oirschot) okt 1490 – sept 1491 folio 397v) Jan Dirx van Os; Goossen Lambertss

Bosch Protocol (1262 (Best) okt 1492 – sept 1493 folio 31v) Willem Eessen; Heer Aert die Cromme, kanunnik in Sint Oedenrode nu kanunnik in Oerscot; Jan Dirx van Os

ORA Oirschot (Toirkens 123a no 49 fol 172 dd 28-3-1473) Er heeft zich eerder een konflikt voorgedaan tussen Jan Dirck Mollers van Os ter ener zijde en Claes van Lijmborg ter andere zijde met diens medevenoot Jan van Strijp, die de hulp hadden ingeroepen van Daniel van Vlierden en poorters van Den Bosch, met name Aelbrecht Godschalks, Jan van Outheusden, Jan van Hoel, Gerit Crijs (?), Dirck Gijben Marcelis en meer anderen. Daarom zijn hier voor schepenen genoemde Jan van Os verschenen en genoemde Claes die mede het belang vertegenwoordigt voor Jan van Strijp en onderwerpen zich nu aan arbiters inzake al hun geschillen die ze tot nu onderling met elkaar hadden en met Jan Kenepaert. Genoemde Jan van Os kiest daarbij voor de geachte Daniel van Vlierden en Henrick van de Stadakker en genoemde Claes cum suis kiest voor Henrick Moel en Aelbrecht Godschalks en beide partijen beloven hetgene na te komen wat in meerderheid zal worden vastgesteld en de uitspraak zal plaatsvinden tussen nu en Letaere Jerusalem en als er daarbij een arbiter afwezig is, dan mag men een andere kiezen. De genoemde arbiters hebben hun opdracht aanvaard om voor schepenen later en uitspraak te doen. Degene die zich niet aan de uitspraak houdt verbeurt een boete van 50 rijders, de helft voor de heer bestemd en de ander helft voor diegene die zich aan de uitspraak houdt. Claes verbindt zich hiertoe alleen voor hemzelf, maar verder hebben de 3 personen aangenomen de uitspraak te laten doen. Getuigen als schepenen Jacop van Dormalen, Jan Vos, verder als getuigen Jan van Hoel als poorter van Den Bosch, nog Jacop Janssen en meer anderen en Daniel van Vlierden als raadsman.

(Idem no 50) Na de opdracht van hiervoor zijn 3 arbiters samengekomen vanwege de afwezigheid van Aelbrecht Godschalks als vierde in wiens plaats Jacop van den Doeren is aangenomen en daarna hebben de arbiters beraad gehad en de uitspraak is als volgt. In de eerste plaats … bepalen de arbiters hierbij dat Claes van Lijmborg (en Jan van Strijp=doorgestreept, JT) de molen van Straten in rust en vrede in zijn bezit zal houden en dat Jan van Os of diens erfgenamen nu of in de toekomst daar geen verweer tegen kunnen hebben. Daarvoor moeten Jan van Strijp en Claes van Lijmborg aan Jan van Os wel een som geld betalen, die Jan van Os eerder aan Jan Kenepaert in een schepenbrief van Den Bosch had beloofd. Van dat bedrag komt 1/3e voor rekening van Jan van Os en daarvan zullen genoemde Claes en Jan het 2/3e deel betalen en dat te betalen aan Jan van Os. Van dat genoemde deel van 2/3e zal het 2/3e deel weer voor rekening van Jan van Strijp komen en het 1/3 deel voor rekening van Claes van Lijmborg. Verder bepalen de arbiters inzake de 17 pond dat Jan van Os daarvan het 1/3e deel zal betalen en Jan van Strijp en Claes smaen de 2/3e denle en van het vermelde 2/3 deel zal Jan van Strijp weer het 2/3e deel betalen en Claes het 1/3e deel. Verder bepalen de ´goede mannen´dat van de ´beternis´(de koopsom boven de lasten, JT) zoals in het compromis is vastgelrgd, dat daarvan Jan van Strijp het 2/3e deel zal betalen en Claes het 1/3e deel en Jan van Os zal daarvoor zijn vrijgesteld. Nog bepalen de arbiters dat als Jan van Os, enige manieren kan vinden met die van Veghel (??) of met andere dokumenten zoals schepenbrieven en dergelijke, dat als er daarbij voordeel uit tevoorschijn komt, dan zullen ze dat voordeel onder hen drieen delen op de manier zoals hiervoor al is vermeld en dat in mindering op hetgeen aan Jan Henrick Kenepaert was beloofd. Verder bepalen de arbiters dat alle kosten die in deze zaak zijn gemaakt, zoals verteer door de arbiters dat ze die kosten samen moeten betalen, Jan van Strijp en Claes van Lijmborg daarvan het 2/3e deel en Jan van Os het 1/3e deel, van dat 2/3e deel zal Jan van Strijp weer het 2/3 e deel betalen en Claes het 1/3e deel. En dat deel van Claes zal hij ´verleggen´ (verrekenen, JT) ten gunste van Jan van Os en dat zal Jan van Os weer verrekenen met de genoemde som geld. Als er nadien enige onduidelijkheden zouden blijken te zijn of er onmin ontstaat, dan behouden de arbiters zich het recht voor om daarover later uitspraak te doen. Akte is gezegeld (vidimus, JT). Datum 28 maart 1473, getuigen Willem van Geldrop en Dirck Mathijssen.

ORA Oirschot (Toirkens ORA Oirschot (Toirkens 125a nos 416-7 fol 147 dd 17-3-1488) Jan zoon wijlen Dirck van Os als man van Goessen dochter van wijlen Jan Goessen Moels belooft aan heer Henrick Belaerts, priester ten zijnen behoeve en ten behoeve van zijn zuster Margriet, die een jaarlijkse rente van 4 rijnsguldens, steeds te betalen op St. Geertruidadag op onderpand van een beemd genoemd de Grootdonksbeemd, gelegen in herdgang Aerle, b.p. de gemeijnte, het erf van wijlen heer Amelrijck Boots, (de Bootshoeve, JT), Dirck Legen. Nog op onderpand van een huis etc. gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. de kinderen van Joerden Daniels, de straat, Aert natuurlijke zoon van heer Aert van Geldrop, priester, Henrick de Greve (?) en Geertruijd Beijs. De schuldenaar belooft de onderpanden in goede staat te houden voor de betaling van de rente. (Idem 417) De rente uit de vorige akte is aflosbaar tegen betaling van 64 rijnsguldens, elke gulden van 20 stuivers.

ORA Oirschot (Toirkens 125a no 363 fol 141 dd 20-2-1488) Gerard zoon wijlen Geerlick van de Melcroth verkoopt met schepenbrieven aan heer Aert de Crom, priester ten behoeve van Jan van Os, een pacht van 1 mud rogge per jaar, welke pacht Henrick Jan Kremers eerder had beloofd aan Dirck en Henrick als broers (kinderen van Godevaert van de Laeck, JT) en aan Wouter Ansems =van Baest, JT) als man van Berten dochter van Godevaert van de Laeck, steeds te betalen op Maria Lichtmisdag op onderpand van een stuk land genoemd de Nuwe Erve groot 3 lopenzaad gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. Willem van der Hoeve, de gemeenschappelijke straat. Nog op onderpand van een stuk land genoemd de Nollensbeemd, b.p. Jan Cuijpers, Margriet Cuijpers. Nog op onderpand van een stuk beemd genoemd de Braeckenbeemd, b.p. Jan Beertkens, Margriet Cuijpers. Die pacht had hij verkregen van Henrick Goijaerts van de Laeck voor 4 lopen rogge daaruit en de ander 2/3e delen gekocht van Dirck Goijaerts van de Laeck en van Wouter Ansems als man van Berthen dochter van Goijaert van de Laeck. De verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen maar als Jan van Os het wil zal hij per a.s. Maria Lichtmisdag 30 peters betalen. elke peter tegen 18 stuivers met de volle termijn en dan moet hij Gerard aan Jan de brief overhandigen van de pacht.

ORA Oirschot (Toirkens 127a no 56 fol 11v dd 24-2-1505) Jan van Os verkoopt aan Jannes Bierkens het bezit dat Jan van Os had gekocht van Mercelis van Crieckenbeek en welke bezit Mercelis daarvoor had gekocht van Jan van Os en Jan van Os daarna met een veroordeling en schepenvonnis van de stad Den Bosch had verkregen. Dat betreft een stuk land genoemd de Hovel, gelegen in herdgang Aerle, b.p. Aleijt Grieten, Willem van den Stayakker. Nog op onderpand van het 1/4e deel van een weiland, b.p. de erfgenamen van Henrick van den Broek, de Wuesten Bijvink en meer anderen. Maar Jan van Os houdt wel zijn jaarlijkse pachten samen met de achterstand op de genoemde bezittingen.

ORA Oirschot (Toirkens 128a no 64 fol 10 dd 2-2-1508) Jannes Bierkens verkoopt aan Gerart zoon van heer Henrick Geerlicks (van de Melcroth, JT) het bezit dat hij had gekocht van Jan van Osse en genoemde Jan van Osse weer van Mercelis van Crieckenbeek. Jan van Osse had het verkregen middels een vonnisbrief van de stad Den Bosch, zijnde een stuk land genoemd de Hovel gelegen in herdgang Aerle, b.p.. Aleijt Grieten, Willem van den Stayakker. Nog betreft het 1/4e deel van een weiland, b.p.. de erfgenamen van Henrick van den Broeck, de Wuesten Bijvink daar.

ORA Oirschot (Toirkens 128c no 108-109 fol 92 dd 28-5-1509) Dirck en Jan, broers voor henzelf handelend en voor Dirck en Anna hun zusters, allen wettige kinderen van Jan van Osse en van diens wettige vrouw joffrouw Goossen, verkopen aan Dirck de Lege een beemd gelegen in herdgang Aerle, b.p. heer Amelrijck Boot, de koper, de straat. Lasten hieruit zijn 7 schillingen per jaar aan de St. Peterskerk te Oirschot. (Idem 109) Genoemde Dirck en Jan beloven dat ze in de a.s. gerstmaand (september, JT) opnieuw afstand zullen doen van het bezit uit de vorige akte want op dat moment is Jan meerderjarig geworden.

ORA Oirschot (Toirkens 129a fol 204 no 231 dd 17-8-1521) Jan Janssen van Os, voor hemzelf handelend en voor zijn broer Dirck, verder zijn zusters Dirck en Anna en joffrouw Goossen als weduwe van Jan van Os hebben verklaard dat Henrick Gijsbrecht Hoppenbrouwers aan hen een pacht van een mud rogge heeft afgelost, welke pacht Henrick eerder had beloofd aan Margriet dochter van Claes Beckers ten behoeve van de zusters van heer Aert de Crom volgens schepenbrief van Oirschot. Genoemde Jan mede voor genoemde joffrouw Goossen geeft hiervoor kwijting. Als Jan of zijn broers en zusters in de toekomst hiervan de brieven zullen vinden, dan zal hij de brieven ervan overhandigen.

ORA Oirschot (134a fol 102v no 339 dd 12-10-1540) Jan zoon wijlen Jans van Vlierden heeft voor ons schepenen verklaard dat het zo is dat in de schrijfkamer van de stad Den Bosch zich aldaar een schepenbrief bevindt die melding maakt van een jaarlijkse rente van 11 en een halve gulden die eerder is beloofd door Jofrouwe van Os en door Dirck van Os cum suis ten behoeve van 3 missen per week, en wel vanwege de zoenovereenkomst inzake de onnatuurlijke dood van Goijaert zoon van genoemde wijlen Jan van Vlierden, zijnde de broer van bovenvermelde Jan Jans van Vlierden. Om deze brief aldaar op te halen machtigt hij hierbij heer Andriessen Coreman, priester en kapelaan in de St. Peterskerk te Oirschot als toonder van deze brief.

ORA Oirschot (136a fol 117 no 454 dd 21-1-1548) Voor de voltallige schepenbankvergadering is verschenen Dirk van Os en heeft een schepenbrief van Oirschot laten voorlezen inzake een achterstallige vordering van 212 gulden en de kosten van de procedure hierover en hij beroept zich daarop dus. Daarop hebben wij middels een vonnis als schepenen bepaald dat Dirck van Os zijn vordering mag verhalen op de persoon in kwestie danwel op diens bezittingen volgens zijn brief daarover, waarbij ook de rechten van anderen gerespecteerd dienen te worden, conform een akte daarover d.d. 28 september 1547. Op grond van dat vonnis heeft genoemde Dirck aan Jan Jan van den Schoot en aan Henrick Dielis Hoppenbrouwers als voogden over de vier minderjarige dochters en kinderen van wijlen Thomaes de Hoppenbrouwer te kennen gegeven dat ze dienen te betalen. Maar deze Jan en Henrick wilden daartegen in verweer komen en hebben geweigerd te betalen, waartegen deze Dirck van Os weer in verweer is gekomen omdat als zodanig hierover een schepenuitspraak was gedaan. Daarna is er aan Dirck toegestaan dat hij beslag zou mogen laten leggen op de hoeve die in deze brief als onderpand wordt genoemd om die hoeve tegen het hoogste bod te mogen verkopen en in het openbaar veilen, danwel om deze hoeve zolang te gebruiken totdat hij zijn vordering daarop verhaald zou hebben, zoals weer is vermeld in een akte daarover d.d. 22 december 1547. Na dat vonnis heeft Dirck beslag laten leggen op die betreffende hoeve, gelegen te Oirschot in herdgang Straten, welke hoeve het eigendom van genoemde Thomaes was toen hij nog leefde en zoals die hoeve nu door Jan Cornelis Daniels vandaag de dag wordt bewoond. De hoeve zal na een zondagse oproep hiertoe in een openbare herberg worden geveild en wel in herberg de Wildeman alhier. Voorwaarde is dat de koper van de hoeve daaruit jaarlijks, samen ook met de onbetaalde termijnen hiervan bepaalde rentes etc. moet betalen, n.l. een jaarpacht van een mudde rogge aan de kinderen van Antonis Belaerts, nog 3 gulden en 15 stuivers per jaar aan Dirck die Greve in Den Bosch, nog 3 gulden per jaar aan Eessen dochter van Jans van Poppel in Den Bosch, nog 2 gulden per jaar aan Natael Vos, nog 5 en een halve gulden per jaar aan Jan Pijnappels in Den Bosch, nog 2 gulden per jaar aan de erfgenamen van heer Antonis Bruinincks, nog 6 gulden per jaar aan de erfgenamen van Josepf Sta-ekkers in Den Bosch, verder nog de dorpslasten en de burenbijdrage. Daarna heeft genoemde Dirck voor deze lasten de hoeve te koop aangeboden en daarbij is verschenen Kaerle van Os en heeft een bod uitgebracht, naast de genoemde lasten van hierboven en naast de 212 gulden in kwestie en de kosten van de procedure, heeft hij nog eens 4 stuiver extra geboden. Omdat er verder niemand meer is gekomen die er een hoger bod op heeft uitgebracht, is de koop gegund aan genoemde Karel van Os.

ORA Oirschot (137b fol 73 no 329 dd 15-9-1553) Dirck en Jan, gebroeders en wettige kinderen van Jans van Os hebben hierbij machtiging geven aan Dirck van Lieshout, aan Jan van der Maesen, procureurs zijnde, verder aan Henrik van Mispelen, aan Caerle van Os, aan Joachim van Eijk, Huberten Bierkens, verders aan meesters Jan Reijnen en Michiel Borcauts procureurs verbonden aan de Raad van Brabant, samen en ieder van hen hoofdelijk om namens hen hun belangen te behartigen inzake een proces dat ze hebben lopen, hetzij voor wereldlijke hetzij voor geestelijke rechtbanken. De gemachtigden moeten daarbij alles doen dat ze zelf als opdrachtgevers ook gedaan zouden hebben.


Huwt (1)

Elisabeth Jan van der EIJGEN

FamilienaamIndex

Weduwe Daniel Eijgenbroets

ORA Oirschot (Toirkens 123a no 245 fol 112 dd 16-11-1471) Komen Lisbeth dochter van Jan van der Eijgen en verklaart dat Willem Jan Eijssen (van Esch?) aan haar een pacht van 1 mud rogge heeft afgelost, maat van Oirschot, uit een pacht van 28 lopen rogge, welke pacht Willem eerder had beloofd aan Daniel Eijgenbroets volgens schepenbrieven van Oirschtot. Daarvan was aan Willem het aflossingsrecht toegestaan door genoemde Daniel Eijgenbroets en ook Lisbeth op last van haar wettige man Jan van Os had die aflossing toegestaan. Lisbeth geeft nu kwijting voor dat mud rogge in mindering op genoemde 28 lopen, vanwege haarzelf en van wijlen haar man Daniel (Eijgenbroetrs, JT). Als extra waarborg is deze schepenbrief van een zegel voorzien.

ORA Oirschot (Toirkens 123a no26 fol 168 dd 17-2-1473) Komen is Lisbeth weduwe van Daniel Eijgenbroets met Jan van Os als haar wettige man nu en verkoopt met schepenbrieven van Oirschot aan Willem Jan Eijssen een pacht van 16 lopen rogge, maat van Oirschot, steeds te betalen op Maria Lichtmisdag, welke pacht Lisbeth had geerfd van wijlen haar man Daniel en genoemde Daniel had gekocht van genoemde Willem en daarna wijlen Daniel die pacht in diens testament aan haar had vermaakt, waarmee ze naar eigen keuze mocht handelen. De pacht te betalen op onderpand van een stuk beemd genoemd de Groetenbeemd, gelegen in herdgang de Notel, b.p. de Langschoerdijck, Aert Michiel Steemetsers, de gemeijnte. Lisbeth met haar voogd belooft alle lasten van haar kant af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 124a no 258 fol 198 dd 28-2-1472) Komen zijn Jan van Os als wettige man van Elisabeth en draagt aan Willem van de Braecken en aan Jan van Esp bepaald bezit en pachten over die hij in het huwelijk met zijn vrouw Elisabeth heeft verkregen, die eerder wettige vrouw was van wijlen Daniel Eijgenbroets en voor welke bezit Elisabeth volgens het testament van wijlen genoemde Daniel de bevoegheid had om het bezit te mogen verkopen of te belasten etc. Verder willen ze dat als Willem van der Braecken en Jan van Esp belast zouden worden voor de belofte die ze voor Jan van Os eerder hebben gedaan, dat die dan die geldsom etc. mogen verhalen op de meest courante goederen, hetzij rentes, grond etc. en dat bezit in openbaar mogen verkopen tot aan het betreffende geldbedrag toe. Daarna als zulks is gebeurd, moeten Willem en Jan weer afstand van dat bezit doen en Jan van Os en diens vrouw Lisbeth weer de rechten teruggeven die ze voor deze afspraak hadden. Als er daardoor schade ontstaat voor die belofte is Jan van Os aansprakelijk.


Huwt (2) na 1472, voor 1483

51.641   Gooswijntje Jan Goessen MOELS

FamilienaamIndex 51.641Vader 103.282Moeder 103.283

Vermeld ORA Oirschot in een belending 23-6-1518: Juffrouw Goesen van Os en haar kinderen.

ORA Oirschot (Toirkens 124b no 208 fol 335 dd 6-5-1483) Komen is heer Joerden Jans van Geldrop, priester en kanunnik te Oirschot en draagt met een schepenbrief van Oirschot, puur als gift, aan Goeswijn dochter van wijlen Jan Goessen Moels van Inghen die een huis met tuin etc. over, gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. heer Joerden zelf, Katalijn weduwe van Aert van Kervelem met haar kinderen, Geertruid natuurlijke dochter van Aert zoon heer Rutger van Oudenhoven waarvan is afgedeeld, Margriet natuurlijke dochter van heer Jan Joerdens priester, de kinderen van wijlen Joerden Daniels, de straat daar genoemde de Nieuwstraat. Heer Joerden heeft er echter wel een stuk land van afgesplitst en afgepaald met het gelijnte (=hekwerk; JT) daar. Verder is afspraak dat Goeswijn de gehele put in eigendom krijgt, ook al staat die put binnen het deel van heer Joerden. Als de put ´vergaat´mag Goeswijn de put weer opbouwen en repareren op de zelfde plaats en ze mag ook het erf van genoemde heer Joerden gebruiken voor die reapratie zonder dat daar iemand bezwaar tegen kan maken. Heer Joerden belooft deze gift van het bezit altijd gestand te zullen doen en daarin alle lasten af te handelen.

Kinderen

  1. Dirck, vader van Karel; vermeld o.a. ORA 1549-52
  2. Jan Zie 25.820
  3. Dirckje
  4. Anna

TerugBegin van generatie


51.644   Jan Jan GOOSSENS

FamilienaamIndex 51.644Vader 103.288Moeder 103.289

Overleden Oirschot 24-4-1551

Bij overlijden schepen van Oirschot (overlijdensdatum genoteerd in ORA 1551; laatste optreden 27 maart). In 1543, 1544, 1548 en 1550 H. Geesttafelbeheerder. Schepen 1526, 1542, 1545, 1548.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 177 no 223 dd 9-10-1526) Gielis de Hoppenbrouwer heeft verklaard dat Jan Goessens onze collega-schepen aan hem een half mudde rogge per jaar heeft afgelost, uit een pacht van 2 mudde rogge per jaar, die Jan jaarlijks aan genoemde Gielis schuldig is, en eereder was geheven door de kinderen van wijlen Jacop Spijkers in de stad Den Bosch, en welke rogpacht Gielis van deze kinderen had verkregen.

ORA Oirschot (134c fol 51v no 178 dd 28-4-1542) Peter Henrick Philips van den Scoet als wettige man van Aleijten wettige dochter van wijlen Dirck van den Ven heeft beloofd om aan Jan Goossens onze collega schepen, die een jaarrente te gaan betalen van 5 en een halve gulden, steeds vervallend op St. Dionijsdag en voor de eerste keer per a.s. St. Dionijsdag op onderpand van een akker groot ca. 9 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Notel.

ORA Oirschot 135b fol 2 no 8 dd 9-2-1546) Goris Wouters Gorissen heeft beloofd om aan Jan Jan Goossens een bedrag van 24 gulden te zullen betalen ten behoeve van het H. Avondmaal gesticht in de St. Peterskerk te Boxtel die dat elk jaar wordt gevierd op Witte Donderdag, welke fundatie is gesticht door de eerwaardige heer en meester Zebrecht van Collenberge destijds deken aldaar en wel volgens het testament van deze heer Zebrecht daarvan. (…)

ORA Oirschot (136a fol 11 no 59 dd 1-2-1548) Jacop Willem Jacops heeft beloofd om aan Jan Goessens onze collega schepen die een jaarlijkse rente van 3 en een halve gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer morgen, op onderpand van een beemd genoemd die Rijt, groot ca. 5 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. de kinderen van Henrick Gijsbrechts, Joirdaan Jan Daniels, Gerit van Best, Denis Goijaerts.

ORA Oirschot (138a fol 98v no 441 dd 14-12-1557) Heer en meester Jan Goessens licentiaat in de Godgeleerdheid en deken te Oirschot, voor hemzelf en ook optredend voor zijn afwezige broer Adriaen, verder Niclaes, Geerit, Peter, meester Jan, baccalauraat en Jan junior, broers en wettige kinderen van wijlen Jan Goessens verwekt bij wijlen Mechtelden dochter van Jans van Collenburch hebben een boedelverdeling gemaakt inzake het bezit dat ze door de dood van Jan Goessens en van wijlen genoemde Mechteld hebben geerfd. Bij deze verdeling krijgt heer en meester Jan een huis, tuin etc. gelegen in Boxtel aan de Strijpt, b.p. de kinderen van Lucas Goijaertsen, Wernaert die Snijder, de rivier de Dommel of de stroom, de straat. Uit dit bezit moet jaarlijks grondchijns worden betaald, nog 2 gulden per jaar. Verder krijgt hij een akker genoemd de Haegeakker groot ca. een zesterzaad, gelegen in Boxtel, b.p. genoemde Gerits Goessens, de kinderen van Jan Ariens, Dick Aert Elias, de heer van Boxtel, de gemeenschappelijke weg. Verder krijgt hij een akker genoemd het Haverland, groot ca. 4 lopenzaad, gelegen in Boxtel onder Liessel. verder krijgt hij de helft van een beemd genoemd den Nieuwen beemd, nog onverdeeld zijnde en die steeds geruild wordt, gelegen onder Haeren. Verder krijgt hij twee verschillende heivelden gelegen in Boxtel onder Liessel. Ook krijgt hij een turfveld gelegen onder Boxtel onder Klein-Liempde. Verder krijgt hij een halve beemd gelegen in Liempde genoemd de Breebeemd. Verder krijgt hij een akker genoemd Int Smaele, gelegen in Liempde. Verder krijgt hij een weiland met het hout dat er op groeit, genoemd het Breekens ook in Liempde gelegen. Verder krijgt hij het vierde deel van een beemd genoemd Deckerdonck gelegen onder Liempde. Hieruit moet hij de diverse lasten betalen die erop drukken. Verder krijgt hij een jaarlijkse rente van 7 gulden en 10 stuivers te ontvangen van Dielissen Dircks van Perwes te Boxtel, nog twee gulden per jaar te ontvangen van Niclaes die Gruijter, nog twee gulden per jaar te ontvangen van de weduwe van Henrick Janssen van den Schoet, ook krijgt hij een pacht van een mudde rogge per jaar, Boxtelse maat te ontvangen in Boxtel onder Tongeren.

Bij deze verdeling krijgen Niclaes en Gerit samen een hoeve met de toebehoren, uitgezonderd het deel dat heer en meester Jan Goessens daarvan heeft gekregen, genoemd de Collenbergse hoeve, met de houtopstand etc., gelegen onder Liempde. Uit dit bezit moeten de bekende jaarlijkse lasten worden betaald. Verder krijgen ze een jaarlijkse rente van 20 stuivers te ontvangen van de kinderen van heer Gerits Mengelen uit het Laer te Oirschot, nog 11 stuivers per jaar te ontvangen van Enk.... van den Roinck te Liempde.

Bij deze verdeling krijgen Peter en meester Jan baccalaureus samen het huis, tuin en toebehoren, gelegen in Oirschot herdgang Straten aan de Loijenhorck b.p. Jan Bierkens, Dirck Wreijskens, Peter Antonis van der Ameijden, Peter Henrick Gerits, de gemeenschappelijke straat. Uit dit bezit moet jaarlijks een zester en een vierde vat rogge worden betaald en nog de grondchijns. Verder krijgen ze een akker genoemd de Nieuwen Akker, gelegen in herdgang Straten, b.p. de weduwe en kinderen van Jan die Hoppenbrouwer, de kinderen van Henrick Huijskens, Frans Emken Scepens, de lopende straat. Verder krijgen ze een stuk land deels akker en deels weiland, gelegen in herdgang Straten, genoemd de Hofdstad, b.p. Henrick Goijaerts, Rutger Verhoeven, Jan Heeskens, Goijaert Aert Jacops, de lopende straat. Uit dit bezit moet jaarlijks 31 stuivers worden betaald aan de abt (van Perk). Verder krijgen ze een beemd genoemd de Schoerdock gelegen herdgang Straten, b.p. Jan Faes, de heer van Frentz, de kinderen van Henrick Scepers en meer anderen. Verder krijgen ze een huis met tuin etc. gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck, b.p. Gijsbert Dirck Hoppenbrouwers en meer anderen, Claes Dielis en meer anderen, de gemeenschappelijke straat, Wouter Corstens. Verder krijgen ze een beemd genoemd de Postdonck, gelegen in herdgang Hedel te Audenhoven, rondom in de gemeijnte. Hieruit moet jaarlijks grondchijns worden betaald. Verder krijgen ze een jaarlijkse rente van 4 gulden te ontvangen van de kinderen van Jan Gijskens, nog 3 gulden per jaar te ontvangen van Gijsbert Gijsberts Hoppenbrouwers, nog 2 gulden per jaar te ontvangen van de weduwe en kinderen van Jan Ariens, nog 3 gulden per jaar te ontvangen van Wouter Goijaert Keijmps, nog anderhalve gulden per jaar te ontvangen te Beerze van Peter Eckers, nog 6 gulden per jaar te ontvangen van de weduwe van Jan Wouters van Cuijck, nog 31 en een halve stuiver per jaar te ontvangen de weduwe van Peter Henricks van Beerze. (NB Peter en Jan maken een verdere deling op 30 december 1557.)

Bij deze verdeling krijgen Adriaen en Jan junior samen het huis tuin etc, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Wouter Goijaert Keijmps en meer anderen, de kinderen van Lauwreijs Verhoeven en meer anderen, de kinderen van Jan die Hoppenbrouwer en meer anderen, de gemeenschappelijke straat. Verder krijgen ze een akker genoemd de Moest, gelegen in herdgang Straten, b.p. Jeronimus Wijnen, de heer van Frentz, Jan Joerdens, Henrick Goijaert Keijmps. Verder krijgen ze een akker genoemd de Sleebosch, gelegen in herdgang de Notel, b.p. de tafel van de H. Geest te Oirschot, de heer van Frentz, de kinderen van Goijaert Emmert Scepens. Uit dit bezit moet grondchijns worden betaald. Verder krijgen ze een jaarlijkse rente van 7 gulden te ontvangen van Jan Meeus, nog een jaarlijkse pacht van een mudde rogge in de Peel te ontvangen, nog 3 gulden per jaar te ontvangen van Gijsbert Hoppenbrouwers, nog anderhalve gulden te ontvangen van Mechteld Deckers ter Ameijden, nog 2 gulden per jaar te ontvangen van Emmert Jan Scepens, nog 6 ponden paijment te ontvangen in Den Bosch, nog 25 stuivers per jaar te ontvangen van Jan Faes, nog 20 stuivers per jaar te ontvangen Adriaen de Wael in Boxtel.

ORA Oirschot (139a fol 100v no 321 dd 2-9-1561) Adriaen Jan Goessens verkoopt hierbij zijn erfdeel en aanspraken inzake alle bezit van welke aard dan ook en waar zich dat ook bevindt, waarop hij aanspraken heeft op de patrimonale goederen, waarin zijn vader Jan Goessens is bestorven is, zowel akkerland, pachten, chijnsen etc. Adriaen verkoopt dit erfdeel nu samen met alle lasten die op dit deel drukken aan zijn broer Jan zoon wijlen Jan Goessens. (Idem 322) Jan zoon wijlen Jan Goessens heeft als schuldenaar beloofd om aan Adriaen Jan Goessens die een bedrag van 100 gulden te zullen gaan betalen (..) (idem 323) Jan zoon wijlen Jan Goessens heeft beloofd om Niclaes Jan Goessens te zullen vrijwaren voor een bedrag van 200 gulden die Jan van Sever (= Seventer), schout te Boxtel aan Adriaen Goessens had beloofd en waarvoor deze Niclaes zijn bezit had belast. (…) (Idem 324 dd 5-9) Jan zoon wijlen Jan Goessens heeft beloofd om aan Gijsbrechten van der Schaut ten behoeve van het gasthuis van wijlen heer Amelrijck Boots die voortaan een jaarlijkse rente van 3 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op St. Jansdag en voor de eerste keer per a.s. St. Jansdag anno 1560 ( ? ) op onderpand van een akker genoend de Dries Akker, groot ca. 3 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Jan die Cort, de gemeenschappelijke straat, Wouter Keijmps.

ORA Oirschot (140a fol 55v no 40 dd 22-1-1566) Niclaes, Peter en Jan, broers en kinderen van wijlen Jan Goessens, voor henzelf en ook optredend voor hun broers heer en meester Jan, kanunnik in Boxtel en voor Gerit en Adriaen, verkopen een huis, tuin etc. gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof, b.p. Michiel Henricks van de Schoet en heer Jans van der Haegen, meester Henricks van der Ameijden, de gemeenschappelijke straat, een gemeenschappelijke kerkpad, zoals ze dat hebben geerfd bij het overlijden van heer en meester Jan Goessens, toen hij nog leefde deken van Oirschot (NB leefde nog 1561) en welk bezit deze heer Jan Goossens daarvoor had verkregen van de uitvoerders van het testament van heer en meester Jacop van Geldrop en deze meester Jacop van Geldrop weer van de erfgenamen van Jan van Vlierden conform schepenbrieven daarover. Ze verkopen dit bezit nu aan meester Sixtus Tzarda, doktor in de medicijnen en kanunnik te Oirschot (…) (Idem no 41) Meester Sixtus Tzarda doctor, uit de voorgaande akte heeft alsschuldenaar beloofd om aan de erfgenamen van heer en meester Jan Goossens een bedrag van 250 gulden te zullen betalen per a.s. St. Jansdag zonder rente danwel per a.s. St. Jansdag over een jaar met een rente tegen de penning zestien danwel een jaarlijkse rente van 6 gulden zoals deze heer en meester Jan Goossens eerder had beloofd aan de uitvoerders van het testament van meester Jacop van Geldrop en daarbij nog een bedrag van 150 guldens eens die deze Jan nog was verschuldigd gebleven die betaald moeten worden met de rente daarvan per a.s. St. Jansdag over een jaar.

NB: er is mogelijk een oudere gelijknamige broer Jan: ORA Oirschot (138b fol 28v no 111 dd 17-3-1558) Henrick zoon wijlen Willems van der Hamsvoort als man van Elisabeth, Jan zoon Henrick die Riemsleger als man van Cathalijn, Joost zoon Reijnier Hoogneefs als man van Anna, Henrick zoon Dirck Houbrakens als man van Aleijten, verder Marie en Jenneken met hun voogd Peter Jans Crommen, allen wettige kinderen van wijlen Pauwels Aertszoon van der Schueren verwekt bij Henrieksken dochter van Ansem Loijen, verder nog Peter Goossens en Jacop Dirck Hoppenbrouwers als aangestelde voogden over de minderjarige kinderen van wijlen Jan Goessens verwekt bij wijlen Ijken dochter van wijlen genoemde Pauwels en Henrieksken, op grond van een afgegeven schepenbankdecreet, verkopen een huis, tuin etc. gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Jacop Dircks van Hout, het erf van de koper, de weduwe en kinderen van Peter Gerit Stijnen, Jan Goijaert Riemslegers. Dit bezit wordt nu verkocht aan Henrick Gijsbert Vlemmincks.


Huwt voor 1520

51.645   Mechteld Jans van COLLENBURG

FamilienaamIndex 51.645Vader 103.290Moeder 103.291

Geboren Boxtel ca. 1495
Overleden Oirschot 1552

Kwartieren volgens genealogie Goossens

ORA Oirschot (137a fol 46 no 229 dd 26-6-1551) Peter zoon wijlen Aert Roefs heeft beloofd om aan Mechtelden weduwe van Jan Goossens, die daarvan het vruchtgebruik krijgt en waarvan de tafel van de H. Geest te Oirschot het erfrecht krijgt, die voortaan een jaarlijkse rente van twee gulden te gaan betalen, steeds vervallend op St. Jansdag van elk jaar, op onderpand van een dries groot ca. een zesterzaad, gelegen in herdgang de Notel, b.p. de Pennincksdijck, de weduwe van Jan die Raijmaker, Henrik Vlemmincks, Rutger Verhoeven. Ook nog op onderpand van een beemd genoemd 't Heechbroek gelegen in herdgang de Notel, b.p. Thomas van der Ameijden, Cornelis Thomasssen, Ariaen Willems van den Hovel. (Idem no 230) Gijsbrecht zoon wijlen Jan Hoppenbrouwers heeft beloofd om aan Mechtelden weduwe van Jan Goossens die daarvan het vruchtgebruik krijgt en haar wettige kinderen daarvan het erfrecht, die een jaarlijkse rente van twee en een halve gulden te gaan betalen, steeds vervallend op St. Bartholomeusdag en voor de eerste keer per a.s. St. Bartholomeusdag op onderpand van een huis, grond etc. groot ca. 6 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. de kinderen van Goijaert Hoppenbrouwers, Dielis Dirck Dielissen, Jacop van Haut, Pauwels van Seelst, de lopende straat, de gemeijnte.

Idem (fol 36 no 184 dd 14-5-1551) Mechteld (van Collenberge) weduwe van Jan Goessens met Peter Laureijssen als haar voogd, draagt hierbij een kapitaal over van 39 gulden welk bedrag Frans Willems als man van Margriet dochter van Jans van Collenberghe haar schuldig is op grond van het testament van wijlen meester Jans van Collenberge zoals zij verklaarde. Zij draagt dit kapitaal nu puur als schenking over aan haar wettige zoon Jan Jans Goessens. (Idem 185) Mechteld weduwe van de voorgaande akte heeft als haar zaakvoerder benoemd Geraerden haar wettige zoon, om namens haar het beheer te voeren over al haar bezit en vorderingen en daarbij alles te doen wat nodig is.

ORA Oirschot (137a fol 86 no 320 dd 24-10-1552) Jan Joirden Brouwers heeft beloofd om aan Mechteld weduwe van Jan Goessens, waarbij zij daarvan het vruchtgebruik krijgt en haar wettige kinderen daarvan het erfrecht, die een jaarlijkse rente van 6 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Allerheiligendag en voor de eerste keer per Allerheiligendag over een jaar, op onderpand van een huis, tuin, grond etc. groot ca. 4 lopenzaad, gelegen herdgang Straten, b.p. de kinderen van Gijsbrecht Gijsbrecht Hoppenbrouwers, Gijsbert Jan Hoppenbrouwers, de gemeenschappelijke straat. Mechteld weduwe van Jan Goessens met Geerit haar zoon als haar gekozen voogd, heeft bekend dat Jan Joirdens deze rente uit de vorige akte altijd mag aflossen op Allerheiligendag mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 100 gulden en de achterstallige termijnen.

Kinderen

  1. Nicolaes Zie 25.822
  2. Jan de oudste, priester te Oirschot, ingeschreven universiteit Leuven 31-8-1534, promotie 22-3-1537 (17e van de 108); kanunnik en daarna deken te Oirschot
  3. Jan de middelste, priester te Den Bosch (vermeld ORA als broer 1584), 1566-82 kanunnik en priester te Boxtel; in ORA 1558, 1557: baccalaureus, licentiaat in de Godgeleerdheid. Ingeschreven Leuven 23-2-1550, gepromoveerd 26-3-1552 (7e van 177)
  4. Peter (+na 16-5-1598, voor 1590), huwt Aleijd Dirck Leemans (+voor 1590), ouders van Jenneken, Marieken, Adriaen en Margriet. Schepen in 1580, 1583, 1586. Peter werd in februari 1598 door de heer van Oirschot niet toegelaten, en daarom (onder protest) niet ingezworen, als schepen (ORA 1598).
  5. Jan de jonge, afwisselend met broers Niclaes en Peter schepen van Oirschot (er is vrijwel geen jaar zonder een Goossens in het dorpsbestuur), kerkmeester in 1578; huwt Jenneke Geerlick de Hoppenbrouwer.
  6. Adriaen
  7. Gerit

TerugBegin van generatie


51.646   Peter Jan HAEXKS

FamilienaamIndex 51.646Vader 103.292Moeder 103.293

Overleden na 5-10-1558, voor 6-2-1559

Peter de Oude, broer van Peter de Jonge. Schoenmaker (ORA Oirschot 3-12-1545: Scomeker). Schepen 1533.

Schepen van Oirschot 1542, gevolmachtigde voor Oirschot 1543, Schepen 1545, 1557.

BELENDINGEN (ORA Oirschot Toirkens):

Vermeld (belending) 1526 Jan Peter Haecks alias Scomeker

(134a fol 40v no 150 dd 2-3-1540) naast Marcelis Hermans van Aerle, met een akker groot ca. 3 en een halve lopenzaad, herdgang Naastenbest, b.p. Peter Jan Haecks de oude, Dirk Leemans, Dirck Jan Stockelmans, Marcelis Mortels,het erf van Marcelis Hermans van Aerle zelf. Idem (134b fol 62v no 207 dd 26-4-1541) naast Jan Henrick Pauwels, Oirschot herdgang Verrenbest, een akker groot ca. 8 lopenzaad, b.p. Claes Aert Hoetloecks, Michiel Dielis Lucassen, Adriaen van de Sande, Peter Jan Haecks, Peter Henrick Corstens, de gemeijnte.

(135a fol 30v no 81 dd 12-3-1543) Naast erven Peter Gijsbrechts en diens vrouw Katalijnen, aan Henrick Peters Gijben een beemd genoemd den Ouden Beemd, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. Peter Jan Haecks de oude.

(135a fol 9 no 6 dd 22-1-1544) Naast erven Henrick Mortels en Margriet, beemd genoemd de Oude Beemd, Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. Lenaert Jacops, Peter Jan Haecks, de gemeijnte. (Idem 8-6-1551, dan Peter Haecks de oude)

(136a fol 89 no 353 dd 16-9-1548) Joirden Aert Smetsers, een akker groot ca. 3 en een halve lopenzaad, gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. Peter Jan Haecks de oude, conform een schepenbrief van Oirschot.

(137a fol 61 v no 274 dd 18-9-1551) erven Dircks Verheijden en Aleijt, schoonzoon Lambert Jan Gijben het derde deel van een beemd genoemd de Geenkensdijck, met recht van overpad over het perceel van Peter Haecks de oude, verder over het erf van de kinderen van Jan Henrick Corstens, nog totaal onverdeeld zijnde gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. Jan van Helmont, heer Jacop van den Spijcker en meer anderen.

(137a fol 39 no 150 dd 23-3-1552) Jan Dirck Jacops heeft beloofd om voortaan aan Jan Dirck Hermans die een jaarlijkse rente van 6 gulden te gaan betalen, op onderpand van een huis, tuin, grond etc. groot ca. 6 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. de gemeijnte, Daem Slegen, Peter Jan Haecks de oude.

(137b no 100 dd 16-2-1554) Geerit zoon Goijaert Vos, een beemd genoemd de Cruijsbeemd, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Dirk Leemans, de gemeijnte, Peter Jan Haecks de oude. (Idem no 123 dd 20-2-1554)

(138b fol 46v no 174 dd 6-2-1559) Erven Peter Jan Corstens en Margriet Thomaes van Oudenhoven, een akker genoemd de Gemijn Braeck, ter zelfder plaatse gelegen groot ca. 3 lopenzaad, b.p. de erfgenamen van Peter Jan Haecks, Geerit Vos, Adriaen Henricks van Oudenhoven, Willem Antonissen. Het oude huis, met de halve schuur en de grond daarbij, in totaal ca. 19 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. de andere kinderen waarvan het is afgedeeld, de erfgenamen van Peter Jan Haecks, Aerts die Metsere, de gemeijnte.

BELENDINGEN MET BROER:

(137a fol 15 no 58 dd 19-1-1552) Joorden Jan Peters verkoopt zijn aanspraken in een beemd genoemd de Cleijn Diepstede, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. Peter Haecks die jonge, Michiel van den Schoet, Peter Haecks de oude, de gemeenschappelijke straat; aan Peter van den Spijker.

(137a fol 34v no 131 dd 1-2-1551) Henrick Aert Jacops verkoopt hierbij twee onafgemaakte kavels in een beemd genoemd de Spijkersbunder, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. Peter Haecks, Gerit van Best met meer anderen, Peter die Molder, Peter Jan Haecks. Hij verkoopt deze percelen nu aan Jacop Willem Jacops.

(137b fol 43v no 205 dd 16-3-1553) Erven Dirck Jacop Keijmps, zoon Jan krijgt een beemd groot ca. anderhalve bunder gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest in de Diepstede aldaar, b.p. Peter Jan Haecks, Jan Mercks met meer anderen, de gemeijnte, Peter Jan Haecks de oude. (Idem 138b fol 50v no 197 dd 14-5-1558; 138b fol 70 no 273 dd 5-10-1558)

BEZIT:

(134a fol 122v no 394 dd 10-12-1540) Peter zoon wijlen Jans van den Spijcker verkoopt hierbij een stuk land, deels akker en deels groesland, groot ca. 10 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Rutger van der Vlueten, de hierna genoemde Peter Janssen Haecks, de gemeijnte, Goijaert van der Vlueten, Jan Crijns. Het perceel wordt nu verkocht aan Peter Jan Haecks de oude (…). (Idem no 395) Peter Jan Haecks de oude heeft beloofd om aan Peter zoon wijlen Jans van den Spijcker die een jaarlijkse rente van 6 gulden te gaan betalen(…).

(136a fol 11 no 34 dd 3-2-1547) Goessen Emmen als wettige man van Claren dochter van wijlen Dielis Lucassen van den Schoet verkoopt hierbij een stuk land genoemd de Braecken, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Goijaert Aelbrechts, Dirk Verheijen. Ook verkoopt hij een akker genoemd de Hoelbraeck, gelegen onder Best, b.p. Dirk Verheijen, Jan Gerit Stijnen. Ook nog een akker genoemd de Drie Lopenzaad, gelegen onder Naastenbest, b.p. het erf dat eerder van Goijaert Aelbrechts was. Nog verkoopt hij een weiland genoemd de Bijcvinck, gelegen in herdgang Aerle, b.p. Jacop van den Schoet, de gemeijnte. Nog een akker genoemd de Huiste gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. het erf dat vroeger van Wellen Wouters was, Dirck Verheijden. Hij heeft deze percelen samen met meer anderen als echtgenoot geerfd en het was hem met zijn andere erfgenamen toebedeeld geworden bij de dood van Dielis van den Schoet en van diens vrouw Sophien, zijnde de ouders van genoemde Clara. Hij verkoopt deze bezittingen nu aan Peter Jan Haecks de oude (…) (Idem no 35) Peter Jan Haecks de oude heeft beloofd om aan Goessen Emmen die een jaarlijkse rente van 17 gulden en 10 stuivers te zullen gaan betalen (…) De rente is altijd aflosbaar op St. Jacopsdag van elk jaar, in totaal tegen betaling van 292 gulden (...). (Ook in belending vermeld 137b fol 50v no 203 dd 4-4-1554)

(136b no 313 dd 16-8-1549) Jan zoon wijlen Gijsbrecht Melis heeft beloofd om aan Peter Jan Haeckszoon de oude, die voortaan een jaarlijkse rente van 30 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend op St. Jacopsdag en voor de eerste keer per a.s. St. Jacopsdag op onderpand van een akker, groot ca. 4 lopenzaad, genoemd de Rust, gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. Daniel Hoppenbrouwers, meester Henrick van Delft, Andries Peterszoon van den Laeck, Peter Jan Corstens. (afgelost 16 februari 1612).

(137b no 101 dd 31-1-1553) Peter zoon Jan Haecks die jonge verkoopt hierbij een klein veldje in een beemd gelegen, genoemd de Bittensbeemd, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest in het besterbroek aldaar aan de Hoge Wetering, b.p. Peter Jan Haecks de oude, Dirck Jacops. Het perceel wordt nu verkocht aan Peter Jan Haecks de oude.

SCHULDEN:

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 182 no 227 dd 20-11-1526) Henrick Henricks van de Maerselaer, natuurlijke zoon, heeft aan zijn broer Goijaert Henrick van den Maerselaer eveneens natuurlijke zoon, die een rente verkocht van een peter per jaar, met de lopende termijn ervan, uit een brief van 2 peters, waarvan de andere peter aan Goijaert toebehoort. Deze rente hadden Henrick en Goijaert samen geerfd van wijlen Aelbrecht van den Maerselaer, conform diens testament daarover, en de rente van 2 peters had Jan Peter Haecks die men ook wel de Scoemaker noemt, beloofd aan deze Aelbrecht op onderpand van een huis etc. gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. de gemeijnte, Goijaert Goessens.

(134b fol 38v no 127 dd 26-2-1541) Wilbert Peters van den Laer als wettige man van Jutten wettige dochter van wijlen Jan Sautmans, voor hemzelf handelend en ook namens Otten wettige dochter van wijlen genoemde Jan Sautmans, die echter zelf ook hierbij aanwezig is, verder Bartholomeus zoon wijlen Adriaen Tiekwevers als wettige man van Elisabeth wettige dochter van genoemde Jan Sautmans, hebben hierbij verklaard dat Peter Jan Haecks aan hen een jaarpacht van 5 en een halve lopen rogge heeft afgelost, die hen waren vermaakt zoals ze zeiden door wijlen Henrick Claessen, uit een grotere pacht van 11 lopen rogge, die deze Peter Jan Haecks uit zijn bezit moest betalen, genoemd tCremselaer, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, welk bezit hij heeft gekocht van Willem van den Dijck als man van Margriet dochter van wijlen Goijaert Ketelbueters en daarbij die jaarpacht als verplichting op zich had genomen zoals hij verklaarde.

(137c fol 96v no 346 dd 23-11-1555) Jacop zoon Henrick Stockelmans weduwnaar van Lutgaert dochter van Niclaes Houtloecks; minnelijke overeenkomst gemaakt aangaande het bezit dat deze Lutgaert in haar testament aan haar man Jacop vermaakt zou hebben. (…) Verder doet Jacop afstand ten behoeve van Jan, inzake een jaarlijkse rente van 18 stuivers welke rente Peter Jan Haecks de oudste thans betaalt.

(138b fol 46v no 172 dd 23-8-1559) Gijsbert zoon Rutger Timmermans verkoopt een jaarlijkse rente van 6 gulden met een vervallen en een lopende termijn die hij heeft verkregen van de erfgenamen van wijlen Peter Jans van den Spijker en welke rente Peter Jan Haecks de oude, eerder aan deze Peter van de Spijker had beloofd, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van van een stuk land deels akker en deels groesland, groot ca. 10 lopenzaad, gelegen in Oirschot onder Vorstenbest (= Naastenbest) b.p. Rutgers van der Vlueten, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 10 december 1540. De rente wordt nu verkocht aan Jenneken dochter van Daneels.

NALATENSCHAP:

ORA Oirschot (Toirkens 141b fol 258v no 119 dd 4-4-1573) Niclaes zoon wijlen Jan Goessens als man van Annen dochter van wijlen Peter Haecx, partij enerzijds en Jan, Heijlken, en Beelken minderjarige kinderen van Odulphus zoon wijlen genoemde Peter Haecks, met Dielissen Geerits van der Vlueten en Dirck Anthonis van den Velde als hun aangestelde voogden, partij ter andere zijde, hebben een boedelverdeling gemaakt van de navolgende goederen die ze hebben geerfd door het overlijden van genoemde Peter Haecx.

Bij deze verdeling krijgt Niclaes een huis, schuur, tuin etc. groot ca. 6 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. Peter zoon Peter Corstens, Jan Henricks van Oudenhoven, de gemeenschappelijke straat. Ook krijgt hij een akker groot ca. 2 lopenzaad, ter zelfder plaatse gelegen, b.p. genoemde Peter zoon Peter Corstens, Dirck Hermans, de erfgenamen van Geerlick van den Malckroth. Ook krijgt hij de helft van een dries genoemd den Hulsbosch, ter zelfder plaatse gelegen, b.p. de erfgenamen van Goessen Scepens, de gemeijnte. Ook krijgt hij een akker groot ca. een lopenzaad, gelegen in de Hoge akkers ter zelfder plaatse, b.p. Henrick Thomaes, de genoemde kinderen waarvan het is afgedeeld, een gemeenschappelijke weg. Verder krijgt hij een halve beemd genoemd den Beckershorck, ter zelfder plaatse gelegen, b.p. de gemeijnte, Gijsbrecht Laers en meer anderen, Jan Everts. Nog krijgt hij de helft van een stuk zaai- en weiland, genoemd het Crijmselaer, gelegen herdgang Naastenbest, b.p. de genoemde kinderen, genoemde Niclaes, het erf waarvan het is afgedeeld, Claesken Crijns, Heijlken Sbrouwers. Ook krijgt hij een beemd genoemd den Vorsten Bittus beemd, gelegen herdgang Verrenbest, b.p. Jan Jacops, Lijsbet weduwe van Dirck Beertkens, de genoemde kinderen waarvan het is afgedeeld, Elias die Lathouder, de gemeijnte. Uit dit erfdeel moet jaarlijks 9 lopen rogge worden betaald, nog 3 gulden per jaar aan Jen dochter van Daneel Vos en de grondchijns. Uit dit erfdeel moet aan de genoemde kinderen eenmalig 125 gulden worden betaald. Verder krijgt hij nog een houtveld gelegen tussen het erf van genoemde Peter Corstens en de erfgenamen van Aerts die Metsere. Bij deze verdeling krijgen de kinderen van Odulphus Peter Haeckx een akker groot ca. 3 lopenzaad gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, (…)een stuk akkerland, groot ca. 3 lopenzaad, ter zelfder plaatse gelegen in de Hoge akkers, (…) een akkertje genoemd die Hulst, groot ca. een lopenzaad ter zelfder plaatse gelegen. Ook krijgen ze een stuk zaai en weiland genoemd het Creijmsele als hiervoor gelegen en nog een stuk akkerkerland grenzend aan het erf van genoemde Niclaes dat samen zo groot moet worden gemaakt als het andere erfdeel daarvan. Verder krijgen ze de helft van een beemd genoemd de Veerdonck, ter zelfder plaatse gelegen, (…) een heiveldje gelegen in de Heegden, (…) een jaarlijkse rente van 20 stuivers te ontvangen van Laureijns Dircks, nog anderhalve gulden per jaar te ontvangen van de weduwe van Jan Gijsbrechts. Verder krijgen ze de achterste Bittusbeemd ter zelfder plaatse gelegen, (…) een bedrag van 135 guldens eens te ontvangen van genoemde Niclaes. Uit dit erfdeel moet jaarlijks 9 lopen rogge worden betaald, nog 3 gulden per jaar aan Jen dochter van Daneel Vos en nog de grondchijns.

OVERIG:

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 124 no 366 dd 24-3-1528) Officiele verklaring voor Peter Jan Scoemakers als man van Heijlwich dochter van wijlen Dielis Lucas van den Schoet, d.d. 24 maart 1528. Gevraagd zijnde aan Thomas Goessens of hij zelf in het verleden aan de gemachtigde voor de fraters in Den Bosch ten behoeve ook van deze fraters, hen bepaalde kleine eikenbomen of heesters had verkocht, staan de op de gemeijnte daar, tegen de Mishofstad daar en bij de schuur van deze hoeve die eerder eigendom van deze fraters was en thans eigendom is van de wettige kinderen van wijlen Dielis Lucas van den Schoet.

Thomas verklaart verder dat het inderdaad zo is gebeurd zoals in de klacht daarover wordt gesteld. Gevraagd zijnde aan Gerit Eckermans of die zelf daarbij toen niet aanwezig is geweest waar de transaktie van de genoemde heesters heeft plaatsgevonden zoals hiervoor is beschreven. Gerit verklaart dat het inderdaad zo is gebeurd zoals in de vraagstelling daarover wordt gesteld. Men sluit de aangelegenheid en men wil een brief daarvan.

Idem (fol 114 no 144 dd 12-3-1528) Willem Zuetricks heeft beloofd om voortaan aan Peter Jan Scoemakers die een jaarlijkse rente van anderhalve gulden te gaan betalen, op onderpand van al zijn roerende en onroerende bezit,waar zich dat ook bevindt.

ORA Oirschot (Toirkens 133a fol 27 no 29 dd 6-2-1538) Peter Jan Haecks de oude als wettige man van Heijlwich wettige dochter van wijlen Gielis Lucas van de Schoet, draagt hierbij de jaarlijkse pacht van een mud rogge over, maat van Zon, dat hem na de dood van deze Gielis was toebedeeld en welk mud rogge deze Gielis had verkregen van Gielis zoon wijlen Gijsbrecht Henriks als man van Marcelen dochter van wijlen Jans de Cromme en welke pacht Jan zoon wijlen Jans de Meijer eerder (marge :Hier zou moeten staan Dirck Leemans en die doet afstand ten behoeve van genoemde Peter.) had beloofd aan Rutger zoon wijlen Jan de Snit, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, hofstad tuin en een beemd etc., gelegen in de plaats Breugel, b.p. Matheeus Mannaerts, Aert Michiels, conform schepenbrieven van Den Bosch, van Zon en van Oirschot. Hij draagt dat mudde rogge nu over in de vorm van een ruil aan Dirck Leemans onze collega-schapen als man van Margriet dochter van Gielis Lucas van de Schoet en Peter belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen.


Huwt voor 1528

51.647   Heijlwich Dielis van den SCHOET

FamilienaamIndex 51.647Vader 51.562Moeder 51.563

ORA Oirschot (Toirkens 137a fol 101v no 375 dd 13-9-1552 Odulphus en Niclaes Jan Goessens als man van Anna, wettige kinderen van Peter Haecks en diens vrouw Heijlken dochter van Dielis ..., hebben een boedelverdeling gemaakt inzake het bezit dat ze hebben geerfd bij de dood van hun moeder Heijlken. Bij deze verdeling krijgt Odulphus het huis etc. genoemd de Oude Steede met de boomgaard en een daarbij gelegen akker, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Dirck Leemans, Jan Dirck Jacops, de gemeenschappelijke straat, de ergenamen van Marcelis Mortels. Hieruit moet jaarlijks een mudde rogge worden betaald en de grondchijns. Verder krijgt hij een beemd genoemd de Gheenkens Dijck, gelegen in het Besterbroek aldaar, b.p. Jans van Geloven, Michiel Dielis Lucassen, de gemeijnte, Dirck Leemans. Verder krijgt hij een halve bunder heiveld, b.p. heer Adriaen Henricks, priester, het erf dat er van is afgedeeld, de gemeijnte. Uit deze beemd moet jaarlijks grondchijns worden betaald. Verder moet hij aan Niclaes Jan Goessens een bedrag van 200 gulden betalen per a.s. Pinksteren over een jaar. Niclaes Jan Goessens als echtgenoot krijgt een huis, tuin, grond etc. genoemd dat Creijmselaer, groot ca. 6 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Vranck Goijaerts, Peter Haecks. Hieruit moeten bepaalde lasten worden betaald. Verder krijgt hij een akker genoemd de Langen Braecken groot ca. 4 lopenzaad, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Eegen Dircks, de erfgenamen van Marcelis Mortels, de erfgenamen van Dircks Verheijen, Henrick Daniels. Hieruit moet jaarlijks de grondchijns worden betaald. Verder krijgt hij een akker genoemd de 3 Lopenzaad, b.p. Egen Dircks, Willem Dirck Willems, Henrick Daniels. Hieruit moet jaarlijks 4 lopen rogge worden betaald en de grondchijns voor zover die daar op drukt. Verder krijgt hij een beemd genoemd de Ouden beemd, gelegen in het Besterbroek aldaar, b.p. Henrick Peter Scepers, Marcelis Mortels, de gemeijnte. Verder krijgt hij een groesveld genoemd de Bijnedonck, gelegen in herdgang Aerle, b.p. Jacop Henrick Lippen, Geerit Marcelissen, de gemenschappelijkse straat, Jan Daniels. Verder krijgt een beemd genoemd het Roffveld in herdgang Naastenbest aan de Kruisbeemden aldaar, b.p. het Besterbroek, Jan Aerts, Geerit Goijaert Vos. Hieruit moet jaarlijks de grondchijns worden betaald. Verder krijgt hij een halve bunder heiveld, naast het erf van Nicolaes van Nistelroij, b.p. het erf dat er van is afgedeeld, de gemeijnte. Ook krijgt hij nog het opgroeiende eikehout staande aan de genoemde oude hofstede, van de uitgang tot aan het erf van Dirck Leemans, wat hij naar zijn keuze twee jaar lang zal mogen kappen. Verder krijgt hij eenmalig 200 gulden van Odulphus Peter Haecks per a.s. Pinksteren over een jaar.

Kinderen

  1. Anneke Zie 25.823
  2. Odulphus (+tussen 13-1 en 8-11-1558), alias Olof, Tolof; huwt voor 1550 Heijlken Henrick Jansen Vervloet (erfdeling van haar ouders ORA 155)

TerugBegin van generatie


51.680   Dirck Jan CASTERMANS

FamilienaamIndex 51.680Vader 103.360Moeder 103.361

Overleden na 1570

Waarschijnlijk een schepenfoutje: ORAOirschot (Toirkens 131c fol 102v no 331 dd 9-12-1533) Dirck Janssen van Kuijck als man van Marie dochter van wijlen Wouter die men noemt op Oerschoren, voor hemzelf handelend en ook voor Cornelis Wouters (opt Oerschoren) verder Jutken Wouters (opt Oerschoren) en Fijken weduwe van Jacop Wouters (opt Oerschoren) voor henzelf handelend en ook voor hun wettige kinderen, hebben verklaard dat Cornelis Smeets als beheerder van het Gasthuis te Oirschot hen heeft voldaan voor het gebruik en ook misbruiken bij het afbreken van het huis, het kappen van het hout etc. op hun bezit genoemd de Oerschoren hetgeen door Cornelis zelf danwel in diens opdracht was gedaan. Ze geven hem daarvoor nu volledig kwijting en aan alle anderen die kwijting behoeven.

NB: op 22-1-1533 treden als erven op: Dirck Henricks van Cuijck voor een helft, verder Jutken Wouters van de Oerschoren en Fijken weduwe van Jacop Wouters van der Oerschoren, samen voor de andere helft. Is deze Dirck neef van Dirck Janssen?

Op 17-7 bij de boedelscheiding van de nalatenschap Cuijpers heet de man van Marie Oerschoren ineens Dirck Hendricks.

ORA Oirschot (Toirkens 134b fol 91v no 291-2 dd 27-6-1541) Peter wettige zoon van Goessen zoon wijlen Peter Ruelens, verder Jan zoon wijlen Peter Alaerts als wettige man van Elisabetten, verder Henrick zoon wijlen Aert Sgraets als wettige man van Geertruiden, zijnde beide wettige dochters van genoemde Goessen Peter Ruelens, verder Jan Willem Reijners verwekt bij deze Willem Reijners en bij wijlen Katalijn, ook dochter van genoemde Goessen Peter Ruelens, met Willem Reijners als voogd over zijn dochter Katalijn, verkopen hierbij het perceel genoemd de Most zoals staat vermeld in de voorgaande akte. Ze verkopen het nu aan Dirck zoon wijlen Jan Castermans die men ook wel van Kuijck noemt (…) (idem 292) Dirk zoon wijlen Jan Castermans die men ook wel van Kuijck noemt, heeft als schuldenaar beloofd om aan de verkopers uit de voorgaande akte die een bedrag van 83 gulden te zullen gaan betalen per a.s. Kerstmis.

ORA Oirschot (Toirkens 134c fol 22 no 67 dd 6-2-1542) Dirck zoon wijlen Jan Castermans die men ook wel van Kuijck noemt heeft beloofd om aan Gerard Henricks van Best, die een jaarlijkse rente van twee gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een een stuk land met het huis daarop groot ca. een mudzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof aan de Hovel aldaar, b.p. Natael Vos, de rector van het St. Brigide altaar, de gemeijnte.

Idem (fol 58 no 193 dd 15-5-1542) Sebrecht zoon wijlen Willems van Kuijck verhuurt hierbij aan Dirck zoon wijlen Jan Castermans die men ook wel van Kuijck noemt, een huis, tuin, grond etc. dat eigendom is van Heijlwigen van Mierde, gelegen in Oirschot aan de Hovel alhier en wel voor een periode van 2 jaar achter elkaar. Het huis met tuin is te aanvaarden per a.s. Pinksteren het akkerland in de oogsttijd daarna, stoppelbloot en zo moet het aan het einde van de huur ook weer worden achtergelaten. Verder moet er in het laatste jaar 12 roeden blijven liggen vooraan bij de boomgaard waarop lijnzaad kan worden ingezaaid. De verhuurder belooft het bezit voor de huurperiode te zullen vrijwaren voor lasten die erop drukken. Dirck als huurder zal aan Sebrecht elk jaar een huur betalen van 7 gulden en nog anderhalf vijm dakstroo leveren, steeds op Maria Lichtmisdag van elk jaar en zo vervolgens, waarvan de eerste termijn per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar. De huurder moet zorgen voor onderhoud van het huis, van de vensters en ook de herdplaats zoals hij die ook zal aanvaarden.

ORA Oirschot (Toirkens 135b fol 42 no 231 dd 29-6-1545) Voor ons is verschenen Dirck Jan Castermans en heeft beloofd om voortaan aan Willem Peter Gielissen een jaarlijkse rente van 2 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op de eerste dag van de hooimaand

( juli ) op onderpand van een huis, tuin etc. gelegen in Oirschot aan de Heuvel aldaar, b.p. heer Pauwels Verbeeck, Natael Vos, de straat. (…) Genoemde Willem uit de vorige akte staat toe dat de rente altijd mag worden afgelost op 1 juli van elk jaar, tegen betaling van 32 gulden en de achterstallige termijnen, mits er 3 maanden vooraf wordt opgezegd.

ORA Oirschot (Toirkens 136b fol 9v no 37 dd 28-1-1549) Dirck Jan Castermans daarbij volkomen gemachtigd zoals scheen uit een dokument en testament van Daniel die Riemesleger en diens vrouw Katarina, verkoopt hierbij een akker met een huisje dat erop staat, zijnde het vierde part van het bezit van genoemde Daniel en Katalijn zoals hij zei, gelegen in herdgang de Kerkhof aan de Heuvel alhier, b.p. meester Henrik van der Meijen, het erf van de koper, Jan Toirkens en diens kinderen, de gemeijnte. Het bezit wordt nu verkocht aan Henrick Henricks van Berendonck (…).

ORA Oirschot (Toirkens 136b fol 31v no 150-1 dd 28-2-1550) Anthonis Henrick Sgraets en daarbij Henrick Sgraets en Dirck Castermans hebben als schuldenaars beloofd om aan de voogden uit de vorige akte (van de natuurlijke minderjarige kinderen van heer Goijert Stevens, priester), die een bedrag van 100 gulden te zullen gaan betalen per a.s. St. Jansdag en als er dan niet wordt betaald, dan beloven ze hierbij alle daaruit voortspruitende kosten en nadeel te zullen voldoen ten behoeve van de hiervoor genoemde minderjarige kinderen. (…) (Idem 151) Antonis Henrick Sgraets heeft beloofd zijn vader Henrick en Dirck Castermans die voor hun borgstelling te zullen vrijwaren.

Idem (fol 36 no 168 dd 22-3-1550) Dirck Castermans heeft als zijn zaakwaarnemer benoemd Dirck Henricks van Kuijck waarbij hij deze Dirck machtiging en opdracht geeft om namens hem al zijn zaken en kwesties te behartigen die hij nu heeft lopen danwel in de toekomst als eisende of als verdedigende partij en wel voor alle gerechtshoven of plaatsen waar zulks nodig is.

Idem (fol 47 no 223 dd 17-5-1550) Dirck Castermans die men ook wel van Kuijck noemt, heeft als schuldenaar beloofd om aan heer Henrick Adriaen Harnismaker priester vanwege een jaarpacht van 6 mudde rogge en vanwege de dienst (onduidelijk is of deze 6 mudde rogge betrekking hebben op deze eerste mis of dat ze daarvan los staan, JT ) en als salaris voor de eerste mis in Oirschot, hem daarvoor een bedrag van 8 gulden te zullen gaan betalen, voor de helft per a.s. Vastenavonddag en de andere helft daarvan per a.s. half mei.

ORA Oirschot (Toirkens 137b fol 18 no 62 dd 1-2-1554) Dirck zoon wijlen Jan Castermans heeft als schuldenaar beloofd om aan Wouter Willem Sbrouwers die een bedrag van 51 gulden te zullen gaan betalen per heden datum over een jaar.

ORA Oirschot (Toirkens 139d fol 32v no 74 dd 3-2-1564) Henrick Dirck Keijstermans met diens vader Dirck hebben samen en ieder hoofdelijk beloofd om aan Dirck Willem Voszoon die een bedrag van 18 gulden te zullen gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar.

ORA Oirschot (Toirkens 141a fol 5 nos 17-18 dd 31-1-1570) Dirck zoon wijlen Jan Castermans weduwnaar van Oijken dochter van wijlen Daniels die Riemsleger, doet afstand van het recht van vruchtgebruik inzake een huis, tuin etc. gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof aan de Huevel, b.p. Natael Vos, de rector van het St. Brigide altaar in Oirschot, de gemeijnte. Hij doet nu afstand ten behoeve van Henrick, Jan junior, Jan senior, broers en ten behoeve van Joorden Peter Joordens als man van Marieken en nog ten behoeve van Augustijnken, gezusters zijnde alle wettige kinderen van hem, om op dat bezit een lening op te kunnen nemen van een mudde rogge per jaar, aflosbaar met 50 gulden maar niet meer dan dat bedrag. (Idem 18) Henrick zoon Dirck Castermans voor hemzelf en ook optredend voor Jan junior, Jan senior zijn broers, ook nog voor Augustijnken zijn zuster en nog voor Joorden Peter Joordens als man van Marieken, dochter van genoemde Dirck Castermans, hebben beloofd om aan Dirck Dircks Bunnen voortaan een mudde rogge per jaar te gaan betalen, Oirschotse maat, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer over een jaar, op onderpand van een huis, tuin etc. uit de voorgaande brief, waarvoor hun vader Dirck Castermans afstand van zijn recht van vruchtgebruik heeft gedaan. (marge: Dit mudde rogge is met instemming van Jan Willems van Cuijck en Gerit Gijsbert van Beerse afgelost door Jan Adriaen Leijten met een bedrag van 80 gulden waarin ook de achterstallige pachten zijn verrekend. Datum 21 november 1647).

NB: dit kan een andere Dirck betreffen: ORA Oirschot (Toirkens 142b fol 191 no 3 dd 29-1-1580) Goijaert zoon wijlen Jan die Riemsleger, Dirck zoon wijlen Jans van Cuijck als man van Elisabet dochter van genoemde Jan die Riemsleger, verder Jan zoon Jan Houbraken als man van Antonia dochter van Jan die Riemsleger, verkopen een akker genoemd de Hofstad gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Dielis Jan Hoppenbrouwers, Peter Jan Goessens, het erf van de koper, de kinderen van Jan Huiskens en meer anderen, welke akker behoort tot het leengoed van de hoeve van Bijsterveld. De akker wordt nu verkocht aan Henrick zoon wijlen Frans Eijmbrecht Scepens en de verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen, behoudens de dorpslasten en verder moet de koper de leenrechten betalen. (marge:

Dit transport is gebeurd in afwezigheid van Henrick die daartegen bezwaar heeft ingediend vanwege kosten en rentes etc.)

Niet geheel verklaarbaar: ORA Oirschot (Toirkens 145c fol 354v no 49 dd 11-2-1603) Antonis zoon Roelof Jacob Smetsers als man van Catharina dochter van Rutger Rutgers verwekt bij Ida dochter van wijlen Jan Danel Smetsers en Jan zoon wijlen Dirck Jans van Cuijck verwekt bij dezelfde Ida, geassisteerd door Augustijn Jan van Cuijck, Adriaen Daniels van Berendonck, resp. hun ooms en voogden, en verder nog zijn schoonvader Willem Peter Heijligen, verkopen hun aanspraken en erfdelen die Jan van Cuijck deels door overlijden van zijn vader Dirck van Cuijck heeft geerfd en deels door koop heeft verkregen van Jan inde Haperdonck, inzake bepaald bezit dat Peter Franck Willems vandaag heeft toebedeeld gekregen. Ook verkopen ze nog hun aanspraken in een akker genoemd de Stronck die deze Peter vandaag ook heeft geerfd. Deze aanspraken en erfdelen worden nu verkocht aan Peter zoon wijlen Franck Willems. Datum en getuigen als boven.


Huwt (1) voor 1544

51.681   Ijken Daniel Die RIEMSLAGER

FamilienaamIndex 51.681Vader 103.362Moeder 103.363

Overleden voor 1580


Huwt (2) voor 1580

Elisabeth Jan Die RIEMSLAGER

FamilienaamIndex

Overleden na 1580

Kinderen

  1. Henrick, voogd van Jans kinderen in 1577, huwt Heijlke N. (+voor 1591); kennelijk kinderloos (volgens ORA verkoopt Augustijnkens man op 2-12-1591 zij vierde deel geërfd van Henrick en Heijlken)
  2. Jan Zie 25.840
  3. Jan jr (+na 1603)
  4. Marieken (+na 1593), huwt Joorden Peter Joordens (+na 1593), ouders van een Peter
  5. Augustijnken (+na 1591), huwt na 1570 Wouter Henrick Suetericks (+na 1591)

TerugBegin van generatie


51.682   Michiel Jan Willem Goijaerts VERHOEVEN

FamilienaamIndex 51.682Vader 103.364Moeder 103.365

Geboren ca. 1475
Overleden na 1540, voor 1545

Alias Roestenburgh, Van der Hoeve.

ORA Oirschot (Toirkens 128a fol 185v no 29-30 dd 29-3-1513) Aert zoon wijlen Aert van Heesterbeeck belooft aan Michiel Jan Willen Roestenburg een jaarlijkse pacht van een half mud rogge te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een beemd groot tussen anderhalf en 2 bunders, gelegen in herdgang Spoordonk, (…) (Idem 30) De pacht uit de vorige akte is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag tegen betaling van 15 gouden peters, mits er met Kerstmis vooraf is opgezegd.

ORA Oirschot (Toirkens 129a fol 94v no 85-6 dd 28-2-1519) Willem, Joerden en Ansem, broers, verder Wouter Willem Pijnenborgs als man van Aleijt en hun zuster Lisbeth met Dirck Corstens van de Velde en Willem Willems van de Velde als haar voogden, allen wettige kinderen van Jan Willems van de Velde verwekt bij diens vrouw Oda, verkopen aan Michiel Jan Goijaert Roestenbergs een pacht van 8 lopen rogge, welke pacht Henrick Jan Heijstmans eerder had verkocht aan Henrik van de Velde ten behoeve van Lisbeth dochter van Corstiaens Crommen. De pacht te betalen op onderpand van een huis, tuin etc. gelegen in herdgang de Kerkhof ter plaatse genoemd dat Dunne, b.p. Goossen Wuesten, het erf eerder van Goijaert Persoons, de gemeijnte. Die pacht van 8 lopen rogge hadden de verkopers van hun ouders geerfd. (Idem 86) Genoemde personen verkopen aan Michiel Jan Goijaert Roestenborgs een beemdje gelegen aan het Dunne (herdgang Kerkhof) b.p. de kinderen van Henrick de Riemsleger, de gemeijnte. Lasten hieruit zijn 5 lopen rogge aan het gasthuis van Oirschot.

Idem (fol 96 no 95-6 dd 7-3-1519) Michiel Jan Willem Roestenbergs verkoopt aan meester Daniel van Hersel, kanunnik in de St. Peterskerk te Oirschot, een pacht van een half mud rogge, welke pacht Michiel had gekocht van Aert zoon van wijlen Aert van HeesterBeeck. Als zekerheid voor dat halve mud rogge geeft hij een stuk land groot 4 lopenzaad in onderpand, dat Michiel eerder had gekocht van Henrick Peters van der Hamsvoort, gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. Wouter Riemsleger, de straat. Lasten door Michiel hieruit jaarlijks te betalen zijn een mud rogge aan het klooster op de Halfstraat te Leuven en nog de grondchijns. (Idem 96) De pacht uit de vorige akte is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag tegen betaling van 15 gouden peters van elk 19 stuivers per stuk, mits er een half jaar vooraf is opgezegd.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 78v no 219 dd 22-5-1528) Michiel Jan Willem Goijaerts weduwnaar van Katalijn dochter van wijlen Dielis van der Vloet, als partij eenrzijds en verder Willem en Gielis, broers, voor henzelf handelend en voor hun minderjarige broer Jan, en verder Elisabeth hun zuster met Peter Jan Willems haar wettige voogd, zijnde allen wettige kinderen van genoemde Michiel en Katalijn, hebben in aanwezigheid van Peter Janssen (Willems is hier doorgestreept, lijkt dus een andere te zijn dan Peter Jan Willems)

en met Alart Peter Alaerts, Jan Willem Goijaerts en Dirck Meerwijcks, een wettige boedelverdeling gemaakt van het erfelijk bezit dat ze hebben geerfd bij het overlijden van hun moeder Katalijn.Genoemde Michiel, die daarvan zijn leven lang het vruchtgebuik. maar welk bezit hij niet mag verkopen of belasten, krijgt het huis, schuur tuin etc., zoals Michiel dat vandaag de dag bewoont, gelegen in herdgang de Kerkhof aan de Hoevel. Ook krijgt hij nog een akker groot 4 lopenzaad, gelegen bij het erf van Henrick Peters van der Hamsvoert. Nog krijgt hij een weilandje ter zelfder platase als hiervoor gelegen aan het Bersveld. Lasten hieruit zijn 5 en een half mud rogge per jaar min een lopen, nog 3 stuivers en een half blank als chijns aan de deken, nog een oort stuiver als chijns aan de hertog. Verder krijgt Michiel, alle roerende bezit, vee etc., zoals Michiel dat thans al in bezit heeft om daarmee naar eigen keuze te mogen handelen. Voorwaarde is dat de huidige vrouw van Michiel of die hij later nog zal huwen, na de dood van Michiel op het erf zal mogen blijven wonen tot aan de eerste Pinksterdag na het overlijden en daarna moet ze het bezit verlaten maar ze behoudt wel haar ploerrecht zijnde de helft van de oogst al naar pachtrecht en daarvoor is deze vrouw gehouden dan alle pachten, cijnsen etc. voor haar rekening te nemen tot de dag toe dat ze het bezit verlaat. Verder moet Michiel het huis in behoorlijke staat van onderhoud houden. Maar indien er iets in het huis breekt of door balken etc. instort, hetzij "wormen" (dakverbinding) of stijlen etc., dat zal gezamenlijk door de kinderen woren bekostigd en voor zover er hout voorhanden is dat daarvoor geschikt is zullen ze dat om mogen kappen en als timmerhout gebuiken. Verder zal Michiel alle geriefhout gebruiken om in de tuin te gebruiken of voor de omheining, maar het mag dat hout niet verkopen. Genoemde kinderen krijgen een akker eem zesterzaad groot, gelegen in herdgang Spoordonk, tussen het erf van hun grootvader Jan Willems. Nog krijgen ze 7 lopen rogge per jaar te ontvangen van hun groortvader Jan Willems. Verder krijgen ze alle roerende bezit dat ze in plaats van hun vader Michiel, van hun grootvader Jan Willems zullen erven waarin Michiel heeft toegestemd. Verder krijgen de kinderen 38 gouden Karolusguldens en dat voor hun deel van de roerende bezit, hetgeen hun vader Michiel per a.s. Maria Lichtmisdag zal betalen zonder rente. Voor de betaling stelt Michiel zijn persoon en bezit garant.

ORA Oirschot (Toirkens 131b fol 66 no 216 dd 10-6-1532) Willem, Dielis, Jan en Elisabeth samen als wettige voorkinderen van Michiel Jan Willem Goijaerts verwekt bij Katharina dochter van wijlen Dielis van der Vloet hebben verklaard dat hun vader Michiel hen behoorlijk heeft betaald voor een bedrag van 38 gulden die deze kinderen in de boedeldeling met hun vader Michiel toebedeeld hadden gekregen vanwege het roerende bezit dat de kinderen van hun moeder hadden geerfd en ze geven hun vader daarvoor nu kwijting.

ORA Oirschot (Toirkens 131c fol 9v no 29 dd 13-1-1533) Voor de rechter en voor ons schepenen is verschenen Jan Loijen Timmermans en heeft met schepenbrieven zijn achterstallige vordering aangetoond inzake een mud rogge per jaar die 3 jaar onbetaald is gebleven zoals hij zei. Die pach had Jan deels geerfd bij de dood van zijn zuster Katalijn, welke pacht wijlen diens broer Andries Loijen samen met genoemde Jan en Katharijnen hadden verkregen van Rolof Goijaert Loijen alsechtgenoot van Katarijn dochter van wijlen Willem Willems van Haeren. Die pacht van een mud hadden Dirck en Corstiaen broers en kinderen van Jan Dircks genoemd Bollen, en verder Willem Marcelis als man van Aleijt dochter van genoemde Jan Dircks, aan genoemde Willem Willem van Haeren beloofd, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc., groot ca. 3 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. Peter Jan Hanscomekers, Peter Arien Alaerts zwager, de gemeijnte, conform een schepenbrief van Den Bosch d.d. 8 oktober 1483. Daarop hebben wij bij vonnis bepaald dat Jan zijn vordering op het onderpand mag verhalen voor zover hij zijn rechten kan bewijzen en hij moet ook de rechten van anderen daarin respecteren. Het aangewezen pand is een huis etc. dat nu wordt bewoond door door Jan Bollen herdgang Straten. Voor de uitwinning is Philips van den Doeren gemachtigd en die heeft daarin alle voorschriften in acht genomen. Daarna is het bezit in het openbaar voor 3 herbergen geveild en daar is verschenen Michiel Verhoeven en heeft een bod uitgebracht voor de rogpacht van een mud en een mud achterstand en de kosten van de procedure. Daarna is er nog een wettelijke termijn van 3 dagen in acht genomen is het pand finaal toegewezen aan genoemde Michiel. (Idem 30) Het bezit uit de vorige akte is door Michiel Verhoeven weer doorverkocht aan Jan Loeijen Timmermans en de verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen.

Idem (fol 64 nos 220-222 dd 9-6-1533) Gerit Jan Zwitten als man van Baten dochter van wijlen Willem Elias van der Braecken, verkoopt hierbij een stuk heide en weiland, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk in de Soperdonk daar, b,.p. Henrick Scoemans, Margriet Cremers, Willem Corstens, de gemeijnte. Hij verkoopt het perceel nu aan Michiel Jan Willems die men ook wel Verhoeven noemt en de verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen, behalve een brasdenier als grondchijns aan de hertog. De verkoper belooft ook nog dat als het gebeurt dat Michiel als koper hinder ondervindt wat betreft de holen en de graven die rond het erf liggen, om dat te verdedigen dat hij aan Michiel alle brieven zal overhandigen van het bezit maar alleen wat betreft deze sloten en greppels. (marge: Michiel Jan Willems die men ook wel Verhoeven noemt, verklaart van Willem Gerit Janssen Switten al het geld te hebben ontvangen zoals Willem dat zelf eerder had geleend van diens vader Gerit en Michiel doet nu afstand van het perceel vanwege het recht van vernadering en wel ten behoeve van genoemde Willem Gerit Jans Switten. De verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen, behalve een rente van 3 gulden per jaar aan Gerit Jan Switten. Datum 29 september 1533) (Idem 221) Michiel Jan Willem die men Verhoeven noemt uit de vorige akte heeft beloofd om voortaan aan Gerit Jans Switten die een jaarlijkse rente van 3 gouden Karolusguldens te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag, op onderpand van het perceel uit de vorige akte. Hij belooft het bezit in goede staat te houden voor de betaling van de rente. De rente is altijd aflosbaar, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 60 gouden Karolusguldens. (Idem 222) Michiel Jan Willems die men ook Verhoeven noemt, uit de vorige akte heeft beloofd om aan Gerit Jan Zwitten die 32 gouden Karolusguldens te gaan betalen, en wel 8 dagen voor a.s. Pinksteren zonder rente. Actum als boven. (marge 1: Met instemming van Gerart doorgehaald. Marge 2: Willem Gerit Jans Zwitten heeft beloofd om deze 32 gulden zodanig op tijd etc. te betalen dat zijn vader daarvoor verder gevrijwaard blijft. Datum 29 september 1533).

Idem (fol 98 no 319-20 dd 25-11-1533) Jan Cleijnael heeft met diverse schepenbrieven van Oirschot aan Willem MIchiels die men ook wel Verhoeven noemt, een huis met tuin etc. verkocht, samen groot ca. 8 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof aan de Hovel bij de Papenvoort, b.p. het erf dat eerder van heer Antonis Bruinincks was, het erf eerder van Sophia weduwe van Aert Simons was, de Laerdijck, de gemeenschappelijke straat. De akker is direkt te aanvaarden, het huis met het andere land te aanvaarden per a.s. Pinksteren. Dat huis etc. had Jan gekocht van Cornelis van Pelt en Cornelis had het verkregen van Philops van den Doeren en op zijn beurt had Philips het weer verkregen van de beheerders van de tafel van de H. Geest te Oirschot vanwege een achterstallige pacht van een mud rogge die 15 jaar onbetaald was gebleven. Verder heeft hij het bezit deels verkregen van Jan Jan Claes Celen als man van Henrick dochter van wijlen Henrick van den Dijck en deze Jan Jan Celen had het geerfd namens zijn vrouw en was hem toebedeeld in de deling met de kinderen van genoemde wijlen Henrick van den Dijck. De verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen, maar hij zal nog wel de termijnen betalen van a.s. Kerstmis of van a.s. Maria Lichtmisdag. (Idem 320) Michiel Janssen die men Verhoeven noemt uit de vorige akte em met hem zijn zoon Willem, namens Jan Cleijnael, hebben hoofdelijk en samen als schuldenaars beloofd om aan Jan Colet (deurwaarder) ten behoeve van de procureur-generaal van de Keizer, die 50 Karolusguldens te gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag.

ORA Oirschot (Toirkens 132a fol 3v no 7 dd 6-1-1534) Willem en Dielis broers en wettige kinderen van Michiel Jan Willem Goijaerts die men ook wel Verhoeven noemt, waarbij Dielis voor hemzelf optreedt en voor zijn broer Jan, en verder handelend voor Elisabeth hun zuster met hun vader Michiel hierbij, hebben met elkaar een boedeldeling gemaakt van het bezit dat ze deels van wijlen hun moeder Maria (sic) hebben geerfd en deels deels hebben geerfd van hun groovader Jan Willem Goijaerts.

Genoemde Willem krijgt een akker groot ca. een zesterzaad, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. Willem Verhoeven, de Hofstadsteegde daar, de gemeenschappelijke pad. (marge:Genoemde Willem Michiels heeft deze akker voor een bepaald geldsbedrag weer doorverkocht aan zijn oom Willem Jan Willem Goijaerts. Datum 27 januari 1534).

Genoemde Dielis ten behoeve van hemzelf en voor Jan en Elisabeth, krijgt een beemd meer dan een bunber groot genoemd die BreLaecken, met recht van overpad zoals daar gebruikelijk, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck, b.p.de kinderen van Daniel van Gerwen, Gerart Jan Henricks, bepaalde personen uit Den Bosch, Henrick van der Lulsdonk, Willem Happen. Verder krijgt hij nog een rente van 10 stuivers per jaar met achterstalligheid te ontvangen van Gijsbrecht van Gerwen en nog een rente van 2 gulden per jaar van Peter Vervloet te Beerze.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 18 no 46 dd 29-1-1535) Michiel zoon wijlen Jan Willem Roestenborchs die men meestal van der Hoeven noemt, als wettige man van Annen dochter van wijlen Henricks van Berendonck, verkoopt een jaarlijkse rente van een Rijnsgulden met de lopende termijn, die eerder Henrick Jan Heijligen aan deze Anne had beloofd, steeds op Kerstmis vervallend op onderpand van een huis, tuin etc., groot ca. 6 lopenzaad gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. de erfgenamen van Daniels van der Ameijden, het erf dat eerder van Gielis Hoppenbrouwers was, Henrick Peter Agnesen, de gemeenschappelijke straat, conform een schepenbrief van Oirschot. Hij verkoopt de rente nu aan Jan Peter Gielissen en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen en de rente is aflosbaar.

ORA Oirschot (toirkens 133b fol 41 nos 150-1 dd 26-2-1539) Daniel zoon wijlen Jan Willem Roestenbergs verkoopt hierbij een vijfde deel en erfrecht in een akker in totaal groot ca. een zesterzaad, met recht van overpad over her erf van Henrick Scellekens, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonk, b.p. de weduwe en kinderen van Daniel van Gerwen, Henrick Scellekens, de Vloet daar. Hij verkoopt het bezit nu aan zijn broer Michiel zoon wijlen Jan Willem Roestenborgs en de verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen. De koper moet zorgen voor onderhoud van de waterloop die langs het perceel loopt. (marge: Te overhandigen aan Jenneken weduwe en kinderen van Jan Jan Roestenborgs die het heeft gekocht.) (Idem 151) De zelfde Daniel uit de vorige akte verkoopt hierbij zijn vijfde deel van een jaarlijkse pacht van 18 lopen rogge uit een pacht van 3 mud rogge welke pacht genoemde Margriet als weduwe en kinderen van Daniel van Gerwen jaarlijks uit hun bezit plachten te betalen, waarvan ze nu nog slechts de 18 lopen betalen. Daniel en zijn erfgenamen hadden deze pacht geerfd zoals hij zei van diens vader Jan Willem roestenbergs en hij verkoopt dat deel van de pacht nu aan zijn broer Michiel zoon wijlen Jan Willem Roestenbergs en de verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant en van de kant van zijn vader af te handelen. (marge: Te overhandingen aan Willem Roestenbergs die deze pacht heeft gekocht.)

Idem (fol 83 nos 277-9 dd 11-6-1539) Michiel zoon wijlen Jan Willem Roestenberg die men ook wel Verhoeven noemt, voor hemzelf en voor zijn broer Daniel, verder Elisabeth wettige dochter van wijlen genoemde Jan met mij als haar voogd, verder Jan, Peter en Anna, wettige kinderen van Willem zoon van wijlen genoemde Jan Willem Roestenbergs, waarbij Anna is vergezeld van haar voogd zijnde genoemde Michiel, verkopen hierbij de 4 vijfde delen van een akker in totaal groot ca. een zesterzaad, met recht van overpad over het erf van Jan Scellekens, gelegen zoals omschreven in de vorige akte. Ze verkopen het perceel nu aan Jenneken weduwe van Jan zoon Jan Willem Roestenbergs die daarvan het vruchtgebruik krijgt en haar wettige kinderen verwekt bij genoemde Jan daarvan het erfrecht. De verkopers beloven alle lasten hierin van hun kant af te handelen. De koopster moet wel zorgen voor onderhoud van de waterloop langs het perceel. (Idem 278) Jenneken weduwe van Jan zoon wijlen Jan Willem Roestenbergs die men ook Verhoeven noemt, uit de vorige akte met mij als haar voogd hierin, doet afstand van haar recht van vruchtgebruik inzake het vijfde deel van een pacht van 18 lopen rogge, uit een pacht van 3 mud, welke 3 mud Margriet weduwe en kinderen van Daniels van Gerwen uit hun bezit plachten te betalen, waarvan ze nu nog maar 18 lopen hoeven te betalen conform schepenbrieven van Den Bosch en van Oirschot. Ze doet er nu afstand van ten behoeve van haar wettige kinderen Gerard en Jan. (Idem 279) Michiel van hiervoor, voor hemzelf handelend en voor zijn broer Daniel, verder genoemde Elisabeth met haar voogd, verder Goijaert van der Hoeven als voogd over de kinderen Gerard en Jan zoals hiervoor, verkopen hierbij de 4 vijfde delen van de hiervoor vermelde pacht van 18 lopen rogge, die ze hebben geerfd bij de dood van hun vader Jan Willem Roestenbergs zoals ze zeiden, nu aan Willem zoon wijlen genoemde Jan Willem Roestenbergs die daarvan het vruchtgebruik krijgt en diens kinderen Jan Peter en Anna daarvan het erfrecht. De verkopers beloven alle lasten hierin van hun kant en van de kant van hun vader af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 134a fol 55v no 201 dd 15-4-1540) Marten zoon wijlen Jan Willems van Aelst verkoopt hierbij een driesje land met een hopveld en een daaraan gelegen stuk akkerland, met recht van overpad over het perceel van deze Marten, verder over het erf van Henrick van Berendonck, de kinderen van Jan Blocks en verder zoals aldaar gebruikelijk is, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof aan de Hovel aldaar. De dries grenst aan het erf van genoemde Marten zelf, Wouters Sbrouwers en het genoemde stuk akkerland grenst aan de Laerdijck, het erf van de koper van hierna. Het stuk akkerland bezijden van het hopveld grenst aan het erf van Henrick van Berendonck, het genoemde hopveld, Henrick van der Hamsvoort. Verder verkoopt hij een stuk akkerland ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. de kinderen van Jan Blocks, genoemde Benedictus Berendonck, de hierna genoemde koper, Henrick van der Haemsvoort. Hij verkoopt deze percelen nu aan Michiel zoon wijlen Jan Roestenborchs die men ook wel Verhoeven noemt (…) (Idem 202) Michiel zoon wijlen Jan Roestenborchs die men ook wel Verhoeven noemt, heeft als schuldenaar beloofd om aan Marten zoon wijlen Jan Willems van Aelst die een bedrag van 68 gulden te zullen gaan betalen per a.s. St. Jansdag en nog een bedrag van 100 gulden per a.s. Maria Lichtmisdag.

ORA Oirschot (Toirkens 134b fol 21 no 76 dd 3-2-1541) Michiel zoon wijlen Jan Willem Roestenbergs die men ook wel Verhoeven noemt, heeft beloofd om aan Heijmerick zoon wijlen Claes Scepens die voortaan een jaarlijkse rente van 3 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een beend genoemd de Soperdonck, gelegen in Oirschot herdgang Spoordonck, b.p. Mechteld weduwe en kinderen van Henrick Scoetmans, Henrick Verhoven, Willem Corstens, de gemeijnte.

ORA Oirschot (Toirkens 135b fol 77v no 368 dd 26-6-1545) Willem en Jan, broers en wettige kinderen van Michiels van der Hoeven, verwekt bij Kathalijnen Dielis dochter van der Vloet, verder Anna dochter van Henrick die Buiser weduwe van Michiel van der Hoeven met haar Dirck Henricks van Kuijck voogd over de 3 minderjarige kinderen van deze Michiel van der Hoeven in diens tweede huwelijk, hebben een boedelverdeling gemaakt vanwege het overlijden van genoemde Michiel. Bij deze verdeling krijgt Willem zoon Michiel van der Hoeven uit het eerste huwelijk en wel omdat hem de koer is gegeven, een akker groot ca. 4 lopenzaad, gelegen in Oirschot hersgang de Kerkhof, aan de Heuvel aldaar, b.p. Henrick van der Hamsvoort, b.p. de gemeijnte, Wouter van Creijelt. Verder krijgt hij een eeuwsel ter zelfder plaatse gelegen, aan het genoemde veld aldaar, b.p. Willem Erven, de gemeijnte. Hieruit, uit de genoemde akker dus, moet hij jaarlijks aan het klooster te Leuven aan de Halfstraat aldaar, 1 mudde rogge betalen, aan diegenen die daar aanspraak op hebben, verder aan het gasthuis te Oirschot jaarlijks 5 lopen rogge, nog een oort grondchijns aan de hertog. Datum 11 juni 1545, getuigen Goessen en Peter van der Ameijden. Genoemde Jan Michiels van der Hoeven uit het eerste huwelijk krijgt het huis, tuin etc. varkenskooi, schop etc. gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof aan de Heuvel aldaar zoals dat aldaar is afgepaald, samen met de houtopstand aldaar, b.p. de straat, tot aan de laatste paal aldaar samen met de halve sloot die verdeeld moet worden, b.p. Anna weduwe en kinderen waarvan het wordt afgedeeld, de gemeijnte. Verder krijgt hij de helft van een eeuwsel, b.p. het erf dat er van wordt afgedeeld, de gemeijnte. Hieruit moet hij jaarlijks aan de H. Geest te Oirschot 2 mudde rogge betalen. Verder moet uit deze kavel de jaarlijkse brandbijdrage worden betaald, over het gehele perceel nog de grondchijns aan de dekanij te Oirschot. Anna weduwe van Michiel van der Hoeven, die daarvan het vruchtgebruik krijgt en haar 3 kinderen daarvan het erfrecht, krijgt een stuk land groot ca. 9 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof aan de Hoevel aldaar, b.p. Jan Michiels van der Hoeven waarvan het wordt afgedeeld, de weduwe van Aert Scepens en Gielis Peter Gielis, de gemeijnte. Verder krijgt ze de schuur af te breken van het perceel van genoemde Jan die ze het naar haar perceel moet overbrengen, af te breken voor a.s. maart of in de sprokkelmaand. Verder krijgt ze de helft van een eeuwsel, b.p. het erf dat er van wordt afgedeeld, de weduwe van Aert Scepens, Gielis Peter Gielis, de gemeijnte, het erf van haar zelf. Hieruit moet jaarlijks aan de rector van het St. Jansaltaar in de kerk van Oirschot een mudde rogge worden betaald, en aan de rector van het St. Jorisaltaar in de kapel van het gasthuis te Oirschot een jaarlijkse pacht van 6 lopen rogge. (…)

ORA Oirschot (Toirkens 138a fol 13v no 66 dd 4-2-1557) Peter zoon wijlen Michiel van der Hoeven, Marcelis Wouters als man van Catharijn dochter van genoemde Michiel en Jan Dirck Castermans als man van Lijsbet dochter van genoemde Michiel hebben een boedelverdeling gemaakt inzake de bezittingen die deze bij de dood van deze Michiel en wijlen Anna Henricks hebben geerfd. Bij deze verdeling krijgt genoemde Peter een weiland en akkerland, onafgemaakt aan elkaar gelegen, ca. 4 lopenzaad groot, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof aan de Heuvel daar, b.p. Marcelis Wouters waarvan is afgedeeld, Mathijs Henrik Augustijns, de Laerdijck daar. Verder krijgt hij een stuk akkerland, groot ca. een lopenzaad, gelegen als hiervoor, b.p. de erfgenamen van Henrik van der Hamsvoort, de Laerdijck, genoemde Marcelis, de weduwe van Cornelis Blocks. Verder krijgt hij de grond van het huis met de tuin en boomgaard, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. genoemde Marcelis, de gemeenschappelijke straat, de Laerdijck, Wouter de Brouwer. Nog krijgt hij de helft van een onverdeelde beemd, gelegen in herdgang Spoordonck, b.p. de erfgenamen van Henrick Scoetmans, Ariens van den Huevel, de gemeenschappelijke straat, Hieruit jaarlijks 10 lopen rogge te betalen en nog 4 gulden per jaar, te weten de H. Geest te Oirschot 8 lopen, aan heer Pauwels Verbeeck 2 lopen en aan de weduwe van Peter van der Haemsvoort 4 gulden, nog anderhalve kleine hoenderen grondchijns aan de heer van Oirschot en het kapittel van Oirschot, nog de helft van een braspenning grondchijns aan de hertog. Bij deze verdeling krijgt Marcelis een akker genoemd de Grooten Ecker, ca. 4 lopenzaad groot, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof aan de Huevel, b.p. het erf van Peter Michielszoon waarvan het is afgedeeld, de erfgenamen van Henrick van der Haemsvoort, Henrick Sgraets, Wouters die Brouwer. Verder krijgt hij een stuk weiland en akkerland samen een lopenzaad, ter zelfder plaatse gelegen, b.p. de weduwe van Cornelis Bloks, genoemde Peter, de Laerdijck, de erfgenamen van Henrick van der Haemsvoort. Verder krijgt hij een stuk weiland groot ca. een lopenzaad, ter zelfder plaatse gelegen, b.p. de weduwe van Cornelis Blocks, genoemde Peter, de Laerdijck, de erfgenamen van Henrick van der Haemsvoort. Verder krijgt hij de helft van een nog onverdeelde beemd, gelegen herdgang Spoordonck, b.p. de kinderen van Henrick Schoetmans, Ariens van den Huevel, de gemeenschappelijke straat. Uit dit erfdeel moet jaarlijks 8 lopen rogge worden betaald aan de H. Geest te Oirschot, nog 2 lopen rogge per jaar aan heer Pauwels Verbeeck, nog 3 gulden per jaar aan Jan van der Hoeven, nog 20 stuivers per jaar aan de weduwe van Peters van der Haemsvoort, nog anderhalf hoen aan de heer van Oirschot en aan het kapittel te Oirschot, nog de helft van een braspenning grondchijns aan de hertog. Bij deze verdeling krijgt Jan Dirck Castermans een akker ca. 7 lopenzaad, met een eeuwseltje dat er nog onafgemaakt bij ligt, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof aan de Huevel, b.p. Aert Scepens, Jan Michiels van der Hoeven, het Beersveld, de gemeenschappelijke straat. Uit dit erfdeel moet jaarlijks 6 lopen rogge worden betaald aan meester Henrick Mesmakers, nog 11 lopen rogge Oirschotse maat per jaar aan de weduwe van Peter van der Haemsvoort, nog 3 gulden per jaar aan bepaalde personen te Gestel bij Eindhoven. (Idem 67) Marcelis Wouters als man van Catalijn en Jan Dirck Castermans als man van Lisbet, gezusters en dochters van Michiels van der Hoeven, verkopen hun erfdeel en aanspraken in een huis met betimmering etc. en een schuur zoals dat huis nu in Oirschot aan de Huevel staat en nog onverdeeld is gebleven, afkomstig van wijlen Michiel van der Hoeven. Ze verkopen dit bezit nu aan hun zwager Peter Michiels van der Hoeven en de verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen. (Idem 68) Marcelis Wouters en met hem Peter Michiels van der Hoeven hebben als schuldenaars samen en ieder hoofdelijk beloofd om aan Gijsbrechten Willem Scortten en bedrag van 100 gulden te zullen betalen per afgelopen Maria Lichtmisdag over twee jaar met een jaarlijkse rente van 28 lopen rogge Oirschotse maat als rente waarvan de eerste termijn vervalt per a.s. Maria Lichtmisdag.


Huwt (1) ca. 1500

Katharina Dielis van der VLOET

FamilienaamIndex

Overleden voor 1528

Lees voor haar naam: Maria?


Huwt (2) na 1521

51.683   Anna Hendricks van BERENDONCK

FamilienaamIndex 51.683Vader 51.614Moeder 51.615

Overleden na 1547, voor 1557

Alias Die Buiser

ORA Oirschot (Toirkems 135b fol 7 n0 43 dd 3-1-1545) Henrick Aert Hermans als man van Elisabeth wettige dochter van Michiel zoon van wijlen Jan Willem Goijaerts heeft hierbij afstand gedaan terzake van een mandement dat hij eerder had gevraagd van Annen weduwe van Michiels Verhoeven en haar kinderen. Hij belooft nooit meer tegen de weduwe te zullen procederen of haar daarover in rechte aan te spreken.

Kinderen

  1. (uit 1) Willem (*voor 1515 +na 1-1-1557, voor 31-12-1558), heeft volwassen kinderen in 1548; vermeld ORA Oirschot 1581, alias Roestenburch, en 1587, overleden, vader van Catharijn, gehuwd met Ansem Joordens van de Velde (idem 1606)
  2. (uit 1) Gielis, vermeld 1532
  3. (uit 1) Jan (*voor 1515 +na 1566, voor 1568), minderjarig in 1528, huwt (1) voor 1553 Margriet Jan Peter Daniels (+ver voor 1568); huwt (2) Anna Henrick Jan Quans (+na 1568), uit beide huwelijken kinderen (Uit tweede vermoedelijk Michiel en Cathalijn die 1580 boedel overleden ouders scheiden); erfeniskwestie ORA Oirschot 10-7-1568
  4. Elisabeth senior, huwt Henrick Ardt Hermans, vermeld in onafgemaakte akte ORA Oirschot (134a no 266 dd 12-7-1540); kennelijk in 1545 al kinderloos overleden. Vermeld 1528, kennelijk dan al volwassen. Zowel uit het eerste huwelijk (boedelscheiding 1528) als het tweede (1557) wordt een dochter Elisabeth vermeld. Elisabeth senior is echter evident te oud om met Jan Castermans kinderen te hebben en na 1610 te overlijden.
  5. (uit 2) Peter, minderjarig in 1545
  6. (uit 2) Catharijn, huwt Marcelis Wouters
  7. (uit 2) Elisabeth Zie 25.841

TerugBegin van generatie


51.684   Peter Jan CORSTEN

FamilienaamIndex 51.684Vader 103.368Moeder 103.369

Overleden na 1540, voor 1559

ORA Oirschot (Toirkens 131c fol 46v no173 dd 22-4-1533) Willem zoon wijlen Jan Postulijns verkoopt hierbij het vierde deel van een beemd genoemd de Kele, gelegen in de gemeente St. Oedenrode, ter plaatse genoemd in de Eversche Beemden, b.p. de Bonifanten van Den Bosch, Willem van Zon, en verder in de gemeenschappelijke beemden daar. Hij verkoopt dat perceelsdeel nu aan Peter Jan Corstens en de verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen. De koper moet zorgen voor onderhoud van wegen en waterlopen.

ORA Oirschot (Toirkens 132a fol 60v no 205 dd 15-5-1534) Willem zoon wijlen Jan Postelijns verkoopt hierbij een kruidentuin gelegen in de gemeente St. Oedenrode ter plaatse genoemd Eversche, b.p. het erf van genoemde Willem genoemd de Kenet (?), het erf genoemd de Kene en eigendom van Peter Jan Corstens. Hij verkoopt het perceel nu aan genoemde Peter Jan Corstens en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. De koper dient wel de waterloop te onderhouden en moet overpad aan de verkoper verlenen over de oude pad daar volgens de schepenbrief die hij zegt te hebben.

Idem (fol 74 no 246 dd 18-6-1534) Peter Jan Corstens heeft beloofd om aan Henrick Lambrechts van Tartwijck die een jaarrrente van 6 gouden Karolusguldens te gaan betalen, steeds op St. Jansdag te betalen en voor de eerste keer per a.s. St. Jansdag over een jaar, op onderpand van een huis, tuin, grond etc., groot ca. 14 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. de kinderen Jan Haecks, de St. Odulphusakker en meer anderen, de gemeijnte daar, de kinderen van Herman van Aerle, en Henrick Aelbrechts. Nog op onderpand van de helft van een beemd genoemd de Deken die 'rijdend' is, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Willem Jacops, Willem Colen, en meer anderen, dat Morenveld eigendom van Goijaert van Geloven, de Vloetstraat daar. Ook nog op onderpand van de helft van een beemd genoemd de Nerenbeemd, terzelfder plaatse gelegen, b.p. Jan die Cremer, meester Jan van der Stegen, de Spijkersbunder. Hij belooft de onderpanden in voldoende goede staat te houden voor de betaling van de rente. De rente is aflosbaar op St. Jansdag mits er een half jaar vooraf is opgezegd, tegen betaling van 100 gouden Karolusguldens.

ORA Oirschot (Toirkens 133b fol 60v no 223-226 dd 10-4-1539) Gijsbrecht zoon wijlen Thomas Goessens van Oudenhoven en diens wettige zoon Jan uit het eerste huwelijk, verkopen hierbij de helft van het huis en ander bezit zoals hierna beschreven.

In de eerste plaats een huis, tuin, grond etc. gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. Peter Jan Haecks, diens zuster Ursel, Jan Haecks, Peter de jonge, Goijaert Thomas van den Melcroth, de St. Tolofsakker, Claes Houtloecks, Joest Driessen, Joost Peter Geerlicks, Henrick Aelbrechts, de erfgenamen van Hermans van Aerle, de gemeijnte. Nog verkoopt hij een een stuk akkerland groot ca. 3 lopenzaad, genoemd de Mijenbraeck met recht van overpad daar, ter zelfder plaatse als hiervoor, de kinderen van Willem Zuetericks, Peter Jan Haecks, de weduwe en kinderen van Henrick Gijben, Jan de Cremer en meer anderen. Nog verkopen ze een beemd genoemd de Neerenbeemd, groot ca. een bunder met recht van overpad over het erf van meester Jan van der Steegen, ter zelfder plaatse als hiervoor, b.p. Jan Haecks, Peter Haecks de jonge, de Spijkersbunder, de weduwe en kinderen van Henrick Gijben, Willem van de Laeck. Nog verkopen ze de helft van een beemd genoemd de Deken, in totaal groot ca. 2 bunders, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Willem Jacops, de kinderen van Willem Colen, Jan van den Ecker en kinderen, Goijaert van Geloven, de Vleutstraat daar. Nog verkopen ze een beemd genoemd 't Raefbroek, ter zelfder plaatse als hiervoor, groot ca. een bunder, b.p. Adam Weijlaerts, Elisabeth Hoppenbrouwers, de gemeijnte. Ze hadden dit bezit geerfd van de ouders van genoemde Gijsbrecht en ze verkopen al dat bezit nu aan Peter Jan Corstens als man van Margriet wettige dochter van genoemde Thomas Goessens van Oudenhoven en ze beloven alle lasten hierin van hun kant af te handelen, behalve uit het totale bezit jaarlijks 13 lopen rogge aan genoemde Peter als koper, verkregen van Jan Naets. Nog een mud rogge per jaar aan Peter als koper, verkregen van de kerkmeesters van Vessem, nog ca. 24 stuivers per jaar aan Peter, verkregen van de zelfde kerkmeesters, nog 2 gulden per jaar aan Peter als koper, verkregen van Antonis Belaerts, nog een Philipsgulden aan Peter als koper verkregen van Heijlwich Belaerts, nog 3 en een halve gulden per jaar aan Peter als koper verkregen van de H. Geestmeesters van Berlicum, nog een mud rogge per jaar aan de kinderen van Henrick van de Scoet, nog 10 pond per jaar aan het klooster van St. Clara in Den Bosch, nog 3 gulden per jaar aan de erfgenamen van Peter van den Eekhout, nog 2 gulden per jaar aan Stijnken van den Thooren, nog 35 stuivers per jaar aan het kapittel te Oirschot, nog 7 stuivers per jaar aan de rector van het St. Dingenaltaar te Oirschot, nog 14 stuivers per jaar aan Goijart van den Hovel, nog 3 Bossche amlders rogge per jaar en 3 gulden per jaar als lijfpacht, in Den Bosch te leveren aan Thonis Martens, nog 4 lopen raapzaad en een zester rogge per jaar aan de fabriek van St. Odulphus te Best, nog 2 oude grote per jaar aan de rector van St. Odulphus, nog de grondchijns aan de heer en de koper moet zorgen voor onderhoud van wegen en waterlopen daar. (Idem 224) Peter Jan Corstens uit de vorige akte heeft als schuldenaar beloofd om aan Gijsbrecht zoon wijlen Thomas Goossens die 150 Karolusguldens te gaan betalen per a.s. St. Jansdag zonder rente (Idem 225) Peter Jan Corstens uit de vorige akte heeft beloofd om voortaan aan Gijsbrecht zoon wijlen Thomas Goossens van Oudenhoven die een jaarlijks rente van 11 Karolusguldens te gaan betalen, steeds vervallend op St. Jansdag en voor de eerste keer per a.s. St. Jansdag over een jaar, op onderpand van het bezit uit de voor voorgaande akte. Hij belooft de onderpanden in goed staat te houden voor de betaling van de rente. De rente is altijd aflosbaar op St. Jansdag, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van totaal 200 gouden Karolusgulden, dan wel in twee termijnen, naar keuze van Peter. (Idem 226) Peter Jan Corstens uit de vorige akte heeft beloofd om voortaan aan Gijsbrecht zoon wijlen Thomas Goossens van Oudenhoven die een jaarlijkse rente van 5 en een halve Karolusgulden ste gaan betalen, waarvan hij daarvan het vruchtgebriuik krijgt en zijn zoon Jan uit het eerste huwelijk daarvan het erfrecht, steeds vervallend op St. Jansdag en voor de eerste keer per a.s. St. Jansdag over een jaar, op onderpand van het bezit uit de voor-voorgaande akte. Hij belooft de onderpanden in goed staat te houden voor de betaling van de rente. Als Jan zou komen te huwen dan zal Gijsbrecht van de rente nog slechts 3 en een halve gulden pert jaar en de rest van de rente is dan voor Jan, zijnde twee gulden per jaar. De rente is altijd aflosbaar op St. Jansdag, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van totaal 100 gouden Karolusguldens.

Idem (fol 118v no 372 dd 1-10-1539) Goijaert van den Hovel heeft als schuldenaar beloofd om aan Peter Jan Corstens die 20 gouden Karolusguldens te gaan betalen, per a.s. Maria Lichtmisdag.

ORA Oirschot (Toirkens 138b fol 46v no 174 dd 6-2-1559) Jan, Peter en Goessen, broers met Jan Aert Tijbus en Aerden Dirck Willems als voogden over genoemde Peter en Goessen, verder Arien zoon Arien van den Huevel als man van Aleijt, verder Marie en Lucie gezusters met Jan Aert Tijbus en Aerden Dircks hun voogden, zijnde allen wettige kinderen van wijlen Peter Jan Corstens verwekt bij wijlen Margriet dochter van Thomaes van Oudenhoven, hebben een boedelverdeling gemaakt inzake het bezit dat ze hebben geerfd bij het overlijden van genoemde Peter en Margriet. (…) Jan, Adriaen en Marien samen de schaapskooi met de turfschop en de halve schuur en het land dat daar bij ligt, genoemd den Raephof, met nog een akker genoemd de Crommen akker, samen nog onafgemaakt aan elkaar gelegen, in totaal groot ca. 14 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. genoemde Peter, Goessen en diens zuster waarvan het is afgedeeld, Joost Andriessen en meer anderen, de kinderen van Niclaes Houtlocks, de gemeenschappelijke straat. Verder krijgen ze nog een akker genoemd de Gemijn Braeck, ter zelfder plaatse gelegen groot ca. 3 lopenzaad, b.p. de erfgenamen van Peter Jan Haecks, Geerit Vos, Adriaen Henricks van Oudenhoven, Willem Antonissen. Verder krijgen ze een stuk land, deels akker en deels weiland, in totaal ca. 10 lopenzaad groot, b.p. de kinderen van Leenaert Jacops, de andere kinderen waarvan het is afgedeels, de gemeijnte. Verder krijgen ze een beemd genoemd de Nerenbeemd ter zelfder plaatse gelegen, b.p. meester Jans van der Steegen, de kinderen van Jan Henricks, de Spijkersbunder, Andries Adriaens van den Sande. Verder krijgen ze een beemd genoemd het Raefbroek ter zelfder plaatse gelegen, b.p. de gemeijnte, Henrick Goijaerts van den Huevel. Uit dit bezit moet jaarlijks 3 en een halve gulden worden betaald aan Michiel Lucassen van den Schoet, nog twee gulden per jaar aan Stijnken van den Tooren in Den Bosch, nog 35 stuivers per jaar aan de rector van het St. Dingena altaar, nog 14 stuivers en 3 oort grondchijns aan de hertog. (…) Peter, Goessen en Lucien samen het oude huis, met de halve schuur en de grond daarbij, in totaal ca. 19 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. de andere kinderen waarvan het is afgedeeld, de erfgenamen van Peter Jan Haecks, Aerts die Metsere, de gemeijnte. Verder krijgen ze een beemd genoemd de Deecken, ter zelfder plaatse gelegen, b.p. de kinderen van Willem Jacops, Wouter van den Weijer, Clara van Geloven, de gemeenschappelijke straat. Verder krijgen ze een heiveld groot ca. 6 lopenzaad, gelegen ter zelfder plaatse, b.p. Daniels die Hoppenbrouwer, het erf dat er van is afgedeeld, de gemeijnte. Uit dit erfdeel moet jaarlijks een zester rogge worden betaald aan de rector van de St. Odulphuskerk te Best, aan dezelfde rector nog een oude grote per jaar, nog 4 lopen raapzaad aan de zelfde St. Odulphuskerk, nog 5 en een halve gulden per jaar aan Lambrecht Vergoendunck, nog 5 en een halve gulden per jaar aan Jan Gijsbrechts van Audenhoven. (…)

ORA Oirschot (138c fol 51v no 205 dd 14-5-1560) Marieke dochter van wijlen Peter Jan Corstens weduwe van Jans van Leeuwen met haar man Frans Willem Dircks (Danckaerts ?) op grond van het testament dat ze met deze Frans heeft gemaakt zoals ons gebleken is, verkoopt haar aanspraken van het bezit die zij en wijlen genoemde Frans (Jan?) bij het overlijden van haar eerste man van Peter en diens vrouw Margriet dochter van Thomas Goessens van Oudenhoven heeft geerfd (deze laatste twee zijn haar ouders). Ze verkoopt deze aanspraken nu aan Jan Peter Jan Corstens en de verkoopster belooft alle lasten van haar kant af te handelen. (Idem no 206) Jan zoon wijlen Peter Jan Corstens heeft beloofd om aan zijn zuster Marieke dochter van wijlen genoemde Peter Jan Corstens waarbij deze Marieke het vruchtgebruik krijgt en Jan zoon wijlen Jans van Leeuwen verwekt bij genoemde Jan en Margriet, het erfrecht, een jaarlijkse rente van 24 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerst keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin etc. groot ca. 20 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. zijn broer Peter, Joosten Andriessen en meer anderen, de erfgenamen van Niclaes Houtlocks, de gemeijnte. (Idem no 207) Marieke dochter van wijlen Peter Jan Corstens weduwe van Jan van Leeuwen geassisteerd met haar man Frans Willem Dircks staat aflossing van deze rente altijd toe op Maria Lichtmisdag, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 400 gulden en de achterstallige termijnen.

(Toirkens 138c fol 50 no 197 dd 15-5-1560) Adriaen zoon Adriaen Willems van den Heuvel als man van Aleijten dochter van Peter Jan Corstens verkoopt zijn erfdeel en aanspraken van welke aard dan ook die hem in zijn hoedanigheid aanverstorven zijn bij het overlijden van genoemde Peter Jan Corstens en diens vrouw Margriet dochter van Thomas Goessens van Oudenhoven. Hij verkoopt deze aanspraken nu aan zijn zwager Jan zoon Peter Jan Corstens (…) (Idem no 198) Jan zoon wijlen Peter Jans Corstens heeft beloofd om voortaan aan Adriaen Adriaen Willems van den Heuvel een jaarlijkse rente van 25 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc. groot ca. 20 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. zijn broer Peter, Joost Andriessen en meer anderen, de erfgenamen van Wouter Houtlox, de gemeijnte. (…)

(Idem no 198 15-5-1560) Adriaen zoon Adriaen Willems van den Heuvel als man van Aleijten dochter van Peter Jan Corstens verkoopt zijn erfdeel en aanspraken van welke aard dan ook die hem in zijn hoedanigheid aanverstorven zijn bij het overlijden van genoemde Peter Jan Corstens en diens vrouw Margriet dochter van Thomas Goessens van Oudenhoven. Hij verkoopt deze aanspraken nu aan zijn zwager Jan zoon Peter Jan Corstens (…) Jan zoon wijlen Peter Jans Corstens heeft beloofd om voortaan aan Adriaen Adriaen Willems van den Heuvel een jaarlijkse rente van 25 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc. groot ca. 20 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. zijn broer Peter, Joost Andriessen en meer anderen, de erfgenamen van Wouter Houtlox, de gemeijnte. (…)

(Toirkens 141a fol 35v no 115 dd 11-4-1570) Peter zoon wijlen Peter Jan Corstens heeft beloofd om voortaan aan zijn broer Goessen zoon wijlen Peter Jan Corstens een jaarlijkse rente van 21 gulden en 17 en een halve stuiver te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar, op onderpand van een huis, tuin etc. groot ca. 18 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. Niclaes Jan Goessens, Jan Peter Corstens, Aerts die Metsere, de gemeenschappelijke straat. Ook nog op onderpand van een beemd genoemd den Deken, gelegen te Oirschot ter zelfder plaatse, b.p. Agnese Willems, Jan Roefs, Henrick Antonis Scortten, de gemeenschappelijke straat. (Idem 116) Goessen zoon wijlen Peters Jan Corstens heeft verklaard dat genoemde Peter Peter Jan Corstens deze rente van 21 gulden en zeventien en een halve stuiver per jaar altijd op Maria Lichtmisdag mag aflossen, mits er een half jaar vooraf is opgezegd tegen betaling van 350 gulden en de achterstallige termijnen en wel in 3 gedeeltes, de twee eerste delen elk van 100 gulden en de laatste termijn met 150 gulden.

Niet verwarren met Peter Corstens, vermeld ORA 1511 met zijn weduwe Aleijt (…) en volwassen zonen Jan en Corstiaen


Huwt

51.685   Margriet Thomas Goessens van OUDENHOVEN

FamilienaamIndex 51.685Vader 103.370Moeder 103.371

Overleden voor 1559

Kinderen

  1. Jan Zie 25.842
  2. Marieke (+na 1560), huwt (1) Jan van Leeuwen; huwt (2) Frans Willem Dircks
  3. Peter (+na 1560)
  4. Aleid, huwt Adriaen zoon Adriaen Willems van den Heuvel
  5. Goossen
  6. Lucie, vermeld 1559

TerugBegin van generatie


51.688   Hendrik Aert SGRAETS

FamilienaamIndex 51.688Vader 103.376Moeder 103.377

Geboren ca. 1500
Overleden na 1564, voor 1579

Deken van de schutterij van Oirschot (1538).

ORA Oirschot (134b fol 134 no 400 dd 20-12-1541) Daniel Vos en Aert zoon wijlen Aert Sgraets hebben als schuldenaars beloofd aan Gijsbrecht Vlemmings als vorster alhier ten behoeve van de heer van Oirschot vanwege een begaan misdrijf ervoor te zorgen dat voor deze heer van Oirschot op diens daartoe gedaan verzoek, Henrick zoon van wijlen genoemde Aert Sgraets te zullen laten verschijnen of anders een geldbedrag van 25 gulden te moeten betalen. Daarvoor hebben ze hun persoon en hun bezit verbonden. (Idem 401) Henrick zoon wijlen Aert Sgraets heeft als schuldenaar beloofd om Daniel Vos en diens broer Aert Sgraets zijnde zijn broer, hen voor hun belofte te zullen vrijwaren en ook vanwege alle kosten schades etc. waarvoor deze Henrick ook zijn persoon en bezit heeft verbonden.

ORA Oirschot (136b fol 31v no 150 dd 28-2-1550) Anthonis Henrick Sgraets en daarbij Henrick Sgraets en Dirck Castermans hebben als schuldenaars beloofd om aan de voogden uit de vorige akte, die een bedrag van 100 gulden te zullen gaan betalen per a.s. St. Jansdag en als er dan niet wordt betaald, dan beloven ze hierbij alle daaruit voortspruitende kosten en nadeel te zullen voldoen ten behoeve van de hiervoor genoemde minderjarige kinderen. (…) (Idem 151) Antonis Henrick Sgraets heeft beloofd zijn vader Henrick en Dirck Castermans die voor hun borgstelling te zullen vrijwaren.

ORA Oirschot (137a fol 7 no 32 dd 22-1-1551) Henrik Aert Sgraets en Antonis zoon van genoemde Henrick Aert Sgraets hebben als schuldenaars beloofd ten behoeve van de minderjarige kinderen van heer Goijaert Stevens om aan de rector van het gekkenhuis (zinneloos huis) in Den Bosch een bedrag van 106 gulden te zullen gaan betalen per a.s. St. Jansdag. Ze zullen zorgdragen dat deze minderjarige kinderen daarvoor gevrijwaard blijven.

ORA Oirschot (137a fol 59 no 224 dd 14-5-1552) Aert Sgraets heeft beloofd samen met zijn borgen Henrick Sgraets en Antonis Henrick Sgraets om aan Geertruiden Lambrechts voor wat betreft twee delen, aan Aerden Luenis als man van Cathalijn wat betreft een deel en aan Anna, allen wettige kinderen van Lambrecht Laureijssen die samen een bedrag van 170 gulden te zullen gaan betalen per a.s. St. Jansdag over een jaar met de rente tegen de penning zestien. (…) (Idem 225) Aert Sgraets heeft beloofd diens vader Henrick Sgraets en zijn broer Antonis die te zullen vrijwaren voor hun borgstelling uit de voorgaande akte.

Idem (fol 73 no 269 dd 26-7-1552) Henrick Aert Sgraets heeft beloofd om aan meester Henrick die Mesmeker, priester die een jaarlijkse rente van een gulden te gaan betalen, steeds vervallend op St. Jansdag van elk jaar en voor de eerste keer per a.s. St. Jansdag op onderpand van een huis, tuin, akker etc. groot ca. 6 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof aan de Huevel aldaar, b.p. Mathijs Augustijns, Wouter van Creijelt, de gemeijnte. (afgelost 28 mei 1644). (…) (Idem 270A) Dirck Henrick Sgraets heeft beloofd om de jaarlijks rente die Henrick Aert Sgraets van hiervoor van een gulden heeft beloofd op onderpand van het huis etc. uit de voorgaande akte, die zodanig te zullen betalen dat dit bezit daarvoor gevrijwaard zal blijven.

ORA Oirschot (137b fol 89v no 389 dd 4-11-1553) Aert Henrick Sgraets en Antonis Henrik Sgraets gebroeders, hebben als schuldenaars beloofd om aan Geertruiden dochter van Lemmen Deeckens die een bedrag van 32 gulden te zullen gaan betalen. (…) (Idem 390) De zelfde personen uit de voorgaande akte hebben beloofd om aan Anneken dochter Lemmens die een bedrag van 34 gulden te zullen gaan betalen per a.s. St. Jansdag.

ORA Oirschot (137b fol 10 no 50 dd 30-1-1553) Aert zoon Henrick Sgraets heeft beloofd om aan Jan Henricks van der Vloet die voortaan een jaarlijkse rente van 3 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar, op onderpand van een huis, tuin, grond etc., groot ca. 3 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof, b.p. een gemeenschappelijke weg, Heijlwich weduwe van Geerit Stockelmans met meer anderen, de gemeenschappelijke straat, Jan Goessens. Hierbij was ook aanwezig Antonis Henrick Sgraets en heeft als extra onderpand een akker gegeven genoemd de Vleesboom, groot ca. 4 lopenzaad, gelegen in Oirschot onder Boterwijk, b.p. Henrick van Berendonck, de gemeeenschappelijkes straat, Peter van Miert.

Jan Henricks van der Vloet staat aflossing van deze rente altijd toe mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 50 gulden en de achterstallige termijnen. Datum en getuigen als boven.

ORA Oirschot (137b fol 43v no 172 dd 22-3-1554) Antonis en Dirck, gebroeders en kinderen van Henrick Sgraets hebben verklaard dat hun zuster Aleijt van de erfgenamen van Aert en Agnese in de Wildeman alhier een bed heeft ontvangen ter waarde van 3 gulden, welk bed genoemde Agnes in haar testament had vermaakt aan het natuurlijke kind van deze Aleijt verwekt bij wijlen Adriaen zoon wijlen Aerts in den Wildeman, waarvoor deze erfgenamen dan verder gevrijwaard zullen zijn. Aleijt op haar beurt heeft beloofd dat ze dit bed of de waarde daarvan altijd zodanig intact zal houden ten behoeve van dit natuurlijke kind, dat genoemde Antonis en Dirck daarvoor gevrijwaard blijven.

ORA Oirschot (138a fol 100v no 442 dd 16-12-1557) Wouter zoon wijlen Gerit van Creijelt verkoopt de helft van een stuk akkerland met de betimmering die erop staat, deels door Gerit zelf opgetimmerd, in totaal groot c. 2 lopenzaad, dat Geerit heeft gekocht van Henrick Aerts Sgraets conform een schepenbrief van Oirschot. Het bezit wordt nu verkocht aan Henrick Aert Sgraets en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve de helft van een mudde rogge per jaar.

ORA Oirschot (139b fol 25 no 82 dd 5-2-1562) Henrick Aert Sgraets als gemachtigde zoals ons voldoende als schepenen is gebleken uit het testament van genoemde Henrick en diens vrouw Geertruid, d.d. 9 februari 1553, verkoopt hierbij een huis, tuin, grond etc. groot ca. 6 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof, b.p. Jenneken weduwe van Mathijs Henrick Augustijns, genoemde Henrick zelf, Anna weduwe van Cornelis Bloecks, de gemeenschappelijke straat. Hij verkoopt dit bezit nu aan Jan Henrick Sgraets en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve een jaarlijkse pacht van een mudde rogge Oirschotse maat aan Fransen Embrechts, nog 10 lopen rogge per jaar aan Michiel Verhaegen, nog 26 stuivers per jaar aan de kinderen van wijlen Jan van den Schoet, nog 3 oude groten als grondchijns aan het kapittel van Oirschot, nog een oude grote aan de fabriek van de St. Peterskerk te Oirschot. (Idem 83) Jan Dirck Kestermans heeft beloofd om aan Henrick Aert Sgraets die daarvan het vruchtgebruik krijgt en zijn wettige kinderen verwekt bij genoemde Geertruid uit de vorige akte, daarvan het erfrecht, die voortaan een jaarlijkse rente van 6 gulden en 15 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van het bezit uit de voorgaande akte. Datum 15 juli 1564 (sic). De rente is aflosbaar zodra Henrik zal zijn komen te overlijden en wel 3 maanden daarna tegen betaling van 100 gulden en de achterstallige termijnen, welk bedrag dan ook terstond betaald zal moeten worden. (…) (Idem 84) Antonis Henrick Sgraets heeft beloofd om aan Henrick Aert Sgraets die daarvan het vruchtgebruik krijgt en diens wettige kinderen daarvan het erfrecht, die voortaan een jaarlijkse rente van 3 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin, grond te. groot ca. 14 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof, b.p. Henrik van Berendonck, de gemeenschappelijke straat, de erfgenamen van Peters van Mierde.

ORA Oirschot (139d fol 95 no 240 dd 15-7-1564) Jan Henrick Sgraets verkoopt hierbij een stuk akkerland groot ca. 6 lopenzaad, dat hij eerder heeft gekocht van Henrick Sgraets en deze Henrick weer overeenkomstig het testament van deze Henrick en zijn vrouw Geertruid d.d. 9 februari 1553, had verkocht. Het perceel is gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof, b.p. Jenneken weduwe van Mathijs Henrick Augustijns, Henrick Sgraets, Anna weduwe van Cornelis Bloecks, de gemeenschappelijke straat. Het perceel wordt nu verkocht aan Jan Dirck Kestermans (Castermans) en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve drie oude groten aan het kapittel te Oirschot, nog een oude grote aan de St. Peterskerk te Oirschot, nog 26 stuivers per jaar aan de kinderen van Jan van den Schot ( =Schoot), nog een mudde rogge per jaar, Oirschotse maat, aan Frans Eijmbrechts, nog 10 lopen rogge, zelfde maat aan Michiel Verhaegen en de dorpslasten. (…) (Idem no 241) Jan Dirck Kestermans heeft beloofd om aan Henrick Aert Sgraets die daarvan het vruchtgebruik krijgt en diens wettige kinderen die hij heeft verwekt bij Geertruid dochter van Goessen Roelofs daarvan het erfrecht, die voortaan een jaarlijkse rente van 6 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar op onderpand van het bezit uit de voorgaande akte. (…) Jan Dirck Keijstermans heeft als schuldenaar beloofd om aan Jan Henrick Sgraets die een bedrag van 48 gulden en 10 stuivers te gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag.

ORA Oirschot (140b fol 238 no 69 dd 30-9-1567) Antonis en Jan, broers en zonen van Henrick Sgraets als voogden van de minderjarige kinderen van wijlen Henrick zoon Henrick Sgraets verwekt bij Annen Tsaeftens, hebben hierbij machtiging gegeven aan Gommaeren Tzaeftens die in Vierseldijck woont en aan diens broer Andries om namens hen het geld te incasseren dat genoemde minderjarige kinderen hebben geerfd door de dood van hun vader Henrick en deze Henrick tijdens zijn leven verdiend heeft gehad bij Juffrouw Blocks en dat nu betaald dient te worden door de erfgenamen van deze joffrouw Blocks. De gemachtigde moet daarna kwijting geven en verder alles doen wat de opdrachtgevers zelf ook gedaan zouden hebben.

ORA Oirschot (142a fol 160 no 1 dd 5-2-1579) Allen die deze brief zullen zien etc., gegroet. Wij Peter Jan Goessens en Henrick Gerits de Roij schepenen in Oirschot verklaren hierbij plechtig dat voor ons zijn verschenen Antonis, oud ca. 55 jaar en Jan, oud ca. 44 jaar, broers en kinderen van wijlen Henrick Sgraets die op verzoek van Adriaen Jan Dircks Zijckens als vader en voogd van zijn dochter Marieken verwekt bij wijlen Goertkenen dochter van Mathijs die Brouwer de volgende verklaring hebben afgelegd. (…)


Huwt ca. 1525

51.689   Geertruid Goosen ROELOFS

FamilienaamIndex 51.689Vader 103.378Moeder 103.379

Overleden 1553

Kinderen

  1. Antonis Zie 25.844
  2. Jan (*ca. 1535 +na 1591, voor 1598), vader van Geertruida (*ca. 1581), oud 24 op 17-5-1605 als zij met haar voogd Wouter Antonis Graets een deel van haar efenis verkoopt (ORA Oirschot 1609, losse akte), van Hendrik en van Mariken, gehuwd met Andriessen Eckers (in 1598 wonend in Gorinchem; ORA Oirschot)
  3. Hendrick (+voor 1567), huwt Anna Tsaeftens (+na 1567)
  4. Dirck (vermeld ORA Oirschot 1552, 1557), huwt Lisbeth Lambrecht Laureijssen
  5. Aleijd, had natuurlijk kind bij Adriaen Aerts in den Wildeman
  6. Aert (+voor 1560), Anthonis is voogd van zijn kinderen

TerugBegin van generatie


51.690   Jan Aert KESSELMANS

FamilienaamIndex 51.690 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Overleden voor 1549

Alias Ketelman. Mogelijk neef van een Ghijb. BP (1230 (Oirschot) okt 1459 – sept 1460 folio 49r) vermeldt in Oirschot een Jan Gijb Jan Kesselman.

Mogelijk zoon van Gijsbrecht Jacob Kesselman: ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 120v no 361 dd St Thomas (december?) 1528) Gerit van Achelen als man van Joest dochter van Gerit Kuijst, door deze Gerit verwekt bij diens vrouw Aleijt dochter van wijlen Gijsbrecht Kesselmans, heeft aan Jan Rutgers (secretaris) ten behoeve van Gerard Jan Henricks die een jaarpacht verkocht van 2 mud rogge, Bossche maat en in Den Bosch ook te leveren, samen met 2 vervallen en de lopende termijn, op onderpand van een hoeve gelegen onder Oerle, ter plaatse Zittardt genoemd. Ook nog op onderpand van 5 en een halve bunder broekland genoemde Ballincksbuenre, gelegen onder St. Oedenrode, b.p. de kinderen van wijlen Henrick Goijaert Dicbier, Rutger van Geldrop, Peter die Mollener, Rovers de Jonge, Wouter Goetschalks, de gemeenschappelijke straat. Die pacht van 2 mud had Gerit van Achel als echtgenoot geerfd van Aleijt Kesselmans, zijnde de moeder van vermelde Joest en Aleijt had die weer geerfd van haar vader Gijsbrecht Kesselmans. Deze pacht was eerder door Peter Marcelis Vos verkocht aan meester Aert van Weijlhusen ten behoeve van Gijb zoon wijlen Jacop Kesselmans uit de vermelde onderpanden. Datum op St. Thomasdag, getuigen Colen en Meijen.

ORA Oirschot (Toirkens 131b fol 9v no 35 dd 24-1-1532) Elisabeth natuurlijke dochter van wijlen Jan Aert Ketelmans met Cornelis Daniel Riemslegers haar oom en voogd, in aanwezigheid van haar grootvader Daniel Riemslegers die hiermee instemt en met haar oom Henrick Henricks van Berendonck, hebben voor ons schepenen verklaard dat Jan Peter Daniels als voogd over haar en haar zuster Ariaen toen ze nog min derjarig waren, voor enige jaren het beheer over hun bezit heeft gehad en voor hen de inkomsten en uitgaves etc. heeft geregeld gehad en dat Peter in aanwezigheid van goede mannen daarvoor behoorlijke verantwoording heeft afgelegd. Ze belooft ook haar zuster zodra die meerderjarig is deze rekening etc. goed te laten keuren en Elisabeth geeft deze Jan nu kwijting voor zijn beheer en dankt hem daarvoor.

ORA Oirschot (136b fol 55 no 233 dd 25-4-1549) Antonis Henrick Sgraets als man van Adrianen dochter van wijlen Jan Keselmans en van Marie dochter van Daniels die Riemesleger, verder Willem Michiels Verhoven als man van Elisabeth dochter van genoemde wijlen Jan en Marie, hebben verklaard dat Dirck Jan Castermans aan hen het twee derde deel heeft betaald van een bedrag van 54 gulden afkomstig van het vierde deel dat is verkocht van het bezit afkomstig van Daniel die Riemsleger. Zij geven deze Dirck Castermans daarvoor nu kwijting.


Buitenechtelijke relatie ca. 1525

51.691   Marie Daniel Die RIEMSLAGER

FamilienaamIndex 51.691Vader 103.362Moeder 103.363

Overleden voor 1549

Kinderen

  1. Ariken Zie 25.845
  2. Elisabeth, natuurlijke dochter, huwt Willem Michiels Verhoeven

TerugBegin van generatie


51.692   Goijaert de BROUWER

FamilienaamIndex 51.692 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Niet te verwarren met Goyaert Aerts, gehuwd met Lysbeth de Wit (BL 1998), te Moergestel.


Huwt

51.693   N.N.

Index 51.693 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Marijke
  2. Margriet
  3. Jan Zie 25.846
  4. Cornelis

TerugBegin van generatie


51.694   Peter Goijaert ROESTENBURGH

FamilienaamIndex 51.694Vader 103.046Moeder 103.047 • Tevens 51.524

51.695   Beelke Simon de CORT

Zie 51.524 voor informatie over deze persoon

TerugBegin van generatie


51.696   Joannes Henrick Aelbrecht BOELAERTS

FamilienaamIndex 51.696Vader 103.392Moeder 103.393

Overleden na 30-1-1552

Zeer hypothetisch. Verwantschap nergens duidelijk bewezen. Alle verwijzingen ORA Oirschot: bron is de bewerking van J. Toirkens.

ORA Oirschot (137b fol 87 nos 343-344 dd 31-8-1554) Willem van den Dijck als man van Margriet, verder Marieken met haar voogd, gezusters en dochters van Goijaert die Ketelbueter, verkopen hierbij een jaarlijkse rente van 3 gulden welke rente Leenaert Jan Hermans eerder had beloofd aan Joosten Henricks Willems als man van Dieleken dochter van genoemde Goijaert die Ketelbuetere, steeds vervallend op St. Jansdag van elk jaar, op onderpand van een huis, grond etc. gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 26 maart 1549. De rente wordt nu verkocht aan Peter Jan Boelaertszoon (…) (Idem no 344:) Willem Aert Custers heeft als schuldenaar beloofd om aan Peter Jan Boelaerts die een bedrag van 38 gulden te zullen gaan betalen, per a.s. Maria Lichtmisdag over 3 jaar.


Huwt

51.697   N.N.

Index 51.697 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Henricus Zie 25.848
  2. Peter (+na 1584), huwt voor 1559 Ariken Willem Jacob Keijmps, alias Willem Coppens (+na 1584), eerder weduwe van Jan Ghijsbert Hoppenbrouwers (ORA Oirschot 17-9-1584 no 150)
  3. Reijnder (mogelijk); in ORA Oirschot 1612 vermeld: Henrick zoon wijlen Reijnder Boelaerts als man van Sara dochter van wijlen Adriaen Jan Goossens

TerugBegin van generatie


51.698   Aelbrecht WELLENS

FamilienaamIndex 51.698Vader 103.396Moeder 103.397

Overleden na 1558

ORA Oirschot (Toirkens 131b fol 45v no 165 dd 13-4-1532) Jannis van den Spijker, verder Claes van den Spijker en Claes Ariaen Smollers hebbeb verklaard dat het zo is dat ze opgeroepen zijn op a.s. Donderdagavond, om voor schout en schepenen van de stad Den Bosch te verschijnen in de zaaak contra Willem Wouters of Aelbrecht Wellens, maar omdat ze andere noodzakelijke dingen moeten doen, kunnen ze daar niet zelf aanwezig zijn. Ze geven daarom machtiging aan Zwederen van Gerwen en aan Claessen Rodenborg, samen en ieder hoofdelijk om daar aanwezig te zijn en hun belangen in de kwestie waar te nemen hetzij als eisende hetzij als verdedigende partij.

ORA Oirschot (Toirkems 136b fol 56v no 279 dd 15-7-1550) Dirck van den Spijker heeft als schuldenaar beloofd om aan Aelbrechten Wellens, die minstens meester is, die een bedrag van 55 gulden te zullen gaan betalen per a.s. Allerheiligendag.

ORA Oirschot (Toirkens 137a fol 75v no 277 dd 25-5-1552) Dirck van den Spijker heeft beloofd om aan Aelbrecht Wellens die een bedrag van 58 gulden te zullen gaan betalen per a.s. mei. (Doorgehaald en betaald 23 januari 1554).


Huwt

51.699   N.N.

Index 51.699 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Kinderen

  1. Lijsbeth Zie 25.849
  2. Ariken, huwt Evert Michiels (+voor 1558), vermeld ORA 1558

TerugBegin van generatie


51.700   Dirk Goijaerts van GELOVEN

FamilienaamIndex 51.700Vader 103.400Moeder 103.401

Overleden na 1552, voor 30-6-1559

ORA Oirschot (Toirkens 135b fol 13 no 68 dd 23-4-1546) Voor ons zijn verschenen Hap en Jacop, broers en hebben beloofd om voortaan aan Dirck Goijaerts van Geloven die een jaarlijkse rente van 30 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een stuk akkerland, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Jenneken Jonckers en haar kinderen, de kinderen van Dirck Verheiden, de straat, de erfgenamen van Geerlack Hoppenbrouwers. Voor ons is verschenen deze Dirck uit de vorige akte en staat toe aan de twee wettige kinderen van Roefs Happen dat ze deze rentes altijd op Maria Lichtmisdag mogen aflossen tegen betaling van 24 gulden en de achterstallige termijnen, mits er met Kerstmis daaraan voorafgaand is opgezegd.

ORA Oirschot (Toirkens 136a fol 6 no 17 dd 31-1-1547) Herbert, Jacop en Katalijn, wettige kinderen van wijlen Roef Happen, waarbij deze Kataijn is vergezeld door haar voogd zijnde haar broer Herbert, hebben beloofd aan Dirck Goijaerts van Geloven die een jaarlijkse rente te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van de helft van een huis, tuin, grond etc. groot ca. 4 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, (…) Ook nog op onderpand van de helft van een akker genoemde de Printheester, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen.

Idem (fol 36 no 140 dd 30-3-1547) Jan zoon wijlen Peter Bierkens heeft beloofd om aan Dirk Goijaerts van Geloven die een jaarlijkse rente van 2 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Paasdag en voor de eerste keer per a.s. Pasen over een jaar, op onderpand van een akker groot ca. 4 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten, (…)

ORA Oirschot (Toirkens 136b fol 24 no 112 dd 7-2-1550) Jacop Willem Jacops heeft beloofd om aan Dirck Goijaerts van Geloven die een jaarlijkse rente van 30 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een akker genoemd de Everaerts Akker, groot ca. 8 lopenzaad, gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. Marie dochter van Henrick Willems, de kinderen van Jan Henricks, de gemeijnte. (Idem no 114 dd 14-2-1550) Marten Dircks Verheijen heeft beloofd om aan Dirck Goijaerts van Geloven die voortaan een jaarlijkse rente van 20 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc. groot ca. 6 lopenzaad, gelegen in herdgang Aerle (…) (Idem no 117) Gerit Henriks van Best heeft als schuldenaar beloofd om aan Dirk Goijaerts van Geloven die een bedrag van 27 gulden te zullen gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar.

ORA Oirschot (Toirkens 137a fol 52v no 203 dd 26-4-1552) Marten Dircks van der Heijden heeft als schuldenaar beloofd om aan Dirck Goijaerts van Geloven die een bedrag van 21 gulden te zullen gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag.

ORA Oirschot (Toirkens 137b fol 31 no 121 dd 20-2-1554) Hap en Jacop, gebroeders en wettige kinderen van Roefs Happen, hebben als schuldenaars beloofd om aan Dirck Goijaerts van Gelooven die een bedrag van 26 gulden te zullen gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag. (Idem no 122) Joerden zoon wijlen Aert van der Vloet heeft als schuldenaar beloofd om aan Dirck Goijaerts van Geloven die een bedrag van 18 gulden te zullen gaan betalen per a.s. Maria Lichmisdag over een jaar.

ORA Oirschot (139b fol 32v no 111 dd 6-2-1562) Goijaert, Dirck, Henrick, Jan en Jacop, gebroeders, verder Peter Petersoon als man van Meriken, zijnde allen wettige kinderen van wijlen Dirck Goijaerts van Geloven verwekt bij Barbara Dirck Stockelmans en deze personen hebben met elkaar een boedelverdeling gemaakt inzake het nagelaten bezit van wijlen hun vader Dirck. (…) krijgt Goijaert een bedrag van 90 gulden eens te ontvangen van Willem Verroeten per a.s. St. Jacopsdag en verder nog een jaarlijkse rente van een gulden te ontvangen van Mathijs Henricks van Tongelroije, nog 10 gulden eens te ontvangen van Happo Roefs en wel nu direkt. (…) Dirck krijgt een jaarlijkse rente van 6 gulden te ontvangen van Willem Wouter Jacops en nog een bedrag van 5 gulden eens te ontvangen van diens broer Goijaert en wel nu meteen, verder nog 6 gulden eens te ontvangen van zijn zwager Peeter. (…) Genoemde Peter als man van Merieken krijgt een jaarlijkse rente van 3 gulden te ontvanhgen van Aerden Willem Smetsers, nog een mudde rogge per jaar, maat van Wintelre, te ontvangen van Willem aan de Baecke-eijk of diens kinderen, nog een oude grote ook van deze Willem of diens kinderen te ontvangen, nog een pacht van 4 lopen rogge per jaar te ontvangen van de molen of van de molenaars van Straten in Oirschot. (…) Jan Henrick Gijsbrechts en Henrick Jan Gerits als voogden over Jan, Henrick en Jacop krijgen samen een akker met een daaraan gelegen heiveld en een dries, gelegen in Oirschot herdgang Aerle, (…) een jaarlijkse rente van twee gulden te ontvangen van Wouter Dielis Crijns, nog twee gulden per jaar te ontvangen van Jan Peter Bierkens, nog een gulden per jaar te onvangen van Marten Dircks van der Heijden, nog 3 gulden per jaar te ontvangen van Peter Jan Boelaerts, nog 50 gulden eens te ontvangen van Jan Joesten van Croonen ( = Croonenburg), nog twee gulden per jaar te ontvangen van Marcelis Jan Mercks, nog 14 gulden eens te ontvangen van Happo Roef Happen.

ORA Oirschot (139c fol 302v no 74 dd 4-3-1563) Willem Wouter Jacops verkoopt hierbij een jaarlijkse rente van 20 stuivers welke rente Lambrecht zoon Dircks Verheijden eerder had beloofd aan Heijlwich Jacop Thijsdochter, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een akker groot ca. 3 en een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Roelof Happen, Arien Harnismakers, de straat, Ardt Vermeijden, conform een schepenbrief van Oirschot. Hij verkoopt de rente nu aan Henrick, Jan en Jacop, minderjarige kinderen van wijlen Dirck Goijaerts van Geloven verwekt bij Barbara dochter van Dirck Stockelmans.

ORA Oirschot (Toirkens 141b fol 217v no 16 dd 7-2-1573) Goijaert, Henrick, Jan, broers voor henzelf en ook optredend voor hun broer Jacop, allen wettige kinderen van Dirck Goijaerts van Geloven en Peter zoon wijlen Peter Corstens als man van Marien dochter van Dirck Goijaerts van Geloven, verkopen een beemd genoemd het Salroth, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Ervert Adriaens, de weduwe en kinderen van Jan Aerts, Henrick Gerit Sroijen, Michiel Joost Michiels. Het perceel wordt nu verkocht aan Geerlicken Goijaerts van den Melcroth (In marge: Waarde is 60 gulden).

ORA Oirschot (Toirkens 143a fol 156 no 65 dd 26-2-1586) Jan zoon wijlen Dirks van Geloven verkoopt een rente van 6 gulden per jaar met twee vervallen en een lopende termijn die hij van zijn ouders heeft geerfd en welke rente Willem Wouters eerder had beloofd aan Dirck Goijaerts van Geloven. De rente vervalt elk jaar op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis etc. gelegen in Oirschot herdgang Aerle, b.p. Wouter Stockelmans, de gemeijnte, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 2 september 1546. Hij verkoopt de rente nu aan Antonis Aerts van der Rooten.

Idem (no 219 dd 14-5-1586) Jacop zoon wijlen Dirks van Geloven verkoopt een rente van twee gulden per jaar met alle vervallen en een lopende termijn, welke rente Jan Peter Bierkens eerder had beloofd aan Dirck Goijaerts van Geloven. De rente vervalt elk jaar met Pasen op onderpand van een akker gelegen in Oirschot, herdgang Straten ter Ameijden, b.p. Corsten op Meijensvoort, de gemeijnte, Ghijsbert Hoppenbrouwers, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 31 maart 1547. De rente wordt nu verkocht aan Niclaes Adiaens van Nistelroij en de verkoper belooft alle laten van zijn kant af te handelen.

Idem (no 316 dd 10-12-1586) Jacop zoon wijlen Dircks van Geloven verkoopt een rente van 20 stuivers per jaar welke rente Mathijs Danel Wilborts eerder had beloofd aan Heijlwich dochter van Wouter Thijssen en welke rente hij heeft geerfd van zijn ouders zoals hij zei. De rente vervalt elk jaar op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis etc. gelegen in Oirschot herdgang Aerle, groot ca. een lopenzaad, b.p. Antonis van Best, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 26 februari 1540. De rente wordt nu verkocht aan Aelberden Niclaes Mercks en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 138c fol 82 no 313 dd 18-12-1560) Willem zoon Henrick Verootten heeft als schuldenaar beloofd om aan de 6 kinderen van wijlen Dirck van Geloven een bedrag van 90 gulden te betalen per a.s. St. Jacopsdag over een jaar.


Huwt na 1535

51.701   Barbara Dirck STOCKELMANS

FamilienaamIndex 51.701Vader 103.402Moeder 103.403

Overleden Oirschot na 1572, voor 22-7-1583

ORA Oirschot (Toirkens 138c fol 14v no 62 dd 9-2-1560) Henrick Willem Andriessen als man van Beelken dochter van Jan Hermans, verkoopt een jaarlijkse rente van een gulden welke rente Ijken weduwe van Jan Mercks met haar voogd Thomassen Hoppenbrouwers, Jan, Peter en Marcelis wettige kinderen van genoemde Jan Mercks die ook optreden voor hun andere broers en zusters, eerder hadden beloofd aan Herman Henrick Hermanszoon, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een stuk land gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. de kinderen van Wouter Colen, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 28 januari 1525. Ook verkoopt hij een rente van een gulden per jaar die Jan Jan Merkszoon eerder had beloofd aan genoemde Herman Heijnen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een akker genoemd de Grootakker, groot ca. zes en een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Vorstenbest (Naastenbest), b.p. Mathijs Jansen conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 1 februari 1519 en welke rentes Henrick in zijn hoedanigheid heeft geerfd van genoemde Jan Hermans. Hij verkoopt de rentes nu aan Barbara dochter van Dirck Stockelmans weduwe van Dirck van Geloven en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 139a fol 66 no 228 dd 15-4-1561) Barbara dochter van Dirk Stockelmans met haar man Geerlacken Goijaert Thomassen van den Melckrot als partij ter ener zijde en Jan Henrick Gijsbrechts en Henrick Jan Gerits als aangestelde voogden over Meriken, Goijaert, Dirck, Henrik, Jan en Jacop, broers en zusters en allen wettige kinderen van wijlen Dirck Goijaerts van Geloeven verwekt bij genoemde Barbara van hiervoor, hebben een boedel-verdeling gemaakt met hun moeder die daarvan het recht van vruchtgebruik had en haar kinderen daarvan het erfrecht en wel inzake al het bezit dat ze hebben geerfd bij de dood van hun vader Dirk Henricks van Geloven. Bij deze verdeling krijgt Barbara met haar man het huis, tuin, grond etc. groot ca. 7 en een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. de kinderen van Cleer van Geloeven, Aert Willem Dircks van Dormalen, de gemeenschappelijke straat. Ook krijgt ze een akker genoemd den Moenenakker en nog een akker genoemd het Beuchtken, in totaal groot ca. 5 lopenzaad, ter zelfder plaatse gelegen, (…) een beemd genoemd het Vleutken, ter zelfder plaatse gelegen, (…) al het schaarhout dat geoogst kan worden maar alle opgaande bomen zal ze niet af mogen kappen. Genoemde voogden in hun hoedanigheid krijgen een akker met een daarbij gelegen heiveld, gelegen in herdgang Aerle, (…) een jaarlijkse pacht van een mudde rogge, maat van Wintelre en aldaar ook te ontvangen van de kinderen van Willem aan den Bree-eik, nog 4 lopen rogge per jaar te ontvangen van de kinderen van Jans Crommen, nog twee gulden per jaar te ontvangen van Jan Peeter Bierkens, nog twee gulden per jaar te ontvangen van Henrick van Best, nog een gulden per jaar te ontvangen van Merten Verheijden, nog 6 gulden per jaar te ontvangen van Willem Wouter Jacops, nog twee gulden per jaar te ontvangen van Marcelis Mercks, nog 3 gulden per jaar te ontvangen van Aerdt Willem Smetsers, nog een gulden per jaar te ontvangen van Mathijs Henricks van Tongelroij, nog 44 guldens eens te ontvangen van de kinderen van Roef Happen, nog 80 gulden eens te ontvangen van Willem Henrick Verroten. Uit dit erfdeel moet jaarlijks twee lopen rogge worden betaald aan de erfgenamen van Roestelmans, nog een half vuurijzer als grondchijns.

ORA Oirschot (Toirkens 142c fol 446 no 51 dd 22-7-1583) Goijaert, Henrik en Jan, broers en Peter zoon Peter Corstens als man van Marien, zijnde alle wettige kinderen van wijlen Dirck van Geloove verwekt bij wijlen Barbara Dircks Stockelmans, hebben een boedelverdeling gemaakt van de navolgende bezittingen die ze bij het overlijden van Dirck en Barbara hebben geerfd. Bij deze verdeling krijgt Goijaert een akker genoemd de Moenen akker, groot ca. 3 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. Jan Goessens, Heijlke weduwe en kinderen van Willem Daniel Smetsers, Elias Melis Schilders, een gemeenschap-pelijke weg. Uit dit erfdeel moet jaarlijks een mudde rogge, Oirschotse maat, worden betaald aan de rector van het St. Brigide altaar te Oirschot. Verder krijgt hij 60 gulden eens te ontvangen van zijn broers Henrick, waarvan de helft per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar met een rente van 8 percent en de andere helft per a.s. Maria Lichtmisdag over twee jaar met een rente voor twee jaar. De eerste termijn van de rogpacht vervalt per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar. Bij deze verdeling krijgt Henrick het huis, tuin etc. groot ca. drie en een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest (…) Bij deze verdeling krijgt Jan een akker genoemd het Buchtken groot ca. een zesterzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest (…) Bij deze verdeling krijgt Jacop een akker genoemd het Laer, groot ca. 3 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, (…) Bij deze verdeling krijgt Peter als man van Marien een beemdje genoemd 't Vluetken, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, (…).


Zij huwt (2) voor 1561

Geerlick Goijaert Thomas Geerlick van den MELCKROTH

FamilienaamIndex

Geboren voor 1525
Overleden na 10-7-1589, voor 1591; testeert 1-1-1590

Volwassen wees met minderjarige broers en/of zusters in 1549.

Mogelijk uit dit huwelijk ook nog kinderen. Een Dirck Geerlick Goijaerts van den Melckroth wordt in 1589 vermoord door Peter Peter Corsten van Oudenhoven (Zoenakkoord 10-7-1589, ORA Oirschot).


Huwt (2)

Anna de CORT

FamilienaamIndex

Overleden na 1591

Zij was minstens driemaal gehuwd. ORA Oirschot 30-1-1592: Henrick zoon wijlen Gijsbert Vlemmincx als man van Annen eerder weduwe van Geerlick Goijaerts van de Melckroth. ORA Oirschot 2-11-1600: Thomas Willem Rutten als man van Margrieten dochter van Aert Dircks van Doormalen verwekt bij Anna Scorten, op grond van een testament dat door Geerlicken van de Melckroth en deze Anna Scorten werd opgemaakt voor heer Adriaen van den Dijck, pastoor te Best d.d. 1 november 1590

Kinderen

  1. Marieke, minderjarig in 1561, huwt Peter Peter Corstens (+na 1621)
  2. Goijaert Zie 25.850
  3. Dirck, minderjarig in 1561; nooit volwassen in ORA teruggezien
  4. Henrick, minderjarig in 1561
  5. Jan, minderjarig in 1561, huwt Elisabeth Dirk van den Spijker (+kort na 30-6-1586)
  6. Jacop (+na 1640), minderjarig in 1561

TerugBegin van generatie


51.702   Henrick Dirck Hermans van der HEIJDEN

FamilienaamIndex 51.702Vader 103.404Moeder 103.405

Overleden voor 1560

ORA Oirschot (Toirkens 139d fol 39 no 130 dd 14-3-1565) Dirck Henrik Hermans en Goijart Dirck van Geloeven als man van Anna dochter van Henrick Hermans hebben een boedelverdeling gemaakt inzake het bezit dat ze hebben geerfd bij de dood van Jan Henrik Hermans. Bij deze verdeling krijgt Dirck een stuk akkerland genoemd de Grootakker, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. de erfgenamen van Peter die Schoenmaker, het erf dat er van is afgedeeld, de erfgenamen van Aerden Hermans. Verder krijgt hij de helft van een beemd genoemd den Braeckenbeemd, ter zelfder plaaste als hiervoor gelegen, (…) Genoemde Goijaert krijgt een akker genoemd de Grootakker groot ca. 4 lopenzaad, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, (…) de helft van een beemd genoemd de Stillen Beemd, ter zelfder plaatse gelegen, (…).


Huwt voor 1540

51.703   Iken Jans van den ECKERE

FamilienaamIndex 51.703Vader 103.406Moeder 103.407

Overleden na 1560

Kinderen

  1. Anna Zie 25.851
  2. Dirck (+voor 1583), vermeld 1564
  3. Jan (+voor 1565)

TerugBegin van generatie


51.704   Henrick Willem SANTEGOETS

FamilienaamIndex 51.704Vader 103.408Moeder 103.409

Geboren ca. 1497
Overleden 1553

Bron van alle gegevens hier: Henk Coolen uit Jan Santegoeds, “Santegoeds-Santegoets” (nog niet geverifieerd).

Schepen van Boxtel in 1548, vermoedelijk overleden aan de pest.

Zoon of kleinzoon Andries vermeld in ORA Boxtel (inv 75 fol 48 (samen met broer Jan), 51v, 113, 118v-119, 127-128v, 180v-181v), ORA Boxtel (inv no 74 fol 10, 13v, 22v, met zoon Roelof 92v). Zoon Aert (mogelijk kleinzoon) vermeld in ORA Boxtel (inv 75 fol 48, 87v, 163v). Zoon Jan vermeld in ORA Boxtel (inv 75 fol 128v-129).

OA Boxtel Rekeningen van de Koningsbede 1554-1563 (inv E 256): Jan Henrick Santegots betaalt VIII st. te Munsel (fol 39R St.Jan 1556; 52R extra beede 1556; 58L Bamis 1556); VI ½ st. (67R Kerstmis 1556); VIII ½ st. (73L St.Jan 1557); III st. (83L Hertogsbeede 1557); VIII ½ [st.] (87L extra beede 1557; XIIII st. III ort (95R Kerstmis 1557); XXI ½ st. (108L St.Jan 1558); XIII st. (115L extra beede 1558); II gl. II oirt (119L St.Jan 1559); I ½ gul. IX ½ st. (129L Kerstmis 1559); opten Commer te Brueckelen I ½ st. (167R Commerbede 1562); op sijns huijsvrouwen goet te Munsel X st. (171L St.Jan 1562; 180R Kerstmis 1562); idem VII st.(183L St.Jan 1563); op Lennishovel Vst. (194L Commerbede 1563).

OA Boxtel Rekeningen van de Koningsbede 1554-1563 (inv E 256): Aert Henrick Santegoets te Munsel betaalt X ½ st. (fol. 107R St.Jan 1558); XXVI st. (114R extra beede 1558); XX st (119L St.Jan 1559).

In 1527 kreeg Henrix Wyllem Santegouts als man ende momber van Heylwygen, syns wyfs, dochter van Kathelyn, weduwe wylner Gerit Coppens, samen met de andere zeven kinderen van zijn schoonfamilie, het tochtrecht in 3-1/2 mud rog en ruilen zij twee schepenbrieven van resp. 2-1/2 en 1 mud rog tegen "een huys, hoef ende-hofstat met een acker ende een beemt daer aenliggend inder prochie van Boxtel tot Cleyn Lymde, item noch een stuck saetlants geheyte de Strep, gelegen aldaer".

In 1528 troffen haar kinderen een regeling voor de verzorging en het onderhoud van Henrick's schoonmoeder Kathelyn , zolang zij "in menscheliken foermen wesen sal ende nyet langer".

De erfenis van schoonmoeder Kathelyn werd gedeeld in 1539.

Toen in 1561 Henrick's weduwe Heijlwigh overleed, konden de kinderen van Henrick en Heijlwigh de geërfde goederen verdelen. Bij deze erfdeling bleken de volgende goederen aan Henrick te behoren: In Onrode: huys, schuere, schaepskoeye, perdtstalle, backhuys ende hoff metten aengelegen negen-lopensaet lants, acker landt "die Streepen", ackerlandt "die Doerenacker", acker "die Vrouwenacker", acker landt "die Steenoven, met annex een koeweyde, acker "den Ouden Boogaert", hoeybeempt "Hulsel", heybeempt "Rontbeempken", int Vuylsbroeck: een heycamp, aen de Hooge straat: een koeweyde, in Elde (Gemonde): heycamp "Coppen Hoeve", in Cleyn Liemde: ackerlant annex hoeybeemtken "dat Beecxken", hoeybeempt "Smaelbeemtken", ackerlant "dat Hoich Eeussel", in Haren onder Belveren: hoeybeempt.

Zoon Henrick erfde in mei 1561 van zijn ouders: "Oevermidts welcker erf felycke scheydingen ende deylingen den voirscreven Henricken te deele is gevallen, die hellicht in twee ackere landts, deen genoempt die Streepe ende den anderen den Doerenacker,.te weten die hellicht naester Strepen waert, die voirscreven ackere beyde gelegen wesen in de prochie van Boextel ter plaetsen genoemt Onroede, noch een vierdegedeelte in eenen hoeybeempt, gemeyndelyck genoempt Hulsel, gelegen onder die prochie vóirscreven, ende dat vorste gedeelte in eenen heycamp gemeyndelyck genoempt Coppen hoeve, gelegen onder Elde, hier vuyt sal men jaerlicx blyven gelden oimtrent een lopen rochs ende 53 gulden eens die welcke Aert Henricx (Zan tegoets) schuldich sal syn te betaelen van huyden des daags oever een jaerll.

In 1565 kochten Henrick en zijn broer Andries "een stuck lants, geheyten den Benacker, gelegen inder prochien van Boextel onder Munsel indt Elsbroick".In 1586 vond de deling plaats van de erfenis van Henrick en Beelken:"Adriaen, Jan ende Henrick, gebroederen, sonen wylen Henrick Santegoots, Adriaen Rutgers van Heesch als man ende momboir van Barbara synder huysvrouwen ende Heylken gesusteren, dochteren Henricx voirscreven, alle geassisteert met Aerden ende Andriessen gebroederen sonen Henrick Santegoets, ende Goessenen, Peterssen ende Willem Henricksen, hennen momboiren byden heere gegeven, hebben een, wittige erf fdeylinge gedaen vande naebestaende goederen henlieden te dele gevallen vande selven Henricken ende Beelken, dochtere Adriaen de Haernismaker".Deze goederen zijn:in Naestenbest: een eckerlantgeheyten het Soeulant een ecker geheyten de Dasunt huys, hoff ende erffenisse daeraen gelegen eenen ecker lants genoempt de Huyst eenen ecker genoempt den Lampkens acker in Boxtel onder Onrode : eenen ecker genoempt de Streepein Liempde : een beempt geheyten de Braexbeempt of Braken beempt een beempt geheyten de Schelen Beempt een eckerken genoempt het Hopvelt

ORA Oirschot (Toirkens 137b fol 96v no 411 dd 6-5-1553) Corstiaen zoon wijlen Willem Aerts van Zichem als weduwnaar van Elisabeth dochter van wijlen Henrick Philips van den Schoet, welke Elisabeth daarvoor weduwe was van Wouter Lodewijk Timmermans, als partij ter ener zijde en Henrick en Wouter, gebroeders en zonen van wijlen genoemde Wouter Lodewijk Timmermans en van genoemde Elisabeth, verder Dirck zoon wijlen Jacops van Haut als man van Heijlwigen dochter van genoemde Wouter en Elisabeth, verder Henrick, Wouter en Andries gebroeders en Wouter Aerts van Heesterbeeck als man van Antonia en nog Goijaert, minderjarig nog en allen kinderen van wijlen Lodewijk zoon Wouter Loijen Timmermans en genoemde Elisabeth als partij ter andere zijde, hebben een boedelverdeling gemaakt van het bezit dat ze hebben geerfd vanwege genoemde Corstaen en Elisabeth toen die laatste nog leefde, in eigendom hebben verworven en deze Elisabeth heeft nagelaten.

Bij deze verdeling krijgt Corstiaen (…) nog krijgt hij een jaarlijkse rente van twee en een halve gulden te ontvangen uit het bezit van Henrick Willem Santegoets onder Boxtel, (…).

OA Boxtel, Rekening van het Ruitergeld 1572-1573 (inv nr E.1) (fol 45) Aert Henrickx Santegoets compt t'onfangen vijff gulden ende twe stuyvers tot volder betalynge van tweentwintich gulden ende achtien stuyvers, die den selven quaemen van ruyter bij hem gehouden. Compt hier te betaelen V gul. II st. (fol 103) Aen Aert Henrick Santegoiets betaelt tweentwintich gulden ende achtien stuijvers ter saeken van ruijter bij hem gehouden. V[...] hier XXII gul. XVIII st.

Boxtel ORA (67:36 dd 24-4-1557) Heijlwich weduwe Henrick Willem Santegoets, vermelding, mogelijk belending.

Boxtel ORA (67: 88-90 dd 15-3-1558, 26-3-1558, 30-3-1558) f.88 Heijlwich weduwe Henrick Willem Santegoets, belending; f.89 idem, geeft een erfpacht; f. 90 Jan Joyrden Joyrdens schuldig aan Heijlwich weduwe Henrick Willem Santegoets fl. 40.-.-.


Huwt ca. 1520

51.705   Heijlwich Gerard COPPENS

FamilienaamIndex 51.705Vader 103.410Moeder 103.411

Overleden 1561

Kinderen

  1. Henrick Zie 25.852
  2. Roelof
  3. Gerritke (*ca. 1530), huwt Corstiaen Goyaert van den Hoevel
  4. Jutke (*ca. 1531), huwt Goyaert Dircks van Hees
  5. Jan Jan (+tussen 1581 en 1584); weduwe vermeld ORA Boxtel (inv 75 fol. 115, 119, 188v, 193; 74 fol 42; hij leeft nog fol 14v)
  6. Aert
  7. Andries (+na 1604); huwt N.N.
  8. Kinderen
    1. Daniel, vermeld in ORA Boxtel (inv 75 1591-96 fol 113, 118v, 48), “minderjarige en onnozele zoon”
    2. Jan, vermeld in ORA Boxtel (inv 75 1591-96 fol 113, 118v)
    3. Roelof, vermeld in ORA Boxtel (inv 75 1591-96 fol 113, 118v)

TerugBegin van generatie


51.706   Adriaen Henrick HARNISMAKERS

FamilienaamIndex 51.706Vader 103.412Moeder 103.413

Geboren voor 1497
Overleden na 1-1-1550, voor 19-9-1551

ORA Oirschot (Toirkens 129a fol 156v no 35-7 dd 27-1-1521) Jan Henrick Jueten verkoopt aan Adriaen Henrick Harnismakers een stuk akkerland genoemd de Steegakker, groot 2 en een halve lopenzaad gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. Willem Houbraken, Gijsbrecht van den Spijker, Vrank van der Meer. Lasten hieruit zijn 5 lopen rogge en een lopen gerst aan het klooster van der Donk bij Heusden. (Idem 36) Adriaen Henrick Harnismakers heeft beloofd om aan Jan Henrik Jueten die voortaan een rente van 2 rijnsguldens te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar op onderpand van de akker uit de vorige akte. (Idem 37) De rente uit de vorige akte is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag, tegen betaling van 32 rijnsguldens, mits er met Kerstmis vooraf is opgezegd.

ORA Oirschot (Toirkens 129b fol 382 no 195 dd 10-4-1524) Adriaen de Harnismaker belooft aan Goijaert Willem Henricks die per a.s. Maria Lichtmisdag een bedrag van 21 rijnsguldens te zullen betalen en nog 2 halve muddes rogge. Voor diens aandeel van deze beloft belooft ook Daniel Vos alias de Kersmaker mee te betalen.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 328v no 162 dd 14-4-1527) Eerder hadden Adriaen die Harnismaker, Joest Michiels van der Waerden en Henrick Willem Vos in het jaar 1526 op 9 maart, zich samen borg gesteld voor een bepaald bedrag dat Bernart van den Weijer in een zoenovereenkomst dan schuldig was te betalen als partij ter ener zijde en waarbij Goijaert van den Hoevel broer van de vermoorde Adriaen van den Hoevel, die door genoemde Bernart om het leven was gebracht, als partij ter andere zijde optraden, welk bedrag bedoeld was als boetedoening van de misdadiger, zoals in de brief van destijds is vastgelegd. Vandaag zijn hier verschenen Goijart van den Hoevel in eigen persoon die voor hemzelf optreedt en voor alle anderen die het aangaat en heeft verklaard dat hij volledig is voldaan voor de geldsom in de zoenbrief en hij verklaart ook dat hem is gebleken of heeft gezien en gehoord dat de toortsen, het dertigste en het kloostergewin, alsmede de bedevaarten zijn betaald of gehouden en het dunkt hem dat dit alles voldoende is. Goijaert geeft daarom volledig kwijting aan genoemde Bernart als misdadiger en aan alle anderen die kwijting behoeven.

Idem (fol 387 no 225 dd 21-7-1527) Jan Henrick Willems heeft verklaard dat Adriaen die Harnismaker aan hem een jaarlijkse rente van een gulden heeft afgelost, uit een rente van 2 gulden per jaar, die Adriaen eerder aan Jan had beloofd, op onderpand van een akker genoemd de Steeghakker.

ORA Oirschot (Toirkens 130a fol 30v no 79 dd 21-2-1528) Adriaen Henrick Harnismakers heeft beloofd om aan Gijsbrecht Vlemmincks de jonge die 71 gouden Karolusguldens te gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag met de rente tegen de penning zestien.

ORA Oirschot (Toirkens 130b no 206 dd 19-5-1529) Adriaen Henrick Harnismakers heeft beloofd om aan Gijsbrecht Vlemmincks de jonge die 71 gouden Karolusguldens te gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag samen met een rente tegen de penning zestien.

ORA Oirschot (Toirkens 131a no 231 dd 10-8-1531) Katalijn Willem Monen in aanwezigheid van Adriaen die Harnismaker, Lenaert Jacops en Adriaen Sloetmekere, haar buurlui, ook in aanwezigheid van haar tante Jenneke Jan Reijniers (Hoogneven, soms ook Tempelaars genoemd) heeft hierbij kwijting gegeven aan haar voogd Reijner Henrick Hoogneven, voor diens voogdijschap en het beheer dat hij over haar bezit heeft gehad. Ze bedankt hem voor die voogdijschap in aanwezigheid van bovenvermelde buurlui die de rekening in orde hebben bevonden.

ORA Oirschot (Toirkens 132a no 84 dd 4-2-1534) Adriaen Harnismakers heeft als schuldenaar beloofd om aan Jan Quants die 54 Karolusguldens te gaan betalen tussen nu en a.s. St. Andriesdag.

ORA Oirschot (Toirkens 133a fol 64v no 143 dd 17-6-1538) Claes zoon wijlen Henrick van der Vlueten verkoopt hierbij een stuk land groot ca. een half lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Adriaen Harnismaker, Marcelis Mortels, de gemeenschappelijke straat. Hij had dat perceel met het huis dat hij alsnog zal afbreken, en meer andere percelen gekocht van Jan Goijaert Sbeckers conform een schepenbrief van Oirschot. Hij verkoopt het bezit nu aan Adriaen Harnismakers en de verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen, behalve een jaarlijkse rente van 12 stuivers aan de erfgenamen van Henrik Meeus en een half oortstuiver als grondchijns aan de hertog.

Idem (fol 115 no 2754 dd 8-11-1538) Vervolgens is het dus zo dat de de verkopers van de Neijtenbeemd, van de Bollekens Scoet, en van de Haegenbeemd met Adriaen de Harnismaker een bepaalde belofte hebben gedaan ten behoeve van de minderjarige kinderen van genoemde Henrick Janssen van der Vloet, en daarom is hier is nu verschenen deze genoemde Henrick Janssen van der Vloet en heeft beloofd aan de verkopers en aan genoemde Adriaen de Harnismaker, die voor hun belofte die ze aan deze minderjarige kinderen hebben gedaan, ieder voor hun deel daarin die te zullen vrijwaren. Daarvoor verbindt hij zijn persoon en bezit.

ORA Oirschot (Toirkens 133b fol 73v no 257 dd 10-5-1539) Frederick zoon wijlen Goijaert Lemmens heeft beloofd om aan Adriaen die Harnismaker die voortaan een jaarlijkse rente van drie gouden Karolusguldens te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag, op onderpand van huis, tuin, grond etc. groot ca. een mudzaad, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Willem Goijaert Aelbrechts, Gerart Peters van de Laeck, Adriaen Harnismaker, de gemeenschappelijke straat. Hij belooft het onderpand in goede staat te houden voor de betaling van de rente. Datum 12 september, getuigen Cort en Velde. ( de oorspronkelijke maar doorgestreepte datum was 10 mei 1539). De rente is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd tegen betaling van 50 gouden Karolusguldens.

Idem (fol 111v no 359 dd 12-9-1539) Frank zoon Goijaert lemmens verkoopt hierbij een stuk land genoemd de Huijst, met recht van overpad over het erf van de weduwe en kinderen Mathijs Gerarts en meer anderen, groot ca. een lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Peter Janssen, Lambert Dircks van der Heijden, Dirck Ketelbueter, de kinderen van Jan Thijssen. Hij verkoopt het perceel nu aan Adriaen den Harnismaker en de verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen, behalve een blank chijns per jaar aan het kapittel te Boxtel.

ORA Oirschot (Toirkens 134a no 79 dd 1540) Agnees weduwe van Jan Henrick Willems met mij als haar voogd, doet hierbij afstand van haar recht van vruchtgebruik inzake een jaarlijkse rente van een gulden, uit een rente van twee gulden, waarvan er een is afgelost en welke rente van twee gulden Adriaen Henrick Harnismakers eerder had beloofd aan wijlen genoemde Jan, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een akker genoemd de Steegakker, groot 2 en een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Willem Haubraecken, Gijsbrecht van den Spijcker, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 27 januari 1521. Ze doet er nu afstand van ten behoeve van al haar wettige kinderen verwekt bij wijlen genoemde Jan.

Idem (fol 33 no 122 dd 1540) Adriaen zoon wijlen Henrick Harnismakers verkoopt hierbij een jaarlijkse rente van een gulden welke rente Gielis zoon wijlen Franck van der Meer eerder aan deze Adriaen had verkocht, steeds vervallend op St. Servaasdag op onderpand van een akker genoemd de Steeghakker, groot ca. twee en een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Geraert van Best, conform een schepenbrief van Den Bosch d.d. 20 mei 1528. Ook verkoopt hij nog de rente van 3 gulden per jaar, welke rente Franck zoon wijlen Goijaert Lemmens eerder aan genoemde Adriaen had beloofd, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc. groot ca. een mudzaad, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Willem Goijaert Aelbrechts, conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 12 september 1539. Hij verkoopt deze genoemde rentes nu aan zijn wettige zoon Henrick die daarvan het vruchtgebruik krijgt zolang hij leeft en niet langer, met de verplichting dat deze Henrick zodra hij priester zal zijn, elke week in de St. Odulphuskapel te Best op Donderdag daaruit missen moet opdragen voor het H. Sacraments aldaar en verder krijgt genoemde Adriaen of diens wettige erfgenamen, zijnde daarvan de manspersonen, daarvan het erfrecht met de zelfde verplichting van de genoemde missen. Het beschikkingsrecht van die missen komt bij de naaste en oudste mannelijke erfgenamen van genoemde Adriaen, met daarbij de zelfde bepaling als in de voorgaande akte inzake de rente van genoemde Jan ( Mercks ). De verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. (Idem 123) Adriaen zoon wijlen Henrick Harnismakers heeft beloofd aan zijn wettige zoon Henrick die een jaarlijkse rente van 20 stuivers te gaan betalen zolang hij leeft en niet langer, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een akker, genoemd die Huijst, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Peter Janssen, Lambert Verheijen, de kinderen van Jan Thijs, Goijaert van Best.

Idem (no 137 dd 26-2-1540) Adriaen zoon wijlen Henrick Harnismakers heeft aan mij beloofd ten behoeve van Henrick de wettige zoon van genoemde Adriaen, die een jaarlijkse rente van 12 gulden te gaan betalen, zolang deze Henrick leeft en niet langer dan als zodanig, steeds vervallend op St. Jansdag van elk jaar en voor de eerste keer per a.s. St. Jansdag over een jaar, op onderpand van zijn huizen, tuin, grond, beemden etc. waar dat bezit ook is gelegen, zonder enige uitzondering. Wij als schepenen bevestigen hierbij dat het bezit van deze Adriaen van voldoende waarde is ter betaling van de genoemde rente.

ORA Oirschot (Toirkens 134b no 253 dd 24-5-1541) Henrick zoon wijlen Jan Mercks, als wettige man van Elisabeth dochter van wijlen Wouter Colen, heeft beloofd om aan heer Henrick zoon Adriaen Harnismaker, priester die daarvan alleen het vruchtgebruik krijgt en waarvan de andere naaste erfgenamen van genoemde Adriaen Harnismakers, zijnde de oudste manspersonen daarvan het erfrecht krijgen, om die een jaarlijkse rente van 20 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend op Hemelvaartsdag, op onderpand van een beemd genoemd de Benrijth....., gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Oijken dochter van Geerlicks van den Melcroth, Franck Goijaerts, Claes Henricks, de kinderen van Jan Lemans, Jan Hoppenbrouwers, de Broeckstraat. Daarbij gelden de verdere voorwaarden zoals bij de rente van een gulden die Adriaen harnismakers verleden jaar op 24 februari 1540 voor schepenen van Oirschot heeft beloofd gehad aan genoemde heer Henrick Harnismakers en de voorwaarden bij een jaarrente van 3 gulden doe zijn te vorderen van Gielissen Francken van der Meer en nog de voorwaarden van een jaarlijkse rente van 3 gulden die te vorderen zijn van Franck Goijaert Lemmens, n.l. dat deze rentes dienen voor de Donderdagse mis van het H. Sacrament in de St. Odulphuskapel te Best. De rente is altijd aflosbaar op Hemelvaartsdag van elk jaar, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 16 gulden en de achterstallige termijnen.

ORA Oirschot (Toirkens 134c fol 70 no 228 dd 12-6-1542) Dirck Janssen van der Heijen en met hem Jan Janssoon van der Heijen hebben beloofd om aan Heijlwigen weduwe van Adriaen Henrick Everaerts, waarbij zij daarvan het vruchtgebruik krijgt en haar wettige kinderen verwekt bij genoemde Adriaen voor een helft en Adriaen Harnismakers daarvan ten behoeve van Aleijt dochter van Henrick Everaerts wat betreft de andere helft daarvan het erfrecht krijgt, die voortaan een jaarlijkse rente van 27 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc. groot ca. een mudzaad, genoemd de Engelsbraeck, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p.de erfgenamen van Franck van der Meer, Gerit van Best, Anthonis Michiels, de gemeijnte. Adriaen Harnismekers en Heijlwich uit de vorige akte staan aflossing van de rente altijd toe op Maria Lichtmisdag van elk jaar, mits er met Kerstmis daaraan voorafgaand is opgezegd, tegen betaling van 24 gulden en de achterstallige termijnen.

ORA Oirschot (Toirkens 135a fol 45 no 317 dd 28-7-1544) Everaert en Henrick, broers en kinderen van wijlen Jans der Weeuwen, verder Peter van den Nuwenhuis als wettige man vanIjken wettige dochter van genoemde Jans der Weuwen, nog Rutger Lamberts als voogd van de minderjarige kinderen van Rutger Nagelmakers en diens overleden vrouw Beelken uit de voorgaande akte, waarvoor hij belooft dat als die meerderjarig zullen zijn dat ze deze verkoop dan alsnog zullen bekrachtigen, verkopen nu samen het vierde deel van de helft van een beemd zoals hiervoor vermeld. Het perceel wordt verkocht aan Adriaen Henrick Harnismekers met uitzondering van twee elzebomen die daar staan. De verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen en wel ieder voor zijn vierde deel daarvan, behalve een grondchijns van 4 stuivers danwel een oort meer of minder aan de hertog. Het perceel is direkt te aanvaarden. (Idem 318) Adriaen zoon wijlen Henricks Harnismakers heeft als schuldenaar beloofd om aan de verkopers uit de voorgaande akte die een bedrag van 150 gulden te zullen gaan betalen per heden datum over twee jaar en twee dagen samen met een rente tegen de penning zestien. Het betreft hier een overgedragen schuld op conditie van het beding van parate executie.

ORA Oirschot (Toirkens 135b fol 24v no 152 dd 12-3-1545) Voor ons is verschenen Jan Jan Aerts en deze verkoopt aan Ariaen Henricks de navolgende percelen. In de eerste plaats een beemd genoemd de Voorste Blaekenbeemd, samen met twee paden, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. Jan Jan Aerts als verkoper zelf, Ariaen den Harnismaker als koper, de kantor van Oirschot, behalve de sloot die reserveert de verkoper voor de helft voor zichzelf van 3 voet breedte. Verder verkoopt hij twee aan elkaar gelegen stukken driesland genoemd de Laeren, ter zelfder plaatse gelegen, b.p. het erf van de verkoper, b.p. het erf van de verkoper, Ariaens de Harnismaker. Verder verkoopt hij een stuk akkerland genoemd de Stockakker, samen met een walletje daaraan gelegen tot aan de sloot van de verkoper en tot zover de akker loopt, ter zelfder plaatse gelegen, b.p. Ariaen die Harnismaker, Marcelis Elen Mortels, het erf van Jan als verkoper zelf, Dirck Gijsbrechts van den Spijker. De verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. (Idem 153) Genoemde Ariaen uit de vorige akte heeft beloofd om aan Jan Jan Aerts een bedrag van 265 gulden te zullen betalen per a.s. Maria Lichtmisdag.

In 1551 erfde de nog ongehuwde Beelke van haar ouders: In Naestenbest: de Lunkens ecker, een stuck lants genoempt den Waferlaer, die ecker Aen die Heye met enen lopensaet heyvelts daeraen gelegen en eenen ecker genoempt die Huyske. In Liempde: den halven Braeckelse bimden, den halven Schelen bempt. In Boxtel: een helft in twee hoefkens. Voorts een aantal lasten; 7 lopen rog, 2 lopen rog, aan de Heer van Boxtel de grondcijns van 6 stuver, 1 oort en 1 penning; 1 blanken, een pont was "aent hooft van Boextel", rog voor de kerk van Esch, enz. Op basis hiervan begonnen Henrick en Beelke in Naestenbest hun bedrijf.

(Bron Henk Coolen uit Jan Santegoeds, “Santegoeds-Santegoets” (nog niet geverifieerd).)

ORA Oirschot (Toirkens 137c fol 114v no 399-400 dd 6-9-1555) Evert, Jan en Baudewijn, gebroeders en wettige kinderen van wijlen Adriaens die Harnismaker, voor henzelf en ook vanwege hun zusters Beelken en Marien, verkopen hierbij een beemd genoemd de Brouwers Broekbeemd, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest in het Besterbroek aldaar, b.p. Jacop Philips van den Schoot, de geneijnte. Ze verkopen dit perceel nu aan hun broer heer Henrick Adriaens die Harnismaker en de verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen, behalve de jaarlijkse grondchijns. (Idem 400) Genoemde heer Henrick Adriaens die Harnismaker uit de vorige akte heeft beloofd om deze beemd zoals hij die heeft verkregen weer aan zijn broers over te dragen zodra er hierop een jaarlijkse rente van 6 gulden op geleend is en waarbij hij die rente zodanig zal betalen dat deze beemd in kwestie daarvoor gevrijwaard zal blijven.

ORA Oirschot (Toirkens 138a fol 74v no 356 dd 25-7-1557) Heer Henrick zoon wijlen Ariens die Harnismaker, priester voor zichzelf en ook optredend voor zijn broers en zusters, heeft op de navolgende voorwaarden aan Ijwaen Smollers de oude hofstede verhuurd en ook de nieuwe hofstede genoemd de Prinsheester met alle huizen die erbij horen, oude en nieuwe, en verder bepaalde weilanden, beemden etc, zoals hierna gespecificeerd. In de eerste plaats een weiland genoemd de Baenrijt, met een beemd genoemd de Vorsten Blaekenbeemd, nog een beemd genoemd de Danielsbeemd, b.p. de Hoelstraat en verder nog een weilandje gelegen aan de straat van het erf van de H. Geest van Den Bosch. Verder nog een beemd genoemd de Broekbeemd gelegen onder herdgang Naastenbest, nog een beemd genoemd den Oijendock, met een dagmaat hooiland gelegen in de Prinsbunders onder Liempde. De pachter zal hiervoor jaarlijks als huur 16 mudde rogge betalen en nog 6 mudde gerst per jaar. Verder moet hij jaarlijks 5 vijmen dakstro leggen op het huis. Als voorlijf van het huis en de beemden en de groes moet de pachter 40 gulden betalen en de halve boomgaard afstaan, nog 2 steen vlas die klaar zijn om gehekeld te worden, nog 2 pond boter waarvan 10 pond in de meimaand en 10 pond in de spurrietijd, nog 50 eieren, de helft daarvan in de oogsttijd en de andere helft met Pasen. De eerste termijn van de rogge en de gerst vervalt met Lichtmisdag anno 1558 en het voorlijf van 40 gulden per afgelopen Allerheiligendag anno 1556, maar moet in ieder geval voor Maria Lichtmisdag betaald zijn. Verder mag de pachter direkt een tuin aanvaarden genoemd de Sloetshof om daar lijnzaad te telen en kool te planten. Verder moet de pachter het huis onderhouden ook wat betreft de ramen en het dak zoals hij het heeft aanvaard. De pachter krijgt elk jaar 100 bussels elsen rijshout om daarmee te kunnen bakken maar de pachter zal verder geen hout mogen afkappen. Hij mag wel alle tuinen gebruiken en een nieuwe bakoven maken, afkomstig van het materiaal van de oude bakoven van de verhuurder. Verder mag de pachter elk jaar plaggen steken ter grootte van een lopenzaad hei in de Dasmit en in het grote heiveld aan de Prinsheester en verder mag de huurder niet in de beemden, weilanden, groesvelden en kanten plaggen steken maar alleen op de kanten van de genoemde percelen en wel ca. een voet breed en niet meer. Verder is voorwaarde dat de huurder de boekweitvelden achter zal laten zoals hij die heeft aanvaard en zoals het koren wordt geleverd door de verhuurder en dat moet hij in 6 vrachten naar Liempde brengen. De huurtermijn loopt over 8 jaren waarbij elk van de partijen die na 4 jaar kunnen beeindigen zonder opzegtermijn. De huurder mag de hofstede aanvaarden per a.s. Pinksteren, anno 1556 samen met de kanten en de groesvelden, en het land is te aanvaarden met de oogsttijd daarna. De beemden mogen in het laatste jaar na het verlaten nog worden gemaaid, en er mag geen mest behalve stromest worden afgehaald, maar de percelen moeten worden achtergelaten zoals ze eerder werden aanvaard. Voor de naleving van deze overeenkomst heeft Jan Henricks van de Ven zich borg gesteld en heeft samen met Ijwaen Smollers beloofd deze voorwaarden na te zullen komen.

ORA Oirschot (Toirkens 142b fol 273 no 36-8 dd 31-1-1581) Heer Henrick en Evert, broers en kinderen van wijlen Adriaen de Harnismaker en nog Beelken dochter van genoemde Adriaen de Harnismaker weduwe van Henrick Santegoets met Niclaes Jan Goessens haar voogd aan haar toegewezen, verkopen hun erfdeel inzake een akker genoemd de Steegakker, groot ca. 4 lopenzaad en 23 en een halve roede, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Rutgert Janssn. die Brouwer, Jenneken weduwe van Jan Corstens, Jenneken dochter van genoemde Jan Ariaens, Elisabeth weduwe van Jan Ariens junior, Jan Philips van den Schoet en zijn kinderen. Ze hebben dit bezit geerfd bij de dood van Marieken dochter van genoemde Arien die 'innocent' was en verkopen dit erfdeel nu aan Elisabeth dochter van wijlen Henrick Verrooten weduwe van genoemde wijlen Jan Ariens, waarbij zij het vruchtgebruik krijgt en haar dochter Marieken verwekt bij deze Jan Ariaens het erfrecht. Genoemde verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen, behoudens een jaarlijkse pacht van 5 lopen rogge en een lopen gerst aan de erfgenamen van Jan Roefs in Veldere, nog 20 stuivers per jaar om een dienst te laten houden voor het H. Sacrament in de St. Odulphuskerk te Best en de eerste termijn daarvan vervalt per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar welke pacht Elisabet heeft beloofd zodanig te betalen dat genoemde verkopers daarvoor verder gevrijwaard blijven. (Idem 37) Bij deze verkoop verklaart Elisabeth met haar voogd dat ze gehouden is om als dat nog niet is gebeurd per lopenzaad een bedrag van 45 gulden te zullen betalen en de akker anders behoorlijk op te laten meten. (Idem 38) Evert zoon wijlen Adriaen die Harnismaker verkoopt een stuk land, deels akker en deels heigrond, dat eerder van de gemeente Oirschot in gebruik is genomen, groot ca. 6 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. genoemde Evert zelf, de gemeijnte. Hij verkoopt dit perceel nu aan Elisabeth dochter van Henrick Verrooten weduwe van Jan Ariens, waarbij zij het vruchtgebruik krijgt en haar dochter Marieken verwekt bij wijlen genoemde Jan (…)

ORA Oirschot Toirkens (no 6 dd 17-1-1594) Marike dochter Jan Corstens, weduwe van wijlen Bouwen Adriaenssn. de Harnismaker, geassisteerd door haar zoon Adriaen, verkoopt haar aandeel in een stuk grond van 2 lopenzaad dat ze middels een testament van haar broer Heer Henrick had verkregen, genoemd het Laer, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Laureijs Joachims, Jan Thomas, Adriaen Jan Joris, de koper. Het wordt nu verkocht aan Adriaen Henrick Santegoets. De verkoopster belooft alle lasten van haar kant af te handelen.


Huwt

51.707   Barbara Jans van de BICHELAAR

FamilienaamIndex 51.707Vader 103.414Moeder 103.415

Overleden na 1553

Kinderen

  1. Henrick (+voor 1599), priester; in 1584 priester en beneficiant van de St. Odulphuskerk te Best
  2. Evert
  3. Boudewijn (+na 1582, voor 1594), huwt Marike Jan Corstens (+na 1594)
  4. Beelke Zie 25.853
  5. Marieke (+voor 1581), innocent
  6. Jan, huwt Elisabeth Henrick Verrooten

TerugBegin van generatie


51.710   Jan Dirck HERMANS

FamilienaamIndex 51.710Vader 103.404Moeder 103.405

Geboren voor 1508
Overleden na 1556 voor 30-1-1561

ORA Oirschot (Toirkens 131b no 136 dd 16-3-1532) Marcelis Eelen Mortels heeft beloofd om voortaan aan Jan Dirck Hermans die een jaarlijkse rente van 20 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend per half april en voor de eerste keer per a.s. half april, op onderpand van een huis, tuin etc. groot ca. 2 lopenzaad gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. de kinderen van Henrick Mortels, de kinderen van Jan Reijners, de waterlaat daar, de gemeenschappelijke straat. Hij belooft het onderpand in goede staat te houden voor de betaling van de rente. De rente is altijd aflosbaar per half april, tegen betaling van 17 gouden Karolusguldens.

ORA Oirschot (Toirkens 132a fol 85 no 278-9 dd 7-9-1534) Claes Aert Lenart Rombouts verkoopt hierbij een lopenzaad land met recht van overpad over het erf van Dirck Beertrams van den Spijker en over de gehele akker waar dat daar gebruikelijk is en waarvan dat lopenzaad ook van afgemeten zal worden, welke akker de Groetakker wordt genoemd, groot ca. 7 lopenzaad, welk een lopenzaad aan de zuidzijde wordt afgemeten, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. Jan Dirck Hermans, de Groetakker, Andries Peters van de Laeck, Dirck Francken, Jan de Cuijper. Hij verkoopt het perceel nu aan Jan Dirck Hermans en het is te aanvaarden per a.s. oogst anno 1535 over twee jaar stoppelbloot. De verkoper belooft alle lasten hierin van zijn kant af te handelen. (Idem 279) Het lopenzaad land uit de vorige akte kan altijd worden vrijgekocht en afgelost tegen betaling van 20 gouden Karolusguldens, maar als bij de aflossing het land is ingezaaid met rapen, met graan of met spurrie, of met ander graan is ingezaaid, dan krijgt de teler daarvan de helft.

ORA Oirschot (Toirkens 134c no 58 dd 3-2-1542) Goijaert zoon wijlen Peters van de Laeck heeft beloofd om aan Jan Dirck Hermans die een jaarlijkse rente van 3 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van de Grootakker zoals is vermeld in de voorgaande akte. De rente is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag van elk jaar, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 50 gulden en de achterstallige termijnen.

ORA Oirschot (Toirkens 135a no 63 dd 2-3-1543) Peter Janszoon van den Spijker heeft beloofd om aan Jan Dirck Hermanszoon die voortaan jaarlijkse een rente van 3 gulden te gaan betalen, steeds vervallen op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een akker genoemd den Heijtcamp, groot ca. 3 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. Claes Henricks, de gemeijnte. De rente is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag van elk jaar tegen betaling van 50 gulden en de achterstallige termijn, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd.

ORA Oirschot (Toirkens 135b no 58 dd 22-1-1545) Voor ons is verschenen Henrick Maes Claessen en heeft beloofd om voortaan aan Jan Dirck Hermans een jaarlijkse rente van 20 stuivers te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin, etc. gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p.de heikant, de kinderen van Jan Schoenmakers, Ariaen die Cuijper, de weduwe en kinderen van Jan Goijaert Goessens. Jan Dirck Hermans uit de voorgaande akte staat aan Henrick Maes Claessen toe dat die de rente altijd op Maria Lichtmisdag van elk jaar mag aflossen tegen betaling van 16 guldens en de achterstallige termijnen, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd.

ORA Oirschot (Toirkens 137a no 36 dd 23-1-1551) Henrick zoon wijlen Gijsbrecht Vlemmincks heeft beloofd om aan Jan Dirck Hermans die voortaan een jaarlijkse rente van 3 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc. groot ca. een zesterzaad, gelegen in herdgang Straten, b.p. de Pennincksdijk, de weduwe en kinderen van Dirck Janssen, de gemeijnte, Pauwels Wijnen. Ook nog op onderpand van een weiland genoemd Deelsdonck, groot ca. 4 lopenzaad, gelegen in herdgang Straten, b.p. Marcelis van de Loo, de gemeijnte, Henrick Scremers. De rente is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag van elk jaar, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 50 gulden en de achterstallige termijnen.

Idem (no 296 dd 30-9-1551) Jan Dirck Hermans verkoopt hierbij een perceel dat onlangs van de gemeente Oirschot in gebruik is genomen, groot ca. 4 lopenzaad, gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. Lenaert Jacops, de gemeijnte, welk perceel hij heeft verkregen van de gedeputeerden van Oirschot conform een brief daarover. Hij verkoopt het perceel nu aan mij ten behoeve van Peter Jan Corstens en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 137a fol 39 no 150 dd 23-3-1552) Jan Dirck Jacops heeft beloofd om voortaan aan Jan Dirck Hermans die een jaarlijkse rente van 6 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op St. Jansdag en voor de eerste keer per a.s. St. Jansdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc. groot ca. 6 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. de gemeijnte, Daem Slegen, Peter Jan Haecks de oude. Jan Dirck Hermans staat aflossing van de rente altijd toe, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 100 gulden en de achterstallige termijnen. (Marge : Andries, Aert en Rutger, kinderen van wijlen Dirck Jan Hermans verklaren dat Jacop Jan Dircks aan hen deze rente heeft afgelost samen met alle achterstand daarvan. Datum 24 december 1616.)

ORA Oirschot (Toirkens 137b fol 1 no 1 dd 4-1-1553) Henrick zoon wijlen Willem Andriessen verkoopt hierbij een jaarlijkse rente van 20 stuivers welke rente Gijsbert Willem Corstens eerder had beloofd aan Jan Aerts ten behoeve van diens moeder Marien die daarvan het vruchtgebruik kreeg en al haar wettige kinderen verwekt bij Aerden Jacops daarvan het erfrecht. De rente vervalt elk jaar op Maria Lichtmisdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc. conform een schepenbrief van Oirschot uit het jaar 1529. Deze rente heeft Jan Hermans geerfd als man van Aleijt dochter van genoemde Aert Jacops en deze Jan Hermans had de rente weer doorverkocht aan genoemde Henrik van hierboven in het jaar 1531. Verder verkoopt hij een jaarlijkse rente van drie gulden welke eerder door Dirck Dielis Smolders was beloofd aan Aerden Jacops, steeds vervallend op Sint Jansdag op onderpand van een huis, tuin, grond etc. gelegen in Oirschot conform een schepenbrief van Oirschot uit het jaar 1520. Verder verkoopt hij een jaarlijkse rente van 3 gulden die genoemde Dirck Dielis Smolders eerder aan deze Aerden Jacops had beloofd uit dat zelfde huis conform een brief daarover uit het jaar 1521 en welke rente Jan Hermans eerder had geerfd zoals hierboven en deze Jan Hermans had verkocht aan Henrick Willem Andriessen conform een schepenbrief d.d. Nieuwjaarsavond van het jaar 1553. Hij verkoopt deze rentes nu aan Peter Jan Jooris en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. (marge 1: Peter Jan Jooris verkoopt de hierbij genoemde rente van 20 stuivers nu aan Joorden Daniels van Gerwen en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. Datum 27 januari 1553; Marge 2: Ook de andere twee rentes van elk 3 gulden van hiernaast worden door Peter Jan Jooris nu verkocht aan Jan Dirck Hermans en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.)

ORA Oirschot (Toirkens 137b fol 4 no 11 dd 10-1-1554) Willem zoon Willem Jacop Keijmps heeft beloofd om aan Jan Dirck Hermans die voortaan een jaarlijkse rente van twee gulden te gaan betalen, steeds vervallend op St. Bavodag en voor de eerste keer per a.s. St. Bavodag op onderpand van een beemd genoemd de Deecken, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. Elias Gijb Lebbens, Peter Jan Corstens, de Vleutsche Straat. Datum als boven, getuigen Schoet en Schoet. De rente is altijd aflosbaar op St. Bavodag, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 32 gulden en de achterstallige termijnen.

Idem (fol 63v no 257 dd 17-5-1554) Jan zoon wijlen Geerit Philips heeft beloofd om aan Jan zoon wijlen Dirck Hermans die voortaan een jaarlijkse rente van 6 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een stuk akkerland genoemd de Lerpt, groot ca. 5 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. Willem Pauwels, de weduwe en kinderen van Henrick Schoetmans, de Lerptloop, de kinderen van Job van Beerwinkel. De rente is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag van elk jaar, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 100 gulden en de achterstallige termijnen.

ORA Oirschot (Toirkens 137c fol 70v no 259 dd 17-5-1555) Henrick zoon wijlen Goijaert van den Heuvel verkoopt hierbij een akker groot ca. 4 lopenzaad min 6 en een vierde roede, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. Peter Denissen, Aerts die Metsere, de weduwe van Lenaert Jan Hermans, de weduwe van Willem Roesten. Er is recht van overpad over de percelen van Aerts die Metsere, Peter Denis en de mesthoop aldaar, en over de kanten tussen de beide akkers. Hij verkoopt dit perceel nu aan Jan Dirck Hermans en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve een jaarlijkse rente van 3 gulden aan Arien van den Sande en diens kinderen. De eerste termijn voor rekening van de koper vervalt per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar.

Idem (fol 76v no 281 dd 25-6-1555) Peter zoon wijlen Jan Haecks de jonge en meester Jan zoon van genoemde Peter Jan Haecks verkopen hierbij de helft van een akker nog onverdeeld zijnde, groot in totaal een zesterzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, genoemd de Hulsbosch, b.p. de gemeijnte, Goossen Claes Scepens. Ze verkopen dit perceel nu aan Jan Dirck Hermans en de verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen.

Idem (fol 105 no 370 dd 5-10-1555) Henrick zoon Jan Mercks heeft beloofd om voortaan aan Jan Dirck Hermans die een jaarlijkse rente van 20 stuivers te zullen gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een akker genoemd het Bruijnsel, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Odulphus Peter Haecks, Dielis Dirck Jacops, de gemeenschappelijke straat, Jan Dirck Jacops. Jan Dirck Hermans staat aflossing van de rente altijd toe op Maria Lichtmisdag van elk jaar, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd, tegen betaling van 16 gulden en de achterstallige termijnen.

ORA Oirschot (Toirkens 138a fol 61 no 229 dd 20-7-1556) Arien zoon wijlen Jans van den Maerselaer als gemachtigde van Adriaen en Joost, broers en vanwege Dirck Janszoon van Waelre als man van Geertruid, allen kinderen van genoemde Ariens Jan van de Sande, heeft verklaard dat Jan Dirck Hermans aan hem een jaarlijkse rente van 3 gulden heeft afgelost welke rente Peter Denis Peters eerder had beloofd aan Jan Aerden Meijssen, aan Aerden en Joosten wettige kinderen van Adriaens Jans van de Sande, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag op onderpand van een akker groot ca. 4 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest. Genoemde Arien geeft hierbij kwijting aan deze Jan Dirck Hermans.

ORA Oirschot (Toirkens 139a fol 13v no 67 dd 30-1-1561) Rutger Andriessen van den Laeck heeft beloofd om aan Denis zoon van Jan Dirk Hermans ten behoeve van Ariken weduwe van Jan Dirck Hermans, zijn moeder, die voortaan een jaarlijkse rente van 3 gulden te gaan betalen waarvan de eerste termijn vervalt per a.s. St. Bavodag op onderpand van een beemd gelegen aan de Diepsteegde in Oirschot, herdgang Verrenbest, b.p. meester Jan Verstegen, Rutger Lauwerijns Steen..., het klooster van de Carthuizers, de gemeenschappelijke straat. De rente is altijd aflosbaar tegen betaling van 50 gulden en de achterstallige termijnen, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd.

Idem (no 72, geen datum, 1561) Genoemde Adriaen Henricks, Rut Willem Brouwers als man van Heijlwigen en Jacop Henrick Willems als man van Thonia uit de voorgaande akte, hebben beloofd om aan Denissen Jan Dirk Hermans ten behoeve van Ariken weduwe van genoemde Jan Dirck Hermans, diens moeder, die voortaan een jaarlijkse rente van 50 gulden ( moet zijn 3 gulden) te gaan betalen en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van het huis, tuin etc. uit de voorgaande akte. De rente is altijd aflosbaar tegen betaling van 50 gulden en de achterstallige termijnen, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd.

Idem (no 76 dd (1-2?)-1561) Goijaert Aert Jacops heeft beloofd om voortaan aan Denis, Henrick, Henrieksken en Elisabeth, wettige kinderen van Jan Dirck Hermans verwekt bij Ariken dochter van Goijaerts van Geloeven die een jaarlijkse rente van 7 gulden te gaan betalen en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar, op onderpand van een huis, tuin, grond etc. groot ca. 6 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. de kinderen van Jan Huiskens, de weduwe van Gijsbrecht de Hoppenbrouwer, de lopende straat. De rente is altijd aflosbaar tegen betaling van 100 gulden en de achterstallige termijnen, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd.

Idem (no 86 circa 1-2-1561) Anthonis Dirk Verhoeven heeft beloofd om voortaan aan Denis, Henrik en Henrieksken en Elisabeth wettige kinderen van Jan Dirck Hermans verwekt bij Ariken dochter van Goijaerts van Geloeven die een jaarlijkse rente van 2 gulden te gaan betalen en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een weiland gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. Henrick Willem Jacops, Jan Goijaerts van den Hovel, Jan Peeters, de Vleutstraat. De rente is vrij van de tiende penning etc. De rente is altijd aflosbaar tegen betaling van 32 gulden en de achterstallige termijnen, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd.

Idem (fol 54v no 200 dd 4-4-1561) Jacop Goijaerts van den Maerselaer en Ghijsbrecht Ghijb Hoppenbrouwers hebben samen en ieder hoofdelijk beloofd om aan Denissen, Henrick, Henrieksken en Lijsken, alle wettige kinderen van wijlen Jan Dirck Hermans, verwekt bij Ariken dochter van Goijaerts van Geloeven, die een jaarlijke rente van 5 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag op onderpand van een beemd, genoemd den Maerselaer, gelegen in Oirschot herdgang Straten, b.p. de gemeijnte, de weduwe van Antonis van Est. Ook nog op onderpand van een akker genoemd de Braecken, gelegen in herdgang Aerle, b.p. Willem Hermans, Willem Wouter Jacops, Marcelis Mortel, Jan Aempts. De rente is altijd aflosbaar op Maria Lichtmisdag van elk jaar, tegen betaling van 80 gulden en de achterstallige termijnen, mits er 3 maanden vooraf is opgezegd.

ORA Oirschot (Toirkens 139d fol 17 no 59 dd 29-1-1565) Henrick Antonis Cortten heeft beloofd om aan Dirck Jan Hermans ten behoeve van Henrieksen en Lisbetten, gezusters en kinderen van Jan Dirck Hermans, die voortaan een jaarlijkse rente van 3 gulden te gaan betalen, steeds vervallend op Maria Lichtmisdag en voor de eerste keer per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar, op onderpand van een akker groot ca. 7 en een halve lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. de kinderen van Dirck van Geloven, de kinderen van Jan Hermans, de gemeenschappelijke straat, Meus Antonissen en meer anderen. De rente is altijd aflosbaar elk jaar tegen betaling van 50 gulden en de achterstallige termijnen, mits er 3 maanden voor Maria Lichtmisdag is opgezegd. (In marge: Op 8 mei 1593 heeft Joost Pauwels Croonen ( later Croonenburg) als man van Lijsken dochter van Jan Hermans op deze rente van 3 gulden een rente van 30 stuivers afgelost.

ORA Oirschot (Toirkens 140a fol 50v nos 25-6 dd 25-1-1566) Dirck, Denis en Henrick broers en wettige kinderen van wijlen Jan Dirck Hermans, voor henzelf en ook optredend voor Henrieksken en Lisbeth, gezusters en ook kinderen van genoemde Jan Dirck Hermans, dragen een akker over, groot ca. 4 lopenzaad gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. Henrick Antonis die Cort, de kinderen van Lenaert Jan Hermans, Joirdens Vervloet. Het perceel wordt nu overgedragen op de wijze van een ruil aan Henrick Antonis die Cort. Genoemde Dirk, Denis etc. beloven alle lasten van hun kant af te handelen. (Idem 26) Henrick Antonis Cortten draagt een akker over groot ca. 4 lopenzaad die hij voor de helft van zijn overleden ouders heeft geerfd en voor de andere helft heeft gekocht van zijn broer Adriaen Antonis Corttenzoon, gelegen in Oirschot herdgang Verrenbest, b.p. de kinderen van Jan Hermans, Elias Melis Lathouders, Joirden Adriaens van den Horck en meer anderen, Goijaert Dircks van Geloven en meer anderen. Hij draagt dit perceel bij wijze van ruil over aan Dirck, Denis, Henrick, Henrieksken en Lisbeth, broers en zusters en kinderen van wijlen Jan Dirck Hermans en hij belooft alle lasten van zijn kant af te handelen.

ORA Oirschot (Toirkens 141c 1576 los stuk 2 uit 1572) De kerkmeesters van Best optredend voor Jan Dirck Hermans hebben middels een vonnis van de schepenbank van Oirschot een akker laten uitwinnen genoemd het Bruinsele, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Odulphus Peter Haeckx, Dielis Dirck Jacops, de gemeenschappelijke straat en wel vanwege een rente van 20 stuivers per jaar die 7 jaar onbetaald is gebleven. Deze rente had Henrick zoon Jan Merks eerder beloofd aan genoemde Jan Dirck Hermans en vervalt elk jaar op Maria Lichtmisdag conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 5 december 1555. Zodoende willen de kerkmeesters deze akker veilen en tegen het hoogste bod in het openbaar verkopen voor de betalingsachterstand en de kosten van de procedure. Omdat de termijn daarvoor inmiddels verjaard is, zullen de kerkmeesters zitting houden in Oirschot ten huize van Adriaen Daniels, vorster en waard in herberg de Zwaan, op 31 januari a.s. waarbij er 3 zondagen vooraf publikatie zal plaatsvinden zoals gebruikelijk is. Ondertekend : R. van der Ameijden.

Ik, Jan Goessels, dienaar van de groene roede in Den Bosch bevestig dat het bovenstaande op twee zondagen alhier is gepubliceerd geweest waarvan de eerste keer op 25 januari anno 1572, ondertekend : Jan Goessels. (Idem los stuk 3) De kerkmeesters van Best die gerechtigd zijn vanwege Jan Dirck Hermans hebben met een schepenbankvonnis van Oirschot beslag laten leggen op een akker genoemd het Bruinsel, gelegen in Oirschot herdgang Naastenbest, b.p. Odulphus Peter Haeckx, Dielis Dirck Jacops, de gemeenschappelijke straat, Jan Dirck Jacops, en wel vanwege een rente van 20 stuivers per jaar die 7 jaar achterstallig is. Deze rente had Henrick Jan Mercks eerder beloofd aan Jan Dirck Hermans en vervalt elk jaar op Maria Lichtmisdag conform een schepenbrief van Oirschot d.d. 5 december 1555, waarvan de koop is gegund aan deze kerkmeesters. (…)

ORA Oirschot (Toirkens 144a fol 48 no 271 dd 11-9-1592) Henrik zoon wijlen Jan Hermans, Andries en Jan broers en zonen van wijlen genoemde Dirk Jan Hermans, Lauwreijs zoon wijlen Joachim Schonen als man van Elisabeth ook dochter van genoemde Jan Hermans, verder nog Mathijs Danels als man van Marike, dochter van genoemde Dirck Jan Hermans, verder deze laatste ook namens Rutger zoon van genoemde Dirck Jan Hermans, verkopen een rente van 8 gulden per jaar, die zij ontvangen van de kinderen Henrick Anthonis Corten op onderpanden te Oirschot, herdgang van Verrenbest aan de heide aldaar. Verder verkopen ze nog een rente van 3 gulden die wordt geheven op de weduwe van Willem Rutgers, ter zelfder plaatse gelegen aan de duitse Val. De rentes worden met alle betalings-achterstand verkocht aan Thomas van den Ecker, Goijaerden Willem Goijaerts en aan Gerard Janssn. van Cleijnenbreugel, kerkmeesters te Best, waarbij wordt gehandeld overeenkomstig het testament van wijlen Denis Jan Hermans.


Huwt ca. 1528

51.711   Ariken Goyaert van GELOVEN

FamilienaamIndex 51.711Vader 103.400Moeder 103.401

Geboren ca. 1510
Overleden na 25-7-1566

Kinderen

  1. Denis (*voor 1540 +voor 1591)
  2. Dirck (*voor 1540 +voor 1591), vader van Marieke, Rutger, Andries en Jan
  3. Henrick
  4. Henrieksken
  5. Elisabeth Zie 25.855

TerugBegin van generatie


51.780   Geraert Herman Noijens van HULSEL

FamilienaamIndex 51.780 • Vader onbekend • Moeder onbekend

Bron Genealogie Coolen.